Voorstel RK Vaststelling belastingverordeningen en -tarieven 2026.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Vaststelling belastingverordeningen en -tarieven 2026
College van burgemeester en wethouders 28 oktober 2025
Zaaknummer 2025-062524
Portefeuillehouder C.A. van der Duijn Schouten
Commissie Samen wonen 27 november 2025
Openbaar
Opsteller: Kamidie Djodikromo
Gemeenteraad 11 december 2025
Geadviseerd besluit 1. De volgende verordeningen en tarieventabellen vast te stellen: • Verordening Onroerende zaakbelastingen 2026; • Verordening en tarieventabel Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2026; • Verordening en tarieventabel Rioolheffing 2026; • Verordening en tarieventabel Parkeerbelasting 2026; • Verordening en tarieventabel Leges 2026; • Verordening Markt- en standplaatsgelden 2026; • Verordening Haven- en kadegeld 2026; • Verordening en tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2026; • Verordening Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Ridderkerk 2026.
Raadsvoorstel Inleiding Belastingtarieven en -verordeningen worden jaarlijks door de gemeenteraad vastgesteld. De verordeningen en tarieven zoals we deze nu aan u voorstellen zijn gebaseerd op de in de begroting 2026 geraamde opbrengsten. Beoogd effect Met het vaststellen van de belastingverordeningen 2026 ontstaat de wettelijke grondslag voor het realiseren van de in de begroting 2026 opgenomen opbrengsten uit gemeentelijke belastingen. Hierdoor kunnen leges en belastingen vanaf 1 januari 2026 rechtmatig worden geheven. Relatie met beleidskaders • Kaderbrief Begroting 2026. • Programmabegroting 2026. • Belastingnota 2020. Argumenten 1.1 Actualisatie op basis van wet- en regelgeving De belastingverordeningen zijn aangepast aan de meest recente wet- en regelgeving. Hiervoor is gebruikgemaakt van de VNG-modelverordeningen gemeentelijke belastingen. 1.2 Tarieven afgestemd op de programmabegroting 2026 De voorgestelde belastingtarieven sluiten aan bij de geraamde opbrengsten in de programmabegroting 2026. 1.3 Oude verordeningen vervallen bij vaststelling nieuwe Met de vaststelling van de nieuwe belastingverordeningen en tarieventabellen komen de regelingen van eerdere jaren te vervallen. Oud maakt plaats voor nieuw.
Indexering van (belasting)tarieven en heffingen In de Kaderbrief 2026 is het uitgangspunt dat belastingen en heffingen worden aangepast volgens het tarievenbeleid, met een correctie voor inflatie van 2,4%. Voor gebonden heffingen – zoals afvalstoffenheffing, rioolheffing, lijkbezorgingsrechten, leges en markt- en standplaatsgelden – geldt dat de tarieven maximaal kostendekkend zijn. Per belastingsoort volgt hierna een overzicht van de voorgestelde tarieven voor 2026, inclusief een toelichting. Onroerendezaakbelastingen Raming OZB-opbrengst 2026 als uitgangspunt voor de tarievenberekening Bij de raming van de OZB is uitgegaan van een beperkte stijging van de OZB, niet hoger dan het inflatiepercentage van 2,4%. Voor 2026 wordt een totale opbrengst geraamd van € 16.191.800. Dit bedrag vormt de basis voor de berekening van de definitieve OZB-tarieven. In deze berekening is rekening gehouden met de waardestijging van woningen en niet-woningen, met de bouw van extra woningen en bedrijfspanden en met mogelijke verminderingen als gevolg van ingediende bezwaren. Definitieve OZB-tarieven 2026 Bij de berekening van de ter vaststelling voorgestelde tarieven is uitgegaan van een totale WOZwaarde van € 8.559.964.000 voor woningen en € 1.924.330.000 voor niet-woningen. Op basis hiervan en de berekende tarieven wordt de geraamde OZB-opbrengst van € 16.191.800 gerealiseerd.
Bij de voorgestelde tarieven is gebruikgemaakt van de meest recente prognose van SVHW (september 2025). Deze prognose is gebaseerd op de marktanalyse van verkoop- en huurcijfers rond de waarde peildatum 1 januari 2025. De OZB-tarieven zien er als volgt: Woningen OZB-tarief eigenaren
2025 definitief 0,0906% 2/9
2026 begroting 0,0834%
2026 definitief 0,0834%
WOZ-waarde 7.690.275.000 8.557.738.000 8.559.964.000 Waardeontwikkeling 2,2% 11,28% 11,37% De verwachte waardestijging bij woningen is in de laatste prognose (september 2025) fractioneel hoger vastgesteld, namelijk 11,37% (was 11,28%). De beperkte bijstelling van de waardestijging bij woningen heeft niet geleid tot een aanpassing van het eerder berekende OZB-tarief. De stijging van de OZB-lasten blijft daarmee (afgerond) 2,4%. Niet-woningen
2025 definitief
2026 begroting
2026 definitief inclusief opslag ondernemersfonds
OZB-tarief niet-woningen 0,4960% 0,4952% 0,5302% (0,4952%+0,035%) eigenaren Waardeontwikkeling 1,5% 2,5% 2,5% Voor niet-woningen blijft de verwachte stijging op basis van de prognose september 2025 ongewijzigd op 2,5%. Over de invoering van het Ondernemersfonds Ridderkerk per 2026 wordt afzonderlijk besloten (zie raadsvoorstel nr. 2025-021411). Voor de bekostiging van dit fonds is gekozen voor een opslag van 0,035% op het OZB-tarief voor niet-woningen. Deze opslag is verwerkt in de nu ter vaststelling voorgelegde tarieven. Onder voorbehoud van het definitieve besluit over de invoering van het Ondernemersfonds, ter vaststelling voorgelegd, zoals hierboven weergegeven. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing dekt de kosten van het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. In de paragraaf ‘Lokale heffingen’ van de programmabegroting 2026 is een kostenonderbouwing van de tarieven voor de afvalstoffenheffing opgenomen. Tarieven afvalstoffenheffing 2026 De berekende tarieven, zoals opgenomen in de paragraaf ‘Lokale heffingen’ van de programmabegroting 2026, worden ter vaststelling voorgesteld als volgt: 2025 Éénpersoonshuishouden 286,32 Tweepersoonshuishouden 384,84 Meerpersoonshuishouden 396,36 Ledigen extra mini container 150,00
2026 310,44 417,24 429,60 150,00
Overige tarieven afvalstoffenheffing Grof huishoudelijke afval per aanvraag (max 3 m3) Grof tuinafval, per aanvraag (max. 3 m³ per keer) Extra minicontainer voor GFT(e) of papier en karton, per aanvraag (max van 2) Extra minicontainer voor PMD+restafval, per aanvraag Inleveren extra minicontainer voor GFT(e) of papier en karton (uitgezonderd nieuwe bewoners), per aanvraag Inleveren extra minicontainer voor PMD+restafval, per aanvraag Omwisselen kleinere minicontainer voor GFT(e) of papier en karton naar een grotere, per aanvraag Omwisselen grotere minicontainer voor GFT(e) of 3/9
2025
2026
20,00
20,00
0,00
0,00
0,00
0,00
75,00
75,00
75,00
75,00
0,00
0,00
0,00
0,00
75,00
75,00
papier en karton naar een kleinere, per aanvraag Vervangende minicontainer als gevolg van beschadiging of verlies door eigen schuld, per aanvraag Nieuwe afvalpas als gevolg van beschadiging of verlies door eigen schuld Kostbaarheden uit ondergrondse container halen
75,00
75,00
20,00
20,00
75,00
75,00
Invoering van reinigingsrechten voor bedrijfsafval met ingang van 2026 Met ingang van 2026 wordt aan kleine ondernemers de mogelijkheid geboden gebruik te maken van de gemeentelijke inzameldienst voor de afvoer van bedrijfsafval. Voorwaarde hierbij is dat het bedrijfsafval naar aard, samenstelling en omvang overeenkomt met huishoudelijk afval van een meerpersoonshuishouden. Dit betekent dat het gaat om maximaal 104 ledigingen van een container of 26 aanbiedingen van een minicontainer per jaar. Voor deze dienstverlening worden reinigingsrechten geheven. Het tarief wordt vastgesteld op hetzelfde niveau als dat van een meerpersoonshuishouden en wordt exclusief btw in rekening gebracht. Tarief reinigingsrecht 2026 2025 voor het aanbieden van bedrijfsafval dat naar aard, omvang en samenstelling overeenkomt met huishoudelijk afval van een meerpersoonshuishouden: - PMD+restafval: max. 104 klepbewegingen of 26 aanbiedingen van max 1 MC; - papier en karton: max. 144 klepbewegingen of 36 aanbiedingen van max. 3 MC; - GFT: max. 312 klepbewegingen of 78 aanbiedingen van max. 3 MC:
2026
Exclusief BTW 429,60
Rioolheffing De rioolheffing is bedoeld om de kosten te dekken van maatregelen die de gemeente nodig acht voor een goed functionerende riolering en overige maatregelen met betrekking tot grond- en hemelwater. Tarieven rioolheffing 2026 De ter vaststelling aangeboden tarieven zijn overgenomen uit de programmabegroting 2026 en zijn als volgt: 2025 2026 Eigenaar/gebruiker tot 500 m3 109,08 117,36 Groot waterverbruik: extra elke volle eenheid van 100 kubieke meters afvalwater 501 m3 - 1.000 m3 / per 100 m3 116,40 125,16 1.001 m3 - 3.000 m3 / per 100 105,00 112,92 m3 3.001 m3 - 6.000 m3 / per 100 93,24 100,32 m3 4/9
6.001 m3 - 10.000 m3 / per 100 m3 boven 10.000 m3 / per 100 m3
81,72
87,96
63,72
68,52
Een vast tarief voor woningen zonder aanvullend waterverbruikstarief Met ingang van 2026 wordt één vast tarief per woning voorgesteld. In Ridderkerk geldt momenteel een tarief per woning gecombineerd met waterverbruik. Het huidige tarief op basis van waterverbruik is bewerkelijk en arbeidsintensief. De eerste staffel (tot 500 m³) is zo hoog dat een vast tarief zonder aanvullend waterverbruikstarief geen effect heeft op de opbrengsten of de belastingplichtige. Immers, er zijn nauwelijks particuliere huishoudens die op jaarbasis meer dan 500 m³ water verbruiken. Dit voorstel vereenvoudigt de heffing, vermindert bezwaarprocedures en verhoogt de voorspelbaarheid voor belastingbetalers. Parkeerbelastingen en parkeervergunningen Parkeerbelastingen worden geheven voor het verlenen van parkeervergunningen, voor het parkeren van voertuigen op de daartoe aangewezen plaatsen en voor het opleggen van naheffingsaanslagen (parkeerboetes). Zowel het tarief voor het parkeren als de kosten voor een parkeervergunning blijven ongewijzigd. Het tarief voor een naheffingsaanslag (parkeerboete) wordt, conform het Besluit gemeentelijke parkeerbelasting, gepubliceerd in de Staatscourant van 6 augustus 2025, verhoogd van € 78,80 naar € 82,00. Leges en overige heffingen Waar wettelijke tarieven van toepassing zijn, worden deze ongewijzigd gehanteerd.
Voor de overige tarieven is in eerste instantie de inflatiecorrectie van 2,4% toegepast. Voor enkele tarieven is echter aanleiding gevonden om een hogere verhoging door te voeren. Hieronder worden de tarieven toegelicht die afwijken van de reguliere inflatiecorrectie of die nieuw zijn ten opzichte van 2025. Daarnaast zijn op enkele plaatsen tekstuele aanpassingen doorgevoerd. Bij de afronding van legesbedragen wordt de landelijke richtlijn gevolgd: bedragen worden naar boven afgerond op € 0,10. Tarieventabel Hoofdstuk 1: Algemene dienstverlening • Huwelijksleges (artikel 1.1) De huwelijksleges zijn vergeleken met die van omliggende gemeenten. Op basis hiervan is het tarief meer dan de inflatiecorrectie verhoogd. • Rijbewijs bij vermissing (artikel 1.13.b) Het tarief voor de aanvraag van een nieuw rijbewijs in verband met vermissing is verhoogd van € 35 naar € 36. • Urgentieverklaringen huisvestingswet (artikel 1.29) De tarieven blijven in 2026 ongewijzigd. De tekstuele omschrijving is geactualiseerd. In de Verordening Woonruimtebemiddeling 2025 is geen mogelijkheid opgenomen tot indexatie van het maximumbedrag. Tarieventabel Hoofdstuk 2: Leges omgevingsvergunning De bepalingen in dit hoofdstuk zijn geactualiseerd, wat heeft geleid tot tekstuele aanpassingen en de introductie van nieuwe tarieven. a. Paragraaf 2.2.
Voorfase (bouwprojecten) • Artikel 2.4.2: Voor een adviesaanvraag over een kleinschalig project met geringe impact op de fysieke leefomgeving (behandeld in een Vakoverleg) bedraagt het tarief € 525. Dit tarief zorgt ervoor dat leges voor kleine initiatieven beter in verhouding staan tot de kosten. • Artikel 2.4.5: Voor plannen die zijn behandeld door zowel de intaketafel als de omgevingstafel, en waarvoor een besluit van het college van B&W wordt gevraagd, bedraagt het tarief € 5.000. • Artikel 2.4.6: Indien in het kader van de intake- of omgevingstafel een extra overlegmoment nodig is, wordt het tarief uit artikel 2.4.4 of 2.4.5 per overleg verhoogd met € 750. b. Paragraaf 2.3. Bouwactiviteiten: omgevingsplanactiviteiten (ruimtelijk deel) 5/9
•
Artikel 2.6.3: Bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt het tarief verhoogd met € 925 voor een plan met geringe impact (artikel 2.6.3.1) of met € 2.800 voor een plan met grotere impact (artikel 2.6.3.2). c. Paragraaf 2.6. Overige activiteiten • Artikel 2.24: Aangepast conform de actuele VNG-modelverordening. Er zijn twee nieuwe tarieven geïntroduceerd: o Vergunningplichtige activiteit: € 185 (artikel 2.24.2). o Binnenplanse omgevingsplanactiviteit: € 185 (artikel 2.24.2.1); ▪ Buitenplanse omgevingsplanactiviteit: € 2.800 (artikel 2.24.2.1). d. Paragraaf 2.12. Teruggaaf van leges • Artikelen 2.41.1 en 2.49.1: Indien het overleg zoals bedoeld in artikel 2.4.5 heeft geleid tot een positief besluit van het college van B&W, wordt € 2.000 van het betaalde tarief eenmalig in mindering gebracht op de leges voor de omgevingsvergunning. Voorwaarden: o De aanvraag komt overeen met het plan en (indien van toepassing) het advies van de omgevingstafel dat het college bij zijn besluitvorming heeft betrokken. o De aanvraag wordt ingediend binnen 18 maanden na het besluit van het college van B&W. Haven- en Kadegelden: geen indexatie van de tarieven De tarieven voor haven- en kadegelden in Ridderkerk liggen in vergelijking met de havens in de regio nog steeds aan de hoge kant. Daarom stellen we voor om de tarieven in 2026 op hetzelfde niveau te handhaven als in 2025.
Lijkbezorgingsrechten Lijkbezorgingsrechten worden door de gemeente in rekening gebracht voor het gebruik van de begraafplaatsen Vredehof en Rusthof of voor het gebruik van hun faciliteiten. De tarieven stijgen over het algemeen met de inflatiecorrectie van 2,4%. Sommige artikelen zijn hernummerd vanwege het vervallen of toevoegen van artikelen, en daarnaast zijn er tekstuele aanpassingen doorgevoerd. Ook zijn er nieuwe tarieven opgenomen, evenals tarieven die afwijken van de inflatiecorrectie. Het betreft de volgende wijzigingen ten opzichte van 2025: - Vervallen van afzonderlijke tarieven voor klokluiden en begeleiding De afzonderlijke tarieven voor klokluiden (voorheen artikel 3.4) en begeleiding van een uitvaart door een persoon (voorheen artikel 8.6) vervallen. Deze tarieven zijn geïntegreerd in de bestaande tariefstructuur. Het tarief voor klokluiden wordt verlaagd van € 20 naar € 10 en, evenals het tarief voor begeleiding (€ 130), verwerkt in de artikelen betreffende het voorbereiden van een grafruimte (artikelen 2.1.1 en 2.1.2) en het begraven (artikelen 3.1.1, 3.1.2, 3.1.3 en 3.1.5). - Hoger en lager tarief dan de inflatiecorrectie Enerzijds zijn de tarieven voor eenvoudige administratieve handelingen verlaagd, anderzijds zijn marktconforme tarieven meer dan met de inflatiecorrectie verhoogd.
Op basis van signalen uit de praktijk zijn de administratiekosten voor inschrijving en overboeking verlaagd van € 80 naar € 40 respectievelijk € 50 (artikelen 7.2 en 7.3). Daartegenover zijn tarieven waarbij extra handelingen vereist zijn verhoogd, zoals het tarief voor een vergunning voor het hebben van een gedenkteken. Vanwege de noodzakelijke controle op de afmetingen is dit tarief verhoogd van € 45 naar € 80 (artikel 7.1). Het lichten en terugplaatsen van een gedenkteken is marktconform verhoogd van € 125 naar € 175 (artikel 7.4). - Nieuwe tarieven De volgende nieuwe tarieven worden ter vaststelling voorgesteld: • Voor rechthebbenden van een graf die voorkomen op de door het college vastgestelde lijst Veteranen van het Veteraneninstituut en woonachtig in Ridderkerk, wordt geen grafrecht geheven indien een verzoek tot toekenning van de beschermde status is ingediend (artikelen 1.2.12, 4.1.5.2, 4.1.12.2, 6.1.3 en 6.2.2). Een uitgebreide toelichting is opgenomen in de raadsinformatiebrief 2025060695. • Voor het schudden van een graf wordt een tarief vastgesteld van € 1.500. Gezien het arbeidsintensieve karakter is dit hoger dan het tarief voor het ruimen van een graf (artikel 6.7).
6/9
• In de praktijk blijkt behoefte te bestaan voor het op verzoek van een rechthebbende van een grafkelder om de stoffelijke overschotten over te laten zetten in een door de gemeente te (laten) leveren beenderkist. Het nieuw tarief hiervoor bedraagt: € 750. (artikel 6.9). • Voor het lichten van een grafzerk om de grafkelder te openen en het terugplaatsen ter afsluiting wordt een tarief vastgesteld van € 760 (artikel 7.5). • Voor de reservering van een particulier graf op begraafplaats Rusthof wordt een jaarlijks tarief van € 130 geheven. Dit geldt uitsluitend voor graven die in 2025 zijn gereserveerd. Per 1 januari 2025 is het niet langer mogelijk nieuwe reserveringen te doen. • Voor het aanschaffen (keuze uit de gemeentelijke lijst) en planten (in het najaar) van een gedenkboom met as (door nabestaanden te leveren in een daarvoor bestemde asbus), inclusief drie jaar nazorg, wordt een tarief vastgesteld van € 1.000. Heffing, inning en kwijtschelding gemeentelijke belastingen Het SVHW heeft voor de deelnemende gemeenten knelpunten geïnventariseerd bij de heffing en inning van belastingen en voorgesteld om de verordening onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing aan te passen. Dit voorstel is door het Algemeen Bestuur van SVHW aangenomen. De aanpassing houdt in dat per 1 januari 2026 het minimumbedrag voor aanslagen en ontheffingen van € 9,00 wordt afgeschaft.
Hierdoor komen ook bedragen lager dan € 9,00 in aanmerking voor teruggaaf of inning. Dit vereenvoudigt de uitvoering, vermindert fouten en bevordert duidelijkheid en rechtvaardigheid, zonder effect op de geraamde belastinginkomsten. Het kwijtscheldingsbeleid blijft ongewijzigd. De gedeeltelijke kwijtschelding voor de afvalstoffenheffing en rioolheffing bedraagt respectievelijk 64% en 71% van het tarief. Overleg gevoerd met SVHW. Kanttekeningen Niet van toepassing. Uitvoering/vervolgstappen De besluiten worden bekendgemaakt en gepubliceerd op www.officielebekendmakingen.nl. De vastgestelde tarieven en verordeningen worden vervolgens ter uitvoering doorgestuurd naar het SVHW. Evaluatie/monitoring Niet van toepassing. Financiën De voorgestelde belastingtarieven zijn berekend op basis van de geraamde opbrengsten in de begroting 2026. Juridische zaken De belastingverordeningen treden in werking na publicatie. Duurzaamheid en Ecologie Niet van toepassing. Inclusiviteitstoets Niet van toepassing. Communicatie/participatie na besluitvorming De verordeningen worden vóór inwerkingtreding gepubliceerd via de gebruikelijke kanalen. Afschriften van de vastgestelde tarieventabellen en verordeningen worden doorgestuurd naar het SVHW.
Burgemeester en wethouders van Ridderkerk, de secretaris,
de burgemeester, 7/9
mw. M. Kitselar
dhr. C.A. Oosterwijk
Bijlagen 1. Verordening onroerendezaakbelastingen 2026.docx 2. Verordening en tarieventabel afvalstoffenheffing en reinigingsrecht 2026.docx 3. Verordening en tarieventabel parkeerbelasting 2026.docx 4. Verordening en tarieventabel Leges 2026.docx 5. Verordening markt- en standplaatsgelden 2026.docx 6. Verordening en tarieventabel Haven- en kadegeld 2026.docx 7. Verordening en tarieventabel lijkbezorgingsrechten 2026 8. Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2026.docx 9. Overzicht belangrijkste tarieven 2025 - 2026 10. Overzicht tarieven leges 2025 - 2026 11. Overzicht tarieven lijkbezorgingsrechten 2025 - 2026 12. Verordening en tarieventabel Rioolheffing 2026 (gecorrigeerde versie 4 december 2025) 13. CDA antwoorden Vaststelling belastingverordeningen en tarieven 2026
8/9
CONCEPT RAADSBESLUIT Onderwerp: Vaststelling belastingverordeningen en tarieven 2026
Gemeenteraad: 11 december 2025
Zaaknummer:
Commissie samen wonen 27 november 2025
De raad van de gemeente Ridderkerk, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 28 oktober 2025, gelet op
;
BESLUIT: 1. De volgende verordeningen en tarieventabellen vast te stellen: • Verordening Onroerende zaakbelastingen 2026; • Verordening en tarieventabel Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2026; • Verordening en tarieventabel Rioolheffing 2026; • Verordening en tarieventabel Parkeerbelasting 2026; • Verordening en tarieventabel Leges 2026; • Verordening Markt- en standplaatsgelden 2026; • Verordening Haven- en kadegeld 2026; • Verordening en tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2026; • Verordening Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Ridderkerk 2026.
9/9