Bijlage 4c Regels bijlage 3 Natuurinclusief bouwen Havenkwartier Rijswijk
Tekst van het document
Omvang:
Minimaal 25 m2
5.3.5
Bruin dak
Doelsoorten: Bijdrage biodiversiteit:
Huismus, (volgsoort zwarte roodstaart), grote bladsnijder, gewone dwergvleermuis Naast doelsoorten habitat voorplevieren, visdiefje, scholekster, insecten,
Aanbeveling:
vleermuizen Kan op verschillende wijzen worden uitgevoerd; met schelpen en grind, met zwarte grond, met grotere stenen en puin
Omvang: Variant:
Minimaal 25 m2 Dak-akker als onderdeel stadslandbouw. Waardevol voor de huismus
31/40
Kenmerk
5.3.6
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
Blauwdak
Doelsoorten: Bijdrage biodiversiteit: Omvang: 5.3.7
Gewone dwergvleermuis Juffers en libellen, vissen, vogels en vleermuizen Minimaal 50 m2
Groen balkons
Doelsoorten: Bijdrage biodiversiteit:
Grote bladsnijder Voor diverse bijen, vlinder en andere insecten.
Aandachtspunt: Omvang:
streef naar variatie in sortiment. Vochtvoorziening is cruciaal Minimaal 10 m2
32/40
Kenmerk
5.3.8
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
Paden en verharding
Doelsoorten: Bijdrage biodiversiteit:
Grote bladsnijder In de uitsparingen kunnen kruiden en mossen zich vestigen. In kale grond kunnen graafbijen als de grote bladsnijder nestelen
Aanbeveling: Omvang:
Pas op een deel van de paden en verhardingen een half verharding toe Minimaal 25 m2
5.3.9
Parkeerplaatsen (met hagen)
Doelsoorten: huismus, merel Bijdrage biodiversiteit: hagen zijn leefgebied voor leefgebied voor insecten, vogels en kleine zoogdieren (egel) Aanbeveling: omzoom parkeerplaatsen waar mogelijk met hagen Omvang: minimaal 25 meter
33/40
Kenmerk
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
5.3.10
Faunavoorzieningen -hout op het gebouw
Doelsoorten: Bijdrage biodiversiteit: Minimale eisen: 5.3.11
Huismus, gewone dwergvleermuis, gierzwaluw, grote bladsnijder Voor vogels, bijen, vleermuizen Zie tabellen 4.1, 4.3, 4.4 en 4.5
Natuurvoorzieningen steen – geïntegreerd in het gebouw
Doelsoorten: Bijdrage biodiversiteit: Minimale omvang:
Huismus, gewone dwergvleermuis, gierzwaluw Voor vogels, vleermuizen Zie tabellen 4.1, 4.3, 4.4 en 4.5
34/40
Kenmerk
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
5.4
Bouwstenen openbare ruimte
5.4.1
Bosplantsoen en struweel ( mogelijk bij zone bij Sijthof)
Doelsoorten: Aanbeveling:
Bijdrage biodiversiteit: Omvang: 5.4.2
merel,(volgsoort egel) gewone dwergvleermuis, grote bladsnijder zorg voor geleidelijke overgangen van bomen, struweel, ruigte en bloemrijk grasland. Eventueel afschermen met boomstronken en takkenrillen. ecologische verbindingszone voor vleermuizen, vogels, kleine zoogdieren en insecten breedte minimaal 10 meter en bij voorkeur 25 meter
Bomen(rijen)
Doelsoorten: merel, huismus en gewone dwergvleermuis Aanbeveling: • Geen monocultuur – streef naar variatie. Bloeiende en besdragende soorten toevoegen. • Breng doorgaande bomenrijen aan als geleiding van vleermuizen. Laat ze zoveel mogelijk aansluiten op groenstructuren. • Plant bomen aan met een grote boomspiegel – deze kunnen uitgroeien tot forse exemplaren. Omvang: 5.4.3
minimaal 2 bomenrijen
Struweel en hagen
Doelsoorten: Aanbeveling:
merel, egel, huismus, grote bladsnijder. Pas waar daarvoor de ruimte is onder, of langs bomenrijen struiken toe.
Omvang:
Bij voorkeur bloeiend en nectar producerend. Minimaal 25 m2 per object
35/40
Kenmerk
5.4.4
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
Plantvakken
Doelsoort: Aanbeveling:
Grote bladsnijder Gebruik een variatie aan bloeiende en nectarproducerende vaste planten, bij voorkeur met een deel inheemse planten
Omvang :
Minimaal 25 m2 per object
5.4.5
Bermen
Doelsoort:
Grote bladsnijder, gewone dwergvleermuis
Aanbeveling:
Gebruik een variatie aan bloeiende en nectarproducerende vaste planten, bij voorkeur met een deel inheemse planten Minimaal 100 m2 per object
Omvang :
36/40
Kenmerk
5.4.6
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
Ontmoetingsplekken
Doelsoort: Aanbeveling:
Grote bladsnijder, gewone dwergvleermuis, huismus Gebruik een variatie aan bloeiende en nectarproducerende vaste planten, bij
Omvang:
voorkeur met een deel inheemse planten. Breng ook zandige plekken aan t.b.v. huismus en grote bladsnijder. Minimaal 100 m2 per object
5.4.7
Binnenhavens met natuurvriendelijke oevers
Bron: www.natuurarchitectuur.com
Doelsoort: Aanbeveling:
Meerkoet Gebruik een variatie aan bloeiende en nectarproducerende inheemse water- en oeverplanten
Omvang:
Minimaal 200 meter per object
37/40
Kenmerk
5.4.8
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
Kademuren
Doelsoort: Aanbeveling:
Muurvaren Zie tabel 4.7
Omvang:
Minimaal 10 meter per object
5.4.9
Vissenbos
Doelsoort: Aanbeveling:
Meerkoet (volgsoort baars) Gebruik takken van meerdere soorten bomen of struiken. Zie ook: https://www.sportvisserijnederland.nl/actueel/nieuws/20732/Vissenbossen...
Omvang:
Minimaal 10 meter lang
38/40
Kenmerk
5.4.10
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
(stads)Wadi’s
Doelsoort: Aanbeveling:
Grote bladsnijder, gewone dwergvleermuis Gebruik een variatie aan bloeiende en nectarproducerende vaste planten, bij voorkeur met een deel inheemse planten
Omvang:
Minimaal 100 m2 per object
39/40
Kenmerk
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
6 Bronnen BIJ12, 2017. Kennisdocument Huismus Passer domesticus, Maes, B. & Krüse, H. ,2011. Beschermde muurplanten. Ecologische en technische maatregelen bij beheer en behoud. Praktijkreeks Cultureel Erfgoed. Aflevering 17, no. 48. Sdu Uitgevers BV. Urban Parks, 2021. Burgemeester Elzenlaan te Rijswijk. Geraadpleegde websites: www.ndff.nl www.zoogdiervereniging.nl www.vogelbescherming.nl www.nederlandsesoorten.nl www.verspreidingsatlas.nl bouwadaptief.nl https://www.rijswijk.nl/projecten/havenkwartierOntwikkelkader Havenkwartier www.rijswijk.nl/projecten/plaspoelpolder https://www.rijswijk.nl/sites/default/files/groenbeleidsplan_2010-2020.pdf https://www.sportvisserijnederland.nl/actueel/nieuws/20732/Vissenbossen
40/40
Kenmerk
R001-1284087PDK-V01-srb-NL
Bijlage 1
Deelnemers aan de werksessie biodiversiteit Havenkwartier
Peter Hegi, Portefeuillehouder Rijswijk en Laak van de AVN Pieter Aaldring, Vogelwacht Wendy Bakker, Coördinator Steenbreek Rijswijk Jannie Marck, Platform Groen in Rijswijk Pim de Kwaadsteniet, TAUW Vincent Sanders, TAUW