CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Accountantsverslag 2023 Gemeente Rijswijk

Forum Stad en Samenleving 2 juli 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken 2023 (RV 24 032)10.262 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Accountantsverslag Gemeente Rijswijk Boekjaar 2023

Aan de gemeenteraad van de gemeente Rijswijk

Geachte leden van de gemeenteraad,

ONDERWERP: Accountantsverslag 2023

In overeenstemming met de opdracht tot de controle van de jaarrekening 2023 van gemeente Rijswijk, zoals overeengekomen in onze opdrachtbevestiging d.d. 31 augustus 2023, bieden wij u hierbij het accountantsverslag aan.

KENMERK: Concept 20 juni 2024

Het accountantsverslag bevat bevindingen en conclusies die naar aanleiding van onze werkzaamheden naar voren zijn gekomen. De bevindingen in dit verslag zijn besproken met de portefeuillehouder financiën en een afvaardiging van de ambtelijke organisatie. Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden zijn we voornemens om een goedkeurende controleverklaring te verstrekken bij de jaarrekening van de gemeente Rijswijk.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en zijn graag bereid de inhoud van deze rapportage nader toe te lichten. Hoogachtend, Baker Tilly (Netherlands) N.V.

Ondertekening alleen in definitieve versie Stefan Turenhout RA Director Audit

2

Inhoudsopgave

Bestuurlijke samenvatting

Financiële positie

Opdracht, scope en uitkomsten

Belangrijkste bevindingen

Overige onderwerpen

Bijlagen

3

Bestuurlijke samenvatting

Bestuurlijke samenvatting Financiële kengetallen en signaleringwaarden

5

Bestuurlijke samenvatting Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden zijn we voornemens om een goedkeurende controleverklaring te verstrekken bij de jaarrekening van de gemeente Rijswijk.

Het boekjaar 2023 sluit met een financieel resultaat van € 10,8 miljoen (negatief). Wij constateren dat dit resultaat primair wordt verklaard door lagere baten dan begroot op meerdere regels in de staat van baten en lasten. De totale vermogenspositie van de gemeente Rijswijk bedraagt € 80,2 miljoen (2022: € 88,3 miljoen) met een solvabiliteitsratio die is afgenomen naar 19,0 % (2022: 23,3%). Met een solvabiliteitsratio van 19% komt de gemeente Rijswijk onder de signaalwaarde van de VNG (20%). Ook krijgt de gemeente Rijswijk te maken met een niet-sluitende begroting vanaf 2026. Het weerstandsratio is (na resultaatverwerking) gedaald naar 0,76 wat als onvoldoende kwalificeert. Wij hebben hierover het gesprek gevoerd met de (ambtelijke) organisatie en constateren dat kritisch wordt gekeken naar de mogelijkheden om het negatieve saldo van de begroting vanaf 2026 te verkleinen. Voor 2024 en 2025 zijn er nog voldoende buffers om tegenvallers op te vangen. De daling van de kengetallen en het weerstandsratio vraagt om een behoedzame besluitvorming en adequate risicobeheersing.

Uit onze controle met betrekking tot ons oordeel over de getrouwheid blijken er alleen ongecorrigeerde onzekerheden te zijn. De geconstateerde onzekerheden hebben betrekking op het sociaal domein, waarbij voor niet alle lasten (Jeugdzorg en Wmo) de prestatielevering kan worden aangetoond. De gemeente is voor de omvang van de onzekerheden gedeeltelijk afhankelijk van de productieverantwoordingen van de zorginstellingen. De totale omvang van de onzekerheden uit het sociaal domein bedraagt € 3,0 miljoen. Dit valt binnen de goedkeuringstoleranties van de controle.

6

Bestuurlijke samenvatting Het jaarverslag en de jaarrekening geven een duidelijk inzicht in de ontwikkelingen bij de gemeente en voldoet aan de gestelde eisen van het BBV.

Het boekjaar 2023 is het eerste jaar waarin de gemeente Rijswijk zelfstandig heeft gerapporteerd over rechtmatigheid. Als onderdeel van deze verantwoording is in totaal een bedrag van € 20,4 miljoen aan onrechtmatigheden gerapporteerd. Dit bedrag is boven de verantwoordingsgrens die is vastgesteld in de financiële verordening. Een deel van deze onrechtmatigheden vloeit voort uit vooraf vastgesteld beleid en is daarmee als acceptabel aan te merken. Wij constateren dat de in de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen onrechtmatigheden nauwkeurig en volledig zijn verantwoord en dat deze verantwoording daarmee een getrouw beeld geeft. Het proces van de totstandkoming van de eerste rechtmatigheidsverantwoording is leerzaam geweest voor de gemeente. In dit proces zijn belangrijke stappen gezet op het gebied van het inzichtelijk maken van de rechtmatigheid. Meest belangrijke leerpunt heeft wat ons betreft betrekking op nadere invulling (vernauwing) van de definitie van onrechtmatigheden. Dit ziet met name toe op de termen als acceptabel en tijdigheid.

Wij hebben de samenwerking met de gemeente Rijswijk als constructief ervaren. Wij zien dat er veel energie in is gestoken om tijdige afronding van de jaarrekening mogelijk te maken. Ten opzichte van voorgaand jaar is de gemeente beter voorbereid en hebben afstemmingen goed plaatsgevonden. Ondanks dat er nog de nodige vragen van ons waren gedurende de controle heeft deze instelling en voorbereiding er voor gezorgd dat wij de controle samen met de gemeente gestroomlijnder hebben kunnen uitvoeren. Wij hopen dat de verbeteringen in het jaarrekeningproces die dit jaar zijn ingezet, verder vervolg krijgen komend jaar, zoals ook opgenomen in uw verbeterplannen.

7

Opdracht Scope en uitkomsten

Opdracht, scope en uitkomsten 2.1 Reikwijdte van de controle De jaarstukken van uw gemeente bestaan uit:  Het jaarverslag (programmaverantwoording + paragrafen).  De jaarrekening.  De verplichte bijlagen voor de verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen (SiSa) en het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld. Met de opdrachtbevestiging d.d. 31 augustus 2023 heeft u ons opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2023. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle geen sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. 2.2 Overzicht toleranties De materialiteit bij de uitvoering van onze controle is € 2.403.000. Deze materialiteit sluit aan op het door de gemeenteraad vastgestelde controleprotocol. Grondslag

Bedrag

1% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 2.403.000

Goedkeuringstolerantie onzekerheden 3% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 7.209.000

Rapporteringstolerantie

€ 100.000

Goedkeuringstolerantie fouten

5% van de goedkeuringstolerantie*

2.3 Kernpunten en significante risico’s in de controle Wij hebben voldoende en geschikte controle-informatie verkregen, onder andere met betrekking tot de volgende kernpunten van de controle:  Schattingen en toelichtingen in de jaarrekening (zie pagina 16) .  Waardering van de grondexploitaties (zie pagina 17).  Rechtmatigheid van de Europese aanbestedingen (zie pagina 13).  Getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording (zie pagina 13).  WNT-verantwoording (zie pagina 21).  Onrechtmatige en/of onnauwkeurige betalingen inkopen en uitkeringen (zie pagina 15). 2.4 Uitkomsten Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden zijn we voornemens om een goedkeurende controleverklaring te verstrekken bij de jaarrekening van de gemeente Rijswijk.

* 5% van de goedkeuringstolerantie was € 120.000. Wij hebben deze naar beneden bijgesteld om aan te sluiten bij de grens van de raad om afwijkingen toegelicht te krijgen.

9

Opdracht, scope en uitkomsten Fraude risico’s en continuïteit Onze controleverklaring over boekjaar 2023 bevat een verplichte paragraaf over onze werkzaamheden met betrekking tot fraude en een met betrekking tot continuïteit. Hieronder wordt uiteengezet hoe de accountant bij de controle-aanpak inspeelt op risico’s ten aanzien van fraude en continuïteit en worden de uitgevoerde werkzaamheden toegelicht. De mate van detail en de omvang van de rapportage over fraude en continuïteit in de controleverklaring hangen onder meer af van de onderkende risico’s, de omvang en aard van de organisatie alsmede de bevindingen naar aanleiding van de werkzaamheden. •

Risico op doorbreking van de AO/IB door de leiding: Vanuit onze accountantsregelgeving geldt een specifiek risico op doorbreking van de AO/IB door de leiding. Het college of management bevindt zich in organisaties in een unieke positie om fraude te plegen, doordat het in staat is de administratieve vastleggingen te manipuleren en frauduleuze financiële overzichten op te stellen door interne beheersingsmaatregelen te doorbreken, die anderszins effectief lijken te werken. Een incentive van het college of management zou hierbij kunnen zijn om op die wijze een betere financiële situatie of prestatie te presenteren.

In onze frauderisicoanalyse hebben wij geconcludeerd dat wij geen frauderisico zien ten aanzien van de opbrengstverantwoording. Dit vloeit voort uit het feit dat een opbrengstenstroom vast kan zijn, waarop de gemeente geen invloed heeft (zoals de rijksbijdrage en specifieke uitkeringen vanuit het rijk) of dat een opbrengststroom geen materiële omvang heeft of dat een opbrengstenstroom bestaat uit een grote hoeveelheid kleine, routinematige, niet materiële transacties waardoor de kans op een materiële fraude laag is.

Continuïteit Als onderdeel van de controle hebben wij ook de continuïteitsveronderstelling getoetst. In 2023 werd een negatief resultaat van € 10,8 miljoen behaald. Wij constateren dat dit resultaat voornamelijk wordt behaald door structurele baten en lasten (€ 8,8 miljoen). Het solvabiliteitspercentage is in 2023 gedaald ten opzichte van 2022. Waar deze in 2022 23,3% bedroeg, bedraagt deze over 2023 19,0%. Deze bevindt zich onder de signaalwaarde van de VNG (20%). Het weerstandsratio (na resultaatbestemming) is eind 2023 0,7. Deze kwalificeert hiermee als onvoldoende. In november 2023 is de meerjarenbegroting 2024-2028 vastgesteld. In deze begroting is te zien dat 2024 en 2025 sluitend zijn, maar vanaf 2026 laat de begroting een forse min zien. Dit komt onder andere doordat vanaf dat jaar gemeenten minder geld krijgen van het Rijk. De negatieve begrotingsresultaten vanaf 2026 en het negatieve exploitatieresultaat over 2023 geven genoeg reden om bij besluitvorming alert te zijn op de effecten op de financiële positie. Ook wij hebben het gesprek gevoerd met de ambtelijke organisatie over de continuïteit van de gemeente als gevolg van het negatieve resultaat over 2023 en de nietsluitende meerjarenbegroting vanaf 2026.

Hieruit is gebleken dat de gemeente serieus met dit vraagstuk aan de slag is gegaan en momenteel kritisch kijkt naar de geplande maatregelen en waar mogelijke besparingen zitten. Maar er is zeker werk aan de winkel. Het is essentieel dat het college en gemeenteraad keuzes durft te maken en ambities durft bij te stellen waar nodig. Op dit moment is een lijst opgesteld door het college met 77 keuzemogelijkheden om besparingen door te voeren. We merken op dat de voorgestelde oplossingen zich sterk beperken tot het verhogen van de baten (bijvoorbeeld hogere parkeerbelastingen) of uitstellen van ambities. Het financieel kader wordt kleiner, maar ambities blijven gehandhaafd. Het wordt pas ingewikkeld wanneer maatschappelijk zeer relevante thema’s geen doorgang kunnen vinden door een tekort aan financiële middelen. Besluitvorming hierover is nog niet genomen. Op basis van de huidige situatie is er geen sprake van een specifiek risico op discontinuïteit van de gemeente, die een aanpassing van onze controleverklaring vraagt.

10

Belangrijkste bevindingen

De rechtmatigheidsverantwoording Inleiding Tot en met boekjaar 2022 verstrekten wij als accountant zelfstandig een oordeel over de rechtmatige totstandkoming van de lasten, de baten en de balansmutaties op basis van de controle in onze controleverklaring. Dit rechtmatigheidsoordeel betrof een oordeel of deze transacties tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de door de gemeenteraad vastgestelde kaders zoals de begroting en de gemeentelijke verordeningen en met de bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Op grond van de Kadernota rechtmatigheid van november 2023 wordt in de rechtmatigheidsverantwoording niet gerapporteerd over de criteria die direct van invloed zijn op de verslaggeving en het getrouwe beeld van de jaarrekening. In de rechtmatigheidsverantwoording komen dus alleen de drie rechtmatigheidscriteria tot uitdrukking die aanvullend zijn op de criteria die ook gelden voor getrouwheid, te weten: het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en misbruik en oneigenlijk gebruik. In bijlage E is een nadere toelichting gegeven op de criteria van de rechtmatigheidsverantwoording. Proces totstandkoming rechtmatigheidsverantwoording Het proces van de totstandkoming van de eerste rechtmatigheidsverantwoording is een leerzaam proces geweest voor de gemeente.

In dit proces zijn belangrijke stappen gezet op het gebied van het inzichtelijk maken van de rechtmatigheid. Belangrijke leerpunten hebben wat ons betreft betrekking op het realistisch plannen, het tijdig uitvoeren en de communicatie hierover. Daarnaast zijn er verbetermogelijkheden in de opvolging van bevindingen en het trekken van conclusies naar aanleiding van deze werkzaamheden. In onze managementletter 2023 hebben wij hier ook specifiek over gerapporteerd.

Verantwoordingsgrens De toleranties voor de rechtmatigheidsverantwoording, zoals door de raad is vastgesteld in een apart raadsbesluit, wijken beperkt af van de toleranties voor de controle op de getrouwheid. Dit leidt ertoe dat de door het college opgestelde rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de volgende toleranties Grondslag

Bedrag

Verantwoordingsgrens

1% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 2.403.000

Rapporteringstolerantie

Conform afspraak in de financiële verordening

€ 100.000

Bevindingen Het saldo van de onrechtmatigheden (ook wel afwijkingen) blijft binnen de daarvoor gestelde verantwoordingsgrens. Bij de controle zijn de volgende onrechtmatigheden geconstateerd: De geconstateerde onrechtmatigheden: Begrotingscriterium

€ 18.900.000

Voorwaardencriterium

€ 1.500.000

M&O-criterium Totaal

€0 € 20.400.000

Het saldo van de onrechtmatigheden ziet voornamelijk toe op de begrotingsoverschrijdingen. Deze begrotingsoverschrijdingen worden veroorzaakt doordat alle afwijkingen van de begroting, dus ook de onderschrijdingen, indien niet tijdig gemeld, als onrechtmatig worden aangemerkt. Dit laatste is een nieuw aspect in de begrotingsrechtmatigheid waar de accountant in voorgaande jaren niet eerder over heeft gerapporteerd. Een gedeelte van deze onrechtmatigheden passen binnen het beleid en zijn daarmee als acceptabel aan te merken. De bevindingen met betrekking tot het voorwaardencriterium zien toe op de naleving van Europese aanbestedingsregels, hierbij is in twee gevallen geconstateerd dat er sprake is van onrechtmatigheden. 12

De rechtmatigheidsverantwoording Aanbevelingen voorwaardencriterium Wij hebben het proces om tot overeenstemming te komen over de hoogte van de onrechtmatigheden op het voorwaardencriterium als intensief ervaren. Over een aantal onderwerpen hebben wij uitgebreid overleg gehad met de ambtelijke organisatie. Het gaat dan met name om: • Opknippen van opdrachten; dit speelt vooral bij inhuur. Binnen de gemeente Rijswijk wordt elk inhuurcontract gezien als een op zichzelf staande opdracht, ook al worden meerdere mensen voor hetzelfde doel ingehuurd. Dit is bijvoorbeeld het geval bij Wmo, waarbij Wmo consulenten worden ingezet. Deze Wmo consulenten worden frequent ingehuurd, ook is een traineeship aangegaan om medewerkers op te leiden. De Wmo consulenten worden als zelfstandige opdrachten gezien, waarbij zij onder de Europese drempelwaarde blijven. Wij willen de gemeente vragen om goed te documenteren waarom het losse opdrachten zijn aangezien wij vinden dat dit soort opdrachten meer kenmerken heeft van één overkoepelende opdracht waarvoor een raamovereenkomst moet worden gesloten. • Formele vastlegging; dit hebben wij geconstateerd bij verlengingen. In bijna alle gevallen staat in een overeenkomst opgenomen dat een overeenkomst verlengen alleen schriftelijk mogelijk is. Wij hebben opgemerkt dat de gemeente dit niet altijd nakomt.

Hierdoor is het voor ons lastig om de voorwaarden van de nieuwe overeenkomst vast te stellen en te kunnen toetsen. Wij bevelen de gemeente aan om elke verlenging schriftelijk vast te leggen. • Spoed; in sommige gevallen wordt niet aanbesteed vanwege spoed. Dit was bijvoorbeeld het geval bij de iepenziekte. Deze is voorgekomen in 2021, 2022 en 2023. In alle jaren is deze niet aanbesteed omdat de iepenziekte het kenmerk spoed krijgt. Wij raden de gemeente aan om jaarlijks een analyse te maken van spoedopdrachten en welke meer structureel lijken te worden zodat tijdig kan worden gesignaleerd wanneer een opdracht geen spoed meer heeft maar aanbesteed dient te worden.

Aanbevelingen begrotingscriterium De totale begrotingsonrechtmatigheden bedragen € 6,5 miljoen. Om het totaal van de gerapporteerde onrechtmatigheden terug te brengen doen wij de volgende aanbevelingen: • Gedurende onze werkzaamheden merkten wij dat bepaalde definities nog voor interpretatie vatbaar zijn doordat deze niet expliciet zijn afgestemd met de Raad. Het gaat hierbij vooral om: • Tijdigheid: Het begrip tijdigheid heeft niet verder vorm gekregen. Momenteel hebben wij de lijn gevolgd dat alles tijdig is, mits het voor vaststelling van de jaarrekening, is gecommuniceerd aan de Raad. Wij willen de Raad vragen om hier expliciete duiding aan te geven in de financiële verordening. • Acceptabel: Overschrijdingen zijn acceptabel als ze voldoen aan artikel 11 van de financiële verordening. Met name lid 4 van dit artikel leidt tot enige discussie. In dit lid gaat het om bestaand beleid en de term bestaand beleid leidt tot een grijs gebied waarin interpretatie voorkomt. Wij willen u vragen dit verder te verduidelijken. • De kwaliteit van begroten verschilt per programma. Wij willen u aanraden om kritisch te krijgen naar de gerapporteerde onrechtmatigheden en de herkomst er van om zodoende vast te stellen waar meer aandacht naartoe zou moeten gaan voor het begrotingsproces.

Tot slot heeft de raad de mogelijkheid om haar verantwoordingsgrenzen, waar gewenst, aan te passen aan de behoeften. Momenteel staat de verantwoordingsgrens op 1%. De raad heeft hierin de vrijheid om een verantwoordingsgrens te bepalen tussen de 1% en 3%. De omvang van deze verantwoordingsgrens heeft een belangrijke relatie met de ambitie van de gemeenteraad en de tijdsbesteding van uw afdeling concerncontrol. Misschien is het een optie om naar 2% te groeien om aan te sluiten bij de nieuwe verwachte materialiteitsgrenzen vanuit het BBV.

13

Bevindingen Beheersing ontvangen specifieke uitkeringen In 2022 hebben wij reeds gerapporteerd dat het aantal specifieke uitkeringen fors is gestegen. Ook in 2023 heeft deze stijging zich doorgezet. In 2022 was er bij de gemeente Rijswijk sprake van 24 specifieke regelingen waarover gerapporteerd moest worden, in 2023 is dit verder gestegen tot 35. Wij hebben gelijk aan voorgaand jaar geconstateerd dat de beheersing van de bestedingen en de juiste verantwoording van deze uitgaven voor verbetering vatbaar is. Bij de controle op de specifieke uitkeringen heeft de gemeente veel moeite gehad alle benodigde informatie te vergaren binnen de gemeente. Hierdoor is meerdere keren het moment van aanleveren niet gehaald. Hierdoor is de controle veel later uitgevoerd dan gepland en heeft dit nog tot veel aanpassingen geleid. Ook heeft de controle geleid tot de nodige aanpassingen in de verschillende specifieke uitkeringen. Hierbij waren de bestedingen onnauwkeurig ingevuld. Een gevolg hiervan was dat de gemeente bestedingen van verantwoordingen te laag had opgegeven. Dit zou leiden tot lagere vastgestelde uitkeringen. De gemeente heeft maatregelen genomen en de Sisabijlage aangepast om de juiste bestedingen te vermelden. Voorgaand jaar is er reeds een traject opgestart door de gemeente om de beheersing van de specifieke uitkeringen te verbeteren.

Bij enkele afdelingen zien we hier de resultaten van. Wij zien dat er op veel vlakken intensief wordt gewerkt om de kwaliteit te verbeteren, maar hebben bij de controle nog weinig verbeteringen waargenomen. Wij adviseren om de volgende stappen te ondernemen: Verbeteren inhoudelijke kennis van specifieke uitkeringen; Verbeteren structuur in vastlegging en monitoring per specifieke uitkering; Tijdige opstelling van verantwoordingsinformatie; Interne afstemming tussen verantwoordelijke afdeling en afdeling financiën op verwerking in de Sisa-verantwoording.

Parkeeropbrengsten Binnen de gemeente Rijswijk wordt er bij de afdeling mobiliteit en parkeren gebruik gemaakt van meerdere externe partijen om de opbrengsten m.b.t. de parkeerbelastingen te incasseren. Hierbij heeft de afdeling voor de meeste van deze stromen een goede aansluiting gedurende het jaar tussen hetgeen ontvangen wordt van deze partijen en wat de tussentijdse rapportages zijn. Voor de naheffingen wordt sinds eind 2022 gebruik gemaakt van een nieuwe partij. De afdeling mobiliteit en parkeren heeft gedurende het jaar geen inzicht in het verband tussen hetgeen werkelijk wordt ontvangen en wat de rapportage tussentijds opgeeft. Doordat het inzicht tussentijds (en bij jaareinde) er niet is, is er het risico dat de gemeente opbrengsten niet krijgt waar zij wel recht op heeft. De gemeente voert geen eigen analyse uit of de opbrengsten volledig zijn. Wij adviseren hierop de beheersing aan te scherpen en te zorgen dat er meer inzicht in de rapportages vanuit de externe partijen komt. Ook adviseren wij een accountantsverklaring bij de rapportages van de externe partijen te verkrijgen om zekerheid bij de opgaaf te verkrijgen. Voorziening Baggeren Wij hebben voor de voorziening baggeren vastgesteld dat er sprake was van een actueel meerjarenplan. Hierbij hebben wij vastgesteld dat er niet conform dit plan is gedoteerd aan de voorziening.

Hierdoor is de voorziening hoger dan benodigd volgens het meerjarenplan. Doordat er niet volgens het plan is gedoteerd, is er in de afgelopen jaren teveel gedoteerd en is er dit jaar sprake van een vrijval van € 247.000, welke in de jaarrekening is gecorrigeerd. Wij adviseren om dit ook in de begroting voor de komende jaren aan te passen. In dit geval is er jaarlijks teveel gedoteerd en is er zodoende sprake van een voordeel. Echter kan het gebrek aan inzicht ook leiden tot een te lage voorziening, waardoor er onbedoeld lasten in een boekjaar vallen die eigenlijk over meerdere jaren verdeeld hadden moeten worden. Wij adviseren om de beheersing van de onderhoudsplannen te verbeteren om te zorgen dat het juiste bedrag jaarlijks wordt gedoteerd.

14

Bevindingen Anterieure overeenkomsten Vorig jaar hebben wij onzekerheden opgenomen ten aanzien van de facilitaire projecten. Hiervoor worden veelal anterieure overeenkomsten afgesloten met ontwikkelaars die binnen de gemeente bouwgronden in ontwikkeling brengen. Op basis van deze anterieure overeenkomsten worden afspraken gemaakt over onder andere de inrichting van het openbaar gebied en de door gemeente uit te voeren werkzaamheden. Wij hebben hierbij voorgaand jaar geconstateerd dat het inzicht in de realisatie en de nog te verwachten kosten die betrekking hebben op deze anterieure overeenkomsten beperkt was. Dit bleek onder andere uit het beperkte inzicht in de nog te ontvangen bijdragen/afspraken met ontwikkelaars. Dit jaar hebben wij vastgesteld dat het inzicht in de balanspositie door de gemeente beter is op te stellen en gestructureerde aangeleverd kon worden. Dit heeft er voor gezorgd dat de gemeente meer inzicht heeft gekregen in de nog te verwachten kosten en opbrengsten. Ook heeft dit er toe geleid dat wij voldoende zekerheid hebben verkregen bij de balanspositie die wij voorgaand jaar nog als onzekerheid dienden op te nemen. Toch willen wij de gemeente nog adviseren om voor de kwaliteit van de onderbouwing per balansdatum een betere financiële uiteenzetting te maken.

De baten worden hierop afgestemd en dit vormt ook de basis voor het mogelijk opnemen van een voorziening verlieslatend project. Ook hebben wij vastgesteld dat er voor grote delen van de projecten reeds is gestart, maar nog wel dekking gezocht moet worden. Dit lijkt in de toekomst dus te leiden tot grote uitgaven die momenteel nog niet zijn voorzien of leiden tot aanpassingen waarmee kosten bespaard moeten worden om de gezochte dekking te verlagen. Hierdoor hebben wij voor de controle afdoende zekerheid verkregen, maar willen wij benadrukken dat er nog forse verschuivingen mogelijk zijn door de keuzes die de gemeente uiteindelijk gaat nemen.

Onderbouwing prijs en prestatie van inkoopfacturen Als onderdeel van onze controle verrichten wij een controle op de inkopen. Hierbij vragen wij per factuur onderbouwing op voor de prijs die betaald is en de onderbouwing dat de gefactureerde producten/diensten ook daadwerkelijk zijn geleverd. In onze managementletter hebben wij reeds meerdere verbeterpunten opgenomen om het proces te verbeteren. De werkzaamheden voor de controle op de inkoopfacturen worden gedurende het jaar uitgevoerd. Op deze manier kunnen mogelijke bevindingen snel worden verholpen en is de belasting gelijkmatig over het jaar verdeeld. In 2023 is het voor de gemeente heel moeilijk gebleken om de onderbouwing voor de reeds betaalde facturen aan te leveren. Tot het laatste moment in de controle is daardoor veel onzekerheid blijven bestaan. Voorbeelden hiervan zijn de onderbouwing van de afgrenzing van de factuur, mondeling prijsafspraken zonder bevestiging, onvindbare documentatie prijsafspraken en ontbrekende documentatie prestatielevering. Uit onze werkzaamheden is naar voren gekomen dat bij meerdere facturen onder de €10.000 geen schriftelijk overeengekomen documenten aanwezig zijn. Dit is conform het interne beleid, dat voor facturen onder deze bedragen geen schriftelijke overeenkomst verplicht is en prestatielevering niet onderbouwd hoeft te worden.

Het achter controleren van de nauwkeurige prijsstelling en prestatielevering is om die reden niet eenvoudig. Wij adviseren om het beleid hieromtrent te evalueren en te beoordelen of het bedrag van €10.000 omlaag moet óf andere controlemiddelen ingezet worden om deze betaalde facturen intern te controleren.

15

Bevindingen Afsluitproces Wij hebben voorgaand jaar geconstateerd dat, als onderdeel van het afsluitingsproces met betrekking tot facturen die in het volgende boekjaar binnenkomen, de afgrenzing niet nauwkeurig wordt verwerkt. Uit de controle dit jaar hebben wij hier geen bijzonderheden op geconstateerd.

Oplegging omgevingsvergunningen / bouwleges Wij hebben voorgaand jaar gerapporteerd dat de gemeente voor het toekennen van omgevingsvergunningen een heffing oplegt als vergoeding voor de gemaakte kosten. De heffingsgrondslag voor de bepaling van de hoogte van de omgevingsvergunning is gebaseerd op de bouwsom van het project.

Beheersing materiële vaste activa Afgelopen jaar hebben wij gerapporteerd over de beheersing van de materiële vaste activa. Dit jaar zijn er uit de controle geen bevindingen naar voren gekomen.

Een toereikende toetsing van de door de ontwikkelaars opgegeven bouwkosten is in het boekjaar niet zichtbaar uitgevoerd. Een analyse achteraf door de afdeling bleek niet mogelijk. Een aanvullende interne analyse heeft tijdens de jaarrekeningcontrole het risico op een materieel te lage opgave van bouwkosten voldoende ondervangen.

Voorziening Riool Voorgaand jaar hebben wij geconstateerd dat er een splitsing in de presentatie van de voorziening riool ontbrak. De splitsing tussen het spaargedeelte van de voorziening en het egalisatiegedeelte van de voorziening was uit de jaarrekening niet goed herleidbaar. Dit is dit jaar opgelost en nauwkeurig gepresenteerd.

Wij benadrukken het belang van het toereikend toetsen van bouwsommen op plausibiliteit. Wij adviseerden vorig boekjaar om een zichtbare controle op de bouwsom structureel onderdeel te maken van het proces van toekennen van omgevingsvergunningen. Wij hebben hierbij dit boekjaar geen wijzigingen geconstateerd en benaderukken nogmaals het belang van deze controle.

Schattingswijzigingen Naar aanleiding van de wijziging van de financiële verordening hebben twee schattingswijzigingen plaatsgevonden in deze jaarrekening, namelijk met betrekking tot de levensduur van de activa en de voorziening oninbare bijstandsdebiteuren. Wij hebben beoordeeld of de schattingswijzigingen juist zijn berekend en juist en volledig zijn toegelicht in de jaarrekening. Wij hebben hierbij geen bijzonderheden geconstateerd.

16

Grondexploitaties Algemeen De waardering van de grondexploitaties is gebaseerd op diverse schattingen en aannames. De schattingsonzekerheid is door alle externe ontwikkelingen in 2023 fors toegenomen en vormt daarom een significant risico in onze controleaanpak. De complexiteit in de projectontwikkeling omvat de volgende risico’s:  De vraag naar (betaalbare) woningen is fors hoger dan het aanbod.  Stijgende energie- en grondstofprijzen.  Krapte op de arbeidsmarkt.  Stikstofproblematiek.  Verduurzamingsopgave.  Stijgende rente.  Macro-economische factoren zijn minder stabiel. De hogere onzekerheid en volatiliteit in de gehanteerde aannames kan doorwerken in het verwachte eindresultaat en de waardering van uw grondexploitaties. Deze hogere mate van onzekerheid maakt het belangrijker om een adequate toelichting op te nemen in de jaarrekening. Wij hebben het proces rondom de totstandkoming van de waardering in opzet en bestaan getoetst en aanvullend gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd. Wij achten de waardering en de toelichting op de schattingsonzekerheden aanvaardbaar en vinden de veronderstellingen redelijk. Waardering inclusief specifieke projectrisico’s De waardering van de grondexploitaties is een significant risico in onze controleaanpak, vanwege de hogere mate van schattingsonzekerheid.

Wij hebben het proces rondom de totstandkoming van de waardering in opzet en bestaan getoetst en aanvullend gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd. Wij achten de waardering aanvaardbaar en vinden de veronderstellingen redelijk.

Hieronder hebben wij de ontwikkeling van uw grondexploitatie gedurende de afgelopen vier jaar weergegeven. Grafiek ontwikkeling grondexploitaties (x € 1.000) 140.000 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0

2020 2021 2022 2023

Bruto boekwaarde

Verliesvoorziening

Netto boekresultaat

RijswijkBuiten In 2024 is de grondexploitatie herzien, waarbij slechts beperkte wijzigingen zijn aangebracht. Per balansdatum is circa 62% van het project gerealiseerd. De voorziening is aangepast naar € 19,2 miljoen, door gewijzigde marktomstandigheden is de voorziening beperkt naar beneden bijgesteld. Wij hebben geconstateerd dat de berekening in lijn is met voorgaand jaar. Vorig jaar hebben wij reeds vastgesteld dat er voor de kosten met verouderde ramingen wordt gewerkt en dat deze geïndexeerd worden. Dit is in 2023 nog steeds het geval. Wij adviseren nogmaals nieuwe ramingen uit te voeren om een tot een nauwkeurigere verwachting van de toekomstige kosten te komen. Dit jaar hebben wij op basis van de aangeleverde documenten afdoende zekerheid verkregen. Eikelenburg en Standplaats Molenhof Wij hebben de aansluiting naar de nieuwe grondexploitatie standplaats Molenhof gemaakt. Naast de aansluiting hebben wij, gezien de beperkte omvang geen werkzaamheden verricht. Bij grondexploitatie Eikelenburg is, als gevolg van een wijziging in het plan door de gemeenteraad, het resultaat toegenomen. Hierdoor is een positief resultaat van € 2 miljoen verantwoord dit jaar. Wij hebben vastgesteld dat dit nauwkeurig is werkt. 17

Sociaal domein Algemeen De gemeente Rijswijk voert diverse regelingen uit in het sociaal domein. Hieronder hebben wij een overzicht opgenomen van de belangrijkste onderdelen en door wie deze werkzaamheden uitgevoerd worden: Onderdeel

Uitvoerder

Wijze van uitbesteding

Bepaling last boekjaar

Uitkeringen (Participatiewet)

Zelfstandig

n.v.t.

Werkelijke lasten

Jeugdwet

Zelfstandig

n.v.t.

Afrekening op basis van werkelijke lasten

Wmo

Zelfstandig

n.v.t.

Afrekening op basis van werkelijke lasten

PGB’s

Sociale verzekeringsbank

Mandatering

Afrekening op basis van werkelijke lasten

In de jaarrekening zijn diverse posten en geldstromen inzake het sociale domein verantwoord. In het kader van onze controlewerkzaamheden hebben wij vastgesteld dat de verantwoorde bedragen getrouw en rechtmatig zijn verantwoord. Ten aanzien van de lasten met betrekking tot de Jeugdzorg en de Wmo wordt de dienst niet direct ontvangen van de uitvoerder. Over de levering van de dienst wordt zekerheid verkregen via de productieverantwoordingen van zorgaanbieders. Deze verantwoordingen worden niet van alle zorgaanbieders ontvangen, waardoor onzekerheden resteren in de levering van de diensten door deze uitvoerders. Deze onzekerheden worden in de alinea’s over Jeugdwet, Wmo en PGB nader toegelicht

Uitkeringen (Participatiewet) Wij hebben een proceduretest uitgevoerd op de verstrekte uitkeringen Participatiewet 2023. Hierbij hebben wij vastgesteld dat de interne controles van de gemeente in voldoende mate werken. In onze managementletter zijn een aantal aandachtspunten opgenomen ter optimalisatie van dit proces. Wmo De verstrekkingen van de Wmo-voorzieningen worden in samenwerking met H5 uitgevoerd. Op basis van het door de gemeente opgestelde overzicht van de ontvangen productieverantwoordingen hebben wij een controle uitgevoerd op de gecontroleerde productieverantwoordingen van de zorgverleners. De geconstateerde omvang van de onzekerheden is € 0,3 miljoen. PGB’s De belangrijkste onzekerheid op de PGB vloeit voort uit de Sociale Verzekeringsbank (hierna: SVB). De SVB heeft zelf over 2023 een verklaring met beperking bij de verantwoording PGB-stromen Jeugdwet en Wmo ontvangen. Hierdoor is vanuit de SVB geen 100% zekerheid over de nauwkeurigheid en rechtmatigheid van de persoonsgebonden budgetten. Aangezien de verantwoording van de SVB onvoldoende aanknopingspunten biedt omtrent het leveringsaspect zijn de PGB-lasten als onzeker aangemerkt. De geconstateerde omvang van de onzekerheden is € 1,2 mln.

18

Sociaal domein Jeugdwet De verstrekkingen van de voorzieningen Jeugdwet worden in samenwerking met het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden uitgevoerd. Op basis van door de GAD Den Haag gecontroleerde verantwoording zijn, evenals in vorige jaren, onzekerheden in de productieverantwoordingen geconstateerd. Toelichting onzekerheid

EUR x € 1.000

RTA – Geen goedkeurende controleverklaring

1.028

LTA – Geen goedkeurende controleverklaring

520

Totale onzekerheid Jeugdzorg

1.548

Totale onzekerheid De totale onzekerheid voor de jeugdwet en de Wmo ad € 3,0 miljoen wordt veroorzaakt door een aantal grotere partijen waarvoor tot op heden geen controleverklaring is ontvangen. Daarnaast is voor een aantal kleinere partijen geen zekerheid verkregen omdat deze niet controleplichtig zijn op basis van de omvang van de zorginstelling. De gemeente heeft verschillende maatregelen ingericht om een gebrekkige/ontbrekende levering van zorg te signaleren. Middels een klachtenregistratieprocedure, een periodiek cliënttevredenheidsonderzoek en periodieke contacten met de cliënten wordt een vorm van zekerheid verkregen rondom de levering van zorg. Wij kunnen hier voor de controle, in het kader van de accountantscontrole, echter niet voldoende zekerheid uit ontlenen.

19

Jaarverslag Jaarverslag In het jaarverslag worden de beleidsuitgangspunten en beleidsevaluaties zichtbaar. De paragrafen maken deel uit van het jaarverslag en vallen dus niet onder de controle van de jaarrekening. Primair object van de accountantscontrole (op grond van Artikel 213 van de Gemeentewet) is de jaarrekening, waaronder het overzicht van baten en lasten met toelichting en de balans met toelichting, zoals in de jaarstukken 2023 is opgenomen. Voor de accountantscontrole onderzoeken wij het jaarverslag om vast te stellen of het jaarverslag verenigbaar is met de jaarrekening en geen materiële afwijkingen bevat en of het jaarverslag alle informatie bevat die op grond van de Gemeentewet en de Nederlandse Standaard 720 is vereist. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Wij hebben geen strijdigheden geconstateerd tussen de in het jaarverslag opgenomen informatie en het beeld van de jaarrekening en geen materiele afwijkingen gesignaleerd.

Hieronder zijn onze conclusies en aanbevelingen inzake het jaarverslag opgenomen: Element jaarverslag

Vereisten BBV Verenigbaar

Uw jaarverslag bevat de vereiste informatie op basis van artikel 24 lid 2, artikel 25 en 26 BBV. Uw jaarverslag is verenigbaar met de jaarrekening. Wij hebben vastgesteld dat de informatie in het jaarverslag

Overeenstemming

overeenstemmen met de resultaten van de door ons uitgevoerde controlewerkzaamheden.

Paragrafen

Alle verplichte paragrafen zijn opgenomen en zijn kwalitatief van voldoende niveau. De toelichtingen zijn goed leesbaar en geven een adequate

Informatiewaarde

Verbonden partijen Tijdens onze controle besteden wij specifieke aandacht aan de transacties met verbonden partijen van de gemeente Rijswijk. In het kader van onze controle hebben wij vastgesteld dat: • De (significante transacties met) verbonden partijen toereikend zijn toegelicht in de jaarrekening en paragraaf verbonden partijen. • Geen sprake is van indicaties voor ongeautoriseerde significante transacties met verbonden partijen, welke indicaties geven voor fraude. • Geen sprake is van indicaties dat de van toepassing zijnde wet- en regelgeving niet is nageleefd.

Onze waarneming

analyse tussen het uitgevoerde beleid en de financiële gevolgen.

Incidentele baten en lasten

De toelichting op de incidentele baten en lasten is toereikend. Fraude en de frauderisicoanalyse is een steeds belangrijker

Fraude

thema. In de paragraaf bedrijfsvoering zijn de ontwikkelingen binnen de organisatie uiteengezet.

20

SiSa-bijlage en WNT SiSa-bijlage Wij hebben de in de SiSa-bijlage van de jaarrekening genoemde specifieke uitkeringen gecontroleerd met inachtneming van de Nota verwachtingen accountantscontrole 2023. De hierbij geconstateerde fouten en onzekerheden dienen op grond van het Bado in het verslag van bevindingen te worden opgenomen indien de navolgende rapporteringstolerantie per specifieke uitkering wordt overschreden:  € 12.500 indien de omvangbasis kleiner dan of gelijk aan € 125.000 is.  10% indien de omvangbasis groter dan € 125.000 en kleiner dan of gelijk aan € 1.000.000 is.  € 125.000 indien de omvangbasis groter dan € 1.000.000 is. Op grond van ons onderzoek hebben wij bij de specifieke uitkeringen geen fouten en/of onzekerheden geconstateerd die de voor SiSa geldende rapporteringstolerantie overschrijden. De SiSa-bijlage dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli aanstaande elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd. Door middel van een voorgeschreven tabel dienen wij te rapporteren over onze bevindingen ten aanzien van de in de jaarrekening opgenomen SiSa-bijlage. In bijlage A bij dit rapport zijn deze bevindingen in de voorgeschreven tabel opgenomen. U kunt deze tabel hanteren ten behoeve van verzending naar het CBS.

WNT verantwoording Als onderdeel van onze controle hebben wij de naleving van de Wet normering topinkomens (WNT) gecontroleerd. Op basis van deze wet zijn de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector en de uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen wettelijk gemaximeerd. Voor gemeenten geldt dat de gemeentesecretaris en de griffier als topfunctionaris worden aangemerkt. Beide topfunctionarissen zijn in loondienst en er hebben zich gedurende 2023 geen wijzigingen voorgedaan. Voor topfunctionarissen geldt naast de maximering van de bezoldiging en eventuele uitkering wegens beëindiging van het dienstverband een publicatieverplichting in de jaarrekening. Deze publicatieverplichting geldt eveneens voor bezoldiging van niet-topfunctionarissen met een dienstbetrekking, indien hun bezoldiging het algemene bezoldigingsmaximum (naar rato van de omvang van het dienstverband) overschrijdt. Wij hebben vastgesteld dat de bezoldigingen over 2023 niet strijdig zijn met de WNT en dat de jaarrekening voldoet aan de publicatieverplichtingen van de WNT. Wij willen benadrukken dat de naleving van de anticumulatiebepaling (het nagaan of topfunctionarissen van uw gemeente betrokken zijn bij andere organisatie c.q. nevenactiviteiten hebben welke onder de WNT vallen) overigens geen onderdeel uitmaakt van de controle van de accountant.

De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden.

21

Financiële positie

Ontwikkelingen in de jaarcijfers Verloop van het eigen vermogen van uw gemeente Het eigen vermogen, na verwerking van het gerealiseerde negatieve resultaat, bedraagt per 31 december 2023 volgens de jaarrekening € 80,2 miljoen en heeft zich de afgelopen jaren als volgt ontwikkeld:

Analyse van het resultaat Het resultaat voor mutaties in de reserves laat een negatief saldo zien. Het gerealiseerde resultaat bedraagt € 10,8 miljoen negatief. In de gewijzigde begroting was rekening gehouden met een resultaat van € 13,7 miljoen negatief.

Grafiek ontwikkeling eigen vermogen (x € 1.000)

In het samenvattend beeld wordt in hoofdlijnen een toelichting op de afwijkingen gegeven. In de toelichting op de programma’s wordt een verder gedetailleerde verklaring gegeven voor de afwijkingen ten opzichte van de begroting na wijziging. Als onderdeel van de toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2023 wordt overzichtelijk aangegeven welke baten en lasten als incidenteel zijn aan te merken. Het jaarrekeningresultaat is € 2,9 miljoen positiever dan begroot (na herziening).

120.000 100.000 80.000 60.000

De belangrijkste oorzaak voor het verschil tussen de begroting en de realisatie is terug te vinden in het programma ‘Wonen en Leven’. Hierbij zijn minder lasten en baten geweest. Echter zijn er in verhouding vooral minder lasten geweest, waardoor op dit programma € 2,6 miljoen positiever is uitgekomen. Bij de overige programma’s was er ook minder positief begroot na herziening.

40.000 20.000 0 2019

2020

2021

2022

2023

-20.000 Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat

Van de totale reserves ter hoogte van € 80,2 miljoen is € 20,5 miljoen opgenomen als algemene reserve. Het saldo van deze reserve is ten opzichte van vorig jaar gedaald met € 11,7 miljoen. Per saldo is gedurende 2023 het saldo van de bestemmingsreserves met € 2,1 miljoen gestegen. Deze stijging wordt veroorzaakt door de toevoegingen in de bestemmingsreserve parkeren. De grootste aanwending aan de bestemmingsreserves heeft betrekking op de onttrekking voor de bestemmingsreserve ‘Huis van de Stad’. In deze bestemmingsreserve is 1,5 miljoen aangewend.

Een groot deel van afwijkingen t.o.v. de begroting kon niet in een eerder stadium voorzien worden, enkele afwijkingen ons inziens mogelijk wel. Dit uit zich ook gedeeltelijk in de omvang van de onrechtmatigheden in de rechtmatigheidsverantwoording. We adviseren u, in lijn met de aanbevelingen van de commissie BBV, om meer aandacht te hebben voor afwijkingen op baten en lasten, niet zijnde begrotingsoverschrijdingen. Doorlopend is het advies de afwijkingen nader te analyseren waarom deze pas bij het opstellen van de jaarrekening inzichtelijk waren, zodat voordelen eerder richting de raad gemeld kunnen worden.

23

Financiële positie Weerstandsvermogen en financiële kengetallen De analyse van het weerstandsvermogen en de financiële kengetallen is een onderdeel van het jaarverslag en de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Vanuit onze controlerende rol dienen wij vast te stellen of het jaarverslag (en dus deze paragraaf) niet strijdig is met de jaarrekening en geen materiële onjuistheden bevat. De kengetallen moeten altijd in relatie tot elkaar worden bezien.

De kengetallen laten in 2023 voor de netto schuldquote, grondexploitatie en de belastingcapaciteit een vergelijkbaar beeld zien ten opzichte van de kengetallen van 2022. De belangrijkste ontwikkeling is zichtbaar in de ‘structurele exploitatieruimte’ en in de ‘solvabiliteit’. Deze 2 ratio’s zijn fors verslechterd ten opzichte van voorgaand jaar. Wij hebben over de solvabiliteit reeds gerapporteerd op pagina 10. De structurele exploitatieruimte hangt direct samen met deze ratio en is ook voldoende toegelicht op pagina 10 onder de continuïteit.

Uit de combinatie van de kengetallen kan een beeld worden gemaakt van de financiële positie van de gemeente. Daarbij kan ook inzichtelijk worden gemaakt wat de oorzaak is van een sterke of zwakke financiële positie. De financiële kengetallen geven, met de inherente beperkingen hierbij, inzicht in (de ontwikkeling) uw financiële positie, mede in relatie tot de landelijke benchmark. Hieronder hebben wij de ontwikkelingen in uw kengetallen en een relatie naar de landelijke ontwikkelingen weergegeven: Kengetallen

Gemeente

Landelijk

2023

2022

2022

Netto schuldquote

102%

102%

39%

Solvabiliteit

19%

23%

39%

Belastingcapaciteit

93%

100%

102%

Grondexploitatie

39,9%

40,4%

6,1%

Structurele exploitatieruimte

-3%

5%

5%

De landelijke cijfers 2023 betreffen nog concept cijfers, zodoende zijn deze niet gerapporteerd in het verslag.

24

Financiële positie Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de paragraaf "Weerstandsvermogen en risicobeheersing" in het jaarverslag is een toelichting opgenomen op de weerstandscapaciteit van de gemeente. Op basis van de inventarisatie van de geïdentificeerde risico’s, waarbij rekening wordt gehouden met kans op voordoen en financiële impact, wordt berekend welk bedrag benodigd is ter dekking van de geïdentificeerde risico's. Hierbij wordt verondersteld dat alle risico's zich nooit tegelijk voordoen. Wij kunnen ons vinden in dit uitgangspunt. Hiernaast is het verloop over de afgelopen 3 jaar weergegeven inclusief een kwalificatie van de weerstandsratio. Wij hebben deze herzien na verwerking van het resultaat. In de jaarrekening van de gemeente wordt er gerapporteerd voor verwerking van het resultaat. De weerstandscapaciteit is voornamelijk opgebouwd vanuit de algemene reserve. De weerstandsratio kwalificeert als “onvoldoende”. De weerstandsratio is in 2023 fors gedaald ten opzichte van 2022. Dit kent 2 belangrijke oorzaken. Dit wordt enerzijds veroorzaakt doordat de risico’s zijn gestegen. Deze stijging zit voornamelijk in de maximale impact als gevolg van juridische risico’s als gevolg van bezwaar, beroep en procedures. Dit risico is gestegen van maximaal 3 miljoen naar maximaal 20,5 miljoen. Ook is de mogelijke impact van dit risico toegenomen van 14,55% tot 60,90%.

x € miljoen

2023

2022

2021

Weerstandscapaciteit

€ 20,5

€ 20,5

€ 32,4

Risico’s

€ 27,0

€ 11,5

€ 14,5

0,76

1,78

3,07

Weerstandsratio

Weerstandsratio

Betekenis

>= 2.0

Uitstekend

1.4 < 2.0

Ruim voldoende

1.0 < 1.4

Voldoende

0.8 < 1.0

Matig

0.6 < 0.8

Onvoldoende

< 0.6

Ruim onvoldoende

Anderzijds is de wijze waarop de weerstandscapaciteit wordt berekend aangepast. Voorgaande jaren werden de bestemmingsreserves ‘Reserve Woonfonds’ en ‘Reserve Investeringsfonds energietransitie en klimaat’ niet meegenomen in de berekening van weerstandscapaciteit. Door deze 2 bestemmingsreserves dit jaar mee te nemen is de weerstandscapaciteit 10,8 miljoen hoger dan dat deze was geweest op basis van de berekenmethodiek van voorgaande jaren. Op basis van de rekenmethodiek van voorgaande jaren zou de ratio verder verslechteren dan nu het geval is.

25

Overige onderwerpen

Overige onderwerpen Notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken In december van 2023 is door de Commissie BBV de notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2023) gepubliceerd. Deze notitie is op een aantal punten sterk afwijkend van de vorige notitie als gevolg van de invoering van de Omgevingswet. Er zijn wijzigingen van het kostenverhaal faciliterend grondbeleid op een viertal punten: 1) De bijdrage aan het kostenverhaal wordt niet meer in rekening gebracht via de omgevingsvergunning, maar via een aparte kostenverhaalsbeschikking. 2) Er zijn meer keuzemogelijkheden om kosten te verhalen. 3) De kostensoortenlijst is uitgebreid. 4) Er is in de Omgevingswet een regeling opgenomen voor verplichte financiële bijdragen aan ontwikkelingen.

4) Winstneming via de POC-methode, dat wil zeggen op basis van de betrouwbaar geraamde winst naar rato van de realisatie van verkopen èn kosten, vindt pas plaats als de resterende looptijd van een grondexploitatie tien jaar of minder is. 5) Binnen een gemengde exploitatie met bouwgrondexploitatie- en faciliterende projecten mag het resultaat gesaldeerd worden indien de deelgebieden onlosmakelijk in de ontwikkeling met elkaar verbonden zijn. Alle wijzigingen in de notitie die te maken hebben met de Omgevingswet treden in werking gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Alle overige wijzigingen treden in werking met ingang van begrotingsjaar 2025. Toepassing met ingang van de jaarrekening 2024 is mogelijk maar niet verplicht.

Daarnaast zijn er een aantal wijzigingen aangebracht als gevolg van 'voortschrijdend inzicht’: 1) De voorwaarden voor warme gronden zijn aangepast naar aanleiding van de praktijksituaties met ingang van boekjaar 2022:  De gebiedsontwikkeling hoeft niet langer uitsluitend betrekking te hebben op woningbouw, maar kan ook betrekking hebben op bijvoorbeeld bedrijfsterreinen;  De voorwaarde dat er betrokkenheid is bij de gebiedsontwikkeling van provincie of rijksoverheid vervalt;  De (toekomstige) bestemming(en), functie(s) en/of ontwikkeling betreffende het plangebied dien(en)t goed onderbouwd te worden. 2) Voorbereidingskosten bij zowel actieve als facilitaire grondexploitaties mogen na 5 jaar ook worden voorzien in plaats van te worden afgeboekt. 1) De rentetoerekening aan actieve grondexploitaties wordt vereenvoudigd door toe te staan dat de in een gemeente reeds gehanteerde omslagrente ook wordt toegepast bij actieve grondexploitaties.

27

Overige onderwerpen Notitie Rente De doelstelling van Notitie rente 2023 is het bevorderen van een eenduidige handelwijze met betrekking tot de toerekening van rente door gemeenten en het transparant maken van de wijze waarop de gemeenten met rente zijn omgegaan. De notitie treedt in werking met ingang van begrotingsjaar 2025, waarbij eerdere toepassing bij de begroting 2024 is toegestaan. De belangrijkste wijziging betreft de rentetoerekening aan de grondexploitaties door middel van de rente-omslag, die voorheen werd gebaseerd op het gemiddelde rentepercentage over het vreemde vermogen. De omslagrente wordt berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa + voorraad gronden. Indien de werkelijke rentelasten meer dan 25% afwijken van de rentelasten op basis van de voorgecalculeerde renteomslag, dan moet de gemeente verplicht de werkelijke rente verwerken. In het publiekrechtelijke kostenverhaal bij faciliterende grondexploitaties moet overeenkomstig de Omgevingswet voor de rentetoerekening het rentepercentage worden gehanteerd op grond van de afspraken in de overeenkomst en niet de interne omslagrente. De commissie BBV adviseert verder het renteschema zoals opgenomen op pagina 5 van de Notitie van de commissie BBV in de paragraaf financiering van de begroting en jaarstukken op te nemen.

Indien de rentebaten hoger zijn dan de rentelasten, ontstaat er een ‘negatieve’ renteomslag. Dit is een resultaat van treasurybeleid en beheer en wordt dan ook niet daadwerkelijk aan de taakvelden toegerekend, maar blijft op het taakveld treasury als bate verantwoord staan.

Tot slot wordt gesteld dat wanneer een rentevergoeding over het eigen vermogen wordt berekend, deze gemaximeerd is op het gewogen gemiddelde rentepercentage dat door de gemeente over extern aangetrokken financieringsmiddelen wordt vergoed. Dit betekent ook dat wanneer er geen aangetrokken financiering is, er geen rente over het eigen vermogen kan worden berekend. De commissie BBV geeft vanuit transparantie de aanbeveling om geen rente over het eigen vermogen te berekenen. Notitie Overhead De notitie Overhead van de Commissie BBV is in december 2023 herzien. In deze notitie worden kaders meegegeven over de toerekening van Overhead aan onder andere de leges van de gemeente. In de nieuwe notitie is vooral de definitie van Overhead aangepast. Deze luidt nu als volgt: het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Hiertoe behoren ook de systemen en aanverwante lasten die deze functies ondersteunen. De nieuwe definitie zorgt er voor dat duidelijker kan worden vastgesteld welke lasten direct toegerekend kunnen worden aan bepaalde taakvelden. Voor de berekening van de tarieven voor de lokale heffingen moet de methodiek voor toerekening van overhead worden gebruikt zoals deze is opgenomen in de financiële verordening. Deze methodiek mag niet afwijken van de overige methodieken voor het toerekenen van overhead.

De commissie adviseert om overhead niet bij de begroting vorm te geven maar door middel van de financiële verordening of door een gemeentelijke notitie overhead aan de gemeenteraad voor te leggen en deze periodiek te herzien. In deze notitie neemt de organisatie keuzes ten aanzien van: kaderstelling, methodiek en onderscheiding primaire processen en overhead. Omdat de toerekening van overheadkosten bij veel gemeenten wordt gebruikt als basis voor het vaststellen van het mengpercentage heeft de aanpassing van deze notitie mogelijk ook fiscaal invloed.

28

Overige onderwerpen ESG Het integreren van duurzaamheidsaspecten binnen uw organisatie en bedrijfsvoering wordt de toekomstige norm. De EU zet flink in op het afdwingen van transparantie over het gevoerde duurzaamheidsbeleid. Een voorbeeld daarvan: met ingang van het boekjaar 2025 moeten grote ondernemingen (volgens de jaarrekening criteria) rapporteren over de voortgang en realisatie van hun duurzaamheidsambities (CSRD) en over de bijdrage van hun producten en/of diensten aan een klimaatneutrale economie (EU Taxonomy).

We kunnen concluderen dat het ESG regelgevingskader volop in beweging is. Alles is erop gericht dat organisaties duurzaamheid in hun organisaties verankeren en rapporteren over uw bijdrage/impact op de thema’s Environment, Social en Governance. Vooruitlopend op de wettelijke verplichtingen is eerdere toepassing (op vrijwillige basis) toegestaan. Om sustainability in uw organisatie te integreren kunt u het ESG raamwerk zoals hieronder weergegeven doorlopen.

Hieronder geven wij een opsomming van de meest recente ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. −

De nadere uitwerking van de CSRD is vorm gegeven in de European Sustainability Reporting Standards (ESRS). Op 31 juli 2023 heeft de Europese Commissie deze ESRS goedgekeurd, waarmee de invoering voor ondernemingen definitief is geworden.

−

De EU Taxonomy (een door de EU opgestelde lijst van producten en diensten die als ‘groen’ aangemerkt mogen worden) wordt ondertussen steeds verder uitgebreid. Aan de lijst worden voortdurend diverse economische activiteiten toegevoegd die gericht zijn op de transitie naar circulariteit, het duurzaam gebruik van water, de preventie en beheersing van vervuiling en de bescherming en het herstel van de biodiversiteit.

−

Een andere verordening die op termijn toepassing zal gaan vinden is de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD). Deze verordening omvat verplichtingen voor ondernemingen om de impact van haar eigen activiteiten en die van haar waardeketen op het gebied van mensenrechten en natuur en klimaat te identificeren en vervolgens maatregelen te treffen om negatieve consequenties daarvan te voorkomen of te mitigeren. Een onderneming moet kunnen aantonen dat zij al het mogelijke heeft gedaan om hieraan te voldoen. Een belangrijk element uit de verordening is dat bestuurders aansprakelijk kunnen worden gesteld indien niet in voldoende mate gevolg aan deze verordening is gegeven.

Dit is een 8-stappenplan om te komen tot een geïntegreerde duurzaamheidsstrategie en uiteindelijk uw duurzaamheidsverslag. Baker Tilly ESG Advisory kan u bij al deze processtappen (al naar gelang uw behoefte) ondersteunen. Onze verwachting is dat op termijn de rapportageverplichtingen voor ondernemingen ook voor decentrale overheden gaan gelden. We adviseren u hier dan ook al op voor te sorteren.

29

Bijlagen

Bijlage A – SiSa-bijlage Het is volgens de Nota verwachtingen accountantscontrole 2023 voorgeschreven dat wij de geconstateerde fouten en onzekerheden per regeling rapporteren door middel van onderstaande verplichte tabel. Deze tabel dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli 2024 elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd. Fout, onzekerheid of formele onrechtmatigheid

Financiële omvang in euro’s

Toelichting fout/onzekerheid

Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

FIN B2

Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp gedupeerden toeslagenproblematiek

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C9

Specifieke uitkering woningbouwimpuls

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C32

Regeling specifieke uitkering ventilatie in scholen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C41B

Regeling specifieke uitkering flexibele inzet woningbouw

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C43

Regeling reductie energiegebruik woningen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C55

Aanpak energiearmoede

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C56

Regeling huisvesting aandachtsgroepen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C62

Specifieke uitkering aan gemeenten voor de bekostiging van de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen van gedupeerden door de toeslagenaffaire

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C85

Stimuleringsregeling flex-en tranformatiewoningen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C92

Regeling specifieke uitkering Informatiepunten Digitale Overheid

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Nummer

Specifieke uitkering

JenV A16

Rechtmatigheidsoordeel specifieke uitkeringen (zoals blijkt uit de controleverklaring):

Goedkeurend

Strekking controleverklaring getrouwheid gehele jaarrekening:

Goedkeurend 31

Bijlage A – SiSa-bijlage Het is volgens de Nota verwachtingen accountantscontrole 2023 voorgeschreven dat wij de geconstateerde fouten en onzekerheden per regeling rapporteren door middel van onderstaande verplichte tabel. Deze tabel dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli 2024 elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd. Fout, onzekerheid of formele onrechtmatigheid

Financiële omvang in euro’s

Toelichting fout/onzekerheid

Regeling specifieke uitkering verduurzaming slecht geïsoleerde woningen van eigenaar-bewoners en woningen van verenigingen van eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C105

Regeling specifieke uitkering startbouwimpuls

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C106

Tijdelijke regeling specifieke uitkering gebiedsbudget

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

BZK C209

Meerjarige regeling voor huisvesting aandachtsgroepen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

OCW D8

Onderwijsachterstandenbeleid 2023.2026 (OAB)

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

OCW D14

Regeling specifieke uitkering inhalen COVID-19 gerelateerde onderwijsvertragingen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

OCW D22

Regeling specifieke uitkering voor de voorschoolse educatie aan ontheemde peuters

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

OCW D23

Regeling eenmalige specifieke uitkering en subsidies lokale bibliotheekvoorzieningen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Subsidieregeling sanering verkeerslawaai

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

IenW E44B

Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021-2027 (SiSa tussen medeoverheden)

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

EZK F20

Regeling specifieke uitkering impulsaanpak winkelgebieden

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Nummer

Specifieke uitkering

BZK C94

IenW E3

Rechtmatigheidsoordeel specifieke uitkeringen (zoals blijkt uit de controleverklaring):

Goedkeurend

Strekking controleverklaring getrouwheid gehele jaarrekening:

Goedkeurend 32

Bijlage A – SiSa-bijlage Het is volgens de Nota verwachtingen accountantscontrole 2023 voorgeschreven dat wij de geconstateerde fouten en onzekerheden per regeling rapporteren door middel van onderstaande verplichte tabel. Deze tabel dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli 2024 elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd. Fout of onzekerheid

Financiële omvang in euro’s

Toelichting fout/onzekerheid

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=a38deb55-f00b-4ae2-bb8d-0e1e1cf15763