CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

CU antwoorden Verordening Jeugdhulp Ridderkerk.pdf

Commissie Samen leven RK 2 oktober 2025, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 5: Verordening jeugdhulp Ridderkerk963 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen vergaderstukken gemeenteraad Ridderkerk Verordening Jeugdhulp Ridderkerk 2025 Algemene informatie •

Vragensteller: Lydia Vergunst, ChristenUnie

•

Vergaderdatum: 2 oktober 2025

•

Portefeuillehouder: E.M. Piena

•

Datum vraag: 30 september 2025

•

Datum antwoord: 2 oktober 2025

Vragen en antwoorden Vraag 1 In de oude verordening lag de nadruk meer op laagdrempelige hulp, terwijl in de huidige verordening het meer gaat om aanvraagprocedures en termijnen. Hoe waarborgen we dat mensen niet meer drempels ervaren en de menselijke maat behouden blijft? Antwoord 1 Door de aanvraagprocedures en termijnen helder en overzichtelijk te beschrijven, wordt het proces transparanter voor inwoners. Dit helpt mensen te begrijpen welke stappen nodig zijn, terwijl tegelijkertijd aandacht blijft voor individuele omstandigheden en de menselijke maat behouden blijft. Vraag 2 Op welke manier wordt de overgang van jeugdhulp naar volwassenenzorg zorgvuldig begeleid waardoor jongeren niet tussen wal en schip vallen? Antwoord 2 De overgang van jeugdhulp naar volwassenenzorg wordt begeleid via een toekomstplan, waarin vanaf 16 jaar wordt gewerkt aan de ‘big five’: ondersteuning, wonen, werk/school, inkomen/schulden en zorg. Verlengde jeugdhulp kan, indien nodig en vóór de 18e verjaardag ingezet, worden voortgezet tot maximaal 23 jaar. Hierdoor is continuïteit van hulp geborgd en wordt voorkomen dat jongeren tussen wal en schip vallen.

Vraag 3 Op welke manier wordt in de uitvoering van de jeugdhulp rekening gehouden met de levensbeschouwelijke overtuiging van gezinnen bij bijvoorbeeld de keuze van de hulpverleners of het aanbod van hulp? Antwoord 3 Bij de uitvoering van jeugdhulp wordt rekening gehouden met de levensbeschouwelijke overtuiging van gezinnen. Dit gebeurt bijvoorbeeld door bij de toewijzing van hulpverleners en het aanbod van hulp aandacht te besteden aan culturele en religieuze voorkeuren, zodat de geboden ondersteuning aansluit bij de waarden en overtuigingen van het gezin. Bij de inkoop van jeugdhulp is hiermee al rekening gehouden, zodat de beschikbare voorzieningen aansluiten bij de diversiteit van de doelgroep. Vraag 4 Waarom is het artikel 2.3 in de oude verordening over de wijkteams verdwenen? Antwoord 4 Dit artikel had geen juridische bepaling. De verordening beperkt zich tot de onderdelen die juridisch afdwingbaar of toetsbaar moeten zijn (zoals rechten, plichten, criteria voor voorzieningen). Vraag 5 Waarom is in artikel 3.1 lid 2 de toevoeging “als er vergelijkbare hulp beschikbaar is” weggelaten terwijl deze toevoeging wel in het model van de VNG staat? Antwoord 5 De toevoeging “als er vergelijkbare hulp beschikbaar is” is weggelaten omdat artikel 3.1, lid 2 bepaalt dat jeugdhulp uitsluitend wordt vergoed via gecontracteerde of gesubsidieerde aanbieders.

In de verordening wordt nadrukkelijk aangegeven wat wel vergoed wordt, terwijl de modelverordening vaak benoemt wat niet vergoed wordt. Wanneer een huisarts, medisch specialist of jeugdarts andere jeugdhulp noodzakelijk acht, onderzoekt het wijkteam, namens het college, eerst welke ondersteuning passend en nodig is binnen deze kaders voordat afspraken worden gemaakt. Vraag 6 In artikel 4.1 lid 1 staat alleen zo spoedig mogelijk en geen termijn. Kunt u hier de termijn uiterlijk binnen 6 weken toevoegen zoals ook in de modelverordening van de VNG staat? Zo niet, waarom niet? Antwoord 6 Er is gekozen voor de formulering “zo spoedig mogelijk” zonder specifieke termijn om het wijkteam de nodige flexibiliteit te geven en te voorkomen dat er extra druk op de beschikbare capaciteit ontstaat. Tegelijkertijd worden de wettelijke termijnen altijd nageleefd, zodat de rechten van inwoners geborgd blijven. In de nadere regels en beleidsregels worden daarnaast specifiekere termijnen beschreven, zodat er meer duidelijkheid is over de uitvoering en opvolging van verzoeken.

Vraag 7 In artikel 4.9 gaat het over de terugvordering van zakgeld en kleedgeld. In welke gevallen wordt dit uitgekeerd op grond van de Jeugdwet en deze verordening? Antwoord 7 Zak- en kleedgeld wordt uitgekeerd aan jeugdigen die minimaal één maand voltijds verblijven in een residentiële jeugdhulpvoorziening en van wie de ouders niet volledig voldoen aan hun onderhoudsplicht. Pleegzorg valt hierbuiten; daar gelden specifieke afspraken. Vraag 8 Waarom is er in artikel 7.5 lid 1 gekozen voor 90% van het laagst gecontracteerde tarief terwijl de VNG 100% adviseert? Is er zo nog sprake van PGB als gelijkwaardig alternatief? Antwoord 8 Er is gekozen voor 90% van het laagst gecontracteerde tarief, omdat de wet alleen een bovengrens (maximaal 100%) kent en geen ondergrens. Zoals toegelicht bij het betreffende artikel in de verordening, moet in ieder geval worden vastgelegd hoe de hoogte van een PGB wordt bepaald en moet deze voldoende zijn om de benodigde hulp in te kopen, ook wanneer deze uit het sociale netwerk komt. In onze verordening wordt al langere tijd 90% gehanteerd, wat in de praktijk goed functioneert. Bij de beschikking wordt altijd beoordeeld of de benodigde hulp uit het PGB kan worden bekostigd; indien nodig wordt dit aangepast ten gunste van de jeugdige, zodat het PGB een gelijkwaardig alternatief blijft.

Vraag 9 Waarom wordt in artikel 8.3 lid 3 gekozen voor een termijn van 3 maanden terwijl de VNG 6 maanden adviseert? Is 3 maanden redelijk gelet op de wachtlijsten in de jeugdzorg? Antwoord 9 De termijn van 3 maanden is gekozen om te waarborgen dat het toegekende PGB daadwerkelijk wordt gebruikt voor de voorziening waarvoor het is bedoeld. Als het PGB binnen deze periode niet wordt ingezet, wordt onderzocht waarom dit nog niet is gebeurd en wordt zo nodig actie ondernomen. De termijn gaat pas in vanaf het moment dat er daadwerkelijk een plek beschikbaar is bij de jeugdhulpaanbieder. Hiermee blijft de regeling redelijk, ook gezien mogelijke wachtlijsten in de jeugdzorg. Vraag 10 Waarom is er geen artikel opgenomen over een evaluatie van deze verordening? Dit staat wel in de modelverordening van de VNG. Antwoord 10 Er is geen apart artikel over evaluatie opgenomen omdat een formele evaluatie een grote druk zou leggen op de beschikbare capaciteit. De uitvoering van de verordening wordt echter continu gevolgd via de controle van individuele beschikkingen, waardoor waar nodig bijsturing kan plaatsvinden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1186/documents/41713