Tussentijdse evaluatie Werken vanuit ecologie 22-10-2024.pdf
Tekst van het document
Tussentijdse evaluatie “Werken vanuit ecologie”
22 oktober 2024 Opgesteld door team Ontwikkeling en Beheer – Gemeente Ridderkerk Zaaknummer 2024-084239
Inhoud Inleiding ................................................................................................................................................... 4 Spoor 1: maatregelen implementeren in huidige bedrijfsprocessen...................................................... 4 Kansen voor ecologisch beheer benutten ........................................................................................... 4 Advisering bij ruimtelijke projecten en ontwikkelingen...................................................................... 7 Aanbesteding schapenbegrazing......................................................................................................... 9 Spoor 2: communicatie rondom de transitie naar ecologisch beheer .................................................. 10 Campagne “Ridderkerk gaat voor groen!” ........................................................................................ 10 Informatiewaaier groene tuin actualiseren ...................................................................................... 10 Wildcamera in tuinen project............................................................................................................ 10 Deelname aan Pientere tuinen .........................................................................................................
11 Spoor 3: samenwerken met de omgeving............................................................................................. 12 Aansluiten bij regionale en landelijke initiatieven ............................................................................ 12 Impuls geven aan vergroening bedrijfsgebouwen en winkelcentra ................................................. 12 Participatieprojecten groene parels .................................................................................................. 12 Natuurvriendelijk isoleren stimuleren .............................................................................................. 13 Spoor 4: monitoring van de maatregelen ............................................................................................. 14 Opzet meetnet Ridderkerk ................................................................................................................ 14 Gebruik NDFF .................................................................................................................................... 15 Financiën ............................................................................................................................................... 16 Besteding budget 2023......................................................................................................................
16 Besteding budget 2024 (tot 01-09-2024) .......................................................................................... 16 Inzet budget in 2025 en 2026 ............................................................................................................ 17
Pagina 2
Bijlage 1 Tussentijdse resultaten quickscan overbodige verharding .................................................... 18 Uitvoering quickscan ......................................................................................................................... 18 Reconstructies en ontwikkelingen buiten beschouwing laten.......................................................... 18 Een deel is geen zinloze verharding maar functionele verharding ................................................... 19 Een deel is praktisch minder goed uitvoerbaar................................................................................. 19 Ontwikkelingen waar rekening mee moet worden gehouden ......................................................... 20 Wat blijft er dan nog over? ............................................................................................................... 20 Ook ‘niet-overbodige verharding’ kan worden vergroend ............................................................... 20 Plantenbakken zijn ook te overwegen .............................................................................................. 21 Printscreens quickscan ...................................................................................................................... 21
Pagina 3
Inleiding Op 26 januari 2023 is het stuk “Werken vanuit ecologie” vastgesteld door de raad. Dit beleid vloeit voort uit de (groene) ambities die vastgesteld zijn in de Groenvisie (2020). De tussentijdse evaluatie van “Werken vanuit ecologie” vindt plaats aan de hand van het actieplan uit hoofdstuk 4 van het rapport. Per actie wordt de stand van zaken aangegeven. De acties zijn in vier sporen ingedeeld, te weten: 1. Spoor 1: maatregelen implementeren in huidige bedrijfsprocessen; 2. Spoor 2: communicatie rondom de transitie naar ecologisch beheer; 3. Spoor 3: samenwerken met de omgeving; 4. Spoor 4: monitoring van de maatregelen.
Spoor 1: maatregelen implementeren in huidige bedrijfsprocessen Kansen voor ecologisch beheer benutten In 2023 heeft een inventarisatie plaats gevonden naar meer kansrijke locaties voor ecologisch beheer. Vanuit de Groenvisie was er al eerder een slag gemaakt naar meer ecologisch beheer. De focus hierbij lag op potentieel oppervlak plus zo veel mogelijk verbonden lijnstructuren. Het ging hier voornamelijk om locaties met veel gazon. Vanaf mei 2023 is gestart met ecologisch beheer in het Reijerpark. Begin 2024 is de rest van de locaties omgezet, het ging hier om 10 hectare (ha). Bij dit ecologisch beheer wordt twee maal per jaar gemaaid, waarbij per maaironde minstens 15% van de vegetatie blijft staan (zie bijvoorbeeld de foto op de voorplaat van dit rapport). Ook wordt het maaisel afgevoerd. In het eerste jaar na de aanpassing van het beheer zijn op verschillende plekken al mooie resultaten: bloeiende bermen waar het gonst van de bijen en vlinders. Waar eerst nog maar zo’n vier soorten kruiden stonden, zijn nu vaak al minstens tien verschillende soorten te zien. Een belangrijke bijdrage aan het herstel van biodiversiteit! Er zijn weinig klachten van inwoners binnengekomen over deze aanpassing in beheer. Een mooie opsteker, aangezien bij een transitie tegenstanders zich vaak melden. Streven naar 70% kruidenrijk
Pagina 4
Op dit moment bestaat de grasvegetatie in Ridderkerk voor 50% uit gazon en 50% uit extensief beheerd gras (waaronder kruidenrijk), zie
Tabel 1. Bij de inventarisatie van omvormlocaties bleek dat op veel locaties ecologisch beheer niet haalbaar was met de beschikbare maaimachines. Tegelijkertijd is op een aanzienlijk deel het beheer aangepast naar meer extensief beheer, zie ook Figuur 1. Op plekken waar bijvoorbeeld veel bomen staan met gazon, is het niet wenselijk dat met groot materieel wordt gemaaid om schade aan wortels te voorkomen. De beschikbare maaimachines voor ecologisch beheer voldoen hier (nog) niet aan – wellicht dat er in de nabije toekomst meer mogelijk is. Notabene: een gazonmaaier is een stuk lichter, maar kan hogere vegetatie niet verwerken.
Tabel 1. Overzicht beheertypen gras, per september 2024.
Type beheer Grasveld handmatig Grasveld met bollen Grasveld talud Grasveld vlak Totaal Grasveld (gazon)
HA 2,01 1,75 2,19 67,92 70,11
Bloemenmengsel met bollen Bloemenmengsel talud Bloemenmengsel vlak Totaal Bloemenmengsel
0,06 0,51 7,15 7,72
Kruidenrijk gras handmatig Kruidenrijk gras talud Kruidenrijk gras vlak Totaal Kruidenrijk gras
4,19 10,24 26,91 41,34
Om het jaar maaien Ruw gras talud Ruw gras vlak Ruw gras Schapenbegrazing
1,74 2,42 9,78 12,20 8,43
Totaal extensief beheer
71,42
Pagina 5
Figuur 1. Aangepast beheer op diverse locaties in het Reijerparc en omgeving.
Kleurkeur Er is onderzocht of Kleurkeur, het keurmerk ontwikkeld door De Vlinderstichting voor bloemrijke bermen, kan worden toegepast binnen Ridderkerk. Er is besloten om de basis van Kleurkeur toe te passen, namelijk bij kruidenrijke vegetatie gefaseerd maaien en afvoeren. Het voeren van Kleurkeur heeft veel meer omhanden, denk aan beheerdoelstellingen per 500 meter berm en monitoring. Veel extra groen in 2023-2024 Naast aanpassingen in het beheer, zijn er ook veel locaties (opnieuw) ingericht met groen, zie Tabel 2. Zo zijn er locaties die niet geschikt waren om om te vormen naar kruidenrijk ingericht met bloembollen. Ook zijn er veel locaties waar voorheen geen groen was, ingericht met onder andere cultuurlijke beplanting (beplanting die onderhoud nodig heeft). Zoveel mogelijk is bij nieuw groen rekening gehouden met de ecologische waarde en onder andere gekozen voor inheemse soorten waar mogelijk.
Pagina 6
Tabel 2. Toename groen 2023-2024
Extra groen (ha) Wat Bloembollen
0,18
Cultuurlijke beplanting
1,46
Bosplantsoen
1,00
Bloemenmengsel
0,36
Totaal
3,00
Vooruitblik: een bijenkasteel in 2025! Wilde bijen nestelen vooral in losse grond, slechts een klein deel in bijenhotels. Begin 2025 wordt gestart met de aanleg van het eerste bijenkasteel in het Reijerparc – op een plek waar reeds ecologisch beheer wordt gevoerd. Het bijenkasteel is een heuvel bestaande uit zand en verschillende elementen die functioneel zijn voor wilde bijen. Bij het kasteel wordt een bord geplaatst om inwoners te informeren wat het is. Tevens wordt ingezet op monitoring om te bepalen hoe succesvol het bijenkasteel is. Op basis van de resultaten wordt bepaald of dit op andere plekken wordt toegepast.
Advisering bij ruimtelijke projecten en ontwikkelingen De afgelopen twee jaar is er veelvuldig ecologisch advies gegeven. Een greep uit de projecten: -
Oosterpark
-
Nieuwbouw Gemini college
-
Neshoeve
-
Uitbreiding begraafplaats Vredehof
-
Com gebouw
-
HOV
-
Sint Jorisplein
-
20 starterswoningen Kievitsweg
-
Sloop bij Blaak
-
Sportpark Bolnes
-
Pumptrack
-
IKC de noord
-
Pand Quooker
Figuur 2. Zicht op de Jonkheer van Karnebeekweg met nieuwe aanplant
Pagina 7
-
Westdonck (Wooncompas)
-
Inrichting aan de Jonkheer van Karnebeekweg (rondom het kunstwerk)
Bij veel van deze adviezen ging het om het belang van inheemse planten en het zo veel mogelijk behouden van groen. Daarnaast zijn er groene gevels en groene daken in de plannen opgenomen (onder andere bij het Sint Jorisplein). Bij de begraafplaats uitbreiding is naast inheemse beplanting, ook tijdelijke natuur opgenomen – aangezien veel vakken voorlopig nog niet in gebruik zijn. Behalve de Jonkheer van Karnebeekweg (zie figuur 2), zijn deze projecten nog niet gerealiseerd. Naast adviezen rondom ruimtelijke ontwikkelingen, is er ook geadviseerd over onder ander invasieve exoten (waaronder Aziatische hoornaar) en de problematiek rondom ganzen – waar veel meldingen van overlast over binnenkomen. Ook is er gewerkt aan een groener gemeentehuis, waarbij komend jaar waarschijnlijk groene daken worden gerealiseerd. Borging intern De doelstellingen vanuit “Werken vanuit ecologie” zijn organisatiebreed gedeeld. Denk aan beheer, ruimtelijke ontwikkeling, toezichthouders, projectleiders. In de afgelopen jaren is ook steeds beter te merken dat de organisatie het onderwerp vanuit zichzelf al meeneemt in alle ontwikkelingen. Zo hoeft er bij ontwerpen vanuit ruimte nog relatief weinig bijgestuurd te worden, een mooie ontwikkeling! Steeds meer zaken worden in de systemen vastgelegd. In het bestek, maar ook in bijvoorbeeld de LIOR (Leidraad Inrichting Openbare Ruimte).
Bijvoorbeeld de plaatsing van amfibietrapjes in kolken en bij beschoeiing die aan het eind van zijn levensduur zit, wordt mits dat mogelijk is een natuurvriendelijke oever aangelegd. Als er toch beschoeiing nodig is, wordt deze voorzien van eendentrapjes. Samenwerking extern Met verschillende organisaties is goed contact omtrent ecologie. Zo is er regelmatig afstemming met de natuurvereniging. Ook met het waterschap en Staatsbosbeheer lopen er gesprekken, veelal binnen projecten zoals Oosterpark. Bij het waterschap is aangekaart dat er veel dijken zijn die nu intensief worden begraasd door schapen, waardoor er weinig kruiden kunnen opkomen. Dit terwijl steeds vaker, ook door WSHD, ingezet wordt op bloemrijke dijken. Dit blijkt een complexe opgave, aangezien deze dijken voor langere tijd verpacht zijn en daardoor is een omvorming op deze locatie niet mogelijk.
Vooruitblik De komende jaren kan onder andere ingezet worden op een bredere samenwerking met Wooncompas. De eerste gesprekken om samen met Wooncompas een SMP (Soorten Management
Pagina 8
Plan) te organiseren zijn heel positief – vanuit die context kan er waarschijnlijk “makkelijker” resultaat worden geboekt op het vlak van biodiversiteit. Ook de ontwikkeling van een generieke template voor een puntensysteem voor natuurinclusief bouwen is interessant. Deze komt eind 2024 beschikbaar. Daarmee kunnen we biodiversiteit nog beter borgen in projecten. De afgelopen jaren zien we een toename aan meldingen rondom overlast door ganzen. Inwoners melden onder andere dat er onveilige verkeerssituaties zich voordoen door overstekende ganzen en dat de steeds groter wordende groepen ganzen veel uitwerpselen achterlaten. Er is een ganzenbeheerplan in voorbereiding, om op diervriendelijke wijze de populaties op verschillende plekken beheersbaar te maken. Daarbij is het grootste probleem het voedselaanbod, mensen creëren dit doordat ze bijvoorbeeld de eendjes voeren of hun rommel laten slingeren. Dit levert een groei aan ganzen op, maar ook meeuwen en ratten varen er wel bij. Veel gemeenten hebben daarom ook een voederverbod ingevoerd – dat is in Ridderkerk ook aan te raden.
Aanbesteding schapenbegrazing In 2023 is de schapenbegrazing aanbesteed en is een overeenkomst aangegaan met een herder voor de jaren 2024, 2025 en 2026. Dit jaar is er gestart met begrazing van de Middenmolendijk, Gorzen, Ridderhaven, Havenkanaal, Woude en de geluidswal langs de Rotterdamseweg bij Het Zand. Afhankelijk van de groei van het gras doet de kudde deze locaties 2 of 3 keer per jaar aan. Per graasronde blijven er stukjes staan ten bate van de biodiversiteit. Ook is de grootte van de schaapskudde en de tijdsduur die de schapen in Figuur 3 Start van de schapenbegrazing in het voorjaar van 2024
het te begrazen gebied doorbrengen afgestemd op de omgeving, zodat er geen overbegrazing ontstaat. Onder de locaties van monitoring (zie
spoor 4) bevinden zich ook locaties die begraasd worden, zodat er op termijn meer inzicht ontstaat in de ontwikkeling van de vegetatie. Vanuit de inwoners zijn veel positieve reacties gekomen op de schaapskudde. De combinatie schapenbegrazing met hondenlosloopgebieden is echter een aandachtspunt.
Pagina 9
Spoor 2: communicatie rondom de transitie naar ecologisch beheer Campagne “Ridderkerk gaat voor groen!” Om bewustwording over biodiversiteit te creëren, is de campagne Ridderkerk gaat voor groen (RGVG) in 2023 gestart. De site ridderkerkgaatvoorgroen.nl is gelanceerd, waarop de verhalen over de 6 ambassadeursoorten worden verteld. Via verschillende kanalen (socials, Blauwkai en site) zijn berichten gedeeld over uiteenlopende onderwerpen. Naast informeren worden hierbij ook inwoners aangemoedigd om zelf in actie te komen – altijd in lijn met het onderwerp. Een voorbeeld: bij een bericht over het wildcamera project werd ingezoomd op de egel plus de oproep aan inwoners om de egel te helpen (door bv een rommelhoekje in de tuin te laten). Verder kwamen o.a. de volgende onderwerpen aan bod: ecologisch maaibeheer, maai-mei-niet, bijdrage vogelklas, tegenwippen en tegeltaxi, schapenbegrazing, tellen van vlinders en libellen, nestkasten met de natuurvereniging. Verder ook nog tuinvogeltelling, gratis bomen actie, Tiny forest en eendentrappen. Ook zijn er borden gemaakt om te plaatsen bij locaties waar het beheer is aangepast. De link verwijst naar een artikel op de site waar wordt uitgelegd waarom we bijvoorbeeld anders maaien. Schoolkinderen worden jaarlijks betrokken bij de Boomfeestdag en de Tiny Forests zijn samen met de scholen tot stand gekomen.
Op de Kinderboerderij hebben educatieve lessen plaatsgevonden vanuit Natuurstad.
Informatiewaaier groene tuin actualiseren In 2019 is een informatiewaaier opgesteld vanuit operatie Steenbreek. De informatie uit de waaier is opgenomen op ridderkerkgaatvoorgroen.nl en gekoppeld aan het aanvragen van een subsidie voor vergroenen.
Wildcamera in tuinen project Het project met wildcamera’s is begin 2024 afgerond. In totaal hebben er voor een periode van drie weken in 34 tuinen wildcamera’s gestaan. In deze tuinen zijn in totaal 4908 waarnemingen gedaan van 8 soorten zoogdieren en 21 soorten vogels. Van wilde zoogdieren zijn in totaal 742 waarnemingen gedaan van zes verschillende soorten: egel, huismuis, Europees konijn, haas, huisspitsmuis en bosmuis. Het aantal waarnemingen zegt echter weinig over het aantal individuen aangezien een individu meerdere keren door dezelfde wildcamera geregistreerd kan worden. Het
Pagina 10
plaatsen van de wildcamera’s, het uitlezen van de gegevens en de contacten met de tuineigenaren verliepen via zeven enthousiaste vrijwilligers. De tuineigenaren reageerden enthousiast, ook de beelden die via de socials werden gedeeld kregen positieve reacties van inwoners. Onderzoeksbureau Silvavir heeft een onderzoeksrapport gemaakt. De gegevens worden gedeeld met Wageningen University & Research in het kader van hun landelijke onderzoek.
Figuur 4. Beelden die met de wildcamera zijn gemaakt in particuliere tuinen.
Deelname aan Pientere tuinen Pientere tuinen is net als het wildcamera project een burgerwetenschapsproject. Binnen dit project worden tuinen voorzien van bodemsensors om informatie te verzamelen. Het doel is om zichtbaar te maken waarom vergroenen hoognodig is (klimaat, biodiversiteit). Het plan was om na afronding van het wildcameraproject te starten met pientere tuinen. Er is meerdere keren contact gezocht met de organisatie, maar dit heeft nog niet geleid tot resultaat.
Pagina 11
Spoor 3: samenwerken met de omgeving Aansluiten bij regionale en landelijke initiatieven Wij proberen zoveel mogelijk met onze omgeving samen te werken. Er loopt een samenwerking met Waterschap Hollandse Delta, Staatsbosbeheer en Zuid-Hollands Landschap. De samenwerking focust zich voornamelijk op lopende projecten, maar er is ook ruimte om tussendoor zaken af te stemmen. Bijvoorbeeld hoe we met invasieve exoten omgaan en dat met elkaar af te stemmen. Als gemeente zijn we partner geworden van het Deltaplan biodiversiteitsherstel. Binnen dit platform wordt kennis gedeeld en ontwikkeld. Er zijn enkele interessante sessies geweest, die voeding hebben gegeven aan de onderwerpen waar wij mee bezig zijn.
Bijenlandschap In 2023 is het project Bijenlandschap IJsselmonde gestart door de provincie Zuid-Holland. Binnen het project hebben beheerders en beleidsmedewerkers van de verschillende gemeenten binnen het eiland in een kennissessie zaken verkend en zijn ervaringen met elkaar gedeeld. Ook heeft er een nulmeting bijen plaats gevonden door EIS kenniscentrum op verschillende locaties, waarvan twee in Ridderkerk. De provincie had voor één jaar budget beschikbaar gesteld voor een (externe) projectleider. Medio 2024 is de wens uitgesproken door de provincie om in 2030 een bijenlandschap door de hele provincie te realiseren. Nu hebben de omgevingsdiensten de taak gekregen dit project te leiden. Voor IJsselmonde en omgeving is dat de DCMR. De eerste sessie heeft onlangs plaats gevonden, dit wordt vervolgd.
Impuls geven aan vergroening bedrijfsgebouwen en winkelcentra De meeste gebouwcomplexen (bedrijventerrein, winkelcentra) leveren op dit moment nog geen bijdrage aan de biodiversiteit. De komende periode wordt er een informatieblad met mogelijke maatregelen ter inspiratie opgesteld en verspreid via de nieuwsbrief voor ondernemers. We zijn komende periode alert op het aanhaken bij andere initiatieven richting de ondernemers.
Participatieprojecten groene parels Bij het gemeentehuis is een parel gerealiseerd, aan de Jonkheer van Karnebeekweg. Waar voorheen enkel gazon lag, is nu een variatie aan vaste (inheemse) beplanting aangelegd.
Pagina 12
Als er op een plek een aanleiding is voor een project, kan vergroening daar nadrukkelijker een rol spelen. Op die manier gaan we proberen “waar de energie zit” in te zetten op meer groene parels. De wijkcontactfunctionarissen hebben daar een belangrijke, signalerende en adviserende, rol in. Ook kunnen we aansluiten bij buurttenten om daar signalen en kansen op te pikken.
Natuurvriendelijk isoleren stimuleren Het afgelopen jaar is het middel Soorten Management Plan (SMP) verder verkend en geïnitieerd. Binnen een SMP wordt gebiedsdekkend onderzoek gedaan naar gebouwbewonende diersoorten. Met dit onderzoek en bijbehorend plan kan een ontheffing worden aangevraagd. Dit dient twee doelen: het mogelijk maken van maatregelen in het kader van de energietransitie (isolatie van woningen) en tegelijkertijd de populatie vleermuizen, huismus en gierzwaluw meer ruimte geven. Door ecologisch onderzoek uit te laten voeren, kan bij de uitvoering (zoals isolatiewerkzaamheden) gericht rekening worden gehouden met de aanwezige (gebouwbewonende) soorten. Ook levert dit onderzoek een bijdrage aan het verder verdiepen van de kennis over soorten in onze gemeente. Het college heeft onlangs besloten een SMP voor heel Ridderkerk te gaan opstellen. Hierbij is extra ecologische inzet benodigd. Gelden zijn beschikbaar vanuit de Duurzaamheidsbudgetten.
Naast het SMP is er vanuit de landelijke overheid bepaald dat binnenkort ook een gedragscode natuurinclusief isoleren wordt ingevoerd. Hierbij mogen isolatiebedrijven, na het behalen van het keurmerk, aan de slag met isolatie van woningen (van particulieren), met de nodige restricties om gebouwbewonende soorten te ontzien. Hierbij mag de komende jaren maximaal 6% van de woningen worden geïsoleerd. Dit is een tijdelijke maatregel om de energietransitie aan te jagen, mede omdat het regelen van een SMP een langer traject is. Vanuit de provincie krijgen gemeenten de verplichting om op voorhand verblijfplaatsen van vleermuizen te compenseren voor februari 2025. Echter is de uitwerking hiervan (waar moeten deze verblijfplaatsen aan voldoen) nog niet gereed, wat het lastig maakt om tot uitvoering te komen.
Pagina 13
Spoor 4: monitoring van de maatregelen Opzet meetnet Ridderkerk In 2023 is gestart met het Meetnet Biodiversiteit Ridderkerk. Hierin worden in een meetronde vijf soortgroepen onderzocht: dagvlinders, libellen, vogels, vleermuizen en planten. Met de keuze voor vijf soortgroepen vormt het een effectieve manier om de ontwikkelingen in onze stadsnatuur te volgen. Libellen en planten zeggen vooral iets over het beheer van het groen en het water. Vogels, dagvlinders en vleermuizen zijn door hun mobiliteit een goede graadmeter voor de ecologische kwaliteit van de stedelijke omgeving.
Monitoring van natuurwaarden in de gehele gemeente (vlakdekkend) is erg kostbaar en niet realistisch. Daarom is gekozen voor de zogenaamde ‘steekproef methodiek’, wat vaak de gekozen aanpak is in een gemeentelijke context. Met de opzet van een meetnet, waarbij verschillende soortgroepen op een gestandaardiseerde manier worden geteld, wordt inzicht verkregen in de staat van de flora en fauna in Ridderkerk. Hierbij worden bij elke meetronde dezelfde locaties gebruikt, zodat er directe vergelijkingen tussen de meetrondes gemaakt kunnen worden.
De eerste meetronde geldt als nulmeting. Door deze tellingen te herhalen (op dezelfde locaties met dezelfde methodiek), worden trends inzichtelijk. Na elke volgende meetronde volgt een analyse van de resultaten. Neemt de biodiversiteit toe of juist af? Bijvoorbeeld: hoe ontwikkelen de dagvlinders van de graslanden zich door de jaren heen. Deze trends kunnen vervolgens afgezet worden tegen het gevoerde beheer in die periode, en derhalve iets zeggen over hoe de maatregelen uitpakken (wat werkt er goed, wat kan beter?).
Tevens kunnen de metingen vergeleken worden met het landelijke beeld: volgen de lokale ontwikkelingen de landelijke trend, of is er wat anders aan de hand? Spelen misschien lokale factoren een rol, zoals een verandering in het beheer?
Per meetronde volgt na het onderzoek een rapportage. Voor de nulmeting van 2023-2024 is een diepgravende analyse niet mogelijk, daar zijn meerdere meetrondes voor mogelijk. Wel kan een algemeen beeld geschetst worden. In 2025 en 2026 wordt het onderzoek herhaald, daarna kan een vergelijking worden gemaakt met de eerste meetronde en daarmee een uitgebreidere analyses van
Pagina 14
de lokale ontwikkelingen van de vijf soortgroepen. Dit is onderdeel van de eindevaluatie Werken vanuit ecologie.
Aansluiten op nationale meetnetten Voor de vijf soortgroepen wordt het onderzoek volgens landelijke protocollen uitgevoerd, de resultaten worden ook gedeeld/ingevoerd bij landelijke partijen: -
Voor vlinders zijn telroutes aangemeld bij De Vlinderstichting, welke het langst lopende nationale meetnet heeft lopen;
-
Voor libellen geldt hetzelfde;
-
Voor vogels zijn telroutes aangemeld bij Sovon, de landelijke stichting die zich bezig houdt met vogeltrends. Hierbij is het onderdeel van het MUS: meetnet urbane soorten;
-
Voor planten wordt gebruik gemaakt van de Nectarindex van Floron, de landelijke stichting die alles op het vlak van flora onderzoekt;
-
Voor vleermuizen is geen bruikbaar landelijk meetnet, er is gekozen voor een protocol wat in andere meetnetten (zoals Leiden) wordt gebruikt;
De verzamelde gegevens worden verzameld in bestaande systemen van de genoemde partijen. Voor vleermuizen zijn de waarnemingen opgeslagen in de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF).
Gebruik NDFF Er is een abonnement op Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) afgesloten. De afgelopen decennia is in deze databank een ontelbare hoeveelheid kennis verzameld. Bij verschillende projecten is data uit NDFF ingezet. Met deze data wordt het beeld van een projectlocatie en directe omgeving duidelijker. Bijvoorbeeld: zijn er huismussen in de nabijheid – daar houden we dan rekening mee en versterken de populatie waar mogelijk. Vanaf 2025 is het gebruik van NDFF overigens gratis voor iedereen.
Pagina 15
Financiën Besteding budget 2023 Het totaal beschikbare budget in 2023 was € 176.000,-- waarvan € 6.500,-- exploitatiebudget en € 169.500 budget Werken vanuit Ecologie.
Exploitatiebudget € 6.500,-Het lidmaatschap Deltaplan biodiversiteitsherstel en de licentiekosten ‘gebruik NDFF’ zijn betaald.
Budget Werken vanuit Ecologie € 169.500,-De inhuur kosten van de ecoloog zijn volledig vergoed. Kosten voor publiciteitscampagnes (o.a. via Facebook), Ridderkerk gaat voor groen, de productievideo’s, de kosten aan het Ontwikkelfonds ‘Tuin met Stip’ en de opdracht en uitvoering aanpak Zinloze Verharding zijn ten laste gebracht van dit budget. De acties ‘impuls geven aan vergroening bedrijfsgebouwen en winkelcentra’, ‘participatie groene parels starten’ en ‘kansen voor ecologisch beheer en inrichting benutten’ zijn in 2023 niet uitgevoerd of hebben nog niet geleid tot uitgaven. Per saldo is in 2023 ca. € 75.850,-- aan kosten ten laste van het budget Werken vanuit Ecologie gebracht en is ca. € 93.700,-- doorgeschoven naar 2024.
Besteding budget 2024 (tot 01-09-2024) Het in 2023 genoemde exploitatiebudget van € 6.500,-- is in 2024 eveneens betaald. Het totaal beschikbare budget Werken vanuit Ecologie in 2024 is inclusief indexatie ca. € 277.900,-(€ 177.700,-- + ca. € 93.700,-- uit 2023 + € 6.500,-- exploitatiebudget)
Budget Werken vanuit Ecologie ca. € 277.900,-De kosten genoemd in 2023 voor publiciteitscampagnes, Ridderkerk gaat voor groen, de productievideo’s en de kosten aan het Ontwikkelfonds ‘Tuin met Stip’ zijn inmiddels ten laste gelegd van dit budget. De kansen voor ecologisch beheer en inrichting is voor wat betreft het omvormen van grote delen van gazon naar kruidenrijk mengsel in uitvoering. Tevens is de schapenbegrazing aanbesteed en in uitvoering.
Pagina 16
De acties ‘impuls geven aan vergroening bedrijfsgebouwen en winkelcentra’ en ‘participatie groene parels starten’ hebben tot heden niet geleid tot uitgaven. Naar verwachting zal ca. € 100.000,-- doorgeschoven worden naar 2025.
Inzet budget in 2025 en 2026 Naast de doorlopende bovenstaande acties zal ingezet worden op de acties ‘impuls geven aan vergroening bedrijfsgebouwen en winkelcentra’ en ‘participatie groene parels starten’. Daarnaast wordt budget besteed aan locaties waar proactief verharding groen omgevormd gaat worden.
Pagina 17
Bijlage 1 Resultaten quickscan overbodige verharding Motie Overbodige verharding in kaart In deze op 26 januari 2023 aangenomen motie is het college verzocht: 1. een quickscan op het gebied van overbodige verharding in de openbare ruimte uit te voeren. (eventueel in combinatie met het gebruik van een digitale onthardingstool); 2. de uitkomst van deze quickscan met de raad te delen met de tussentijdse- (2024) en eindevaluatie (2026) van het rapport ‘Werken vanuit ecologie’ en daarbij aan te geven wanneer de overbodige verharding is en wordt verwijderd; 3. hiervoor het budget binnen de bestaande begroting te realiseren en zonodig met een voorstel te komen.
Uitvoering quickscan Medio 2023 is een quickscan uitgevoerd met behulp van een ‘zinloze verhardingstool’ van een extern bureau. De tool brengt vlakken waar theoretisch een mogelijkheid is om te vergroenen in beeld door middel van een GIS-analyse. Het betreft alleen voetgangersgebieden. Het systeem houdt rekening met een minimale breedte van de paden en voldoende overblijvende ruimte om theoretisch een groenvak te kunnen maken. Verharding met een functie (denk aan inritten, bushaltes, etc.) is daar zoveel mogelijk buiten gelaten door middel van een aantal controlerondes. Wij spreken overigens liever over ‘potentiele vergroeningslocaties’.
Reconstructies en ontwikkelingen buiten beschouwing laten Resultaat van de analyse is een digitale kaart met vlakken die vervolgens als kaartlaag is opgenomen in het beheersysteem van de openbare ruimte. Met behulp van het beheersysteem is het mogelijk om een verdere analyse te maken. Zo vallen veel vlakken in gebieden waar de komende vijf jaar integrale beheerprojecten of andere ontwikkelingen in de openbare ruimte gaan plaatsvinden. Denk bij integrale beheerprojecten aan projecten waarbij de openbare ruimte wordt heringericht, zoals in Centrum-West, Bloemenbuurt, Bolnes-Rivierenbuurt en een groot deel van Slikkerveer. Bij ontwikkelingen gaat het bijvoorbeeld om (sloop/)nieuwbouwlocaties, het HOV-traject, de centrumring, het centrumplan, woningbouwlocaties van Wooncompas en Sportpark Bolnes. Bij deze locaties is het niet efficiënt om nu de overbodige verharding aan te pakken, aangezien bij de nieuwe
Pagina 18
ontwerpen wordt ingezet op zo veel mogelijk groen. Uiteraard geven de vlakken overbodige verharding op de kaart wel inspiratie voor het nieuwe ontwerp.
Een deel is geen zinloze verharding maar functionele verharding De vlakken zinloze verharding die overbleven op de digitale kaart hebben we nader onderzocht. Een groot deel hiervan bleek echter toch wel functionele verharding te zijn. Te denken valt aan: -
Inritten naar garages of parkeerplekken op eigen terrein die in de controlerondes over het hoofd zijn gezien;
-
Ruimte die toegang geeft tot achterpaden;
-
Opstelplekken voor minicontainers;
-
Plaatsen waar bv. een viskar staat;
-
Fietsparkeerplekken;
-
Brugdekken.
Een deel is praktisch minder goed uitvoerbaar Daarnaast kwamen we stukken verharding tegen die zich om andere redenen minder makkelijk lenen om op korte termijn te verwijderen, zoals: -
Op de kaart aangegeven verharding van derden, zoals scholen, andere instellingen en Wooncompas;
-
Onpraktische locaties vanwege het noodzakelijke gebruik van de verharding door onderhoudsvoertuigen of te veel kabels- en leidingen in de ondergrond;
-
Plaatsen waar bloembakken van de buurtpreventie Bolnes staan. Mogelijk worden deze bloembakken meer gewaardeerd dan vast groen en bovendien bevorderen ze de sociale cohesie doordat de planten samen worden verzorgd.
Foto: Verharding met bloembakken en fietsnietjes. In de quickscan komt dit als overbodige verharding naar voren.
Pagina 19
Ontwikkelingen waar rekening mee moet worden gehouden De beschikbare ruimte is beperkt en belangen moeten integraal worden afgewogen. Denk aan een toename van het fietsgebruik (dus meer ruimte voor fietsparkeren nodig), ruimte voor extra trafostations voor verzwaring van het stroomnet en ruimte voor laadstations voor elektrische auto’s. Naast de grote integrale beheerprojecten (herinrichting) vindt er ook regulier onderhoud in de buitenruimte plaats waarbij stukken verharding worden herstraat. In deze gevallen wordt altijd bekeken of er een kans is voor extra vergroening. Een extra groenvak, vergroten van een bestaand groenvak of het vergroten van een boomspiegel zijn op die momenten relatief eenvoudig te realiseren.
Wat blijft er dan nog over? In bijna elke wijk zijn locaties aan te wijzen die – buiten integrale beheerprojecten, ontwikkelingen en regulier onderhoud om – vergroend kunnen worden door middel van het verwijderen van verharding. Deze locaties gaan wij de komende tijd in beeld brengen. De kosten voor het verwijderen van de verharding en het aanbrengen van het groen brengen wij vervolgens in beeld. Daarbij houden we ook rekening met de hogere onderhoudskosten van groen ten opzichte van verharding. De mogelijkheden om nog niet afgeschreven verharding te hergebruiken worden ook bekeken. Naar verwachting is voor de realisatiekosten dekking binnen het budget van Werken vanuit Ecologie. De interne afstemming, het betrekken van bewoners, het maken van een ontwerp, het bepalen van het soort groen, toezicht houden op de uitvoering, etc., kost de benodigde ambtelijke capaciteit. Niet alle bewoners kunnen vergroening waarderen. Denk aan een te breed trottoir dat wordt gebruikt als parkeerplek (wat uiteraard niet is toegestaan maar in de praktijk wel gebeurt). Een zorgvuldige aanpak is daarom nodig.
Ook ‘niet-overbodige verharding’ kan worden vergroend Het valt buiten de scope van de motie en van de quickscan, maar parkeerplaatsen vormen een enorm oppervlak aan verharding in de gemeente. Door deze om te vormen naar parkeerplaatsen met open verharding ingezaaid met bijvoorbeeld microklaver (zoals bij de gemeentewerf is toegepast), is een enorme vergroening te bereiken en dragen we bij aan verkoeling en extra waterberging. Dit vergt wel een ander type onderhoud. We besparen bijvoorbeeld op het vegen van parkeerplaatsen. Aandachtspunt is de ondergrond: die moet geschikt gemaakt worden voor het bergen en afvoeren van regenwater. In de LIOR (Leidraad Inrichting Openbare Ruimte) wordt
Pagina 20
aangegeven dat parkeervakken met open verharding de standaard zijn. Het is te overwegen om parkeervakken los van bestaande projecten en ontwikkelingen al te gaan vergroenen. Maar omdat deze verharding nog niet aan onderhoud of vervanging toe is, is daarvoor geen budget en capaciteit beschikbaar.
Plantenbakken zijn ook te overwegen Om locaties makkelijker en sneller te vergroenen kan ook worden gedacht aan bloem/ plantenbakken. Op dit moment heeft de gemeente geen bloembakken in beheer en onderhoud. De bloembakken die her en der aanwezig zijn staan daar met toestemming van de gemeente, maar worden niet door de gemeente onderhouden. Bijvoorbeeld de bloembakken in Bolnes (Buurpreventie) of in het centrum (winkeliers). De effecten op waterberging en verkoeling zijn minder aan de orde bij bakken, maar door een goede keuze van de beplanting kan er wel degelijk iets worden bijgedragen aan de biodiversiteit.
Printscreens quickscan Op de volgende pagina’s is een aantal printscreens weergegeven van het beheersysteem waarin de quickscan is opgenomen. De hierboven beschreven analyse (buiten beschouwing laten wat komende jaren al wordt aangepakt, verharding die toch niet overbodig is, verharding van derden, etc.) is vertaald naar verschillende kaartlagen / kleuren. Deze nadere bestudering en analyse hebben we uitgevoerd op ruim de helft het areaal van Ridderkerk.
Pagina 21
Pagina 22
Pagina 23
Pagina 24