Onderzoeksrapport Blaauwberg - Orientatie op een Ondernemersfonds Ridderkerk.pdf
Tekst van het document
Bedrijventerrein Cornelisland: vrijwel gelijk aan contour huidige BIZ-gebied
•
Bedrijventerrein Nieuw Reijerwaard: huidig gebied zoals bepaald in gemeenschappelijke regeling (=2/3 opbrengst) + bedrijven Verenambacht (=30%) + bedrijven tussen Rijksstraatweg, Geerlaan en A15 (< 5%).
•
Bedrijventerrein Donkersloot, gebied zoals beschreven in het Omgevingsplan Donkersloot + de bedrijvigheid aan de Ringdijk tot aan Bolnes
•
Bedrijventerrein Boelewerf, inclusief bedrijven aan Ringdijk en Benedenrijweg
Daarnaast voorzien we trekkingsrechten voor de centra. De volgende indeling is als volgt: • • • • •
Ridderkerk centrum en omgeving (wijken west en oost) Ridderkerk Drievliet-Het Zand (incl. Vlietplein) Slikkerveer (inclusief Dillenburgplein) Bolnes Rijsoord-Oostendam
We gaan uit van een tarief van € 35 per 100.000 woz-waarde. Het fonds werkt met een beperkte overhead (geschat op circa 4%). De bedrijventerreinen en centra beschikken over 90% van de inleg, Zie de kaart op de volgende pagina voor de indeling van de trekkingsrechten. En zie de tabel eronder voor de opbrengsten. 26
Bedrijventerreinen Cornelisland Nieuw Reijerwaard Donkersloot Boelewerf Centra Winkelhart en omgeving Drievliet-Het Zand Slikkerveer Bolnes Rijsoord-Oostendam Gemeentebreed aandeel incl. centrale kosten Totaal fonds
27
Opbrengst bij € 35 per 100.o00 WOZ-waarde € 342.000 € 64.000 € 121.000 € 147.000 € 10.000 € 133.000 € 82.000 € 18.000 € 15.000 € 10.000 € 8.000 € 56.000 € 531.000
Samenloop met BIZ De drie reeds georganiseerde winkelgebieden kunnen in de komende jaren de BIZ laten doorlopen. Bij het aflopen van de BIZ kan een heroverweging worden gemaakt of de eigenaren BIZ dient te komen vervallen. Het ligt voor de hand dat de gebruikers BIZ door blijft lopen. Huidige situatie Winkelhart Vlietplein Dillenburgplein
BIZ gebruikers € 125.000 € 24.600 € 12.000
BIZ eigenaren € 35.000 € 15.300 € 12.000
Totaal € 160.000 € 39.900 € 24.000
Trekkingsrecht OF € 86.000 € 19.000 € 15.000
Totaal € 211.000 € 43.600 € 27.000
Nieuwe situatie na aflopen BIZ eigenaren1 Winkelhart Vlietplein Dillenburgplein
BIZ gebruikers € 125.000 € 24.600 € 12.000
In de nieuwe situatie, waarin het ondernemersfonds wordt gecombineerd met de BIZ, behalen alle gebieden tenminste hun huidige begroting. In het geval van Winkelhart zelfs met enige marge. De jaren waarin het fonds gecombineerd wordt met de eigenaren-BIZ is zelfs sprake van meer aanvullende inkomsten. Dat is gezien de druk op de begroting van de collectieven welkom. Bovendien kan er meer schaalvoordeel worden behaald bij slim samen op trekken (de eerder genoemde collectieve inkoop van bv. sfeerverlichting, hanging basket, veiligheid en professionele capaciteit. Daar staat tegenover dat het werkgebied iets groter wordt. Dus bij initiatieven net buiten het winkelgebied zal er een bereidheid moeten zijn bij de winkelcollectieven om daar met open blik naar te kijken. Indien de bestaande begroting hiermee teveel onder druk komt te staan kan het aanspreken van het gemeentebrede budget wellicht een oplossing zijn. Per saldo gaan de winkelgebieden er op vooruit.
Reacties not-for-profit organisaties In de gemeente Ridderkerk zijn er diverse not-for-profit organisaties actief. Omdat het voorstel in Ridderkerk uitgaat van een geografische indeling, vallen deze organisaties binnen een trekkingsgebied. Een groot deel daarvan is gevestigd in en rond de centra. Landelijk zien we, zoals ook wordt toegelicht in paragraaf 1.4, dat not-for-profit organisaties vaak goed aansluiting vinden bij ondernemersfondsen. De gesprekken met deze organisaties zijn erop gericht om de mogelijke samenwerking en aansluiting binnen een fonds te verkennen. Er zijn gesprekken gevoerd met sportverenigingen, een zorgorganisatie en SOB (Samenwerking Onderwijs Bedrijfsleven). •
1
VV Rijsoord is een lokale voetbalvereniging met ongeveer 1.000 leden, waaronder een groot aantal jeugdspelers. Door de sterke groei van de afgelopen jaren geldt er inmiddels vier jaar
Uitgaande van continuering gebruikers-BIZ met dezelfde opbrengsten
28
•
•
•
een tijdelijke ledenstop. De voetbalvereniging vervult een belangrijke maatschappelijke rol in de gemeenschap en draagt actief bij aan de sociale samenhang in de wijk. Zo organiseert VV Rijsoord jaarlijks een Seniorendag, en vinden er klaverjasavonden, walking footballevenementen en een winterfeesten voor mensen met een beperking plaats. Vanuit de voetbalvereniging is er tijdens het gesprek meegedacht over mogelijke vormen van samenwerking via het fonds. Er is aangegeven dat VV Rijsoord kansen ziet om via het fonds de samenwerking te versterken, maar benadrukt ook het belang van het vinden van de juiste vormen van samenwerking. Aafje is een zorgorganisatie voor ouderen met circa 6.500 medewerkers en 1.000 vrijwilligers. De organisatie heeft in totaal 17 locaties, waarvan twee in Ridderkerk: Reyerheem en ’t Ronde Sant, beide gelegen in de wijk Drievliet-Het Zand. De organisatie plaatst vooralsnog enkele kanttekeningen bij de toegevoegde waarde van deelname aan het fonds, maar denkt graag mee over mogelijke aanknopingspunten. Tijdens het gesprek werd ingegaan op de kansen die de zorgorganisatie ziet, met name op het gebied van seniorvriendelijke wijken en het inspelen op de groeiende groep ouderen in de gemeente. Belangrijke thema’s daarbij zijn onder andere ontmoetingsplekken voor ouderen en projecten gericht op preventie en zelfstandig thuis wonen.
Aafje heeft aangegeven graag op de hoogte te blijven van de verdere ontwikkeling van het initiatief. OKK Ridderkerk is een gymnastiekvereniging met ruim 600 leden, afkomstig uit alle wijken van Ridderkerk. De vereniging biedt lessen vanaf twee jaar oud en werkt met het Nijntje Beweegdiploma, waarmee een basis wordt gelegd voor een actieve leefstijl. De vereniging maakt momenteel gebruik van de sportzalen. Op dit moment maakt OKK gebruik van bestaande sportzalen, maar de vereniging krijgt een eigen turnhal, waarvan de verhuizing gepland staat voor 2028/2029. De gymnastiekvereniging vervult een belangrijke maatschappelijke rol in de gemeenschap en organiseert jaarlijks meerdere activiteiten, zoals koffiemomenten, een turnkamp en evenementen die bijdragen aan sociale betrokkenheid en beweging. Tijdens het gesprek is gesproken over mogelijke maatschappelijke samenwerkingen, bijvoorbeeld met de zorgsector, omdat sport en beweging bijdragen aan preventie en lagere zorgkosten. Er is aangegeven dat OKK graag betrokken blijft bij het initiatief. SOB (Samenwerking Onderwijs Bedrijfsleven) is een stichting die de samenwerking tussen het onderwijs, bedrijfsleven en de overheid stimuleert. De focus ligt op het verbeteren van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt.
SOB onderhoudt een groot netwerk van scholen en bedrijven en organiseert meerdere activiteiten om de verbinding te versterken. Voorbeelden hiervan zijn bedrijvenmarkten voor leerlingen van het vmbo en techniekfestivals voor leerlingen van groep 7. Er wordt positief geregeerd op het initiatief van een ondernemersfonds. Er wordt bijvoorbeeld nagedacht over het organiseren van een duurzaamheidsfestival, gericht op actuele vraagstukken, waarbij jongeren worden betrokken. SOB signaleert ook dat er binnen het mkb sprake is van vergrijzing onder werknemers en verschillen tussen generaties. Het behouden van jonge werknemers in de gemeente vraagt om aandacht. Ideeën zoals bijeenkomsten met verschillende generaties en initiatieven om meer vrouwen in technische beroepen te krijgen worden genoemd als mogelijke aanknopingspunten. SOB geeft aan dat ze betrokken willen blijven bij de ontwikkelen van het initiatief.
29
3.4
Governance
Het inrichten van de organisatie van een fonds is een lokale zaak waar ondernemers zelf over gaan. Er bestaat niet zoiets als een algemeen toepasbare blauwdruk. Het is altijd zaak goed te kijken naar de lokale situatie en wensen van de gebruikers. Een groot fonds met grote diversiteit in vestigingsmilieus, zoals bijvoorbeeld Utrecht, vergt een heel andere aanpak dan een compacte gemeente met overzichtelijke werkgebieden. Een standaardstructuur bestaat in ieder geval uit drie onderdelen: het stichtingsbestuur, een adviesraad en een secretariaatsfunctie. Stichtingsbestuur Het fonds krijgt de vorm van een stichting met een eigen bestuur. Het wordt een geheel onafhankelijke rechtspersoon, die los staat van de ondernemersverenigingen, van de gemeente of van welke ‘gevestigde’ partij ook maar. De meeste fondsen kiezen voor een onafhankelijk bestuur waar geen bestuursleden van de gebiedscollectieven in plaats nemen. De achtergrond van die gedachte is dat het fonds niet ‘aan politiek’ doet en een zakelijk-neutrale financier is van ondernemersbelangen. De bestuursleden moeten uiteraard wel binding hebben met Ridderkerk, het lokale bedrijfsleven en/of het maatschappelijk middenveld (onderwijs, sport, zorg, cultuur). Het is zoeken naar een betrokken, professionele ploeg mensen met hart voor de streek en kennis van de lokale economie.
Veel nieuwe ondernemersfondsen zetten de stuurgroep van ondernemers/stakeholders in als een eerste bestuur. In latere jaren vult het bestuur zichzelf aan. We hebben het in eerste instantie om een oprichtingsbestuur. De personen in dat bestuur moeten bereid en in staat zijn om te pionieren in een opbouwfase. Het gaat uiteindelijk om een ‘startup’ in samenwerking. Na de pioniersperiode komt het Ondernemersfonds wat meer in een beheerdersfase, dan zijn er mogelijk weer andere mensen nodig. Aan kandidaten voor het oprichtingsbestuur zal dus in eerste instantie een projectmatige betrokkenheid voor een overzichtelijke periode worden gevraagd. Het zal gaan om mensen die: ● ● ● ●
Pleitbezorger van samenwerking tussen ondernemers willen zijn Creativiteit en ondernemerschap meebrengen Het gebied goed kennen en het gesprek met ondernemers kunnen starten Bereid zijn om te werken binnen de methodes, visies en afspraken uit dit rapport.
Er wordt bij de start van een Ondernemersfonds vaak gevraagd naar administratieve of zelfs juridische deskundigheid. Maar dat is niet de eerste behoefte. Het regelkader van een Ondernemersfonds is uiteindelijk vrij simpel en de administratie is nogal ‘basic’. Het gaat vooral om ondernemerschap en gezag. Na verloop van de pioniersfase, heeft het bestuur in de kern nog twee taken: ● Toezien op de rechtmatigheid van bestedingsvoorstellen (is er genoeg geld en is er op transparante wijze tot de besteding besloten), administratief verwerken, verantwoording afleggen aan de gemeente. ● Ondersteunen, bemiddelen, informatievoorziening, werken aan resterende ‘witte vlekken’. 30
Trekkingsrechten De inhoudelijke besluitvorming vindt plaats binnen de georganiseerde netwerken. Dat zijn de trekkingsgerechtigden, vaak formeel georganiseerd in een stichting of vereniging. In het Ridderkerkse fonds gaat het om 9 trekkingsrechten. De trekkingsrechten sluiten aan bij de bestaande collectieven. Waarbij de collectieven met een uitbreiding van het werkgebied zich open stellen voor initiatieven van buiten het huidige aandachtsgebied.
Platform / adviesraad Overkoepelende samenwerking kan plaatsvinden binnen een gezamenlijk platform. Alle trekkingsgerechtigden hebben een zetel in dit platform, wellicht aangevuld met een aantal bijzondere vertegenwoordigers (not for profit, verspreide bedrijvigheid). Een optie is om dit platform te laten samenvallen met het bestaande ondernemersplatform in Ridderkerk. In de meeste ondernemersfondsen functioneert een ‘adviesraad’, waarin de gebruikers van het fonds verzameld zijn. Concreet: vertegenwoordigers van de trekkingsgerechtigden. Doel van de adviesraad is om als klankbord te dienen voor het bestuur, en enige vorm van toezicht te organiseren. In dit geval zouden platform en adviesraad kunnen dubbelen. De adviesraad heeft weinig bevoegdheden. Dat zou meer regels vergen dan past in de cultuur van het fonds. Het uitgangspunt is wel dat het bestuur van het fonds rekening houdt met de gevoelens en de opinies zoals geuit in de adviesraad. Op cruciale punten zoals veranderingen in de opzet van het fonds (trekkingsrechten, statutenwijziging, et cetera) zal een negatief sentiment van de adviesraad in de praktijk doorslaggevend zijn.
Secretariaat De meeste fondsen van enige omvang werken met professionele ondersteuning. Het fonds is er niet voor zichzelf, maar staat in dienst van de ondernemersverenigingen. Daar hoort een sobere bedrijfsvoering bij. Toch zijn er redenen om geld uit te trekken voor een professioneel beheer: ● ● ●
●
Het gaat om publiek geld, waar verantwoording over moet worden afgelegd. Rekening, verantwoording en accountantsverklaring moeten kloppen. De ervaring is dat een fonds groter dan € 200.000 niet meer met alleen vrijwilligers te beheren valt. De risico’s worden te groot. Er moet een goed administratief aanbod worden gedaan aan de verenigingen, zeker de kleinere trekkingsgerechtigde moeten worden ‘ontzorgd’ door de beheerslast bij het fonds te leggen. De beheerskosten moeten door de verenigingen ervaren worden als de prijs voor goede dienstverlening. Daar hoort zeker ook de zorg bij dat over alle daarvoor in aanmerking komende uitgaven uit het fonds de btw teruggevorderd wordt. Zeker in de opbouwfase van het fonds is capaciteit nodig om zaken te organiseren en verenigingen te helpen.
31
Professionele capaciteit kan gemeentebreed worden ingeschakeld, zo werken diverse fondsen met een centrale fondsmanager (Westerveld, Sliedrecht, Houten, Leeuwarden, Utrecht). Andere fondsen werken weer met gebiedsgewijze ondersteuning, zo werkt Deurne met een centrummanager, parkmanagement en (voorzien) buitengebied-management.
3.5
Evaluatie
De meeste fondsen werken met een experimenteerfase van vijf jaar, daarna vindt een evaluatie plaats. Hoewel de ervaring elders in het land goed is, is die evaluatie geen formaliteit. De inzet is niet alleen een mogelijke verbetering, maar ook het voortbestaan van het fonds zelf. Het fonds heeft, met andere woorden, vijf jaar om zichzelf te bewijzen. In het met de gemeente te sluiten convenant wordt opgenomen dat het ozb-tarief weer omlaag gaat, mocht na vijf jaar besloten worden tot opheffing van het fonds. Het is aan het bestuur van het fonds om een vorm te kiezen voor de evaluatie. Het moet een evaluatie zijn met voldoende informatie en houvast voor ten minste twee partijen. Ten eerste het verenigde bedrijfsleven – het platform en/of trekkingsgerechtigden. Ten tweede de Gemeente Ridderkerk. Het fonds is er niet voor zichzelf en moet geen ‘structuur om de structuur’ worden. Daarom moeten er ook na de eerste evaluatie periodiek nieuwe evaluaties volgen. Hoewel niet bij elke evaluatie het bestaansrecht van het fonds weer principieel ter discussie hoeft te staan, zijn periodieke momenten om eens goed te kijken naar structuur, werkwijze en legitimering nodig om de zaak scherp te houden.
3.6
Vervolg
De komende periode zal gebruikt worden om de oriëntatie verder uit te breiden. Er moeten meer gesprekken worden gevoerd, met bijzondere stakeholders zoals het onderwijs, de zorg en sport. Door de input van de stuurgroep worden de contouren van een fonds steeds duidelijker. Wanneer er sprake is van een plan waar de stuurgroep zich (grotendeels) in kan vinden, is het een logisch moment om breder te gaan communiceren. Dit zal enerzijds gaan via kanalen vanuit de gemeente, maar het kan ook zijn dat we via ondernemersverenigingen de achterban informeren. Het streven is om in september het onderzoek af te ronden. Vanaf dat punt is de gemeente aan zet. Het onderzoeksrapport kan worden ingediend als initiatief, waar de gemeenteraad een beslissing gaat maken.
32