21-031 e_toelichting bestemmingsplan (excl. bijlagen).pdf
Tekst van het document
Voor de toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking wordt verwezen naar paragraaf 3.2.2. 3.2.2 Omgevingsverordening Zuid-Holland De Omgevingsverordening Zuid-Holland is samen met de Omgevingsvisie op 1 april 2019 in werking getreden. De verordening bevat juridische doorwerking van het visiedeel van het Omgevingsbeleid en bevat regels voor bestemmingsplannen en daarmee gelijkgestelde ruimtelijke plannen. Op grond van de Omgevingsverordening zijn voor de onderhavige ontwikkeling de volgende artikelen van toepassing.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 28
Artikel 6.9 lid 1 - Ruimtelijke kwaliteit Een bestemmingsplan kan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling, onder de volgende voorwaarden ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit: a. de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en voldoet aan de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart (inpassen); b. als de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, maar wijziging op structuurniveau voorziet (aanpassen), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft door: 1) zorgvuldige inbedding van de ontwikkeling in de omgeving, rekening houdend met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart; en 2) het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen als bedoeld in het derde lid; c.
als de ruimtelijke ontwikkeling niet past bij de bestaande gebiedsidentiteit (transformeren), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling is gewaarborgd door: 1) een integraal ontwerp, waarin behalve aan de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied ook aandacht is besteed aan de fysieke en visuele overgang naar de omgeving en de fasering in ruimte en tijd, alsmede rekening is gehouden met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart; en 2) het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen als bedoeld in het derde lid. Artikel 6.10 - Stedelijke ontwikkelingen 1. Een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, voldoet aan de volgende eisen: a. de toelichting van het bestemmingsplan gaat in op de toepassing van de ladder voor duurzame verstedelijking overeenkomstig artikel 3.1.6, tweede, derde en vierde lid van het Besluit ruimtelijke ordening; b. indien in de behoefte aan de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stads- en dorpsgebied kan worden voorzien en voor zover daarvoor een locatie groter dan 3 hectare nodig is, wordt gebruik gemaakt van locaties die zijn opgenomen in het Programma ruimte. 2. Gedeputeerde staten kunnen bij de aanvaarding van een regionale visie aangeven in hoeverre de ladder voor duurzame verstedelijking op regionaal niveau geheel of gedeeltelijk is doorlopen.
In de toelichting van het bestemmingsplan kan in dat geval worden verwezen naar de regionale visie bij de beschrijving van de behoefte aan een nieuwe stedelijke ontwikkeling, als bedoeld in artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening. 3. Gedeputeerde staten kunnen een regionale visie voor wonen of bedrijventerreinen vaststellen. Een bestemmingsplan bevat geen bestemmingen die in strijd zijn met de door gedeputeerde staten vastgestelde regionale visie.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 29
Toetsing Ruimtelijke kwaliteit (Artikel 6.9 lid 1) Ten aanzien van artikel 6.9 lid 1 geldt dat de provincie primair inzet op kwaliteitsverbetering en het beter benutten van de ruimte. Het plangebied is op de kaart ‘laag van stedelijke occupatie’ aangemerkt als 'stad/stedelijke agglomeratie'. Ten aanzien van een beoogde ontwikkeling wordt gesteld dat herstructurering, verdichting of transformatie een bijdrage moet leveren aan de ruimtelijke karakteristiek. Hierbij worden de volgende richtpunten in acht genomen: - Ontwikkelingen dragen bij aan de karakteristieke kenmerken/identiteit van stad, kern of dorp. - Hoogteaccenten (waaronder hoogbouw) vallen zoveel mogelijk samen met centra (zwaartepunten) en interactiemilieus in de stedelijke structuur. - Daar waar hoogbouw niet samenvalt met 'zwaartepunten' in de stedelijke structuur geeft een beeldkwaliteitsparagraaf inzicht in de effecten, invloed en aanvaardbaarheid van hoogbouw op de (wijde) omgeving. - Ontwikkelingen dragen bij aan versterking van de stedelijke groen- en waterstructuur. - Cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en stedenbouwkundige patronen worden behouden door ze waar mogelijk een functie te geven die aansluit bij de behoeften van deze tijd.
De beoogde ontwikkeling is in lijn met deze richtpunten (voor zover ze in dit geval relevant zijn): - De ontwikkeling draagt bij aan het versterken van de identiteit van de stad Rijswijk en met name het stadscentrum rondom In de Bogaard. Uiteraard is hierbij met name het Masterplan in de Bogaard van belang, dat nadrukkelijk beoogd om een ruimtelijk kwaliteitskader te bieden voor de revitalisatie en versterking van de identiteit van In de Bogaard als stedelijk centrum van Rijswijk. - De binnen het plangebied voorziene hoogteaccenten vallen, gezien de ligging, samen met een ‘zwaartepunt’ c.q. interactiemilieu in de stedelijke structuur van Rijswijk. Het al genoemde Masterplan voorziet daarbij nadrukkelijk in een kader voor de inpassing van deze hoogteaccenten in het bestaande stedelijk weefsel van In de Bogaard, inclusief de al aanwezige hoogbouw. Daar komt bij dat de ligging van de hoogteaccenten past binnen de gemeentelijke hoogbouwvisie, omdat In de Bogaard hierin expliciet is aangewezen als ‘zwaartepunt’ c.q. concentratiegebied voor hoogbouw (zie verder paragraaf 3.4.7). - Het plan draagt met name door de realisatie van een (grotendeels) groene binnentuin bij aan versterking van de groenstructuur in Rijswijk. - Ter plaatse van De Terp is geen sprake van cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en/of stedenbouwkundige patronen.
Op basis van het voorgaande wordt geconcludeerd dat bij de herontwikkeling van De Terp geen van de relevante richtpunten in het geding is. Volledigheidshalve wordt nog opgemerkt dat op basis van het Masterplan In de Bogaard ook een kwaliteitsleidraad is opgesteld. Hierin worden qua ruimtelijke kwaliteit (en beeldkwaliteit) de voorwaarden en eisen vastgelegd, waaraan de ontwikkeling dient te voldoen. Hiermee wordt aanvullend voorzien in het waarborgen van de ruimtelijke kwaliteit binnen het plangebied en In de Bogaard als geheel.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 30
Ladder voor duurzame verstedelijking (6.10 lid 1) Woningen Voor de woningbehoefte is allereerst de Woondeal Zuidelijke Randstad relevant. Dit betreffen bestuurlijke afspraken tussen het Rijk, de provincie Zuid-Holland en gemeenten uit de Zuidelijke Randstad (waaronder Rijswijk). In hoofdzaak zijn de kwantitatieve afspraken in deze woondeal erop gericht om de productie van 100.000 woningen tot 2025 in de zuidelijke Randstad te versnellen en om te zorgen voor voldoende harde plancapaciteit voor de periode tot 2040 (bouwproductie van 230.000 woningen). Specifiek is daarbij nog de afspraak relevant dat verstedelijking in de zuidelijke Randstad met voorrang plaatsvindt binnen bestaand stedelijk gebied in nabijheid van hoogwaardig OV, via een zogenaamde geconcentreerde verstedelijkingsstrategie. Deze strategie houdt onder meer in dat wordt ingezet op de (al eerder aangewezen) 12 verstedelijkings-/verdichtingslocaties binnen de Verstedelijkingsalliantie. Deze alliantie is een samenwerkingsverband van 8 gemeenten langs de spoorlijn Leiden- Dordrecht, waaronder Rijswijk. Het binnenstedelijk gebied ‘Rijswijk-Bogaard/Plaspoelpolder’, waarvan De Terp onderdeel is, is één van deze 12 verdichtingslocaties waarover in de Woondeal Zuidelijke Randstad afspraken zijn gemaakt.
Concluderend kan worden gesteld dat het planvoornemen voor De Terp nadrukkelijk invulling geeft aan de Woondeal Zuidelijke Randstad en de hierin afgesproken woningbouwproductie van 100.000 woningen tot 2025. De gemeente Rijswijk ligt in de agglomeratie Haaglanden. Voor dit gebied zijn tevens regionale woningbouwafspraken gemaakt (zie ook paragraaf 3.3.2). Het gaat om de negen gemeenten, te weten Delft, Rijswijk, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Wassenaar, Midden-Delfland, Westland, Pijnacker-Nootdorp en Zoetermeer. De provincie Zuid-Holland en deze negen gemeenten zien de regio Haaglanden als één woningmarktregio, zoals verwoord in de regionale woonvisie. De woningvraag en het -aanbod in de regio Haaglanden worden beoordeeld aan de hand van de Woningbouwmonitor Haaglanden 2018 en de WBR2019. Uit de WBR2019 van de provincie Zuid-Holland blijkt dat in de periodes 2020-2025 en 2025-2030 voor de regio Haaglanden een behoefte bestaat aan respectievelijk 31.400 en 26.020 woningen. Elke extra woningbouwontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied wordt als 'welkome aanvulling' gezien, om zo gezamenlijk het tekort in te lopen. Bij deze getallen is van belang dat het regionale programma 30% groter mag zijn dan deze regionale behoefte (vanwege planuitval en vertraging). Voor 2020-2025 is een regionaal programma met 40.820 woningen daarmee aanvaardbaar.
Uit de Woningmarktmonitor Haaglanden 2018 blijkt dat de voorgenomen woningbouwproductie in de periode 2018-2040 ca. 121.000 woningen bedraagt. Voor de periode 2018-2025 zijn dit 70.000 woningen en voor de periode 2026-2040 51.000 woningen. Van de 70.000 woningen die gepland zijn in de periode 2018-2025 behoren er 35.700 tot de harde plannen (waarvoor reeds een bestemmingsplan is vastgesteld, er bindende afspraken voor zijn of waarvoor een omgevingsvergunning verleend is). Dat betekent dat er in de regio nog ruimte wordt gezien voor circa 34.300 woningen. De harde plancapaciteit ligt daarmee in absolute zin lager dan het maximaal aanvaardbare regionale programma en betreft ook nog eens een twee jaar langere periode. In relatieve zin ligt de harde plancapaciteit daarmee nog ruimschoots onder de regionale Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 31
behoefte. Daar komt nog bij dat de daadwerkelijke toename van de woningvoorraad in de periode van 2014 tot en met 2018 aanzienlijk is achtergebleven bij de woningbehoefte op basis van de WBR2019. Concluderend kan worden gesteld dat in de periode van de realisatie van het planvoornemen (voor 2025) in de regio ruim voldoende vraag naar nieuwe woningen is. In de gemeentelijke woonvisie 'Vertrouwd Stedelijk Wonen in Rijswijk - een woonvisie voor de periode 2015 - 2025' is aangegeven dat pijler 1 van de vier pijlers van het gemeentelijke woonbeleid, de 'kwantitatieve en kwalitatieve groei van de woningvoorraad' betreft. Rond In de Bogaard, waar het plangebied ligt, wil Rijswijk hoogwaardige stedelijke woonmilieus laten ontstaan. Deze zone biedt ook goede mogelijkheden voor een onderscheidende stedelijke woonkwaliteit. Rijswijk wil rond dit centrum levensloopbestendige woningen realiseren voor verschillende doelgroepen (starters, ouderen, etc.). De realisatie van het planvoornemen kan bijdragen aan een antwoord op de groeiende vraag naar stedelijke woonmilieus. In pijler 2, 'betaalbaar wonen in Rijswijk', wordt daarnaast ingezet op de realisatie van meer betaalbaar aanbod (boven goedkoop), om de doorstroming te bevorderen zodat goedkope woningen vrijkomen. De realisatie van het planvoornemen kan hier ook aan bijdragen.
Uit het voorgaande wordt geconcludeerd dat er in de regio Haaglanden op korte en middellange termijn meer vraag is dan aanbod naar woningen. Kwalitatief kan daar aan worden toegevoegd dat op de locatie stedelijke woningen worden gerealiseerd, waaraan eveneens een behoefte bestaat. Het voornemen voorziet in een regionale behoefte van woningen in het bestaand stedelijk gebied, waardoor voor de woonfunctie wordt voldaan aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Commerciële voorzieningen Voor wat betreft de behoefte aan commerciële voorzieningen wordt allereerst opgemerkt dat de huidige centrumbestemming binnen De Terp al de volgende functies toelaat: - Detailhandel; - Horeca van categorie 1 (3.500 m² bvo voor heel In de Bogaard); - Kantoren; - Dienstverlening; - Maatschappelijke voorzieningen. Met uitzondering van horeca zijn deze functies in het geldende bestemmingsplan onbeperkt toegestaan binnen de huidige bruto vloeroppervlakte van 27.273 m 2 die in De Terp aanwezig is. In het voorliggende bestemmingsplan worden commerciële voorzieningen tot een maximale totale bruto vloeroppervlakte van circa 3.275 m2 mogelijk gemaakt. Het bestemmingsplan voorziet daarmee in een aanzienlijke inperking van de toegestane omvang van commerciële voorzieningen.
Dit houdt ook in dat een uitgebreide behoeftetoets niet aan de orde wordt geacht, aangezien het bestemmingsplan qua commerciële voorzieningen nadrukkelijk geen ‘extra vierkante meters’ mogelijk maakt. In zoverre is voor commerciële voorzieningen dan ook geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling zoals bedoeld in de omgevingsverordening en het Besluit ruimtelijke ordening. Vanuit het oogpunt van goede ruimtelijke ordening wordt daarom hierna alleen kort ingegaan op de qua behoefte aanwezige onderzoeksinformatie voor In de Bogaard als geheel.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 32
Naar aanleiding van het voorgaande wordt allereerst verwezen naar het rapport ‘Toekomstbestendig In de Bogaard’ van Stec Groep, dat als bijlage onderdeel uitmaakt van het Masterplan In de Bogaard. Hierin is onder andere het volgende geconcludeerd: - In de huidige situatie (2018) is in winkelcentrum In de Bogaard sprake van overaanbod aan winkelmeters. Dit resulteert in een forse leegstand van winkels. Binnen een ‘nulscenario’ tot 2028 is sprake van een overaanbod van 13.000-14.000 m2 aan ‘winkelmeters’, ofwel een bruto vloeroppervlakte van ongeveer 16.000-17.500 m2. - Er lijkt marktruimte te zijn voor meer horeca en leisure in In de Bogaard. Indicatief is een vijftal kleinere horecazaken mogelijk, bijvoorbeeld een biercafé, koffiebar en ijssalon. Qua leisure zijn concepten die goed passen bij In de Bogaard een kinderopvang, een wellnesscentrum, een gameroom en dergelijke. - In de Bogaard is functioneel gezien redelijk monotoon: er zijn slechts een beperkt aantal nietwinkelfuncties die de aantrekkingskracht van het centrum kunnen verhogen. Het aantal horecavestigingen is beperkt, en naast een fitnesscentrum ontbreken leisure, sport en/of recreatieve/culturele/maatschappelijke voorzieningen in het gebied. In lijn met het voorgaande wordt tevens verwezen naar de Retailvisie In de Bogaard, die ook als bijlage onderdeel uitmaakt van het Masterplan In de Bogaard.
Hierin is onder andere het volgende opgenomen: - De Terp wordt gerekend tot het cluster ‘Wonen & Werken’, waar naast wonen ruimte wordt gezien voor kleinschalige functies zoals daghoreca, buurtgerelateerde retail (lokale slager, groenteboer, etc) en sociaal-maatschappelijke voorzieningen (zorg en onderwijs) passend bij het karakter van een woonwijk en woninggebonden kantoren / studio's. - Voor de gewenste functiemenging wordt voor In de Bogaard met name ingezet op het vergroten van de oppervlakte horeca, leisure, dienstverlening en sociaal-maatschappelijke voorzieningen (en het verkleinen van het aandeel retail). Met de beoogde herontwikkeling van De Terp wordt meer dan het overaanbod aan ‘winkelmeters’ aan de voorraad onttrokken (grofweg een bruto vloeroppervlakte van circa 25.000 m 2), waarmee het deels terugbrengen van detailhandel in het plan niet voor nieuw overaanbod zorgt. Met andere woorden: er is aantoonbaar nog behoefte aan de ruimte voor detailhandel die de voorgenomen ontwikkeling biedt. Dit is ook in lijn met de retailvisie. Voor de andere beoogde commerciële voorzieningen, zoals horeca, dienstverlening, en (sociaal-) maatschappelijke voorzieningen geldt dat deze in beginsel voorzien in de gewenste functiemenging en dat met name voor horeca en leisure ook marktruimte aanwezig lijkt te zijn.
In aanvulling op het voorgaande is ook een recent uitgevoerde markttoets van Bureau Stedelijke Planning nog vermeldenswaardig. In deze markttoets is ten aanzien van commerciële voorzieningen onder andere het volgende geconstateerd: - In het noordelijk deel van In de Bogaard, waar De Terp toe behoort: past een heel brede functiemix - horeca, dienstverlening, cultuur, leisure, (flexibele) werkplekken en maatschappelijke functies - om de plint te activeren. Hiervoor zijn volgens de markttoets voldoende marktmogelijkheden aanwezig. - In de markttoets wordt ook nog uitgebreider ingegaan op de doelgericht bezochte retail (super specialisten en kleinschalig aanbod), horeca, dienstverlening, maatschappelijke voorzieningen en leisure waar voor De Terp aan gedacht kan worden:
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 33
o
Gemakswinkel (AH To-Go, Jumbo City, Stadsconcept Coop of een Spar City), een bloemist, fietsspeciaalzaak, speciaalzaak medische hulpmiddelen, telefoonwinkel, Apple reseller, opticien, juwelier, superspeciaalzaak op modisch gebied, piercing & tattooshop, woondecoratie of een specialistische sportwinkel. o Op het gebied van horeca […] ‘to stay’ en ‘to go’ concepten. o Wat betreft maatschappelijke voorzieningen […] een buurthuis annex muziekschool, kinderopvang/BSO en bibliotheek. o Passende dienstverlening zijn een gezondheidscentrum, nagelstudio, kapper, schoonheidsspecialiste, stomerij, schoen- en sleutelmaker en afhaalservice van pakketten. o Bij leisure […] een tweede sportschool, een studio met specialistische sport (boksen, karate, etc.), een yoga- of dansstudio, filmhuis, escaperoom, zonnestudio en spa/welness. - Specifiek voor de (hippe) leefstraat wordt gedacht aan: beperkte retail, dienstverlening, afhaalhoreca, maatschappelijke voorzieningen en werkplekken, gericht op de specifieke doelgroep in dit gebied. [..] Op het gebied van dienstverlening vormen doelgericht bezochte concepten een aanvulling, zoals een uitzendbureau, copyshop, schoen- en sleutelmaker en een pakket(afhaal)service. Ook worden mogelijkheden gezien voor een nagelstudio, kapsalon, barbershop en schoonheidsspecialist.
- Het voorgaande is voor het noordelijk deel van In de Bogaard, waar De Terp toe behoort, vertaald in de volgende indicatieve bruto vloeroppervlaktes voor 2030: o Retail/detailhandel binnen een bandbreedte van 0 tot 2.950 m 2 (met name in branches ‘Vrije Tijd’ en ‘In/om Huis’); o Horeca binnen een bandbreedte van 100 tot 1.000 m 2; o Dienstverlening binnen een bandbreedte van 900 tot 1.200 m2; o Leisure binnen een bandbreedte van 1.300 tot 1.700 m 2; o Maatschappelijk binnen een bandbreedte van 1.100 tot 1.200 m 2. Gelet op het voorgaande vormt de markttoets nadrukkelijk een nadere onderbouwing voor de bestaande en toekomstige behoefte aan de commerciële voorzieningen binnen het plangebied van De Terp. Supermarkt Het bestemmingsplan maakt het middels een afwijkingsbevoegdheid ook een supermarkt met een maximale bruto vloeroppervlakte van 1.700 m2 mogelijk, (deels) in plaats van de rechtstreeks toegestane commerciële voorzieningen. Daarbij is echter nadrukkelijk geen vestiging van een extra supermarkt binnen de gemeente Rijswijk toegestaan. Met andere woorden: vestiging van een supermarkt wordt alleen toegestaan als deze elders uit de gemeente verplaatst wordt en op de achterblijvende locatie wordt wegbestemd. Het bestemmingsplan maakt daarmee dus binnen de gemeente geen extra supermarkt mogelijk.
Aangenomen wordt dat de te verplaatsen supermarkt een relatief kleine bruto vloeroppervlakte van circa 1.000 m 2 heeft, zodat een behoeftetoets voor de afwijkingsbevoegdheid c.q. supermarkt beperkt kan blijven tot de resterende oppervlakte. Deze behoeftetoets kan worden gebaseerd op de al eerdere genoemde markttoets van Bureau Stedelijke Planning (BSP). In deze markttoets wordt in algemene zin ruimte gezien voor een supermarkt in het plangebied van De Terp, waarbij BSP onder andere het volgende adviseert: Bij voorkeur betreft dit een discount supermarkt die tot stand moet komen vanuit een verplaatsing van een bestaande supermarkt vanuit elders uit Rijswijk. De ruimte die wordt achtergelaten moet planologisch worden wegbestemd als supermarkt-/detailhandelsruimte. Uit de marktruimteberekeningen in de markttoets volgt voor supermarkten het volgende: Gezien de forse inwonergroei rond In de Bogaard kan […] tot 2.500 m2 bvo in 2030 aan het centrum worden Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 34
toebedeeld. Deze bruto vloeroppervlakte biedt volgens de markttoets allereerst ruimte om in het zuidelijk deel van In de Bogaard een extra supermarkt te vestigen. Uit de markttoets blijkt dat dit naar verwachting een supermarktformule in het lagere segment betreft (bijvoorbeeld Aldi of Dirk). In de regel heeft een dergelijke formule een bruto vloeroppervlakte van circa 1.750 m 2 nodig. Dit houdt in dat na toevoeging van deze extra supermarkt nog marktruimte met een bruto vloeroppervlakte van circa 750 m 2 resteert voor een supermarkt in In de Bogaard. In combinatie met de hiervoor genoemde bruto vloeroppervlakte van circa 1.000 m 2 van een te verplaatsen supermarkt ontstaat daarmee voldoende (markt)ruimte voor het vestigen van een supermarkt in het plangebied van De Terp. Gelet op het voorgaande vormt de markttoets nadrukkelijk een (aanvullende) onderbouwing voor de behoefte aan een supermarkt, zoals die met een afwijkingsbevoegdheid in het plangebied van De Terp mogelijk wordt gemaakt: - De afwijkingsbevoegdheid borgt dat sprake moet zijn van een supermarkt die elders uit Rijswijk verplaatst wordt. - De markttoets maakt duidelijk dat er binnen de planperiode (10 jaar na inwerkingtreding van het bestemmingsplan) voldoende marktruimte ontstaat voor een vergroting van de bruto vloeroppervlakte van deze te verplaatsen supermarkt tot maximaal 1.700 m 2.
Conclusie Gezien het voorgaande is de behoefte aan het voorgenomen functioneel programma voldoende aangetoond. 3.2.3 Ontwerp Omgevingsbeleid 2020 Op dit moment zijn wijzigingen van zowel de provinciale Omgevingsvisie als Omgevingsverordening in voorbereiding. De ontwerpversie van deze beleidsdocumenten heeft van 3 december 2020 tot en met 1 februari 2021 ter inzage gelegen. Het ontwerp Omgevingsbeleid 2020 is op het moment van schrijven van deze toelichting nog niet definitief vastgesteld, maar zal na vaststelling de beleidsdocumenten die in de voorgaande twee paragrafen getoetst zijn (deels) vervangen. Om die reden is hierna ook kort beoordeeld of de voorgenomen ontwikkeling past binnen het ontwerp Omgevingsbeleid 2020, mede omdat dit beleid naar verwachting nog voor de zomer van 2021 wordt vastgesteld. Ontwerp-wijziging van de Omgevingsvisie Zuid-Holland De wijzigingen in de Omgevingsvisie betreffen in hoofdzaak aanscherpingen en verbeteringen van diverse onderdelen van de huidige Omgevingsvisie. Deze wijzigingen hebben geen relevante gevolgen voor de inpasbaarheid van de voorgenomen ontwikkeling in de Omgevingsvisie. Op twee specifieke onderdelen is wel sprake van beleidsaanpassingen: klimaatadaptatie en circulariteit.
Met name het eerste onderdeel is relevant voor de voorgenomen ontwikkeling, omdat op dit punt ook een wijziging in de Omgevingsverordening is beoogd (zie verder hierna). Ontwerp-wijziging van de Omgevingsverordening Zuid-Holland De voor De Terp relevante wijziging van de Omgevingsverordening betreft de toevoeging van het volgende artikel over de risico’s van klimaatverandering: In een bestemmingsplan wordt rekening gehouden met de gevolgen van de risico’s van klimaatverandering tenminste voor zover het betreft de risico’s ten aanzien van: 1. wateroverlast door overvloedige neerslag; 2. overstroming; Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 35
3. hitte; 4. droogte. Uit de toelichting op deze wijziging van de Omgevingsverordening blijkt dat dit artikel een beleidsmatige ‘doorvertaling’ van het (provinciale) convenant klimaatadaptief bouwen in ZuidHolland is. Dit convenant is nader toegelicht in paragraaf 4.11, waarbij ook nadrukkelijk is ingegaan op hoe in het plan voor De Terp rekening is gehouden met klimaatadaptatie c.q. de gevolgen van de risico’s van klimaatverandering. Hiermee voorziet paragraaf 4.11 in de toets aan het betreffende ‘nieuwe’ artikel in de Omgevingsverordening. De voorgenomen ontwikkeling is daarmee ook inpasbaar in de gewijzigde Omgevingsverordening.
3.3
Regionaal beleid
3.3.1 Regionaal Structuurplan Haaglanden 2020 Op 16 april 2008 is het Regionaal Structuurplan Haaglanden (RSP) vastgesteld. Dit plan heeft onder de huidige Wet ruimtelijke ordening de status van provinciale structuurvisie. In het RSP wordt de ruimtelijke visie voor Haaglanden aangegeven. Haaglanden is een regio met een heel eigen karakter. Dit karakter moet in de toekomst behouden blijven en daar waar mogelijk versterkt worden. Het regionale structuurplan bouwt voort op de sterke punten van de regio: de economische specialisaties, de mooie landschappen en de kwaliteit van leven. Haaglanden blijft daardoor een aantrekkelijk gebied om te wonen. Al deze kwaliteiten zijn een voorwaarde om nieuwe bedrijven en instellingen aan te kunnen trekken en zo voor nieuwe werkgelegenheid te zorgen. Het RSP is een ambitieus plan. Vanuit het belang voor Haaglanden en voor de betekenis van Haaglanden in Randstad- en Zuidvleugelverband zijn er tien investeringsprioriteiten bepaald: drie centrale gebiedsontwikkelingen en zeven dragende projecten. Toetsing Eén van de zeven belangrijkste projecten uit het RSP betreft 'herstructurering en intensiever gebruik van stedelijke wijken’. Met de herontwikkeling van De Terp wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de herstructurering en het intensievere gebruik.
3.3.2 Woonvisie woningmarktregio Haaglanden 2017-2021 In deze visie wordt met feiten en cijfers het wonen in Haaglanden beschreven. Het maakt inzichtelijk voor welke woonopgaven de regio gesteld staat. De gemeenten geven hun visie op het toekomstige wonen in de regio en hun belangrijkste uitgangspunten voor een goed woonbeleid in de periode tot 2025. Er zijn vijf concrete woonambities voor de regio opgenomen en een agenda met acties en maatregelen: - Een regionaal Woningbouwprogramma opstellen; - Regionaal voldoende betaalbare woningen aanbieden; - Duurzaam bouwen en renoveren in Haaglanden; - De regio levensloopgeschikt maken; - Werken aan leefbare en prettige woonwijken. Deze maatregelen vormen een aanpak die bestaat uit een combinatie van herontwikkelen, verdichten, transformeren, mengen en nieuw bijbouwen op heel veel verschillende soorten (vooral) binnenstedelijke plekken. Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 36
De gemeenten in Haaglanden zijn zich ervan bewust dat het huidige groen en blauw tussen de gemeenten in de regio belangrijke kernkwaliteiten zijn die erin belangrijke mate voor zorgen dat het in deze regio fijn is om te wonen. De regionale woonvisie omarmt dan ook de visie van de provincie Zuid-Holland dat het wenselijk is om in de toekomst voorrang te geven aan binnenstedelijke woningbouw ten opzichte van ‘bouwen in het weiland’. Dit uitgangspunt draagt ook bij aan het zorgvuldig gebruiken van de ruimte en het versterken van bestaande steden en dorpen. De gemeenten zetten dan ook nadrukkelijk in op het herontwikkelen van transformatielocaties en -gebieden naar wonen. Te denken valt hierbij aan niet meer renderende kantoorlocaties, oude bedrijventerreinen en niet duurzame glastuinbouw. Toetsing De herontwikkeling van De Terp betreft een binnenstedelijke transformatie van veelal leegstaande commerciële gebouwen naar een hoofdzakelijk woongebied. De ontwikkeling van De Terp is in lijn met de regionale woonvisie.
3.4
Gemeentelijk beleid
3.4.1 Stadsvisie Rijswijk 2030 In de stadvisie zijn de ambities voor Rijswijk beschreven, waarbij drie gebieden zijn onderscheiden waarbinnen de verschillende, toekomstige vraagstukken het best kunnen worden ondergebracht: de pijlers sociaal, ruimtelijk en economisch. Voor de beoogde ontwikkeling is met name de ruimtelijke pijler relevant, waarvoor de volgende algemene ambitie is beschreven: Groene buitenplaats voor stedelijk wonen: In Rijswijk kan je ruim wonen in een lommerrijke omgeving of in een stedelijk gebied met groen altijd in de nabijheid. Dit kan individueel, met een partner en/of jong gezin of als oudere. De voorgaande ambitie is uitgewerkt in belangrijke keuzes voor Rijswijk op het gebied van ruimtelijke ordening. De beoogde ontwikkeling geeft in het bijzonder invulling aan de volgende in de stadsvisie opgenomen acties: - De stadsassen die In de Bogaard, het Stationskwartier en de randen van de Plaspoelpolder met elkaar verbinden, worden ontwikkeld tot moderne stedelijke gebieden. - Realiseren van herkenbare iconen op zichtlocaties ter versterking van het profiel van Rijswijk. - Woningbouw vindt plaats in gebieden die al bebouwd of in ontwikkeling zijn. - In de Bogaard transformeren tot een levendig winkel- woon en werkgebied. - Groen en water op creatieve manieren integreren in stedelijk gebied.
- Scheidingen tussen wijken worden doorbroken door meer verbindingen. Toetsing De herontwikkeling van De Terp geeft invulling aan de ruimtelijke ambitie en bijbehorende keuzes uit de stadsvisie. 3.4.2 Woonvisie Rijswijk 'Vertrouwd Stedelijk Wonen in Rijswijk 2015-2025' In de Woonvisie 2015 - 2025 zijn de ambities van gemeente Rijswijk opgenomen op het gebied van wonen. Hierin is ook de uitvoeringsagenda opgenomen waarin maatregelen staan die de gemeente wil nemen om deze ambities te bereiken. Hierbij zijn vier pijlers onderscheiden: 1. de kwalitatieve en kwantitatieve groei van de woningvoorraad; Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 37
2. betaalbaar wonen in Rijswijk; 3. wonen in een duurzaam Rijswijk; 4. wonen met zorg, aandacht voor kwetsbare doelgroepen. Ten aanzien van de eerste pijler bevat de woonvisie onder andere de volgende actie: Toevoegen van hoogwaardige stedelijke woonmilieus; Om de groeiende vraag naar stedelijke woonmilieus te faciliteren zien we kansen in de centrumgebieden. Vooral in het Stationskwartier, aan de randen van de Plaspoelpolder en rond In de Bogaard liggen kansen. De gemeente faciliteert en stimuleert ontwikkelaars om hier woningen te realiseren voor verschillende doelgroepen (met in het bijzonder ouderen) en om vernieuwende concepten op de markt te zetten. Vooral herstructurering en transformatie van leegstaande panden verdienen hierbij prioriteit. Inzake de tweede pijler is onder andere de volgende ambitie geformuleerd: Voor de lage middeninkomens wordt ingezet op het vergroten van het aanbod in de middeldure huursector en de (goedkope) koopsector om zo ook de doorstroming vanuit de sociale huurvoorraad te bevorderen. Ten aanzien van de derde hoofdzaak zijn met name de volgende acties relevant: - Ter bevordering van een klimaatbestendige leefomgeving maken we met corporaties en ontwikkelaars afspraken over maatregelen die zij in zowel de bestaande voorraad als bij nieuwbouw kunnen nemen.
- Bij transformatie en herstructurering faciliteren wij initiatiefnemers zo goed mogelijk, maar verwachten hierbij wel dat zij woningen bouwen die aan te passen zijn aan de woonwensen van de toekomst (flexibel bouwen). Hierover maken wij per project afspraken. Op basis van het voorgaande wordt geconstateerd dat de ontwikkeling aansluit op de woonvisie, zowel in kwantitatieve (pijler 1) als kwalitatieve (pijler 2 en 3) zin, waarbij klimaatbestendigheid en flexibel bouwen aandachtspunten zijn. Bij de eerste pijler ‘de kwalitatieve en kwantitatieve groei van de woningvoorraad’ worden ‘In de Bogaard’ expliciet aangewezen als locatie voor hoogwaardige stedelijke woonmilieus. Onder andere de volgende zinsneden zijn hierbij relevant: ‘Deze zone biedt goede mogelijkheden voor een onderscheidende stedelijke woonkwaliteit’ en ‘transformatie naar woningen kan oplossing bieden voor de groeiende leegstand’. Toetsing Met onderhavig plan worden woningen gerealiseerd in ‘In de Bogaard’. Uit de woonvisie blijkt dat de wens bestaat om op deze locatie woningbouw te realiseren. Het plan sluit aan bij de gemeentelijke woonvisie. 3.4.3 Gebiedsvisie In de Bogaard en omgeving Vanwege verschillende (her)ontwikkelingen in en rondom het winkelcentrum In de Bogaard ontstond er behoefte aan een gebiedsvisie, die mede richting kan geven aan toekomstige ontwikkelingen en initiatieven.
Op 28 februari 2017 hebben burgemeester en wethouders van Rijswijk daarom de Gebiedsvisie In de Bogaard en omgeving vastgesteld. Voor 2030 wordt hierin onder andere de volgende ambitie geformuleerd:
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 38
Een groot deel van het omliggende kantorenvastgoed is getransformeerd naar woningen voor overwegend een- en tweepersoonshuishoudens. Het gebied heeft een hoogstedelijke allure en de getransformeerde gebouwen vormen iconen in het groen. De gevarieerde groep huishoudens vormt een nieuwe economische drager en heeft de sociale en economische vitaliteit van het stadscentrum blijvend versterkt. De vijf centrale pijlers van de gebiedsvisie zijn als volgt. Stadscentrum In de Bogaard en omgeving: - vormt een knooppunt voor hoog stedelijk wonen; - wordt gekenmerkt door full service, is compleet en multifunctioneel; - ademt gezelligheid, gericht op ontmoeten en verblijven; - is groen en duurzaam; - is goed bereikbaar en goed toegankelijk. De drie thema’s (korte termijn) die moeten helpen om de bovengenoemde doelen te behalen zijn de herontwikkeling van Bogaardplein, aantrekkelijker parkeren in In de Bogaard en de transformatie van leegstaand vastgoed. Bij de gebiedsvisie hoort ook een uitvoeringsprogramma, waarin het volgende wordt gesteld over de herontwikkeling van het Bogaardplein en transformaties: In 2017 gaan we grootschaliger aan de slag met het Bogaardplein. Denk daarbij aan meer groen en zitplekken, eventueel een kunstwerk of een ander attractief, groot element als landmark en aantrekkelijke verlichting.
Dit alles om het grote open plein te veranderen naar een prettiger en meer parkachtig verblijfsgebied voor jong en oud. (…) In de uitvoering blijft er keuzeruimte voor nadere invulling samen en aangevuld door de betrokken gebruikers en eigenaren De transformaties dienen ruimtelijk en stedenbouwkundig goed ingepast te worden in het gebied, om bij te dragen aan de sociale en economische vitaliteit van het huidige winkelcentrum In de Bogaard. Transformatie van leegstaande panden naar verblijfsfuncties, waaronder wonen wordt gefaciliteerd; commerciële bedrijfsbestemming blijft mogelijk. Voor de kantoorstrip Beatrixlaan J.C. van Markenlaan wordt transformatie naar wonen gefaciliteerd, op basis van een helder woonconcept en toevoeging voor het woonklimaat die aansluit op de woonvisie. Bij transformatie van de bestemming ‘kantoor’ naar verblijfsfuncties moet wel worden voldaan aan alle sectorale wetgeving (geluid/lucht/externe veiligheid/ladder/parkeren e.d.). Tevens is de herontwikkeling van De Terp als specifiek project benoemd in het uitvoeringsprogramma.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 39
Toetsing Op basis van het voorgaande wordt geconstateerd dat de geplande herontwikkeling past in de Gebiedsvisie In de Bogaard en omgeving. Tevens blijkt uit het onderhavige bestemmingsplan dat invulling is gegeven aan de uitgangspunten voor wat betreft inpassing en goede ruimtelijke ordening. 3.4.4 Masterplan in de Bogaard In de Gebiedsvisie In de Bogaard en omgeving wordt een toekomstbeeld geschetst waarin het winkelcentrum In de Bogaard transformeert van een homogeen winkelcentrum naar een fullservice stedelijk centrum. Om de ambities uit de Gebiedsvisie verder uit te werken is gestart met een gezamenlijk proces met vastgoedeigenaren, ondernemers en bewoners dat resulteert in een Masterplan voor In de Bogaard en omgeving. Het Masterplan is op 17 december 2019 door de gemeenteraad vastgesteld. Het Masterplan biedt concrete kaders voor de transformatie op gebiedsniveau en richt zich op de lange-termijn ontwikkeling van In de Bogaard. Het plan gaat uit van een forse onttrekking van vierkante meters retail – met name aan de noordzijde van het gebied – en een aanzienlijke toevoeging van woningen en andere functies. Hiermee wordt een nieuwe balans gecreëerd in de winkeloppervlakte en ontstaat een aanzienlijk compacter en toekomstbestendiger winkelgebied.
Tevens wordt door het vergroenen, het toevoegen van andere functies en ten slotte het inzetten op nieuwe verblijfskwaliteit in de publieke en semi-publieke ruimte een nieuwe atmosfeer geschapen waardoor de inwoners van Rijswijk elkaar opnieuw willen ontmoeten en willen verblijven in In de Bogaard. Toetsing De toevoeging van een aanzienlijk aantal woningen in het gebied, zowel in het directe plangebied van In de Bogaard alsmede de inzet om ook bijvoorbeeld aan de Prinses Beatrixlaan nadrukkelijk in te zetten op transformatie naar woningen, zorgt er voor dat dit gebied de gewenste bijdrage kan leveren aan de verstedelijkingsopgave die de regio heeft toegezegd. Dit gebeurt door op diverse typen woningen in te zetten en door nadrukkelijk ook te verdichten op diverse plekken in het gebied, onder meer door hoogbouw mogelijk te maken. Mede op basis van paragraaf 2.3.1 is de conclusie dat de voorgenomen (her)ontwikkeling van De Terp past in het Masterplan. 3.4.5
Nota Parkeernormen Gemeente Rijswijk 2011, Parapluherziening parkeernormering Rijswijk en Gebiedsparkeernorm Masterplan In de Bogaard Het parkeerbeleid, de parkeernormen- en kengetallen alsmede het beleid tot toepassing hiervan zijn opgenomen in de ‘Nota Parkeernormen Gemeente Rijswijk’, vastgesteld op 8 februari 2011. Deze parkeernota is het uitgangspunt bij het bepalen van de benodigde parkeergelegenheid. Het parkeerbeleid is tevens vastgelegd in het bestemmingsplan ‘Parapluherziening parkeernormering Rijswijk’ (vastgesteld op 12 juni 2018). Deze normen zijn van toepassing op alle niet-woonfuncties. In het Masterplan In de Bogaard is een aparte gebiedsparkeernorm opgenomen voor nieuwe woningen. In paragraaf 4.2.2 is de voorgenomen ontwikkeling nader getoetst aan het geldende parkeerbeleid en de bijbehorende parkeernormen.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 40
3.4.6 Groenbeleidsplan 2010- 2020 Op 16 februari 2010 is het groenbeleidsplan vastgesteld. De groenstructuur van Rijswijk bestaat uit de boomstructuur, natuurstructuur en recreatiestructuur. De principes die hier sturend bij zijn, zijn duurzaamheid, verbinden en beleven. Deze structuren vormen samen de groene hoofdstructuur van Rijswijk. Deze hoofdgroenstructuur is kort samen te vatten als de twee grote groene groengebieden plus het bomenraster plus een groene dooradering van de stad. De twee grote groengebieden zijn de landgoederenzone in het noorden en de stadsparkzone in het zuiden van de stad en zijn door hun omvang ook onderdeel van de regionale structuur. De bomenlanen in rasterstructuur zijn kenmerkend voor Rijswijk en een deel van Rijswijks groene identiteit. De groene dooradering van de bebouwde kom van Rijswijk wordt gevormd door een netwerk van wijkparken en groene verbindingen in combinatie met de rasterstructuur van de bomenlanen. De dooradering zorgt voor wisselwerking tussen het groen en de woon- en werkomgeving en biedt de mogelijkheid om dichtbij huis of werk te kunnen recreëren. Verder worden de landgoederenzone en de stadsparkzone door deze dooradering met elkaar en met de stad verbonden. Het plangebied ligt in Deelgebied E – Artiestenbuurt. Zie ook figuur 3.1.
Figuur 3.1 Groenstructuur uit Groenbeleidsplan 2010-2020
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 41
Ten aanzien van het plangebied wordt in het plan het volgende opgemerkt: ‘’De sfeer in dit deelgebied wordt voornamelijk bepaald door de aanwezigheid van hoogbouw. De bomenrijen langs de Sir Winston Churchilllaan, Prinses Beatrixlaan en de Generaal Spoorlaan vallen onder de hoofd boomstructuur en zijn markante lanen. Er wordt gestreefd naar doorlopende bomenrijen van tenminste vier rijen bomen van één grootte.’’ Verder wordt gesteld dat er geen evenwichtige balans is tussen rood en groen. Bij herstructurering wordt een betere verdeling nageleefd, door bijvoorbeeld een combinatie te maken tussen hoogbouw en groene parkachtige ruimte. Realisatie van groene daken op gebouwen draagt ook bij aan een betere balans tussen rood en groen. Toetsing Onderdeel van het plan is een groenere inrichting van het plangebied, met name in de binnentuin en leefstraat. Daarmee ontstaat een betere verdeling tussen ‘rood’ en ‘groen’ c.q. een versterking van de groenstructuur in het plangebied. Er vinden geen ingrepen plaats in de (hoofd)groenstructuur langs de omliggende straten (Prinses Beatrixlaan of Generaal Spoorlaan). Het hier aanwezige groen wordt gehandhaafd. Op basis van het voorgaande kan geconcludeerd worden dat de ontwikkeling goed past in het groenbeleidsplan.
3.4.7 Hoogbouwvisie 2007 In de hoogbouwvisie worden de bestaande bebouwde situatie en de betekenis van hoogbouw voor Rijswijk geanalyseerd. Op basis van de ruimtelijke structuur, de woningvoorraad en herstructureringsopgaven worden kansrijke zones voor hoogbouw aangewezen. In de overige gebieden wordt hoogbouw in principe uitgesloten. De visie is géén blauwdruk, maar een indicatie voor hoogbouw-kansen in Rijswijk. Bij de vraag of hoogbouw op een bepaalde locatie wel of niet wenselijk is, spelen - naast ruimtelijke - ook functionele, sociale, culturele en economische vraagstukken en argumenten. In de visie wordt over de vraag waar hoogbouw wel en niet toelaatbaar is onder andere het volgende aangegeven: Er is voor gekozen om de gelaagde opbouw te accentueren en daarom hoogbouw te concentreren aan de belangrijke structuurdragende lijnen van de ‘centrale stad’ en op één concentratieplek (down-town). Daar bevinden zich de wederopbouwwijken waarin herstructureringsvraagstukken zich aandienen, vooral door het grote aantal portiekflats, en de belangrijke voorzieningen In de Bogaard en het station. De Terp is daarmee als onderdeel van In de Bogaard gelegen op de in de visie aangewezen concentratieplek voor hoogbouw. Deze plek c.q. locatie is op de visiekaart in figuur 3.2 oranje weergegeven.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 42
Figuur 3.2 Uitsnede van de kaart van de hoogbouwvisie. Toetsing In onderhavig geval is sprake van een aanzienlijke verhoging van de bestaande bouwhoogte, door de bouw van twee hoogbouwaccenten van circa 47 en 71 meter. Zoals aangegeven komt In de Bogaard volgens de hoogbouwvisie in aanmerking voor een concentratie van hoogbouw(accenten). Het plan past daarmee dus in de hoogbouwvisie. In het kader hiervan wordt in de voorliggende toelichting onder andere ook aandacht besteed aan specifieke hoogbouwaspecten zoals bezonning en windhinder. 3.4.8 Economische visie 2010-2018 ‘Vernieuwen en profileren’ De gemeenteraad van Rijswijk heeft op 14 december 2010 de Economische Visie 2010-2018 vastgesteld. De doelstelling van de Economische Visie is het formuleren van een stappenplan waarin wordt omschreven wat de gemeente Rijswijk moet ondernemen om haar sterke economische positie te behouden en te versterken. De Economische Visie dient als onderlegger en uitgangspunt voor diverse dossiers die affiniteit hebben met de Rijswijkse economie. Deze visie is het uitgangspunt voor het economisch beleid van de gemeente voor de periode van 2010 tot 2018.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 43
Rijswijk heeft in potentie een aantrekkelijk vestigingsmilieu en een uitstekende ligging. De laatste jaren heeft Rijswijk echter last van de wet van de remmende voorsprong. De werkgelegenheidsgroei blijft achter bij die van Haaglanden, zelfs in sectoren waar Rijswijk van oudsher sterk in is. Oorzaken hiervoor zijn vooral de veroudering van het vastgoed, de functiescheiding en het ontbreken van een duidelijk imago. Vernieuwing en een duidelijke profilering zijn daarom essentieel. Dit moet gestalte krijgen door middel van het inzetten op een viertal pijlers: de Plaspoelpolder, In de Bogaard, Oud-Rijswijk en het Internationaal vestigingsklimaat. Met deze vier pijlers kan Rijswijk zich regionaal profileren. De ambitie voor de pijler In de Bogaard is om: het winkelcentrum verder te ontwikkelen tot een volwaardig, levendig en onderscheidend centrum met een hoger winkelsegment. Het centrum kan concurrentie bieden aan andere (regionale) winkelcentra in de omgeving. Er dient gestreefd te worden naar verdere verdichting en een multifunctionele invulling. Vernieuwing van het gebied is ook van belang om weerstand te kunnen bieden aan de forse concurrentie in de regio.
Deze ambitie moet behaald worden door een aantal zaken: - verbetering van profilering; - toevoeging van andere functies; - beperkte uitbreiding niet-dagelijkse detailhandel; - vernieuwing; - optimaliseren bereikbaarheid; - economisch draagvlak. Toetsing De Terp is onderdeel van In de Bogaard. Het plan betreft de toevoeging van een andere functie (met name wonen) en een vernieuwing van vastgoed. Daarbij is ook sprake van verdichting en een versterking van de multifunctionaliteit. Het plan draagt daarmee nadrukkelijk bij aan de ambities uit de economische visie. 3.4.9 Structuurvisie Mobiliteit Rijswijk 2020 Hoewel Rijswijk goed bereikbaar is, neemt de druk op het wegennet toe doordat de vraag naar mobiliteit toeneemt. Daarbij stelt de reiziger steeds hogere eisen aan de kwaliteit van het openbaar vervoer en de informatievoorziening. Ook ruimtelijke ontwikkelingen, zoals Rijswijk Buiten en Eikelenburg, zorgen ervoor dat het verkeersnetwerk dient te worden aangepast en uitgebreid. Om alle ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit optimaal te benutten, heeft de gemeente de 'Structuurvisie Mobiliteit Rijswijk 2020' opgesteld. Aan de hand van 10 kernpunten wordt het mobiliteitsbeleid van de gemeente vormgegeven. De kernpunten zijn in te delen in drie thema's, te weten: Bereikbaarheid, Verkeersveiligheid en Leefbaarheid.
Elk thema is uitgewerkt in enerzijds de ambitie en anderzijds de opgaven voor de komende jaren om die ambitie te bereiken. De opgaven zijn vervolgens uitgesplitst in projecten, onderzoeken en andere werkzaamheden in het Uitvoeringsprogramma.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 44
Een relevante ontwikkeling vanuit de mobiliteitsvisie is de aanpassing van de Prinses Beatrixlaan. In de uitgangspunten van de structuurvisie Beatrixlaan is de ambitie is geformuleerd om de diversiteit aan voorzieningen in en rond In de Bogaard/Bogaardplein te vergroten. Het doel is om te zorgen dat de verkeersafwikkeling in 2020 geschikt is om al het verkeer op een goede wijze af te wikkelen en dat de inpassing van de Beatrixlaan past in de visie van de gemeente Rijswijk op de ontwikkeling van het gebied. In de eerste verkeerskundige onderzoeken is geconstateerd dat: - De Beatrixlaan een van de belangrijke inprikkers voor het stedelijk verkeer van Den Haag vormt. - De kruising Prinses Beatrixlaan/Churchilllaan gaat vastlopen in 2020 (mogelijk eerder). - De kruising Prinses Beatrixlaan/Generaal Spoorlaan de verkeersdruk net aan kan in 2020 mits geen extra programma wordt toegevoegd. - Derhalve een korte of een lange tunnel nodig zal zijn, waardoor tevens de langzaam verkeersverbindingen opgewaardeerd kunnen worden. Toetsing De Terp ligt naast de Prinses Beatrixlaan en krijgt daarom te maken met de bovengenoemde ontwikkeling. Als gevolg van het plan neemt de absolute verkeersgeneratie echter af en in de parkeerbehoefte wordt voorzien in de bestaande parkeergarages. Er worden verder ook geen verkeerskundige aanpassingen gedaan.
Op dit aspect wordt verder ingegaan in paragraaf 4.2 van deze toelichting. Het plan heeft dus in beginsel geen negatief effect op de mobiliteit in de omgeving. De ontwikkeling van De Terp past binnen de Structuurvisie Mobiliteit van Rijswijk.
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 45
4
Milieu- en omgevingsaspecten
4.1
Milieueffectrapportage
4.1.1 Kader De milieueffectrapportage (hierna: m.e.r.) is bedoeld om vooraf de mogelijke milieueffecten van plannen en besluiten in beeld te brengen en deze een volwaardige rol te laten spelen bij de besluitvorming over plannen en besluiten. Het maken van een milieueffectrapport (m.e.r.) of m.e.r.beoordeling is verplicht bij de voorbereiding van plannen en besluiten van de overheid over initiatieven en activiteiten van publieke en private partijen die (aanzienlijke) nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben. Dit betekent dat de plannen of activiteiten ook een bepaalde omvang moeten hebben om m.e.r.-(beoordelings)plichtig te zijn. Aan de hand van de in het Besluit milieueffectrapportage omschreven m.e.r.-plichtige activiteiten met de bijbehorende drempelwaarden, kan worden bepaald of een project m.e.r.-plichtig (C-lijst) dan wel m.e.r.-beoordelingsplichtig (D-lijst) is. De drempelwaarden in het Besluit m.e.r. zijn gebaseerd op algemene kenmerken van een activiteit en een globale aanname dat bij gevallen onder de drempelwaarde geen belangrijke nadelige milieugevolgen optreden. Dat hoeft echter niet altijd het geval te zijn: in bepaalde gevallen kan een activiteit met een kleinere omvang ook belangrijke nadelige milieugevolgen hebben.
Om te voorkomen dat er bij projecten met een kleinere omvang belangrijke milieugevolgen over het hoofd worden gezien is het voor alle projecten die voorkomen op de D-lijst en die onder de drempelwaarden liggen verplicht om vormvrije m.e.r.-beoordeling uit te voeren. In bijlage D van het Besluit m.e.r. is een groot aantal activiteiten genoemd waarvoor een m.e.r.beoordelingsplicht geldt. Eén van de genoemde activiteiten betreft ‘de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject, met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’ (activiteit D11.2). Deze activiteit is m.e.r.-beoordelingsplichtig in geval deze betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer of wanneer het gaat om een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer betreft. 4.1.2 Beoordeling De voorgenomen ontwikkeling is onderdeel van de in het Masterplan beschreven gebiedsontwikkeling In de Bogaard (zie met name de paragrafen 2.3.1 en 3.4.4). Voor de gebiedsontwikkeling In de Bogaard is een m.e.r.-beoordeling uitgevoerd. De resultaten van deze beoordeling zijn vastgelegd in de m.e.r.-beoordeling van 15 juli 2019 die als bijlage I onderdeel is van deze toelichting.
De conclusie van deze m.e.r.-beoordeling luidt dat de gebiedsontwikkeling In de Bogaard niet leidt tot nadelige milieugevolgen en dat daarom geen m.e.r.-procedure hoeft te worden doorlopen. In het kader van de onderhavige bestemmingsplanprocedure is beoordeeld of de ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, passen binnen de in het Masterplan beschreven gebiedsontwikkeling In de Bogaard. Die vraag is bevestigend beantwoord. Ook zijn de omstandigheden niet zodanig gewijzigd dat er aanleiding bestaat om een nieuwe m.e.r.-beoordeling voor de gebiedsontwikkeling In de Bogaard uit te voeren. Daarbij speelt
Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 46
uiteraard een belangrijke rol dat de uitgevoerde m.e.r.-beoordeling ten tijde van de besluitvorming van de raad over onderhavig bestemmingsplan nog niet ouder is dan twee jaar. De m.e.r.-beoordeling die ten behoeve het Masterplan In de Bogaard is opgesteld en de aanvullende m.e.r.-beoordeling die in het kader van het bestemmingsplan is uitgevoerd, vormen samen de aanmeldingsnotitie voor het onderhavige bestemmingsplan. Burgemeester en wethouders hebben op basis van deze aanmeldingsnotitie besloten dat voor het bestemmingplan geen m.e.r.-procedure doorlopen hoeft te worden. Deze conclusie is vastgelegd in het besluit over de aanmeldingsnotitie van 2 maart 2021, dat bij bijlage I van deze toelichting is gevoegd. 4.1.3 Conclusie Het aspect milieueffectrapportage vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.
4.2
Verkeer en parkeren
4.2.1 Verkeer De verkeerseffecten van de voorgenomen ontwikkeling zijn beoordeeld in een afzonderlijk parkeeren verkeeronderzoek. De belangrijkste conclusies ten aanzien van de verkeerseffecten zijn hierna weergeven. Het volledige parkeer- en verkeeronderzoek maakt als bijlage II onderdeel uit van deze toelichting. Aanvullend hierop wordt tot slot kort ingegaan op de verkeersgeneratie die op basis van de huidige planologische situatie mogelijk is, om de toekomstige verkeersgeneratie van enige context te voorzien. Toekomstige situatie Uit het parkeer- en verkeeronderzoek volgt voor het voorgenomen functieprogramma een verkeersgeneratie van circa 1.222 verkeersbewegingen per weekdag en 1.350 per werkdag. In het parkeer- en verkeeronderzoek is ook de situatie waarin gebruik is gemaakt van de afwijkingsbevoegdheid voor een supermarkt doorgerekend. Deze variant zorgt voor een worst case verkeersgeneratie van circa 1.396 verkeersbewegingen per weekdag en 1.541 per werkdag. Aan de hand van de voorgaande worst case verkeersgeneratie is in het parkeer- en verkeeronderzoek ook de afwikkeling van het verkeer van en naar het plangebied beoordeeld.
Daarbij is (onder andere) rekening gehouden met de twee ‘bronpunten’ voor verkeer vanuit P4 en 5, de spitstijden, de huidige verkeersintensiteiten op met name de Prinses Beatrixlaan en Generaal Spoorlaan en een kruispuntanalyse voor de volledige ontwikkeling van In de Bogaard. In het onderzoek is over de verkeersafwikkeling het volgende geconcludeerd: Vanwege de locaties van P4 en P5 zijn de in-/uitrit op de Generaal Spoorlaan en de Pr. Beatrixlaan twee belangrijke ontsluitingswegen voor De Terp. Uit de kwalitatieve analyse blijkt dat waarschijnlijk 39% van het verkeer afkomstig van De Terp wordt afgewikkeld op de Generaal Spoorlaan en 61% op de Pr. Beatrixlaan. Uit de etmaal- en avondspitsintensiteiten blijkt dat de omliggende wegvakken de toename van de intensiteiten als gevolg van de ontwikkeling van De Terp goed kan afwikkelen. Uit de uitgevoerde kruispuntanalyses voor de nabijgelegen kruispunten blijkt het planeffect van de volledige ontwikkeling In de Bogaard, inclusief die van De Terp, op de verkeersafwikkeling verkeerskundig beperkt. Uit de kruispuntanalyses blijkt dat als gevolg van de ontwikkeling van In de Bogaard geen nieuwe aandachtspunten ontstaan. Hiermee wordt de verkeersafwikkeling op de onderlinge kruispunten niet verstoord.
Op basis van het parkeer- en verkeeronderzoek zijn daarom als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling geen onaanvaardbare verkeerseffecten te verwachten. Voor de genoemde analyses Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 47
van de nabijgelegen kruispunten in het kader van de volledige ontwikkeling van In de Bogaard wordt verwezen naar de kruispuntanalyse, die als bijlage III onderdeel uitmaakt van deze toelichting. Huidige situatie De huidige functie van de te transformeren en te slopen bebouwing valt onder de categorie ‘binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum 50.000-100.000 inwoners’ (Rijswijk heeft circa 55.000 inwoners). De betreffende bebouwing heeft een bruto vloeroppervlakte van 27.273 m 2 (exclusief parkeergarages). Per 100 m 2 geldt op grond van de CROW-kencijfers een verkeersgeneratie van minimaal 21,3 verkeersbewegingen per etmaal (uitgaande van een locatie in het centrum van een zeer sterk stedelijk gebied). Dit betekent dat De Terp in de huidige situatie (minimaal) circa 5.800 verkeersbewegingen per weekdag kan genereren. In het parkeer- en verkeeronderzoek is de verkeersgeneratie als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling echter nadrukkelijk niet gesaldeerd met de huidige planologische situatie, omdat de winkelruimte in De Terp in werkelijkheid grotendeels leeg staat. 4.2.2 Parkeren De parkeereffecten van de voorgenomen ontwikkeling zijn beoordeeld in het eerdergenoemde parkeer- en verkeersonderzoek. De belangrijkste conclusies ten aanzien van de parkeereffecten zijn hierna voor auto- en fietsparkeren afzonderlijk weergeven.
Het volledige parkeer- en verkeeronderzoek maakt als bijlage II onderdeel uit van deze toelichting.
Figuur 4.1 Globale locatie parkeervoorzieningen auto’s (oranje stippellijn), fietsen (groene vlakken) en scootmobielen (rode vlakken). Autoparkeren Voor wat betreft de gehanteerde parkeernorm voor woonfuncties zijn allereerst de volgende uitgangspunten van belang: Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 48
-
-
-
Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd af te wijken van de Nota Parkeernormen (uit 2011) en past deze bevoegdheid voor de woonfuncties binnen de voorgenomen ontwikkeling toe. De in dit geval te hanteren, afwijkende parkeernorm voor woonfuncties in het gebied In de Bogaard zijn bij vaststelling van het Masterplan door de gemeenteraad vastgesteld. Deze ‘gebiedsparkeernorm voor woonfuncties’ maakt als bijlage XII onderdeel uit van deze toelichting; De onderbouwing/motivering van de aanvaardbaarheid van deze afwijking (nabijheid van openbaar vervoershaltes zoals NS station Rijswijk en de te verwachten beschikbaarheid van alternatieven voor de eigen auto zoals deelauto’s en deelfietsen) is in het Masterplan opgenomen.
In het parkeer- en verkeeronderzoek is op basis van het voorgenomen functieprogramma, de genoemde uitgangspunten en de geldende parkeernormen het volgende geconcludeerd: Uit de parkeervraagberekeningen blijkt dat de parkeervraag van De Terp […] kan worden opgevangen in P4 en P5. Voor variant 1 (het voorgenomen functieprogramma) geldt dat de parkeergarages beschikken over 21 vrije parkeerplaatsen op de zaterdag- en zondagmiddag, wanneer rekening wordt gehouden met de parkeervraag van De Terp. In het onderzoek is nadrukkelijk rekening gehouden met de huidige bezettingsgraad van P4 en 5, aangezien beide parkeergarages in de huidige situatie al in gebruik zijn voor de nu (nog) aanwezige functies in en rondom het plangebied. Ook is rekening gehouden met de mogelijkheden voor dubbelgebruik, aangezien de maximale parkeervraag voor wonen en commerciële voorzieningen op verschillende momenten aan de orde is. Tot slot is in het onderzoek ook het mogelijke effect van de toepassing van deelauto’s beoordeeld, al is de plaatsing hiervan niet voorzien. In potentie kan hiermee de parkeervraag van de woningen met grofweg 25 tot 50 plaatsen verminderd worden. Voor het voorgenomen functieprogramma wordt echter ook zonder deelauto’s al voldaan aan de geldende parkeernormen en de eis om op eigen terrein te parkeren (aangezien P4 en 5 onderdeel zijn van het plan).
Fietsparkeren (en scootmobielen) In het parkeer- en verkeeronderzoek is op basis van het voorgenomen functieprogramma en de door de gemeente geadviseerde richtlijnen geconcludeerd dat de fietsparkeervraag voor toekomstige bewoners worst case circa 917 plaatsen bedraagt. In het huidige bouwplan zijn in totaal 995 inpandige parkeerplaatsen voor fietsen voorzien, waarmee ruimschoots aan de parkeervraag voldaan kan worden. Daarbij is in het onderzoek nog het volgende geadviseerd: Bij de inrichting van de fietsenstalling wordt aangeraden rekening te houden met verschillende formaat fietsen. Daarnaast is het aan te raden een deel van de fietsen dubbellaags te parkeren, omdat de ruimte op deze wijze efficiënter wordt gebruikt. Voor het fietsparkeren ten behoeve van bezoekers (van woningen en commerciële voorzieningen) is het uitgangspunt dat hierin in de openbare ruimte of een openbare fietsenstalling kan worden voorzien. Tot slot volgt uit het parkeer- en verkeeronderzoek dat worst case 72,4 m2 parkeerruimte voor scootmobielen nodig is. In het huidige bouwplan is in totaal circa 75 m2 inpandige parkeerruimte voor scootmobielen voorzien, waarmee aan deze specifieke parkeervraag voldaan kan worden. 4.2.3 Conclusie De aspecten verkeer en parkeren vormen geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling. Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 49