CDA antwoorden Voorbereidingsbudget Trelleborg locatie
Tekst van het document
1 van 2 Vragen over vergaderstukken gemeenteraad Ridderkerk Onderwerp: Voorbereidingsbudget Trelleborg locatie Vragensteller: Victor Mijnders, CDA Behandelvergadering: commissie Samen wonen, 25 juni 2026 Portefeuillehouder: wethouder Van der Duijn Schouten Datum vraag: 23 juni 2026 Datum antwoord: 25 juni 2026 Vraag 1 De provincie Zuid-Holland heeft tijdens haar vergaderingen op 3 en 10 juni 2026 de Herziening Omgevingsbeleid 2025 vastgesteld. Welke invloed/impact heeft deze herziening op de gewenste ontwikkelingen van het Trelleborg terrein? Antwoord 1 De Herziening Omgevingsbeleid 2025 van de provincie Zuid-Holland heeft naar verwachting geen negatieve invloed op de voorgenomen ontwikkeling van Trelleborg. De herontwikkeling van een bestaande bedrijfslocatie naar een woongebied sluit aan bij de provinciale ambitie om woningbouw zoveel mogelijk binnen bestaand stedelijk gebied te realiseren. We zullen nog wel het gesprek moeten voeren met de provincie over de eventueel benodigde compensatie van bedrijventerrein bij deze transformatie. Vraag 2 Hebben het afronden van de initiatieffase en het doorlopen van de definitiefase ook impact op de woningen aan de Molensteeg 34 en 36? Antwoord 2 Nee, het afronden van de initiatieffase en het doorlopen van de definitiefase hebben op dit moment geen directe gevolgen voor de woningen aan de Molensteeg 34 en 36.
Deze vallen niet binnen de huidige gebiedsontwikkeling Trelleborg.
2 van 2 Vraag 3 In het collegevoorstel staat onder 6.1 'Gedurende de definitiefase wordt onderzocht of het wenselijk en noodzakelijk is om voor de gebiedsontwikkeling Trelleborg alsnog een grondexploitatie te openen'. Waar moet er nog specifiek onderzoek naar gedaan worden en wat zijn de criteria om wel of niet te kiezen voor een grondexploitatie? Antwoord 3 De keuze tussen het deelnemen in een grondexploitatie (GREX) of het separaat verkopen/tenderen van gemeentelijke gronden hangt samen met het te verwachten financieel resultaat, het risicoprofiel en de mate van gemeentelijke sturing. Het e.e.a. hangt sterk af van de uiteindelijke programmatische uitwerking, marktomstandigheden en risicoverdeling in de planvorming. Deze afweging wordt daarom expliciet meegenomen in de definitiefase, wanneer het programma en de financiële parameters verder zijn uitgewerkt.