RKC rapport Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk 2018-2020.pdf
Tekst van het document
Effectiviteit van de resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk 2018 - 2020
De rekenkamercommissieleden: De heer J.J. Démoed (voorzitter) De heer W.de Lange De heer P.J.M. van der Valk
Januari 2022
Leeswijzer Het rapport is opgebouwd uit twee delen. Dit eerste deel is de bestuurlijke nota en is een op zichzelf leesbaar rapport. Hierin worden de aanleiding en het doel van het onderzoek beschreven, gevolgd door de onderzoeksvraag en het plan van aanpak. Er worden conclusies getrokken en aanbevelingen geformuleerd. De bestuurlijke reactie van het college is integraal opgenomen. Het nawoord van de rekenkamercommissie sluit de bestuurlijke nota af. Deel twee is de nota van bevindingen. Hierin is het integrale onderzoek opgenomen met daarin de beantwoording van de onderzoeksvragen en de onderbouwing van de conclusies en aanbevelingen.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
1
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
BESTUURLIJKE NOTA
Rekenkamercommissie Ridderkerk
2
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Inhoud Leeswijzer ..................................................................................................................................................1 BESTUURLIJKE NOTA ................................................................................................................................2 Inhoud .......................................................................................................................................................3 1.
Inleiding ............................................................................................................................................4
2.
Een onderzoek naar resultaatgerichte jeugdhulp: aanleiding, onderzoeksvraag en onderzoeksaanpak ...........................................................................................................................5 2.1 Aanleiding en doel onderzoek .........................................................................................................5 2.2 Onderzoeksvraag .............................................................................................................................5 2.3 Onderzoeksaanpak ..........................................................................................................................6
3.
Conclusies en specifieke aanbevelingen ..........................................................................................7 3.1 Resultaatgericht werken is een regionale koerswijziging die lokaal is doorgetrokken in een turbulente periode ..........................................................................................................................7 3.2 De effectiviteit van het gewijzigde beleid is niet cijfermatig vast te stellen omdat (vergelijkbare) sturingsinformatie ontbreekt ..........................................................................................................8 3.3 Inwoners zijn tevreden, gemeenten en aanbieders weten elkaar steeds beter te vinden én er is volop ruimte voor verbetering ......................................................................................................11 3.4 Doelen van resultaatgericht werken zijn nog niet gerealiseerd, maar zorgcontinuïteit en kwaliteit van zorg zijn niet in het geding. ......................................................................................11 3.5 De verwachting is dat, zonder gerichte acties, de vraag naar jeugdhulp blijft stijgen .................13 3.6 Samenwerking ambtelijk, bestuurlijk en politiek versterkt elkaar onvoldoende .........................16
4.
Algemene aanbevelingen ...............................................................................................................17 4.1 Aanbevelingen voor het bevorderen van de kaderstellende rol van de gemeenteraad ..............17 4.2 Aanbevelingen voor het bevorderen van de controlerende rol van de gemeenteraad ...............18
5.
Bijlagen ...........................................................................................................................................20 Bijlage 1 – Normenkader .....................................................................................................................20
Bestuurlijke reactie .................................................................................................................................21 Nawoord..................................................................................................................................................24 NOTA VAN BEVINDINGEN .....................................................................................................................25
Rekenkamercommissie Ridderkerk
3
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
1.
Inleiding
In 2018 is in de gemeente Ridderkerk, net als in de andere gemeenten in de regio Rijnmond, resultaatgericht werken geïntroduceerd voor de jeugdhulptaken. Resultaatgerichte jeugdhulp is een fundamentele keuze voor een gemeente die bepaalt ‘wat’ nodig is en een zorgaanbieder die bepaalt ‘hoe’ deze resultaten worden gerealiseerd. Het verschilt daarmee van de eerder gehanteerde productgerichte aanpak, waarin de gemeente ook (mee) het ‘hoe’ bepaalt, vaste tarieven worden afgesproken voor jeugdhulptrajecten en de aanbieder wordt betaald per lopend traject (zogenaamde PXQ-financiering). Naast de overtuiging dat resultaatgerichte jeugdhulp leidt tot betere zorg en ondersteuning (de verschillende partijen worden namelijk veel meer bevraagd op de eigen expertise), is er ook de aanname dat er meer grip ontstaat op de kosten voor jeugdhulp. In hoeverre voldoet resultaatgericht werken in de gemeente Ridderkerk aan de verwachtingen? En welke lessen kunnen getrokken worden, bijvoorbeeld ten aanzien van de rol van de gemeenteraad? Dat is het onderwerp van voorliggende bestuurlijke nota. Adviesbureau Berenschot heeft geholpen bij de beantwoording van deze vragen. In deze nota worden conclusies getrokken en aanbevelingen geformuleerd. Een normenkader (zie bijlage 1) geeft richting bij het trekken van conclusies.
Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden de aanleiding en het doel van het onderzoek beschreven, gevolgd door de onderzoeksvraag en het plan van aanpak. Vervolgens worden de belangrijkste conclusies en specifieke aanbevelingen weergegeven in hoofdstuk 3. Tot slot worden er in hoofdstuk 4 een aantal algemene aanbevelingen gedaan om meer inzicht te krijgen in en grip te krijgen op ontwikkelingen in de jeugdhulp in de gemeente Ridderkerk in algemene zin en specifiek voor resultaatgericht werken.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
4
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
2. Een onderzoek naar resultaatgerichte jeugdhulp: aanleiding, onderzoeksvraag en onderzoeksaanpak 2.1 Aanleiding en doel onderzoek De rekenkamercommissie Ridderkerk heeft in de vorm van een drieluik de uitvoering van de in 2015 (verder) gedecentraliseerde wetten onderzocht: • de Wmo (onderwerp van onderzoek in 2018) • de Participatiewet (onderwerp van onderzoek in 2019) • de Jeugdwet in voorliggend onderzoek. Eind 2017 is productgerichte jeugdhulp losgelaten en resultaatgerichte jeugdhulp centraal gesteld in Ridderkerk (en in de regio Rijnmond), waarbij drie resultaatsgebieden zijn gedefinieerd. Resultaatgerichte jeugdhulp betekent dat de gemeente Ridderkerk voor de jeugdige (en zijn/haar ouders) op basis van de vraaganalyse doelen formuleert om het probleem/de vraag op te kunnen lossen.1 De zorgaanbieder is vervolgens verantwoordelijk voor een brede, integrale analyse en triage van de zorgbehoefte van de cliënt en het bieden van passende hulp en ondersteuning aan de jeugdige (en zijn/haar ouders).2 Het wijkteam stelt namens de gemeente Ridderkerk vast ‘wat’ er in termen van ondersteuning nodig is en de zorgaanbieder bepaalt vervolgens ‘hoe’ de ondersteuning geboden wordt. Voor de inwoners van de gemeente Ridderkerk wordt sommige zorg en ondersteuning lokaal georganiseerd. Het gaat dan om de minder complexe ondersteuning, zoals dyslexiezorg.
De meer complexe zorg, zoals jeugdhulp met verblijf en crisiszorg, wordt op regionaal niveau georganiseerd via een samenwerkingsverband met veertien andere gemeenten: de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (hierna: GRJR). Dit onderzoek richt zich op de uitvoering van de Jeugdwet, waarbij de focus ligt op de overgang van productgerichte jeugdhulp naar resultaatgerichte jeugdhulp. Het doel van het gevraagde onderzoek is inzicht te geven in hoeverre deze beleidswijziging in de periode 2018 - 2020 effectief is gebleken. De nadruk ligt op de evaluatie van het gevoerde beleid en de betrokkenheid van de gemeenteraad van Ridderkerk. Daarnaast dient aandacht te worden besteed aan mogelijke verbeterpunten/aandachtspunten – ook in het licht van verwachte gevolgen van de coronacrisis op de vraag naar jeugdhulp – om de raad (en het college) handvatten te bieden. 2.2 Onderzoeksvraag In dit onderzoek wordt antwoord gegeven op de volgende hoofdvraag: In hoeverre is in de periode 2018 tot en met 2020 de uitvoering van (het gewijzigde beleid) jeugdhulp effectief geweest voor inwoners van de gemeente Ridderkerk? De focus ligt hierbij op de beleidskeuze om vanaf 2018 te kiezen voor resultaatgerichte jeugdhulp in plaats van productgerichte jeugdhulp.
1 2
Gemeente Ridderkerk. Informatiefolder: Van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp. December 2017. Samenwerkende gemeenten jeugdhulp Rijnmond. Model resultaatgerichte inkoop jeugdhulp 2018. November 2016. Rekenkamercommissie Ridderkerk
5
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Om de hoofdvraag te kunnen beantwoorden zijn er zeven deelvragen geformuleerd. De deelvragen zijn gecategoriseerd langs de lijn van vijf thema’s, welke in de onderstaande tabel zijn weergegeven. Een nadere specificering van de deelvragen is terug te vinden in de nota van bevindingen. Thema Deelvragen Doel, visie en ambitie
Wat wil de gemeente Ridderkerk realiseren met jeugdhulp en in hoeverre worden resultaten bereikt? Zijn de resultaten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen? Wat is de prognose voor het verdere verloop van de vraag naar jeugdhulp? Organisatorische Hoe heeft de gemeente Ridderkerk de uitvoering van haar wettelijke taak keuzes vormgegeven om passende zorg en ondersteuning voor jeugdigen te bieden? Inhoudelijke beleidskeuzes Financiële keuzes Samenwerking ambtelijk, bestuurlijk en politiek
Wat is het beeld van het beleidsterrein op hoofdlijnen en resultaatgericht werken in specifieke zin? Zijn de resultaten en kosten sinds de transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp conform de verwachtingen en op welke wijze wordt over de voortgang gerapporteerd aan de gemeenteraad? Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de (voortgang op) jeugdhulp in algemene zin en de beleidsdoelen ten aanzien van resultaatgericht werken in specifieke zin?
2.3 Onderzoeksaanpak Voor beantwoording van de hoofd- en deelvragen is informatie opgehaald via de volgende kanalen: documentstudie, (groeps)interviews, werksessies en een focusonderzoek met cliënten die jeugdhulp ontvangen. Het onderzoek is uitgevoerd in de periode van februari 2021 tot en met augustus 2021. Dit heeft geresulteerd in onderstaand plan van aanpak:
Figuur 1. Plan van aanpak Rekenkamercommissie Ridderkerk
6
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
3.
Conclusies en specifieke aanbevelingen
In dit hoofdstuk worden de belangrijkste conclusies weergegeven. Bij het verbinden van conclusies aan de antwoorden op de hoofd- en deelvragen (zoals beschreven in de nota van bevindingen) wordt gebruik gemaakt van een normenkader (zie bijlage 1). Dit normenkader is opgesteld door Berenschot, in nauwe afstemming met de rekenkamercommissie. 3.1 Resultaatgericht werken is een regionale koerswijziging die lokaal is doorgetrokken in een turbulente periode De gemeente Ridderkerk bundelt de krachten met Barendrecht en Albrandswaard (samen de BARgemeenten) als het gaat om de uitvoering van jeugdhulptaken. In wat volgt trekken we conclusies over de wijze waarop de jeugdhulp is georganiseerd en resultaatgericht werken is geïmplementeerd. Daarnaast worden specifieke aanbevelingen gedaan. • Lichte jeugdhulptaken zijn belegd bij de gemeente en de zwaardere jeugdhulptaken bij de GRJR, op basis van resultaatgericht werken sinds 2018. De gemeente Ridderkerk heeft de uitvoering van lichte jeugdhulptaken (bijvoorbeeld: dyslexiezorg) op lokaal niveau belegd in drie wijkteams. De zwaardere jeugdhulptaken (bijvoorbeeld: crisishulp of langdurig verblijf) zijn op regionaal niveau belegd in de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (verder GRJR). De koerswijziging om resultaatgericht te werken is in 2016 ingezet vanuit de regio.
Vervolgens is de keuze gemaakt om ook lokaal resultaatgericht te werken: enerzijds vanuit de gedachte dat het voor consulenten fijn is om één lijn te hanteren voor zowel lokaal als regionaal belegde jeugdhulp en daarmee verwarring te voorkomen. Anderzijds omdat de specialistische jeugdhulp en lokale jeugdhulp dan beter op elkaar aansluiten en snel kan worden op- of afgeschaald. a) Specifieke aanbeveling: Zorg als gemeenteraad dat aan het ook lokaal doortrekken van regionale keuzes een weloverwogen afweging ten grondslag ligt. Vraag daarbij het college om een aantal scenario’s (zie ook aanbeveling 5 in hoofdstuk 4). Ter illustratie: bij de discussie om op lokaal niveau wel/geen resultaatgericht werken door te voeren hadden volgende scenario’s uitgewerkt kunnen worden: lokaal productgerichte aanpak handhaven, lokaal invoeren van resultaatgerichte aanpak of een hybride aanpak invoeren (voor sommige doelgroepen/producten resultaatgericht werken en voor andere producten productgericht werken). • Resultaatsgebieden zijn hetzelfde op lokaal en regionaal niveau Op lokaal niveau zijn er drie percelen (jeugd met een beperking, dyslexiezorg en basis GGZ) en drie resultaatsgebieden gedefinieerd. Op regionaal niveau wordt er gewerkt met zes percelen (onder andere langdurig verblijf en crisishulp) en dezelfde drie resultaatsgebieden.
De resultaatsgebieden zijn: - Resultaatgebied 1: steunen van het sociaal en persoonlijk functioneren van de jeugdige. - Resultaatgebied 2: herstel, vermindering of stabilisatie stoornis van de jeugdige. - Resultaatgebied 3: opvoeding en versterken mogelijkheden van ouders.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
7
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
b) Specifieke aanbeveling: Vraag als raad aan het college hoe de percelen zich tot de resultaatsgebieden verhouden (dat is nu niet altijd even duidelijk), welke doelstellingen er geformuleerd zijn voor de percelen en resultaatsgebieden en welke sturingsinformatie beschikbaar is om zowel te kunnen sturen op de percelen als de resultaatsgebieden. • Er was weinig tijd voor het borgen van een goede overgang van productgericht werken naar resultaatgericht werken. Gesprekspartners geven aan dat zij te weinig tijd ervoeren tussen de definitieve keuze voor resultaatgericht werken en de implementatie van resultaatgericht werken. Er zat twee maanden tijd tussen afronding van de aanbestedingen voor resultaatgericht werken en de start van resultaatgericht werken. Doordat er (te) weinig tijd was, waren er verschillende beelden tussen aanbieders en de gemeente over de inhoud van resultaatgericht werken. Een illustratie hiervan zijn de verschillen tussen gemeente en zorgaanbieders over de interpretatie van wat (het bouwen aan) een arrangement inhoudt. Deze verschillende beelden zijn er nog steeds, maar minder dan bij aanvang van het resultaatgericht werken. c) Specifieke aanbeveling: De raad is bij uitstek het gremium dat kan borgen dat er een realistische planning wordt gehanteerd.
Dat betekent concreet dat bij grote (aankomende) beleidswijzigingen en grote aanbestedingen expliciet aan het college wordt gevraagd welke planning wordt gehanteerd, welke risico’s er zijn voor het wel of niet realiseren van de planning en welke beheersmaatregelen ingezet kunnen worden. • De omslag naar resultaatgericht werken is ingezet in een turbulente periode waarin de jeugdhulp (nog) meer onder druk kwam te staan. Sinds de decentralisatie van de jeugdhulp in 2015 staan gemeenten onder forse druk: de nieuwe taken gingen gepaard met een budgetkorting. Dat alles in een context waarbij de vraag naar jeugdhulp blijft stijgen en wachtlijsten ontstaan, slechts een deel van de verwijzingen verloopt via het gemeentelijk loket en er een tekort is aan geschoold personeel in de (jeugd)zorg. In deze periode is resultaatgericht werken doorgevoerd. d) Specifieke aanbeveling: De uitvoering van beleid wordt altijd beïnvloedt door externe factoren. Vraag het college altijd expliciet naar de externe factoren die van invloed (kunnen) zijn op de uitvoering van beleid. Bespreek met het college wat de gemeente kan doen om de invloed van de contextuele factoren te beperken.
Bijvoorbeeld: als bekend is dat de vraag naar jeugdhulp stijgt door toenemende prestatiedruk, kun je als gemeenteraad de vraag stellen of het college actief inzet op voorlichting en/of andere interventies in het primair en voortgezet onderwijs om jeugdigen te leren om te gaan met prestatiedruk. 3.2 De effectiviteit van het gewijzigde beleid is niet cijfermatig vast te stellen omdat (vergelijkbare) sturingsinformatie ontbreekt • De effectiviteit van resultaatgerichte jeugdhulp in de periode 2018-2020 ten opzichte van de vorige periode is niet vast te stellen. Dit heeft de volgende oorzaken: Er was geen geactualiseerd lokaal beleidskader jeugdhulp voor de periode 2018-2020, ondanks de grote beleidswijziging van productgericht werken naar resultaatgericht werken. Vanaf 2021 is een nieuw beleidskader van kracht.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
8
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
De gemeente Ridderkerk wil via jeugdhulp inzetten op een gezonde en veilige omgeving voor haar inwoners waarbij ondersteuning tijdig en voldoende beschikbaar is, indien dit nodig geacht wordt. Sinds de invoering van resultaatgericht werken in 2018 zijn de oude doelstellingen uit de productgerichte periode gehandhaafd. Tot en met 2020 zijn er op lokaal niveau geen nieuwe beleidskaders vastgesteld door de gemeenteraad. De gemeenteraad is in de periode 2018 - 2020 primair geïnformeerd over ontwikkelingen in de jeugdhulp in algemene zin en resultaatgericht werken in specifieke zin via de reguliere P&C-producten van de gemeente (jaarrekening, eerste en tweede tussenrapportage en begroting) en raadsinformatiebrieven. e) Specifieke aanbeveling: Zorg dat in het raadsinformatiesysteem altijd de dan geldende beleidsvisie over het onderwerp van gesprek als één van de stukken is toegevoegd. Hierdoor wordt ook sneller duidelijk voor de raad wanneer er geen actueel beleidskader beschikbaar is dat betrekking heeft op het onderwerp. Als je dan constateert dat er geen actueel beleidskader voorhanden is, is dat aanleiding voor de raad om het debat te initiëren over het actualiseren van het beleidskader. Het hebben van een actueel beleidskader is een voorwaarde om als raad de kaderstellende en controlerende rol uit te kunnen voeren.
• De doelstellingen voor jeugdhulp zijn algemeen geformuleerd en in zeer beperkte mate vertaald naar concrete, meetbare indicatoren en daaraan gekoppelde streefcijfers. De gemeente Ridderkerk heeft uitgangspunten voor jeugdhulp geformuleerd waar doelstellingen aan gekoppeld zijn. Aan de doelstellingen zijn geen concrete prestatie-indicatoren gekoppeld. De doelstellingen zijn voornamelijk op outcome gericht. Een illustratie hiervan is de doelstelling ‘zoveel mogelijk jeugdigen groeien kansrijk en veilig op, ontwikkelen hun talenten en participeren naar vermogen in de samenleving’. Aan deze doelstelling (wanneer groeit een kind kansrijk en veilig op? wanneer ontwikkelen jeugdigen hun talenten?) zijn geen concrete kritieke prestatieindicatoren (KPI’s) gekoppeld. De uitgangspunten en doelstellingen zijn niet concreet vertaald naar de drie resultaatsgebieden en niet specifiek afgestemd op resultaatgerichte jeugdhulp. Dit is deels te verklaren doordat de omslag naar resultaatgericht werken primair door de regio is geïnitieerd en de gemeente Ridderkerk vervolgens de keuze heeft gemaakt dit door te trekken in de lokaal geïnitieerde jeugdhulp. f) Specifieke aanbeveling: Concretiseer beleidsdoelstellingen, koppel daar KPI’s aan die de voortgang op de doelstellingen in kaart brengen en bepaal met elkaar streefwaarden. Voor een uitgewerkt voorbeeld, zie onderstaande tabel.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
9
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Resultaatgebied Outcome
Output
Input
‘steunen van het sociaal en persoonlijk functioneren van de jeugdige’
Doelstelling: versterken van jeugdigen en gezinnen zodat er minder kinderen in jeugdhulp met verblijf opgroeien. KPI’s: aantal jeugdigen met jeugdhulp met verblijf (absolute en relatieve cijfers), gemiddelde duur residentiële jeugdhulptrajecten, aantal jeugdigen die meerdere vormen van residentiële jeugdhulp worden toegekend voor het achttiende levensjaar
Doelstelling: gerichte inzet om het aantal pleegzorgtrajecten te vergroten wanneer jeugdigen (tijdelijk) niet meer thuis kunnen wonen KPI’s: omvang van het aantal pleegzorgtrajecten ten opzichte van het totaal aantal residentiële jeugdhulptrajecten, cliënttevredenheid
Doelstelling: zorgen dat kinderen en volwassenen zoveel mogelijk in een (veilige) thuissituatie kunnen leven. KPI’s: aantal meldingen bij Veilig Thuis waar ook daadwerkelijk sprake is van kindermishandeling en/of huiselijk geweld
Doelstelling: bij de besteding van jeugdhulpmiddelen wordt gefocust op jeugdigen (en hun gezinnen) met complexe problematiek KPI’s: een x percentage van het jeugdhulp budget wordt besteed aan activiteiten die de sociale steun voor gezinnen met zware opvoedingsproblemen bevorderen
• Er is data van ontwikkelingen in de jeugdhulp van voor 2018 beschikbaar, maar deze kan niet of moeilijk vergeleken worden met de resultaten van na 2018. De data van voor 2018 is beschikbaar, maar de werkmethode is bij de overgang naar resultaatgericht werken dermate veranderd dat de resultaten van voor 2018 niet of moeilijk vergeleken kunnen worden met resultaten na 2018. In de bestuursrapportages en de documenten die onderdeel zijn van de reguliere P&C-cyclus zijn wel indicatoren gebruikt om inzicht te geven in de stand van zaken van de jeugdhulp. Het gaat daarbij om openbare data (vanuit CBS) zoals ontwikkeling van het aantal cliënten met jeugdhulp. Deze indicatoren sluiten beperkt aan op de geformuleerde doelstellingen zoals opgenomen in het Meerjarenbeleidskader 2.0 Jeugdhulp 20152018. g) Specifieke aanbeveling: Vraag als raad naar de beschikbare data/KPI’s en inventariseer hoe de data/KPI’s zich verhouden tot voorgaande periodes om vergelijkingen te kunnen maken. Specifiek voor resultaatgericht werken betekent dit, dat de raad het college had kunnen vragen welke data beschikbaar is per perceel, hoe zich dit verhoudt tot de resultaatsgebieden en hoe dit zich verhoudt tot de doelstellingen zoals beschreven in het ‘Meerjarenbeleidskader 2.0 Jeugdhulp 2015-2018’.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
10
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
3.3 Inwoners zijn tevreden, gemeenten en aanbieders weten elkaar steeds beter te vinden én er is volop ruimte voor verbetering Gegeven het feit dat een beleidskader voor de periode 2018 - 2020 ontbreekt dat ook de basis zou moeten bieden om in een later stadium het effect van het gevoerde beleid te toetsen, is het moeilijk om op basis van cijfermatige onderbouwing uitspraken te doen over de effectiviteit van het gevoerde beleid. Dat neemt niet weg dat er op basis van kwalitatieve data (interviews en focusonderzoek) beelden zijn over de effecten van de omslag naar resultaatgericht werken. Daarbij vallen volgende zaken op: • Inwoners zijn tevreden over de ondersteuning die ze krijgen en noemen wachtlijsten en aanvragen van persoonsgebonden budget als verbeterpunten. Uit de gesprekken met inwoners blijkt dat de inwoners (N=10) in algemene zin tevreden zijn over de aan hen geboden jeugdhulp. Genoemde redenen zijn de vaardigheden van de consulenten, beschik- en bereikbaarheid van consulenten en hun bereidheid om extra stappen te zetten voor de inwoners. Een herhaaldelijk genoemd aandachtspunt zijn de wachttijden binnen de jeugdhulp. Dit wordt gezien als een probleem. De zorgcontinuïteit wordt als één van de sterke punten benoemd. Respondenten ervaren dat er wel eens gewisseld wordt van jeugdconsulent.
De gemeente Ridderkerk schakelt in de perceptie van inwoners snel en zorgt ervoor dat de inwoner op de hoogte wordt gebracht van wisselingen. Tot slot is als aandachtspunt genoemd (de ingewikkeldheden bij) het aanvragen van een persoonsgebonden budget via de Sociale Verzekeringsbank. h) Specifieke aanbeveling: Overweeg om als raad, gebruikmakend van het onderzoeksbudget van de raad, een uitgebreider onderzoek uit te laten voeren onder inwoners die zorg of ondersteuning ontvangen van de gemeente als signalen die je opvangt vanuit de gemeenschap daar aanleiding toegeven (bijvoorbeeld als er veel signalen komen over wachttijden binnen de jeugdhulp). Dat geeft input om, naast de informatie die je als volksvertegenwoordiger zelf ophaalt, specifieke knelpunten waar inwoners tegenaan lopen te inventariseren, te objectiveren en te agenderen. • Resultaatgericht werken is een fundamenteel andere manier van werken, waar gemeenten en aanbieders samen stappen voorwaarts in zetten. Gesprekspartners geven aan dat de transitie van productgerichte inkoop naar resultaatgerichte inkoop een nieuwe manier van werken vraagt. De samenwerking tussen het wijkteam en de (specialistische) zorgaanbieders verliep en verloopt soms moeizaam.
Het komen tot gedeelde beelden en een gemeenschappelijke taal bij het formuleren van resultaten en het bepalen van arrangementen zorgde in het begin voor verschillende interpretaties. 3.4 Doelen van resultaatgericht werken zijn nog niet gerealiseerd, maar zorgcontinuïteit en kwaliteit van zorg zijn niet in het geding. Vrijwel alle gesprekspartners geven aan dat de verwachtingen die gekoppeld waren aan resultaatgericht werken ten dele of nog niet zijn ingelost. We hechten eraan om hierbij expliciet te vermelden dat de gesprekspartners aangeven dat op dit terrein de afgelopen jaren stappen voorwaarts zijn en worden gezet. Onderstaande conclusies dienen dan ook met deze informatie in het achterhoofd gelezen te worden.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
11
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
• De gewenste resultaten van transitie van productgerichte naar resultaatgerichte jeugdhulp zijn vooralsnog niet gerealiseerd. Zoals in paragraaf 3.2 is toegelicht zijn er geen gewenste resultaten geformuleerd door de gemeente Ridderkerk voor wat betreft resultaatgericht werken. Wel zijn er op regionaal niveau gewenste effecten geformuleerd (door de GRJR) in relatie tot resultaatgericht werken. De argumenten voor resultaatgericht werken zijn onder andere een betere focus op resultaat, stevigere positionering van opdrachtgeverschap, meer ruimte voor aanbieders voor het hoe en prikkels om tijdig af te schalen. Gesprekspartners geven aan dat deze effecten (nog) niet altijd gerealiseerd worden, hoewel dit sinds de invoering van resultaatgericht werken in 2018 verbeterd is. Op lokaal niveau ervaart het wijkteam bijvoorbeeld meer grip op zorgaanbieders dan in de beginperiode waarin resultaatgericht werken werd geïmplementeerd. i) Specifieke aanbeveling: Ga als raad met het college in gesprek over wat ervoor nodig is om de doelstellingen rond resultaatgericht werken alsnog te realiseren en/of om de doelstellingen bij te schaven. • Zorgcontinuïteit is niet in het gedrang gekomen en er zijn geen signalen dat de kwaliteit van de geleverde zorg achteruit is gegaan.
Er zijn geen signalen dat de kwaliteit van de geleverde zorg achteruit zou zijn gegaan met de invoering van resultaatgericht werken noch dat zorgcontinuïteit in het geding is geweest. Wel heeft er als gevolg van de aanbesteding een verschuiving in aandeel per zorgaanbieder plaatsgevonden. Dit betekent voor sommige aanbieders een afbouwscenario van zorg en voor sommigen een opbouwscenario. • Er is onvoldoende beeld bij de activiteiten die aanbieders uitvoeren, waardoor er beperkte mogelijkheden zijn om tijdig (bij) te sturen. Het is moeilijk beeld te krijgen bij de hoeveelheid zorg die geleverd wordt door aanbieders en de kwaliteit van de geleverde zorg als je als opdrachtgever over het ‘wat’ gaat en weinig tot geen beeld hebt bij de wijze waarop de aanbieder het ‘hoe’ invulling geeft. Het wijkteam als opdrachtgever ervaart daardoor soms onvoldoende grip om (specialistische) zorgaanbieders bij te sturen op de aanpak om afgesproken doelstellingen te realiseren. Een van de oorzaken hiervan is dat (privacy)wetgeving het niet altijd mogelijk maakt dergelijke gegevens uit te wisselen. j) Specifieke aanbeveling: Bevraag het college op de wijze waarop contractmanagement is vormgegeven en wat lessen zijn die getrokken kunnen worden voor de toekomst ten aanzien van het sturen op resultaten rond jeugdhulp.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
12
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
• Er is geen stok achter de deur als de resultaten niet binnen het afgesproken arrangement worden gerealiseerd. Met resultaatgerichte bekostiging blijkt – in tegenstelling tot de aanname voorafgaand aan de implementatie van resultaatgericht werken – dat het moeilijk is grip te houden op financiën, omdat beschikkingen veelal worden verlengd of uitgebreid. Er zijn geen directe consequenties verbonden als een (specialistische) zorgaanbieder de gewenste resultaten niet binnen het afgesproken arrangement realiseert. Hierdoor wordt de beoogde doelstelling van resultaatgericht werken – om tijdig af te schalen, onvoldoende gerealiseerd en gestimuleerd. • Resultaatgericht werken leidt vooralsnog niet tot lagere kosten. De kosten voor jeugdhulp voor de gemeente Ridderkerk zijn toegenomen in de periode 2018 – 2020. De gemeenteraad is hierover geïnformeerd in de P&C-producten van de gemeente (jaarrekening, 1ste en 2de tussenrapportage en begroting) en de P&C-producten van de regio (jaarrekening, begroting, begrotingswijziging).
Uit de benchmark van It’s Public blijkt dat de tekorten op de begroting voor jeugdhulp in de gemeente Ridderkerk achtereenvolgens 22% (in 2017), 24% (in 2018) en 14% (in 2019) bedroegen.3 De stijging van de vraag naar jeugdhulp wordt enerzijds veroorzaakt door stijgende vraag naar jeugdhulp door landelijke trends, zoals toenemende prestatiedruk, social media gebruik en medicalisering. Anderzijds wordt de stijging veroorzaakt doordat de gemeente Ridderkerk onvoldoende grip heeft op de productie van (specialistische) zorgaanbieders, terwijl dit juist één van de doelstellingen van resultaatgerichte inkoop was. k) Specifieke aanbeveling: Vraag het college om een helder overzicht van de kosten van jeugdhulp (als onderdeel van de reguliere P&C-cyclus). Zorg dat voor de raad helder is welk budget de gemeente jaarlijks van het Rijk ontvangt voor het uitvoeren van de jeugdhulptaken, hoeveel budget in de begroting wordt toegevoegd aan het budget dat de gemeente vanuit het Rijk ontvangt én hoe de gerealiseerde uitgaven zich verhouden tot de begrote uitgaven. 3.5 De verwachting is dat, zonder gerichte acties, de vraag naar jeugdhulp blijft stijgen Om inzicht te krijgen in de prognose voor het verdere verloop van de vraag naar jeugdhulp is enerzijds gebruik gemaakt van historische data. Dit is het prognosemodel historische data.
Anderzijds is er een werksessie georganiseerd met professionals van de gemeente Ridderkerk. Hierin zijn de belangrijkste factoren besproken die van invloed kunnen zijn op de verwachte vraag naar jeugdhulp. Deze inzichten zijn verwerkt in het prognosemodel wegingsfactoren. Uit beide prognosemodellen blijkt dat de vraag naar jeugdhulp de komende jaren blijft toenemen. Indien de wens is om grip te houden op de instroom van jeugdigen in jeugdhulp is gerichte actie nodig.
3
Bron: It’s public (2021). ‘Benchmark tekorten jeugdhulp - hoeveel komt jouw gemeente tekort?’. Geraadpleegd via: https://www.itspublic.nl/materiaal/benchmark-tekorten-jeugdhulp/. Rekenkamercommissie Ridderkerk
13
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Prognosemodel historische data De historische data leidt tot volgend prognosemodel voor de periode 2021 – 2026:
Figuur 2. Prognosemodel historische data verwachte aantal jongeren met jeugdhulp (2021 – 2026) Toelichting • Het totaal aantal jongeren dat gebruik heeft gemaakt van jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering is sinds 2015 gestegen van 740 jongeren naar 865 jongeren in 2020.4 Het gemiddelde groeipercentage per jaar bedraagt 3,25 % (afgerond). Op basis van dit groeipercentage wordt een totaal van 1042 inwoners verwacht in de leeftijdsklasse 0 - 23 jaar die een vorm van jeugdhulp ontvangen in 2026 binnen de gemeente Ridderkerk. • Het totaal aantal inwoners in de leeftijd 0 tot 23 jaar in de gemeente Ridderkerk is sinds 2015 gestegen van 10.549 inwoners naar 10.911 inwoners.5 Het gemiddelde groeipercentage bedraagt 0,686 % per jaar.6 Op basis van dit groeipercentage wordt een totaal van 11326 inwoners verwacht in de leeftijdsklasse 0 - 23 jaar in de gemeente Ridderkerk. • Omdat het verwachte aantal inwoners dat een vorm van jeugdhulp ontvangt in de periode 20212026 sneller stijgt dan het aantal inwoners in de leeftijdsklasse 0 - 23 jaar in de gemeente Ridderkerk, stijgt de ratio kinderen dat jeugdhulp ontvangt ten opzichte van het totaal aantal inwoners in de gemeente Ridderkerk in de periode 2021-2026. De ratio stijgt van 7,93 % in 2020 naar 9,22 % in 2026. 4
Centraal Bureau voor de Statistiek. Kerncijfers over jeugdhulp. Versie update 20 april 2021. Centraal Bureau voor de Statistiek. Bevolking op 1 januari en gemiddeld; geslacht, leeftijd en regio. Versie update 9 juni 2021. 6 Gekozen is om de historische data te extrapoleren, ondanks de aanwezigheid van een regionale bevolkingsprognose 2020-2050 van het CBS. Argument hierachter is dat de regionale bevolkingsprognose 2020-2050 van het CBS alleen informatie geeft over de leeftijdsklasse 0-20, waardoor de leeftijden 21 en 22 buiten de scope zouden vallen. 6 5
Rekenkamercommissie Ridderkerk
14
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Prognosemodel wegingsfactoren Berenschot heeft in een werksessie met professionals besproken welke factoren de komende jaren van invloed kunnen zijn op de verwachte vraag naar jeugdhulp.7 Berenschot heeft de factoren gewogen op basis van ervaring en eigen data. Om te komen tot het prognosemodel wegingsfactoren, zijn de factoren die een impact kunnen hebben op het aantal jongeren dat jeugdhulp ontvangt uitgewerkt in een minimum scenario (alle factoren hebben een minimaal effect), gemiddelde scenario (alle factoren hebben een gemiddeld effect) en een maximum scenario (alle factoren hebben een maximaal effect). De scenario’s staan in de onderstaande grafiek weergegeven.
Figuur 3. Prognosemodel wegingsfactoren. Toelichting • Vanzelfsprekend is het hoogst onwaarschijnlijk dat alle factoren allemaal tegelijkertijd een minimale dan wel een maximale impact hebben. • Het minimum, gemiddelde en maximum scenario zijn niet lineair omdat de effecten van preventie en vroegsignalering niet direct zichtbaar zijn. Dit is in tegenstelling tot de historische data, dat uitgaat van een lineaire groei. • Het minimum scenario (blauwe lijn) gaat uit van een gemiddelde procentuele krimp van -1,50 % per jaar en resulteert in 2026 in het verwachte totaal van 796 jongeren die jeugdhulp ontvangen. 7
De geïncludeerde factoren zijn: afbouw van sociale huurwoning/woningnood, sociaal-culturele ontwikkelingen (zoals echtscheidingen, prestatiedruk en toenemend gebruik van social media), uitgestelde zorgvraag door COVID-19, betere verbinding tussen domeinen, inzet op preventie en vroegsignalering, grotere bekendheid gemeentelijke toegang en verminderen wachtlijsten.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
15
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
• Het gemiddelde scenario (groene lijn) gaat uit van een gemiddelde groei van 3,45 % per jaar en resulteert in 2026 in het verwachte totaal van 1060 jongeren die jeugdhulp ontvangen. • Het maximale scenario (rode lijn) gaat uit van een gemiddelde groei van 6,00% per jaar en resulteert in 2026 in het verwachte totaal van 1212 jongeren die jeugdhulp ontvangen. • De historische trendlijn (oranje lijn) gaat uit van een gemiddelde groei van 3,250 % per jaar en resulteert in 2026 in het verwachte aantal van 1042 jongeren die jeugdhulp ontvangen. 3.6 Samenwerking ambtelijk, bestuurlijk en politiek versterkt elkaar onvoldoende Raads- en commissieleden hebben tijdens de werksessie aangegeven een grote afstand te ervaren tussen de gemeenteraad en het bestuur. We zien hiervoor volgende oorzaken: • De gemeenteraad is primair geïnformeerd over de keuze om resultaatgericht te werken, zonder een fundamenteel debat te voeren over nut en noodzaak van resultaatgericht werken. De gemeenteraad is in deze periode 2017 – 2020 primair geïnformeerd over ontwikkelingen in de jeugdhulp in algemene zin en resultaatgericht werken in specifieke zin via de reguliere P&Cproducten van de gemeente (jaarrekening, eerste en tweede tussenrapportage en begroting) en raadsinformatiebrieven.
Er is, voor zover wij kunnen zien, geen fundamenteel debat gevoerd over de aanleiding, betekenis en implicaties van resultaatgericht werken. Eén van de gevolgen daarvan is dat er geen gedeeld beeld is tussen raadsleden onderling – laat staan tussen raad, bestuur en de ambtelijke organisatie – over wat resultaatgericht werken inhoudt en welke doelstellingen daaraan gekoppeld zijn. • De gemeenteraad zat niet aan het stuur en voelt zich onvoldoende ‘in control’ De gemeenteraad heeft geen kaders meegegeven ten aanzien van resultaatgericht werken. Daarnaast is er in de periode 2018 - 2020 onvoldoende sturingsinformatie voorhanden om de controlerende rol goed uit te voeren. Dit komt onder andere omdat de data van voor 2018 (productgerichte inkoop) moeilijk te vergelijken is met data van na 2018 (resultaatgerichte inkoop). De gemeenteraad heeft niet expliciet gemaakt welke informatie hij nodig heeft om goed te kunnen controleren en zo nodig tijdig bij te kunnen sturen. In het volgende hoofdstuk worden algemene aanbevelingen geformuleerd om als gemeenteraad (nog) beter vanuit de kaderstellende en controlerende rol te kunnen werken.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
16
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
4.
Algemene aanbevelingen
In dit hoofdstuk worden aanbevelingen gedaan gericht op het meer inzicht krijgen in en grip te krijgen op ontwikkelingen in de jeugdhulp in algemene zin en ontwikkelingen ten aanzien van resultaatgericht werken in specifieke zin. 4.1 Aanbevelingen voor het bevorderen van de kaderstellende rol van de gemeenteraad 1. Zorg dat er altijd een beleidsvisie is vastgesteld waarin de actuele hoofdlijnen van beleid worden beschreven Stel als raad altijd een beleidsvisie vast waarin de hoofdlijnen van het beleid worden beschreven, waarin is aangegeven hoe voortgang wordt gemonitord, op welke momenten de raad wordt geïnformeerd over de voortgang en hoe (bij)gestuurd kan worden. Grote beleidswijzigingen zoals de transitie van productgerichte aanpak naar resultaatgerichte aanpak vragen om een aanpassing van de huidige beleidsvisie of om een nieuwe beleidsvisie. 2.
Concretiseer beleidsdoelstellingen, koppel daar indicatoren aan die de voorgang op de doelstellingen in kaart brengen en bepaal met elkaar streefwaarden Formuleer in overleg met het college scherpe beleidsdoelstellingen en vertaal de doelstellingen naar concrete kritieke prestatie-indicatoren (verder KPI’s). Doe dit op korte termijn voor de drie resultaatsgebieden. We adviseren bij het formuleren van doelstellingen en het selecteren van KPI’s onderscheid te maken tussen doelstellingen gericht op input (middelen), output (activiteiten) en outcome (maatschappelijke effecten). Aan elk resultaatsgebied kunnen verschillende doelstellingen en verschillende indicatoren worden gekoppeld, waardoor een doelenboom met heldere KPI’s ontstaat. Verzoek het college een dergelijke doelenboom in concept op te stellen en deze vervolgens met (een selectie van) de gemeenteraad aan te scherpen. Zoek hierbij met elkaar naar de KPI’s die echt zeggingskracht hebben: liever vijf indicatoren met zeggingskracht dan tien indicatoren waarvan de resultaten voor vele interpretaties vatbaar zijn.
3.
Zorg dat er momenten zijn waarop met het college gedebatteerd wordt over (aanstaande) koerswijzigingen Creëer aparte momenten om met het college beelden uit te wisselen over (aanstaande) koerswijzigingen. In het geval van resultaatgericht werken, is informatie primair gedeeld via de reguliere P&C-cyclus en middels raadsinformatiebrieven. Bij de bespreking van de jaarrekening en de begroting ligt het niet voor de hand om specifieke beleidsontwikkelingen met elkaar door te spreken (bijvoorbeeld ontwikkelingen op het gebied van jeugdhulp). Met raadsinformatiebrieven worden raadsleden geïnformeerd, maar raakt informatie gefragmenteerd en, omdat een raadsinformatiebrief niet automatisch wordt geagendeerd, nodigt het niet uit tot een fundamenteel debat.
4.
Geef als raad kaders mee voor de planning en neem voldoende tijd voor de implementatie van beleidswijzigingen en organisatorische keuzes Wanneer grote koerswijzigingen zoals de omslag van productgericht naar resultaatgericht werken worden ingezet, dan is het zaak dat er voldoende tijd is tussen de besluitvorming en het moment waarop de koerswijziging van kracht gaat. Een half jaar voorbereidingstijd tussen een definitief gunningsbesluit (rekening houdend met in bezwaar gaan van aanbieders op een Rekenkamercommissie Ridderkerk
17
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
aanbestedingsprocedure en een gunningsbesluit) en de daadwerkelijke start van de afspraken in het gunningsbesluit is een minimale periode voor aanbieders en de gemeente(n) als opdrachtgever om dergelijke koerswijzigingen gedegen voor te kunnen bereiden. 5.
Vraag het college om scenario’s, zodat je als raad weet waaruit je kan kiezen Het is van cruciaal belang dat de raad gevoed wordt door het college bij het formuleren van kaders. Het college dient, veel meer dan nu het geval is, de raad scenario’s voorleggen zodat de raad ook weet welke (alternatieve) opties er zijn. Vraag het college wat de verschillen zijn tussen scenario’s, wat de voor- en nadelen zijn van de verschillende scenario’s en wat de (beoogde) impact is van de verschillende scenario’s. Hierbij is het vanzelfsprekend mogelijk om (met onderbouwing) aan te geven wat het voorkeursscenario van het college is.
6.
Geef als raad de komende periode specifieke kaders mee ten aanzien van instroompreventie en uitstroombevordering in de jeugdhulp Gegeven de verwachte ontwikkeling van de vraag naar jeugdhulp, is het aan te bevelen ten aanzien van dit onderwerp specifieke kaders mee te geven. We adviseren daarbij om niet alleen te focussen op instroompreventie (lees: inzet gericht op het verminderen van het aantal jeugdigen dat jeugdhulp nodig heeft), maar juist ook aandacht te hebben voor uitstroombevordering (lees: inzet gericht op het versnellen van de doorlooptijd van jeugdhulptrajecten ter bevordering van de uitstroom). Bij instroompreventie kan gedacht worden aan kritischer indiceren en betere samenwerking met andere verwijzers. Bij uitstroombevordering kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het op voorhand nagaan of de vooraf vastgestelde duur van de beschikking niet te lang is en door actieve inzet op het verminderen van herhaald beroep.
4.2 Aanbevelingen voor het bevorderen van de controlerende rol van de gemeenteraad 7. Maak afspraken over hoe tussentijdse resultaten van (specialistische) zorgaanbieders zichtbaar gemaakt worden Sturen op resultaten is ingewikkeld als je alleen over het ‘wat’ gaat en niet over het ‘hoe’. Desalniettemin is het zaak helder te hebben welke informatie nodig om tijdig (bij) te kunnen sturen. Dit vraagt tevens om een fundamenteler debat als raad over waar je rol als opdrachtgever begint en eindigt bij resultaatgericht werken. 8.
Zorg voor een helder financieel overzicht van de bekostiging van jeugdhulptaken Het is van groot belang inzicht te hebben in de financiële consequenties van beleidskeuzes en in de mate waarin de rijksmiddelen voldoende zijn voor het uitvoeren van de gedecentraliseerde jeugdhulptaken. Verzoek het college om een uitwerking van in ieder geval de volgende aspecten (bij voorkeur als onderdeel van de reguliere P&C-cyclus): - Welk bedrag de gemeente Ridderkerk ontvangt vanuit het Rijk voor jeugdhulp. - Welk bedrag de gemeente Ridderkerk aan haar begroting toevoegt om de begroting van jeugdhulp sluitend te maken. - Welk bedrag de gemeente Ridderkerk tekortkomt voor de uitvoering van jeugdhulptaken, met een onderscheid naar kosten voor taken uitgevoerd op lokaal niveau en kosten uitgevoerd voor taken op regionaal niveau.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
18
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
-
9.
Hoe de drie bovenstaande bedragen zich ontwikkelen per jaar en zich verhouden tot gemaakte beleidskeuzes, organisatorische keuzes en/of contextuele factoren.
Opereren in een gemeenschappelijke regeling Wees als gemeenteraad bewust dat er, ondanks regionaal belegde taken in een gemeenschappelijke regeling en de beperkte zeggingskracht van individuele gemeenten in een dergelijke regeling, er nog steeds scherpe keuzes gemaakt kunnen worden. Het is niet realistisch om te verwachten dat alle keuzes overgenomen worden, maar het college kan vervolgens aangeven wat wel en niet is overgenomen en waarom. Benut dus optimaal de zienswijzen die gegeven kunnen worden en bevraag het college actief op de uitkomsten van de gesprekken die worden gevoerd in regionaal verband. Tot slot: vergaderingen van het Algemeen Bestuur van de GRJR zijn openbaar. Het als toehoorder bijwonen van deze vergaderingen geeft veelal waardevolle inzichten in de regionale dynamieken en in de actuele thema’s.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
19
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
5.
Bijlagen
Bijlage 1 – Normenkader In de onderstaande tabel staat het gehanteerde normenkader dat gebruikt is in dit onderzoek. Deelvraag Bijbehorende normen Doel, visie en 1. Er zijn concrete input, output en outcome criteria opgesteld voor de ambitie wettelijke taak van het bieden van voldoende en passende jeugdhulp. 2. Het is inzichtelijk of en in welke mate streefwaarden voor de input, output en outcome criteria zijn gerealiseerd. 3. De input, output en outcome criteria geven de gemeenteraad bruikbare handvatten om tijdig te kunnen (bij)sturen. 4. De gemeenteraad is bekend met de uitgangspunten van een resultaatgerichte aanpak en begrijpt hoe deze aanpak verschilt van een productgerichte aanpak. 5. De maatschappelijke effecten van de resultaatgerichte aanpak in 2018 2020 zijn inzichtelijk voor de gemeenteraad en kunnen vergeleken worden met de effecten van de productgerichte aanpak. Organisatorische 6. Er zijn weloverwogen organisatorische keuzes gemaakt ten aanzien van keuzes de wijze waarop de wettelijke taak om passende zorg en ondersteuning voor jeugdigen te bieden wordt vormgegeven. De factoren die bij deze afwegingen van invloed zijn geweest, zijn te reproduceren. 7. Raadsleden ervaren de overgang naar een resultaatgerichte aanpak binnen jeugdhulp als een keuze die ze vanuit hun kaderstellende rol doelbewust hebben gemaakt. Inhoudelijke 8.
Het is inzichtelijk welke beleidskeuzes zijn gemaakt op zowel lokaal, beleidskeuzes regionaal als landelijk niveau in de periode 1 januari 2018 tot en met 1 januari 2021 ten aanzien van de organisatie en aanpak van jeugdhulp. 9. Het is inzichtelijk of en op welke wijze de beleidskeuzes die in de periode 1 januari 2018 tot en met 1 januari 2021 zijn gemaakt afwijken van eerder gemaakte beleidskeuzes. 10. Voor raadsleden is duidelijk wat de invloed van lokale en regionale beleidskeuzes is op de lokale uitvoeringspraktijk. 11. Raadsleden hebben voldoende kennis van de materie (c.q. er is hun voldoende kennis aangereikt) om hun controlerende rol goed uit te kunnen voeren ten aanzien van resultaatgerichte aanpak van jeugdhulp. Financiële keuzes 12. Het is inzichtelijk welk budget de gemeente heeft ingezet voor de uitvoering van de wettelijke taak jeugdhulp en hoe dit budget wordt besteed. 13. De informatievoorziening richting de raad over de maatschappelijke effecten van de keuze voor resultaatgerichte jeugdhulp is helder en begrijpelijk en stelt de raad in staat zijn controlerende rol uit te voeren.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
20
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Bestuurlijke reactie Rekenkamercommissie Ridderkerk
Uw brief van: Uw kenmerk: Bijlage(n): -
Ons kenmerk: Contact: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum:
422466 B. Zomerdijk 010-5030590 b.zomerdijk@ridderkerk.nl 26 november 2021
Betreft: Bestuurlijke reactie op het rekenkameronderzoek “Effectiviteit van de resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk 2018-2020”
Geachte leden van de rekenkamercommissie, We hebben met aandacht en belangstelling kennisgenomen van de ‘bestuurlijke Nota’ en de ‘Nota van bevindingen’ van uw onderzoek naar de effectiviteit van de resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk 2018-2020. In deze brief geven wij onze reactie op het uitgevoerde onderzoek en de geformuleerde conclusies en aanbevelingen. Doelstelling onderzoek Het onderzoek richt zich op de uitvoering van de jeugdwet. Hierbij ligt de focus op de overgang van productgerichte jeugdhulp naar resultaatgerichte jeugdhulp. Het doel van het onderzoek in opdracht van de rekenkamercommissie was inzicht geven in hoeverre deze beleidswijziging in de periode van 2018 tot en met 2020 effectief is gebleken. De nadruk lag hierbij op de evaluatie van het gevoerde beleid en de betrokkenheid van de gemeenteraad. Daarnaast wordt aandacht besteed aan mogelijke verbeterpunten/aandachtspunten om de raad (en het college) handvatten te bieden. De rekenkamercommissie heeft de volgende centrale onderzoeksvraag geformuleerd: ‘’In hoeverre is in de periode 2018 tot en met 2020 de uitvoering van (het gewijzigde beleid) jeugdhulp effectief geweest voor inwoners van de gemeente Ridderkerk?’’ Reactie op het onderzoek Wij geven eerst een algemene reactie en daaropvolgend een aantal inhoudelijke opmerkingen bij uw aanbevelingen en conclusies.
Algemene reactie De conclusies en aanbevelingen zijn op veel punten herkenbaar voor de onderzochte periode. Wij kunnen ons voor een belangrijk deel vinden in uw aanbevelingen. Wij zijn tevreden te lezen dat dat inwoners content zijn over de ondersteuning die zij krijgen. Daarnaast is de kwaliteit van de geleverde zorg niet achteruitgegaan en is de zorgcontinuïteit niet in het gedrang gekomen. Bovendien geeft het onderzoek een positieve weergave van de inzet. Zo is er veel informatie gedeeld met de raad. En weten de gemeente en de aanbieders elkaar steeds beter te vinden, waardoor gezamenlijk stappen vooruit zijn gezet.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
21
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Door de jeugdhulp door te ontwikkelen zetten we de transformatie van de jeugdhulp door. Hiervoor wordt de huidige manier waarop de jeugdhulp is georganiseerd tegen het licht gehouden bij de inkoopstrategie van de aanbesteding lokale jeugdhulp. Dit is in lijn met de reeds vastgestelde nota Integraal Beleid Sociaal Domein ‘’Met Ridderkerkers en voor Ridderkerkers’’. De uitkomsten van het onderzoek zien we als een bevestiging van deze koers. De conclusies en aanbevelingen van het onderzoek maken onderdeel uit van de inkoopstrategie van de aanbesteding lokale jeugdhulp. Inhoudelijke opmerkingen In een enkele conclusie en aanbeveling kunnen wij ons minder vinden, of is er volgens ons nadere toelichting vereist. Aanbeveling d: De uitvoering van beleid wordt altijd beïnvloed door externe factoren. Vraag het college altijd expliciet naar externe factoren die van invloed (kunnen) zijn op de uitvoering van beleid. Bespreek met het college wat de gemeente kan doen om de invloed van contextuele factoren te beperken. Reactie college: Wij trachten altijd in te spelen op contextuele factoren, en informeren de raad zo volledig als mogelijk. De jeugdhulp is echter niet maakbaar. Zo wisten wij op voorhand niet dat de coronacrisis zou uitbreken, en welke gevolgen dit voor onder meer de jeugdhulp heeft.
Dit laat uiteraard onverlet dat het vervelend is dat hierdoor eenieder op een informatieachterstand komt te staan. Aanbeveling f: Concretiseer beleidsdoelstellingen, koppel daar KPI’s aan die de voortgang op de doelstellingen in kaart brengen en bepaal met elkaar de streefwaarden. Reactie college: Deze aanbeveling ondersteunt onze opvatting dat wij in dialoog moeten blijven met de gemeenteraad over de sturingsinformatie. Wij hebben alle beschikbare informatie met de raad gedeeld. Dit laat onverlet dat de informatiebehoefte meer synchroon kan lopen met de sturingsbehoefte van de raad. Hiervoor dient duidelijk te zijn waar en op welke wijze de gemeenteraad wil sturen. Een belangrijk uitgangspunt in de nota Integraal Beleid Sociaal Domein betreft het sturen op maatschappelijk resultaat aan de hand van outcome gericht werken. Om de effectiviteit van ons beleid te monitoren voeren wij samen met onze partners het gesprek over behaalde resultaten.
Aanbeveling k: Vraag het college om een helder overzicht van de kosten van jeugdhulp (als onderdeel van de reguliere P&C-cyclus). Zorg dat het voor de raad helder is welk budget de gemeente jaarlijks van het Rijk ontvangt voor het uitvoeren van de jeugdhulptaken, hoeveel budget in de begroting wordt toegevoegd aan het budget dat de gemeente vanuit het Rijk ontvangt én hoe de gerealiseerde uitgaven zich verhouden tot de begrote uitgaven. Reactie college: Uw aanbeveling lijkt te suggereren dat wij exact weten welk budget wij van het Rijk ontvangen voor de jeugdhulp. Dit is echter onjuist. Sinds 2018 zitten de rijksinkomsten in de algemene uitkering van het gemeentefonds, waardoor er geen sprake is van een specifieke uitkering. Dat houdt in dat het niet te herleiden is welk budget wij exact van het Rijk ontvangen. Wij verantwoorden uiteraard onze uitgaven. Dit doen wij tijdens elke P&C-cyclus, waarbij wij tevens een uitgebreid sturingsrapportage voegen. Tot slot Wij danken u voor uw onderzoek en de daaruit voortvloeiende aanbevelingen. Deze helpen de organisatie van de jeugdhulp verder te verbeteren. Concluderend neemt het college de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport grotendeels over. Aan een groot deel van de aanbevelingen wordt reeds gewerkt en/of deze worden meegenomen in de inkoopstrategie van de aanbesteding lokale jeugdhulp.
Wij voelen ons hiermee gesteund in de deels al ingeslagen weg.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
22
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders van Ridderkerk, de secretaris,
de burgemeester,
dhr. H.W.J. Klaucke
mw. A. Attema
Rekenkamercommissie Ridderkerk
23
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
Nawoord rekenkamercommissie De rekenkamercommissie wil het college en de betrokken adviseurs vanuit de gemeente Ridderkerk danken voor de betrokkenheid tijdens het onderzoek en voor de bestuurlijke reactie op het rapport. In de bestuurlijke reactie geeft het college blijk van inspanningen en ontwikkelingen die plaatsvinden, bijvoorbeeld op het gebied van de sturingsinformatie van de gemeenteraad. Het college geeft aan dat dit sociaal domein breed plaatsvindt aan de hand van de Nota Integraal Beleid Sociaal Domein. De rekenkamercommissie snapt deze integrale monitoring. Tegelijk constateert zij dat de grote dynamiek op het gebied van jeugdhulp maakt dat specifieke aandacht voor dit thema aanvullend nodig is bij het vormgeven van de sturing. De rekenkamercommissie deelt de visie van het college dat de taak jeugdhulp niet maakbaar is. Het college noemt de Corona crisis als voorbeeld. Dat is de reden waarom de rekenkamercommissie adviseert hierin ook het scenario denken onderdeel van de opgave te maken. Het college en de raad kunnen het beleid dan op basis van de trends en ontwikkelingen steeds bijstellen en keuzes maken.
Rekenkamercommissie Ridderkerk
24
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
NOTA VAN BEVINDINGEN
Rekenkamercommissie Ridderkerk
25
Resultaatgerichte jeugdhulp in Ridderkerk
a.
f
b.
Effectiviteit Effectiviteit resultaatgerichte resultaatgerichte jeugdhulp jeugdhulp 2018 2018 –– 2020 2020
Rekenkamercommissie Thema Ridderkerk
Nota van bevindingen
65320 – Openbaar 1 oktober 2021
1
65320 – Openbaar
Effectiviteit resultaatgerichte jeugdhulp 2018 – 2020 Nota van bevindingen
Marijke Synhaeve Bas Laan 1 oktober 2021
65320 – Openbaar
2
Inhoudsopgave 1.
2.
3.
Inleiding
3
1.1 Aanleiding en doel onderzoek
3
1.2 Vraag aan Berenschot
3
1.3 Plan van aanpak onderzoek
4
1.4
Leeswijzer
4
Bevindingen
6
2.1
Doel, visie en ambitie
6
2.2
Organisatorische keuzes
17
2.3
Inhoudelijke beleidskeuzes
18
2.4
Financiën
19
2.5
Samenwerking ambtelijk, bestuurlijk en politiek
22
Bijlagen
24
3.1
Bijlage 1 – Specificering deelvragen
24
3.2
Bijlage 2 – Overzicht documenten voor documentanalyse
25
3.3
Bijlage 3 – Uitgangspunten en doelstellingen jeugdhulp gemeente Ridderkerk
25
3.4
Bijlage 4 – Beschikbare data omtrent de ontwikkeling van de aantallen in de jeugdhulp
27
65320 – Openbaar
1. Inleiding 1.1 Aanleiding en doel onderzoek De rekenkamercommissie Ridderkerk onderzoekt in de vorm van een drieluik de uitvoering van de in 2015 (verder) gedecentraliseerde wetten, te weten: de Wmo, de Participatiewet en de Jeugdwet. Onderzoeken naar de uitvoering van de Wmo en de Participatiewet zijn afgerond in respectievelijk 2018 en 2019. Voorliggend onderzoek naar jeugdhulp is het derde en tevens laatste onderzoek in deze reeks. Eind 2017 is productgerichte jeugdhulp losgelaten en resultaatgerichte jeugdhulp centraal gesteld in Ridderkerk (en in de regio Rijnmond), waarbij drie resultaatsgebieden zijn gedefinieerd. Resultaatgerichte jeugdhulp betekent dat de gemeente Ridderkerk voor de jeugdige (en zijn/haar ouders) op basis van de vraaganalyse doelen formuleert om het probleem/de vraag op te kunnen lossen.1 De zorgaanbieder is vervolgens verantwoordelijk voor een brede, integrale analyse en triage van de zorgbehoefte van de cliënt en het bieden van passende hulp en ondersteuning aan de jeugdige (en zijn/haar ouders).2 Het wijkteam stelt namens de gemeente Ridderkerk vast ‘wat’ er in termen van ondersteuning nodig is en de zorgaanbieder bepaalt vervolgens ‘hoe’ de ondersteuning geboden wordt. Inwoners van de gemeente Ridderkerk kunnen enerzijds op lokaal niveau (lees: binnen de gemeente Ridderkerk) ondersteuning voor jeugdhulp ontvangen.
Dit betreft laag complexe ondersteuning, zoals jeugd met een beperking of dyslexie zorg. Op regionaal niveau kunnen inwoners van de gemeente Ridderkerk complexere ondersteuning ontvangen via een samenwerkingsverband met 14 andere gemeenten: de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (hierna: GRJR). Dit onderzoek richt zich op de uitvoering van de Jeugdwet, waarbij de focus ligt op de overgang van productgerichte jeugdhulp naar resultaatgerichte jeugdhulp. Het doel van het gevraagde onderzoek is inzicht te geven in hoeverre deze beleidswijziging in de periode 2018-2020 effectief is gebleken. De nadruk ligt op de evaluatie van het gevoerde beleid en de betrokkenheid van de gemeenteraad van Ridderkerk. Daarnaast dient aandacht te worden besteed aan mogelijke verbeterpunten/aandachtspunten – ook in het licht van verwachte gevolgen van de coronacrisis op de vraag naar jeugdhulp – om de raad (en het college) handvatten te bieden.
1.2 Vraag aan Berenschot In dit onderzoek wordt antwoord gegeven op de volgende hoofdvraag: In hoeverre is in de periode 2018 tot en met 2020 de uitvoering van (het gewijzigde beleid) jeugdhulp effectief geweest voor inwoners van de gemeente Ridderkerk?
De focus ligt hierbij op de beleidskeuze om vanaf 2018 te kiezen voor resultaatgerichte jeugdhulp in plaats van productgerichte jeugdhulp. Om de hoofdvraag te kunnen beantwoorden zijn er zeven deelvragen geformuleerd. De deelvragen zijn gecategoriseerd langs de lijn van vijf thema’s, welke in de volgende tabel zijn weergegeven. Een nadere specificering van de deelvragen is terug te vinden in bijlage 1.