Antwoorden EvR Aanpak Oosterpark.pdf
Tekst van het document
Vragen vergaderstukken commissie Samen Wonen Ridderkerk Algemene informatie ● Vragensteller: Cora van Vliet en Jim Kloos ● Onderwerp/vergaderstuk: agendapunt 4 Aanpak Oosterpark ● Vergaderdatum: 10 juni ● Portefeuillehouder: P. Meij ● Datum indiening vraag: 8 juni ●
Datum ontvangst antwoord: 10 juni 2021
Vragen en antwoorden Agendapunt 4: Aanpak Oosterpark Wederom ligt er een prachtig plan voor ons, waarin de aanpak van het Oosterpark wordt beschreven. Toch hebben wij, Cora van Vliet en Jim Kloos, nog de volgende vragen: Vraag 1. Wat is exact de opdrachtformulering aan de ecoloog geweest? Antwoord 1 De gemeentelijke ecoloog is gevraagd mee te denken bij de totstandkoming van het plan, aangezien de geplande ruimtelijke ontwikkelingen (uitbreiding Rowdies, plaatsing geluidsscherm) niet alleen impact hebben op de beleving maar ook op de aanwezige natuurwaarden. De opdracht was dan ook: kunnen we, ondanks een vermindering van het areaal groen, toch zorgen voor een kwaliteitsverbetering in natuurwaarde. Aanvullend speelt mee dat er door achterstallig onderhoud en boomziektes op verschillende plekken in het park een ecologisch perspectief gewenst was. Vervolgens was de uitdaging om een balans te vinden tussen de verschillende functies en de inbreng van alle betrokken partijen. Vraag 2. Er ligt een prachtig plan voor, dat heel goed zou werken als je een park van scratch af aan zou ontwerpen, maar er is al een bestaand park, met bestaande bomen en waterpartijen. Waarom wordt daar zoveel
aan gewijzigd? Antwoord 2 Het Oosterpark is een fijn park om in te verblijven. De structuur van het huidige park wordt bepaald door de huidige paden en het groen. De ontwikkelingen m.b.t. het geluidsscherm en de Rowdies hebben er voor gezorgd dat we hier wel aanpassingen hebben moeten doen in de hoofdstructuur. Ook zijn er echter wel enkele zaken die voor verbetering vatbaar zijn. Daarin spelen de volgende dingen: •
Het park is deels als een productiebos aangelegd. Dit heeft er toe geleid dat er verschillende bosvakken zijn met enkel bomen van een bepaalde leeftijd. Hier is te weinig gedund, waardoor er geen kansen waren voor verjonging.
•
In sommige vakken is gekapt in verband met de Essentaksterfte. In delen hiervan zijn alleen maar dunne staken blijven staan.
Om de biodiversiteit te verhogen én te zorgen voor een bos met toekomst is het nodig om in deze vakken in te grijpen. Hier wordt ingezet op een toename van boomsoorten (minder kwetsbaar bij boomziektes) en meer variatie in structuur (ontwikkeling zoommantel, meer open plekken), zodat een bos ontstaat met een gevarieerd beeld – wat goed is voor belevingswaarde én natuurwaarde. Als we nu niks zouden doen, hebben we over niet al te lange tijd bosvakken waar veel uitval plaats vindt zonder dat een jongere generatie van bomen het stokje over kan nemen. Vraag 3. Er komen veel extra vierkante meters water bij in dit park. Meer dan noodzakelijk. Dit gaat ten koste van bestaande bomen. Mede het feit dat we zo dicht bij snelwegen gelegen zijn, waar zowel veel geluid als fijnstof worden geproduceerd, zou je toch voorstander moeten zijn van het behouden van (volgroeide) bomen. Zij vangen immers fijnstof uit de lucht en zorgen voor geluidsreductie. Waarom stelt het college dit (extra water en bomenkap) dan toch voor? Antwoord 3
Bomen vervullen inderdaad veel belangrijke functies waaronder het afvangen van fijnstof en in beperkte mate kunnen ze zorgen voor het dempen van geluid. Hier spelen echter wel verschillende factoren mee die deze eigenschappen beïnvloedden. Het is hierbij beter dat een bos een variatie heeft in verschillende hoogtes en niet al te compact is. Verschillende randen van het huidige bos, waar nu nog een abrupte overgang is van gras naar hoog bos, krijgen daarbij een gradiënt van bos naar struiken (mantel) en uiteindelijk een strook kruiden (zoom). Dit is ook positief voor de belevingswaarde en het verhogen van de biodiversiteit. Hetzelfde geldt grofweg voor de afvang van fijnstof. Dit wordt het beste bereikt met een halfopen beplanting zodat lucht hier goed door kan stromen en daarbij gefilterd wordt (meeste contact met planten). Vraag 4. Als vervolg op de vorige vraag: Waarom dan opname in dit plan van een rietput? Biodiversiteit behaal je ook door het aanleggen van andere beplanting, bijvoorbeeld aan de oevers van de waterkanten. Graag de motivatie van de wethouder hiervoor. Antwoord 4 In eerste instantie was er een grotere watergang bedacht, die visueel aan zou sluiten op de watergang in Drievliet, zodat er ook een doorgaande groenblauwe entree vanuit de wijk het Oosterpark in ontstaat. In het participatie traject zijn bezwaren geuit tegen het vergroten van het wateroppervlak.
De watergang is toen een waterplas geworden. Ook zijn er aanpassingen gedaan aan de schets van de zuidelijke hoofdwatergang. In de werkgroep Oosterpark is toen geopperd om hier een rietput van te maken. Het idee hierbij is dat door de hierbij aanwezige beplanting het wateroppervlak minder geluidsdragend is. Ook is er een natuurimpuls door hier een biotoop voor verschillende rietvogels aan te leggen. Dit is een verrijking voor zowel de natuur als voor de bezoekers, die kunnen genieten van de toename aan mooie verschillende diersoorten. Op andere plekken in het park waren er minder mogelijkheden om een groter stuk riet aan te leggen, want dan zijn de waterpartijen niet meer te zien. Wel is er in het
plan opgenomen om langs de grote waterplassen het riet gefaseerd te maaien zodat er altijd een deel riet blijft staan. Vraag 5. Wij hebben zowel inwoners als vertegenwoordiging van 3VO Biotoop gesproken. Zij geven aan dat ze goed gehoord zijn in het participatieproces, maar tegelijkertijd hebben ze wel het gevoel dat er met hun input niet, dan wel nauwelijks, iets is gedaan. Meer dan 70% wenst minder water en meer bomen te krijgen. Daar is totaal geen gehoor aan gegeven. Kan de wethouder aangeven wat hiervan de motivatie is? Antwoord 5 70,2% van de mensen zou meer ruimte voor groen willen (zie blz 106 participatieboekje). Mensen hebben daarbij ingevuld dat zij vooral meer diversiteit, variatie en afwisseling in het groen willen. Ook willen ze meer kleur in het groen. Dit kun je vooral realiseren door te zorgen voor structuurvariatie en het aanleggen van nieuwe biotopen en dat kan ook door de aanleg van extra water. Het is belangrijk te beseffen dat, het water dat we nieuw bij maken niet als doel heeft enkel meer water te creëren. Het doel is nieuwe functies en natuurkwaliteit toe te voegen, waar vanuit bewoners behoefte aan is. Functie 1: Een goed hondenstrand waar de hond veilig los kan lopen en geen overlast kan veroorzaken voor vissers en zwemmende mensen. Functie 2: Het verhogen van biodiversiteit.
Door het aanleggen van een rietput creëren we in het park een unieke biotoop voor nieuwe diersoorten, zoals verschillende riet en zangvogels. Dit is een verrijking voor zowel de natuur als voor de bezoekers, die kunnen genieten van de toename aan mooie verschillende diersoorten. Functie 3: Het creëren van een mooi rustpunt aan het water met een rolstoeltoegankelijke steiger. Hier vanaf is er uitzicht op een aantal aaneengeschakelde eilandjes waar diersoorten als kikkers, salamanders, vissen en ook de ijsvogel kunnen floreren. Mogelijk zou hier ook een aantrekkelijke kano route langs heen lopen. Dit is een win-win situatie voor natuur als voor recreatie.
Deze functies zijn belangrijk om het park leefbaar en aantrekkelijk te houden voor mens en dier. Om deze functies te faciliteren is het noodzakelijk water te maken, dit doen we echter op een zo beperkt mogelijke manier. Er moet uiteraard ook voldoende ruimte overblijven voor bomen en bloemenvelden. Vraag 6 Van diezelfde inwoners en vertegenwoordigers, vernamen wij dat zij geen terugkoppeling zouden hebben ontvangen op hun inbreng. Kan de wethouder aangeven waarom hun inbreng niet teruggekoppeld is aan die bewoners in het algemeen en die van 3OV in het bijzonder?..... Antwoord 6 De inbreng is wel teruggekoppeld en ook is er teruggekoppeld wat er met de inbreng is gedaan en welke antwoorden zijn gegeven. Er is een maillijst Oosterpark (inmiddels uitgegroeid tot 716 mailadressen) van mensen die geïnformeerd willen blijven over het Oosterpark. De mensen (die in oktober 2020 op deze maillijst stonden) hebben in oktober de link ontvangen naar de publicatie op de website van de “meest gestelde vragen en antwoorden” (hoofdstuk 7 in het participatieboekje). Alle leden van de werkgroep Oosterpark hebben na de eerste bijeenkomst (9 februari 2021) onder andere de tabel uit hoofdstuk 6 van het participatieboekje ontvangen. Ook hebben alle leden van de werkgroep Oosterpark naar aanleiding van hun reacties de tabel uit hoofdstuk 5 van het participatieboekje ontvangen.
De mensen op de maillijst Oosterpark zijn in maart geïnformeerd over de onlinebijeenkomsten van 22 maart en 23 maart en hebben de link naar de website ontvangen. Iedereen die gemaild heeft naar aanleiding van deze bijeenkomsten of informatie op de website heeft persoonlijk reactie gekregen zoals verwoord in de tabel van hoofdstuk 4 uit het participatieboekje. Ook is deze tabel naar de maillijst Oosterpark verzonden. In april en begin mei hebben we nog diverse mails ontvangen (zie hoofdstuk 3 van het participatieboekje). Deze mensen en ook 3VO hebben allemaal persoonlijk een mail teruggekregen met de reactie zoals verwoord in hoofdstuk 3 van het
participatieboekje. 3VO is uitgebreid overal over geïnformeerd en bij betrokken. Ook hebben zij op regelmatige basis gesprekken met de betrokken wethouders. Naar aanleiding van het laatste bestuurlijk overleg met 3VO van 20 mei jl. heeft de wethouder gemeend het antwoord op hun laatste vragen via de mail te versturen.