Uitspraak voorlopige voorziening intrekking stillegging sloop en last onder dwangsom Blaak d.d. 12 juli 2023 .pdf
Tekst van het document
uitspraak RECHTBANK
ROTTERDAM
Bestuursrecht zaaknummer:
ROT
23/4317
uitspraak van de voorzieningenrechter van 12 juli 2023 in de zaak tussen (geanonimiseerd) verzoeker,
en (geanonimiseerd) B verzoekster, uit Ridderkerk, verzoekers,
(gemachtigde: mr. R. van Nooijen), en
het college van burgemeester en wethouders van Ridderkerk (college),
(gemachtiede:
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
Als derde-partij neemt aan de zaak deel: Waal VOF uit Vlaardingen (vergunninghouder) Inleiding
1
In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige
voorziening van verzoekers tegen de intrekking van het stilleggingsbesluit van 21 oktober 2022 en de last onder dwangsom van 24 oktober 2022. I.I.
_
Methet bestreden besluit van 16 juni 2023 heeft het college het stilleggingsbesluit
van 21 oktober 2022 en de last onder dwangsom van 24 oktober 2022, met betrekking tot de sloopwerkzaamheden van het westelijk bouwdeel Blaak nrs. I Um 95 in Ridderkerk ingetrokken. Verzoekers hebben hiertegen bezwaar gemaakt. 12.
_
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 6 juli 2023 op zitting behandeld.
Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoekers, de gemachtigde van het college, (geanonimiseerd) B namens van het college, (geanonimiseerd) B namens (geanonimiseerd) van Wooncompas Ridderkerk. vergunninghouder, en N
Totstandkoming van het besluit
2 Aan vergunninghouder is op 12 september 2022 een omgevingsvergunning verleend voor nieuwbouw van een woongebouw met 30 appartementen op de locatie Blaak 17 tot en met 75 in Ridderkerk (hierna: bouwlocatie). De omgevingsvergunning is op 20 april 2023 herzien naar aanleiding van bezwaren.
2.1.
(geanonimiseerd) in Ridderkerk (hierna: perceel). Hun _ Verzoekers wonen aan de N
perceel grenst aan de bouwlocatie. In opdracht van verzoekers heeft Boomtechnisch
adviesbureau Viridis Arbor in september 2022 een Boom Effect Analyse van de bomen aan (geanonimiseerd) )dre siminonaeg( p zesteld. Hieruit volgt onder andere dat in de achtertuin van de e
verzoekers, nabij de erfgrens met de bouwlocatie, een es staat met een diameter van 0,18 meter.
(geanonimiseerd) °". B (geanonimiseerd) zaaknummer: ROT 23/4317, NNN
2.2.
v
_ Op IT oktober 2022 zijn de sloopwerkzaamheden stilgelegd, omdat door een
toezichthouder van de gemeente Ridderkerk vastgesteld is dat er afgeweken is van de op 7 oktober 2022 door deze toezichthouder gegeven opdracht om de ‘kwetsbare boomzone’ van
belendende bomen beter te beschermen met een toereikende beschermingsmethode. Vergunninghouder is in overtreding, omdat hij in strijd met artikel 4:1 van de Algemene plaatselijke verordening Ridderkerk 2020 (APV) heeft gehandeld. Hij beschikt namelijk niet over een omgevingsvergunning om de op de APV/Groene Kaart bescherming genietende
buurbomen (staande en gelegen op de belendende percelen ten zuiden van het sloopterrein) te vellen. Op grond van artikel 4:10, tweede lid, van de APV wordt onder vellen mede
verstaan het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben. Vergunninghouder heeft namelijk met vrachtwagens gereden dan wel werkzaamheden verricht (bij de aan- en afvoer van afvalcontainers voor sloopmaterialen) binnen de kwetsbare zones van deze bomen. De
stillegging kan alleen worden opgeheven, als er een goedgekeurd Plan van Aanpak Buurboombescherming is waarin zodanige maatregelen worden georganiseerd, welke vóór hervatting van de sloop zijn gerealiseerd, dat herhaling van deze overtreding(en) niet meer voor kan komen. Met het besluit van 21 oktober 2022 is voorgaande bevestigd. 2.3. _ Methet besluit van 24 oktober 2022 is aan vergunninghouder een last onder dwangsom opgelegd om te voorkomen dat de (sloop)werkzaamheden aan het westelijk bouwdeel Blaak I tot en met 95 in Ridderkerk worden hervat, zonder dat het
stilleggingsbesluit is ingetrokken.
: PvA) ingediend bij het college. Onderdeel van
de PvA is de Boom Effect Analyse van Advies- en ingenieursbureau De Boomingenieur van
24 mei 2023. Hierin zijn de effecten van de sloopwerkzaamheden op de linde aan de (geanonimiseerd) r 2.5. _ Op grond hiervan heeft het college met het bestreden besluit het stilleggingsbesluit en de last onder dwangsom ingetrokken waarbij voorschriften in de vorm van
boombeschermende maatregelen zijn verbonden aan de sloop, de bodemsanering, de aanleg van infra, en de vervangende nieuwbouw van het appartementengebouw. Het uitgangspunt is dat alle in het PvA beschreven maatregelen ter bescherming van de buurbomen op de aangrenzende percelen van het westelijk bouwdeel voor alle sloop-, bodemsanerings-, infraen nieuwbouwwerkzaamheden worden genomen ten behoeve van alle buurbomen, voor zover die bomen beschermd worden ingevolge de APV-Groene Kaart.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
< De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
3.1.
_ De voor de beoordeling van het verzoek belangrijke wet- en regelgevi
vinden in de bijlage bij deze uitspraak.
(geanonimiseerd) . (geanonimiseerd) zaaknummer: ROT 23/4317, N
32.
_
De voorzieningenrechter weegt de belangen van verzoekers die pleiten vóór het
treffen van een voorlopige voorziening en de belangen van het college en vergunninghouder die pleiten tegen het treffen daarvan, aan de hand van de gronden van verzoekers af.
33.
D voorzieningenrechter beoordeelt bij de vraag of zij een voorlopige voorziening
zal treffen of het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft. Dat kan een reden zijn om het bestreden besluit te schorsen. Dit wordt beoordeeld aan de hand van de gronden van verzoekers.
Is een omgevingsvergunning voor het vellen van bomen verleend? 4 Verzoekers voeren aan dat met het bestreden besluit ook een
omgevingsvergunning is verleend voor het vellen van bomen op grond van artikel 4:11 van
de APV, terwijl hiervoor geen aanvraag op een door de wet voorgeschreven wijze is ingediend. Bovendien zijn deze bomen en houtopstanden
genoemd als reden waarom de
herziene omgevingsvergunning van 20 april 2023 in afwijking van het bestemmingsplan is afgegeven.
4.1.
_
Anders dan verzoekers betogen, is er geen omgevingsvergunning verleend voor
het vellen van houtopstanden. In het bestreden besluit staat weliswaar dat de beoordeling van het PvA in het kader van handhaving in de plaats komt van een aanvraag voor een omgevingsvergunning tot het vellen van één of meerdere beschermde bomen, maar op zitting heeft het college verklaard dat dit ongelukkig geformuleerd is. Er is geen aanvraag waarop alsnog beslist gaat worden en er is ook geen omgevingsvergunning verleend.
Volgens het college is hiermee bedoeld dat er voorschriften strekkende tot bescherming van bomen en houtopstanden worden gehanteerd. Is er dan nog sprake van spoedeisend belang?
S
Verzoekers voeren aan dat zij spoedeisend belang hebben, omdat met het
bestreden besluit de sloopwerkzaamheden elk moment kunnen worden hervat en dat met de
voorschriften onvoldoende gewaarborgd is dat de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand voorkomen wordt. Gelet hierop is de voorzieningenrechter van oordeel dat verzoekers voldoende spoedeisend belang hebben bij het onderhavige verzoek om voorlopige voorziening. Wat is de grondslag
van de voorschriften?
6. Verzoekers voeren aan dat niet duidelijk is wat de grondslag is voor oplegging van de voorschriften in het kader van het bestreden besluit. Ook is niet duidelijk wat de gevolgen zijn als de voorschriften worden overtreden. In feite is het bestreden besluit een
voorwaardelijke intrekking en dat verhoudt zich niet met het rechtszekerheidsbeginsel. Indien het college voorschriften had wiHen verbinden aan de sloopwerkzaamheden dan moest dat op grond van artikel 1.29 van het Bouwbesluit 2012 (Bouwbesluit) naar
aanleiding van de sloopmelding. Nu de voorschriften ook gelden gedurende de bodemsanering, de aanleg van infra en bij de vervangende nieuwbouw wordt hiermee ook
de inhoud van de BUS-melding en de omgevingsvergunning gewijzigd. 6.1.
_ Metverzoekers is de voorzieningenrechter van oordeel dat niet duidelijk is wat het
karakter s van het besluit. De voorschriften zijn echter wel in de vorm van een besluit
opgelegd en bij niet naleving hiervan kan om handhaving worden gevraagd. In zoverre is wel rechtszekerheid geboden. Het college heeft ter zitting verklaard dat deze voorschriften
3
(geanonimiseerd) " (geanonimiseerd) zaaknummer: ROT 23/4317, N
4
zullen worden gehanteerd. De voorschriften komen overeen met aanbevelingen in de Boom
Effect Analyse van Advies- en ingenieursbureau De Boomingenieur die vervolgens zijn overgenomen in het PvA. Mag het college zich baseren op het PvA?
7.
Eisers voeren verder aan dat het college zich niet heeft mogen baseren op het PvA.
De door eisers ingeschakelde deskundige, Boomtechnisch adviesbureau Viridis Arbor, heeft
hierover gemeld dat het PvA enkel is gebaseerd op de Boom Effect Analyse van de linde (geanonimiseerd) De andere bomen aan de e (geanonimiseerd) 7i hierin niet aan de e meegenomen. Het college gaat uit van een onjuiste kroonprojectie voor deze bomen. De werkzaamheden zullen dan ook leiden tot ernstige schade aan de bomen waaronder conditievermindering, zwamaantastingen, kwijnende en zieke bomen voor een langdurige periode met mogelijk dood tot gevolg.
Verder sluiten de opgelegde voorschriften niet aan bij de Boom Effect Analyse - Bomen (geanonimiseerd) en plan Nieuwbouw Blaak te Ridderkerk van september 2022.
Nu de
voorschriften zijn gebaseerd op de Boom Effect Analyse van de linde en daarbij de effecten van de werkzaamheden op de overige bomen niet is onderzocht, staat geenszins vast dat de voorschriften geschikt en afdoende zijn voor de bescherming van de bomen op de percelen (geanonimiseerd) aan de
T.I.
_ Het bewaren van houtopstanden is geregeld in Afdeling 3 van de APV. Op grond
van artikel 4.10, eerste lid, onder , van de APV wordt in deze afdeling onder boom verstaan een houtachtig, opgaand gewas, zowel levend als afgestorven, met een dwarsdoorsnede van
de stam van minimaal 20 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. Op grond van artikel 4.10, eerste lid, onder b, van de APV wordt onder houtopstand verstaan hakhout, een houtwal
of een of meer bomen.
Op grond van artikel 4.11, eerste lid, van de APV is het verboden zonder
omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de houtopstanden te vellen ofte doen vellen die staan vermeld op de Groene Kaart.
12
Het college heeft de geldende Bomenposter Werken rond bomen (hierna:
bomenposter) overgelegd. Hieruit blijkt dat werkzaamheden en de opslag van materiaal en materieel binnen de kwetsbare boomzone alleen toegestaan zijn met toestemming via een goedgekeurd werkplan. De kwetsbare boomzone wordt berekend door rondom de
kroonprojectieeen afstand van 1,5 meter aan te houden. Binnen elke kwetsbare boomzone
gelden randvoorwaarden die uitgewerkt moeten zijn in een goedgekeurd Werkplan. Deze
randvoorwaarden worden in de regel opgesteld aan de hand van een Boom Effect Analyse. Gelet op de Leidraad minimale graafafstanden in de bomenposter geldt bij een boom met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 20 centimeter een minimale graafafstand vanuit het hart van de stamvoet van 1,25 meter. Nu de stam van es op het perceel van verzoekers een dwarsdoorsnede van 18 centimeter heeft, is met de voorschriften voldaan
aan de minimale graafafstand. In de voorschriften staat dat bij werkzaamheden binnen de kroonprojectie van de beschermde bomen (op de belendende percelen) een boomtechnisch adviseur aanwezig dient te zijn en dat diens aanwijzingen onverkort dienen te worden opgevolgd, dat om structuurbederfen verdichting van de bodem te beperken bij
werkzaamheden binnen de kroonprojectie van de beschermde bomen uitsluitend gewerkt mag worden met klein materieel (met een maximum gewicht van 1000 kg), en dat tijdens de bodemsaneringswerkzaamheden tot 3 meter uit de perceelgrens kan worden bekeken ofer
(geanonimiseerd) °° (geanonimiseerd) zaaknummer: ROT 23/4317, NNN
dichter naar de erfgrens toe gewerkt kan worden. Door steeds een halve meter dichter naar
de erfgrens toe te werken kan worden bekeken ofer geen belangrijke beworteling wordt aangetroffen. Deze werkzaamheden dienen onder toezicht van een erkend boomtechnisch adviseur te worden uitgevoerd. Het college heeft ter zitting verklaard dat met het bestreden besluit ook de es van
verzoekers wordt beschermd ook al valt deze niet onder de reikwijdte van de APV, omdat de dwarsdoorsnede van de stam niet minimaal 20 centimeter is. Verder gelden deze
voorschriften als norm bij de overige fasen, zoals de bodemsanering, bij de aanleg van infra, en bij de vervangende nieuwbouw van het appartementengebouw. Indien niet aan de voorschriften kan worden voldaan, kunnen verzoekers om handhaving vragen. Overige bezwaren tegen de intrekking 8. Anders dan in het sloopveiligheidsplan staat, zijn er zijn geen trillingmeters (geanonimiseerd) Dit levert een overtreding geplaatst bij de (rijks)monumentale woningen aan dg
op van artikel 1.26, eerste lid, van het Bouwbesluit. Eisers vrezen dat bij de sloopwerkzaamheden de grondwaterstand wordt aangepast, hetgeen tot zettingen en verzakkingen kan leiden bij hun niet onderheide woning. Eiser stellen daarom dat waarschijnlijk ook overtredingen van de artikelen 8.2 tot en met 8.6 van het Bouwbesluit plaatsvinden. Ten onrechte zijn te voorkoming van deze hinder geen nadere voorschriften op grond van artikel 1.29, eerste lid, van het Bouwbesluit gesteld. Ook ontbreekt een actuele quickscan flora en fauna, terwijl er recent vleermuizen en gierzwaluwen zijn gesignaleerd bij het te slopen gebouw. Er is dus mogelijk sprake van overtreding van de Wet natuurbescherming (artikelen 3.1, 3.5 en 3.10). 81 Wat verzoekers hebben aangevoerd valt buiten de reikwijdte van deze procedure nu het bestreden besluit ziet op de bescherming van de belendende bomen. Bovendien heeft
het college ter zitting verklaard dat zodra de sloopwerkzaamheden starten de trillings- en scheefstandmeters zullen worden geplaatst.
Conclusie en gevolgen
9.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Dat betekent dat de intrekking van
het stilleggingsbesluit en de last onder dwangsom in stand blijft. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
5
(geanonimiseerd) <° (geanonimiseerd) zaaknummer: ROT 23/4317, N
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P. Vrolijk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.A. Rickets-Achaibersing, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 12 juli 2023.
De griffier is buiten staat
te ondertekenen. griffier
/ voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
/ 41 m
(geanonimiseerd) zaaknummer: ROT 23/4317, (geanonimiseerd) NNN °"* S
7
Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Artikel2.2:
Voor zover ingevolge een bepaling in een provinciale of gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist om: [.] g. houtopstand te vellen ofte doen vellen, [-] Algemene plaatselijke verordening Ridderkerk 2020 (APV)
Afdeling 3 Het bewaren van houtopstanden Artikel 4:10 Definities
1. In deze afdeling wordt verstaan onder:
a. boom: een houtachtig, opgaand gewas, zowel levend als afgestorven, met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 20 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerstammigheid geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam. b. houtopstand: hakhout, een houtwal of een of meer bomen.
©. hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen. d. Groene Kaart: topografische kaart met daarop aangegeven boomzones, boomstructuren en solitaire bomen of boomgroepen.
2. In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten,
alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.
Artikel 4:10a Vaststelling en wijziging Groene Kaart . De Groene Kaart is voor de eerste keer vastgesteld tegelijk met de vaststelling van de verordening uit 2012 2. Het college kan de Groene Kaart wijzigen.
Artikel 4:11 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de houtopstanden te vellen ofte doen vellen die staan vermeld op de Groene Kaart;
2. De vergunning kan worden geweigerd op grond van: a. de natuurwaarde van de houtopstand;
b. de landschappelijke waarde van de houtopstand: c. de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon: d. de beeldbepalende waarde van de houtopstand; e. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;
f. de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand. 3. Het bevoegd gezag kan een herplantplicht opleggen onder nader te stellen voorschriften.
4. Het verbod is niet van toepassing als de burgemeester toestemming verleent voor het
vellen van een houtopstand in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen.