Beantwoording vragen Eerste herijking OV transitie Forum Stad 7-12-2021.docx
Tekst van het document
Beantwoording vragen uit vragenuur Forum 7 december 2021 Aangaande IB 21 105 herijking transitie OV Aangaande Transitie OV: Vragen: CDA: Wat is de bezuiniging die bereikt wordt met de opheffing van de haltes? Wat doet het college om bijv. halte Hoornwijk te behouden? D66: Kan er naar de buurt duidelijk worden gemaakt dat het om een noodzakelijke maatregel gaat voor één jaar? Kan de wethouder toezeggen dat er overleg komt met de MRDH en de RET (HTM) over het slimmer gebruik van data? Zodat er niet alleen gebruik gemaakt wordt van aantallen instappers maar er vooral gekeken wordt naar de maatschappelijke relevantie van de haltes. Antwoorden: Zoals toegezegd tijdens de Forumbijeenkomst heeft wethouder Keus navraag gedaan bij de HTM of er bij het bepalen van het aantal instappers op de halte Hoornwijck ook rekening is gehouden met de gebruikers van de Park&Ride voorziening Hoornwijck die niet hoeven in te checken. Indien hier geen rekening mee is gehouden is het mogelijk niet terecht dat de halte tijdelijk wordt opgeven. HTM stelt in haar antwoord dat de de reizigers met een P+R-kaartje zijn meegenomen in de berekeningen t.a.v. halte Broekpolder (tram 15). Het gaat hier om in totaal 170 mensen per dag. Daarnaast is de halte Laan van ’s-Gravenmade dichterbij de parkeer garage (300m) dan de halte Broekpolder (350m).
Op 24 maart is er in de Bestuurscommissie Vervoersautoriteit (BcVa) van de MRDH besloten over het Transitieprogramma OV en Corona. Alle gemeenten hebben hier, ondanks de nadelige gevolgen op de korte termijn, mee ingestemd. Gemeente Rijswijk heeft er bij de bespreking van dit programma op aangedrongen dat de maatregelen tijdelijk zullen zijn. Het Transitieprogramma is opgesteld vanwege de financiële schade die is ontstaan door het wegvallen van reizigersinkomsten bij de vervoerders HTM, EBS en RET. Het programma heeft twee doelen. Namelijk het beperken van de schade door te bezuinigen (voorkomen van faillissementen) en het ontwikkelen van voorstellen om sterker uit de crisis te komen en daarmee een bijdrage te leveren aan de mobiliteitstransitie. Ten behoeve van de bezuinigingen zijn er verschillende tijdelijke maatregelen vastgesteld. Enkele van die tijdelijke maatregelen zijn vervoerskundige maatregelen. Dit heeft betrekking op het opheffen van lijnen, het strekken van lijnen en het opheffen van haltes. Deze aanpassingen gelden tot december 2022. De onderbouwing van de voorstellen en de voorstellen zelf zijn in te zien via deze link: Vergadering Bestuurscommissie Va 24 maart 2021 24-03-2021 Metropoolregio Rotterdam Den Haag (notubiz.nl), onder agendapunt 05.02.NB. Het niet meer stoppen bij een halte is een bezuiniging omdat stoppen tijd kost en tijd is geld.
Een halte is alleen rendabel als er voldoende mensen in en uitstappen. Bij het bepalen van welke haltes
opgeheven konden worden is er daarom gekeken naar het aantal instappers én naar de aanwezigheid van alternatieve haltes in de buurt. In de gevallen van de haltes Broekpolder (lijn 15), Vlietbrug (lijn 1) en Treubstraat (lijn 17) waren er te weinig instappers en wel alternatieve haltes in de buurt. Een voordeel van minder stoppen is dat de lijn sneller wordt. Dit heeft juist weer een aantoonbare aantrekkende werking op reizigers. In veel gevallen is de reizigerswinst door de versnelling groter dan het verlies aan reizigers bij de specifieke halte. Onderdeel van het programma is ook een aantal herijkingsmomenten. Deze momenten zijn ingevoerd omdat er geen zicht was op de ontwikkeling van de Corona-crisis en de toekenning van vergoedingen van het rijk. Bij gunstige ontwikkelingen kunnen maatregelen ongedaan gemaakt worden. Bij zwaarder weer, moeten er meer maatregelen genomen worden. De aanpassingen aan de dienstregelingen zouden in augustus 2021 ingaan. Met de aanpassing is echter even gewacht toen in de zomer bleek dat het Rijk met een extra bijdrage zou komen voor de vervoerders. Maar, zoals aangegeven, het besluit voor de maatregel is al wel genomen. Hier heeft Rijswijk geen invloed op, anders dan in de BcVa benadrukken dat de opheffing tijdelijk is. In september 2021 was het eerste herijkingsmoment.
Op dit moment bleek dat de extra bijdrage van het rijk niet voldoende was om de vervoerders uit het rood te halen. Zodoende is er besloten om de tijdelijke opheffingen die nog niet waren ingevoerd alsnog in te voeren per januari 2022. Dit is, een van de zaken, waarover de raad is geïnformeerd in de RIB 21 105. Op 15 december is het tweede herijkingsmoment geweest. Over het besluit dat genomen is, wordt de raad met een nieuwe RIB geïnformeerd. In 2022 zullen er nog twee herijkingsmomenten zijn. Ten tijde van het vaststellen van het programma in maart is er een persbericht uitgegaan om de inwoners van Rijswijk op de hoogte te stellen van de noodzaak en de maatregelen en de tijdelijkheid hiervan. Ten tijde van het eerste herijkingsmoment is er wederom een persbericht uitgegaan. Ook hierin zijn kort en krachtig de noodzaak en de tijdelijke gevolgen beschreven. Na het besluit deze maand in de BcVa, over de tweede herijking, zal er opnieuw een persbericht uitgaan waarin de oorzaak en de gevolgen van het besluit worden toegelicht. In het kader van het transitieprogramma, maar ook ten behoeve van andere trajecten, wordt steeds door de gemeentes met de MRDH en de vervoerders gediscussieerd over hoe de opdracht van de MRDH ingevuld moet worden en welke parameters er gebruikt moeten worden bij het nemen van beslissingen.
Gezien het feit dat de Brede Doel Uitkering die de MRDH van het Rijk krijgt niet ruim is en al jaren niet wordt verhoogd, is deze discussie een lastige. Moet je vooral veel mensen bedienen of vooral degenen die het het hardst nodig hebben? Moet het vervoer vooral snel zijn of juist fijnmazig? Welke maatregel dient de mobiliteitstransitie het meest? Over het vervoer van maatschappelijk kwetsbaren is nu de afspraak dat de verantwoordelijkheid hier voor ligt bij de gemeenten. Zij kunnen met maatwerk deze groepen bedienen. De MRDH kan in de kosten daarvoor 50% bijdragen. Voor mensen die geen mogelijkheid hebben om gebruik te maken
van de alternatieve haltes, is er de mogelijkheid om gebruik te maken van het WMO vervoer. Hiervan kan met de OV-chipkaart gebruik gemaakt worden.