Bijlage 9 Inkomenseffectrapportage gemeente Ridderkerk 2024.pdf
Tekst van het document
Inkomenseffect rapportage Gemeente Ridderkerk
Opdrachtgever Gemeente Ridderkerk Datum Augustus 2024 Auteurs Jitske Kooistra – van der Wijk Maaike Bonnema KWIZ Stavangerweg 23 - 5 9723 JC Groningen 050 - 5252473 contact@kwiz.nl Uitgave Deze publicatie is een uitgave van KWIZ. Het overnemen van cijfers en/ of teksten is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook zonder voorafgaande toestemming van KWIZ.
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Inhoudsopgave Inleiding ...............................................................................................................................2 Samenvatting .......................................................................................................................3 Inkomenseffecten .................................................................................................................5 1.1. Introductie op de inkomenseffecten..............................................................................5 1.2. Inkomenseffecten .......................................................................................................9 1.3. Vergelijking inkomenseffecten 2023 - 2024 ................................................................ 17 Bijlage 1. Overzicht minimaregelingen ................................................................................. 18 Bijlage 2. Financieel maandoverzicht ................................................................................... 19 Bijlage 3. Uitsplitsing gemeentelijke bijdragen ...................................................................... 25
1
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Inleiding Gemeenten hebben de zorgplicht om de leefsituatie en het toekomstperspectief van inwoners die in armoede verkeren, te verbeteren. Daarnaast hebben zij de taak en het belang om inwoners te stimuleren om zoveel mogelijk zelfstandig in hun levensonderhoud te voorzien. Het minimabeleid is ook in de gemeente Ridderkerk een relevant beleidsthema. Inwoners van de gemeente Ridderkerk met een laag inkomen kunnen van verschillende lokale – naast de landelijke – regelingen gebruikmaken. De gemeente is geïnteresseerd in de effecten van het lokale en landelijke beleid op de bestedingsruimte van minimahuishoudens. KWIZ voert jaarlijks een inkomenseffect rapportage uit om inzicht te geven in de actuele financiële positie van minimahuishoudens en in de mate waarin het huidige (lokale) beleid hieraan een bijdrage levert. Opzet van het onderzoek We brengen voor zes verschillende voorbeeldhuishoudtypen met vijf verschillende inkomensniveaus in beeld hoeveel zij maandelijks aan gemeentelijke regelingen en landelijke toeslagen kunnen ontvangen in 2024. Het gaat om inkomens van 100 tot en met 140 procent Wsm. Meer specifiek gaat het om de effecten van het vergaren van meer inkomen door werk (bijv. vanuit een bijstandssituatie). Daarnaast wordt ook de inkomenssituatie voor langdurige bijstandshuishoudens in beeld gebracht, die recht hebben op de individuele inkomenstoeslag.
Met behulp van landelijke inkomensnormen, landelijke toeslagen en informatie over gemeentelijke regelingen is per huishoudtype het inkomen bepaald. Voor de vaste uitgaven is uitgegaan van cijfers en normen van het Nibud1. Voor de andere uitgaven is waar mogelijk gebruikgemaakt van lokale tarieven (zoals huur en waterschapsbelasting). Tot slot worden de gemeentelijke regelingen omgezet in een maandbedrag. Op die manier ontstaat per huishoudtype een overzicht van de inkomsten en uitgaven per maand. Leeswijzer In de samenvatting worden de belangrijkste bevindingen uiteengezet. Vervolgens geeft de rapportage inzicht in de inkomenseffecten; de invloed van het landelijke en gemeentelijke beleid op de bestedingsruimte van minimahuishoudens. De onderzoeksmethodiek wordt eveneens toegelicht. In de rapportage is ook een vergelijking opgenomen van de inkomenseffecten tussen 2023 en 2024. Het rapport wordt afgesloten met een drietal bijlagen. Bijlage 1 staat een overzicht van de gemeentelijke regelingen. In de tweede bijlage worden de volledige begrotingen getoond. De derde bijlage geeft inzicht in de maandelijkse gemeentelijke bijdrage voor de verschillende regelingen per huishouden bij een (langdurig) inkomen van 100 procent Wsm.
1 Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) is een onafhankelijke stichting die informeert en
adviseert over financiën van huishoudens.
2
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Samenvatting In de samenvatting staan de belangrijkste bevindingen vanuit de Inkomenseffect Rapportage weergegeven. Effect van (maximaal) gebruik gemeentelijke regelingen Huishoudens die van alle gemeentelijke regelingen gebruikmaken waar zij recht op hebben, hebben daardoor logischerwijs een groter budget over aan het einde van de maand dan huishoudens die van geen enkele regeling gebruikmaken. Dit effect is het grootst voor gezinnen; door de samenstelling van hun huishouden kunnen zij namelijk de meeste vergoedingen vanuit de regelingen ontvangen. Een aantal voorbeeldhuishoudens uit deze rapportages zouden zonder de maximale bijdrage van de gemeente, maandelijks geld tekort komen na het doen van alle uitgaven (dat wil zeggen: zowel de basisuitgaven als een bedrag dat wordt uitgegeven aan sociale participatie). Dit geldt op bijstandsniveau voor alleenstaanden, paren zonder kinderen én paren met kinderen. Alle overige voorbeeldhuishoudens, bijvoorbeeld de alleenstaande ouders of alleenstaande AOW’ers, hebben bij elk inkomen voldoende budget om zowel de basis- als de participatie uitgaven te bekostigen. Overigens is het zo dat het maximale bedrag dat minima vanuit de toeslagen van het Rijk kunnen ontvangen (onder andere huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget) hoger is dan het maximale bedrag van de gemeentelijke regelingen. Dit is ook in andere gemeenten het geval.
Conclusie De gemeentelijke regelingen bieden (extra) financiële bestedingsruimte. Voor sommige huishoudens is dat noodzakelijk om maandelijks rond te kunnen komen. Daarnaast is het belangrijk dat minima ook van de landelijke toeslagen gebruikmaken waar zij recht op hebben. Voor deze rapportage is verder de aanname gedaan dat de huishoudens gebruikmaken van alle gemeentelijke regelingen. In de praktijk is echter de ervaring dat huishoudens van enkele, of soms van geen, regelingen gebruikmaken. Het is belangrijk om te realiseren dat het budget na alle uitgaven in werkelijkheid lager kan uitvallen dan in deze rapportage is weergegeven. Financiële verschillen tussen bijstandsniveau of een hoger inkomen tot 140% Wsm In hoeverre loont het financieel gezien om (meer) te gaan werken? Dit hangt van een aantal factoren af: huishoudsamenstelling, de nieuwe inkomenshoogte en daarmee het (verliezen van het) recht op gemeentelijke regelingen en de eventuele afname van landelijke toeslagen. In de volgende punten worden deze effecten verduidelijkt: • Voor de gemeentelijke regelingen geldt dat bij een inkomen boven 100 procent Wsm, het recht op kwijtschelding vervalt. Bij een inkomen hoger dan 110 procent Wsm vervalt het recht op de tegemoetkoming eigen risico, de Ridderkerkpas (voor volwassenen en kinderen) en de energietoeslag.
Wanneer het inkomen verder stijgt naar 140 procent Wsm valt ook de collectieve zorgverzekering weg (beschikbaar tot 130 procent Wsm). Van hoe meer regelingen een huishouden gebruik kan maken, hoe groter het bedrag is dat het huishouden kan ‘verliezen’ indien het inkomen stijgt. • Voor de landelijke toeslagen en regelingen geldt dat deze afnemen bij een hoger inkomen, behalve bij alleenstaande ouders. De toeslagen dalen bij paren (met en zonder kinderen) eerder én sneller in vergelijking met alleenstaanden. Bij alleenstaande ouders met kinderen tot en met 13 jaar zien we dat het bedrag aan landelijke toeslagen toeneemt door belastingvoordeel. • Tot slot krijgen huishoudens die vanuit de bijstand aan het werk gaan, te maken met werkgerelateerde kosten, waardoor hun uitgaven iets stijgen. Voor alleenstaande ouders 3
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
komen hier de kosten voor kinderopvang bij (al krijgen ze daar kinderopvangtoeslag weer een (groot) deel van terug).
via de
In combinatie met elkaar zorgen bovenstaande ontwikkelingen ervoor dat: • Bij het gebruiken van alle gemeentelijke regelingen: sommige huishoudtypen, net zoals bij de vorige meting in 2023, te maken krijgen met een terugval in het maandelijkse budget bij een hoger inkomen. Wanneer het inkomen stijgt van 120 procent Wsm naar 130 procent Wsm houden meerdere voorbeeldhuishoudtypen minder budget over aan het einde van de maand. De meeste gemeentelijke regelingen vallen namelijk weg boven een inkomensniveau van 120 procent Wsm. Een (gedeeltelijke) verklaring hiervoor is de energietoeslag: wanneer deze niet wordt meegerekend is dit effect bij de meeste huishoudens niet terug te zien. • Bij het niet gebruiken van de gemeentelijke regelingen: alle huishoudens een hoger maandelijks budget overhouden, bij elke inkomensstijging (van 110 tot 140 procent Wsm). In dit geval zorgt een hoger inkomen altijd voor een hoger maandbudget. Conclusie Wanneer huishoudens alle gemeentelijke regelingen ontvangen, loont werken tegen een hoger inkomen bijna altijd. Bijna alle voorbeeldhuishoudens ervaren een inkomensvooruitgang wanneer het inkomen stijgt naar 110 of 120 procent Wsm; zij houden maandelijks meer budget over dan voorheen. Sommige huishoudens met een inkomen tot 130 of 140 procent Wsm ervaren daarentegen een terugval in het maandelijkse inkomen.
Door het wegvallen van het recht op gemeentelijke regelingen, al dan niet in combinatie met een afname van toeslagen vanuit het Rijk, loont het voor huishoudens niet altijd om te gaan werken tegen een hoger loon. Dit geldt overigens alleen wanneer huishoudens gebruikmaken van de energietoeslag; anders gaan zij er bij ieder hoger inkomen op vooruit qua bestedingsruimte. Tot slot is het zo dat alle huishoudens die vanuit de bijstand gaan werken tegen een loon van 110, 120, 130 of 140 procent Wsm maandelijks voldoende budget hebben om zowel de basisuitgaven als de uitgaven voor sociale participatie te bekostigen, indien zij gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen.
4
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Inkomenseffecten In dit hoofdstuk geven we een overzicht van de verschillende inkomsten en uitgaven die worden onderscheiden voor de inkomenseffectrapportage.
1.1. Introductie op de inkomenseffecten 1.1.1. Huishoudens en inkomensgrenzen We berekenen de inkomenseffecten van het lokale en landelijke beleid in 2024 voor de volgende zes huishoudtypen: Niet AOW-gerechtigden: • alleenstaande; • paar zonder kinderen; • alleenstaande ouder met twee kinderen (8 en 13 jaar); • paar (twee volwassenen) met twee kinderen (8 en 13 jaar). AOW-gerechtigden: • alleenstaande; • paar (twee volwassenen. Inkomenshoogte We brengen de inkomenseffecten in beeld voor huishoudens met inkomens van 100, 110, 120, 130 en 140 procent wettelijk sociaal minimum (Wsm)2. Daarnaast berekenen we de inkomenseffecten voor huishoudens die al langer dan drie jaar een inkomen van 100 procent Wsm hebben (langdurige minima).
1.1.2. Opbouw totaal inkomen Het totaal inkomen van de minimahuishoudens is opgebouwd uit: • netto-inkomen inclusief vakantietoeslag 3; • bijdrage Rijk: o huurtoeslag; o zorgtoeslag o kinderbijslag; o kindgebonden budget; o combinatiekorting. • gemeentelijke minimaregelingen. Gebruik en effect van gemeentelijke minimaregelingen In deze rapportage berekenen wij de inkomenseffecten van de verschillende huishoudens wanneer zij gebruikmaken van alle beschikbare gemeentelijke regelingen. In de praktijk is de ervaring echter dat huishoudens niet of gedeeltelijk gebruik maken van de regelingen. In werkelijkheid zal het budget na alle uitgaven waarschijnlijk vaak lager uitvallen. Ter vergelijking geven wij daarom ook de inkomenseffecten weer wanneer de voorbeeldhuishoudens van geen enkele gemeentelijke regeling gebruikmaken.
2 Volgens de Rijksoverheid is het sociaal minimum een bedrag dat iemand minimaal nodig heeft om van te
leven. Elk halfjaar wordt het sociaal minimum door de overheid opnieuw bepaald. Dit bedrag hangt af van leeftijd en leefsituatie. Het sociaal minimum wordt ook wel het bestaansminimum genoemd. 3 Deze bedragen zijn gebaseerd op de hoogte van de bijstandsuitkering per 1 januari 2024. Per 1 juli 2024 zijn de bedragen verhoogd als gevolg van de halfjaarlijkse bijstelling. Op moment van schrijven van dit rapport golden de bedragen van 1 januari 2024.
5
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Specificatie gemeentelijke minimaregelingen4 In de onderstaande tabel volgt een overzicht van de gemeentelijke minimaregelingen in 2023. In bijlage 1 worden deze regelingen verder toegelicht. Tabel 1.1.1 Gemeentelijke minimaregelingen in Ridderkerk Regelingen opgenomen in begrotingen Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag Bijzondere bijstand voor eigen risico zorgverzekering Meedoenregeling/Ridderkerkpas (volwassenen) Kindpakket/Ridderkerkpas Energietoeslag Regelingen niet opgenomen in begrotingen Bijzondere bijstand Studietoeslag
Inkomensgrens 2024 100% Wsm 130% Wsm 110% Wsm 110% Wsm 110% Wsm 110% Wsm 120% Wsm 110% Wsm Situatieafhankelijk
Niet meegenomen regelingen Een aantal regelingen wordt niet meegenomen in de berekeningen en begrotingen. In de meeste gevallen gaat het om een regeling die incidenteel wordt verstrekt of een beperkte doelgroep heeft. Hieronder staat beschreven wat de precieze reden is dat de regeling niet is meegenomen. • De bijzondere bijstand is niet meegenomen in de berekeningen omdat deze vorm van bijstand wordt verstrekt voor noodzakelijke onvermijdbare individuele uitgaven en dit niet maandelijks bij iedereen voorkomt. • De studietoeslag is eveneens niet doorgerekend in de financiële overzichten. Deze regeling kent een specifieke doelgroep; studenten met een lichamelijke of psychische beperking, die niet in staat zijn naast hun te studie werken. In deze inkomenseffectrapportage is geen huishouden opgenomen waarbij deze regeling van toepassing is.
1.1.3. Uitgaven De uitgaven zijn gecategoriseerd naar basisuitgaven en kosten voor participatie. De basisuitgaven bestaan uit:: • •
• •
vaste lasten. Dit zijn uitgaven die regelmatig terugkomen. Voorbeelden zijn huur, energiekosten 5 en verzekeringen; reserveringsuitgaven. Dit zijn uitgaven die niet regelmatig voorkomen en waarvan de hoogte vooraf niet bekend is. Er moet in principe een bedrag voor gereserveerd worden. Voorbeelden zijn kosten voor inventaris, kleding en het eigen risico voor de zorgverzekering; huishoudelijke uitgaven. Dit zijn terugkerende uitgaven aan voeding, persoonlijke verzorging en dergelijke; werkgerelateerde uitgaven. Dit zijn uitgaven die gemaakt worden als een persoon werkt. Voorbeelden zijn de kosten van woon-werkverkeer en werkkleding;
Naast de basisuitgaven worden kosten voor sociale participatie meegenomen: • Dit bedrag in de begroting kan worden uitgegeven aan sociale en recreatieve activiteiten, oftewel: kosten voor meedoen aan de samenleving6. 4 In bijlage 1 staan de voorwaarden en vergoedingen per regeling beschreven. 5
Kosten gas en elektriciteit zijn gebaseerd op tarieven van Budget Energie, (pakket Europese Groene Stroom en Aardgas), de kosten voor water op de tarieven van Oasen. Heffingskortingen zijn in de maandprijs verrekend. Gegevens over het gemiddelde gebruik per huishoudtype zijn afkomstig van het Nibud (water en gas) en Essent (elektriciteit). 6 Voor deze kosten is eveneens uitgegaan van het normbedrag dat het Nibud per huishoudtype hanteert.
6
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Voor de uitgaven7 is waar mogelijk uitgegaan van lokale tarieven. Voorbeelden hiervan zijn de huur en lokale heffingen. De andere bedragen zijn gebaseerd op landelijke berekeningen van het Nibud. De normbedragen staan per huishoudtype in het financieel maandoverzicht in bijlage 2.
1.1.4. Aannames Algemeen Voor de inkomsten en uitgaven doen we de volgende aannames: • De huishoudens maken van alle lokale regelingen gebruik en ontvangen daarvoor het maximale bedrag. Eveneens ontvangen ze alle landelijke toeslagen waar ze recht op hebben. Daarnaast doen we de aanname dat huishoudens geen schulden hebben. • Bij de inkomenseffecten wordt uitgegaan van gemiddelden per huishoudtype. Dit betekent ook dat een ongunstige situatie, bijvoorbeeld een hogere huurprijs of een slecht geïsoleerd huis, direct gevolgen kan hebben voor de inkomenseffecten zoals in dit rapport zijn weergegeven. • Het vermogen van de huishoudens ligt binnen de grenzen van de Participatiewet 8; • Iedereen woont in een huurwoning. We gaan uit van € 613 kale huur per maand voor een alleenstaande en € 659 kale huur per maand voor een meerpersoonshuishouden. Deze bedragen zijn gebaseerd op huurtoeslaggegevens van de Rijksoverheid over de gemeente Ridderkerk. • Huishoudens in de bijstand werken niet, en hebben daarom geen werkgerelateerde kosten. Bij een inkomen vanaf 110 procent Wsm werkt één persoon in het huishouden, en is er wel sprake van deze kosten. Gemeentelijke regelingen • • •
•
De individuele inkomenstoeslag wordt (alleen) toegekend aan het voorbeeldhuishouden dat drie jaar of langer een minimuminkomen heeft. Dit is een aparte kolom in de begrotingen. De gemeente Ridderkerk biedt via DSW en CZ collectieve zorgverzekeringspakketten aan. De meeste minima hebben het pakket van CZ (Zorg-op-maatpolis met Gemeenten extra) afgesloten. Deze premie wordt daarom doorgerekend in de begrotingen. Huishoudens met een inkomen van 140 procent Wsm sluiten een reguliere zorgverzekering af. Hiervoor is een gemiddeld premiebedrag (€ 164) berekend van zes grote zorgverzekeraars9. AOW-gerechtigden maken gebruik van een meer uitgebreide verzekering (€ 198)10. De aanname geldt dat huishoudens zorgkosten hebben en hun wettelijke eigen risico gebruiken. Het bedrag (€ 385 per persoon) wordt over het hele jaar gespreid en in de inkomenseffectrapportage wordt een bedrag per maand doorgerekend in de reserveringsuitgaven. De gemeente Ridderkerk vergoedt het eigen risico volledig voor inwoners die zijn verzekerd via de zorgpolis van de gemeente met de hoogste aanvullende verzekering. Inwoners die het volledige eigen risico gebruiken maar geen gebruikmaken van dit pakket kunnen hiervoor ondersteuning krijgen in de vorm van bijzondere bijstand. In dit geval wordt maximaal €200 vergoed.
In de inkomenseffectrapportage wordt de vergoeding voor het eigen risico vanuit de bijzondere bijstand (€ 200) doorgerekend omdat de meeste minimahuishoudens gebruikmaken van CZ met Gemeenten Extra.
7
We benadrukken dat de normbedragen gemiddelden betreffen. Het is mogelijk dat een huishouden maandelijks minder uitgeeft dan de normbedragen waarmee in deze rapportage wordt gerekend, bijvoorbeeld omdat het huishouden minder geld per maand reserveert voor onregelmatige uitgaven. 8 Die vermogensgrens is € 15.150 voor paren, een gezin of alleenstaande ouder en € 7.575 voor een alleenstaande. 9 Het gaat om een basisverzekering met € 385 aan wettelijk eigen risico. Binnen de aanvullende verzekering vallen in ieder geval negen fysiobehandelingen en een basis tandverzekering. 10 Het gaat om een basisverzekering met een uitgebreidere aanvullende verzekering en tandverzekering. Daarnaast kunnen inwoners in ieder ziekenhuis terecht.
7
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Opvang en BSO •
•
Alleenstaande ouders met een inkomen gelijk aan de bijstandsnorm werken niet of zitten in een traject waarbij de kinderopvang wordt vergoed. Voor alleenstaande ouders met een inkomen van 110 procent Wsm of hoger zal het 8-jarige kind naar de BSO gaan zodat de ouder kan werken. Daarbij gaan we uit van de volgende uren en tarieven: o Inkomen van 110 en 120 procent Wsm: twee dagdelen van 4 uur BSO per week voor het 8-jarige kind tegen een tarief van € 9,12 (maximum uurprijs 2024). o Inkomen van 130 procent Wsm: drie dagdelen van 4 uur BSO per week voor het 8-jarig kind tegen een tarief van € 9,12 (maximum uurprijs 2024). Bij een paar met twee kinderen met een inkomen hoger dan 100 procent Wsm werkt slechts één van beide partners. Anders is het huishoudinkomen hoger. We gaan ervan uit dat deze huishoudens geen dagopvang en BSO nodig hebben, omdat één van beide partners thuis is voor de kinderen. Dit is eveneens waarom een paar met kinderen geen combinatiekorting krijgt bij werkaanvaarding.
1.1.5. Tegemoetkoming in de energiekosten Wegens sterk stijgende energiekosten heeft het Rijk in 2022 een energietoeslag geïntroduceerd. Hiervoor is een bedrag van € 1.300 per huishouden gereserveerd waarbij de gemeente de precieze beleidskaders zelf mag vaststellen. In 2023 wordt de energietoeslag opnieuw uitgekeerd aan minimahuishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm. De energietoeslag uit 2023 kan in de gemeente Ridderkerk nog tot 30 juni 2024 worden aangevraagd. De energietoeslag is daarom meegenomen in de berekeningen, maar omdat het om een tijdelijke regeling gaat laten wij ook het budget zien dat overblijft zonder de energietoeslag. In de figuren is te zien dat de invloed van de energietoeslag relatief groot is (€ 108 per maand). Het is belangrijk om hierbij te realiseren dat deze toeslag geen blijvende vergoeding is.
1.1.6. Kanttekening Bij een doorrekening die gestoeld is op een aantal aannames, behoort ook een kanttekening. De uitgaven betreffen de minimale bedragen die huishoudens nodig hebben om in bepaalde kosten te kunnen voorzien. Het is mogelijk dat een huishouden maandelijks meer (of minder) uitgeeft dan de (norm)bedragen waarmee in deze rapportage wordt gerekend, bijvoorbeeld omdat het huishouden een ander bedrag per maand reserveert voor onregelmatige uitgaven. Individuele situaties kunnen daarom afwijken van de begrotingen zoals opgenomen in deze rapportage.
8
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
1.2. Inkomenseffecten In deze paragraaf gaan we per voorbeeldhuishouden in op het effect van inkomensverhoging voor huishoudens in 2024; wat gebeurt er als iemand vanuit de bijstand gaat werken tegen een loon van 110 tot maximaal 140 procent Wsm? Daarbij kijken we naar het budget dat maandelijks overblijft na het doen van de basisuitgaven en uitgaven voor participatie; kunnen huishoudens rondkomen? Daarnaast is de invloed van het gebruik van landelijke en gemeentelijke regelingen te zien11. In bijlage 2 staan de volledige begrotingen per voorbeeldhuishouden.
1.2.1. Alleenstaande
Budget na uitgaven: alleenstaande Geen gebruik gemeentelijke regelingen Gebruik gemeentelijke regelingen zonder energietoeslag Volledig gebruik gemeentelijke regelingen € 800 € 600
€ 430€ 430 € 430 € 400
€ 315
€ 199
€ 200
€ 91
€ 220 € 111 € 50
€ 301€ 330€ 330
€ 178€ 207
€€ -9 € -200 100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Alleenstaanden hebben na hun basisuitgaven voldoende geld over om uit te geven aan participatie; als zij gebruikmaken van alle regelingen én ze besteden maandelijks het normbedrag van € 117 aan participatie dan hebben zij bij een inkomen tot 100 procent Wsm € 199 per maand over. Als de energietoeslag niet meegerekend wordt, is dit bedrag aanzienlijk lager; dan houden zij namelijk € 91 over. Zonder het gebruik van gemeentelijke regelingen zouden alleenstaanden met een inkomen tot 100 procent Wsm onvoldoende budget hebben om alle maandelijkse uitgaven (inclusief uitgaven op het gebied van participatie) te kunnen betalen. Daarnaast loont het voor alleenstaanden om vanuit de bijstand te gaan werken; zij houden dan meer geld over dan wanneer zij in de bijstand zitten. Hier is zowel sprake van wanneer zij geen gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen als wanneer ze dit wel doen. Verder loont het voor alleenstaanden om telkens meer te gaan werken. De loonstijging vangt het wegvallen van landelijke en gemeentelijke regelingen op.
11 De uitsplitsing van de gemeentelijke bijdragen per huishoudtype is weergegeven in bijlage 3.
9
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Leeswijzer tabel: het huishouden heeft inkomsten uit uitkering of werk, aangevuld met maximale landelijke toeslagen en gemeentelijke regelingen. Hiervan trekken we de uitgaven af; basisuitgaven en uitgaven voor sociale participatie. Dit leidt uiteindelijk tot een resterend maandbudget. De onderste regel laat zien hoeveel budget overblijft als het huishouden van geen enkele gemeentelijke regeling gebruikmaakt.
Inkomsten uitkering of werk Bedrag landelijke regelingen Bedrag gemeentelijke regelingen Basisuitgaven Uitgaven participatie Budget na alle uitgaven Budget bij geen gebruik gemeentelijke regelingen
100%
110%
120%
130%
140%
1.284 488 208 1.664 117 199
1.412 488 170 1.734 117 220
1.541 488 137 1.734 117 315
1.669 483 29 1.734 117 330
1.797 449 0 1.699 117 430
100% >3 jaar 1.284 488 247 1.664 117 238
-9
50
178
301
430
-9
Uitgelicht: voorbeeldcasus van een alleenstaande Bijstandsuitkering Hilda is alleenstaand. Zij krijgt een bijstandsuitkering, wat neerkomt op een netto-inkomen van € 1.284 per maand (dit is inclusief vakantietoeslag). Zij heeft maandelijks recht op € 488 aan toeslagen van het Rijk. Voor Hilda bestaat dit uit huurtoeslag en zorgtoeslag. Tot slot kan Hilda rekenen op een financiële bijdrage vanuit de gemeente van € 208 per maand. Dit bestaat uit de kwijtschelding voor gemeentelijke belastingen, de korting op de Gemeentelijke zorgpolis, de tegemoetkoming eigen risico, de meedoenregeling voor volwassenen en de Energietoeslag. Naast deze inkomsten heeft zij natuurlijk verschillende uitgaven; basisuitgaven van € 1.664 per maand en uitgaven om mee te doen in de samenleving van € 117 per maand. Als alle inkomsten binnen zijn en de uitgaven zijn gedaan dan houdt zij maandelijks nog € 199 over. Stel Hilde ontvangt geen energietoeslag, dan houdt zij aan het eind van de maand € 91 over. Maakt zij echter van geen enkele gemeentelijke regeling gebruik, dan zou ze € 9 tekortkomen in haar maandbegroting. 110 procent Wsm Als Hilda werk krijgt tegen een loon van 110 procent Wsm, dan stijgt haar netto-inkomen naar € 1.412 per maand. Zij houdt recht op huurtoeslag en zorgtoeslag en deze bedragen blijven onveranderd, dus € 488 per maand.
Het recht op de kwijtschelding van gemeentelijke heffingen vervalt, maar Hilda behoudt het recht op de andere minimaregelingen, een totaalbedrag van € 170. Haar uitgaven stijgen licht door werk gerelateerde kosten die zij nu moet maken. In totaal houdt zij, na alle uitgaven, maandelijks € 220 over. Wanneer zij geen energietoeslag ontvangt, houdt zij € 111 over en stel, Hilda maakt helemaal geen gebruik van de gemeentelijke regelingen, dan houdt zij € 50 per maand over.
10
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
1.2.2. Paar zonder kinderen
Budget na uitgaven: paar zonder kinderen Geen gebruik gemeentelijke regelingen
Gebruik gemeentelijke regelingen zonder energietoeslag Volledig gebruik gemeentelijke regelingen € 800 € 600 € 400 € 200
€ 319
€ 186 € 78
€ 243 € 135
€ 210 € 153
€ 366€ 366 € 366 € 287€ 287 € 229
€ 12
€-
€ -200
€ -102 100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Paren zonder kinderen hebben, indien zij gebruikmaken van alle regelingen, na de basisuitgaven genoeg geld over om te voldoen aan het normbedrag voor de uitgaven van participatiekosten (€ 191). Als dit huishouden in een bijstandssituatie van geen enkele regeling gebruik zou maken dan leidt dit tot een tekort van € 102 per maand na het doen van zowel de basis als participatie uitgaven. De gemeentelijke regelingen zijn dus essentieel voor deze huishoudens als zij alle kosten willen betalen in de bijstandssituatie. Voor paren zonder kinderen loont het om te werken vanuit de bijstand tegen een inkomen van 110 tot 140 procent Wsm. Huishoudens die gebruikmaken van alle regelingen ervaren echter een achteruitgang in het maandelijkse budget wanneer hun inkomen stijgt van 120 procent Wsm naar 130 procent Wsm. Dit heeft te maken met het wegvallen van de gemeentelijke regelingen: waar het huishouden bij een inkomen tot 120 procent Wsm nog € 166 vanuit de regelingen kon ontvangen, is dat bij 130 procent € 57. De energietoeslag maakt hierbij een aanzienlijk verschil: als deze niet wordt meegerekend neemt het maandelijkse budget stapsgewijs toe. 100%
110%
120%
130%
140%
Inkomsten uitkering of werk Bedrag landelijke regelingen Bedrag gemeentelijke regelingen Basisuitgaven Uitgaven participatie Budget na alle uitgaven
1.834 625 288 2.370 191 186
2.017 625 232 2.440 191 243
2.201 583 166 2.440 191 319
2.384 476 57 2.440 191 287
2.568 360 0 2.371 191 366
100% >3 jaar 1.834 625 347 2.370 191 245
Budget bij geen gebruik gemeentelijke regelingen
-102
12
153
229
366
-102
11
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
1.2.3. Alleenstaande ouder met kinderen van 8 en 13 jaar
Budget na uitgaven: alleenstaande ouder Geen gebruik gemeentelijke regelingen
Gebruik gemeentelijke regelingen zonder energietoeslag Volledig gebruik gemeentelijke regelingen € 800
€ 719 € 719 € 719
€ 600
€ 517
€ 408 € 400
€ 200
€ 201
€ 559
€ 508
€ 551
€ 579€ 579
€ 451 € 422
€ 400 € 249
€0 100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Een alleenstaande ouder met twee kinderen van 3 en 13 jaar heeft zowel met als zonder het gebruik van gemeentelijke regelingen maandelijks voldoende geld om alle uitgaven, inclusief uitgaven op het gebied van participatie, te kunnen doen. Huishoudens die gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen houden maandelijks een aanzienlijk hoger bedrag over dan huishoudens die dit niet doen. Een bijstandsgerechtigde die van alle gemeentelijke regelingen gebruikmaakt, heeft € 316 meer te besteden dan een bijstandsgerechtigde die van geen enkele gemeentelijke regeling gebruikmaakt. Voor alleenstaande ouders die gebruikmaken van alle regelingen loont het niet om vanuit de bijstand te gaan werken tegen een inkomen van 110 procent Wsm. Als zij in beide gevallen gebruikmaken van alle gemeentelijke regelingen (exclusief de energietoeslag) vallen zij van € 408 terug naar € 400; zij ervaren een terugval in hun budget. Bij een loon hoger dan 110 procent Wsm loont het wel om vanuit de bijstand te gaan werken; het maandelijkse budget neemt voor hen toe. De landelijke toeslagen stijgen door belastingvoordeel. Waar een alleenstaande ouder op bijstandsniveau € 1.517 van het Rijk krijgt, is dat bij 140 procent Wsm € 1.575.
Inkomsten uitkering of werk Bedrag landelijke regelingen Bedrag gemeentelijke regelingen Basisuitgaven Uitgaven participatie Budget na alle uitgaven Budget bij geen gebruik gemeentelijke regelingen
100%
110%
120%
130%
140%
1.284 1.517 316 2.350 250 517
1.412 1.558 259 2.471 250 508
1.541 1.564 137 2.432 250 559
1.669 1.570 29 2.438 250 579
1.797 1.575 0 2.404 250 719
100% >3 jaar 1.284 1.517 366 2.350 250 567
201
249
422
551
719
201
12
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
1.2.4. Paar met kinderen van 8 en 13 jaar
Budget na uitgaven: paar met kinderen Geen gebruik gemeentelijke regelingen
Gebruik gemeentelijke regelingen zonder energietoeslag Volledig gebruik gemeentelijke regelingen
€ 700
€ 500 € 330 € 300
€ 221
€ 279
€ 373 € 265 € 207
€ 419 € 419€ 419 € 340€ 340 € 283
€ 66
€ 100
€ -100
€ 387
€ -47 100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Een paar met kinderen van 8 en 13 jaar heeft na de basisuitgaven nog voldoende budget over om uit te geven aan participatie. Als zij gebruikmaken van alle regelingen én ze besteden maandelijks het normbedrag van € 325 aan participatie, dan hebben zij € 330 over. Zonder het gebruik van gemeentelijke regelingen zou dit huishoudtype niet rond kunnen komen: in dit geval zouden zij € 47 tekort komen. De gemeentelijke regelingen zijn dus essentieel voor dit huishouden om rond te komen. Werken vanuit de bijstand tegen een inkomen van 110 procent Wsm zorgt voor een stijging in het maandelijkse budget. Werken tegen een inkomen van 120 procent Wsm levert echter minder budget op dan werken tegen een inkomen van 110 procent Wsm, als het paar met kinderen van alle regelingen gebruikmaakt (dit geldt ook voor een inkomensniveau van 130 procent Wsm als men gebruikmaakt van de energietoeslag). Ook hier heeft het te maken met het wegvallen van de gemeentelijke regelingen. Paren met kinderen hebben bij een inkomen van 110 procent Wsm recht op € 321 aan gemeentelijke bijdragen. Wanneer het inkomen stijgt naar 120 procent Wsm daalt deze bijdrage € 166 en bij een inkomen van 130 procent daalt dit verder naar € 57. Paren met kinderen van 8 en 13 jaar die geen gebruik maken van de gemeentelijke regelingen gaan er stapsgewijs op vooruit wanneer zij (meer) gaan werken.
Inkomsten uitkering of werk Bedrag landelijke regelingen Bedrag gemeentelijke regelingen Basisuitgaven Uitgaven participatie Budget na alle uitgaven Budget bij geen gebruik gemeentelijke regelingen
100%
110%
120%
130%
140%
1.834 1.340 377 2.897 325 330
2.017 1.340 321 2.967 325 387
2.201 1.298 166 2.967 325 373
2.384 1.190 57 2.967 325 340
2.568 1.074 0 2.898 325 419
100% >3 jaar 1.834 1.340 437 2.897 325 389
-47
66
207
283
419
-47
13
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Uitgelicht: voorbeeldcasus van een paar met twee kinderen Bijstandsuitkering Sam en Rosanne hebben twee kinderen van 8 en 13 jaar en ze krijgen een bijstandsuitkering, wat neerkomt op een netto-inkomen van € 1.834 per maand (dit is inclusief vakantietoeslag). Ze hebben maandelijks recht op € 1.340 aan toeslagen van het Rijk, bestaande uit huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderbijslag. Tot slot kunnen ze een financiële bijdrage vanuit de gemeente van € 377 per maand ontvangen. Dit bestaat uit de kwijtschelding voor gemeentelijke belastingen, de korting op de Gemeentelijke zorgpolis, de tegemoetkoming eigen risico, de meedoenregeling voor volwassenen, het kindpakket en de Energietoeslag. Naast deze inkomsten hebben zij natuurlijk verschillende uitgaven; basisuitgaven van € 2.897 per maand en uitgaven om mee te doen in de samenleving van € 325 per maand. Als alle inkomsten binnen zijn en de uitgaven zijn gedaan dan houden zij maandelijks € 330 over. Maakt dit gezin echter van geen enkele gemeentelijke regeling gebruik, dan komen zij maandelijks € 47 tekort. 140 procent Wsm Als Sam of Rosanne werk krijgt tegen een loon van 140 procent Wsm, dan stijgt het nettoinkomen van het huishouden naar € 2.568 per maand. Ze behouden het recht op huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderbijslag, maar de huurtoeslag en de zorgtoeslag zijn lager.
Totaal ontvangen zij nu € 1.074 aan toeslagen van het Rijk per maand. Het recht op alle gemeentelijke regelingen vervalt. De uitgaven stijgen licht door werk gerelateerde kosten die zij nu moeten maken. Deze daling in gemeentelijke en landelijke bijdragen en de stijging in maandelijkse kosten worden echter voldoende gecompenseerd door de stijging in het inkomen. In totaal houdt dit voorbeeldhuishouden, na alle uitgaven, maandelijks € 419 over. Dit is € 79 meer dan wanneer het huishouden tegen een inkomen van 130 procent zou werken.
14
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
1.2.5. Alleenstaande AOW-leeftijd
Budget na uitgaven: alleenstaande AOW-leeftijd Geen gebruik gemeentelijke regelingen
Gebruik gemeentelijke regelingen zonder energietoeslag Volledig gebruik gemeentelijke regelingen € 800
€ 600
€ 505 € 432
€ 400
€ 328 € 219
€ 200
€ 324 € 262
€ 397 € 368
€ 478 € 478 € 450
€ 508 € 508 € 508
€ 120
€0 100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Alleenstaanden met de AOW-leeftijd hebben na hun basisuitgaven voldoende geld over om uit te geven aan participatie. Natuurlijk leidt het gebruiken van de gemeentelijke regelingen tot een hoger budget dan het niet gebruiken van de regelingen, op bijstandsniveau loopt dit verschil op tot € 208 (zonder energietoeslag: € 99). Een alleenstaande AOW’er houdt op een inkomen van 120 procent Wsm maandelijks een hoger budget over dan met een inkomen tot 130 procent Wsm (wanneer dit huishouden van alle gemeentelijke regelingen gebruikmaakt). Hier is geen sprake van wanneer de energietoeslag niet wordt meegerekend, in dit geval neemt het maandelijkse budget stapsgewijs toe. Dit geldt ook als het huishouden geen gebruikmaakt van de gemeentelijke regelingen.
Inkomsten uitkering en/of pensioen Bedrag landelijke regelingen Bedrag gemeentelijke regelingen Basisuitgaven Uitgaven participatie Budget na alle uitgaven Budget bij geen gebruik gemeentelijke regelingen
100% 1.426 490 208 1.685 111 328
110% 1.568 490 170 1.685 111 432
120% 1.711 453 137 1.685 111 505
130% 1.853 392 29 1.685 111 478
140% 1.996 308 0 1.685 111 508
120
262
368
450
508
15
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
1.2.6. Paar AOW-leeftijd
Budget na uitgaven: paar AOW-leeftijd Geen gebruik gemeentelijke regelingen
Gebruik gemeentelijke regelingen zonder energietoeslag Volledig gebruik gemeentelijke regelingen € 800
€ 552 € 552€ 552
€ 600
€ 490 € 415
€ 400 € 295
€ 187
€ 200
€ 307
€ 498€ 498 € 441
€ 382 € 325
€ 183
€7 €0 100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Paren met de AOW-leeftijd hebben na de basisuitgaven genoeg geld over om te voldoen aan het normbedrag van participatiekosten (€ 179). Huishoudens die gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen hebben maandelijks een aanzienlijk hoger budget over dan huishoudens die dit niet doen (een verschil van € 288). Voor huishoudens die geen gebruikmaken van de energietoeslag is dit verschil kleiner: € 180. Verder geldt dat paren met de AOW-leeftijd die op een hoger inkomensniveau zitten ook een hoger budget na alle uitgaven overhouden. Het wegvallen van landelijke en gemeentelijke regelingen bij een hoger inkomen wordt voldoende opgevangen. Wanneer paren met de AOWleeftijd geen gebruik maken van de gemeentelijke regelingen (en wel de uitgaven van participatie betalen), hebben zij alsnog voldoende budget. De gemeentelijke regelingen zorgen voor extra budget.
Inkomsten uitkering en/of pensioen Bedrag landelijke regelingen Bedrag gemeentelijke regelingen Basisuitgaven Uitgaven participatie Budget na alle uitgaven Budget bij geen gebruik gemeentelijke regelingen
100% 1.932 632 288 2.378 179 295
110% 2.126 615 232 2.378 179 415
120% 2.319 563 166 2.378 179 490
130% 2.512 486 57 2.378 179 498
140% 2.705 404 0 2.378 179 552
7
183
325
441
552
16
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
1.3. Vergelijking inkomenseffecten 2023 - 2024 In 2023 zijn de inkomenseffecten van de inwoners van Ridderkerk ook berekend voor de inkomensniveaus van 100 tot en met 140 procent Wsm. De belangrijkste verschillen ten opzichte van 2023 zijn als volgt: • • •
•
De bedragen van de individuele inkomenstoeslag zijn verhoogd. Afhankelijk van het huishoudtype zijn deze met € 21 tot maximaal € 31 toegenomen. De tarieven van de kwijtschelding gemeentelijke belastingen en de waterschapsbelasting zijn gewijzigd. De landelijke bijdragen zijn verhoogd. Hierbij gaat het met name om de huurtoeslag en het kindgebonden budget. Het kindgebonden budget dat een alleenstaande ouder met twee kinderen kan ontvangen is bijvoorbeeld gestegen van € 608 in 2023 naar € 753 in 2024. Het bedrag dat een huishouden aan zorgtoeslag kan ontvangen is daarentegen gedaald. De bedragen van de bijstandsuitkering zijn toegenomen.
Als de inkomenseffecten naast elkaar worden gelegd valt het volgende op: •
• •
De bijdrage vanuit de gemeentelijke regelingen is ten opzichte van 2023 voor alle huishoudens toegenomen. De verschillen zijn echter in de meeste gevallen niet groot. De landelijke bijdrage is in de meeste gevallen ook toegenomen. De kosten van levensonderhoud zijn eveneens gestegen. Over het algemeen zien wij echter dat de meeste huishoudens er op vooruit zijn gegaan sinds de laatste meting: ze houden na de basis- en participatie uitgaven meer budget over aan het andere van de maand dan ze vorig jaar deden. Paren met kinderen ervaren procentueel gezien de grootste toename in het budget. Dit heeft te maken met de bijdragen vanuit het Rijk. Net als in 2023 ervaren sommige huishoudens een terugval in hun bestedingsruimte tussen 120 en 130 procent Wsm. Dit heeft onder meer te maken met het wegvallen van de energietoeslag; in combinatie met een daling van landelijke toeslagen kan dit niet altijd worden opgevangen door de inkomensstijging.
17
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Bijlage 1. Overzicht minimaregelingen Tabel B1.1 Gemeentelijke minimaregelingen in Ridderkerk Inkomensgrens Soort regeling t.o.v. Wsm Individuele bijzondere bijstand
Tot 110% Wsm
(Maximaal) bedrag Individuele vergoedingen Afvalstoffenheffing: Alleenstaande: € 278,72 Meerpersoons: € 374,84
Kwijtschelding van gemeentelijke belastingen
Individuele inkomenstoeslag
Rioolheffing: € 107,64 per woning Tot 100% Wsm Watersysteemheffing: € 123,31 per huishouden
Minimaal 3 jaar tot 110% Wsm
Zuiveringsheffing: € 78,59 voor eenpersoonshuishouden € 235,77 meerpersoonshuishouden Alleenstaande: € 471 Alleenstaande ouder: € 601 Paar: € 713 Keuze uit twee pakketten: DSW: Basis + AV Standaard: € 157,25 i.p.v. 184,75 Basis + AV Top (inclusief wettelijk eigen risico van €375,-): € 187 i.p.v. € 204,50
Collectieve zorgverzekering (via CZ of DSW)
Tot 130% Wsm
Bijzondere bijstand eigen risico zorgverzekering
Tot 110% Wsm
Meedoenregeling / Ridderkerkpas
Tot 110% Wsm
€ 195 per persoon
Kindpakket / Ridderkerkpas
Tot 110% Wsm
€ 240,00 per kind van 0 tot en met 3 jaar. € 418,00 per kind van 4 tot en met 10 jaar. € 656,00 per kind van 11 tot en met 17 jaar.
Energietoeslag
Tot 120% Wsm
€ 1.300 per huishouden
18
CZ: Basis + AV gemeenten extra: € 169,58 i.p.v. € 198,25 Basis + AV gemeenten extra uitgebreid (inclusief wettelijk eigen risico van € 385,00): € 190,23 i.p.v. € 209,70 € 200 per persoon bij volledig gebruik eigen risico (voor huishoudens niet het meest uitgebreide pakket van de collectieve zorgverzekering benutten).
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Bijlage 2. Financieel maandoverzicht In deze bijlage staat per huishoudtype het financieel maandoverzicht. De tabellen geven een overzicht van de maandelijkse inkomsten en uitgaven, bij gebruikmaking van alle landelijke en lokale regelingen. De bedragen die horen bij de huishoudelijke uitgaven en reserveringsuitgaven zijn afkomstig van het Nibud. Tabel B2.1 Alleenstaande zonder kinderen, niet AOW-gerechtigd Categorie
100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
>3 jaar 100% Wsm
Inkomsten Netto inkomen incl. vakantietoeslag (VT)
1.284
1.412
1.541
1.669
1.797
1.284
Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk
365 123 488
365 123 488
365 123 488
360 123 483
326 123 449
365 123 488
Totaal inkomsten
1.772
1.900
2.029
2.152
2.246
1.772
Uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en kabel Gemeentelijke heffingen (collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven Totaal uitgaven
613 178 63 49 198 23 20 215 305 0 1.664
613 178 63 49 198 23 20 215 305 70 1.734
613 178 63 49 198 23 20 215 305 70 1.734
613 178 63 49 198 23 20 215 305 70 1.734
613 178 63 49 164 23 20 215 305 70 1.699
613 178 63 49 198 23 20 215 305 0 1.664
Budget exclusief regelingen gemeente
108
167
295
418
547
108
38
0
0
0
0
38
29 0
29 0
29 0
29 0
0 0
29 39
Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke heffingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten Meedoenregeling (Ridderkerkpas) Energietoeslag Totaal regelingen gemeente
17
17
0
0
0
17
16 108 208
16 108 170
0 108 137
0 0 29
0 0 0
16 108 247
Budget inclusief regelingen gemeente
316
337
432
447
547
355
Uitgaven participatie Restant
117 199
117 220
117 315
117 330
117 430
117 238
19
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Tabel B2.2 Paar, niet AOW-gerechtigd, geen kinderen Categorie
100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
>3 jaar 100% Wsm
Inkomsten Netto inkomen incl. VT
1.834
2.017
2.201
2.384
2.568
1.834
Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk
389 236 625
389 236 625
366 217 583
303 173 476
231 129 360
389 236 625
Totaal inkomsten
2.459
2.642
2.784
2.860
2.928
2.459
Uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en kabel Gemeentelijke heffingen (collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven Totaal uitgaven
659 214 75 70 397 37 40 326 553 0 2.370
659 214 75 70 397 37 40 326 553 70 2.440
659 214 75 70 397 37 40 326 553 70 2.440
659 214 75 70 397 37 40 326 553 70 2.440
659 214 75 70 328 37 40 326 553 70 2.371
659 214 75 70 397 37 40 326 553 0 2.370
Budget exclusief regelingen gemeente
89
203
344
420
557
89
56
0
0
0
0
56
57 0
57 0
57 0
57 0
0 0
57 59
Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke heffingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten Meedoenregeling (Ridderkerkpas) Energietoeslag Totaal regelingen gemeente
33
33
0
0
0
33
33 108 288
33 108 232
0 108 166
0 0 57
0 0 0
33 108 347
Budget inclusief regelingen gemeente
377
434
510
478
557
436
Uitgaven participatie Restant
191 186
191 243
191 319
191 287
191 366
191 245
20
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Tabel B2.3 Alleenstaande ouder, niet AOW-gerechtigd, met 2 kinderen (8 en 13 jaar)12 Categorie
100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
>3 jaar 100% Wsm
Inkomsten Netto inkomen incl. VT
1.284
1.412
1.541
1.669
1.797
1.284
Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Combinatiekorting Kinderbijslag Kindgebonden budget Totaal bijdragen Rijk
395 123 0 246 753 1.517
395 123 41 246 753 1.558
395 123 47 246 753 1.564
395 123 52 246 753 1.570
395 123 58 246 753 1.575
395 123 0 246 753 1.517
Totaal inkomsten
2.801
2.970
3.104
3.239
3.373
2.801
Uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en kabel Gemeentelijke heffingen (collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Onderwijs Kosten BSO Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven Totaal uitgaven
659 271 75 70 198 29 74 0 53 338 583 0 2.350
659 271 75 70 198 29 74 51 53 338 583 70 2.471
659 271 75 70 198 29 74 12 53 338 583 70 2.432
659 271 75 70 198 29 74 18 53 338 583 70 2.438
659 271 75 70 164 29 74 18 53 338 583 70 2.404
659 271 75 70 198 29 74 0 53 338 583 0 2.350
Budget exclusief regelingen gemeente
451
499
672
801
969
451
56
0
0
0
0
56
29 0
29 0
29 0
29 0
0 0
29 50
Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke heffingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten Meedoenregeling (Ridderkerkpas) Kindregeling (Ridderkerkpas) Energietoeslag Totaal regelingen gemeente
17
17
0
0
0
17
16 90 108 316
16 90 108 259
0 0 108 137
0 0 0 29
0 0 0 0
16 90 108 366
Budget inclusief regelingen gemeente
767
758
809
829
969
817
Uitgaven participatie Restant
250 517
250 508
250 559
250 579
250 719
250 567
12 Bij de kosten BSO is de tegemoetkoming kinderopvang al verrekend.
21
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Tabel B2.4 Paar, niet AOW-gerechtigd, met 2 kinderen (8 en 13 jaar) 100% 110% 120% 130% Categorie Wsm Wsm Wsm Wsm Inkomsten Netto inkomen incl. VT 1.834 2.017 2.201 2.384
140% Wsm
>3 jaar 100% Wsm
2.568
1.834
Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Combinatiekorting Kinderbijslag Kindgebonden budget Totaal bijdragen Rijk
395 236 0 246 463 1.340
395 236 0 246 463 1.340
372 217 0 246 463 1.298
308 173 0 246 463 1.190
237 129 0 246 462 1.074
395 236 0 246 463 1.340
Totaal inkomsten
3.174
3.358
3.499
3.574
3.642
3.174
Uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en kabel Gemeentelijke heffingen (collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Onderwijs Kosten BSO Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Werkgerelateerde uitgaven Totaal uitgaven
659 309 87 70 397 41 74 0 73 453 734 0 2.897
659 309 87 70 397 41 74 0 73 453 734 70 2.967
659 309 87 70 397 41 74 0 73 453 734 70 2.967
659 309 87 70 397 41 74 0 73 453 734 70 2.967
659 309 87 70 328 41 74 0 73 453 734 70 2.898
659 309 87 70 397 41 74 0 73 453 734 0 2.897
Budget exclusief regelingen gemeente
278
391
532
608
744
278
56
0
0
0
0
56
57 0
57 0
57 0
57 0
0 0
57 59
Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke heffingen Korting collectieve zorgverzekering Individuele inkomenstoeslag Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten Meedoenregeling (Ridderkerkpas) Kindregeling (Ridderkerkpas) Energietoeslag Totaal regelingen gemeente
33
33
0
0
0
33
33 90 108 377
33 90 108 321
0 0 108 166
0 0 0 57
0 0 0 0
33 90 108 437
Budget inclusief regelingen gemeente
655
712
698
665
744
714
Uitgaven participatie Restant
325 330
325 387
325 373
325 340
325 419
325 389
22
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Tabel B2.5 Alleenstaande, AOW-gerechtigd Categorie
100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Inkomsten Netto inkomen incl. VT
1.426
1.568
1.711
1.853
1.996
Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk
367 123 490
367 123 490
330 123 453
269 123 392
202 106 308
Totaal inkomsten
1.916
2.058
2.164
2.245
2.304
Uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en kabel Gemeentelijke heffingen (Collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Totaal uitgaven
613 218 63 49 198 14 17 217 296 1.685
613 218 63 49 198 14 17 217 296 1.685
613 218 63 49 198 14 17 217 296 1.685
613 218 63 49 198 14 17 217 296 1.685
613 218 63 49 198 14 17 217 296 1.685
Budget exclusief regelingen gemeente
231
373
479
561
619
38
0
0
0
0
29
29
29
29
0
Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke heffingen Korting collectieve zorgverzekering Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten Meedoenregeling (Ridderkerkpas) Energietoeslag Totaal regelingen gemeente
17
17
0
0
0
16 108 208
16 108 170
0 108 137
0 0 29
0 0 0
Budget inclusief regelingen gemeente
439
543
616
589
619
Uitgaven participatie Restant
111 328
111 432
111 505
111 478
111 508
23
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Tabel B2.6 Paar, AOW-gerechtigd Categorie
100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
140% Wsm
Inkomsten Netto inkomen incl. VT
1.932
2.126
2.319
2.512
2.705
Bijdragen Rijk Huurtoeslag Zorgtoeslag Totaal bijdragen Rijk
396 236 632
396 219 615
371 192 563
322 164 486
268 136 404
Totaal inkomsten
2.564
2.741
2.882
2.998
3.109
Uitgaven Huur Gas, water, elektra Telefoon, internet en kabel Gemeentelijke heffingen (collectieve) zorgverzekering Overige verzekeringen Vervoer Reserveringsuitgaven Huishoudelijke uitgaven Totaal uitgaven
659 262 75 70 397 17 34 328 537 2.378
659 262 75 70 397 17 34 328 537 2.378
659 262 75 70 397 17 34 328 537 2.378
659 262 75 70 397 17 34 328 537 2.378
659 262 75 70 396 17 34 328 537 2.378
Budget exclusief regelingen gemeente
186
362
504
620
731
56
0
0
0
0
57
57
57
57
0
Regelingen gemeente Kwijtschelding gemeentelijke heffingen Korting collectieve zorgverzekering Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten Meedoenregeling (Ridderkerkpas) Energietoeslag Totaal regelingen gemeente
33
33
0
0
0
33 108 288
33 108 232
0 108 166
0 0 57
0 0 0
Budget inclusief regelingen gemeente
474
594
669
677
731
Uitgaven participatie Restant
179 295
179 415
179 490
179 498
179 552
24
Gemeente Ridderkerk
Versie 0.2
Bijlage 3. Uitsplitsing gemeentelijke bijdragen Figuur B3.1. Maandelijkse gemeentelijke bijdrage per huishouden bij een (langdurig) inkomen van 100 procent Wsm.
Maandelijkse gemeentelijke bijdragen Kwijtschelding
Collectieve Zorgverzekering
Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten
Meedoenregeling (Ridderkerkpas)
Kindregeling (Ridderkerkpas)
Energietoeslag
Individuele inkomenstoeslag € 17 Alleenstaande
€ 38€ 29 € 16
€ 56
Paar zonder kinderen
€ 108
€ 39
€ 57 € 33€ 33
€ 108
€ 59
€ 17
€ 56 € 29 € 16
Alleenstaande ouder met kinderen (8 en 13 jaar)
€ 56
Paar met kinderen (8 en 13 jaar)
€ 90
€ 57 € 33€ 33
€ 108
€ 90
€ 50
€ 108
€ 59
€ 17 Alleenstaande AOW-leeftijd
€ 38€ 29 € 16
€ 56
Paar AOW-leeftijd
€0
€ 108
€ 57 € 33€ 33
€ 108
€ 50 € 100 € 150 € 200 € 250 € 300 € 350 € 400 € 450 € 500
25