CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

RKC rapport Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk 2018-2020.pdf

Gemeenteraad RK 7 maart 2022, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 12: Rapport rekenkamercommissie “Resultaatgerichte Jeugdhulp in Ridderkerk 2018-2020”17.849 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

1 2

Gemeente Ridderkerk. Informatiefolder: Van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp. December 2017. Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Model resultaatgerichte inkoop jeugdhulp 2018. November 2016.

3

4

65320 – Openbaar

Thema’s

Deelvragen

Doel, visie en ambitie

1.

Wat wil de gemeente Ridderkerk realiseren met jeugdhulp en in hoeverre worden resultaten bereikt?

2.

Zijn de resultaten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen?

3.

Wat is de prognose voor het verdere verloop van de vraag naar jeugdhulp?

Organisatorische keuzes

4.

Hoe heeft de gemeente Ridderkerk de uitvoering van haar wettelijke taak vormgegeven om passende zorg en ondersteuning voor jeugdigen te bieden?

Inhoudelijke beleidskeuzes

5.

Wat is het beeld van het beleidsterrein op hoofdlijnen en resultaatgericht werken in specifieke zin?

Financiële keuzes

6.

Zijn de resultaten en kosten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen en op welke wijze wordt over de voortgang gerapporteerd aan de gemeenteraad?

Samenwerking ambtelijk, bestuurlijk en politiek

7.

Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de (voortgang op) jeugdhulp in algemene zin en de beleidsdoelen ten aanzien van resultaatgericht werken in specifieke zin?

1.3 Plan van aanpak onderzoek Voor beantwoording van de hoofd- en deelvragen hebben wij informatie verzameld via de volgende kanalen: documentstudie3, (groeps)interviews, werksessies en een focusonderzoek met cliënten die jeugdhulp ontvangen. Het onderzoek hebben we uitgevoerd in de periode van februari 2021 tot en met augustus 2021. Dit heeft geresulteerd in het volgende plan van aanpak:

Figuur 1. Plan van aanpak

1.4 Leeswijzer In voorliggende nota van bevindingen wordt de vraag aan Berenschot en het plan van aanpak om te komen tot beantwoording van de deelvragen nader toegelicht (hoofdstuk 1). Vervolgens worden de bevindingen

3

Voor een overzicht van de documenten gebruikt voor de documentanalyse, zie bijlage 2.

65320 – Openbaar

beschreven (hoofdstuk 2). De conclusies en aanbevelingen zijn opgenomen in een bestuurlijke nota (separaat document).

5

65320 – Openbaar

6

2. Bevindingen De bevindingen beschrijven wij puntsgewijs langs de lijn van vijf thema’s en aan elk van de thema’s hebben we één of meerdere deelvragen gekoppeld. In de bestuurlijke nota (separaat document) trekken wij conclusies en formuleren wij adviezen, gegeven deze bevindingen en het door Berenschot in samenspraak met de rekenkamercommissie opgestelde normenkader.

2.1 Doel, visie en ambitie Deelvraag 1. Wat wil de gemeente Ridderkerk realiseren met jeugdhulp en in hoeverre worden resultaten bereikt?

Beschrijving van de regionale situatie: algemeen •

Binnen de regio Rotterdam-Rijnmond bestaat een nauwe samenwerking op het terrein van jeugdhulp tussen de vijftien gemeenten, waaronder de gemeente Ridderkerk, met als doel inwoners zo goed mogelijk te ondersteunen.4

•

Deze samenwerking is in mei 2014 in een gemeenschappelijke regeling geformaliseerd onder de titel ‘Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond’ (hierna: GRJR) en per 1 januari 2015 in werking getreden.

•

De meerwaarde van nauwe samenwerking in GRJR-verband is5: -

het beschikbaar houden van jeugdbescherming en jeugdreclassering, van specialistische zorg en 7/24 crisisopvang

•

-

het realiseren van schaalvoordelen en

-

het delen van kennis en expertise.

De GRJR heeft tot taak ‘de gemeenschappelijke inkoop zodanig vorm te geven dat lokale ambities van gemeenten kunnen worden gerealiseerd’.6

Beschrijving van de regionale situatie: specifiek voor resultaatgerichte jeugdhulp •

In april 2016 is door het Algemeen Bestuur van de GRJR besloten om resultaatgerichte sturing en bekostiging als uitgangspunt te nemen. Belangrijke argumenten hiervoor waren7: -

betere focus op resultaat

-

integrale levering voorkomt meerdere trajecten naast elkaar

-

duidelijke positionering van opdrachtgeverschap

-

meer ruimte voor aanbieders en professionals voor ‘het hoe’

-

prikkels om tijdig af te schalen en andere oplossingen te zoeken

-

eenvoudige, doeltreffende facturatie, betaling en verantwoording

-

transformatie-aanbod (betere, meer samenhangende hulp tegen reële prijs in plaats van langlopende productiebekostiging waarin een vaste prijs wordt vermenigvuldigd met het aantal lopende trajecten (zogenaamde PXQ-financiering) en

-

betere marktwerking.

Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Transformatieagenda jeugdhulp Rijnmond 2017-2018: Een sprong in de toekomst. Oktober 2016. 5 Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Transformatieagenda jeugdhulp Rijnmond 2017-2018: Een sprong in de toekomst. Oktober 2016: pagina 3. 6 Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Jaarstukken 2016 (conceptversie). 2017: pagina 4. 7 Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Jaarstukken 2016 (conceptversie). 2017: pagina 6. 4

65320 – Openbaar

7

Beschrijving van de lokale situatie: algemeen •

De gemeente Ridderkerk wil de hulp aan jeugdigen efficiënt en kwalitatief goed vormgeven. Het is de wens om te sturen op een sterk lokaal sociaal systeem dat op duurzame wijze zelfredzaamheid bevordert. Daarbij hanteert de gemeente Ridderkerk de volgende doelstellingen8: -

De juiste ondersteuning, op de juiste plek, op het juiste moment.

-

De ondersteuning is van goede kwaliteit en wordt efficiënt en integraal geleverd.

-

De kosten blijven binnen de beschikbare middelen en;

-

het doel is om zoveel mogelijk vraaggericht bij de zorgvraag aan te sluiten en hierbij te focussen op een verschuiving van intensieve specialistische zorg naar ambulante zorg en inzet van eigen kracht en het eigen netwerk. Hierdoor worden stappen genomen in de transitie naar een stelsel waar ingezet wordt op demedicalisering, versterking van zelfredzaamheid en vroegsignalering.

•

Sommige jeugdhulptaken zijn op lokaal niveau belegd, zoals geestelijke gezondheidszorg voor jeugdigen (hierna: jeugd-ggz), dyslexiezorg en ondersteuning van jeugdigen met een beperking. De specialistische, zwaardere jeugdhulptaken zijn regionaal belegd (lees: georganiseerd via de GRJR). Het is op het moment van schrijven onderwerp van discussie of een gedeelte van de taken voor ambulante jeugdhulp, dat nu regionaal is belegd, mogelijk in de toekomst op lokaal niveau belegd wordt.

•

In april 2012 hebben de colleges van de gemeenten Barendrecht, Albrandsewaard en Ridderkerk (hierna: BAR) het plan van aanpak voor de decentralisatie jeugdhulp op BAR-niveau vastgesteld.9 De BAR-gemeenten voeren sinds 1 januari 2015 de aan hen toebedeelde jeugdhulptaken uit.

•

De wijze waarop de gemeente Ridderkerk haar wettelijke verantwoordelijkheid invult voor jeugdhulp is beschreven in het ‘Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018’. In ‘Gewoon opgroeien: Integraal jeugdkader 2016-2020’ staan de visie en de beleidskaders van de gemeente Ridderkerk beschreven voor jeugdigen van 0-23 jaar. Laatstgenoemd document richt zich op de jaren 2016-2020 en bouwt voort op de ‘Startnotitie integraal jeugdbeleid’ uit 2011. In het document ‘Gewoon opgroeien: Integraal jeugdkader 20162020’ wordt niet specifiek ingegaan op jeugdhulp: dit is verankerd in het ‘Meerjarenbeleidskader 2.0 Jeugdhulp 2015-2018’. Daarnaast is de raad middels de raadsinformatiebrief ‘Opdrachtgeverschap en financiering wijkteams en bekostiging jeugdhulp 2018’ geïnformeerd over belangrijke keuzes betreffende resultaatgericht werken. In de volgende figuur staan de belangrijkste keuzes weergegeven die de gemeente Ridderkerk gemaakt heeft met betrekking tot jeugdhulp in algemene zin.

8 9

Gemeente Ridderkerk. Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018. Geen datum: pagina 30. Gemeente Ridderkerk. Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018. Geen datum.

65320 – Openbaar

8

65320 – Openbaar

9

Figuur 2. Overzicht keuzes gemeente Ridderkerk uitvoering jeugdhulp •

Aan de visie, uitgangspunten en doelstellingen zoals beschreven in het ‘Meerjarenbeleidskader 2.0 Jeugdhulp 2015-2018’ zijn geen concrete kritieke prestatie-indicatoren (KPI’s) gekoppeld. Wel worden er in de bestuursrapportages en de documenten die onderdeel zijn van de reguliere P&C-cyclus indicatoren gebruikt om inzicht te geven in de stand van zaken van de jeugdhulp. Het gaat daarbij om openbare data (vanuit CBS).

•

Er is op voorhand wel nagedacht over het opvragen van specifieke informatie bij zorgaanbieders om de resultaten op jeugdhulp in kaart te brengen, maar het aanvragen van deze data bleek onmogelijk vanwege juridische regelgeving.

Beschrijving van de lokale situatie: specifiek voor resultaatgerichte jeugdhulp •

Voor de periode van het regionaal transitiearrangement (2015-2017) is afgesproken dat ‘wat gesubsidieerd is gesubsidieerd blijft, en wat gecontracteerd is gecontracteerd blijft’. Dit ter bevordering van de zorgcontinuïteit. Ook de dan geldende bekostigingssystematiek per domein is in deze periode gehandhaafd. De periode van het transitiearrangement is gebruikt om te onderzoeken op welke wijze de financiering en bekostiging op de lange termijn vorm moet krijgen. Daarbij werd gesteld dat de toekomstige financiering- en bekostigingssystematiek zodanig moet worden vormgegeven dat deze bijdraagt aan het vergroten van het sturende vermogen van de jeugd- en gezinsteams en aansluit bij een vereenvoudigde integrale verantwoordingssystematiek voor zorgaanbieders.10

•

In het ‘Meerjarenbeleidskader Jeugdhulp 2.0 2015-2018’ wordt niet gesproken over resultaatgericht werken.

•

Net als de GRJR heeft de gemeente Ridderkerk ervoor gekozen om met ingang van 1 januari 2018 resultaatgericht in te kopen, ook voor de taken die lokaal zijn belegd. De reden om ook lokaal resultaatgericht te werken is ten eerste gebaseerd op de gedachte dat het voor consulenten fijn is om één lijn te hanteren voor zowel lokaal als regionaal belegde jeugdhulp en daarmee verwarring te voorkomen. Ten tweede is ervoor gekozen om ook op lokaal niveau resultaatgericht te gaan werken, zodat de specialistische jeugdhulp en lokale jeugdhulp beter op elkaar aansluiten en snel kan worden op- of afgeschaald.

•

Voor resultaatgericht werken is er geen nieuw beleidskader ontwikkeld dat geldend was in de periode 20182020. Er is in die periode voortgeborduurd op het ‘Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018’. Wel is er een nieuw beleidskader ‘Integraal beleid sociaal domein Ridderkerk’ (geldend vanaf 2021) ontwikkeld waarin gesproken wordt over resultaatgericht werken. Laatstgenoemd beleidskader valt buiten de scope van dit onderzoek.

•

In aanloop naar het nieuwe ‘Integraal beleid sociaal domein Ridderkerk’ is stilgestaan bij de resultaten van het voorgaande beleid, onder andere volgend uit het ‘Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018’ en het ‘Gewoon opgroeien: Integraal jeugdkader 2016-2020’.11 Deze evaluatie besteedt geen specifieke aandacht aan de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp.

Relevante contextfactoren die van invloed zijn op de resultaten •

Door toenemende vraag naar jeugdhulp ontstaan wachtlijsten bij veel gemeenten. Hiervan is ook sprake binnen de gemeente Ridderkerk.12

•

Het jaar 2018 is een overgangsjaar geweest voor de gemeente Ridderkerk, waarin voor het eerst op basis van resultaatgerichte bekostiging is gewerkt. Met name de afstemming over de arrangementen tussen het wijkteam en de (specialistische) jeugdhulpaanbieder vereiste een nieuwe manier van werken.

•

In maart 2020 is de COVID-19-crisis in Nederland aangevangen, waardoor zorgaanbieders op (gedeeltelijk) andere manieren hun ondersteuning hebben moeten geven aan inwoners.

Gemeente Ridderkerk. Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018. Geen datum: pagina 36. Evaluatie beleidskaders sociaal domein Ridderkerk. Mei 2020. 12 Onder andere: Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Begroting 2021. Geen datum. Maatschappelijk Burger Platform Ridderkerk. Brief: Signalen rondom jeugdhulp. Juni 2019. 10 11

65320 – Openbaar

•

10

Slechts een deel van de aanmeldingen voor jeugdhulp loopt via het gemeentelijk loket. Verwijzingen van huisartsen en andere wettelijke verwijzers bemoeilijkt de ‘controle aan de poort’. In de periode 2018 – 2020 zijn tussen de 27 % en 38 % van de verwijzingen via de gemeentelijke toegang verlopen. De hiervoor gebruikte openbare CBS-data zijn verwerkt in de volgende grafiek.13

Figuur 3. Verwijspercentages jeugdhulp gemeente Ridderkerk (periode 2018 – 2020) •

Veel gemeenten ervaren financiële druk door tekorten in het sociaal domein. Met invoering van de decentralisaties in 2015 hebben gemeenten veel nieuwe taken gekregen vanuit het Rijk, terwijl deze taken met een lager budget uitgevoerd moeten worden. Recent heeft de arbitragecommissie uitgesproken dat er in 2022 € 1,9 miljard extra beschikbaar wordt gesteld voor gemeenten om hun jeugdhulp taken uit te voeren. 14

•

De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving beschrijft dat verschijnselen die te maken hebben met een bepaalde levensfase haast automatisch worden geduid als een individueel medisch probleem en dat de oplossing vervolgens bij een zorgprofessional wordt gezocht. Voor jeugdhulp betekent dit dat jeugdigen vaak een diagnose gesteld krijgen die medisch van aard is, terwijl de onderliggende vraag niet per se medisch van aard hoeft te zijn.15 Echter, dit zorgt wel voor een sterke stijging in de vraag naar jeugdhulp.

•

Werknemers in de jeugdhulp ervaren een hogere werkdruk dan andere werknemers in de sector zorg en welzijn.16 Bijna 44% van de werknemers in zorg en welzijn ervaart een hoge tot zeer hoge werkdruk. Bij werknemers in de jeugdhulp is het percentage 53%. Ook zegt 70% van de werknemers uit de jeugdhulp dat

https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/82971NED/table Uitspraak en advies van de arbitragecommissie inzake het geschil tussen Rijk en gemeenten (VNG) over de structurele financiering van de jeugdhulp. Jeugdhulp: een onderwerp van aanhoudende zorg. Den Haag, 18 mei 2021. 15 Raad voor Volksgezondheid en Samenleving. Recept voor maatschappelijk probleem: Medicalisering van levensfasen. 4 april 2017. 16 Nederlands Jeugdinstituut. Werkdruk in de jeugdhulp toegenomen. 8 oktober 2019. 13 14

11

65320 – Openbaar

de werkdruk in 2019 is toegenomen. Dit komt onder andere voort uit de toegenomen vraag naar jeugdhulp. Dit heeft een hoger verloop tot gevolg, wat de zorgcontinuïteit in gevaar kan brengen. Door inzet op preventie worden belemmeringen in de ontwikkeling van een jeugdige zoveel mogelijk

•

voorkomen. Daar waar zich bedreigingen of problemen voordoen, moet dit zo vroeg mogelijk gesignaleerd worden en moet de hulp/ondersteuning zo snel en laagdrempelig mogelijk ingezet worden. Samenwerking tussen betrokken partijen is in dit kader erg belangrijk.17 De gemeente Ridderkerk zet hier onder andere op in door de samenwerking tussen het onderwijs en de gebiedsteams te intensiveren middels vroegsignalering. De gemeente Ridderkerk maakt deel uit van een gemeenschappelijke regeling en ervaart binnen die

•

gemeenschappelijke regeling beperkte zeggingskracht of invloed. Deelvraag 2. Zijn de resultaten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen?

Bevindingen documentstudie, (groeps)interviews en werksessies •

In de interviews met de gesprekspartners kwam een aantal onderwerpen naar voren: -

Er kwam meermaals naar voren dat de lokale gesprekspartners zich voor de invoering van de resultaatgerichte jeugdhulp zorgen maakten over de uitvoerbaarheid, financiële grip én sturing op zorgaanbieders bij resultaatgericht werken. De (uitingen van) zorgen over resultaatgericht werken zijn, in de beleving van lokale medewerkers, onvoldoende meegenomen in de regio. Desalniettemin is op basis van andere argumenten gekozen om resultaatgericht te gaan werken.

-

Er zijn voorafgaand aan de implementatie van resultaatgericht werken voorbereidende sessies georganiseerd tussen de gemeente(n) en zorgaanbieders. Deze sessies waren primair bedoeld om duidelijkheid te creëren, met als doel problemen bij de implementatie te voorkomen.

-

Uit de gesprekken bleek dat het lastig sturen is op afgesproken resultaten. Mogelijke oorzaken: o

vooraf gestelde behandeldoelen zijn niet altijd SMART-geformuleerd, en de taak om tot een arrangement te komen tussen het gebiedsteam en de (specialistische) zorgaanbieder is met name in het begin een zoektocht geweest. Door afwezigheid van SMART-geformuleerde doelen ontstaan er regelmatig interpretatieverschillen tussen het wijkteam en de zorgaanbieders over het wat en het hoe. Belangrijke kanttekening is dat in de gesprekken is benoemd dat hier na verloop van tijd verbetering in is opgetreden

o

in de praktijk komt het regelmatig voor dat zorgaanbieders niet binnen het afgesproken arrangement de gewenste doelstellingen kunnen realiseren. De ervaring van gesprekspartners is dat arrangementen alleen worden uitgebreid, en niet in omvang naar beneden worden bijgesteld (lees: er blijkt een minder intensief arrangement nodig te zijn)

o

ook zijn de uitgevoerde activiteiten van zorgaanbieders lastig te controleren. Dit komt ten eerste doordat vooraf gestelde KPI’s niet in contracten opgenomen konden worden wegens veranderde wet- en regelgeving. Ten tweede zijn er geen directe consequenties verbonden als zorgaanbieders hun doelstellingen niet realiseren. Dit bemoeilijkt sturing op zorgaanbieders.

-

Er is minder grip op regionale zorgaanbieders in vergelijking met lokale zorgaanbieders, omdat bij regionale zorgaanbieders de afstand als groot wordt ervaren door gesprekspartners. Dit wordt onder andere veroorzaakt door afwezigheid van een scherpe rolomschrijving tussen uitvoeringsorganisaties en contractmanagers. Inmiddels is deze rolomschrijving scherper gedefinieerd. Gesprekspartners benoemen ook dat het afstemmen van arrangementen is verbeterd, en dat zorgaanbieders flexibeler omgaan met het leveren van zorg. Mede hierdoor zijn er in de regio weinig zorgaanbieders financieel in de knel gekomen tijdens corona en is de zorg gecontinueerd (onder andere tijdens de verschillende lockdowns).

17

Gemeente Ridderkerk. Gewoon opgroeien: Integraal jeugdkader 2016-2020. Geen datum: pagina 6.

12

65320 – Openbaar

Dit sluit aan bij de doelstelling van resultaatgericht werken waarbij ‘zorgaanbieders meer ruimte krijgen voor het hoe’. •

Over de financiële situatie wordt in de informatiebrief ‘Voortgang openbaar lichaam jeugdhulp Rijnmond’18 (november 2018) het volgende gezegd: -

Er wordt een tekort van € 10,4 tot € 15,2 miljoen verwacht voor de gehele regio. Daarnaast vallen de volgende ontwikkelingen op: o

Stijging van cliëntaantallen in de totale jeugdhulp.

o

Stijging van de kosten voor de zeer specialistische landelijke voorzieningen.

o

Hogere kosten voor zorgcontinuïteit dan begroot, en

o

stijging van het aantal crisisopnamen als gevolg van beperkte doorstroming naar reguliere voorzieningen.

-

Voor de gemeente Ridderkerk betekent het geprognosticeerde tekort een extra inleg van maximaal € 370.820,- en minimaal € 252.608,- op jaarbasis.

Bevindingen focusonderzoek •

Zoals de gemeente Ridderkerk in haar beleidskader beschrijft wil zij er voor haar inwoners zijn. Om die reden maakt onderzoek naar de ervaringen van inwoners met jeugdhulp in de gemeente Ridderkerk onderdeel uit van de scope. In totaal hebben we met tien inwoners gesproken over hun ervaring met jeugdhulp.

•

In algemene zin geven respondenten aan tevreden te zijn over de aan hen aangereikte jeugdhulp. De wijkteamleden zijn goed bereikbaar en geven inwoners het gevoel dat zij er voor hen zijn. Een aantal keer is genoemd dat de wijkteamleden bereid zijn om stappen extra te zetten voor de inwoners als de situatie daarom vraagt. Wijkteamleden gaan bijvoorbeeld mee naar oudervoorlichtingen of naar de rechtbank als luisterend oor, of om ondersteuning te bieden. Inwoners voelen zich gesteund en zijn van mening dat de kwaliteit van geboden jeugdhulp in orde is. Dat geeft vertrouwen, benoemen respondenten. ‘Het wijkteamlid geeft mij het gevoel dat ik voor alle vragen bij haar terecht kan. Als zij een keer het antwoord niet weet, koppelt zij mij aan een andere professional. Dat neemt veel zorgen bij mij weg.’

•

Een herhaaldelijk genoemd aandachtspunt zijn de wachttijden binnen de jeugdhulp. Dit wordt gezien als een probleem. Consequentie is dat de cliënt een andere ondersteuningsvorm ontvangt (bijvoorbeeld basis-ggz) in plaats van gespecialiseerde ggz. Een ander aandachtspunt is de aanvraag van het PGB via de Sociale Verzekeringsbank. Cliënten ervaren dat de administratieve route om een PGB aan te vragen soms complex is en een kwestie van een lange adem kan zijn. Ondersteuning van het wijkteam hierin zou de dienstverlening nog beter maken. ‘Ik merk heel erg dat de intentie van de jeugdconsulenten goed is. Dat is voor mij het belangrijkste. Als ik een ontwikkelpunt zou noemen, denk ik aan het verkrijgen van het PGB. Dat duurde best lang, en de route ernaartoe was niet altijd duidelijk.’

•

Ondanks de wachttijden wordt de zorgcontinuïteit als één van de sterke punten benoemd. Respondenten ervaren dat er wel eens gewisseld wordt van jeugdconsulent. De gemeente Ridderkerk schakelt in de perceptie van inwoners snel en zorgt ervoor dat de inwoner op de hoogte wordt gebracht van wisselingen. ‘Toen mijn eerste jeugdconsulent een andere baan kreeg, vond ik het erg spannend om een nieuwe relatie op te bouwen met een tweede jeugdconsulent. Je weet tenslotte niet of er een klik is. De tijd die beschikbaar is gesteld om kennis te maken was heel fijn, net als de kennismaking zelf. Ik en mijn kind voelden zich echt gehoord.’

18

Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Voortgang openbaar lichaam jeugdhulp Rijnmond. November 2018.

65320 – Openbaar

13

Inwoners ervaren dat er snel met hen contact wordt opgenomen om een nieuw kennismakingsgesprek in te plannen. Deelvraag 3: Wat is de prognose voor het verdere verloop van de vraag naar jeugdhulp?

•

Om inzicht te krijgen in de prognose voor het verdere verloop van de vraag naar jeugdhulp hebben wij enerzijds gebruik gemaakt van historische data. Dit is het prognosemodel historische data. Anderzijds hebben we een werksessie georganiseerd met professionals van de gemeente Ridderkerk. Hierin zijn de belangrijkste factoren besproken die van invloed kunnen zijn op de verwachte vraag naar jeugdhulp. Deze input hebben we verwerkt in het prognosemodel wegingsfactoren.

•

Bij de totstandkoming van beide prognosemodellen hebben wij in samenspraak met de opdrachtgever de volgende keuzes gemaakt: -

De prognose dient informatie te geven over het aantal jongeren dat volgens het woonplaatsbeginsel in de gemeente Ridderkerk via de Jeugdwet zorg gefinancierd krijgt.

-

Het prognosemodel geeft informatie over het aantal jongeren in de totale jeugdhulp. Er wordt geen specifieke prognose gemaakt voor bijvoorbeeld specialistische jeugdhulp.

•

De prognose geeft geen informatie over de verwachte kosten.

Verder is het aantal jongeren (in het prognosemodel historische data) dat jeugdhulp ontvangt afgezet tegen het totaal aantal jongeren in de leeftijdsklasse 0-23 jaar op basis van historische data, ondanks de aanwezigheid van de regionale bevolkingsprognose 2020-2050 van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Deze keuze is gemaakt omdat de regionale bevolkingsprognose 2020-2050 van het CBS alleen informatie geeft over de leeftijdsklasse 0-20, waardoor de leeftijden 21 en 22 buiten de scope zouden vallen.19

•

In de historische cijfers rondt het CBS af op vijftallen, waardoor het aantal jongeren met jeugdhulp niet exact overeen zal komen met de eigen administratie van de gemeente Ridderkerk.

Prognosemodel historische data De volgende aspecten zijn meegenomen in de analyse van het prognosemodel: •

Het totaal aantal jongeren in de gemeente Ridderkerk dat tussen 2015 en 2020 op enig moment gebruik heeft gemaakt van jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering. In uitzonderlijke gevallen is deze hulp of zorg voortgezet tot de leeftijd van 23 jaar.

•

Het totaal aantal inwoners in de gemeente Ridderkerk in de leeftijdsklasse 0 tot 23 jaar tussen 2015 en 2020. Gekozen is voor de leeftijd tot 23 jaar in plaats van 18 jaar, omdat er in uitzonderlijke gevallen vormen van jeugdhulp zijn voortgezet tot 23 jaar.

•

19

De twee hiervoor vermelde aspecten staan weergegeven in de volgende grafiek.

Centraal Bureau voor de Statistiek. Regionale prognose 2020-2050: bevolking, intervallen, regio-indeling 2018.

65320 – Openbaar

14

Figuur 4. Historische data aantal jongeren met jeugdhulp (2015 – 2020) •

Het totaal aantal jongeren dat gebruik heeft gemaakt van jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering is sinds 2015 gestegen van 740 jongeren naar 865 jongeren in 2020.20 Opvallend is de grote stijging van tachtig jongeren die een vorm van jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering extra zijn gaan ontvangen tussen 2018 en 2019.

•

Het totaal aantal inwoners in de leeftijd 0 tot 23 jaar in de gemeente Ridderkerk is sinds 2015 gestegen van 10.549 inwoners naar 10.911 inwoners.21

•

Om de vraag te kunnen beantwoorden wat de verwachte prognose is van het aantal jongeren dat een vorm van jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering ontvangt zijn de twee gemiddelde groeipercentages berekend van beide aspecten: -

Het gemiddelde groeipercentage van het aantal jongeren dat gebruik heeft gemaakt van jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering tussen 2015 en 2020 in de gemeente Ridderkerk bedraagt gemiddeld 3,25 % (afgerond) per jaar. Dit gemiddelde groeipercentage is geëxtrapoleerd vanaf 2021 tot en met 2026 en is weergegeven in de volgende grafiek.

-

Het gemiddelde groeipercentage van het aantal inwoners in de gemeente Ridderkerk tussen de leeftijd 0 tot 23 jaar bedraagt gemiddeld 0,686% per jaar. Dit gemiddelde groeipercentage is geëxtrapoleerd vanaf 2021. De verwachte ontwikkeling van het aantal jeugdigen in de jeugdhulp in de periode 2021-2026 staat in de volgende grafiek weergegeven.

20 21

Centraal Bureau voor de Statistiek. Kerncijfers over jeugdhulp. Versie update 20 april 2021. Centraal Bureau voor de Statistiek. Bevolking op 1 januari en gemiddeld; geslacht, leeftijd en regio. Versie update 9 juni 2021.

65320 – Openbaar

15

Figuur 5. Prognosemodel historische data verwachte aantal jongeren met jeugdhulp (2021 – 2026) •

Uit de geëxtrapoleerde data volgt een verwachte toename in de ratio van het totaal aantal jongeren dat een vorm van jeugdhulp aanvraagt tussen 2021-2026 in verhouding tot het totaal aantal jongeren in de leeftijdsklasse 0-23 jaar in de gemeente Ridderkerk. Merk op: het gaat hierbij om geëxtrapoleerde data. Vanzelfsprekend kan, bijvoorbeeld middels (beleids)interventies, gestuurd worden op (het verlagen van) deze aantallen.

Tabel 1. Ratio jeugdhulp binnen de gemeente Ridderkerk 2015-2026

Prognosemodel wegingsfactoren •

Met circa tien professionals vanuit de gemeente die dagelijks werkzaam zijn op het terrein van jeugdhulp zijn factoren besproken en vastgesteld die van invloed kunnen zijn op de verwachte vraag naar jeugdhulp.

•

Berenschot heeft de factoren gewogen op basis van ervaring en eigen data. Om te komen tot het prognosemodel wegingsfactoren hebben wij de factoren die een impact kunnen hebben op het aantal

65320 – Openbaar

16

jongeren dat jeugdhulp ontvangt, uitgewerkt in een minimum scenario (alle factoren hebben een minimaal effect), gemiddelde scenario (alle factoren hebben een gemiddeld effect) en een maximum scenario (alle factoren hebben een maximaal effect). •

De geïncludeerde factoren zijn: -

afbouw van sociale huurwoning/woningnood22

-

sociaal culturele ontwikkelingen zoals echtscheidingen, prestatiedruk en toenemend gebruik van social media23

•

-

uitgestelde zorgvraag door COVID-19

-

betere verbinding tussen domeinen

-

inzet op preventie en vroegsignalering

-

grotere bekendheid gemeentelijke toegang

-

verminderen wachtlijsten.

Het minimum, gemiddelde en maximum scenario staan in de volgende figuur weergegeven, waarin de oranje lijn de historische data vertegenwoordigt uit het prognosemodel historische data.

Figuur 6. Prognosemodel wegingsfactoren. •

Vanzelfsprekend is het hoogst onwaarschijnlijk dat alle factoren allemaal tegelijkertijd een minimale dan wel een maximale impact hebben.

•

Het minimum, gemiddelde en maximum scenario zijn niet lineair omdat de effecten van preventie en vroegsignalering niet direct zichtbaar zijn. Dit is in tegenstelling tot de historische data, dat uitgaat van een lineaire groei.

•

Het minimum scenario (blauwe lijn) gaat uit van een gemiddelde procentuele krimp van -1,50 % per jaar en resulteert in 2026 in het verwachte totaal van 796 jongeren die jeugdhulp ontvangen.

22 23

Gemeente Ridderkerk. Woonvisie Ridderkerk 2021-2026. 2021. Nederlands Jeugdinstituut. Het groeiend jeugdhulpgebruik: Duiding en aanpak. 2019.

65320 – Openbaar

17

Het gemiddelde scenario (groene lijn) gaat uit van een gemiddelde groei van 3,45 % per jaar en resulteert in

•

2026 in het verwachte totaal van 1060 jongeren die jeugdhulp ontvangen. Het maximale scenario (rode lijn) gaat uit van een gemiddelde groei van 6,00% per jaar en resulteert in 2026

•

in het verwachte totaal van 1212 jongeren die jeugdhulp ontvangen. De historische trendlijn (oranje lijn) gaat uit van een gemiddelde groei van 3,250 % per jaar en resulteert in

•

2026 in het verwachte aantal van 1042 jongeren die jeugdhulp ontvangen.

2.2 Organisatorische keuzes Deelvraag 4. Hoe heeft de gemeente Ridderkerk de uitvoering van haar wettelijke taak vormgegeven om passende zorg en ondersteuning voor jeugdigen te bieden?

In aanvulling op de antwoorden bij deelvraag 1 waarin de lokale en regionale situatie beschreven is en relevante contextfactoren zijn benoemd: •

Op lokaal niveau werkt de gemeente Ridderkerk met drie gebiedsteams, ingedeeld op inwoneraantal.24 In de gebiedsteams zitten de expertisen jeugd en opvoedhulp, stichting MEE, maatschappelijk werk, jeugd-ggz en volwassen ggz. Daarnaast zijn er contracten afgesloten voor dyslexieondersteuning. De gebiedsteammedewerkers geven ondersteuning vanuit hun eigen expertise en stemmen arrangementen af met (regionale) zorgaanbieders. De gebiedsteamondersteuner vormt de schakel tussen beleid en uitvoering en ondersteunt de gebiedsteammedewerker als dat nodig is in de totstandkoming van arrangementen. Tot slot zijn er twee teamleiders die operationeel verantwoordelijk zijn.

•

Het jeugdhulpbeleid is geformuleerd op BAR-niveau, waarbij ruimte is voor lokale invulling. De basisvoorzieningen worden op lokaal niveau ingekocht en uitgevoerd, en de gespecialiseerde ondersteuning wordt op regionaal niveau ingekocht en uitgevoerd.

•

Van 2015 tot en met 2017 kende de gemeente Ridderkerk een subsidierelatie met aanbieders op lokaal niveau. In 2018 is gekozen voor resultaatgerichte inkoop. Er zijn drie resultaatsgebieden gedefinieerd25, te weten: -

Resultaatgebied 1: steunen van het sociaal en persoonlijk functioneren van de jeugdige.

-

Resultaatgebied 2: herstel, vermindering of stabilisatie stoornis van de jeugdige.

-

Resultaatgebied 3: opvoeding en versterken mogelijkheden van ouders.

•

Deze resultaatsgebieden gelden zowel lokaal als regionaal.

•

Op basis van resultaatgerichte inkoop zijn met ingang van 1 januari 2018 voor de regionale jeugdhulp vijftien jeugdhulpaanbieders gecontracteerd, verdeeld over een aantal percelen.26 De percelen zijn: -

Pleeghulp (perceel A)

-

Opname (perceel B)

-

Langdurig verblijf (perceel C)

-

Daghulp (perceel D)

-

Ambulante hulp (perceel E)

-

Crisishulp (perceel F, toegevoegd in 201927).

Gemeente Ridderkerk. Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018. Geen datum. Gemeente Ridderkerk. Informatiefolder: Van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp. December 2017. 26 Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Jaarstukken 2018. 2019. 27 Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Begroting gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond 2019. Geen datum. 24 25

65320 – Openbaar

18

2.3 Inhoudelijke beleidskeuzes Deelvraag 5: Wat is het beeld van het beleidsterrein op hoofdlijnen en resultaatgericht werken in specifieke zin?

Uitgangspunten •

De grondslag van dit (inkoop)model is resultaatgericht. Het lokale team bepaalt, samen met de cliënt, of er jeugdhulp nodig is om het gezin te ondersteunen en stelt vast welke doelen bereikt moeten worden. Ter ondersteuning maakt het lokale team gebruik van een vraaganalyse-instrument waarin alle relevante aspecten van het gezin en de jeugdige systematisch aan bod komen. Als niet helder is wat de aard van de problematiek is kan de lokale consultatieschil/flexibele pool van experts ingeschakeld worden voor consultatie en/of diagnostiek.

•

Na de vraaganalyse maakt het lokale team met de cliënt een ondersteuningsplan. Bij complexe casuïstiek kan het lokale team advies inwinnen bij een van de gecontracteerde aanbieders. In het ondersteuningsplan staat beschreven wat de resultaten zijn die behaald moeten worden.

•

Het lokale team is verantwoordelijk voor de kwaliteit van het ondersteuningsplan met daarin heldere afspraken met betrekking tot de samenwerking met de zorgaanbieder. In de kern is het proces zo opgebouwd dat het lokale team met het gezin bepaalt wat er bereikt dient te worden om het functioneren te verbeteren. De zorgaanbieder bepaalt vervolgens, eveneens samen met de cliënt, op welke wijze dit resultaat het beste behaald kan worden. Vanuit de casusregie kan worden bijgestuurd als er gedurende het traject twijfels ontstaan over de effectiviteit van het traject. 28

Ontwikkeling van de aantallen •

De aantallen jeugdhulptoewijzingen zijn sinds 2018 bijgehouden op lokaal en regionaal niveau per perceel. Concreet betekent dit dat de aantallen op lokaal niveau in drie percelen voor de jaren 2018, 2019 en 2020 bijgehouden zijn. Op regionaal niveau zijn de aantallen jeugdhulptoewijzingen per perceel bijgehouden voor de jaren 2018, 2019 en 2020.

•

Per perceel zijn zowel op lokaal als regionaal niveau de wachttijden bijgehouden.

•

Een cliënt kan meerdere toewijzingen hebben (bijvoorbeeld dyslexiezorg en jeugd-ggz).

•

De data van voor 2018 zijn er wel, maar de werkmethode is bij de overgang naar resultaatgericht werken dermate veranderd dat de resultaten van voor 2018 niet of moeilijk vergeleken kunnen worden met resultaten van na 2018.

•

De data zijn terug te leiden naar percelen. De data zijn niet (makkelijk) terug te herleiden naar de resultaatsgebieden.

•

28

Berenschot heeft de volgende cijfers ontvangen van de gemeente Ridderkerk (zie bijlage 4): -

Aantal zorgtoewijzingen lokaal.

-

Aantal unieke cliënten lokaal.

-

Aantal zorgtoewijzingen regionaal.

-

Aantal unieke cliënten regionaal.

-

Aantal gecombineerde (regionaal en lokaal) unieke cliënten.

-

Wachttijden per perceel lokaal en regionaal.

-

Cijfers instroom, doorstroom en uitstroom.

Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Model resultaatgerichte inkoop jeugdhulp 2018. November 2016: pagina 8.

65320 – Openbaar

19

Lokale zorg •

Voor de lokale zorg is het aantal toewijzingen toegenomen voor alle drie de onderdelen, op ‘dyslexie zorg’ in 2019 na. Het aantal unieke cliënten op lokaal niveau is toegenomen voor alle drie de onderdelen, op ‘dyslexie zorg’ in 2019 na.

•

Op lokaal niveau zijn de wachttijden specifiek voor het onderdeel Jeugd GGZ zorg toegenomen in de periode 2018-2020. Een gedeelte van de wachttijden zijn onbekend (oplopend tot circa 1/3 in het perceel jeugd met een beperking).

Regionale zorg •

Voor de regionale zorg is het aantal toewijzingen in 2019 afgenomen met circa 20 % ten opzichte van 2018. In 2020 is het aantal toewijzingen weer met circa 20 % toegenomen ten opzichte van 2019. Opvallend is dat de onderdelen pleegzorg, steun, hulp of behandeling overdag, ambulante hulpverlening en jeugdhulp landelijk ingekocht behoorlijk fluctueren. Het aantal unieke cliënten op regionaal niveau is in totaal afgenomen tussen 2018 en 2020. Met name op het onderdeel ambulante hulpverlening is een stevige daling te zien.

•

Voor de regionale zorg zijn de kosten per cliënt toegenomen. Voor de lokaal uitgevoerde zorg is sprake van een toename van het aantal unieke cliënten. Zowel regionaal als lokaal is sprake van een toename van de kosten.

•

Op regionaal niveau zijn de wachttijden op hoofdlijnen afgenomen tussen 2018-2020.

•

De transitie van productgerichte aanpak naar resultaatgerichte aanpak heeft geen direct gevolg gehad voor de financiële continuïteit van zorgaanbieders. Wel heeft er als gevolg van de aanbesteding een verschuiving in aandeel per zorgaanbieder plaatsgevonden. Dit betekent voor sommige aanbieders een afbouwscenario van zorg en voor sommigen een opbouwscenario.

Specifieke beleidskeuzes •

De samenwerking tussen gemeenten en huisartsen is geïntensiveerd middels plaatsing van een praktijkondersteuner jeugd bij de huisarts.

•

De beweging naar de voorkant (lees: meer inzet op preventie en vroegsignalering) is ingezet door samenwerking tussen onderwijs en zorg.

•

Er zijn geen prioritaire doelgroepen bepaald, oftewel: er zijn geen specifieke doelgroepen benoemd waar de gemeente Ridderkerk prioriteit aan geeft (bijvoorbeeld: focussen op gezinnen die gebruik maken van vijf of meer gemeentelijke voorzieningen).

2.4 Financiën Deelvraag 6. Zijn de resultaten en kosten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen en op welke wijze wordt over de voortgang gerapporteerd aan de gemeenteraad?

Transitiefase •

Respondenten in het onderzoek hebben aangegeven dat zij te weinig tijd ervoeren tussen de definitieve keuze (afronding aanbestedingen) en implementatie (twee maanden).

•

Doordat er te weinig tijd was waren er verschillende beelden tussen aanbieders en de gemeente over de inhoud van resultaatgericht werken. Betrokkenen hebben verschillende interpretaties van de systematiek. Deze verschillende beelden zijn er nog steeds, maar minder dan bij aanvang van het resultaatgericht werken.

•

Hierdoor zijn wijkteammedewerkers vaak aan het onderhandelen met aanbieders en blijkt in de praktijk dat vaak verlenging wordt aangevraagd.

20

65320 – Openbaar

Financiële grip is minder geworden, doordat het niet zichtbaar is wat zorgaanbieders doen en sturing dus

•

moeilijk is. Dit wordt versterkt door de AVG-technische regelgeving. Dit geldt met name op regionaal niveau. Er zijn geen directe consequenties verbonden wanneer zorgaanbieders hun vooraf gestelde doelen niet

•

(tijdig) en compleet realiseren op zowel lokaal als regionaal niveau. Zorgaanbieders zijn juridisch moeilijk te sturen op resultaten, vanwege niet geldige kritieke prestatie-

•

indicatoren (KPI’s) en plicht van het wijkteam om zorg te leveren.

Sturing en verantwoording In het ‘Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018’ zijn criteria vastgesteld op regionaal niveau (en door

•

de gemeente Ridderkerk bekrachtigd) waarin wordt gesteld dat gestuurd wordt op de volgende uitkomsten: -

Doelrealisatie.

-

Afname/stabilisatie problematiek.

-

Cliënttevredenheid.

-

Tijdige zorg dichtbij. o

Tijdige zorg dichtbij is nader gespecificeerd als: reden beëindiging hulp, herhaald beroep op hulp, zwaarte ingezette jeugdhulp (duur en intensiteit), en doorverwijzingen en terugverwijzingen.

Daarnaast wordt beschreven dat wordt gestuurd op outputcriteria, waaronder:

•

-

productiecijfers

-

financiële verantwoording

-

basiskwaliteit is op orde en zorg wordt tijdig geleverd.

Tot slot wordt gesteld dat om op outcome te kunnen sturen prestatie-indicatoren worden ontwikkeld die iets

•

zeggen over de effectiviteit en efficiëntie van de geleverde hulp. •

Er zijn drie resultaatsgebieden gedefinieerd (zie ook paragraaf 2.2).

•

Aan de drie resultaatsgebieden zijn geen specifieke effect- en prestatie indicatoren gekoppeld.

•

Vanuit de GRJR is voor de resultaatgestuurde inkoop gekozen om 2,5% van het budget van zorgaanbieders af te rekenen op basis van de volgende drie landelijke indicatoren: cliënttevredenheid, doelrealisatie en uitval. Hier is de indicator wachttijden ook aan toegevoegd. Concreet betekent dit dat een zorgaanbieder 2,5% van het budget alleen kan ontvangen als een aanbieder goed scoort op de indicatoren cliënttevredenheid, doelrealisatie, uitval en wachttijden. Echter, als gevolg van aangepaste wetgeving, mag alleen het CBS de eerste drie indicatoren uitvragen, waardoor zorgaanbieders niet op de (deel)resultaten afgerekend konden worden. Op regionaal niveau zijn prestatie-indicatoren opgesteld, geordend langs drie categorieën te weten:

•

maatschappelijk effect, resultaten van hulp en output (zie tabel 2).29

Categorie

Indicatoren

Maatschappelijk effect

1.

Zelfredzaamheid ouders en jeugdigen a.

Jeugdigen groeien op in een gezin

b.

Jeugdigen gaan naar school of hebben werk

c.

Jeugdigen zijn niet verslaafd

d.

Jeugdigen plegen geen strafbare feiten

Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Begroting gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond 2019. Geen datum. 29

21

65320 – Openbaar

Categorie

Indicatoren

Resultaten van hulp

1.

Doelrealisatie – doelen behaald

2.

Doelrealisatie – afname problematiek/toename zelfredzaamheid

3.

Doelrealisatie – zonder hulp verder komen

4.

Doelrealisatie – herhaal beroep op hulp

5.

Cliënttevredenheid

6.

Reden beëindiging hulp

7.

Tijdige zorg dichtbij (samengestelde indicator op basis van onderstaande indicatoren)

8.

Output

9.

a.

Zwaarte ingezette jeugdhulp (duur en intensiteit)

b.

‘Doorverwijzingen en terugverwijzingen’

c.

Percentage problematiek dat is opgelost in de basishulp

Wachtlijsten (zorg wordt tijdig geleverd) a.

Retrospectieve wachttijden

b.

Huidige wachttijden

Productiecijfers

10. Financiële verantwoording

Tabel 2. Basisset prestatie-indicatoren GRJR •

Er zijn geen streefwaarden gekoppeld aan voorgaande indicatoren.

•

Er is vanuit de GRJR niet gerapporteerd op voorgaande indicatoren. Wel is in de vastgestelde jaarstukken 2018, 2019 en 2020 vanuit de GRJR per perceel aangegeven hoeveel onder of boven begroting is gerealiseerd.

•

In de programmabegroting 2019 van de gemeente Ridderkerk is een aantal prestatie-indicatoren opgenomen

•

Er zijn op lokaal niveau geen (nieuwe) indicatoren vastgesteld waarop gerapporteerd dient te worden sinds

(zie tabel 3). Deze prestatie-indicatoren zijn niet direct gekoppeld aan resultaatsgebieden. de invoering van resultaatgericht werken in 2018. De gemeenteraad heeft in de zienswijze niets gezegd over aangebrachte prestatie-indicatoren uit de ontwerpbegroting 2019-2020. Wel zijn de hiernavolgende indicatoren gerapporteerd in de programmabegroting van de gemeente Ridderkerk.

Omschrijving

Toelichting

Waarde

Werkloze jongeren

In %, 16-22 jaar

1,44% (2015)

Het percentage kinderen tot 16 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen

5,33% (2015)

In %

1,47% (2015)

0,44% (2014)

Bron: www.waarstaatjegemeente.nl

% mishandelde kinderen tot 18 jaar dat bij de Bureaus AMK (Advies- en Meldpunt Kindermishandeling) is gemeld

Jongeren (tot en met 18 jaar) met jeugdhulp

% jongeren met jeugdhulp ten opzichte van alle jongeren

8,0% (2017)

% jongeren met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren

1,0% (2017)

Bron: www.waarstaatjegemeente.nl Kinderen in uitkeringsgezinnen Bron: www.waarstaatjegemeente.nl Jongeren met een delict voor de rechter Bron: www.waarstaatjegemeente.nl Meldingen kindermishandeling in Ridderkerk

Bron: www.waarstaatjegemeente.nl Jongeren (tot en met 18 jaar) met jeugdbescherming Bron: www.waarstaatjegemeente.nl

22

65320 – Openbaar

Omschrijving

Toelichting

Waarde

Jongeren (12-22 jaar) met jeugdreclassering

% jongeren met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren

0,6% (2017)

Bron: www.waarstaatjegemeente.nl Alcohol en drugsmisbruik onder jongeren in Ridderkerk

•

Binge-drinken

22% (2017)

•

Dronken of aangeschoten

15% (2017)

Bron: gemeente

•

Wietgebruik

9% (2017)

Tabel 3. Prestatie-indicatoren lokaal uit programmabegroting 2019

De (ontwikkeling van de) kosten In paragraaf 2.1 is de financiële situatie zoals deze is beschreven in de informatiebrief ‘Voortgang openbaar lichaam jeugdhulp Rijnmond’30 (november 2018) toegelicht. Daarnaast zijn volgende punten van belang rond de ontwikkeling van de kosten: De kosten voor jeugdhulp in algemene zin en resultaatgericht werken in specifieke zin zijn hoger dan

•

begroot. De gemeenteraad is hierover geïnformeerd in de P&C-producten van de gemeente (jaarrekening, eerste en tweede tussenrapportage en begroting) en de P&C-producten van de regio (jaarrekening, begroting, begrotingswijziging). Op jaarbasis heeft de GRJR de volgende cijfers gerapporteerd:

•

-

In 2018 is een totaal te kort van€ 10,4 tot € 15,2 miljoen gerealiseerd voor de gehele regio, wat een geprognosticeerde extra inleg van maximaal € 370.820,- en minimaal € 252.608,- vroeg van de gemeente Ridderkerk. De totale GRJR-kosten voor de gemeente Ridderkerk waren in 2018 € 4.876.412,-.31

-

In 2019 is een totaal tekort van € 11,1 miljoen gerealiseerd voor de gehele regio, wat een geprognosticeerde extra inleg van € 289.100,- vroeg van de gemeente Ridderkerk. De totale GRJR-kosten voor de gemeente Ridderkerk waren in 2019 € 6.269.575,-.32

-

Voor 2020 zijn de jaarstukken op het moment van schrijven nog niet gepubliceerd. Wel staat in de ontwerpbegroting 2020 van de GRJR opgenomen dat de begroting voor 2020 verder toeneemt met circa € 21,5 miljoen ten opzichte van 2019. De verwachte totale GRJR kosten voor de gemeente Ridderkerk zijn in 2020 € 7.078.690,-.33

Uit de benchmark van It’s Public blijkt dat de tekorten op de begroting voor jeugdhulp in de gemeente

•

Ridderkerk achtereenvolgens 22% (in 2017), 24% (in 2018) en 14% (in 2019) bedroegen. 34

2.5 Samenwerking ambtelijk, bestuurlijk en politiek Deelvraag 7. Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de (voortgang op) jeugdhulp in algemene zin en de beleidsdoelen betreffende resultaatgericht werken in specifieke zin? •

De gemeenteraad ontvangt op regionaal niveau ieder jaar een jaarverslag vanuit de GRJR, waarin de kwalitatieve ontwikkelingen en kosten per perceel beschreven staan. Ook staan daar verklaringen in opgenomen waarom de gemeente Ridderkerk extra kosten moet betalen en wat ontwikkelingen zijn in termen van wachttijden of (vastgestelde) jaarrekeningen en prognoses.35

Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Voortgang openbaar lichaam jeugdhulp Rijnmond. November 2018. Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Jaarstukken 2018. 32 Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond Jaarstukken 2019. 33 Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Begroting GRJR 2020. 34 Bron: It’s public (2021). ‘Benchmark tekorten jeugdhulp - hoeveel komt jouw gemeente tekort?’. Geraadpleegd via: https://www.itspublic.nl/materiaal/benchmark-tekorten-jeugdhulp/. 35 Gemeente Ridderkerk. Raadsinformatiebrief. Voortgang GR jeugdhulp. 29 november 2018. 30 31

65320 – Openbaar

•

23

Op lokaal niveau wordt de gemeenteraad op de hoogte gehouden via raadsinformatiebrieven over operationele ontwikkelingen, zoals de start van de POH-GGZ-pilot in een huisartspraktijk.36 Ten aanzien van de beleidsdoelstellingen in specifieke zin voor resultaatgericht werken wordt de gemeenteraad op de hoogte gehouden van de transformatieagenda en daaruit voortvloeiende actielijnen vanuit de GRJR.37

•

In de werksessie met (burger)raadsleden is het volgende aangegeven: -

(Burger)raadsleden benoemen onvoldoende op de hoogte te zijn van ontwikkelingen binnen de jeugdhulp en de drijfveren achter de ontwikkelingen. De (burger)raadsleden zijn positief over de ontwikkelingen rond inzet op preventie via onderwijs en zorg en de inzet van een praktijkondersteuner bij de huisarts om meer samenwerking en meer zicht te krijgen ten aanzien van de instroom in jeugdhulp.

-

(Burger)raadsleden geven aan sturingsinformatie te missen, zoals bruikbare KPI’s.

-

(Burger)raadsleden ervaren een te grote afstand tussen de raad en de ambtelijke en bestuurlijke organisatie.

-

(Burger)raadsleden hebben geen beeld wat de concrete doelstellingen zijn van resultaatgericht werken en wanneer de gemeente Ridderkerk het goed of niet goed doet. De (burger)raadsleden hebben in gesprekken aangegeven dat zij nu bekend zijn met de uitgangspunten van resultaatgericht werken. Hierbij valt op dat er verschillende interpretaties zijn van wat resultaatgericht werken inhoudt en de wijze waarop de gemeente Ridderkerk daar invulling aan geeft.

Gemeente Ridderkerk. Raadsinformatiebrief: Pilot praktijkondersteuner huisarts (POH) GGZ-Jeugd in huisartsenpraktijk het Doktershuis. 7 februari 2020. 37 Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Jaarverslag 2018. 36

24

65320 – Openbaar

3. Bijlagen 3.1 Bijlage 1 – Specificering deelvragen Thema

Deelvragen

Doel, visie en ambitie

1.

Wat wil de gemeente Ridderkerk realiseren met jeugdhulp en in hoeverre worden resultaten bereikt?

2.

Zijn de resultaten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen?

Organisatorische keuzes

Inhoudelijke beleidskeuzes

Financiële keuzes

Samenwerking ambtelijk, bestuurlijk en politiek

a.

Welke doelen en bijbehorende effect- en prestatie-indicatoren heeft de gemeente opgesteld voor de wettelijke taak van het bieden van voldoende en passende jeugdhulp op de drie resultaatsgebieden?

b.

Zijn streefwaarden voor effect- en prestatie-indicatoren, blijkens informatie waarover de gemeente beschikt, gerealiseerd?

c.

Wat zijn de effecten van de resultaatgerichte aanpak in de jaren 2018-2020 vanuit zorginhoudelijk perspectief?

d.

Is de jeugdhulp verbeterd ten opzichte van de periode met de productgerichte aanpak gezien vanuit drie invalshoeken: maatschappij, gemeente en cliënt?

3.

Wat is de prognose voor het verdere verloop van de vraag naar jeugdhulp?

4.

Hoe heeft de gemeente Ridderkerk de uitvoering van haar wettelijke taak vormgegeven om passende zorg en ondersteuning voor jeugdigen te bieden?

5.

6.

7.

a.

Hoe is de jeugdhulp georganiseerd en hoe vindt sturing plaats op de (effecten van) organisatorische keuzes?

b.

Hoe is de transitie van productgerichte aanpak naar resultaatgerichte aanpak verlopen? Wat zijn de resultaten?

Wat is het beeld van het beleidsterrein op hoofdlijnen en resultaatgericht werken in specifieke zin? a.

Welke beleidskeuzes zijn gemaakt op lokaal, regionaal en landelijk niveau in de periode 1 januari 2018 tot en met 1 januari 2021 en veranderingen ten opzichte van de daaraan voorafgaande periode, die zich kenmerkt door een productgerichte benadering?

b.

Wat betekent het beleid voor de lokale en regionale uitvoeringspraktijk?

c.

Welke doelgroepen worden onderscheiden ten aanzien van jeugdhulp? Per doelgroep wordt een indicatie gegeven van de omvang, kenmerken en in te zetten instrumenten om te komen tot passende zorg en ondersteuning.

d.

In hoeverre zijn er beleidskeuzes gemaakt ten aanzien van het prioriteren van doelgroepen?

e.

Wat zijn relevante (verwachte) landelijke ontwikkelingen die een directe impact kunnen hebben op de organisatie van de jeugdhulp?

Zijn de resultaten en kosten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen en op welke wijze wordt over de voortgang gerapporteerd aan de gemeenteraad? a.

Welk budget heeft de gemeente voor de uitvoering van de wettelijke taak jeugdhulp en hoe wordt dit budget ingezet?

b.

Wat zijn de effecten van de resultaatgerichte aanpak in de jaren 2018-2020 vanuit financieel perspectief?

c.

Wat betekent de transitie van productgerichte aanpak naar resultaatgerichte aanpak voor de (financiële) continuïteit van de zorgaanbieders?

Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de (voortgang op) jeugdhulp in algemene zin en de beleidsdoelen voor resultaatgericht werken in specifieke zin? a.

Hoe heeft de raad zijn rollen op dit onderwerp vervuld (kaderstellen, controleren en vertegenwoordigen)?

b.

Wat ging goed en wat zijn aandachtspunten voor de raad?

25

65320 – Openbaar

3.2 Bijlage 2 – Overzicht documenten voor documentanalyse -

Centraal Bureau voor de Statistiek. Bevolking op 1 januari en gemiddeld; geslacht, leeftijd en regio. Versie update 9 juni 2021. Centraal Bureau voor de Statistiek. Jeugdhulptrajecten in natura; verwijzer, regio (gemeente). Versie 30 april 2021. Geraadpleegd op 30 juni 2021. Centraal Bureau voor de Statistiek. Kerncijfers over jeugdhulp. Versie update 20 april 2021. Centraal Bureau voor de Statistiek. Regionale prognose 2020-2050: bevolking, intervallen, regio-indeling 2018. Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond Jaarstukken 2019. Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Begroting 2021. Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Begroting GRJR 2020. Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Jaarstukken 2016 (conceptversie). 2017. Gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Jaarstukken 2018. Gemeente Ridderkerk. Evaluatie beleidskaders sociaal domein Ridderkerk. Mei 2020. Gemeente Ridderkerk. Gewoon opgroeien: Integraal jeugdkader 2016-2020. Gemeente Ridderkerk. Informatiefolder: van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp. December 2017. Gemeente Ridderkerk. Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018. 2014. Gemeente Ridderkerk. Raadsinformatiebrief. Voortgang GR jeugdhulp. 29 november 2018. Gemeente Ridderkerk. Raadsinformatiebrief: pilot praktijkondersteuner huisarts (POH) GGZ-Jeugd in huisartsenpraktijk het Doktershuis.

7 februari 2020. Gemeente Ridderkerk. Woonvisie Ridderkerk 2021-2026. 2021. It’s public (2021). ‘Benchmark tekorten jeugdhulp - hoeveel komt jouw gemeente tekort?’. Geraadpleegd via: https://www.itspublic.nl/materiaal/benchmark-tekorten-jeugdhulp/. Maatschappelijk Burger Platform Ridderkerk. Brief: signalen rondom jeugdhulp. Juni 2019. Nederlands Jeugdinstituut. Het groeiend jeugdhulpgebruik: duiding en aanpak. 2019. Nederlands Jeugdinstituut. Werkdruk in de jeugdhulp toegenomen. 8 oktober 2019. Raad voor Volksgezondheid en Samenleving. Recept voor maatschappelijk probleem: medicalisering van levensfasen. 4 april 2017. Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Model resultaatgerichte inkoop jeugdhulp 2018. November 2016. Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Transformatieagenda jeugdhulp Rijnmond 2017-2018: Een sprong in de toekomst. Oktober 2016. Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Voortgang openbaar lichaam jeugdhulp Rijnmond. November 2018. Uitspraak en advies van de arbitragecommissie inzake het geschil tussen Rijk en gemeenten (VNG) over de structurele financiering van de jeugdhulp. Jeugdhulp: een onderwerp van aanhoudende zorg. Den Haag, 18 mei 2021.

3.3 Bijlage 3 – Uitgangspunten en doelstellingen jeugdhulp gemeente Ridderkerk In de volgende tabel staan de vastgestelde doelstellingen aan de hand van uitgangspunten opgenomen specifiek voor jeugdhulp van de gemeente Ridderkerk.38

Uitgangspunt

Doelstelling

De veiligheid van het kind of de jongere staat voorop

Zoveel mogelijk jeugdigen groeien kansrijk en veilig op, ontwikkelen hun talenten en participeren naar vermogen in de samenleving. Binnen het eigen gezin wordt hiervoor een sterke basis gelegd

Zelfredzaam waar het kan, ondersteunen waar het hoort, doorpakken waar het moet

In de directe leefomgeving van gezinnen (buurt, wijk, gemeente) komt een pedagogische civil society tot ontwikkeling, die effectieve ondersteuning biedt bij alledaagse vraagstukken rondom de verzorging, opvoeding en ontwikkeling van jeugdigen Door een gebiedsgerichte aanpak waar alle disciplines in vertegenwoordigd zijn kan snel de juiste hulp, van licht tot zwaar, bepaald en ingezet worden

38

Gemeente Ridderkerk. Meerjarenbeleidskader 2.0 jeugdhulp 2015-2018. Geen datum.

26

65320 – Openbaar

Uitgangspunt

Doelstelling

Eén gezin, één plan, één regisseur

Gewerkt wordt met één plan en er wordt één casusregisseur ingezet, zo nodig voor alle gezinsleden De integrale benadering wordt vanaf het eerste contact bij de toegang al ingezet De in te zetten jeugdhulp is afgestemd met andere interventies in of rondom het gezin op het gebied van veiligheid, (passend) onderwijs, werk en inkomen, maatschappelijke ondersteuning en (jeugd)gezondheidszorg

Ouders en kinderen worden waar mogelijk altijd betrokken bij het bepalen van de ondersteuning die zij nodig hebben (van aanbodnaar vraaggericht werken)

Bij de in te zetten jeugdhulp is de vraag het uitgangspunt. Bij deze vraag wordt het juiste aanbod gezocht of zo nodig gecreëerd. Daar waar van toepassing wordt gewerkt met arrangementen

Hulp heeft een tijdelijk karakter en wordt zo zwaar en lang geboden als nodig

Bij niet-alledaagse problemen (meervoudige of complexe problematiek) krijgen jeugdigen en hun ouders zo snel mogelijk de informele of professionele hulp die ze nodig hebben waarbij het uitgangspunt één gezin, één plan is. Waar mogelijk wordt deze verleend door de Jeugd- en Gezins Coach, waar nodig schuiven specialisten aan

Hulp wordt zoveel mogelijk dichtbij en integraal georganiseerd en in verbinding met lokale voorzieningen

Hulpverleners participeren zoveel mogelijk in het dagelijks leven van het gezin. Behandeling en opvang buiten deze setting vindt alleen plaats als de problematiek en/of de veiligheidssituatie dat nadrukkelijk vereisen

Gezamenlijk wordt maximaal geïnvesteerd in de informele en preventieve zorg om het beroep op langdurige en specialistische zorg zo veel mogelijk te voorkomen

De componenten van governance (organisatiestructuur, gedragscode, risicomanagement, verantwoording, interne en externe controle en toezicht) zijn tot op primair niveau in de organisatie van werkprocessen verankerd en er zijn goede afspraken gemaakt met alle partijen die bij de organisatie van de jeugdhulp betrokken zijn

De aanpak wordt continu getoetst op kwaliteit en aan resultaatgerichtheid en doelmatigheid

De gemeente is in control en heeft alle benodigde maatregelen genomen om de risico’s inzichtelijk te hebben en hebben een maximale informatiepositie als het gaat om cijfers omtrent zorggebruik, zorgkosten en cliënten

Het behandelplan wordt in principe altijd met de ouder/jeugdige opgesteld en zij hebben een rol in het monitoren van de uitvoering

Tijdige en adequate signalering van (dreigende) problemen zorgt ervoor dat in de meeste gevallen kan worden volstaan met preventieve interventies en lokale vormen van professionele hulp. Het gebruik van specialistische en gedwongen vormen van jeugdhulp neemt daardoor af

27

65320 – Openbaar

3.4 Bijlage 4 – Beschikbare data omtrent de ontwikkeling van de aantallen in de jeugdhulp39 Aantal zorgtoewijzingen lokaal40

Zorgtoewijzingen 2018

2019

2020

Eindtotaal

1 JMEB

432

462

601

1495

2 JGGZ

246

388

439

1073

3 Dyslexie

96

84

105

285

Eindtotaal

774

934

1145

2853

2018

2019

2020

Eindtotaal

1 JMEB

205

250

319

774

2 JGGZ

191

276

295

762

3 Dyslexie

70

67

78

215

Eindtotaal

466

593

692

1751

Aantal unieke cliënten lokaal

Unieke cliënten

Aantal zorgtoewijzingen regionaal

Zorgtoewijzingen 2018

2019

2020

Eindtotaal

A Pleegzorg

136

83

152

371

B Opname (bed en behandeling)

58

53

63

174

C Langdurig verblijf

4

5

8

17

D Steun, hulp of behandeling overdag

70

51

68

189

E Ambulante hulpverlening

582

451

525

1558

F Crisishulp

24

25

20

69

G Opt-out Specialistische jeugdhulp

5

7

7

19

H Laag frequente medicatie

37

64

75

176

Jeugdhulp landelijk ingekocht

80

57

38

175

Eindtotaal

996

796

956

2748

39 40

Informatie ontvangen per mail vanuit de gemeente Ridderkerk. Afkortingen staan voor: Jeugd met een beperking (JMEB) en geestelijke gezondheidszorg voor jeugdigen (JGGZ).

28

65320 – Openbaar

Aantal unieke cliënten regionaal

Unieke cliënten 2018

2019

2020

Eindtotaal

A Pleegzorg

75

71

77

223

B Opname (bed en behandeling)

41

32

26

99

C Langdurig verblijf

4

5

5

14

D Steun, hulp of behandeling overdag

60

40

42

142

E Ambulante hulpverlening

426

328

285

1039

F Crisishulp

22

24

18

64

G Opt-out Specialistische jeugdhulp

4

6

4

14

H Laag frequente medicatie

36

55

64

155

Jeugdhulp landelijk ingekocht

47

44

35

126

Eindtotaal

715

605

556

1876

Aantal unieke cliënten lokaal, regionaal en gecombineerd

Aantal unieke cliënten

2018

2019

2020

Eindtotaal

Gecombineerd

126

108

110

344

Lokaal

376

497

580

1453

Regionaal

517

431

385

1333

Eindtotaal

1019

1036

1075

3130

Wachttijden per perceel lokaal en regionaal

Som van instroom zorgtoewijzingen 1 JMEB (lokaal)

2018

2019

2020

Eindtotaal

226

330

405

961

1

1

Start zorg eerder begonnen 0 - 10 dagen

122

165

235

522

11 - 20 dagen

1

6

4

11

21 - 30 dagen

2

7

7

16

> 30 dagen

13

18

25

56

Onbekend

88

134

133

355

2 JGGZ (lokaal)

198

330

355

883

Start zorg eerder begonnen

1

0 - 10 dagen

100

191

192

483

11 - 20 dagen

14

27

38

79

21 - 30 dagen

10

25

33

68

> 30 dagen

21

75

86

182

1

29

65320 – Openbaar

Som van instroom zorgtoewijzingen Onbekend

52

12

6

70

3 Dyslexie (lokaal)

73

47

76

196

0 - 10 dagen

46

41

65

152

11 - 20 dagen

2

1

3

21 - 30 dagen

3

2

5

10

> 30 dagen

3

4

5

12

Onbekend

19

A Pleegzorg (regionaal)

80

95

34

209

0 - 10 dagen

70

88

19

177

11 - 20 dagen

1

1

21 - 30 dagen

2

2

> 30 dagen

3

Onbekend

4

B Opname (bed en behandeling) (regionaal)

19

2

5

7

13

24

42

36

45

123

0 - 10 dagen

33

34

42

109

11 - 20 dagen

1

1

21 - 30 dagen

2

2

> 30 dagen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/885/documents/31394