CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Reactie op verdere opmerkingen MBR.pdf

Gemeenteraad RK 30 juni 2022, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 10: Beleidskader Doelgroepenvervoer Ridderkerk 2022988 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage - Reactie op verdere opmerkingen MBR Dit is een bijlage bij de antwoordbrief op het gevraagd advies van het MBR van 14 april 2022 over het Concept Beleidskader Doelgroepenvervoer 2022. In deze bijlage is de reactie van het college op de verdere opmerkingen uit het advies puntsgewijs weergegeven.

Nr. Opmerking MBR 1.

2.

3.

4.

5.

Reactie

Waarom kan een volwassene geen vouwfiets meenemen in de Een vouwfiets is niet categorisch uitgesloten. Wel moet bagage die bus, terwijl een rollator gewoon geaccepteerd wordt? wordt meegenomen aan bepaalde afmetingen voldoen. Met de huidige vervoerders zijn afspraken gemaakt over bagage. Een reiziger mag naast handbagage, één stuk grote bagage (max. 55x35x25 cm met een maximaal gewicht van 10 kg) meenemen. Dit dient bij de ritaanmelding te worden aangegeven. Een reiziger mag ook een boodschappenbuggy, rollator, een (elektrische) rolstoel, scootmobiel, krukken of een wandelstok meenemen. Hoe worden mensen met een beperking bij het Gebruikers van het doelgroepenvervoer zijn betrokken middels een Doelgroepenbeleid betrokken. Het MBR vindt het belangrijk enquête. Zie voor de resultaten bijlage 2 en voor de vragenlijst bijlage 3 dat mensen met een beperking vanaf het eerste stadium bij het beleidskader zoals deze door de gemeenteraad wordt volledig betrokken worden bij de uitvoering en vastgesteld. beleidsbeslissingen. In de infographic op pagina 3 wordt gesproken over De formulering is aangepast naar ‘passend vervoer’ en ‘draagt bij’. ‘mogelijkheid’ en ‘kans’. Het MBR vindt deze woorden wat ongelukkig gekozen.

Dat de gemeente maatwerkvoorzieningen toekent (bijlage Het bieden van maatwerk heeft een prominentere plaats gekregen in Wettelijk kader punt 4) wordt alleen expliciet vermeld bij het beleidskader. Onder andere is aandacht gegeven aan steeds vaker volwassenenvervoer. Het geldt echter voor alle vormen van voorkomende tussenvormen van onderwijs en zorg (onderwijs zorg vervoer, het is correct om deze maatwerkvoorziening ook combinaties). expliciet vermelden bij leerlingenvervoer, jeugdhulpvervoer en planbaar vervoer. Met de termen 'zelfstandig' en 'zelfstandigheid' wordt alleen In lijn met uw opmerking is op verschillende plaatsen, onder andere verwezen naar de mensen binnen de doelgroep. In de praktijk onder 2.1.1 opgenomen dat de eigen mogelijkheden van het netwerk wordt echter ook gekeken naar de ouders/verzorgers van waaronder de ouders/verzorgers onderdeel zijn van het zoeken naar de deze mensen. Daar is niets over terug te vinden. meest passende voorziening.

Bijlage - Reactie op verdere opmerkingen MBR 6.

7.

8.

9.

10.

11.

12.

Onder paragraaf 2.2.1. wordt gerefereerd aan ‘jurisprudentie’. Het is bevreemdend dat 'Jurisprudentie' wordt gebruikt als onderzoeksresultaat. Is er dan geen 'officieel' onderzoek naar verricht? Dit kan zo niet als referentiekader worden gebruikt. Onder paragraaf 3.1, tweede alinea staat ‘veel lager’. Wat wordt bedoeld met 'veel lager'? Zo is het subjectief. Geef hier een percentage aan. In de alinea erna wordt gesproken over gestegen kosten. Zonder onderbouwing zijn de percentages weinig zeggend. Wat is de oorzaak van deze stijging? Zijn de kosten gestegen bij gelijk vervoersvolume of had dit een andere oorzaak? (Efficiëntie? Faalkosten?) In paragraaf 3.2, bij het 4e opsombolletje wordt gesproken over ‘49%’. De herkomst van dit percentage is onbekend. Op Europees niveau wordt een ander percentage genoemd.

In dezelfde alinea, bij het 5e opsombolletje wordt gesproken over ‘volledig’, dit staat schril contrast met 'zoveel mogelijk' zoals eerder en later genoemd wordt. Onder 4.1.1. bij het laatste opsomstreepje wordt gesproken over 'kunnen'. Dit is te vrijblijvend, dit moet zijn ‘zullen’, zeker omdat dit ook noodzakelijk blijkt te zijn in de praktijk. Zie ook 4.2.1. tweede streepje en 4.4.1. Paragraaf 4.1.2., tweede alinea: Het beperken van spreiding kan als contraproductief worden opgevat t.a.v. de beperking van de reisafstanden. Dit punt zou wellicht beter onderbouwd kunnen worden.

Om verwarring te voorkomen is het voorbeeld verwijderd.

Het cijfer van maart 2022 is toegevoegd als referentie. De cijfers van de achterliggende periode zijn reeds met u gedeeld en zijn periodiek te raadplegen in bestuursrapportages die met de gemeenteraad worden gedeeld. Aan de alinea is een toelichting toegevoegd.

Deze doelstelling is afkomstig uit het Klimaatakkoord, dat in juni 2019 tot stand is gekomen. Dit akkoord bevat een pakket aan maatregelen waarmee het politieke reductiedoel van 49% in 2030 wordt gerealiseerd. In het beleidskader is een voetnoot opgenomen die hiernaar verwijst. De zin is geherformuleerd om dit contrast weg te nemen.

De zin is aangepast in lijn met uw advies.

Het doel is om meer passende onderwijsplekken binnen de eigen regio aan te bieden. Wanneer passend onderwijs meer thuis nabij geboden kan worden dan nu het geval is worden reisafstanden korter. De formulering is aangepast.

Bijlage - Reactie op verdere opmerkingen MBR 13.

14.

Paragraaf 4.2: De drie genoemde uitgangspunten dekken niet de volledige lading van het leerlingenvervoer. Advies: punt achter leerlingenvervoer. Paragraaf 4.3.1: In de vorige regel wordt expliciet een tijdsduur genoemd, en hier wordt alleen 'tijdig' gebruikt. Advies om bij beiden de tijdsduur te noemen.

15.

Paragraaf 4.3.2.: De eerste alinea is vaag. Hierover ontvangt het MBR graag uitleg/hierover wil het MBR graag in overleg.

16.

In de bijlage, onder Wettelijk kader WMO-vervoer wordt gesproken over hulpvraag en aanvraag. Het verschil is onduidelijk. Daarnaast wordt er gesproken over een besluit binnen twee weken, maar onderzoek binnen zes weken. Onderzoek 'kan' als aanvraag dienen. Hulpvrager weet zo niet waar die aan toe is. Graag dit verhelderen.

De zin is aangepast in lijn met uw advies.

Het tweede punt van de opsomming betreft een norm die niet overschreden mag worden: mimimaal een reserveringtijd van 1 uur. Het derde punt van de opsomming betreft een minder duidelijke norm. Tijdig aan- en afmelden van een reservering kan in verschillende gevallen anders zijn. Wij handhaven onze formulering. Dit betreft ontwikkelpotentieel dat nog verder moet worden uitgewerkt. Waar aan gedacht kan worden is het betrekken van vrijwilligersaanbod in het aanbod van Wmo routegebonden vervoer voor bepaalde ritprofielen. Een vervolg overleg over dit onderwerp is zeker mogelijk. Wij gaan graag verder met u in gesprek. De tekst is aangepast.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/850/documents/32257