CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Monitor Woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2024 (30937188.1).pdf

Commissie Samen wonen RK 12 februari 2026, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 10: Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven30.780 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bijlage 4

Foto: Michiel1972 - Eigen werk, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=2136617

Monitor woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2024

Onderzoek en Business Intelligence

Colofon Gemeente Rotterdam, afdeling Onderzoek en Business Intelligence (OBI)

Datum: 12 juni 2025 Auteurs: Matthieu Permentier & Ludo van Dun Vragen: onderzoek@rotterdam.nl 2

Inhoudsopgave

1 Inleiding

4

2 Ontwikkelingen in de regio

5

3 Regiogemeenten onderling vergeleken

14

4 Urgent woningzoekenden: verleende urgentiegronden en geslaagden naar urgentiegrond

28

5 Feitenkaarten per gemeente Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Rotterdam . . . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Ridderkerk . . . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Barendrecht . . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Albrandswaard . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Lansingerland . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Capelle aan den IJssel . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Krimpen aan den IJssel . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Maassluis . . . . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Vlaardingen . . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Schiedam . . . . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Nissewaard . . . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Voorne aan Zee . . . . . . . . . . . . .

35 36 38 40 42 44 46 48 50 52 54 56 58

6 Verhuisbewegingen per regiogemeente

60

7 Tabellenboek

73

8 Afkortingen en definities

100

3

1

Inleiding

In deze rapportage Monitor woonruimtebemiddeling 2024 bespreken we de belangrijkste resultaten van de woonruimteverdeling in de regio Rotterdam (zie figuur 1.1). Het gaat hier over corporatiewoningen tot en met de sociale huurgrens (€879,66) die in het jaar 2024 zijn aangeboden of verhuurd. Middenhuurwoningen en vrije sector huurwoningen vallen dus buiten deze rapportage.1 We kijken in deze rapportage naar de druk op de sociale huurmarkt (slaagkansen en mediane inschrijfduur), de woningvraag en de geslaagden. De cijfers in deze rapportage zijn afkomstig van WoonnetRijnmond en zijn in opdracht van Maaskoepel en de twaalf gemeenten van het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam (SvWrR) door de afdeling Onderzoek en Business Intelligence (OBI) van de gemeente Rotterdam geanalyseerd.2 In hoofdstuk 2 bespreken we de belangrijkste ontwikkelingen in de regio Rotterdam, zoals de druk op de huurmarkt en ontwikkeling van het woningaanbod, woningzoekenden en geslaagden. In hoofdstuk 3 bespreken we deze onderwerpen voor de 12 regiogemeenten. Hoofdstuk 4 bespreekt het onderwerp urgenties. We gaan in op het aantal urgentieaanvragen en -toekenningen en de urgentiegronden van geslaagde urgent woningzoekenden. Hoofdstuk 5 geeft per gemeente de belangrijkste cijfers van de afgelopen jaren. Hoofdstuk 6 toont de verhuisbewegingen per regiogemeente. Hoofdstuk 7 bestaat uit een tabellenbijlage.

Figuur 1.1: Werkingsgebied WoonnetRijnmond, 2024 (gelijk aan werkingsgebied SvWrR)

1 Vanaf het kalenderjaar 2024 worden reactie- en advertentiegegevens van woningen die onder een cluster vallen uitgesloten. Deze woningen werden in het verleden wel meegenomen en werden onder meer via het Wens & Wachtmodel aangeboden. Hierdoor ontstaat er een trendbreuk ten opzichte van eerdere jaren toen reacties op en advertenties van clusterwoningen wel onderdeel van de analyses waren. Verder worden met ingang van kalenderjaar ook geen kamers meegeleverd. 2 Per 1 januari 2023 zijn de gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne samengevoegd tot de gemeente Voorne aan Zee. In de rapportage wordt op het niveau van de gemeente Voorne aan Zee gerapporteerd.

4

2

Ontwikkelingen in de regio

Ontwikkelingen 2024 In tabel 2.1 worden de belangrijkste ontwikkelingen tussen 2023-2024 kort weergegeven. Zowel de woningvraag als het woningaanbod daalt in 2024. De woningverhuur neemt licht toe. Het aantal aanbiedingen in 2024 komt niet overeen met het aantal verhuringen in dat jaar, omdat sommige in 2024 aangeboden woningen pas in 2025 zijn/worden verhuurd en sommige verhuringen in 2024 nog betrekking hadden op een in 2023 aangeboden woning. Tabel 2.1: Ontwikkelingen huurmarkt in één oogopslag Thema

Onderwerp

2019

2020

2021

2022

2023

2024 Verandering ’23-’24

Woningvraag Actief woningzoekenden 90.662 96.711 102.826 102.372 106.261 105.447 Woningaanbod Geadverteerde woningen 10.876 10.638 11.852 11.516 11.440 10.737 Woningverhuur Verhuringen 11.028 10.094 11.380 11.227 11.062 11.122 Druk op de huurmarkt Mediane inschrijfduur 23 maanden 25 maanden 31 maanden 36 maanden 40 maanden 40 maanden Slaagkans 0,7 - 5,7% 0,5 - 4,9% 0,5 - 5,1% 0,5 - 5,1% 0,4 - 4,6% 0,5 - 4,8%

Druk op huurmarkt houdt aan en de slaagkans neemt in acht van de twaalf gemeenten af De gemiddelde slaagkans varieert in de gemeenten in 2024 tussen de 0,5% tot 4,8% (figuur 2.1). De slaagkans ligt in 2024 iets hoger dan in 2023 en duidelijk lager dan in 2019 (voor Voorne aan Zee is dit niet bekend).

5

-0,8% -6,1% +0,5% gelijk gebleven

Figuur 2.1: Slaagkans per regiogemeente 2019-2024 (in %)

Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0% 2019

1%

2%

2020

2021

3% 2022

4% 2023

5%

6%

7%

8%

2024

* Voor Voorne aan Zee zijn enkel gegevens beschikbaar vanaf 2021

Mediane inschrijfduur blijft in 2024 40 maanden Met ingang van de monitor over 2020 rapporteren we de mediane inschrijfduur van de geslaagde reguliere woningzoekenden in plaats van de gemiddelde inschrijfduur. De waarden van deze inschrijfduur zijn namelijk niet gelijkmatig verdeeld en daarom is de mediaan een geschikter centrummaat dan het rekenkundig gemiddelde. De mediaan is de middelste waarde van de getallenreeks. De mediane inschrijfduur rapporteren we voor geslaagde reguliere woningzoekenden. Dit zijn de woningzoekenden, exclusief urgenten, herhuisvestingskandidaten en vergunninghouders, die in 2024 geslaagd zijn via het inschrijfduur-, woningloting-, directkans-, wens & wachtmodel of via directe bemiddeling. Bij de berekening wordt de periode in aantal maanden geteld tussen de datum van inschrijving en de datum waarop de verhuring geregistreerd is. De periode waarin een woningzoekende zelf actief op zoek is, kan korter zijn. Inschrijfduren per gemeente worden pas gerapporteerd wanneer deze berekend zijn over minimaal 5 inschrijfduren. De mediane inschrijfduur van de geslaagde woningzoekenden (exclusief urgent woningzoekenden, herhuisvestingskandidaten en vergunninghouders) bedraagt 40 maanden in 2024 en ligt daarmee gelijk aan de inschrijfduur in 2023 (figuur 2.2). De mediane inschrijfduur nam tussen 2016-2018 af, om daarna te stijgen.

Hierbij moet opgemerkt worden dat sinds 2015 veel veranderingen in de woningbemiddeling hebben plaatsgevonden die mogelijk invloed op de inschrijfduur hebben, zoals de Woningwet van 2015 (passend toewijzen), de nieuwe verordening en jaarlijkse inschrijfkosten van woningzoekenden (vanaf 2015 jaarlijks €10 kosten).

6

Figuur 2.2: Mediane inschrijfduur van geslaagde regulier woningzoekenden 2019-2024 (in maanden) 50

40

40

40

2023

2024

36 31

30 25 23

20

10

0 2019

2020

2021

2022

Als we de inschrijfduur uitsplitsen naar bemiddelingsmodel zien we grote verschillen in inschrijfduur (figuur 2.3). De mediane inschrijfduur van geslaagden via het inschrijfduurmodel (het betreft hier qua aandeel 49% van alle regulier geslaagden) is met 67 maanden veel hoger dan de 19 maanden van de geslaagden via directe bemiddeling (qua aandeel 19% van alle regulier geslaagden). Onder de primaire doelgroep is de inschrijfduur met 30 maanden het laagst en bij de secundaire doelgroep is deze duur met 57 maanden het hoogst en ligt daarmee ook duidelijk hoger dan die van de (in omvang kleine) niet-DAEB groep (figuur 2.3).

Figuur 2.3: Mediane inschrijfduur van geslaagde regulier woningzoekenden naar bemiddelingsmodel en inkomensgroep in 2024 (in maanden) Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep Inschrijfduur

30 57 51 67

Direct kans Loting

23 17

Wens & Wacht Directe bemiddeling

29 19

Totaal

40

0

10

20

30

7

40

50

60

70

Het aantal actief woningzoekenden ligt in 2024 lager dan in 2023 Het aantal actief woningzoekenden naar een sociale huurwoning daalt in 2024 met 814 tot 105.447 (- 1%)(sinds 2019 + 14.785)(figuur 2.4). Gelijktijdig neemt het aantal geslaagde woningzoekenden in 2024 toe tot 11.122, een stijging met 60 vergeleken met 2023 (+1%). Het aandeel geslaagde woningzoekenden is met 10,5% hoger dan in 2023 (10,4%). Figuur 2.4: Aantal actief woningzoekenden en geslaagden en % geslaagden 2019-2024 120.000

18%

100.000 80.000

96.711

90.662

102.826

102.372

106.261

105.447

15% 12%

12% 11%

10%

60.000

11%

10%

11%

9%

40.000

6%

20.000

3%

0

11.028

10.094

11.380

11.227

11.062

11.122

2019

2020

2021

2022

2023

2024

geslaagden

actief woningzoekenden

0%

% percentage geslaagd

Gemiddeld reageren er 443 woningzoekenden op een woningadvertentie De 105.447 actief woningzoekenden plaatsen 3.171.707 reacties (exclusief reacties van urgenten) op 7.202 aangeboden sociale huurwoningen (exclusief de direct bemiddelde woningen). Gemiddeld zijn dat 440 reacties per aangeboden woning. Binnen de Verordening Woonruimtebemiddeling mogen woningzoekenden ook reageren als ze niet voldoen aan alle voorrangscriteria van de advertentie (bijvoorbeeld leeftijd of omvang huishouden). Dit zijn niet-passende reacties. Deze woningzoekenden komen op de kandidatenlijst na woningzoekenden die wel voldoen aan alle voorrangscriteria. Van alle reacties is 12,7% niet-passend en daarmee ligt dit aandeel iets hoger dan in 2023 (12,6%)(tabel 2.2). Tabel 2.2: Passendheid reacties per inschrijfmodel (excl. urgent woningzoekenden en directe bemiddeling) Inschrijfduur Direct kans % passend % niet passend Totaal reacties (excl. urgent)

82% 18% 1.384.035

90% 10%

Loting

Totaal

92% 8%

87% 13%

713.912 1.073.760 3.171.707

8

Minder woningen aangeboden en veranderingen in gebruik van bemiddelingsmodellen In 2024 zijn er 10.737 aangeboden woningen, vergeleken met 2023 een afname met 703 woningen (-6%)(sinds 2019 -1%)(figuur 2.5). Minder dan de helft van de woningen (45%) wordt via het inschrijfduurmodel aangeboden en een derde (33%) via directe bemiddeling. Vergeleken met 2023 is het aandeel bij directe bemiddeling en direct kans toegenomen en de andere modellen afgenomen. Op de lange termijn (2019-2024) neemt het aandeel directe bemiddeling het meest toe (+4%-punt) en daalt het aandeel aangeboden woningen via het inschrijfduurmodel het sterkst (-7%-punt). Figuur 2.5: Aantal aangeboden woningen naar bemiddelingsmodel 2019-2024 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000

248 676 1 106 3 143

333 752 390 797 873

1 273

3 294

382 777

215 1 039

1 210

1 101

3 358

3 243

988 1 350

3 531 3 535

6.000 4.000 5 703

5 335

2019

2020

2.000 0

Inschrijfduur

Directe bemiddeling

6 200

5 789

5 554

2022

2023

Direct kans

Wens & Wacht

2021 Loting

4 864

2024

Aantal en aandeel verhuringen directe bemiddeling neemt toe In 2024 zijn er 11.122 geslaagde woningzoekenden en dat zijn er 60 meer dan in 2023 (+1%)(+1% sinds 2019)(figuur 2.6). Minder dan de helft (44%) van de geslaagde woningzoekenden slaagt via het inschrijfduurmodel en iets minder dan een derde (32%) slaagt via directe bemiddeling. Binnen het stabiel aantal geslaagden sinds 2019 neemt het relatieve belang van directe bemiddeling toe (+3%-punt) en van inschrijfduur af (-7%-punt).

9

Figuur 2.6: Aantal geslaagde woningzoekenden en aantal aangeboden woningen naar bemiddelingsmodel 2019-2024 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000

248 676 1 106 3 143

460 683 1 148

333 752 390 797 873

417 689 940

1 273

3 294 3 143

3 243

6.000

426 687

382 777

1 244

1 210

3 358

3 294

623 681 1 198

215 1 039 1 101

3 358

3 531

5 367

5 554

3 243

310 933 1 068

3 531

381 1 350

1 318

988

959

3 535

3 535

4 864

4 929

4.000 5 703

5 594

2.000

5 335

6 200

5 789

5 729

4 805

5 220

Inschrijfduur

Directe bemiddeling

Loting

Direct kans

den eslaag 2024 g

ingen anbied 2024 a

den eslaag 2023 g

ingen anbied 2023 a

den eslaag 2022 g

2022 a

anbied

ingen

den eslaag 2021 g

ingen anbied 2021 a

den eslaag 2020 g

ingen 2020 a

anbied

den eslaag 2019 g

2019 a

anbied

ingen

0

Wens & Wacht

36% van de geslaagden is een voorrangskandidaat en dit aandeel neemt het laatste jaar toe In totaal heeft 36% van de geslaagden (4.021) voorrang op basis van urgentie of als herhuisvestingskandidaat (voorrangskandidaten)(figuur 2.7). Het aandeel voorrangskandidaten onder de geslaagden neemt toe tussen 2019 en 2024 met 4%-punt. Van deze groep voorrangskandidaten slaagt in 2024 iets meer dan de helft via directe bemiddeling (54%) en 37% via het inschrijfduurmodel. In totaal wordt 52% (5.733 woningen) van alle verhuurde woningen verhuurd aan nietvoorrangskandidaten en via de bemiddelingsmodellen anders dan directe bemiddeling.

10

Figuur 2.7: Aantal geslaagde woningzoekenden naar voorrangsstatus 2019-2024 14.000 12.000 10.000 8.000

697

586

566

479

3 670

3 158

3 231

3 542

7 013

7 483

7 265

7 101

2021

2022

2023

2024

1 155 943 2 808 2 907

6.000 4.000

7 065

6 244

2.000 0

2019 geen voorrang

2020 urgentie

herhuisvestingskandidaat

68% van de geslaagden behoort tot de primaire inkomensgroep Van de geslaagden behoort 68% tot de primaire inkomensgroep. Dit ligt onder de 75%-norm die in de regioafspraken is vastgelegd (figuur 2.8). De secundaire inkomensgroep maakt 29% van het totaal uit en 2% hoort tot de niet-DAEB doelgroep. Het aantal en aandeel van de secundaire inkomensgroep is in 2024 vergeleken met 2023 toegenomen en het aandeel van de niet-DAEB doelgroep is afgenomen. Figuur 2.8: Aantal geslaagde woningzoekenden naar inkomensgroep 2019-2024* 100%

202 542

234 504

145 561

213 253

191 225

197 199

80% 75%

2 393

2 025

2 490

2 891

3 184

3 211

7 891

7 331

8 184

7 870

7 462

7 515

2019

2020

2021

2022

2023

2024

60%

40%

20%

0%

Primaire doelgroep Onbekend

Secundaire doelgroep Regioafspraak primaire doelgroep (>=75%)

Niet-DAEB doelgroep

Passend toewijzen De primaire doelgroep (huishoudens met recht op huurtoeslag) krijgt in 98% van de gevallen een woning onder de aftoppingsgrens (passendheidsnorm)(in 2023: 97%)(tabel 2.3). De secundaire doelgroep en niet-DAEB doelgroep huren vooral woningen boven deze aftoppingsgrens (respectievelijk 86% en 78%).

11

Tabel 2.3: Inkomensgroepen die geslaagd zijn naar huurprijs van de woning onder aftoppingsgrens boven aftoppingsgrens totaal aantal % aantal % aantal

%

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep Onbekend

7.367 447 43 180

98 14 22 91

148 2.764 156 17

2 86 78 9

7.515 3.211 199 197

100 100 100 100

Totaal

8.037

72

3.085

28

11.122 100

Verleende urgenties naar urgentiegrond Huishoudens die in een persoonlijke noodsituatie verkeren en snel een andere woning nodig hebben kunnen een aanvraag voor urgentie doen. Als aan de voorwaarden voor urgentie wordt voldaan wordt een urgentie verleend. In 2024 zijn er 3.169 urgenties verleend aan huishoudens voor voorrang bij huisvesting en dat betekent een toename met 130 (3%) vergeleken met 2023. De drie belangrijkste verleende urgentiegronden in 2024 zijn, net als in 2023, doorstroming vanuit opvanginstellingen (38%), medische noodzaak (35%) en woonlasten (12%)(tabel 2.4, tweede kolom van links). Samen vormen zij 85% van alle toegekende urgenties. Voor het huisvesten van vergunninghouders worden geen urgentiebesluiten genomen maar wordt directe bemiddeling toegepast. Vergunninghouders worden gelijk behandeld als urgent woningzoekenden, zonder een aanvraag in te hoeven dienen of een urgentiebeschikking te krijgen. Ze tellen dus niet mee in de aantallen aanvragen en besluiten over urgentie. Tabel 2.4: Verleende urgenties en geslaagden naar urgentiegrond* verleende urgentiegrond geslaagden (excl. VH) geslaagden (incl. VH) Absoluut % Absoluut % Absoluut % Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische Noodzaak Woonlasten Geweld en Bedreiging Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid Vergunninghouders

1.170 1.084 378 234 183 82 26 12

38% 35% 12% 8% 6% 3% 1% 0%

1.172 680 335 139 51 175 41 6

45% 26% 13% 5% 2% 7% 2% 0%

1.172 680 335 139 51 175 41 6 912

33% 19% 10% 4% 1% 5% 1% 0% 26%

Totaal

3.169

103%

2.599

100%

3.511

100%

* VH staat voor vergunninghouders Toepassen lokale bindingeisen licht gestegen maar wettelijke norm nergens overschreden Corporatiewoningen kunnen aan woningzoekenden verhuurd worden op basis van lokale- of regionale binding. Van binding is sprake als een huishouden economisch of maatschappelijk aan een bepaald gebied is gebonden. Sinds 1 juli 2024 zijn hier een aantal categorieën bijgekomen. Er is namelijk ook sprake van binding bij: • Huisvesting van de meeste urgente groepen (met uitzondering van: uitstroom uit voorziening (artikel 5.5), mantelzorg (artikel 5.6) en vergunninghouders). Voor deze urgentie categorieën geldt dat in de urgentiecriteria is opgenomen dat iemand woonachtig is/binding moet hebben met de regio of gemeente. • Huisvesting van herhuisvestingskandidaten. Deze groep krijgt voorrang in de regio omdat ze een woning in de regio/gemeente achterlaten. We onderscheiden daarom verhuringen op basis van lokale binding, regionale binding, binding o.b.v. urgentieverklaring (m.u.v. 5.5 en 5.6) en binding o.b.v. herhuisvestingsverklaring. Hierbij moet worden opgemerkt dat een woning tot meerdere categorieën kan behoren (het zijn geen uitsluitende categorieën).

12

Bij 1.102 verhuringen (10%) in 2024 is er sprake van voorrang op basis van lokale binding (maatschappelijk en/of economisch) aan een gemeente of dorp of kern van een gemeente (tabel 2.5). Bij 2.894 verhuringen is sprake van binding o.b.v. urgentie- of herhuisvestingsverklaring. De wettelijke norm van 50% wordt door geen van de regiogemeenten duidelijk overschreden. Regionale bindingsvoorwaarden zijn in 2024, net als in 2023, zeer beperkt benut: 34 geslaagden (minder dan 1%). Bij het relatief geringe aantal verhuringen op grond van regionale binding past de opmerking dat de corporaties in Maaskoepelverband ervaren dat de meeste woningen toch wel naar woningzoekenden uit de regio gaan zodat het aanbieden van woningen met regionale binding als voorwaarde weinig effectief is, en slecht past bij het streven naar een toegankelijke woningmarkt. Tabel 2.5: Aantal verhuringen en de rol van (lokale) binding 2019-2024* aantal verhuringen naar binding

Aandeel binding incl. DB ’19-’24 *

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2019

2020

2021

2022

2023

2024

Directe bemiddeling Geen binding Lokale binding Regionale binding Binding o.b.v. urgentieverklaring (m.u.v. art. 5.5 en 5.6) Binding o.b.v. herhuisvestingsverklaring

3.143 6.764 863 258 – –

3.243 6.031 718 102 – –

3.294 7.246 752 88 – –

3.360 7.128 795 40 – –

3.537 6.529 972 24 – –

– 7.253 1.102 34 2.415 479

29% 61% 8% 2% – –

32% 60% 7% 1% – –

29% 64% 7% 1% – –

29% 63% 7% 0% – –

32% 59% 9% 0% – –

– 65% 10% 0% 22% 4%

Totaal aantal unieke verhuringen

11.028 10.094 11.380 11.323 11.062 11.122 100% 100% 100% 100% 100% 101%

*Sinds 2024 kan bij een woningverhuring sprake zijn van meerdere bindingsgronden. Omdat een verhuring in meerdere categorieën kan vallen, tellen de aantallen in 2024 op tot 11.283 en dat is meer dan het aantal unieke verhuringen (11.122). De percentages voor 2024 zijn gebaseerd op het aantal verhuringen naar binding gedeeld door het totaal aantal unieke verhuringen en kan dus optellen tot meer dan 100%. ** DB = directe bemiddeling

13

3

Regiogemeenten onderling vergeleken

In dit hoofdstuk staan de gegevens over druk op de sociale huurmarkt, aanbiedingen en geslaagden vermeld per gemeente. In hoofdstuk 7 (Tabellenboek) staan tabellen met de exacte cijfers per onderwerp. Slaagkans De slaagkans staat hieronder aangegeven per gemeente naar de thema’s: inkomensgroep, doorstromer/starter en voorrangsstatus. De slaagkans laten we niet zien voor de groep onbekend. Bij het berekenen van de totale slaagkans per gemeente telt deze groep wel mee. Figuur 3.1: Slaagkans naar inkomensgroepen per regiogemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0%

1%

2%

Primaire doelgroep

3%

4%

Secundaire doelgroep

14

5%

6%

Niet-DAEB doelgroep

7% Totaal

8%

Figuur 3.2: Slaagkans voor doorstromers en starters per regiogemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0%

1% Doorstromers

2%

3%

4%

Starters

Totaal

5%

6%

7%

8%

Figuur 3.3: Slaagkans naar voorrangspositie per regiogemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0%

5%

10%

Geen voorrang

15% Urgent

20%

25%

30%

Herhuisvestingskandidaat

15

35% Totaal

40%

45%

50%

Mediane inschrijfduur De mediane inschrijfduur staat hieronder aangegeven per gemeente naar de thema’s: inkomensgroep en bemiddelingsmodel. De mediane inschrijfduur is berekend voor de groep geslaagden, exclusief voorrangskandidaten (geslaagde huishoudens met urgentie of herhuisvestingskandidaten). Figuur 3.4: Mediane inschrijfduur van regulier geslaagde woningzoekenden per inkomensgroep naar regiogemeente in 2024 Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0

12

24

36

Primaire doelgroep

48

60

72

Secundaire doelgroep

16

84

96

108

120

Niet-DAEB doelgroep

132 Totaal

144

Figuur 3.5: Mediane inschrijfduur van regulier geslaagde woningzoekenden per bemiddelingsmodel naar regiogemeente in 2024 (in maanden) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

Maassluis Vlaardingen

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0

12

24

Inschrijfduur Wens & Wacht

36

60

72

Direct kans Directe bemiddeling

Loting Totaal

48

17

84

96

108

120

132

Woningvraag: actief woningzoekenden per gemeente De groep actief woningzoekenden staat hieronder aangegeven per gemeente naar de volgende thema’s: inkomensgroep, leeftijd, huishoudenstype en voorrangsstatus. In tabel 3.1 en figuur 3.6 t/m 3.9 bedoelen we met actief woningzoekenden alle woningzoekenden die op een advertentie hebben gereageerd voor een woning die in 2024 nieuw of opnieuw is verhuurd plus alle woningzoekenden die in 2024 via directe bemiddeling zijn geslaagd. Voor alle duidelijkheid: in tabel 3.1 gaat het om woningzoekenden (naar inkomensgroepen) die in een gemeente op zoek zijn geweest naar een sociale huurwoning en niet om woningzoekenden uit die gemeente. De aantallen in tabel 3.1 kunnen daarom niet worden opgeteld tot een totaal aantal woningzoekenden voor alle gemeenten. Woningzoekenden kunnen immers in meer gemeenten op zoek zijn geweest en tellen dan in meer gemeenten mee als woningzoekende. Het eerder in tabel 2.1 weergegeven aantal van 105.447 actief woningzoekenden betreft wel het aantal unieke actief woningzoekenden (die dus mogelijk in meerdere gemeenten naar een woning gezocht hebben).

Door de aantallen voor 2024 te vergelijken met de aantallen uit de monitor voor 2023 valt op dat vrijkomende woningen in de volgende zes gemeenten meer in de belangstelling waren: Ridderkerk, Barendrecht, Albrandswaard, Capelle aan den IJssel, Vlaardingen en Voorne aan Zee. In de andere gemeenten nam het aantal woningzoekenden af.

Voorne aan Zee

Nissewaard

Schiedam

Vlaardingen

Maassluis

Krimpen aan den IJssel

Capelle aan den IJssel

Lansingerland

Albrandswaard

Barendrecht

Rotterdam

Ridderkerk

Tabel 3.1: Aantal actief woningzoekenden per gemeente in 2024*

Primaire doelgroep 63.676 23.572 17.417 12.640 15.294 35.372 24.237 20.333 27.003 25.262 34.284 23.475 Secundaire doelgroep 20.213 6.105 3.915 4.457 4.817 11.012 6.262 4.520 9.670 8.822 8.954 6.578 Niet-DAEB doelgroep 2.900 628 603 466 653 1.269 1.228 685 1.002 1.187 1.225 766 Totaal

86.789 30.305 21.935 17.563 20.764 47.653 31.727 25.538 37.675 35.271 44.463 30.819

*De niet-DAEB groep onder de actief woningzoekenden is in 2024 sterk gedaald ten opzichte van 2023. Dit is onder andere terug te leiden naar data-technische redenen in het door Maaskoepel geleverde woningzoekendenbestand.

Figuur 3.6: Actief woningzoekenden naar inkomensgroepen per gemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

73%

20%

79%

Maassluis Vlaardingen

18%

72%

25%

74%

23%

74%

23%

76%

20%

80%

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0%

23%

78%

72%

26%

72%

25%

77%

20%

76%

21%

20% Primaire doelgroep

18%

40% Secundaire doelgroep

18

60%

80%

Niet-DAEB doelgroep

100%

Figuur 3.7: Actief woningzoekenden naar leeftijdsgroepen per gemeente in 2024 (in %) Rotterdam 11% Ridderkerk 11% Barendrecht 9% Albrandswaard 10% Lansingerland 8% Capelle aan den IJssel 12% Krimpen aan den IJssel 10%

47%

20%

49%

23%

5%

12%

7%

44%

24%

12%

6%

27% 50%

20% 24%

50%

12%

4%

11%

5%

12%

5%

22%

11%

4%

12%

5%

22%

12%

6%

47%

22%

11%

5%

49%

23%

11%

5%

48%

22%

52%

0%

11%

24%

48%

Schiedam 5% Nissewaard 12% Voorne aan Zee 10%

7%

45%

46%

Maassluis 11% Vlaardingen 11%

11%

20%

40%

Tot en met 22 jaar 55 tm 64 jaar

23 tm 34 jaar 65 tm 74 jaar

60%

80%

35 tm 44 jaar 75 jaar en ouder

100%

45 tm 54 jaar

Figuur 3.8: Actief woningzoekenden naar huishoudenstype per gemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0%

21%

61%

28%

7%

54%

7%

6%

8%

31%

48%

7%

10%

30%

50%

7%

9%

34%

44%

23%

6%

60%

12% 7%

7%

29%

50%

7%

10%

29%

50%

7%

10%

24%

58%

27% 27% 30%

20% Eenoudergezin Gezin met kinderen

40%

7%

8%

55%

7%

8%

55%

7%

8%

52%

7%

9%

60%

Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden

19

80% Gezin zonder kinderen Onbekend

100%

Figuur 3.9: Actief woningzoekenden naar voorrangsstatus per gemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

95%

Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee 0%

20% Geen voorrang

93%

6%

92%

7%

93%

6%

93%

6%

95%

5%

94%

6%

94%

6%

94%

6%

94%

6%

94%

6%

94%

6%

40% Urgent

20

5%

60%

Herhuisvestingskandidaat

80%

100%

Woningaanbod Het aantal aangboden woningen tonen we per gemeente en naar bemiddelingsmodel (tabel 3.2 en figuur 3.10). Hiermee bedoelen we alle via de media (internet) aangeboden woningen in 2024 plus alle directe bemiddelingen buiten de media van het bemiddelingsmodel om in 2024. Het betreft hier enkel de woningen tot en met de sociale huurgrens die door corporaties aangeboden worden.

Voorne aan Zee

Totaal

Totaal

Schiedam

Nissewaard

4.864 1.350 988 3.535

Vlaardingen

54 103 308 128 157 569 386 522 364 11 11 89 6 91 13 19 26 14 8 10 145 8 12 0 7 81 20 36 117 86 84 96 187 205 165 49

Maassluis

Albrandswaard

81 28 6 39

Lansingerland

Barendrecht

Inschrijfduur 2.041 151 Direct kans 1.004 38 Loting 691 0 Directe bemiddeling 2.241 230

Rotterdam

Ridderkerk

Capelle aan den IJssel

Krimpen aan den IJssel

Tabel 3.2: Aantal aangeboden woningen naar bemiddelingsmodel per regiogemeente in 2024

5.977 419 154 109 241 628 226 356 769 617 794 447 10.737

Figuur 3.10: Aangeboden woningen naar bemiddelingsmodel per regiogemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

34%

17%

36%

9%

37% 55%

53%

18%

50%

10%

43%

25%

7%

5% 4%

49%

33% 49%

14%

23%

57%

Maassluis Vlaardingen

14% 37%

44%

26%

27%

74%

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Totaal 0%

12%

24%

63%

33%

66%

10%

21%

81% 45%

13%

20% Inschrijfduur

4%

Direct kans

21

9%

33%

40%

60%

80%

Loting

Directe bemiddeling

11%

100%

Geslaagden Het aantal geslaagde woningzoekenden, woningzoekenden aan wie een corporatiewoning t/m de sociale huurgrens in 2024 verhuurd is, tonen we per gemeente naar totaal (tabel 3.3), bemiddelingsmodel (figuur 3.11), doelgroepen (figuur 3.12) en voorrangspositie (figuur 3.13). In zes van de twaalf gemeenten is het aantal geslaagd woningzoekenden van 2023 op 2024 gestegen, namelijk in: Rotterdam, Albrandswaard, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Nissewaard en Voorne aan Zee (totale toename 405). Doordat de afname van het aantal geslaagden in de zes andere gemeenten (Ridderkerk, Barendrecht, Lansingerland, Maassluis, Vlaardingen en Schiedam met -345 kleiner is, stijgt het totaal aantal geslaagden in de regio vergeleken met 2023 met 60. Zeker bij kleinere gemeenten kan een incidentele oplevering van een nieuwbouwcomplex een grote impact hebben op het aantal geslaagden waardoor er fluctuaties in de ontwikkeling kunnen zijn. Verder blijkt uit figuur 3.12 dat met uitzondering van Maassluis en Nissewaard geen van de gemeenten voldoen aan de regionale afspraak van 75% van de verhuringen aan de primaire doelgroep.

519 491 521 469 512 532

232 257 190 189 201 243

Totaal

Krimpen aan den IJssel

227 203 288 230 318 285

Voorne aan Zee

Capelle aan den IJssel

91 102 107 121 92 109

Nissewaard

Lansingerland

230 152 243 260 188 158

Schiedam

Albrandswaard

358 410 482 416 440 426

Vlaardingen

Barendrecht

6.078 5.514 6.319 6.587 6.055 6.296

Maassluis

Ridderkerk

2019 2020 2021 2022 2023 2024

Rotterdam

Tabel 3.3: Aantal geslaagde woningzoekenden per gemeente in 2019 - 2024

315 1.028 627 822 501 11.028 280 796 779 717 393 10.094 426 918 519 919 448 11.380 430 790 542 774 419 11.227 461 810 759 767 459 11.062 288 761 713 817 494 11.122

Figuur 3.11: Geslaagden naar bemiddelingsmodel per gemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Totaal 0%

32%

16%

38%

11%

5%

8%

36% 54%

53%

18%

48%

11%

4%

25%

8%

33%

48%

41%

49%

15%

20%

58% 40%

20%

5%

33%

74%

25%

68%

29%

67%

9%

76% 44%

40% Direct kans Directe bemiddeling

22

20% 8%

12%

20% Inschrijfduur Wens & Wacht

16% 35%

9%

60% Loting

10%

32%

80%

100%

Figuur 3.12: Geslaagden naar inkomensgroepen per gemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

68% 17%

23%

72%

25%

68%

29%

66%

31%

64%

35%

65%

Maassluis Vlaardingen

29%

7%

75%

23%

66%

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Totaal 0%

30%

58%

33%

62%

27%

5%

74% 69%

30%

68%

29%

20%

40%

Primaire doelgroep Onbekend

7%

22%

60%

75%80%

100% Niet-DAEB doelgroep

Secundaire doelgroep Regioafspraken primaire doelgroep (75%)

*Het relatief grote aandeel onbekend in Ridderkerk komt doordat er relatief veel woningen via instanties verhuurd zijn en van de huurder zijn in dat geval geen inkomensgegevens bekend.

Figuur 3.13: Geslaagden naar voorrangspositie per gemeente in 2024 (in %) Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

63% 57%

28%

15%

62%

35%

62%

28%

66%

9% 33%

74%

25%

56%

Maassluis Vlaardingen

28% 67%

16% 24%

62%

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Totaal 0%

33%

65%

32%

57%

33%

10%

78%

20%

64%

20% Geen voorrang

8%

37%

32%

40% Urgent

23

60%

Herhuisvestingskandidaat

80%

4%

100%

Figuur 3.14: Relatieve ontwikkeling geslaagden per gemeente in 2024 vergeleken met 2023 en 2019 (in %) 4 4

Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen

−3

19

−16

−31

18 20 −10

26 3

4 21

5 −38

−9 −6

−26

−6

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Totaal

14 7

−1

8

−1 1 1

−40%

−30%

−20%

−10%

ontwikkeling 2023-2024 (in %)

0%

10%

20%

30%

40%

ontwikkeling 2019-2024 (in %)

Negatieve waarde betekent een procentuele afname, een positieve waarde betekent een procentuele toename. In Rotterdam is in 2024 het aantal geslaagden 4% hoger dan in 2023. Vergeleken met 2019 is het aantal geslaagden in Rotterdam in 2024 4% hoger. Voor de regio zijn deze percentages respectievelijk 1% en 1%. Het beeld in figuur 3.14 is zeer divers: tussen gemeenten zijn grote verschillen te zien. Op de lange termijn (2017-2024) kennen vijf van de twaalf gemeenten een afname van het aantal geslaasgden. Op de korte termijn (2023-2024) is het aantal gemeenten met een afname even groot als het aantal met een toename.

24

Doelgroepen In de regio Rotterdam is 98% van de woningzoekenden uit de primaire doelgroep geslaagd in een woning met een huurprijs tot de aftoppingsgrens en 2% in een woning met een huurprijs vanaf de bovenste aftoppingsgrens. De aftoppingsgrens ligt op €650,43 bij huishoudens tot en met twee personen en op €697,07 bij huishoudens vanaf drie personen.

Tabel 3.4: % uit de primaire doelgroep dat geslaagd is in woningen met een huurprijs tot de aftoppingsgrens per gemeente onder aftoppingsgrens boven aftoppingsgrens aantal % aantal %

aantal

totaal % 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100

Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee

4.230 241 110 73 178 324 154 213 483 430 597 334

98 98 97 99 95 96 98 99 96 98 99 98

66 4 3 1 9 14 3 2 18 11 9 8

2 2 3 1 5 4 2 1 4 2 1 2

4.296 245 113 74 187 338 157 215 501 441 606 342

Totaal

7.367

98

148

2

7.515 100

In de regio Rotterdam is in 2024 92% van de woningen met een huurprijs tot de aftoppingsgrens verhuurd aan een woningzoekende uit de primaire doelgroep, 6% is verhuurd aan de secundaire doelgroep en 1% aan de niet-DAEB doelgroep en 2% is verhuurd aan de groep met een onbekend inkomen.

Tabel 3.5: % van de woningen met een huurprijs tot de aftoppingsgrens verhuurd aan een woningzoekende uit de inkomensgroep per gemeente Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep aantal % aantal % aantal %

Onbekend aantal %

aantal

totaal % 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100

Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee

4.230 241 110 73 178 324 154 213 483 430 597 334

95 67 95 95 90 87 92 89 91 85 91 95

177 16 6 4 14 46 14 24 46 30 55 15

4 4 5 5 7 12 8 10 9 6 8 4

26 2

1 1

28 1 100 28

3 3

2 1

2 1

1 0

1 2 2 4

0 0 0 1

1

0

44 3 1

9 0 0

4.461 359 116 77 197 374 168 239 531 506 659 350

Totaal

7.367

92

447

6

43

1

180

2

8.037 100

25

Aanwezigheid DAEB-doelgroep en huurstatus De omvang van de DAEB-doelgroep is per gemeente (2020-2022) in tabel 3.6 weergegeven. Het meest recente jaar waarvoor inkomenscijfers van het CBS beschikbaar zijn is 2022. De gegevens zijn gebaseerd op de Feitenkaart Aandachtsgroepen volkshuisvestingsbeleid Rotterdam en regio (OBI Gemeente Rotterdam 2025). Voor de regio als geheel maakt de DAEB-doelgroep 52% van alle huishoudens uit in 2022, en daarmee neemt het aandeel van deze groep af met 2%-punt vergeleken met 2020 (absolute afname met -9.300)(tabel 3.7). Per gemeente zijn er verschillen in deze ontwikkeling. Van de huishoudens behorende tot de DAEB-doelgroep huurt in 2022 58% een corporatiewoning (176.400 van de 304.900): 19% huurt een niet-corporatiewoning (57.900 van de 304.900) en 23% woont in een koopwoning (70.600 van de 304.900).

Tabel 3.6: Omvang DAEB-doelgroep, omvang DAEB-doelgroep die huurt en omvang DAEBdoelgroep die een corporatiewoning huurt per gemeente 2020-2022 2020

DAEB-doelgroep 2021 2022 ∆ 20-22

Rotterdam 184.300 184.000 179.400 Ridderkerk 10.400 10.600 10.200 Barendrecht 6.800 6.900 6.700 Albrandswaard 3.700 3.600 3.500 Lansingerland 7.700 8.000 7.700 Capelle aan den IJssel 15.800 15.900 15.200 Krimpen aan den IJssel 5.700 5.700 5.500 Maassluis 7.300 7.400 7.200 Vlaardingen 19.000 19.200 18.600 Schiedam 20.700 20.800 19.900 Nissewaard 18.300 18.600 18.000 Voorne aan Zee 13.100 13.500 13.000 Regio incl. Rdam 312.900 314.200 304.900 Regio excl. Rdam 128.600 130.200 125.500

DAEB-doelgroep: huurders DAEB-doelgroep: huurders corp.woning 2020 2021 2022 ∆ 20-22 2020 2021 2022 ∆ 20-22

-4.600 151.100 151.600 149.100 -400 6.700 6.800 6.700 -200 4.000 4.000 4.000 -100 2.300 2.200 2.200 -300 4.300 4.400 4.400 -700 11.000 11.100 10.700 -200 3.800 3.800 3.700 -200 5.200 5.200 5.100 -600 14.000 14.100 13.900 -900 14.600 14.700 14.300 -600 12.400 12.400 12.300 -500 7.900 8.000 7.900 -9.300 237.400 238.300 234.300 -4.700 86.300 86.700 85.200

-2.500 110.500 109.900 107.600 -100 6.100 6.200 6.100 0 3.200 3.200 3.200 0 1.900 1.900 1.900 0 3.500 3.500 3.500 -400 9.100 9.000 8.700 -100 3.500 3.500 3.400 -100 4.600 4.500 4.400 -200 11.900 11.800 11.600 -400 9.500 9.400 9.100 -100 11.300 11.300 11.100 -100 5.900 5.800 5.800 -4.000 180.800 180.000 176.400 -1500 70.400 70.100 68.800

Tabel 3.7: aandeel DAEB-doelgroep (t.o.v. alle huishoudens), aandeel DAEB doelgroep die huurt (t.o.v. totale DAEB-doelgroep) en aandeel DAEB-doelgroep die een corporatiewoning huurt (t.o.v. totale DAEB-doelgroep) DAEB-doelgroep DAEB-doelgroep: huurders DAEB-doelgroep: huurders corp.woning 2020 2021 2022 ∆ 20-22 2020 2021 2022 ∆ 20-22 2020 2021 2022 ∆ 20-22 Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel Maassluis Vlaardingen Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Stadsregio incl. Rdam Stadsregio excl. Rdam

59 50 35 36 32 51 46 49 56 57 48 41 54 47

60 51 36 35 33 51 46 49 56 56 48 42 54 47

57 49 35 34 31 49 45 47 54 53 46 40 52 45

-3 -2 -1 -1 -2 -2 -1 -2 -2 -3 -2 -2 -2 -2

82 64 59 62 56 70 67 71 74 71 68 60 76 67

82 64 58 61 55 70 67 70 73 71 67 59 76 67

83 66 60 63 57 70 67 71 75 72 68 61 77 68

-1 -3 -4 -2 -4 -1 -2 -3 -2 -1 -4 -3 -1 -2

60 59 47 51 45 58 61 63 63 46 62 45 58 55

60 58 46 53 44 57 61 61 61 45 61 43 57 54

60 60 48 54 45 57 62 61 62 46 62 45 58 55

-1 -2 -3 -3 -3 -3 -4 -4 -3 -3 -3 -4 -2 -3

Intraregionale verhuizingen In 2024 vond 67% van alle nieuwe verhuringen in de regiogemeenten plaats aan een woningzoekende die al in de gemeente woonde, bij voorrangskandidaten ligt dit aandeel net iets hoger (72%)(tabel 3.8 en tabel 3.9). Dit eerstgenoemde percentage wordt sterk beïnvloed door het grote aantal verhuringen aan mensen die binnen Rotterdam wonen. Van alle verhuringen vond 8% plaats aan mensen van buiten de regio en een meerderheid van deze groep (60%) vestigt zich in Rotterdam. Van alle verhuizingen binnen de regio (exclusief binnengemeentelijke verhuizingen en exclusief verhuizingen van buiten de regio)(2.710 verhuizingen) betreft 53% een herkomst in Rotterdam (verhuizing vanuit Rotterdam naar een andere regiogemeente) en 26% een bestemming in Rotterdam (verhuizing vanuit een andere regiogemeente naar Rotterdam).

26

-2.300 -100 0 0 0 -300 -100 -100 -200 -300 -200 0 -3.600 -1.300

Tabel 3.8: Aantal verhuizingen naar gemeente van vestiging en vertrek* **

Rotterdam

Ridderkerk

Barendrecht

Albrandswaard

Lansingerland

Capelle aan den IJssel

Krimpen aan den IJssel

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

Nissewaard

Voorne aan Zee

VESTIGING IN:

Rotterdam 5.051 Ridderkerk 46 Barendrecht 53 Albrandswaard 20 Lansingerland 38 Capelle aan den IJssel 130 Krimpen aan den IJssel 26 Maassluis 24 Vlaardingen 97 Schiedam 121 Nissewaard 123 Voorne aan Zee 34 buiten regio 503

110 164 7 1 0 4 3 1 3 2 2 1 28

85 6 48 1 0 3 0 0 2 0 2 1 10

44 3 3 36 1 0 0 0 0 2 6 1 13

56 0 1 0 197 7 0 1 2 4 0 0 17

244 7 3 0 7 155 9 4 8 12 7 0 76

67 3 0 0 2 14 134 0 1 2 2 0 18

48 0 0 1 3 1 0 190 14 5 3 2 21

237 5 3 4 3 12 5 16 345 57 22 4 48

187 1 1 1 6 13 6 9 40 338 20 4 40

238 6 2 6 3 14 2 2 16 15 439 23 48

114 3 5 1 0 3 0 2 6 8 39 282 30

Totaal

6.266

326

158

109

285

532

243

288

761

666

814

493

% uit eigen gemeente

81% 50% 30% 33% 69% 29% 55% 66% 45% 51% 54% 57%

VERTREK UIT:

* tabel 7.30 in hoofdstuk 7 bevat de gegevens uit tabel 3.8 in relatieve cijfers (% van alle vestigers) ** De vorige woning kan zowel een zelfstandig als een onzelfstandige woonruimte (waaronder tijdelijke opvangvoorzieningen) zijn.

Tabel 3.9: Aantal verhuizingen van voorrangskandidaten naar gemeente van vestiging en vertrek

Rotterdam

Ridderkerk

Barendrecht

Albrandswaard

Lansingerland

Capelle aan den IJssel

Krimpen aan den IJssel

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

Nissewaard

Voorne aan Zee

VESTIGING IN:

Rotterdam 2.104 Ridderkerk 5 Barendrecht 6 Albrandswaard 7 Lansingerland 6 Capelle aan den IJssel 35 Krimpen aan den IJssel 5 Maassluis 7 Vlaardingen 12 Schiedam 28 Nissewaard 38 Voorne aan Zee 8 buiten regio 42

74 84 3 1 0 3 2 0 1 1 1 1 11

38 4 11 0 0 0 0 0 0 0 0 1 6

19 1 0 10 1 0 0 0 0 0 3 0 7

13 0 0 0 74 3 0 0 1 2 0 0 3

59 1 0 0 1 63 5 0 3 4 1 0 2

31 2 0 0 1 1 63 0 0 0 2 0 6

10 0 0 0 2 1 0 69 5 2 2 1 2

138 4 1 2 1 7 3 6 76 30 9 2 11

82 0 0 0 2 6 5 6 19 107 13 3 10

94 2 0 2 1 5 1 1 4 9 218 7 6

47 0 0 0 0 1 0 0 2 5 22 26 4

Totaal

2.303

182

60

41

96

139

106

94

290

253

350

107

% uit eigen gemeente

91% 46% 18% 24% 77% 45% 59% 73% 26% 42% 62% 24%

VERTREK UIT:

27

4

Urgent woningzoekenden: verleende urgentiegronden en geslaagden naar urgentiegrond

In dit hoofdstuk bespreken we het aantal urgent woningzoekenden in de regiogemeenten. Dit zijn woningzoekenden met een dringend huisvestingsprobleem waarvoor ze een urgentieverklaring toegekend krijgen. Samen met herhuisvestingskandidaten vormen urgent woningzoekenden de groep voorrangskandidaten omdat ze voorrang krijgen bij de toewijzing van woningen. We kijken naar de ontwikkeling van de groep urgent woningzoekenden in de regiogemeenten en naar het aantal toegekende aanvragen en de urgentiegronden in 2024. Vervolgens bespreken we het aantal geslaagde urgent woningzoekenden naar urgentiegrond met hierbij ook aandacht voor de groep vergunninghouders. Zoals eerder gemeld worden voor vergunninghouders geen urgentiebesluiten genomen maar wordt directe bemiddeling toegepast. Vergunninghouders worden gelijk behandeld als urgent woningzoekenden, zonder een aanvraag in te hoeven dienen of een urgentiebeschikking te krijgen. Ze tellen dus niet mee in de aantallen aanvragen en besluiten over urgentie. Wel presenteren we deze groep vergunninghouders bij de geslaagde urgent woningzoekenden. Toename aantal geslaagde urgent woningzoekenden in 2024 In 2024 is het aantal geslaagde urgent woningzoekenden 3.511 en daarmee ligt het 280 hoger dan in 2023 (3.231, +9%)(figuur 4.1). Vergeleken met 2019 ligt het aantal geslaagde urgent woningzoekenden in 2024 703 hoger (toename met 25%).

Het belang van de groep geslaagde urgenten neemt in het totaal van de groep geslaagden duidelijk toe van 25% in 2019 naar 32% in 2024 (toename van 7%-punt). Lokaal zijn hier wel verschillen (figuur 4.2).

Figuur 4.1: Aantal geslaagde urgent woningzoekenden onder totaal geslaagden 14.000

33% 32%

12.000 10.000

29% 11.028 25%

11.380

32% 29%

28% 11.227

11.062

30% 27%

11.013

10.094

24% 21%

8.000

18%

6.000

15% 12%

4.000 2.000 0

2.808

2.907

3.670

9% 3.231

3.158

3.511

6% 3%

2019

2020

aantal geslaagden met urgentie

2021

2022

2023

totaal aantal geslaagden

28

2024

0%

% urgenten onder geslaagden

Figuur 4.2: Aandeel geslaagde urgent woningzoekenden per regiogemeente 2019-2024 (als % van totaal geslaagden)

Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

Maassluis Vlaardingen

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Totaal 0%

5% 2019

2020

10% 2021

15% 2022

20% 2023

2024

25%

30%

35%

40%

%-punt verschil 2019-2024

Aantal urgentieaanvragen naar urgentiegrond In 2024 zijn er 4.187 urgentieaanvragen gedaan in de regio Rotterdam Rijnmond(tabel 4.1). De belangrijkste gronden van de aanvraag zijn medische noodzaak (35%), doorstroming uit een opvanginstelling (31%) en woonlasten (13%). Rond de driekwart van de aanvragen (76%) wordt toegewezen en dit verschilt naar gemeente en urgentiegrond (tabel 4.2). Bij urgentieaanvragen op grond van onbewoonbaarheid en mantelzorg wordt bij minder dan de helft (respectievelijk 20% en 56%) een positief besluit genomen. De meeste positieve besluiten vallen bij aanvragen op grond van hardheidsclausule (93%), doorstroming uit opvanginstelling (91%) en uitstroom uit voorziening voor tijdelijke opvang (86%). Belangrijk hier te vermelden is dat de routes om tot een urgentie aanvraag te komen verschillen per type urgentie. Zo wordt bij doorstroming uit een opvanginstelling in vele gemeenten de aanvraag ondersteund door de instelling. De instelling heeft hierbij belang om alleen voor kansrijke huishoudens een urgentieaanvraag te doen i.v.m. tijd en moeite die bij een aanvraag komen kijken.

29

Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject 1.036 Medische Noodzaak 1.046 Woonlasten 221 Geweld en Bedreiging 245 Uitstroom uit voorziening 124 Mantelzorg 103 Hardheidsclausule 10 Onbewoonbaarheid 26 Totaal

10 10 6 0 35 12 10 9 21 18 16 26 18 7 8 10 12 8 5 2 7 2 3 4 1 2 1 0 16 6 4 0

44 22 6 41 16 18 41 18 14 23 7 5 1 0 1 2 5 1 0 2 0 0 0 0

39 52 75 134 25 47 21 31 8 3 8 5 1 0 1 1

Totaal

Voorne aan Zee

Nissewaard

Schiedam

Vlaardingen

Maassluis

Krimpen a/d Ijssel

Capelle aan den Ijssel

Albrandswaard

Lansingerland

Barendrecht

Riddderkerk

Rotterdam

Tabel 4.1: Aantal aangevraagde urgenties naar urgentiegrond per gemeente in 2024

55 0 1.289 70 13 1.479 76 23 546 45 6 426 25 24 213 6 1 147 2 3 28 3 1 59

2.811 120 65 53 67 152 70 45 178 273 282 71 4.187

32%

57% 90%

73%

66%

87%

71%

79%

Nissewaard

Schiedam

Vlaardingen

Totaal

34%

Maassluis

79%

Lansingerland

Totaal

Albrandswaard

91% 73% 69% 55% 86% 56% 93% 20%

Barendrecht

92% 80% 60% 100% 80% 91% 83% 82% 98% 91% 75% 43% 17% 60% 67% 71% 56% 100% 68% 80% 73% 77% 71% 48% 33% 50% 96% 68% 61% 86% 68% 70% 67% 83% 58% 17% 43% 62% 90% 70% 29% 40% 67% 65% 31% 83% 98% 25% 12% 40% 50% 100% 100% 100% 100% 68% 100% 59% 14% 0% 67% 75% 100% 40% 100% 50% 40% 50% 100% 80% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 31% 0% 17% 0% 0% 0% 33% 100%

Riddderkerk

Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische Noodzaak Woonlasten Geweld en Bedreiging Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid

Rotterdam

Voorne aan Zee

Krimpen a/d Ijssel

Capelle aan den Ijssel

Tabel 4.2: Aandeel toegekende urgenties naar urgentiegrond per gemeente in 2024 (als percentage van het aantal aangevraagde urgenties per urgentiegrond)

67%

89% 76%

Verleende urgenties vooral aan uitstromers uit opvanginstellingen Iets minder dan driekwart van de 3.169 verleende urgenties worden verleend aan inwoners van Rotterdam (2.226)(tabel 4.3). Na Rotterdam zijn Schiedam en Nissewaard de gemeenten met de meest verleende urgenties aan bewoners (respectievelijk 7% en 6%).

30

Totaal

35 20 5 29 9 18 28 11 12 16 2 2 1 0 1 2 2 1 0 2 0 0 0 0

32 51 51 107 17 33 14 20 8 3 4 2 1 0 0 0

Totaal

Nissewaard

Voorne aan Zee

Schiedam

Vlaardingen

Maassluis

6 9 6 6 8 25 5 9 2 1 2 3 1 6 0 1

Krimpen a/d Ijssel

6 2 6 3 1 0 2 1

Capelle aan den Ijssel

Albrandswaard

Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische Noodzaak Woonlasten Geweld en Bedreiging Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid

Lansingerland

Barendrecht

948 8 780 15 158 10 141 3 122 3 61 1 8 1 8 0

Rotterdam

Riddderkerk

Tabel 4.3: Aantal verleende urgenties naar urgentiegronden per gemeente in 2024

50 1.170 51 10 1.084 51 19 378 14 5 234 17 24 183 3 1 82 2 3 26 1 1 12

2.226 41 21 30 60 111 46 39 127 216 189 63 3.169

Tabel 4.4: Verleende urgenties naar urgentiegrond in Rotterdam en overige gemeenten in 2024 (in procenten) Rotterdam Andere regiogemeenten Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische Noodzaak Woonlasten Geweld en Bedreiging Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid

43% 35% 7% 6% 5% 3% 0% 0%

24% 32% 23% 10% 6% 2% 2% 0%

Totaal

100%

100%

De aandelen van de diverse verleende urgentiegronden verschillen duidelijk tussen Rotterdam en de rest van de gemeenten (tabel 4.4). In Rotterdam betreft het, vergeleken met de andere gemeenten, vaak doorstroming vanuit opvanginstellingen (43%) en medische noodzaak (35%) . Dat is niet verrassend omdat Rotterdam als centrumgemeente veel opvanginstellingen kent. In de overige gemeenten komen urgenties op grond van woonlasten (23%), geweld en bedreiging (10%) en hardheidsclausules (2%) relatief vaker voor dan in Rotterdam. Geslaagde urgent woningzoekenden naar urgentiegrond De groep geslaagden met urgentie (inclusief vergunninghouders maar exclusief herhuisvestingskandidaten) maakt 32% van alle geslaagden uit: 3.542 van de 11.122 geslaagden betreft urgent woningzoekenden (tabel 4.5). Dit aandeel ligt in Vlaardingen met 37% het hoogst (tabel 4.6).

31

Voorne

Totaal

Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische noodzaak Woonlasten Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Geweld en bedreiging Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid Vergunninghouders

2 20 3 5 1 1 2 0 22

4 5 3 1 2 0 0 0 16

1.176 685 338 140 53 175 41 6 928

Totaal

921 362 104 68 21 76 11 5 526

15 28 11 6 5 6 4 0 45

4 8 23 4 3 5 6 0 41

5 19 11 5 0 4 6 0 17

7 11 4 2 3 5 0 0 38

69 60 44 18 4 22 2 0 62

Schiedam

Capelle 32 23 22 4 4 9 0 0 38

Nissewaard

7.101 479 3.542

Vlaardingen

68 189 393 137 194 471 460 467 387 10 2 7 39 24 9 26 81 6 31 94 132 67 70 281 227 269 101

Maassluis

98 4 56

Krimpen

Albrandswaard

Geen urgentie Herhuisvesting Urgentie (incl. VH)

Lansingerland

Barendrecht

3.993 244 209 62 2.094 120

Rotterdam

Ridderkerk

Tabel 4.5: Geslaagden naar voorrang en urgentiegronden per gemeente in 2024, met uitsplitsing van de categorie urgentie naar de verschillende urgentiegronden

59 64 39 13 5 17 1 0 29

43 66 55 8 3 19 6 0 69

15 19 19 6 2 11 3 1 25

6.296 426 158 109 285 532 243 288 761 713 817 494 11.122

Totaal

Barendrecht

Albrandswaard

Lansingerland

Capelle aan den IJssel

Krimpen aan den IJssel

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

Nissewaard

Voorne aan Zee

Totaal

Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische noodzaak Woonlasten Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Geweld en bedreiging Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid Vergunninghouders

Ridderkerk

Geen urgentie Herhuisvesting Urgentie (incl. VH)

Rotterdam

Tabel 4.6: Geslaagden naar voorrang en urgentiegronden per gemeente in 2024 (als percentage van alle geslaagden), met uitsplitsing van de categorie urgentie naar de verschillende urgentiegronden

63% 3% 33%

57% 15% 28%

62% 3% 35%

62% 9% 28%

66% 1% 33%

74% 1% 25%

56% 16% 28%

67% 8% 24%

62% 1% 37%

65% 4% 32%

57% 10% 33%

78% 1% 20%

64% 4% 32%

15% 6% 2% 1% 0% 1% 0% 0% 8%

4% 7% 3% 1% 1% 1% 1% 0% 11%

1% 13% 2% 3% 1% 1% 1% 0% 14%

4% 5% 3% 1% 2% 0% 0% 0% 15%

1% 3% 8% 1% 1% 2% 2% 0% 14%

6% 4% 4% 1% 1% 2% 0% 0% 7%

2% 8% 5% 2% 0% 2% 2% 0% 7%

2% 4% 1% 1% 1% 2% 0% 0% 13%

9% 8% 6% 2% 1% 3% 0% 0% 8%

8% 9% 5% 2% 1% 2% 0% 0% 4%

5% 8% 7% 1% 0% 2% 1% 0% 8%

3% 4% 4% 1% 0% 2% 1% 0% 5%

11% 6% 3% 1% 0% 2% 0% 0% 8%

100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100%

Als we kijken naar type urgentie binnen de groep geslaagde urgent woningzoekenden valt op dat in Rotterdam, vergeleken met de andere gemeenten, veel urgent woningzoekenden slagen die doorstromen vanuit een hulpverleningstraject (44%) en weinig op basis van medische noodzaak (17%) en woonlasten (5%) (tabel 4.7 en tabel 4.8). In de andere gemeenten slaagt 18% op basis van doorstroming hulpverlening, 22% op basis van medische noodzaak en 16% slaagt op basis van woonlasten. Van alle geslaagden met urgentie is 26% vergunninghouder. Let wel: het percentage geslaagde vergunninghouders op het totaal aantal geslaagden is veel lager (8%, 928 van de 11.122)(zie tabel 4.6).

32

Rotterdam

Ridderkerk

Barendrecht

Albrandswaard

Lansingerland

Capelle

Krimpen

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

Nissewaard

Voorne

Totaal

Tabel 4.7: Geslaagde urgent woningzoekenden naar urgentiegrond per gemeente 2024 (als percentage van alle geslaagden met urgentie)

Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische noodzaak Woonlasten Geweld en bedreiging Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid Vergunninghouders

44% 17% 5% 4% 3% 1% 1% 0% 25%

12% 23% 9% 5% 5% 4% 3% 0% 38%

4% 36% 5% 2% 9% 2% 4% 0% 39%

13% 16% 10% 0% 3% 6% 0% 0% 52%

4% 9% 24% 5% 4% 3% 6% 0% 44%

24% 17% 17% 7% 3% 3% 0% 0% 29%

7% 28% 16% 6% 7% 0% 9% 0% 25%

10% 16% 6% 7% 3% 4% 0% 0% 54%

25% 21% 16% 8% 6% 1% 1% 0% 22%

26% 28% 17% 7% 6% 2% 0% 0% 13%

16% 25% 20% 7% 3% 1% 2% 0% 26%

15% 19% 19% 11% 6% 2% 3% 1% 25%

33% 19% 10% 5% 4% 1% 1% 0% 26%

Totaal

100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100%

Tabel 4.8: Geslaagde urgent woningzoekenden naar urgentiegrond in Rotterdam en de andere regiogemeenten 2024 (als percentage van alle geslaagden met urgentie) Rotterdam Andere regiogemeenten Doorstroming vanuit een hulpverleningstraject Medische noodzaak Woonlasten Geweld en bedreiging Uitstroom uit voorziening Mantelzorg Hardheidsclausule Onbewoonbaarheid Vergunninghouders

44% 17% 5% 4% 3% 1% 1% 0% 25%

18% 22% 16% 7% 5% 2% 2% 0% 27%

Totaal

100%

100%

Vergunninghouders onder de urgent woningzoekenden komen vooral in Rotterdam te wonen Vergunninghouders worden door het Rijk over de gemeenten verdeeld. Hierbij gebruikt het Rijk een quotum naar inwonertal van de gemeente. In 2024 zijn van de 3.542 woningen die aan urgent woningzoekenden zijn verhuurd er 928 aan vergunninghouders geweest. Dit cijfer van 928 gaat niet om personen maar om verhuringen aan huishoudens die uit meer dan een persoon kunnen bestaan. Meer dan de helft van de verhuringen aan vergunninghouders (526 van de 928, 57%) vindt plaats in Rotterdam en daarmee neemt deze gemeente het grootste aandeel op zich, gevolgd door twee andere gemeenten met een aandeel van minimaal 7% (Vlaardingen en Nissewaard). Het aandeel verhuringen aan vergunninghouders (t.o.v. alle verhuringen aan geslaagde urgent woningzoekenden) is in Rotterdam 25% van het totaal van geslaagde urgenten ien in de overige regiogemeenten 27%. Binnen de groep overige gemeenten varieert het percentage tussen 13% (Schiedam) en 54% (Maassluis) (figuur 4.3).

33

Figuur 4.3: Aantal verhuringen aan vergunninghouders en het aandeel naar gemeente in 2024 (als % van alle verhuringen aan geslaagde urgent woningzoekenden)* 25

Rotterdam Ridderkerk Barendrecht Albrandswaard Lansingerland Capelle aan den IJssel Krimpen aan den IJssel

38

45

39

22

52

16 41 29

38

25

17

Maassluis Vlaardingen

44

54

38 22

62

13

Schiedam Nissewaard Voorne aan Zee Totaal

29 26

69

25 25 26

0

10

20

30

40

50

60

70

80

90

aandeel verhuurde woningen aan vergunninghouders aantal verhuurde woningen aan vergunninghouders

*Aantal verhuurde woningen is bij Rotterdam (N=526) en Totaal (N=928) afgekapt bij 100 verhuringen

34

100

5

Feitenkaarten per gemeente

Inhoudsopgave Feitenkaarten Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Rotterdam . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Ridderkerk . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Barendrecht . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Albrandswaard . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Lansingerland . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Capelle aan den IJssel . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Krimpen aan den IJssel . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Maassluis . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Vlaardingen . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Schiedam . . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Nissewaard . . . . . . . . . . . . . Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Voorne aan Zee . . . . . . . . . . .

35

36 38 40 42 44 46 48 50 52 54 56 58

Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Rotterdam 1. Actieven 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

63.676 20.213 2.900

57.683 21.156 9.039

56.860 19.476 9.201

57.457 19.091 5.820

52.773 17.447 5.715

50.451 15.833 5.645

50.575 12.751 4.665

43.459 9.256 3.229

33.249 7.913 4.350

45.638 9.294 2.362

41.236 7.928 2.082

40.139 8.997 3.765

Geen voorrang Urgent Herhuisvestingskandidaat

82.368 4.107 314

84.053 3.565 260

81.968 3.241 328

77.355 4.561 452

71.681 3.671 583

67.592 3.400 937

63.803 3.285 903

52.884 2.521 539

43.200 1.988 324

60.352 1.828 316

55.558 1.218 395

56.718 1.181 365

Totaal

86.789

87.878

85.537

82.368

75.935

71.929

67.991

55.944

45.512

62.490

57.171

58.264

2. Geslaagden 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

4.296 1.888 75

4.160 1.766 96

4.575 1.838 123

4.440 1.476 354

4.121 1.131 206

4.404 1.306 273

4.976 1.348 237

5.225 1.328 231

5.632 1.398 236

6.151 973 279

6.290 1.138 639

6.125 1.254 979

Geen voorrang Urgent Herhuisvestingskandidaat

3.993 2.094 209

3.857 1.918 280

4.383 1.927 277

3.859 2.125 335

3.258 1.682 574

3.606 1.702 770

4.375 1.758 486

4.694 1.668 463

4.941 1.843 482

6.556 1.240 336

7.414 894 285

7.631 873 226

Totaal

6.296

6.055

6.587

6.319

5.514

6.078

6.619

6.825

7.266

8.132

8.593

8.730

2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

Direct kans Inschrijfduur Loting Wens & Wacht Directe bemiddeling

17% 34% 12% 37%

13% 39% 13% 1% 34%

9% 41% 15% 5% 31%

8% 39% 16% 5% 32%

9% 37% 11% 7% 35%

6% 39% 15% 4% 36%

8% 52% 14% 1% 26%

6% 56% 12% 2% 23%

7% 56% 12% 0% 25%

Totaal Totaal

5.977 100%

6.332 100%

6.672 100%

6.783 100%

5.999 100%

6.048 100%

6.908 100%

7.851 100%

9.195 100%

3. Woningaanbod

4. Slaagkansen 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

4,5 6,1 1,9

4,8 5,5 0,7

5,4 6,1 0,8

5,1 5,2 4,3

5,2 4,4 2,6

5,9 5,7 3,4

6,8 7,6 3,7

8,5 10,6 5,5

12,2 13,3 4,1

Totaal

4,8

4,6

5,1

5,1

4,9

5,7

6,8

8,7

11,6

5. Mediane inschrijfduur 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

22 46 18

21 42 23

21 38 27

17 28 30

14 21 23

13 22 23

14 20 19

15 16 18

29 23 27

Inschrijfduur Direct kans Loting Wens & Wacht Directe bemiddeling

59 22 19 26 15

54 24 17 25 12

50 16 19 29 11

44 11 17 17 9

35 10 14 16 6

40 6 12 15 6

39 6 8 10 5

42 5 7 7 4

45 7 10 4 9

tot jon./kwaliteitsk.grens tot aftoppingsgrens 1-2phh tot aftoppingsgrens 3+phh tot huurprijsgrens

20 20 33 48

18 18 43 46

18 20 31 39

11 17 24 30

10 14 21 21

8 13 17 23

8 15 19 22

6 15 25 18

10 31 31 26

Totaal

30

29

26

21

16

15

16

16

28

36

6. % verhuringen aan primaire doelgroep en DAEB-doelgroep (<= 47.699 in 2024) 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

% verhuringen onder aftoppingsgrens aan primaire doelgroep

95

94

93

94

94

93

95

96

97

87

84

85

% verhuringen tot sociale huurgrens aan DAEBdoelgroep

98

98

97

94

95

94

96

96

97

98

97

95

37

Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Ridderkerk 1. Actieven 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

23.572 6.105 628

19.892 6.405 3.524

22.464 6.338 4.037

21.875 5.795 1.233

21.286 5.010 830

13.881 4.158 1.857

12.464 2.874 1.115

9.367 2.117 639

7.070 1.615 1.033

2.649 575 133

1.401 400 253

1.377 456 241

Geen voorrang Urgent Herhuisvestingskandidaat

28.241 1.937 127

28.036 1.669 116

30.954 1.677 208

26.470 2.231 202

25.071 1.790 265

18.427 1.175 294

15.306 990 157

11.363 613 147

9.119 455 144

3.335 102 16

1.917 65 72

1.903 59 112

Totaal

30.305

29.821

32.839

28.903

27.126

19.896

16.453

12.123

9.718

3.453

2.054

2.074

2. Geslaagden 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

245 72 9

212 75 18

286 50 7

316 128 11

265 71 10

252 61 7

321 83 11

357 162 36

382 106 17

278 68 32

393 80 69

309 117 48

Geen voorrang Urgent Herhuisvestingskandidaat

244 120 62

248 86 106

221 141 54

287 164 31

256 112 42

242 70 46

330 79 21

382 89 102

329 111 65

337 32 27

470 30 42

385 25 64

Totaal

426

440

416

482

410

358

430

573

505

396

542

474

2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

Direct kans Inschrijfduur Loting Wens & Wacht Directe bemiddeling

9% 36% 0% 55%

0% 39% 0% 0% 61%

2% 60% 0% 0% 38%

7% 65% 0% 0% 29%

6% 67% 0% 0% 26%

7% 67% 0% 0% 26%

9% 80% 0% 0% 11%

6% 65% 1% 0% 28%

1% 64% 7% 0% 28%

Totaal Totaal

419 100%

453 100%

421 100%

409 100%

431 100%

374 100%

508 100%

552 100%

603 100%

3. Woningaanbod

4. Slaagkansen 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

0,8 0,9 1,2

0,8 0,9 0,4

0,9 0,6 0,1

1,1 1,7 0,7

0,9 1,1 1,0

1,5 1,2 0,3

2,1 2,3 0,8

3,1 6,2 4,6

4,4 5,4 1,3

Totaal

1,1

1,1

0,9

1,2

1,2

1,4

2,1

3,8

4,3

5. Mediane inschrijfduur 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

34 130 96

85 126 156

54 129

35 81 127

59 98 60

48 89

57 85 15

62 65 82

62 68 121

Inschrijfduur Direct kans Loting Wens & Wacht Directe bemiddeling

85 15

107

76 15

83 14

93 15

68 9

67 10

69 9

70 18 23

74

49

44

26

96

14

76

39

16

tot jon./kwaliteitsk.grens tot aftoppingsgrens 1-2phh tot aftoppingsgrens 3+phh tot huurprijsgrens

35 37 128

23 86 80 135

46 54 86 135

24 38 92 83

30 67 109 98

8 53 49 119

24 60 131 76

9 64 70 64

45 66 45 70

Totaal

60

95

65

55

82

58

60

63

63

38

6. % verhuringen aan primaire doelgroep en DAEB-doelgroep (<= 47.699 in 2024) 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

% verhuringen onder aftoppingsgrens aan primaire doelgroep

67

57

77

87

78

85

94

92

99

82

84

73

% verhuringen tot sociale huurgrens aan DAEBdoelgroep

74

65

81

92

82

87

94

91

97

98

96

97

39

Feitenkaart Woonruimtebemiddeling Gemeente Barendrecht 1. Actieven 2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Primaire doelgroep Secundaire doelgroep Niet-DAEB doelgroep

17.417 3.915 603

11.225 4.397 2.396

12.277 4.336 2.625

15.821 4.323 1.304

11.022 4.606 1.214

9.923 4.047 1.280

9.819 2.993 1.080

8.316 2.067 567

4.541 1.259 866

4.426 1.230 459

4.971 1.286 310

5.471 1.558 345

Geen voorrang Urgent Herhuisvestingskandidaat

20.278 1.556 101

16.981 964 73

18.131 980 127

19.741 1.549 158

15.592 1.042 208

14.077 950 223

12.884 850 158

10.331 511 108

6.299 295 72

6.320 187 26

6.931 128 33

7.703 171 20

Totaal

21.935

18.018

19.238

21.448

16.842

15.250

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1239/documents/42807