CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel Vaststelling belastingverordeningen en -tarieven 2022.pdf

Gemeenteraad RK 16 december 2021, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 6: Vaststelling belastingverordeningen en -tarieven 20223.695 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Onderwerp: Vaststelling belastingverordeningen en -tarieven 2022

College van burgemeester en wethouders 9 november 2021

Zaaknummer 388489

Portefeuillehouder C.A. Oosterwijk

Commissie Samen wonen 2 december 2021

Openbaar

E-mailadres opsteller: k.djodikromo@bar-organisatie.nl

Gemeenteraad 16 december 2021

Geadviseerd besluit 1. Vast te stellen de volgende verordeningen en tarieventabellen:  Verordening Onroerende zaakbelastingen 2022;  Verordening en tarieventabel Afvalstoffenheffing 2022;  Verordening Rioolheffing 2022;  Verordening en tarieventabel Leges 2022;  Verordening en tarieventabel Marktgelden 2022;  Verordening en tarieventabel Parkeerbelasting 2022;  Verordening en tarieventabel Haven- en kadegeld 2022;  Verordening en tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2022;  Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen Ridderkerk 2022.

2. In te trekken de volgende verordeningen en tarieventabellen:  Verordening Onroerende zaakbelastingen 2021;  Verordening en tarieventabel Afvalstoffenheffing 2021;  Verordening en tarieventabel Rioolheffing 2021;  Verordening en tarieventabel Leges 2021;  Verordening en tarieventabel Marktgelden 2021;  Verordening en tarieventabel Parkeerbelasting 2021;  Verordening en tarieventabel Haven- en kadegeld 2021;  Verordening en tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2021;  Verordening Kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2018;  Verordening en tarieventabel Precariobelasting 2021.

3. De begroting 2022 te wijzigen via de 1e tussenrapportage 2022 door:  De meerjarige raming van de opbrengst reclamebelasting af te ramen met € 114.700 naar nihil en dit te verwerken in de 1e tussenrapportage 2022;

1/12

 De meerjarige raming van de opbrengst onroerende zaakbelasting niet-woningen te verhogen met € 114.700 en dit te verwerken in de 1e tussenrapportage 2022;  De financiële gevolgen van de nieuwe onderverdeling van de opbrengsten rioolheffing te verwerken in de 1e tussenrapportage 2022.

4. De motie 2021 – 117 van 16 september 2021 inzake aanpassen tarifering rioolheffing 2022 is afgedaan.

2/12

Raadsvoorstel Inleiding De belastingtarieven en -verordeningen worden jaarlijks door uw gemeenteraad vastgesteld. De tarieven zoals we deze nu aan u voorstellen zijn gebaseerd op de in de begroting 2022 geraamde opbrengsten. Beoogd effect De belastingtarieven en -verordeningen voor het belastingjaar 2022 vast te stellen, opdat de leges en belastingen per 1 januari 2022 formeel geheven kunnen worden. Relatie met beleidskaders n.v.t. Argumenten 1.1. De belastingverordeningen worden aangepast op grond van actuele wet- en regelgeving. De VNG-modelverordeningen gemeentelijke belastingen zijn als basis gebruikt om de teksten van de belastingverordeningen te actualiseren. 1.2. De voorgestelde belastingtarieven zijn gebaseerd op en in overeenstemming met de opbrengstramingen uit de programmabegroting 2022. De voorgestelde tarieven zijn in overeenstemming met de in de begroting 2022 opgenomen ramingen van opbrengsten uit gemeentelijke belastingen en heffingen en de inzet van middelen uit de voorzieningen. 2.1. Met de vaststelling van de nieuwe belastingverordeningen en tarieventabellen komen de oude verordeningen en tarieventabellen te vervallen. Bij het vaststellen van de belastingverordeningen en -tarieven voor het jaar 2022 worden de verordeningen en tarieventabellen van voorgaande jaren ingetrokken. Oud maakt plaats voor nieuw. 3.1.

Budgettaire gevolgen van het niet meer invoeren van de reclamebelasting en de wijziging van de heffingsmethodiek rioolheffing niet-woningen zullen in de 1e tussenrapportage 2022 verwerkt worden. In de programmabegroting is een structurele opbrengst uit reclamebelasting geraamd van € 114.700. We stellen thans voor om af te zien van de invoering van reclamebelasting en ter dekking hiervan de opbrengst uit OZB niet-woningen met dit bedrag in de begroting te verhogen. Zie hierna onder “Afschaffing precariobelasting en invoering reclamebelasting per 2022”. De invoering van een nieuwe heffingsmethodiek van de rioolheffing niet-woningen, waarbij de opbrengst rioolheffing uit niet-woningen toeneemt en de opbrengst rioolheffing uit woningen afneemt vereist een administratieve wijziging in de begroting. De totaal geraamde opbrengst rioolheffing blijft ongewijzigd. 4.1 De motie 2021 – 117 van 16 september 2021 inzake aanpassen tarifering rioolheffing 2022 is afgedaan. Met het voorleggen van de verordening Rioolheffing, waarin de nieuwe systematiek met de WOZ waarde als heffingsmaatstaf voor niet-woningen is uitgewerkt, is de motie afgedaan. Het tarievenbeleid 2022 Algemeen uitgangspunt bij de begroting is een verhoging van de belastingtarieven met inflatiecorrectie van 1,4%. Als we in dit voorstel hiervan afwijken, geven we daarop een toelichting bij de betreffende belastingsoort.

Per belastingsoort geven we u hierna een overzicht van en toelichting op de voorgestelde tarieven voor 2022. Ten aanzien van de tarieven van de gebonden heffingen zoals de afvalstoffenheffing, rioolheffing, lijkbezorgingsrechten, marktgelden en leges geldt dat deze tarieven maximaal kostendekkend zijn.  Onroerende zaakbelastingen

3/12

Uitgaande van de bij de begroting geraamde OZB-opbrengst en de voorgestelde begrotingswijziging waarbij de opbrengst OZB niet-woningen wordt verhoogd met € 114.700 komt de totale OZBopbrengst uit op € 12.536.400 (€ 12.421.700 + € 114.700). Bij de berekening van de tarieven is in de begroting uitgegaan van een waardestijging van de woningen met 11% en van de niet-woningen met 2,5%. Deze inschatting is ten aanzien van de nietwoningen volgens de laatste gegevens van oktober naar beneden bijgesteld naar 1,4%. Op basis van de geraamde opbrengst van € 12.536.400 en de recente inschatting van de waardestijging, zien de tarieven voor 2022 er als volgt uit. OZB-tarieven

2021

2022

Eigenaren woningen

0,1092% 0,0985%

Eigenaren nietwoningen

0,4586% 0,4663%

In afwijking van het bij de begroting berekende OZB-tarief niet-woningen (0,4534%) wordt thans ter vaststelling uitgegaan van de meest actuele waardestijging van de niet-woningen van 1,4%. Tarief niet-woningen Begroting uitgaande van 2,5% waardestijging Uitgaande recente hertaxatie-uitkomst 1,4% waardestijging Inclusief verhoging opbrengst i.v.m. afzien invoering reclamebelasting

0,4534% 0,4581% 0,4663%

 Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing dient ter dekking van de kosten van het inzamelen en verwerken van het huishoudelijk afval. In de paragraaf lokale heffingen van de programmabegroting 2022 is een kostenonderbouwing van de tarieven voor de afvalstoffenheffing opgenomen. Met ingang van 2022 geldt naast een vast tarief ook een variabel tarief. Uitgangspunt bij de invoering van het variabel tarief is dat dit tarief de variabele kosten dekt. Onder de variabele kosten wordt verstaan: verwerkings-, handelings- en afvaltransportkosten van de fractie Rest/PMD. Variabele tarieven De berekende en voorgestelde variabele tarieven voor het aanbieden van afval (klepbewegingen/aanbiedingen kliko’s) zoals vermeld in de paragraaf lokale heffingen van de programmabegroting 2022 bedragen als volgt: € 0,75 per zak en € 3,00 per minicontainer. Aanslagen voor variabele tarieven worden pas opgelegd nadat de gegevens over de werkelijke ledigingen (klepbewegingen) en het aantal aanbiedingen eind december van het lopende belastingjaar beschikbaar zijn. Onvermijdbaar medisch afval Inwoners die als gevolg van een chronische ziekte of handicap van hem of haar zelf of van personen die behoren tot zijn/haar huishouden extra afvalstoffen van substantiële omvang aanbieden, kunnen op aanvraag, aanspraak maken op vermindering van de heffing op het aantal aanbiedingen. 1.

Met betrekking tot ontgrendeling van een ondergrondse inzamelcontainer is de vermindering van toepassing:  vanaf 105 tot en met 208 klepbewegingen.

4/12

2. Met betrekking tot lediging van een minicontainer is de vermindering van toepassing:  vanaf 27 tot en met 52 ledigingen. Kwijtschelding voor het vast tarief afvalstoffenheffing Er is voorgesteld om het vaste tarief afvalstoffenheffing volledig voor kwijtschelding in aanmerking te laten komen. Hiermee vervalt de eigen bijdrage bij kwijtschelding van € 93,12. In de begroting is reeds rekening gehouden met een extra stijging van de kosten voor kwijtschelding. Het variabele deel van het tarief komt niet voor kwijtschelding in aanmerking. Hiermee worden alle huishoudens zoals opgenomen in het afvalbeleidsplan gestimuleerd Rest/PMD te scheiden. Het variabele tarief is bij normaal scheidingsgedrag veel lager, waardoor de minima er per saldo op vooruit gaan. Tarieven afvalstoffenheffing De tarieven die thans ter vaststelling worden aangeboden zijn reeds vermeld en beschreven in de paragraaf lokale heffingen van de begroting 2022. De ter vaststelling voorgestelde tarieven voor 2022 zien er als volgt uit. Tarieven afvalstoffenheffing

2021

Eenpersoonshuishouden

€ 234,36

Meerpersoonshuishouden

€ 325,44

2022

Vast tarief eenpersoonshuishouden

€ 223,56

Vast tarief meerpersoonshuishouden

€ 310,56

Variabel tarief per ontgrendeling van een ondergrondse inzamelcontainer

€ 0,75

Variabel tarief per lediging van een minicontainer

€ 3,00

Overige tarieven Op aanvraag inzamelen van grove huishoudelijke afvalstoffen per aanvraag (max. 3m3 per keer)

€ 20,00

€ 20,00

Op aanvraag inzamelen van grove tuinafvalstoffen per aanvraag (max. 3m3 per keer)

€ 20,00

€ 20,00

Restitutie indien kwijtschelding is verleend, voor het inzamelen van grof huishoudelijk of grof tuinafval maximaal € 40,-- (2 keer € 20) Eenmalige kwijtschelding voor het inzamelen van grof huishoudelijk afval na overlijden

 Rioolheffing De rioolheffing heeft als doel de kosten te dekken die verband houden met maatregelen die de gemeente noodzakelijk acht voor een doelmatig werkende riolering en overige maatregelen ten aanzien van grond- en hemelwater. Motie aanpassing tarifering rioolheffing: nieuwe heffingssystematiek rioolheffing niet-woningen Als uitvloeisel van de motie van 5 november 2020 (motie nr. 2020-72) “aanpassing tarifering rioolheffing” en ter uitvoering van de motie van 16 september 2021 (motie nr. 2021-117) wordt met

5/12

ingang van 2022 een nieuwe heffingssystematiek voor de rioolheffing niet-woningen voorgesteld. In de begroting is uitgegaan van een heffing van € 92,76 voor woningeigenaren en gebruikers. Met de uitvoering van de motie daalt het tarief naar € 80,00 voor zowel de eigenaren als de gebruikers van woningen. De nieuwe heffingssystematiek behelst een heffing van de rioolheffing van de nietwoningen op basis van de WOZ-waarde met een minimumtarief van € 80 per jaar en een maximumtarief van € 5.000, voor zowel eigenaren als gebruikers. Het tarief voor groot waterverbruik komt hiermee te vervallen. Tijdens de commissiebijeenkomst van 26 oktober jl. is de nieuwe heffingssystematiek nader technisch toegelicht en zijn enkele rekenvoorbeelden gedeeld. Concreet is toegezegd om aan de hand van een overzicht de financiële gevolgen van de nieuwe heffingssystematiek voor enkele objectsoorten (zoals verzorgings- en verpleeghuizen, scholen, kerken) nader in beeld te brengen. Het overzicht treft u aan in de bijlage. Vrijstellingen Ten aanzien van de percelen die in eigendom en gebruik zijn bij de gemeente (incl. in gebruik bij Sportservice Ridderkerk, waar de gemeente 100% eigenaar van is) wordt voorgesteld om deze vrij te stellen van rioolheffing. Een vrijstelling voor publieke voorzieningen van de gemeente is te rechtvaardigen gelet op efficiency en kostenbesparing.

In feite is er immers niemand bij gebaat dat de gemeente aan zichzelf aanslagen oplegt en op die wijze geldt rondpompt. Dit is in lijn met de jurisprudentie van de Hoge Raad. Om doelmatigheidsoverwegingen wordt tevens voorgesteld om kleine percelen tot een waarde van € 25.000 vrij te stellen, indien deze geen directe aansluiting hebben voor de afvoer van afvalwater. Percelen tot de gekozen waarde van € 25.000 zijn van een dermate geringe omvang, dat niet eenvoudig kan worden vastgesteld dat het daarop vallende hemelwater indirect via de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. Het opnemen van een vrijstelling voorkomt dus dat een inventarisatie met onevenredig hoge kosten plaats hoeft te vinden. Door de vrijstelling hoeft immers niet meer onderzocht te worden of deze kleine percelen al dan niet indirect zijn aangesloten op de riolering, waardoor voor deze vrijstelling een objectieve en redelijke rechtvaardiging (doelmatigheid) aanwezig is. Vrijstelling voor overig maatschappelijk vastgoed is in strijd met het gelijkheidsbeginsel Waar het gaat om vrijstellingen voor maatschappelijk vastgoed zoals scholen, wijk- en buurthuizen en particuliere sporthallen, ontbreekt een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor het maken van onderscheid. De percelen van dit zogenaamde maatschappelijk vastgoed zijn vergelijkbaar met de andere percelen. Uit art.

228a Gemeentewet noch uit een andere wet in formele zin kan een rechtens relevant onderscheid worden afgeleid. Ze voeren immers afval- en hemelwater af via de gemeentelijke riolering. Een vrijstelling opnemen voor maatschappelijk vastgoed leidt tot schending van het gelijkheidsbeginsel. Daarom wordt geadviseerd om deze percelen niet vrij te stellen. Ten aanzien van kerken geldt een WOZ vrijstelling, waardoor deze panden geen WOZ waarde hebben. Op dit moment worden kerken aangeslagen voor de rioolheffing met het standaardtarief (2021: € 89,16). Volgens de nieuwe heffingssystematiek vallen kerken onder het minimumtarief (€ 80). Tarieven rioolheffing Gelet op het voorgaande zien de voorgestelde tarieven voor 2022 er als volgt uit. Rioolheffing Eigenaar/gebruiker woningen

2021

2022

€ 89,16

€ 80,00

Eigenaar/gebruiker niet-woningen een percentage van de WOZwaarde met een minimumtarief van € 80 en een maximumtarief van € 5.000

0,05174%

6/12

Groot waterverbruik:

vervallen

501m 3 - 1.000 m 3 / per 100 m3

€ 95,16

vervallen

1.001 m3 - 3.000 m3 / per 100 m3

€ 85,80

vervallen

3.001 m3 - 6.000 m3 / per 100 m3

€ 76,20

vervallen

6.001 m3 - 10.000 m3 / per 100 m3

€ 66,84

vervallen

boven 10.000 m3 / per 100 m3

€ 52,08

vervallen

 Parkeerbelastingen en parkeervergunningen Parkeerbelastingen worden geheven voor het verlenen van parkeervergunningen en voor het buiten parkeren van voertuigen waaronder mede begrepen de parkeerboetes. Ten aanzien van het betaald parkeren in het centrum van Ridderkerk is er geen wijziging in het huidige parkeerregime. Voor 2022 blijft het tarief voor buiten parkeren en de kosten voor een parkeervergunning ongewijzigd. Het tarief voor de kosten van een naheffingsaanslag (zgn. parkeerboete) wordt conform de wettelijke regeling “Besluit gemeentelijke parkeerbelasting”, gepubliceerd in de Staatscourant van 13 september 2021, voor het jaar 2022 verhoogd van € 65,30 naar € 66,50.  Afschaffing precariobelasting en invoering reclamebelasting per 2022 Met ingang van 2022 is voorgesteld om geen precariobelasting meer te gaan heffen en in de plaats daarvan reclamebelasting in te voeren. De verordening precariobelasting 2021 wordt ingetrokken en wordt derhalve niet vervangen. Het Ondernemersplatform Ridderkerk heeft het college geadviseerd om niet over te gaan tot de invoering van reclamebelasting en om in plaats daarvan de in de begroting geraamde opbrengst uit reclamebelasting van € 114.700 te dekken door de opbrengst uit de OZB nietwoningen met dit bedrag te verhogen.

Het college heeft ingestemd met dit advies en stelt uw raad voor om de reclamebelasting niet meer in te voeren en de derving van de geraamde opbrengsten uit reclamebelasting te dekken door een verhoging van de geraamde OZB-opbrengst niet-woningen.  Leges en overige heffingen Ten aanzien van de tarieven van leges geldt dat deze maximaal kostendekkend zijn. Daar waar wettelijke tarieven van toepassing zijn worden deze wettelijke tarieven gehanteerd. Indien kan worden volstaan met een verhoging van de tarieven met de inflatiecorrectie van 1,4% is dit gehanteerd. • Afronding op 10 eurocent Bij de afronding van de legesbedragen wordt de landelijke richtlijn gevolgd door af te ronden op 10 eurocent naar boven. • Legestarief per kwartier In het verleden was er geen onderbouwing voor het legestarief per kwartier. Gevolg hiervan was dat er voor verschillende producten en diensten waarvoor een tarief per kwartier dienstverlening geldt uiteenlopende tarieven werden gehanteerd. Vanaf 2022 wordt voorgesteld om dit tarief te berekenen op basis van het uurtarief dat voor de BAR-organisatie van toepassing is. Voor het begrotingsjaar 2022 geldt hiervoor een uurtarief van € 64,--. Dit brengt evenwel met zich mee dat sommige tarieven ten opzichte van vorig jaar stijgen (artikelen 1.4.3 en 1.4.4 van € 10,45 naar € 16,--) en sommige tarieven dalen (artikelen 1.1.4, 1.6.2, 1.6.4.1 en 1.8.2.

van respectievelijk € 21,50, € 27,50, € 27,50, € 18,10 naar € 16,--). Met dit voorstel wordt een eenduidige tariefberekening en onderbouwing gegeven voor de tarieven waarvoor een dienstverlening per kwartier geldt.  Leges burger- / publiekszaken:

7/12

Landelijk tarief voor rijbewijzen Ten aanzien van het tarief voor een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs zal het landelijk vastgesteld tarief worden toegepast en in de tarieventabel daar naar worden verwezen (artikel 1.3.1. Tarieventabel leges). Tarieven voor urgentieverklaringen in het kader van huisvestingswet ongewijzigd voor 2022 Voor urgentieverklaringen wordt verwezen naar de bepalingen van de Verordening Woonruimtebemiddeling Rotterdam 2020. Deze regels gelden namelijk ook voor de gemeente Ridderkerk. Voor 2022 zijn er geen wijzigingen en blijven de tarieven van 2021 gehandhaafd.  Leges omgevingsvergunning De inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet is verschoven naar 1 juli 2022. De tarieventabel zal met de inwerkingtreding van deze nieuwe wet later in 2022 worden gewijzigd. In 2022 zal uw raad worden verzocht een wijzigingsverordening van de tarieventabel leges omgevingsvergunning vast te stellen. Voor 2022 zijn de tarieven geïndexeerd met de inflatiecorrectie van 1,4%. Legesplafond bouwactiviteiten: verhoging naar het regionaal gemiddelde van € 200.000 naar € 450.000 Onderzoek heeft uitgewezen dat het legesplafond (het maximum te heffen bedrag aan leges) in onze regio flink hoger ligt dan het huidige plafond in Ridderkerk. Voor 2022 is voorgesteld om dit plafondbedrag naar het regionaal gemiddelde van € 450.000 te verhogen.

Dit draagt bij aan het realiseren van een betere kostendekking zonder dat de tarieven voor deze activiteit verhoogd hoeven worden. Leges welstandtoets: nieuwe tarieven Welstandcommissie Dorp, Stad en Land Voor 2022 gelden nieuwe legestarieven voor een welstandstoets. De tarieven van de Welstandcommissie Dorp, Stad en Land zijn overgenomen.  Leges APV-vergunningen Leges Leegstandwet: de hoogte van het tarief voor vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande ruimte op hetzelfde niveau voor de gemeenten binnen de BAR samenwerking Het tarief is voor alle drie de gemeenten binnen de BAR-samenwerking op gelijk niveau met toepassing van inflatiecorrectie, aangezien in de praktijk meestal sprake is van één aanvrager voor de drie gemeenten. Leges Leegstandwet: één tarief voor één aanvraag tijdelijk verhuur van woonruimten in hetzelfde gebouw De VNG-modelverordening voorziet in een bepaling waarbij voor het aanvragen van een vergunning voor tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimten in hetzelfde gebouw bedoeld voor sloop of renovatie slechts éénmaal leges wordt geheven. In de praktijk blijkt dat aan zo’n bepaling behoefte bestaat. Om deze reden is deze bepaling van het VNG-model overgenomen in de tarieventabel leges 2022 (zie artikel 1.9.2.3).

 Marktgelden: tarief per ingenomen oppervlakte standplaats Per 2022 wordt voorgesteld om het tarief per ingenomen vierkante meter in rekening te brengen. Bij de huidige tariefsystematiek wordt bij de berekening van het verschuldigde bedrag aan marktgelden uitgegaan van een inname van een standplaats met een oppervlakte van 8 m2 of minder en vermeerderd met extra marktgeld per extra m2. Deze wijze van tariefberekening blijkt in de praktijk minder geschikt te zijn, omdat hierin niet is meegenomen hoeveel vierkante meter een ondernemer daadwerkelijk gebruikt. Hierdoor ontstaat scheefgroei in de facturering omdat er nu geen onderscheid wordt gemaakt tussen een ondernemer die meer vierkante meters gebruikt dan zijn of haar collegae. Met de nieuwe tariefsystematiek betaalt men naar wat er daadwerkelijk aan vierkante meters wordt

8/12

ingenomen. Hierdoor ontstaat rechtsgelijkheid. De tarieven stijgen met inflatiecorrectie van 1,4% en zijn maximaal kostendekkend.  Haven- en Kadegelden: geen indexatie van de tarieven Onderzoek naar de tarieven van andere havens in de omgeving heeft uitgewezen dat de tarieven van Ridderkerk in vergelijking met de tarieven van de havens in de regio hoger zijn. We stellen daarom voor om de tarieven voor 2022 niet te verhogen en op hetzelfde niveau te houden als van 2021.  Lijkbezorgingsrechten Lijkbezorgingsrechten worden door de gemeente in rekening gebracht voor het gebruik van de begraafplaatsen Vredehof en Rusthof en voor het verlenen van diensten door en/of het gebruik van de faciliteiten van deze begraafplaatsen. Voor het begrotingsjaar 2022 wordt het volgende voorgesteld:  Conform de belastingnota 2020 is een prijsstijging van 3% jaarlijks (gedurende 4 jaar) boven de inflatiecorrectie van 1,4% voor 2022 toegepast.  Het tarief voor het, op verzoek van een rechthebbende, ruimen c.q. schudden van een graf (artikel 8.6 tarieventabel) is met meer dan de indexatie verhoogd van € 735,00 naar € 960,00. Het ruimen c.q. schudden is arbeidsintensiever dan het opgraven van een stoffelijk overschot zoals omschreven in 8.1. Het tarief is met 25% verhoogd buiten de genoemde tariefstijging.

 De omschrijvingen dubbele grafkelder zijn aangevuld met dubbel graf (zie artikelen 1.2.3, 1.2.6, 5.1.4, 6.1.4, 7.1.3 en 7.1.6). De tarieven gelden voor beide grafsoorten. Overleg gevoerd met Ten aanzien van de nieuwe systematiek rioolheffing (niet-woningen) is extern advies ingewonnen. Kanttekeningen n.v.t. Uitvoering/vervolgstappen De verordeningen zullen bekend worden gemaakt en gepubliceerd op de website www.officiëlebekendmakingen.nl en in “De Blauwkai”. Ze zijn tevens online te raadplegen via de website van de gemeente Ridderkerk. Evaluatie/monitoring n.v.t. Financiën De berekening van de tarieven is gebaseerd op de geraamde opbrengsten uit de begroting 2022, zoals weergegeven in de paragraaf Lokale Heffingen. Juridische zaken De belastingverordeningen treden pas in werking na publicatie van de door uw raad vastgestelde belastingverordeningen. Duurzaamheid n.v.t. Communicatie/participatie na besluitvorming n.v.t.

Burgemeester en wethouders van Ridderkerk,

9/12

de secretaris,

de burgemeester,

dhr. H.W.J. Klaucke

mw. A. Attema

Bijlagen 1. Verordening Onroerende zaakbelastingen 2022.docx 2. Verordening en tarieventabel Afvalstoffenheffing 2022 3. Verordening Rioolheffing 2022 4. Verordening en tarieventabel Leges 2022 5. Verordening en tarieventabel Marktgelden 2022 6. Verordening en tarieventabel Parkeerbelasting 2022 7. Verordening en tarieventabel Haven- en kadegeld 2022 8. Verordening en tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2022 9. Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2022 10. Overzicht belangrijkste tarieven 2022 11. Was-wordt lijst leges 2021-2022 12. Was-wordt lijst Lijkbezorgingsrechten 2021-2022 13. Bijlage uitwerking rioolheffing NW 14. motie 117-2021 P18P aanpassen tarifering rioolheffing in 2022 aangenomen.pdf

10/12

CONCEPT RAADSBESLUIT Onderwerp: Vaststelling belastingverordeningen en tarieven 2022

Gemeenteraad: 16 december 2021

Zaaknummer: 388489

Commissie samen wonen 2 december 2021

De raad van de gemeente Ridderkerk, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 9 november 2021,

BESLUIT: 1. Vast te stellen de volgende verordeningen en tarieventabellen:  Verordening Onroerende zaakbelastingen 2022;  Verordening en tarieventabel Afvalstoffenheffing 2022;  Verordening Rioolheffing 2022;  Verordening en tarieventabel Leges 2022;  Verordening en tarieventabel Marktgelden 2022;  Verordening en tarieventabel Parkeerbelasting 2022;  Verordening en tarieventabel Haven- en kadegeld 2022;  Verordening en tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2022;  Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen Ridderkerk 2022.

2. In te trekken de volgende verordeningen en tarieventabellen:  Verordening Onroerende zaakbelastingen 2021;  Verordening en tarieventabel Afvalstoffenheffing 2021;  Verordening en tarieventabel Rioolheffing 2021;  Verordening en tarieventabel Leges 2021;  Verordening en tarieventabel Marktgelden 2021;  Verordening en tarieventabel Parkeerbelasting 2021;  Verordening en tarieventabel Haven- en kadegeld 2021;  Verordening en tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2021;  Verordening Kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2018;  Verordening en tarieventabel Precariobelasting 2021.

3. De begroting 2022 te wijzigen via de 1e tussenrapportage 2022 door:  De meerjarige raming van de opbrengst reclamebelasting af te ramen met € 114.700 naar nihil en dit te verwerken in de 1e tussenrapportage 2022;  De meerjarige raming van de opbrengst onroerende zaakbelasting niet-woningen te verhogen met € 114.700 en dit te verwerken in de 1e tussenrapportage 2022;

11/12

 De financiële gevolgen van de nieuwe onderverdeling van de opbrengsten rioolheffing te verwerken in de 1e tussenrapportage 2022.

4. De motie 2021 – 117 van 16 september 2021 inzake aanpassen tarifering rioolheffing 2022 is afgedaan.

12/12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/778/documents/30614