Antwoord PvdA Nota parkeernormen.pdf
Tekst van het document
Vragen vergaderstukken gemeenteraad Ridderkerk Algemene informatie
Vragensteller: Jeroen Rijsdijk, PvdA Ridderkerk
Onderwerp/vergaderstuk: Nota parkeernormen 2024
Vergaderdatum: 1 februari 2024
Portefeuillehouder: P. Meij
Datum indiening vraag: 31 januari 2024
Datum ontvangst antwoord: 1 februari 2024
Vragen en antwoorden Vraag 1 Onlangs verscheen in de media het bericht dat het autogebruik in Nederland ‘opmerkelijk’ is gestegen. Is dit het moment om de parkeernormen te verlagen (www.pnnl.nl/index.php/new/30291/2023---een-jaar-van-groei-voor-de-auto)? Antwoord 1 Ja. De parkeernormen zijn afgestemd op het autobezit in Ridderkerk. Vraag 2 De parkeernormen voor het Centrum en de schil van het Centrum zijn lager dan elders in Ridderkerk, omdat er volgens de stukken in deze gebieden meer voorzieningen en beter openbaar vervoer zijn. Hoe verhoudt het autobezit in het Centrum en de schil van het Centrum zich tot de rest van Ridderkerk? Graag uw antwoord met cijfers onderbouwen. Antwoord 2 Bij het bepalen is in overleg met het adviesbureau gekozen om de kengetallen die in het ASVV staan te volgen voor de parkeernormen in Ridderkerk. Hierbij is gekeken of Ridderkerk verdeeld kan worden in gebieden (centrum, schil, rest). Op de website van de provincie staat een link naar www.passendeparkeernorm.nl. Op deze website kan per gebied het type woning aangegeven worden en vervolgens wordt aangegeven wat het autobezit is. Stel er wordt gekozen voor sociale huur. Dan blijkt in de centrum resp. de
schil een parkeernorm voor sociale huur van 0,6 resp. 0,7 parkeerplaats per woning te gelden. Stel er wordt gekozen voor koopappartementen dan geldt een parkeernorm van 1,0 resp. 1,1 parkeerplaats per woning. In deze normen ontbreek het bezoekersaandeel (0,2 parkeerplaats) en (privaat) leaseauto. De echte parkeernormen liggen hoger.
In de nota parkeernormen geldt voor ‘Sociale huur, 1e aftoppingsgrens’ een parkeernorm van 0,9 resp. 1,1 parkeerplaats per woning. Dit is inclusief lease en het bezoekersaandeel. In de nota parkeernormen geldt voor koopappartementen per grootte van de woning verschillende normen, voor het centrum is dit 1 tot 1,4 en voor de schil 1,1 tot 1,6 parkeerplaats per woning. De normen die in de nota parkeernormen staat zijn iets hoger. Bovenstaande berekening bevestigt de onderbouwing om het ASVV te volgen. Vraag 3 Als een projectontwikkelaar minder parkeerplaatsen hoeft aan te leggen bij woningbouwprojecten, betekent dit dan ook dat projecten goedkoper worden? Zo ja, kunt u daarvan een financiële indicatie geven en komt dit bedrag ten goede aan de kopers/huurders of aan de projectontwikkelaar? Antwoord 3 Afhankelijk van de positie waar de projectontwikkelaar deze parkeerplaatsen had moeten realiseren, kosten parkeerplaatsen een paar duizend euro’s per parkeerplaats op straatniveau. Bij een (woning)bouwplan kan dit ervoor zorgen dat een bouwplan rendabel wordt en kunnen er meer woningen gebouwd worden. Vraag 4 Hoe en door wie wordt gemonitord of deelauto’s/hoogwaardig openbaar busvervoer daadwerkelijk tot minder autobezit/-gebruik leidt? Als dit toch niet het geval is, hoe hard is dan de ‘garantie’ voor
de aanleg van de benodigde (extra) parkeerplaatsen om de parkeerdruk te verminderen en hoe ziet het proces eruit om deze alsnog te realiseren? Antwoord 4 Dit wordt niet gemonitord. Het besluit om extra parkeerplaatsen aan te leggen moet zorgvuldig worden genomen. Op basis van klachten over de parkeerdruk wordt op verschillende moment onderzoek gedaan naar de parkeerdruk en het gebruik van de deelauto(‘s) en de overige parkeerplaatsen. Als blijkt dat deze deelauto(’s) onvoldoende gebruikt worden, dan wordt aan de bewoners gevraagd wat de reden hiervan is en wordt verzocht om meer gebruik te gaan maken van de deelauto(‘s). Hierbij wordt ook gevraagd om meer gebruik te gaan maken van fiets en openbaar vervoer. Vervolgens wordt na een bepaalde periode een tweede onderzoek gedaan. Als hieruit blijkt dat het gebruik van de deelauto ervoor zorgt dat er een te hoge parkeerdruk blijft, dan wordt aan de bewoners medegedeeld (gegarandeerd) dat de parkeerplaatsen op kosten van bewoners worden aangebracht. Als bewoners geen gebruik kunnen of willen maken dat blijft de parkeerdruk hoog en wordt dit niet opgelost door de gemeente. Vraag 5 Als de parkeerplaatsen later worden aangelegd, zijn de kosten voor de (toekomstig) eigenaar. Wie is/zijn dat en kan de situatie zich voordoen dat bewoners opdraaien voor de kosten? Antwoord 5 Ja de kosten zijn voor de bewoners en/of de verhuurder.
De verplichting is geborgd in de nota parkeernomen. In de overeenkomst met de projectontwikkelaar en vervolgens in de koop/huur overeenkomst staat dat (toekomstig) eigenaren opdraaien voor de kosten. Vraag 6 Het college kan gemotiveerd afwijken van de voorgestelde parkeernormen. Kunt u voorbeelden geven van situaties die zich daarvoor lenen? Antwoord 6 Voorbeeld 1. Er wordt een verzorgingshuis voor demente bejaarden gebouwd. In de nota parkeernormen geldt voor een verzorgingshuis een parkeernorm van 0,6 parkeerplaats per wooneenheid. Het aandeel bezoekers is 57%. Dit houdt in dat 43% van de parkeerplaatsen bedoeld is voor personeel (o.a. verzorgenden) en de bewoners. Als in het verzorgingshuis alleen demente bejaarden wonen dan zal het parkeeraandeel van de bewoners nul zijn. Stel het verzorgingshuis heeft 100 wooneenheden. De parkeervraag is dan 0,6 maal 100 is 60 parkeerplaatsen. Waarvan 60 maal
57% is 34 voor bezoekers zijn. De rest (26) van de parkeerplaatsen is dan voor het personeel. Stel de eigenaar van het verzorgingshuis toont en onderbouwt dat op het drukste moment er nooit meer dan 20 personeelsleden aanwezig kunnen zijn. Het aantal parkeerplaatsen voor personeel zou dan 26 min 20 is 6 parkeerplaatsen te veel zijn. Het college kan dan besluiten om op dit onderdeel van de nota parkeernormen af te wijken. Voorbeeld 2. Stel in het buitengebied worden 10 vrijstaande woningen gebouwd. Waarbij via een dubbele oprit zonder garage 2 parkeerplaatsen op eigen terrein gerealiseerd kunnen worden. Volgend de nota parkeernormen geldt voor vrijstaande woningen een norm van 2,1 parkeerplaats per woning (het aandeel bezoek is 0,3 parkeerplaats per woning). De parkeerplaatsen met een dubbele oprit zonder garage op eigen terrein tellen mee voor 2 parkeerplaatsen. De parkeervraag voor deze 10 woningen is 21 parkeerplaatsen, waarvan 3 voor bezoekers. Deze bezoekers parkeerplaatsen moeten openbaar toegankelijk zijn en kunnen niet op eigen terrein gerealiseerd worden. Bij 10 woningen zijn 3 parkeerplaatsen voor bezoek, in sommige situaties erg krap. De projectontwikkelaar besluit om 5 parkeerplaatsen in plaats van 3 parkeerplaatsen aan te leggen voor bezoek. Het parkeeraanbod is 2 maal 10 is 20 plus 5 is 25 parkeerplaatsen. Dit zijn 25 min 21 is 4 parkeerplaatsen te veel.
Het college kan dan besluiten om op dit onderdeel van de nota parkeernormen af te wijken. Vraag 7 Wordt bij de aanleg van nieuwe parkeerplaatsen rekening gehouden met het gegeven dat auto’s tweejaarlijks gemiddeld een centimeter breder worden (www.ad.nl/auto/autos-worden-elke-tweejaar-een-centimeter-breder-en-dat-is-niet-zonder-gevolgen~a5bcb708/)? Antwoord 7 Ja, hier wordt rekening mee gehouden. In de nota parkeernormen wordt met name aangegeven dat de breedte die in de NEN2443 staat te smal is en 2,5 m moet worden. Dit komt overeen met de aanbevelingen die staan in het ASVV 2021. Vraag 8 Hoe kijkt u er tegenaan om bij de aanleg van nieuwe parkeerplaatsen als eis aan de projectontwikkelaar te stellen dat deze klimaatvriendelijk worden aangelegd met groene en half verharde delen in plaats van 100% versteend?
Antwoord 8 Een projectontwikkelaar is verplicht om het inrichten van de openbare ruimte af te stemmen met de gemeente. Wij toetsen of een plan aan de klimaatdoelstellingen voldoet. De nota parkeernormen gaat over het bepalen van het aantal parkeerplaatsen en niet over klimaatvriendelijke oplossingen. In de nota wordt wel verwezen naar het ASVV. Hierin staat de klimaatadaptatie genoemd en hoe parkeerplaatsen klimaatvriendelijk kunnen worden aangelegd.