CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

ChristenUnie antwoorden Winkeltijdenverordening Ridderkerk 2026 - college

Gemeenteraad RK 24 september 2026, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 11: Winkeltijdenverordening Ridderkerk 2026 (initiatiefvoorstel)1.762 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1 van 6 Vragen over vergaderstukken gemeenteraad Ridderkerk Onderwerp: Winkeltijdenverordening Ridderkerk 2026 (initiatiefvoorstel) Vragensteller: Corstiaan Knape, ChristenUnie Behandelvergadering: commissie Samen leven en wonen, 10 september 2026 Portefeuillehouder: Henk van Os Datum vraag: 03 september 2026 Datum antwoord: 09 september 2026 Inleiding Vanuit de raad is een initiatiefvoorstel voor een nieuwe verordening voor winkeltijden in Ridderkerk ingediend. Het college kon binnen twee weken nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen of bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. Het college heeft een reactie gegeven, waarin het zich heeft beperkt tot het ambtelijk laten toetsen, waaruit geen juridische belemmeringen of aandachtspunten naar voren zijn gekomen. Onderstaande vragen worden aan het college gesteld. De vragen betreffen de juridische toets, en praktische gevolgen, waar het college mee te maken krijgt. Vraag 1 De huidige verordening kent specifieke mogelijkheden voor bijzondere situaties. In de nieuwe verordening wordt gekozen voor een algemene regeling. Daarnaast bepaalt artikel 5 dat bestaande besluiten blijven gelden totdat deze worden gewijzigd of ingetrokken.

Kan het college aangeven welke bestaande mogelijkheden of uitzonderingen uit de Verordening winkeltijden Ridderkerk 2014 veranderen door de voorgestelde verordening? Daarbij graag aangeven: a. in welke situaties de nieuwe regeling dezelfde mogelijkheden biedt; b. waar de nieuwe regeling ruimer wordt; c. waar bestaande mogelijkheden juist beperkter kunnen worden; d. en of er situaties zijn waarin verkoop nu mogelijk is buiten de nieuwe algemene zondagopenstelling van 12.00 tot 18.00 uur. Antwoord 1 Op basis van de huidige Verordening winkeltijden Ridderkerk 2014 moeten winkels gesloten zijn op alle zondagen en alle feestdagen. De verordening bevat echter wel een aantal verruimingen:

2 van 6 - Het college kan feestdagen aanwijzen waarop winkels wel open mogen zijn (artikel 5). Dit aanwijzingsbesluit is door het college genomen op 31 maart 2014. In dat besluit zijn de volgende feestdagen aangewezen (waarop winkels dus open mogen zijn): Nieuwjaarsdag (tenzij deze op een zondag valt), tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en tweede Kerstdag (tenzij deze op een zondag valt). - Het college kan ontheffingen verlenen voor zondagen en feestdagen ten behoeve van bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard en het uitstallen van goederen. Deze ontheffing kan worden verleend voor veilingen, beurzen en bijzondere manifestaties (artikel 6). - Snackbars en videotheken mogen op werkdagen open zijn tussen 22.00 en 06.00 uur (nachtwinkels). Voor snackbars gelden dan de sluitingstijden van de APV. Ontheffing op werkdagen voor andere winkels is mogelijk. - Bepaalde (kleinschalige) winkels mogen wel open zijn op zon- en feestdagen, zoals musea, snackbars, bepaalde standplaatsen (ijs, friet, enz.), winkels in sportcomplexen, bejaardenoorden, enz. (artikel 10a t/m 10 m van de verordening). Voor deze winkels gelden nu geen venstertijden. - Voor wat betreft standplaatsen: die mogen op basis van de huidige verordening alleen open zijn op zon- en feestdagen als het gaat om “voor directe consumptie geschikte eetwaren” (friet, ijs, oliebollen, loempia, enz).

Op basis van de nieuwe verordening gelden de volgende verruimingen: - Alle winkels (en ook alle standplaatsen, dus niet alleen frietkramen, enz.) mogen open zijn op zondagen. (Standplaatsen hebben uiteraard nog wel een standplaatsvergunning nodig o.g.v. de APV). - Alle winkels (en ook alle standplaatsen) mogen open zijn op feestdagen. Hierbij gelden wel de beperkingen dat: a. winkels op 4 mei vanaf 19.00 uur gesloten moeten zijn; b. winkels op Goede Vrijdag vanaf 19:00 uur gesloten moeten zijn; c. winkels op eerste kerstdag gesloten moeten zijn; d. winkels op eerste paasdag gesloten moeten zijn; e. winkels op eerste pinksterdag gesloten moeten zijn. Verschil met huidige situatie: op basis van de huidige verordening geldt een strenger regime voor feestdagen: als Nieuwjaarsdag en 2e kerstdag op een zondag vallen, dan mogen winkels op dit moment niet open zijn op die dag. Op basis van de nieuwe verordening geldt die beperking niet. 3 van 6 Op kerstavond (24 december na 19.00 uur) mogen winkels nu ook niet open zijn. Op basis van de nieuwe verordening mag dat wel. - De nieuwe verordening bevat geen algemene vrijstelling meer voor bepaalde (kleinschalige) winkels, zoals musea, winkels in sportcomplexen, enz. Die mogen op basis van de nieuwe verordening (net als alle andere winkels) straks open zijn op zondag tussen 12.00 en 18.00 uur.

Voor die winkels gelden echter nu geen venstertijden. - De nieuwe verordening bevat een algemene vrijstelling voor alle winkels en alle standplaatsen, maar geen ontheffingsmogelijkheid meer voor specifieke situaties. (ook niet voor nachtwinkels). Vraag 2 In het voorstel wordt onder het kopje “evaluatie en monitoring” ontheffing bij knelpunten. Artikel 4 van de ontwerpverordening verwijst eveneens naar toezicht op ontheffingen. Wij kunnen in de ontwerpverordening echter geen bepaling vinden die het college de bevoegdheid geeft om zo'n ontheffing daadwerkelijk te verlenen. Klopt het dat die grondslag ontbreekt, en zo ja: hoe kan een ondernemer dan in de praktijk een individueel knelpunt via een ontheffing laten oplossen? Antwoord 2 In de nieuwe verordening zit inderdaad geen ontheffingsmogelijkheid meer (zoals de huidige artikelen 6 en 8), maar de vraag is of dat nog nodig is, gezien de nieuwe verruimde vrijstellingsmogelijkheid. Daar komt bij dat de huidige ontheffingsmogelijkheid voor de meeste ondernemers niet of nauwelijks van waarde was. Immers, de huidige ontheffingsmogelijkheid geldt alleen voor “veilingen, beurzen en bijzondere manifestaties”. (artikel 6, tweede lid). Dat dit artikel nauwelijks betekenis had in de praktijk, blijkt wel uit het feit dat de laatste jaren dergelijke ontheffingen niet zijn aangevraagd/verleend.

Vraag 3 Artikel 2 van de ontwerpverordening bepaalt dat winkels op zondagen tussen 12.00 en 18.00 uur en op feestdagen open mogen zijn. Deze formulering laat twee lezingen toe: (1) het tijdvenster van 12.00-18.00 uur geldt voor zowel zondagen als feestdagen, of (2) dit tijdvenster geldt alleen voor zondagen, en winkels mogen op feestdagen zonder tijdsbeperking geopend zijn. a. Welke van deze twee lezingen is beoogd? De tweede lezing is correct. 4 van 6 Antwoord 3a b. Is de voorgestelde bepaling naar het oordeel van het college juridisch voldoende duidelijk en handhaafbaar? Zo niet, welke aanpassing adviseert het college? Antwoord 3b Ja Vraag 4 Een structurele extra winkeldag kan gevolgen hebben voor de omgeving van winkelgebieden. Het VNG-model biedt ruimte om aan vrijstellingen beperkingen of voorschriften te verbinden ter bescherming van de woon- en leefsituatie. a. Welke gevolgen kan structurele zondagopenstelling naar verwachting hebben voor de leefbaarheid in en rond de Ridderkerkse winkelgebieden, op basis van de beschikbare gegevens en ervaringen? Antwoord 4a Als de voorzieningen dichtbij open mogen dan is de verwachting is dat mensen die geen vervoer hebben er gebruik van zullen maken net als de mensen die geen kans hebben om op de andere dagen boodschappen te doen.

Steeds meer inwoners prefereren de zondag om te winkelen vanwege de lagere parkeerdruk en de rustigere winkelomgeving. Dit alles komt de leefbaarheid ten goede. Er is contact gezocht met diverse gemeenten die een zondagsopenstelling hebben. In de gemeente Barendrecht mogen winkels vanaf 12.00 uur open. De ervaring van Barendrecht is dat de zondagsopenstelling niets negatiefs doet aan de leefbaarheid. In de Hoeksche Waard is er ook mogelijkheid voor winkels om open te zijn. De ervaringen daar zijn ook positief: extra reiniging/ schoonmaak van de winkelcentra is niet nodig, dit wordt op maandagochtend gedaan. Het laden en lossen op zondag gaat goed, hier is niks aan veranderd. Toezicht en handhaving : er zijn niet meer klachten gekomen, ook niet over laden en lossen. Supermarkten en landelijke ketens (waaronder ook bouwmarkten en tuincentra) zijn het meeste open, maar het overgrote deel van de winkels blijft dicht uit vrije keuze. Ze mogen vanaf 12.00 uur open zijn. Sporadisch probeert een winkelier eerder open te gaan. Gemeente Zwijndrecht geeft aan dat de leefbaarheid hetzelfde is gebleven, dan wel is verbeterd omdat de winkelmomenten nu meer gespreid plaatsvinden. Dat zorgt er voor dat de vaak drukke zaterdag nu wat meer gespreid wordt.

Dit is positief voor het winkelend publiek, omwonenden en levert per saldo extra omzet op voor winkeliers omdat publiek nu niet naar omliggende dorpen en steden trekt om te winkelen. Openingstijden zijn van 13.00 tot 17.00 uur. 5 van 6 b. Acht het college aanvullende voorschriften, bijvoorbeeld over bevoorrading of laden en lossen op zondag, juridisch mogelijk en praktisch wenselijk indien overlast ontstaat? Antwoord 4b Ja, het is juridisch mogelijk om het laden en lossen te beperken op het moment dat hierdoor overlast ontstaat. Vraag 5 De VNG wijst er bij de implementatie van een winkeltijdenverordening expliciet op dat aandacht nodig is voor toezicht en handhaving. Gemeentelijke toezichthouders moeten bovendien beschikken over een aanwijzing die ook geldt voor de Winkeltijdenwet. a. Welke gevolgen heeft de voorgestelde structurele zondagopenstelling voor de capaciteit, planning en kosten van toezicht en handhaving Antwoord 5a Binnen de Winkeltijdenwet mogen winkels van maandag tot en met zaterdag open zijn van 06.00uur tot 22:00 uur. Binnen deze tijdsvensters zijn er momenten waarop gemeentelijke toezichthouders niet werkzaam zijn. Mocht de praktijk na besluitvorming hierom vragen, zullen we bezien of er geschoven dient te worden binnen de capaciteit van het team. b.

Indien het college geen extra inzet verwacht, waarop is die verwachting gebaseerd? Antwoord 5b De verwachting is dat een beperkt aantal winkels open zal gaan. Uit een enquête van BIZ Winkelhart blijkt dat circa 25% gebruik zal maken van de geboden mogelijkheid, dat is maar een klein percentage ten opzichte van alle winkels. Mocht er bij een specifiek gebied wel inzet nodig zijn kan dat eventueel in overleg gefaciliteerd worden. Vraag 6 In het initiatiefvoorstel staat bij evaluatie en monitoring: ‘Het college volgt of de nieuwe, uniforme regeling in individuele gevallen tot knelpunten leidt ten opzichte van het huidige regime. Als een knelpunt niet via een ontheffing kan worden opgelost, legt het college zo nodig een voorstel tot wijziging van de verordening aan de raad voor. ‘ 6 van 6 a. Acht het college het wenselijk om naast het volgen van individuele knelpunten ook de algemene werking en effecten van de nieuwe winkeltijdenregeling te evalueren? Waarom wel, waarom niet? Antwoord 6a Op voorhand acht het college het niet nodig te evalueren, omdat het aantal bedrijven dat open zal gaan in verhouding relatief laag zal zijn (zie antwoord 5b). b. Is het college bereid om bijvoorbeeld één of twee jaar na inwerkingtreding een evaluatie aan de raad voor te leggen waarin in ieder geval wordt betrokken: a. het daadwerkelijke gebruik van de zondagopenstelling; b.

ervaringen van ondernemers en werknemers; c. gevolgen voor omwonenden en leefbaarheid; d. klachten en overlast; e. en eventuele gevolgen voor toezicht en handhaving? f. en de vraag of aanpassing van de verordening of aanvullende voorschriften wenselijk zijn? Antwoord 6b Indien de raad dit wenst, is het college daartoe bereid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1250/documents/43578