Antwoorden vragen CU Verordening maatschappelijke ondersteuning.pdf
Tekst van het document
Vragen vergaderstukken gemeenteraad Ridderkerk Algemene informatie
Vragensteller: Erna de Wolff – ter Beek
Onderwerp/vergaderstuk: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Ridderkerk 2022
Vergaderdatum: 01-12-2021
Portefeuillehouder: Laurens Franzen
Datum indiening vraag: 30-11-2021
Datum ontvangst antwoord: 1 december 2021
Vragen en antwoorden Vraag 1 Betreffende artikel 12. De wasverzorging is opgenomen onder punt 2. Het gaat hier om aanvullende doelstellingen. Is wasverzorging in feite geen basisdoelstelling? Wat is het idee erachter om dit in lid 2 te benoemen? Antwoord 1 Van belang is dat onze inwoners de hulp en ondersteuning krijgen die nodig is. De Centrale Raad van Beroep (hierna: CRvB) heeft aangegeven dat de gemeente dit moet beoordelen middels een ‘objectief, onafhankelijk en deugdelijk’ onderzoek. De CRvB heeft geoordeeld dat het HHMprotocol die kaders telt voor dit onderzoek hieraan voldoet 1 en hiermee ook aan de criteria die de CRvB eerder heeft opgesteld over het indiceren van Hulp bij het Huishouden. Voor juist gebruik van dit protocol is het nodig om een aantal aannames in de verordening te verankeren. Deze zijn opgenomen in artikel 12 van de verordening. Kortom met artikel 12 zorgen we ervoor dat onze inwoners de hulp en ondersteuning krijgen die nodig is én beschikken we deze hulp op een rechtmatige manier.
1
Uitspraak CRvB 10 december 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3835
Vraag 2 Betreffende artikel 19, Regels voor Persoonsgebonden budget (PGB). Er moet een budgetplan worden gemaakt waarin op 10 punten antwoord moet worden gegeven. Dit is wel heel fors. De vraag rijst of PGB daarmee nog gelijkwaardig is aan Zorg in Natura (ZIN). In hoeverre krijgt de client hulp van de gemeente om dit plan op te stellen en antwoord te vinden/ geven op deze vragen. Antwoord 2 Bij het onderzoek wordt aan de cliënt dan wel diens vertegenwoordiger verteld welke mogelijkheden bestaan om te kiezen voor de verstrekking van hulp en ondersteuning middels een persoonsgebonden budget. De cliënt dan wel diens vertegenwoordiger wordt in begrijpelijke bewoordingen ingelicht over de gevolgen van die keuze 2. Ook wijzen wij op de mogelijkheid om gebruik te maken van de onafhankelijk cliëntondersteuner en stellen we de juiste documenten ter beschikking. Van cliënten die hulp en ondersteuning via een PGB willen inkopen mogen we verwachten dat zij PGB-vaardig zijn3 (Hiervoor hanteren wij de 10 punten van pgb-vaardigheid van de rijksoverheid 4). De cliënt mag bij het opstellen van het budgetplan hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger gebruiken. Vraag 3 Betreffende artikel 19. In het budgetplan moet volgens punt E. een begroting + offerte worden aangeleverd. Wij vragen ons af of dit haalbaar is.
Bij ons weten is een kostenoverzicht per eenheid voor informele hulp zelfs niet mogelijk. Kunt u aangeven waarom u denkt dat dit wel haalbaar is? Antwoord 3 Artikel 19 sub e is een of-bepaling. Dus het budgetplan is voorzien van een begroting waarin de te maken kosten worden gespecificeerd of een offerte van de zorgaanbieder naar keuze waarin de te maken kosten zijn weergegeven. Dit omdat wij moeten kunnen beoordelen of het gevraagde budget passend is bij de ondersteuningsbehoefte van de cliënt. Voor informele hulp volstaat het noemen van een uurtarief en het volume dat nodig is om de ondersteuningsbehoefte van de cliënt te compenseren. Vraag 4 2
Conform artikel 2.3.2 lid 6 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 Artikel 2.3.6 lid 2 sub a van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 4 040.219+Toegankelijke+infographic+PGB+vaardigheid_WT.pdf (domein.loc) 3
We lezen in deze verordening niets over hoe om te gaan bij herindicatie. Is het nu zo dat deze verordening weer voor iedere aanvraag geldt? Dat zou niet in lijn zijn met motie Nr. 2019- 38 waarbij gevraagd wordt om de mogelijkheid om voor cliënten met een stabiele chronische aandoening en/of handicap de duur vast te stellen op ‘voor onbepaalde tijd’ of ‘voor een duur met stilzwijgende verlenging’. Graag een reactie hoe dit tot zijn recht komt in deze verordening. Antwoord 4 Het herindicatieproces volgt na het indienen van een melding (artikel 2 van de verordening). Het proces van herindicatie is verankert in de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Ridderkerk 2021. Het meldingsformulier is voorzien van een optie: herindicatie. Zie ook brief ‘afdoening motie inzake herindicaties en motie inzake de verordening Jeugdhulp’ die is verzonden op 4 september 2020 (ons kenmerk 157837) onder het kopje ‘Verbeteringen Wmo’ eerste bullet.