CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording vragen CDA

Forum Samenleving 14 mei 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Tot wijziging van de monumentenverordening Rijswijk 2008 naar Erfgoedverordening 2024 (RV 24-020)603 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen voor het Forum Samenleving. Agendapunt 12 Van monumentenverordening naar erfgoedverordening. 1. Is het noodzakelijk voor gemeentelijke monumenten om bij de aanwijzing als monument ook het interieur te betrekken? Of kan het interieur buiten de aanwijzing blijven. Antwoord: Door het aanwijzen van een gebouw als gemeentelijk monument is het niet noodzakelijk om ook het interieur mee te betrekken. Op grond van de aanwijzing is het gehele gebouw beschermd, inclusief alle interieurelementen die hecht verankerd zijn aan een monument. Ook de zogeheten bestanddelen zijn beschermd, zonder welke het gebouw als incompleet wordt beschouwd. Denk aan deuren, tegels, lambriseringen, wandbespanningen, kunstuitingen als schoorsteen- en bovendeurstukken, behangsels of toegepaste beeldhouwkunst, koorbanken of preekstoelen en ingebouwde meubelstukken als buffetkasten. Maar ook technische installaties en voorzieningen als liften of in de afwerking verwerkte en hecht verankerde verlichtingselementen behoren tot de beschermde interieuronderdelen. Met de aanwijzing als gemeentelijk monument zal zowel bij uitpandige als inpandige ingrepen een afweging gemaakt moeten worden en is een vergunning nodig. Zo ja wat wordt onder interieur verstaan en op basis van welke wet of regelgeving? Zie antwoord onder vraag 1. 2. In artikel 8 wordt niet opgenomen dat de huurder wordt geïnformeerd.

Gebeurt dat wel? Antwoord: Op grond van de vaste jurisprudentie zijn wat betreft natuurlijke personen alleen de eigenaar of anderszins gerechtigden belanghebbende zijn bij een aanwijzingsbesluit. Omwonenden, huurders en andere gebruikers zijn dit dus niet en hoeven niet geïnformeerd te worden. Indien een huurder opkomt tegen een aanwijzingsbesluit wordt deze op grond van de vaste jurisprudentie niet-ontvankelijk verklaard. 3. Waarom wordt vooraf wel overlegd met een kerkelijke eigenaar en niet met andere eigenaren? Hetzelfde geldt voor de omgevingsvergunning die niet wordt verleend zonder overeenstemming met de kerkelijke eigenaar. Antwoord: Dit komt door de bijzondere positie die een kerkelijk monument inneemt als plaats voor het gezamenlijk belijden van godsdienst of levensovertuiging (artikel 1.1 van de Erfgoedwet), en stemt overeen met een vergelijkbare eis in artikel 3.1 van de Erfgoedwet en artikel 3.2a van de Wabo. Dit artikel bepaalt dat voor zover de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, ter zake van een kerkelijk monument als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet, het bevoegd gezag geen beslissing neemt dan na overleg met de eigenaar.

Voor zover het betreft een beslissing waarbij wezenlijke belangen van het belijden van de godsdienst of levensovertuiging in dat monument in het geding zijn, neemt het bevoegd gezag geen beslissing dan in overeenstemming met de eigenaar. Dit geldt naast de algemene regel van artikel 4:8 van de Awb op grond waarvan belanghebbenden zoals (andere) eigenaren moeten worden gehoord.

4. Zijn er subsidiemogelijkheden als het onderhoud van een monument duurder uitvalt omdat het een monument is? De gemeente kent een subsidiemogelijkheid voor klein onderhoud. Verder is het mogelijk om bij het Restauratiefonds een lening met een aantrekkelijke lage rente aan te vragen. 5. Wanneer heeft een belanghebbende recht op een schadevergoeding volgens art. 22? Zijn daar voorbeelden van te geven? Deze regeling is overgenomen uit de Monumentenverordening 2008. Eventuele planschade treedt pas op als voor bepaalde activiteiten geen of niet de gewenste omgevingsvergunning is verleend. Dit is bijv. het geval als de eigenaar met afbraak of sloop van een gemeentelijk monument beoogt een andere bestemming aan het pand te geven, dit met de bedoeling om het te benutten voor andere doeleinden. De aanwijzing op zich zal in principe niets veranderen voor wat het gebruik van het Monument. Daarom is het aanwijzen, wijzigen of intrekken van de aanwijzing niet opgenomen in dit artikel. Voor het overige wordt verwezen naar de toelichting bij dit artikel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=b2351fd5-b361-4943-b777-44657748061e