CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingsvisie Ridderkerk.pdf

Commissie Samen wonen RK 2 oktober 2025, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 8: Woningbouw Trelleborgterrein en PC Hooftstraat, gespreksnotitie van raadslid Mijnders21.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Pagina 57 van 79

Afbeelding 7.1 Gemeentelijke beleidscyclus Omgevingswet

Beleidsontwikkeling Bij de beleidsontwikkeling gaat het om het maken van een omgevingsvisie waarin de ambities voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving staan. De omgevingsvisie is een dynamisch document dat aangepast kan worden op basis van nieuwe, aangepaste of vervallen ambities. Beleidsdoorwerking In de beleidsdoorwerking werkt de gemeente de omgevingsvisie verder uit in verplichte of vrijwillige programma’s. De programma’s zijn gebiedsgericht (voor een bepaald gebied), thematisch (voor een bepaald thema) of worden opgesteld bij de (dreigende) overschrijding van een omgevingswaarde. Programma’s bevatten concretere maatregelen, gekoppeld aan een financieel overzicht en een tijdlijn. Uitvoering In de uitwerking legt de gemeente de ambities uit de omgevingsvisie en programma’s juridisch vast in het omgevingsplan. De omgevingsvisie is zelfbindend voor de gemeente en kan dus geen regels opleggen aan burgers of bedrijven. Door regels op te nemen in het omgevingsplan worden de ambities uit de omgevingsvisie bindend voor iedereen die activiteiten wil uitvoeren.

Pagina 58 van 79

Soms moet er een omgevingsvergunning worden aangevraagd. Een initiatiefnemer kan dan een Omgevingstafel organiseren. Terugkoppeling Het laatste deel van de beleidscyclus gaat over de terugkoppeling. De gemeente controleert of de regels en vergunningvoorschriften worden nageleefd door toezicht en handhaving. Inzichten uit monitoring en evaluatie vormen de basis voor de vernieuwing van de omgevingsvisie als dit nodig is.

7.3

Doorwerking omgevingsvisie in beleid

7.3.1

Programma’s

In de omgevingsvisie staan de ambities voor de leefomgeving van de gemeente Ridderkerk. Soms heeft een specifiek onderwerp of gebied extra aandacht nodig. In dat geval kan de gemeente een programma maken. Een programma helpt om de algemene doelen uit de omgevingsvisie te bereiken. Een programma is een flexibel instrument. Het kan beleidskaders of juist specifieke maatregelen bevatten. Er bestaan verplichte of vrijwillige programma’s. De programma’s zijn gebiedsgericht (voor een bepaald gebied), thematisch (voor een bepaald thema) of worden opgesteld bij de (dreigende) overschrijding van een omgevingswaarde. Verplichte programma’s Voor gemeenten zijn er op dit moment 2 verplichte programma’s die zij moeten opstellen: - Actieplan geluid (in Ridderkerk is het actieplan al in oktober 2024 vastgesteld als het Programma Geluid en Lucht); - Saneringsprogramma wegen onder beheer van de gemeente. De Rijksoverheid werkt aan de uitwerking van meer verplichte programma’s die gemeenten moeten gaan opstellen. Het gaat op dit moment in ieder geval om een warmteprogramma en een volkshuisvestingsprogramma. Naast deze verplichte programma’s kan er ook een verplicht programma nodig zijn als de gemeente een omgevingswaarde heeft vastgesteld en deze waarde (dreigt) te worden overschreden.

Pagina 59 van 79

Vrijwillige programma’s Gemeenten kunnen ook zelf besluiten om een programma te maken. De gemeente Ridderkerk wil bijvoorbeeld wijkgerichte programma’s maken. In dit programma wordt de wijk als geheel bekeken, op een concreter niveau dan de omgevingsvisie. Het doel is om via het wijkgerichte programma zoveel mogelijk ingrepen met elkaar te combineren, zoals bij herstructureringen of rioleringsprojecten. In het programma moeten de benodigde ingrepen in de onder- en bovengrond landen. De gemeente bekijkt doorlopend of er een programma dient te worden opgesteld voor bepaalde thema's of gebieden. Op het moment van schrijven voorziet de gemeente de volgende vrijwillige programma’s: - Uitvoeringsagenda klimaatadaptatie; - Dijken van Ridderkerk: Handvatten voor behoud en ontwikkeling; - Programma Centrum-Oost; - Gebiedsprogramma Bolnes-Zuid; - Programma Koninginneweg.

7.3.2

Omgevingsplan

Het omgevingsplan is de planologisch-juridische uitwerking van de omgevingsvisie. In het omgevingsplan staan alle gemeentelijke regels voor de fysieke leefomgeving. Het omgevingsplan bevat regels die zowel betrekking hebben op de kwaliteit van de fysieke leefomgeving als op activiteiten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving. Dit betekent dat ook andere elementen dan alleen ruimtelijke aspecten worden opgenomen, zoals milieu, gezondheid en duurzaamheid. Voor de invoering van de Omgevingswet (op 1 januari 2024) stonden deze regels in verschillende bestemmingsplannen, gemeentelijke verordeningen en regelgeving van het Rijk. De gemeente heeft tot 1 januari 2032 de tijd om deze regels te verhuizen naar het permanente omgevingsplan. Hiervoor heeft de gemeente een transitieplan opgesteld. Het transitieplan beschrijft een geleidelijke en gestructureerde aanpak met keuzes en stappen om tot een permanent omgevingsplan te komen.

Pagina 60 van 79

7.4

Omgaan met bestaand beleid

De gemeente Ridderkerk heeft sinds 2017 een omgevingsvisie. Naast deze omgevingsvisie heeft de gemeente de afgelopen jaren ook beleid voor specifieke thema's en gebieden gemaakt. In deze paragraaf gaan we erop in hoe we omgaan met het bestaande beleid en welk beleid naast de vernieuwing van de actualisatie nog als toetsingskader geldt. Vervanging van bestaand beleid Met de actualisatie van de omgevingsvisie wordt enkel het volgende beleidsdocument vervangen: - Omgevingsvisie Ridderkerk (2017). Overzicht toetsingskader De volgende beleidsstukken (of de opvolgers daarvan) blijven naast de omgevingsvisie gelden als toetsingskaders voor initiatieven in de gemeente Ridderkerk. Dit overzicht kan na de vaststelling van de omgevingsvisie veranderen. Er kunnen nieuwe beleidsstukken bijkomen of er kunnen beleidsstukken worden vervangen.

Tabel 7.1 Overzicht bestaand beleid dat blijft fungeren als toetsingskader

Beleidsthema

Naam van het beleidsdocument

Algemeen gemeentelijk beleid

-

Collegeprogramma 2022-2026;

-

Nota betrokken samenleving.

-

Woonvisie Ridderkerk 2021-2026;

-

Visie op bouwhoogte;

-

Welstandsnota 2009;

-

Samenredzaam Ridderkerk Actieplan Wonen, Welzijn, Zorg 2023-2026.

Ruimtelijke ontwikkeling en wonen

Pagina 61 van 79

Beleidsthema

Naam van het beleidsdocument

Economie en werkgelegenheid

-

Economische Visie Ridderkerk 2030;

-

Strategie Werklocaties 2019-2030 (MRDH);

-

Strategie Bedrijventerreinen MRDH 2023-2030.

Recreatie en toerisme

-

Waalvisie;

Mobiliteit

-

Mobiliteitsplan Ridderkerk;

-

Nota parkeernormen 2024;

-

HOV-verdiepingsstudie;

-

Laadvisie;

-

Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid Ridderkerk.

-

Visie externe veiligheid;

-

Programma Stedelijk Water Ridderkerk 2023 - 2027;

-

Programma Geluid en Lucht;

-

Geluidsbelastingkaarten en bodemkwaliteitskaarten;

-

Beleidsregels geluid wegverkeer Omgevingswet gemeente Ridderkerk;

-

Nota Bodembeheer.

-

Cultuurhistorische waardenkaart woongebieden;

-

Cultuurhistorische waardenkaart centrum;

-

Cultuurhistorische waardenkaart buitengebied;

-

Elkaar leren kennen is herkennen: gebedshuizen Ridderkerk 2024;

-

Industrieel erfgoed;

-

Gebiedsvisie IJsselmonde;

-

Visie buitengebied Ridderkerk.

Water, bodem en milieu

Landschap, archeologie en erfgoed

Pagina 62 van 79

Beleidsthema

Naam van het beleidsdocument

Duurzaamheid, energie en klimaat

-

Warmtevisie: dé route naar 2050;

-

Klimaatvisie Ridderkerk De route naar 2050;

-

Strategie klimaatadaptatie.

-

Beleidsnota Integraal Beleid Sociaal Domein 2021;

-

Nota Gezondheidsbeleid Ridderkerk 2021-2025.

-

Nota evenementenbeleid 2023;

-

Integraal veiligheidsbeleid 2025-2028.

-

Groen is onze toekomst (Groenvisie);

-

Werken vanuit ecologie.

-

Huisvestingsplan onderwijs en integrale kindcentra 20232026;

-

Actualisatie Integraal Accommodatie Plan;

-

Visie Grondposities.

-

Gebiedsvisie P.C. Hoofdstraat en omgeving (2017);

-

Gebiedsvisie Plein Oost en omgeving (2018);

-

Gebiedsvisie Rivieroevers (2021);

-

Ontwikkelperspectief Centrum (2022).

Sociaal domein

Openbare ruimte, handhaving en veiligheid

Natuur en landschap

Onderwijs en maatschappelijk vastgoed

Gebiedsgericht beleid

7.5

Huidige onzekerheden

De omgevingsvisie is gericht op de lange termijn. Dat brengt onzekerheid met zich mee. We kunnen nog niet precies voorspellen wat er in de toekomst op Ridderkerk afkomt. In deze paragraaf gaan we in op de onzekerheden die er nu bestaan en die daarom om verdere uitwerking vragen, bijvoorbeeld in omgevingsprogramma’s. Het overzicht is opgebouwd volgens de lagenbenadering. De lagenbenadering gaat uit van de ondergrond, de netwerken en het landgebruik. We kijken ook naar onzekerheden die afhangen van beslissingen van de Rijksoverheid.

Pagina 63 van 79

Onzekerheden in de laag: ondergrond - De gemeente beschikt over een Gebiedsvisie Rivieroevers. Deze visie omvat ook mogelijke ontwikkelingen in het buitendijkse gebied. De haalbaarheid hangt onder andere af van de Beleidsregel grote rivieren en hoe we water- en bodemsturend werken. Een initiatiefnemer moet dit kunnen aantonen; - Uitwerking en impact van de klimaatverandering; - Sinds november 2022 vraagt de Rijksoverheid aandacht voor water- en bodemsturend werken. We bekijken daarbij ook hoe we concreet kunnen omgaan met bodemdaling, verzilting en de bodemkwaliteit. Onzekerheden in de laag: netwerken - De vraag naar ruimte in de ondergrond neemt toe voor verschillende functies, bijvoorbeeld voor kabels en leidingen, groen, ruimte voor water en onderhoud van riolering en watersystemen. Ook is er ruimte nodig voor de aanleg van energie-infrastructuur. Maar de ruimte in de ondergrond is schaars. We moeten nog keuzes maken hoe we met deze schaarste omgaan; - Bij mogelijke ontwikkelingen in de rivieroevers moet de initiatiefnemer kunnen aantonen of, en zo ja, hoe ontwikkelingen verkeerskundig kunnen worden ingepast; - De gemeente wil een sterke OV-verbinding tussen station Barendrecht en Ridderkerk. Dit staat in de omgevingsvisie. De gemeente is hierin afhankelijk van de vervoersmaatschappij en gaat hierover in gesprek. Daarom is het nog niet zeker of dit haalbaar is.

Onzekerheden in de laag: landgebruik - In 2022 heeft de gemeente het regiobod getekend om meer woningen te bouwen. We moeten nog definitief bepalen waar deze woningen landen, waarbij we ook kijken naar bereikbaarheid en leefbaarheid. We gaan voor nu uit van de planmonitor; - De gemeente wil verder onderzoeken welke instrumenten we kunnen gebruiken om de transformatie van Donkersloot mogelijk te maken; - We willen vooral zakelijke dienstverlening aantrekken en we willen deze vestigingsaanvragen prioriteren om de economie te kunnen diversifiëren. De gemeente gaat onderzoeken welke instrumenten we hiervoor kunnen gebruiken.

Pagina 64 van 79

Afhankelijkheden in de politiek-bestuurlijke context - De Rijksoverheid werkte aan het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). De huidige regering heeft besloten het NPLG te stoppen en aan een nieuwe opzet te werken. Dit betekent dat provincies en gemeenten nu nog niet weten wat de landelijke plannen zijn en wat daarvan het gevolg op gemeentelijk niveau is; - De gemeente is voor de uitvoering afhankelijk van middelen die beschikbaar worden gesteld door de regio, de Rijksoverheid en andere samenwerkingspartners. Dit geldt bijvoorbeeld voor de energietransitie, woningbouw, economische inrichting en duurzame mobiliteit; - De gemeente is bij de uitvoering afhankelijk van de landelijke stikstofstrategie.

7.6

Uitgangspunten voor initiatieven

Bij de uitvoering van de omgevingsvisie in initiatieven is een aantal zaken belangrijk. Zo willen we bereiken dat de initiatieven goed aansluiten bij de ambities uit de omgevingsvisie. De belangrijkste uitgangspunten zijn: - We omarmen initiatieven die bijdragen aan de doelen van de omgevingsvisie, en die geen afbreuk doen aan andere doelen van de gemeente; - De initiatieven houden rekening met de vijf leidende principes uit de omgevingsvisie; - Het behoud en de versterking van de identiteit van Ridderkerk en de bijbehorende kwaliteiten staan centraal. Nieuwe initiatieven moeten bijdragen aan het behoud en/of de versterking van de kernwaarden van Ridderkerk (sterke wijken, goed verbonden; groenblauwe oase en kloppend hart); - Bij een initiatief moet het duidelijk zijn hoe er gelegenheid is gegeven om te participeren, aan wie en of de reacties hebben geleid tot aanpassingen van het initiatief; - Initiatieven moeten financieel haalbaar zijn, rekening houdend met de geldende omgevingsaspecten. De initiatiefnemer bepaalt in eerste instantie in hoeverre aan deze aspecten wordt voldaan. De gemeente toetst dit vervolgens aan de hand van het bijbehorende afwegingskader van de omgevingsvisie (momenteel nog in ontwikkeling door de gemeente).

Pagina 65 van 79

7.7

Participatie bij de uitvoering

Iedereen die betrokken is, kan meedenken over onderwerpen die in Ridderkerk belangrijk zijn. Om ervoor te zorgen dat dit goed verloopt, moet duidelijk zijn wat we van elkaar (gemeente en anderen) kunnen verwachten. Dit gaat over het doel van de participatie, wie de doelgroepen zijn, welke middelen we gebruiken en hoe we terugkoppelen. Hiervoor heeft de gemeente de Nota Betrokken Samenleving opgesteld. Hierin staan de afspraken voor het meedenken over het beleid en specifieke projecten in Ridderkerk.

7.8

Samenwerkingspartners

Samenwerken zit in het DNA van de gemeente Ridderkerk. Ridderkerk is van oudsher een ondernemende gemeente, waar zowel de gemeente als de inwoners initiatief nemen om hun leefomgeving te verbeteren. De gemeente Ridderkerk werkt op verschillende thema’s samen met haar partners. Op het gebied van verkeer, vervoer en economisch vestigingsklimaat werkt de gemeente bijvoorbeeld samen met de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). Samen met het Waterschap Hollandse Delta, drinkwaterbedrijf Oasen en omliggende gemeenten richt de gemeente zich op waterkwaliteit, drink- en oppervlaktewater. De gemeente Ridderkerk werkt samen met de DCMR Milieudienst Rijnmond, GGD Rotterdam-Rijnmond en Veiligheidsregio RotterdamRijnmond aan een gezonde en veilige leefomgeving (samenhangend op de thema's milieu, gezondheid en omgevingsveiligheid). De gemeente signaleert zorgvragen samen met verschillende maatschappelijke partners, zoals Stichting Facet Ridderkerk, Voedselbank Ridderkerk, scholen, gebedshuizen, verenigingen en andere partijen. Daarnaast heeft de gemeente Ridderkerk goede contacten met haar buurgemeenten in de Drechtsteden en het eiland IJsselmonde om regionale vraagstukken samen aan te vliegen.

De gemeente betrekt in ieder geval de volgende samenwerkingspartners bij het uitvoeren van de omgevingsvisie: - Provincie Zuid-Holland; - Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH); - Waterschap Hollandse Delta; - Drinkwaterbedrijf Oasen; - DCMR Milieudienst Rijnmond;

Pagina 66 van 79

- Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond; - GGD Rotterdam-Rijnmond; - Netbeheer Stedin; - NOVEX Zuidelijke Randstad; - Landschapstafel; - Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde (NRIJ); - Vervoersmaatschappijen; - Buurgemeenten; - Maatschappelijke organisaties.

Pagina 67 van 79

Bijlage(n)

I BIJLAGE: BEGRIPPENLIJST

Digitaal Stelsel Omgevingswet Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ondersteunt bij het uitvoeren van de Omgevingswet. Het DSO maakt het mogelijk om informatie uit te wisselen, vergunningen aan te vragen, meldingen te doen en besluiten te publiceren. Deze omgevingsvisie wordt bijvoorbeeld gepubliceerd op het DSO zodat het via dit systeem geraadpleegd kan worden. Fysieke leefomgeving Eén van de kernbegrippen van de Omgevingswet is de fysieke leefomgeving. De fysieke leefomgeving gaat over alles wat onderdeel is van onze leefomgeving. Dit zijn bijvoorbeeld woonwijken, wegen, water, bodem, lucht, natuur en landschappen. Integraal werken Integraal werken staat ervoor dat verschillende onderwerpen en belangen in samenhang worden bekeken. Dit betekent dat bij het maken van beleid en beslissingen rekening wordt gehouden met de verschillende aspecten van de fysieke leefomgeving, zoals milieu, wonen en economie. Omgevingswet De Omgevingswet voegt verschillende wetten en regelingen voor de fysieke leefomgeving samen. De Omgevingswet staat voor een samenhangende aanpak beoogt een balans tussen het gebruik en de bescherming van de fysieke leefomgeving.

Omgevingsvisie De omgevingsvisie is een strategische visie voor de lange termijn voor de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie wordt opgesteld door de gemeente. Ook de Rijksoverheid en provincies hebben een omgevingsvisie voor het grondgebied. Een omgevingsvisie gaat onder andere over de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer, infrastructuur en cultureel erfgoed. Programma Het programma is een instrument onder de Omgevingswet waarin een bepaald onderwerp of een gebied wordt uitgewerkt. Het programma is een veelzijdig instrument. Dit betekent dat een programma zowel beleid als specifieke maatregelen kan bevatten. Er zijn twee soorten programma’s: - Verplicht programma; - Vrijwillig programma. Programma’s kunnen zowel thematisch of gebiedsgericht zijn, of worden opgesteld bij de (dreigende) overschrijding van een omgevingswaarde. Thematisch programma Een thematisch programma beschrijft hoe bepaalde opgaven op een specifiek onderwerp worden aangepakt en hoe en met welke middelen dit doel wordt bereikt. Gebiedsgericht programma In een gebiedsgericht programma staat de aanpak voor een specifiek gebied. Het programma beschrijft hoe en met welke middelen de aanpak wordt uitgevoerd.

Programma bij (dreigende) overschrijving van een omgevingswaarde Bij een (dreigende) overschrijding van een omgevingswaarde moet de overheid een programma opstellen met maatregelen, waardoor ze wel kan voldoen aan de omgevingswaarde. Dit staat in artikel 3.10 van de Omgevingswet. Omgevingsplan In het omgevingsplan staan alle regels over de fysieke leefomgeving die de gemeente stelt binnen haar grondgebied. Elke gemeente heeft één omgevingsplan.

Participatie Participatie is een manier van beleidsvoering waarbij inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen individueel of georganiseerd, direct of indirect, de kans krijgen om zelf initiatieven in te dienen en/of invloed uit te oefenen op de voorbereiding, uitvoering of evaluatie van plannen en beleid. Sturingsstijl De sturingsstijl gaat over de eigen rol van de gemeente en de rol van anderen bij het uitvoeren van het beleid. De sturingsstijl laat zien in welke rol de gemeente haar taken uitvoert om het doel te bereiken. Omgevingseffectrapport (OER) Een omgevingseffectrapport (OER) is een rapport waarin de effecten van het beleid (in dit geval de omgevingsvisie) worden onderzocht. Het OER kijkt naar de effecten op bijvoorbeeld de luchtkwaliteit, geluid, gezondheid, welzijn, economie en natuur. Zo kunnen de omgevingsbelangen worden meegenomen in de besluitvorming.

II BIJLAGE: INVLOED PARTICIPATIETRAJECT EN OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OP DE TOTSTANDKOMING VAN DE OMGEVINGSVISIE

Bij de actualisatie van de omgevingsvisie is er een OER opgesteld en heeft er een participatietraject plaatsgevonden. We lichten hieronder toe hoe het participatietraject en het OER hebben bijgedragen aan de totstandkoming van de omgevingsvisie.

II.1

Invloed participatietraject op de omgevingsvisie

Bij de actualisatie van de omgevingsvisie heeft er een participatietraject plaatsgevonden waarbij inwoners zijn betrokken. Er waren in totaal twee participatieronden waarop zij konden meedenken. Tijdens de eerste participatieronde stonden de twee mogelijke scenario’s voor Ridderkerk centraal. Scenario één was gericht op het versterken van het groene, dorpse karakter. Scenario twee was gericht op een ondernemend en innovatief Ridderkerk met een stedelijk karakter. Iedereen mocht meedenken over de wenselijkheid van de ambities uit deze scenario’s. Tijdens de bewonersavond op 3 september 2024 hebben ongeveer 40 bewoners meegedacht. Op het digitale participatieplatform hebben ruim 100 bewoners een reactie achtergelaten.

Dit waren de belangrijkste conclusies uit de eerste participatieronde: - De voorkeur ging uit naar het toestaan van gezamenlijke woonvormen. Dit wordt in de omgevingsvisie onder voorwaarden mogelijk gemaakt; - De voorkeur ging uit naar het clusteren van de dagelijkse voorzieningen per wijk. In de omgevingsvisie staat dat er in elke wijk/kern een passend voorzieningenaanbod is; - De voorkeur ging uit naar een snelle busverbinding met station Barendrecht. De gemeente gaat met haar partners in gesprek om deze wens en mogelijkheden te onderzoeken; - De voorkeur ging uit naar een frequentere dienstregeling van de waterbus. De gemeente gaat onderzoeken of er een extra halte in gemeente Ridderkerk kan komen en gaat met haar partners in gesprek om de mogelijkheden voor een frequentere dienstregeling te onderzoeken; - De voorkeur ging uit naar het creëren van gemengde woon-werkgebieden in plaats van monofunctionele bedrijventerreinen. De omgevingsvisie maakt functiemenging en/of transformatie in Centrum-Oost en bij de P.C. Hooftstraat en omgeving onder voorwaarden mogelijk. Dit leidt tot een aantrekkelijkere leefomgeving en een verhoogde (sociale) veiligheid; - De voorkeur ging uit naar een economie waarin de duurzame maakindustrie centraal staat in plaats van de zakelijke dienstverlening.

De omgevingsvisie zet in op beide typen; - De voorkeur ging uit naar het verbinden van de groene gebieden die deel uitmaken van de groene kraag. Ook was het een wens om de groene gebieden te verbinden met de hoofdgroenstructuur. Deze ambitie is opgenomen in de omgevingsvisie; - De voorkeur ging uit naar ruimte voor de rivier in plaats van een getijdenpark. In de omgevingsvisie staat dat de mogelijkheden op de rivieroevers verder onderzocht worden. Het is mogelijk dat er meer ruimte aan de rivier wordt gegeven;

- Er werd geen duidelijke voorkeur uitgesproken over inbreiding of inbreiding en uitbreiding. De omgevingsvisie gaat vooral uit van inbreiding en maakt uitbreiding alleen onder bepaalde voorwaarden mogelijk, zoals opgenomen in de visie buitengebied. Zo moet het bijvoorbeeld wel bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving; - Er werd geen duidelijke voorkeur uitgesproken of de energie in Ridderkerk zelf opgewekt moet worden of dat dit in de regio gebeurt. De gemeente gaat de mogelijkheden voor de energietransitie in Ridderkerk nog verder onderzoeken; - Er was geen voorkeur voor een autoluw en/of autovrij centrum. Ook politiek-bestuurlijk is hier geen draagvlak voor. Dit is dus niet opgenomen in de omgevingsvisie. Tijdens de tweede participatieronde konden inwoners hun mening geven over het toekomstbeeld. Op 27 januari 2025 werd hiervoor een inloopavond georganiseerd. Bewoners konden de visiekaart van het toekomstbeeld bekijken en hierover in gesprek gaan. Ongeveer 50 bewoners hebben gereageerd op het toekomstbeeld. Dit waren de belangrijkste uitkomsten van de tweede participatieronde: - Over het algemeen zijn de bewoners positief over het toekomstbeeld. Zij zijn te spreken over de voorziene transformatie van het gebied rond Trelleborg naar een woon-werklocatie.

Ook een nieuwe potentiële halte voor de waterbus en de verbinding met station Barendrecht werden goed ontvangen; - De bewoners gaven ook de volgende zorgen en aandachtspunten mee: ·

Woningvoorraad: de bewoners zijn benieuwd wat voor type woningen er met de voorziene uitbreiding van de woningvoorraad wordt mogelijk gemaakt. Er zijn ook zorgen over de betaalbaarheid van met name starterswoningen. Met de omgevingsvisie is nog niet bepaald wat voor type woningen er op welke locatie mogelijk worden gemaakt. Dit wordt uitgewerkt in de verdere uitwerking van de omgevingsvisie. In deze uitwerking is er aandacht voor deze zorgen en wensen;

·

Ruimte voor water: in het toekomstbeeld zijn verschillende locaties voor ruimte voor water aangeduid. Ruimte voor water is belangrijk voor een goed werkend watersysteem en voor klimaatadaptatie. Tijdens de bewonersavond waren er vragen over de vormgeving van ruimte voor water. Er is toegelicht dat ruimte voor water op een bepaalde locatie niet betekent dat dit gebied geheel uit water bestaat, maar dat er een combinatie van functies kan worden gemaakt. Bijvoorbeeld met mogelijkheden voor recreatie;

·

Zoekgebieden transformatorstation, mogelijke 380 kV-verbinding en buisleidingtracé: meerdere bewoners hebben hun zorgen geuit over de mogelijke zoekgebieden van deze voorzieningen. Deze zoekgebieden zijn afkomstig van partijen van buiten de gemeente (netbeheerder, Rijksoverheid). Een zoekgebied betekent niet dat het al vastligt dat de voorziening hier wordt geplaatst. Dit kan nog veranderen. Als hierover meer bekend is wordt dit gecommuniceerd met de bewoners.

Ook heeft de gemeente tijdens de actualisatie van de omgevingsvisie afstemming gehad met de provincie Zuid-Holland, Rijkswaterstaat, Waterschap Hollandse Delta, DCMR, GGD RotterdamRijnmond, Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en de Landschapstafel. De partners konden meelezen tijdens de vernieuwing van de omgevingsvisie. De inbreng van deze partijen is verwerkt in de omgevingsvisie. Daarnaast konden belanghebbenden tijdens de terinzagelegging een zienswijze indienen.

II.2

Invloed omgevingseffectrapport op de omgevingsvisie

Het doel van een OER is om de effecten van de omgevingsvisie te onderzoeken. Het OER kijkt naast de traditionele milieuthema’s, zoals luchtkwaliteit en geluid, ook naar de effecten op thema’s zoals gezondheid, welzijn, de economie en het klimaat. In een OER worden verschillende situaties onderzocht, deze situaties zijn: - De huidige staat van de leefomgeving; - Referentiesituatie: dat is de situatie in 2050 als het huidig beleid wordt uitgevoerd, maar de omgevingsvisie niet wordt geactualiseerd; - Scenario’s: er zijn twee uiterste toekomstscenario’s voor de gemeente ontwikkeld om te onderzoeken welke effecten er in deze mogelijke scenario’s optreden; - Voorgenomen beleid: dit zijn de ambities uit de vernieuwde omgevingsvisie.

De volgende ambities en keuzes in de omgevingsvisie zijn gebaseerd op de milieu-informatie uit het OER: - We willen meer inzetten op functiemenging op de bedrijventerreinen waar dat mogelijk is. Dit verbetert onder andere de (beleving van) de openbare ruimte en de sociale veiligheid; - We willen collectieve woonvormen en flexwonen onder voorwaarden toegestaan. Dit zorgt voor een divers woningaanbod dat kan inspelen op de huidige vraag op de woningmarkt; - We willen de groene kraag rondom Ridderkerk beter verbinden en waar mogelijk aantakken op de hoofdgroenstructuur in de wijken. Dit is positief voor onder andere de biodiversiteit, klimaatadaptatie en beweegvriendelijkheid binnen de gemeente; -

We willen ons inzetten voor een OV-verbinding tussen station Barendrecht en het centrum van Ridderkerk. Dit kan het potentieel van duurzame mobiliteit en de bereikbaarheid en toegankelijkheid met het openbaar vervoer verbeteren. We zijn hierin wel afhankelijk van onze partners.

Het OER heeft ook aandachtspunten aangedragen voor de vernieuwde omgevingsvisie. Deze aandachtspunten zijn terug te lezen in het OER. De belangrijkste aandachtspunten zijn: - Het thema gezondheidsbescherming blijft ondanks het vigerend beleid belangrijk in Ridderkerk, vooral vanwege de aanwezigheid van de rijkswegen; - De omgevingsveiligheid blijft ondanks het vigerend beleid een aandachtspunt, met name door de toevoeging van nieuwe risicobronnen door de energietransitie. Bij elke ontwikkeling dient een zorgvuldige afweging te worden gemaakt; - Door het uitbreiden van de woningvoorraad ontstaat er toenemende druk op de verkeersafwikkeling. Dit heeft gevolgen voor de verkeersintensiteiten, parkeerdruk, verkeerveiligheid en de gezondheidsbescherming. Ook heeft de uitbreiding van de woningvoorraad invloed op de beschikbare openbare ruimte, de druk op de ondergrond en de toegang tot voorzieningen; - Mogelijk toekomstige ontwikkelingen aan de rivieroevers zijn een aandachtspunt gezien vanuit water- en bodemsturend werken; - De (landelijke) natuurdoelen zijn nog niet behaald vanwege (het ontbreken aan) landelijke ontwikkelingen; - De waterkwaliteit en beschikbaarheid blijft ondanks de inspanningen een aandachtspunt, mede omdat de KRW-doelen ook een nationale aanpak vergen;

- Er ontbreekt een toekomstperspectief voor de landbouw op nationaal niveau, dus ook in Ridderkerk. Conventionele intensieve landbouw gericht op export veroorzaakt negatieve effecten op bodem, natuur en water en tegelijkertijd zijn er nog onvoldoende winstgevende verdienmodellen voor regeneratieve, natuur inclusieve landbouwbedrijven gericht op lokale voedselproductie; - Het behoud van landschappelijke kernwaarde en tegengaan van versnippering blijft een aandachtspunt door toenemende ruimteclaims voor infrastructuur (zoals de energietransitie) en woningbouw. In het OER staan alle uitgevoerde onderzoeken, effecten en conclusies.

III BIJLAGE: VISIEKAART

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1176/documents/41608