GS brief inzake jaarlijkse informatie Generiek interbestuurlijk toezicht 2025 gemeente Ridderkerk.pdf
Tekst van het document
Gedeputeerde Staten
Contact Domein Bestuur & Omgeving Provinciehuis Postbus 90602 2509 LP Den Haag T 070 - 441 66 11 www.zuid-holland.nl/contact Datum Zie verzenddatum linksonder
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ridderkerk Postbus 271 2980 AG RIDDERKERK
Ons kenmerk PZH-2025-870186101 DOS-2025-0000515 Uw kenmerk Bijlagen
Onderwerp Jaarlijkse informatie inzake Generiek interbestuurlijk toezicht gemeenten 2025 Geacht college, Met deze brief informeren wij u over de actuele stand van zaken en specifieke aandachtpunten voor uw gemeente met betrekking tot het generiek interbestuurlijk toezicht (IBT). Context In 2021 sloten wij met uw gemeente de Bestuursovereenkomst generiek interbestuurlijk toezicht 2022. In deze bestuursovereenkomst is onder andere vastgelegd hoe de gemeenten en de provincie samen willen werken bij het toezicht op de uitvoering van de wettelijke medebewindstaken en de daarbij behorende uitgangspunten. De uitwerking van het interbestuurlijk toezichtproces binnen de provincie Zuid-Holland is vastgelegd in het Uitvoeringsprogramma-generiek-interbestuurlijk-toezicht2024. Via het IBT werken wij samen met u aan een goede kwaliteit van het openbaar bestuur, ieder vanuit onze eigen rol. Uitgangspunt hierbij is een samenwerking vanuit vertrouwen. Het IBT brengt verbeterpunten in kaart, waarover wij met uw gemeente in gesprek kunnen gaan. U vindt de bestuursovereenkomst, het uitvoeringsprogramma en andere relevante informatie over IBT op onze website op de pagina: Interbestuurlijk toezicht. Jaarlijkse informatie Onderdeel van de met u gemaakte afspraken is dat wij u minimaal één keer per jaar informeren over de actuele stand van zaken en aandachtspunten met betrekking tot het IBT.
Wij informeren u met deze brief en doen dat zo vroeg mogelijk in het jaar, zodat u de informatie kunt betrekken bij de voorbereiding van de jaarstukken van uw gemeente en de behandeling ervan in uw gemeenteraad later dit jaar. Voor de volledigheid geven wij u mee dat deze brief geen betrekking heeft op het financieel toezicht op uw gemeente, omdat dat specifiek toezicht betreft. Specifiek toezicht maakt geen onderdeel uit van de bestuursovereenkomst en het uitvoeringsprogramma. Over de resultaten van het financieel toezicht op uw gemeente ontvangt u van ons twee keer per jaar een afzonderlijke brief.
Verzonden op 01-04-2025
PZH-2025-870186101 dd. 31-03-2025
Ons kenmerk PZH-2025-870186101
Uitvoeringsprogramma IBT In het Uitvoeringsprogramma generiek interbestuurlijk toezicht 2024 staat welke stappen de provincie per toezichtgebied neemt. Dit uitvoeringsprogramma is in 2023 geactualiseerd en per 1 januari 2024 in werking getreden. Het actualiseren van dit programma doen wij niet jaarlijks, maar alleen als daarvoor aanleiding is. Dat kan zijn als er sprake is van veranderende wetgeving, zoals de inwerkingtreding van de Omgevingswet of wanneer provincies, gemeenten en/of rijk landelijk nieuwe basisafspraken maken over het toezicht binnen een toezichtgebied en wij die dan vertalen naar de Zuid-Hollandse praktijk. Op welke toezichtgebieden houdt de provincie toezicht? Het IBT richt zich op taken met een grote maatschappelijke impact op het moment dat het in de uitvoering fout gaat. Denk daarbij aan een goede en veilige leefomgeving of het borgen van een transparante en toegankelijke overheid. Op basis van dit uitgangspunt heeft de provincie bij de invoering van de Wet revitalisering generiek toezicht in 2012 gekozen voor de volgende toezichtgebieden: 1. Huisvesting vergunninghouders 2. Archief- en informatiebeheer 3. Monumenten en archeologie 4. Omgevingsrecht 5. Ruimtelijke ordening. Op basis van de door de gemeente aangeleverde informatie voeren wij per toezichtgebied de afspraken uit de bestuursovereenkomst en het uitvoeringsprogramma uit.
Onderdeel hiervan is het plaatsen van de gemeente op trede 1 - of hoger - van de zogenaamde IBT-ladder, wanneer de wettelijke taakuitvoering (mogelijk) niet op orde is en er sprake is van ‘taakverwaarlozing’. In sommige gevallen betekent een plaatsing op de ladder niet dat er direct sprake is van taakverwaarlozing, maar er mogelijk wel risico’s voor de gemeente zijn. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat de provincie nog niet over alle benodigde informatie beschikt of er bij de uitvoering een tijdelijke achterstand is ontstaan en de gemeente zelf al stappen heeft gezet om deze in te lopen of daartoe een verbeterplan heeft opgesteld. In het uitvoeringsprogramma is uitgewerkt hoe de IBT-ladder per toezichtgebied werkt en beschreven welk oordeel aan iedere trede van de ladder is gekoppeld. Het oordeel wordt weergegeven met de kleuren groen, geel, oranje en rood. Hoe hoger de gemeente op de IBT-ladder van een toezichtgebied staat, des te aannemelijker het is dat er daadwerkelijk sprake is van tekortkomingen bij de uitvoering van de desbetreffende medebewindstaak. Hoe staat uw gemeente er anno 2025 voor? Alle IBT-informatie over uw gemeente vindt u getotaliseerd en per toezichtgebied op het IBTdashboard. Ieder jaar nemen wij als vertrekpunt de plaatsing op de IBT-ladder per 31 december van het voorafgaande jaar, zoals deze gepubliceerd is op het dashboard.
Daarna actualiseren wij het dashboard jaarlijks per 1 juli. Voor uw gemeente geeft dit het volgende beeld per 31 december 2024.
2/5 PZH-2025-870186101 dd. 31-03-2025
Ons kenmerk PZH-2025-870186101
Toezichtgebied
Trede IBT-ladder
Huisvesting vergunninghouders
0 Geen interventie
IBToordeel groen
Archief- en informatiebeheer
2a Informatie opvragen
geel
Monumenten en archeologie
2a Informatie opvragen
geel
Omgevingsrecht
2a Informatie opvragen
geel
Ruimtelijke Ordening
0 Geen interventie
groen
Figuur 1. Totaaloordeel IBT per 31 december 2024
Informatie en aandachtspunten per toezichtgebied Aanvullend op de informatie op het IBT-dashboard volgen hieronder de voor uw gemeente relevante informatie en mogelijke aandachtspunten per toezichtgebied. Huisvesting vergunninghouders Vier keer per jaar ontvangt u een toezichtbrief over de voortgang met betrekking tot de huisvesting van vergunninghouders. Voor specifieke aandachtspunten verwijzen wij naar deze brieven. Archief- en informatiebeheer Het antwoord op de vraag of het archief- en informatiebeheer van uw gemeente op orde is moet blijken uit de verantwoording van uw college aan de gemeenteraad en het daaraan ten grondslag liggende inspectieverslag van uw gemeentearchivaris. De provincie toetst of u de gemeenteraad informeert en de aanbevelingen uit het inspectieverslag oppakt. Uit het verslag van de archiefinspecteur uit augustus 2023 komt naar voren dat uw gemeente nog niet aan de eisen van de Archiefwet voldoet. De organisatie moet werken aan het actualiseren en uitwerken van lokale regelgeving, samenhangend met de invoering van de nieuwe Archiefwet. Het implementeren van een hotspotmonitor is in concept klaar, maar wacht nog op de bespreking in het Strategisch Informatieoverleg. Een noodzakelijke e-depotvoorziening ontbreekt, maar hierover is de gemeente in contact met het Stadsarchief Rotterdam.
Er is een achterstand in de vernietiging van met name digitale documenten, die mede is ontstaan door het ontbreken van een vernietigingsfunctionaliteit in diverse informatiesystemen. De vernietiging van de analoge documenten wordt in het eerste kwartaal van 2024 afgerond. Tenslotte zijn de archieven die naar de gemeentelijke archiefbewaarplaats bij het Stadsarchief Rotterdam moeten worden overgebracht geschoond en gereed gemaakt voor overbrenging. Uw college heeft het verslag besproken en het management opgedragen de aanbevelingen uit te voeren. Hiertoe is een plan van aanpak opgesteld, dat samen met het verslag in oktober 2023 ter informatie aan de raad en de provincie is gestuurd. Sinds 2024 voert De Bedrijfsvoeringspartner het plan van aanpak uit, zodat de gemeente straks aan de wettelijke eisen kan gaan voldoen. In 2025 zal de eerstvolgende archiefinspectie plaatsvinden.
3/5 PZH-2025-870186101 dd. 31-03-2025
Ons kenmerk PZH-2025-870186101
Monumenten en archeologie Tot 2024 beoordeelden we de uitvoering van deze taak door uw gemeente op basis van de indicator uit de Bestuursovereenkomst IBT uit 2013. Vanaf 2024 gebruiken we een nieuwe toezichtmethode, die staat beschreven in het Uitvoeringsprogramma IBT 2024, waarbij wij de uitvoering toetsen aan de hand van vier indicatoren, te weten: 1. Beleid, onderzoek en uitvoering; 2. Implementatie Omgevingswet; 3. Toezicht en handhaving; 4. Capaciteit bij de gemeente als bevoegd gezag. Met deze indicatoren toetsen wij de door uw gemeente gegeven antwoorden op de enquête van de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed uit 2024 en krijgen wij een beeld van de mate waarin uw gemeente is toegerust voor de uitvoering van deze taak. Als er over tenminste twee van de vier indicatoren vragen of zorgen zijn, gaan wij met u in gesprek. De uitkomsten uit de enquête van 2024 laten zorgpunten zien over de actualiteit van het beleid, de beschikbare formatie en de prioriteit ten aanzien van toezicht en handhaving. Ook waren er diverse variabelen niet ingevuld, zoals de positie van erfgoed in de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Dit betekent dat uw gemeente op trede 2a van de interventieladder is komen te staan (geel/ informatie opvragen/ open gesprek op ambtelijk niveau).
Omgevingsrecht In het kader van IBT Omgevingsrecht is beoordeeld of de beleidscyclus voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) van uw gemeente voldoet aan een aantal minimale wettelijke procescriteria en gehanteerde termijnindicatoren, met in het bijzonder aandacht voor milieu en bouwwoningtoezicht. Voor 2024 bevindt uw gemeente zich op trede 2a (geel/ informatie opvragen en beoordelen). Dit vanwege het niet voldoen aan de minimale wettelijke procescriteria, doordat essentiële (beleids-)documenten voor de VTH-taken die de gemeentelijke organisatie zelf uitvoert (de zogenoemde thuistaken, zoals bouwwoningtoezicht) ontbreken. Concreet ontbreekt een vigerend meerjarig VTH-beleidsplan (ook wel Uitvoerings- en Handhavingsstrategie), een uitvoeringsprogramma, en een evaluatierapportage. Voor de VTH-milieutaken, ondergebracht bij DCMR Milieudienst Rijnmond, waren in 2024 wél (beleids)stukken beschikbaar. In 2023 en de jaren daarvoor voldeed Ridderkerk nog aan de wettelijke eisen en beschikte de gemeente over de benodigde documenten voor de thuistaken. Echter, sinds de ontvlechting van het BAR-samenwerkingsverband per 1 januari 2024 is dat niet langer het geval. Hoewel er begrip is voor de impact van de ontvlechting, was deze al in het najaar van 2022 bekend.
Dit had voldoende tijd moeten bieden om de benodigde voorbereidingen te treffen en ook na de ontvlechting aan de minimale wettelijke eisen te blijven voldoen. Om dit te herstellen, zijn in 2024 ambtelijke afspraken gemaakt waarin is vastgelegd dat Ridderkerk in 2025 beschikt over een vastgesteld Uitvoeringsprogramma VTH 2025 en een vernieuwd VTHbeleidsplan. Daarnaast is afgesproken dat in 2025 de verouderde Kwaliteitsverordening Omgevingsrecht uit 2016 wordt vervangen door een nieuwe verordening op basis van de Omgevingswet. In 2026 verwacht de gemeente vervolgens een beleidsplan, uitvoeringsprogramma 4/5 PZH-2025-870186101 dd. 31-03-2025
Ons kenmerk PZH-2025-870186101
én jaarevaluatieverslag over 2025 vast te stellen, waarbij de provinciale termijnen in acht worden genomen. Wij zullen de voortgang van deze afspraken blijven monitoren en vertrouwen erop dat u de nodige stappen zet om haar VTH-beleidscyclus op orde te brengen. Tot slot, verzoeken wij u niet alleen aandacht voor de door de provincie geselecteerde procescriteria en termijnindicatoren, maar ook voor de wettelijke procescriteria die de randvoorwaarden vormen voor uitvoering en handhaving, zoals de benodigde personele en financiële middelen. Ruimtelijke ordening De toetsing vindt plaats op basis van de volgende indicatoren: 1. De gemeente beschikt over een grondgebied dekkend (tijdelijk) omgevingsplan. 2. Het (tijdelijk deel van het) omgevingsplan voldoet binnen de gestelde implementatietermijn aan de instructieregels van het ruimtelijk deel van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (Afdeling 7.3). Het tijdelijk deel omgevingsplan van uw gemeente voldoet aan de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening. Een mooi resultaat binnen het IBT-domein Ruimtelijke ordening. U hoeft niets te doen. Informeren gemeenteraad Een belangrijk uitgangspunt van het IBT is de versterking van de horizontale verantwoording door uw college aan de gemeenteraad.
Vanuit dat uitgangspunt vragen wij u om uw gemeenteraad in kennis te stellen van het actuele beeld van uw gemeente door de inhoud van deze brief te delen. Zelf informeren wij Provinciale Staten over het totaalbeeld van alle Zuid-Hollandse gemeenten. Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, voor dezen, R. Baatenburg de Jong Manager Bestuur en Omgeving
Deze brief is digitaal vastgesteld, hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief. Wij verzoeken u in uw correspondentie altijd het DOS-nummer (DOS-2025-0000515) te vermelden. Meer informatie www.zuid-holland.nl/contact
5/5 PZH-2025-870186101 dd. 31-03-2025