CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies Burgeradviesraad SD op Beleidsregels Leerlingenvervoer Ridderkerk 2026.pdf

Commissie Samen leven RK 27 mei 2026, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 12: Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven2.129 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Ridderkerk Datum: 3 september 2025 Betreft: Advies beleidsregels leerlingenvervoer Ridderkerk 2026 Geacht college, Op uw verzoek ontvangt u hierbij ons advies op het conceptdocument “Beleidsregels leerlingenvervoer Ridderkerk 2026”. Separaat, maar niet onlosmakelijk, ontvang u ons advies op het concept van de “Verordening leerlingenvervoer Ridderkerk 2026” In het overzicht “wijzigingen op hoofdlijnen” wordt gewag gemaakt van het feit dat de verordening in lijn is gebracht met de nieuwe landelijke verordening van de VNG. Door het simpel naast elkaar leggen van deze laatste en de “Verordening leerlingenvervoer Ridderkerk valt het op dat beslistermijnen zijn opgerekt tot de maximale periode en er geen afwijzingsgronden expliciet worden benoemd. Het artikelsgewijze naast elkaar leggen van het model van de VNG en de Ridderkerkse verordening is een lastige zaak, temeer daar het aantal artikelen in het VNG-model 31 bedraagt en in de Ridderkerkse verordening slechts 22. Het zou dan ook beter als de Ridderkerkse verordening synchroom zou lopen met het VNG-model. In voorbereiding op dit advies is in de Combinatie een oproep geplaatst om ervaringen met het leerlingenvervoer met de werkgroep te delen. Hierop zijn vier reacties binnen gekomen.

Er zijn gesprekken gevoerd met de behandelend ambtenaar en de coördinatrice van de schakelklas van de basisschool de Piramide. Wat gemist wordt in de Verordening zijn: 1. Een duidelijke hardheidsclausule, zodat het college bij schrijnende of complexe situaties maatwerk kan leveren; 2. Mensbeeld. (een voorstel hiervoor staat onder het kopje “Het individuele kind centraal stellen”) 3. Cliëntondersteuning 4. De gemeente is verantwoordelijk voor het organiseren van leerlingenvervoer. In de huidige beleidsregels worden echter nauwelijks voorwaarden gesteld aan de kwaliteit van dit vervoer. Dit is een risico voor zowel de leerlingen als hun ouders. De kwaliteit van het vervoer bepaalt immers in hoge mate of kinderen veilig, op tijd en in een passende omgeving naar school kunnen reizen. Voor ouders is dit een belangrijke voorwaarde om vertrouwen te hebben in de regeling. Ons advies betreft onderwerpen van algemene aard en specifieke artikelen.

Pagina 1 van 6

Onderwerpen van algemene aard. Het individuele kind centraal stellen Het is essentieel dat bij het leerlingenvervoer de situatie van elk kind zorgvuldig wordt bekeken. Er moet meer aandacht zijn voor maatwerk, zodat er voldoende ruimte is voor het afstemmen van vervoersbehoeften op het individuele kind. In de verordening dient expliciet te staan dat het individuele kind altijd centraal staat bij het bepalen van de vervoersbehoeften, conform het gestelde in het Kinderrechtenverdrag. Volgens dit verdrag zou er ook afstemming met het kind zelf moeten plaatsvinden. Empathie en veiligheid Nadrukkelijk wordt in de Verordening leerlingenvervoer Ridderkerk 2026 de empathie voor het kwetsbare kind en zijn/haar veiligheid gemist. Elke regel en voorschrift zal gebaseerd moeten zijn op empathie voor ouder en kind en de veiligheid voor het kind. Kwetsbare kinderen laat je als ouder niet in het donker van ochtend en namiddag alleen over straat lopen. Dat er een zekere zorgplicht voor het kind bestaat staat buiten twijfel. Echter ouders zullen niet altijd, zelfs vaak niet, in de gelegenheid zijn om het kind te begeleiden op weg naar de actuele bestemming, zoals school, buitenschoolse opvang, etc. Afstanden die het kind zou moeten afleggen mogen om die reden nooit groter zijn dan 100 meter.

Een belangrijk aspect in de veiligheid van het kind in de openbare ruimte is dat het niet langer dan strikt noodzakelijk op welke locatie dan ook (rond school en opvang) moet verblijven. Derhalve dienen afspraken met vervoerders zo gemaakt te worden dat de wachttijden voor het kind bij school, opvang en huis niet meer kan bedragen dan vijf minuten. Maatwerk Wij zien dat een belangrijke zinsnede uit de vorige verordening “Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer Ridderkerk 2023” niet terug te vinden is. Het gaat om deze zin, zoals opgenomen in de toelichting van artikel 6 t/m 11: c. Daarom is het toepassen van maatwerk belangrijk. De vervoersmatrixen dienen als algemene beoordelingsrichtlijn. Wij hebben geen toelichting ontvangen. Dat maatwerk kan worden toegepast is (was) dus van toepassing op een groot deel van de artikelen. Dat de vervoersmatrices zijn vervallen en impliciet zijn opgenomen in artikel 8 is voor de ALGEMENE toepassingsmogelijkheid van maatwerk niet relevant Zoals gezegd, in de toelichting, is het toepassen van maatwerk belangrijk. Omdat het college dit terecht belangrijk vindt hoort het niet in de toelichting maar dient het in de artikelen zelf te worden opgenomen. De toepassing van maatwerk zien we terug in veel van de laatst aangepaste verordeningen, dit is volledig in overeenstemming met het algemene beleid en juichen wij toe.

In deze beleidsregels komt dat echter onvoldoende tot uiting. Uitvoerende ambtenaren hebben met maatwerk in ieder geval de mogelijkheid om, daar waar dat noodzakelijk is, de regels flexibel toe te passen.

Pagina 2 van 6

Algemeen advies

Neem in hoofdstuk 3 Beoordelingscriteria in artikel 7 een extra sub-artikel (7.3) op, waarin wordt opgenomen dat maatwerk zal worden toegepast als met de algemene beoordelingsrichtlijnen geen passende vervoersoplossing kan worden aangeboden. Of iets in die geest. Wij vernemen graag wat met dit advies gedaan wordt voordat de definitieve versie aan de raad wordt voorgelegd. Onderwerpen van algemene aard. De praktijk. Uit onze achterban krijgen we (veel) klachten over de uitvoering van het leerlingenvervoerbeleid. Het vermoeden is bij ons ontstaan dat de uitvraag, om leerlingvervoerders te contracteren, onvoldoende rekening houdt met wat het beleid voor ogen heeft. M.a.w. de contracten deugen niet en volgen het beleid niet. Als daar ook advies over gevraagd zal worden kunnen we een belangrijke meerwaarde creëren. N.B.: Dit advies heeft geen invloed op de beleidsregels. Artikel. 2 Aanvraagprocedure Advies aanvraagprocedure medische verklaring. Wij adviseren de gemeente om aangepast leerlingenvervoer te erkennen als een noodzakelijke voorziening voor kinderen die door een beperking of ernstige belemmering niet zelfstandig of met regulier vervoer naar school kunnen. Start daarbij vanuit vertrouwen dat ouders het beste weten wat hun kind nodig heeft.

Deze werkwijze voorkomt onnodige belasting voor gezinnen en bevordert een mensgerichte uitvoering waarin de ondersteuningsvraag centraal staat – niet het bewijs van de beperking. Een toekenning van een voorziening dient gedurende de gehele schoolperiode van het kind automatisch verlengd te worden. Indien de ouders de aanvraag niet kunnen doen, bv. door laaggeletterdheid, kan de onderwijsinstelling de aanvraag namens hen doen. Artikel 6 Nieuwe aanmelding tijdens het lopende schooljaar en mutaties Wanneer een aanvraag midden in het schooljaar wordt ingediend, dan zijn de ouders verantwoordelijk voor het vervoer van de leerlingen tot het besluit is genomen. En dat kan 6 tot 8 weken duren. Gedurende de looptijd van de aanvraag heeft het kind recht op leerlingenvervoer. Mocht later blijken dat de aanvraag wordt afgewezen, dan wordt de voorziening stopgezet en hoeven de ouders de gemaakte kosten niet terug te betalen. Hoewel regels nodig zijn om duidelijkheid te geven en om iedereen eerlijk en gelijk te behandelen, kan geen enkele regel alle persoonlijke omstandigheden volledig dekken. Elke situatie van een inwoner is namelijk net iets anders. Daarom is het belangrijk dat beleidsmedewerkers niet alleen strak de regels volgen, maar ook de ruimte krijgen om zelf af te wegen wat in een bepaalde situatie passend en wenselijk is.

In de praktijk gebeurt het dat kinderen pas naar school gaan als het besluit is genomen van het vervoer. Wij vinden dat het perspectief van het kind centraal moet staan. En regelwerk mag nooit het recht op onderwijs worden beperkt door wachttijd of regelwerk.

Pagina 3 van 6

Artikel 7 Verantwoordelijkheid van ouders. Het is niet redelijk om van ouders te verwachten dat zij hun baan of inkomen opofferen om leerlingenvervoer zelf te regelen. Carpoolen kan soms een oplossing zijn, maar dat vergt veel afstemming: dezelfde schooltijden, nabijheid van andere ouders, en het kind moet sociaal/medisch gezien wel in staat zijn om samen te reizen. Voor kinderen met een beperking is dat niet altijd passend. Het kán in sommige situaties redelijk zijn dat ouders een vervoersmiddel aanschaffen. Maar het is niet realistisch om dat te verwachten van álle ouders van kinderen met een beperking. De gemeente moet per situatie bekijken of dit een reële en haalbare optie is, en zo niet, zelf leerlingenvervoer regelen

Artikel 8. Bepalen afstand

1. Voor het bepalen van afstanden maakt het college gebruik van de routeplanner Google Maps. Daarbij wordt altijd gekozen voor de kortste afstand (‘kortste route’) en wordt het gemiddelde van de heenreis en terugreis berekend. Dit is één van de artikelen die op hoofdlijnen is gewijzigd. De matrix voor afstanden is weggelaten en impliciet in artikelen verwerkt (art. 8). In de vorige beleidsregels was maatwerk hier óók van toepassing. Artikel 3.3 luidde: Als er sprake is van een wachtlijst, dan geven de samenwerkingsverbanden een definitief advies over het al dan niet tussentijds kunnen overplaatsen naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school en eventueel benodigd maatwerk. Nu is opgenomen dat er ALTIJD gekozen wordt voor de kortste afstand, dit laat geen ruimte voor maatwerk; zie ook voorgaand algemeen advies.

Advies Artikel 8.1

Wijzig de tekst in: 1. Voor het bepalen van afstanden maakt het college gebruik van de routeplanner Google Maps. Daarbij wordt in de meeste gevallen gekozen voor de kortste afstand (‘kortste route’) en wordt het gemiddelde van de heenreis en terugreis berekend. Of iets van deze strekking.

Artikel 9. Opstapplaatsen

1. Het college bepaalt de opstapplaatsen in overleg met het vervoersbedrijf. 2. De opstapplaats bevindt zich op een redelijke afstand van maximaal 2 kilometer van de woning van de leerling. 3. De vervoerder en/of het college bepaalt op welke opstapplaats de leerling wordt opgehaald en teruggebracht, zodat leerlingen die dezelfde scholen bezoeken zo veel mogelijk op één halte worden opgehaald. Quote van Mobiliteit .nl: “In de helft van alle Nederlandse gemeenten hebben inwoners een halte voor het stads- of steekvervoer op maximaal 400 meter afstand. Dit wordt vaak genoemd als maximaal acceptabele

Pagina 4 van 6

loopafstand naar een bushalte. De gemiddelde reisafstand tot een halte in heel Nederland bedraagt 400 meter. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).” Uit eigen jarenlange ervaring met leerlingenvervoer in een middelgrote gemeente weet ik dat elk kind van huis opgehaald wordt en thuis wordt gebracht. Ergo dient ten alle tijden het kind van huis afgehaald te moeten worden. In andere gemeenten is niet een gezamenlijke opstapplaats van belang maar meer het feit dat de opstapplaats “op de route ligt”. De zin van artikel 5.1 ontgaat ons, omdat deze al in artikel 9.2 is ingebed.

Advies Artikel 9.2

Wijzig de tekst in: De opstapplaats bevindt zich op een redelijke afstand. In alle gevallen is een afstand van 2 km ondoenlijk. Het 2 km lopen met een kind met een beperking of handicap duurt ca 30 minuten. In de regen, in de vrieskou, in het donker, heen en terug. Nu zal dat niet vaak voorkomen maar ook hier is er geen ruimte geboden voor maatwerk. Voor deze specifieke groep zou een maximale afstand tot een opstapplaats nooit meer mogen bedragen dan 100 meter. Artikel 11 Hoogbegaafd onderwijs In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat scholen geld ontvangen voor de specifieke benadering van ‘zorgleerlingen’. Hieronder vallen ook hoogbegaafde kinderen met of zonder beperking. De praktijk leert dat veel scholen deze zorg alleen besteden aan moeilijk lerende kinderen of kinderen met gedragsproblemen en niet aan hoogbegaafde kinderen. Scholen kunnen hierop aangesproken worden (bijvoorbeeld in een OOGO). Het ministerie van OCW heeft geld beschikbaar gesteld om projecten op te starten, gericht op het stimuleren van uitmuntende prestaties van toptalenten op basisscholen en het stimuleren van een omgeving waarin excellentie wordt gewaardeerd. Uit het rapport van de kinderombudsman blijkt dat er meerdere knelpunten zijn, zowel bij het toekennen van het vervoer als in de uitvoering ervan.

Soms vallen groepen leerlingen zonder handicap buiten de boot, terwijl zij wel tot een speciale school zijn toegelaten. Hoogbegaafde kinderen krijgen niet altijd leerlingenvervoer toegewezen ook al moeten zij naar een school die past bij hun behoeften. Het levert leerkrachten en orthopedagogen veel werk op. “Leerkrachten moeten zeker in het begin van het jaar veel met ouders communiceren over de ophaal-tijden en als die verlaat zijn moet je dat ouders laten weten.” Orthopedagogen moeten veel administratieve rompslomp invullen voor de noodzakelijkheidsverklaring. “Dat is een bulk werk, maar wat is het nut van een verklaring als het kind al een toelating tot het speciaal onderwijs heeft", zegt Goossens. "Het is niet dat we ons hier zitten te vervelen. Ik zou die uren van leraren en orthopedagogen liever in het onderwijs steken, maar als we deze acties niet doen komt het kind niet op onze school.”: 'Er wordt teveel vanuit regels en systemen gedacht, en te weinig vanuit het kind.' Indien er nog vragen zijn naar aanleiding van dit advies zijn wij graag bereid mondeling of schriftelijk toelichting te geven.

Pagina 5 van 6

Hoogachtend, Burgeradviesraad Ridderkerk

Pagina 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1287/documents/43090