CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-01-11-verslag-commissie-samen-leven-wonen-ridderkerk.pdf

Commissie Samen leven en Samen wonen RK 11 januari 2024, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0.: Besluitenlijst en verslag9.633 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Woordelijk verslag vergadering commissie Samen leven en Samen wonen 11 januari 2024 1. Opening en vaststellen agenda De voorzitter: Goedenavond allemaal. Van harte welkom richting de commissieleden, de wethouders, de ambtelijke ondersteuning, de bezoekers op de publieke tribune en alle luisteraars thuis. Van harte welkom bij deze gezamenlijke commissieavond van de commissies Samen leven en Samen wonen. En voor een ieder die denkt, we hebben een nieuwe voorzitter, ik mag vanavond het stokje overnemen van de heer Rottier, om als plaatsvervangend voorzitter wat ervaring op te doen. Ik ga m’n best doen dat de heer Rottier absoluut geen spijt van gaat krijgen, vanavond. En ik wil graag nog mededelen dat alle fracties aanwezig zijn. Allereerst de opening en de vaststelling van de agenda. Is er iemand van de commissie die nog een opmerking wil maken over de agenda? Dat is niet het geval, dan stellen we bij deze de agenda vast. 2. Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld De voorzitter: Agendapunt 2, spreekrecht voor iedereen die zich heeft gemeld. Er hebben geen sprekers zich gemeld. 3. Vaststellen besluitenlijst commissie Samen leven en besluitenlijst commissie Samen wonen van 30 november 2023 De voorzitter: Derde, de vaststelling van de besluitenlijsten van zowel de commissie Samen leven, als de commissie Samen wonen van 30 november 2023.

Allereerst willen we graag nog kijken naar het verslag van de commissie Samen leven. Heeft iemand vanuit de commissie een opmerking over het verslag? Dat is niet het geval, dan wil ik graag overgaan naar de actiepunten. Allereerst actiepunt nummer één, over de Startnotitie Nota Economisch Beleid. De streefdatum daarvoor is het eerste kwartaal van 2024. En ik wil aan de heer Van Os vragen, wethouder Van Os, of dat nog steeds het eerste kwartaal van 2024 is, en wanneer we het dit kwartaal kunnen ontvangen. De heer Van Os: Jazeker, voorzitter, dit kwartaal gaat de commissie hem ontvangen. De voorzitter: Kijk, dank u wel. Het tweede actiepunt gaat over de Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerwaard, de aanbesteding van de windmolens. De streefdatum is op dit moment december, nou, dat is verlopen. Nogmaals de vraag aan de heer Van Os, wat is op dit moment de actuele streefdatum van actiepunt nummer twee? De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Dat vergt even wat meer uitleg deze. Wij zijn bezig geweest met kijken of quasi-inbesteden een mogelijkheid was voor de windmolens. Daar is inmiddels een juridische advies op gekomen dat dat niet mogelijk is. Dus onderzochten wij de mogelijkheden voor een maatschappelijke tender.

Daarvan hebben we gezegd, nou ja, daar zullen we dan de raad over informeren, om daar met elkaar over een gesprek te voeren, ware het niet dat onlangs … Nou ja, de raad en de commissie is op de hoogte van TenneT, met de 380 kV tracé zoektocht, waarbij ook een corridor over Ridderkerk en Nieuw Reijerwaard loopt. Waarbij wij dat nu eigenlijk wel als donkere wolk zien met betrekking tot de realisatie van de windmolens, en voor nu afwachten wat daar uitkomt de Pagina 1 van 18

komende maanden, om te kijken of er überhaupt wel windmolens gerealiseerd kunnen worden, mocht dat hun voorkeurstracé gaan worden. Dus wij stellen dat nog even uit tot nader order, totdat wij weten vanuit RVO TenneT wat eruit gaat komen. De voorzitter: Dank u wel. En met nader order bedoelt u, u heeft geen idee van eerste of tweede kwartaal? De wethouder schudt nee. Is er iemand vanuit de commissie die hierover nog een vraag wil stellen? De heer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ik hoor het antwoord van de wethouder. Ik vroeg mij even af, voor mij zijn we als raad, en ik neem aan het college ook, fel gekant tegen de eventuele komst van zo’n hoogspanningslijn daar, over die locatie. En ik ben benieuwd of dit juist niet zou zorgen, als er wél windmolens komen, dat die er voor zorgen, nou, dan kunnen daar geen hoogspanningskabels meer komen. Ik ben benieuwd hoe de wethouder daar naar kijkt. De voorzitter: Wethouder, wilt u daar nog op reageren? De heer Van Os: Jazeker, voorzitter. Want wat wij vanuit de ambtelijke organisatie terugkrijgen is dat RVO TenneT, in het tracé waar windmolens staan, simpelweg zeggen, die kopen wij weer uit, die windmolens. En om dan tot realisatie van windmolens op Nieuw Reijerwaard over te gaan, om vervolgens een jaar later weer uitgekocht te gaan worden, lijkt ons niet zinvol.

Dus de inzet van het college, en ik denk ook van de raad, is om dat tracé niet over Ridderkerk te laten gaan. Maar zolang dat ook nog niet van tafel is, achten wij het niet zinvol om nu tot een aanbesteding van windmolens over te gaan. De voorzitter: Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel, voorzitter. Vraag aan de wethouder. Ik hoor u net zeggen dat ze eventueel dan overgaan tot een uitkoop, kun je dan niet bij het plaatsen ervan een soort verplichting opleggen dat ze de eerste vijf jaar of zeven jaar, of weet ik hoeveel jaar, helemaal niet tot verkoop of iets dergelijks over kunnen gaan? Dus de mensen die de windmolens plaatsen, dat ze dus niet over kunnen gaan tot het laten uitkopen ervan. De voorzitter: Als het goed is heeft mevrouw Van Nes-de Man, van Burger op 1, ook nog een vraag. Maar ik wil toch oproepen om het kort te houden en dat het niet richting een debat gaat. Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Het is een inhoudelijke vraag, geen debat. Ik hoor de wethouder zeggen, dat hangt als een donkere wolk boven ons. Houdt dat in dat er ontwikkelingen zijn, als het gaat over die leiding van TenneT? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: In eerste instantie op de vraag van mevrouw Van Vliet, het gaat niet zozeer over de exploitanten van de windmolens dat die uitgekocht moeten worden.

Mocht het Rijk besluiten, de minister besluiten, dat het voorkeurstracé voor die 380 kV leiding over Ridderkerk heen gaat, dan zullen de exploitanten van de windmolens uitgekocht moeten worden door RVO TenneT in deze. Dus het gaat niet andersom, dat de exploitanten van de windmolens hun molens een aantal jaar moeten laten draaien, nee, RVO TenneT heeft aangegeven, in 2025 moet de Pagina 2 van 18

schop in de grond. En het voorkeursbesluit wordt eind dit jaar genomen door de minister, en ja, dat lijkt ons gewoon zinvol als college om daarop te wachten. Stel dat het voorkeurstracé inderdaad Ridderkerk wordt, waar wij als college, maar ook als raad van hebben gezegd, er zijn heel veel argumenten om dat niet te doen, maar het blijkt toch zo te zijn, dan word je gewoon door het Rijk overruled en dan komt het voorkeurstracé gewoon over Ridderkerk heen, en dus ook over eventueel gerealiseerde windmolens. En dat lijkt ons dus niet zinvol, om als zo'n besluit wordt genomen eind dit jaar, om dan nu tot realisatie van windmolens over te gaan. Vraag van mevrouw Van Nes-de Man, die heb ik even niet meer scherp. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Heb je hem weer scherp? Nee. De wethouder gaf aan, dat hangt als een donkere wolk boven ons. Houdt dat in dat er ontwikkelingen zijn in de richting van het eventueel over Ridderkerk komen van die 380 kV lijnen? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Nee, aantal corridors zijn er nog steeds tien. Maar ook zijn er inmiddels concept beantwoordingen gekomen op alles wat aangedragen is door de verschillende gemeenten. Nou, daar blijkt gewoon uit dat windmolens geen belemmering is voor RVO TenneT om het tracé ergens te laten landen.

En dat is voor ons een donkere wolk geworden, want wij dachten dat als argument aan te dragen, dan komt hij toch niet over Ridderkerk. En zij geven gewoon ambtelijk aan, ook al staan ze in Ridderkerk en het tracé gaat over Ridderkerk komen, dan dienen we die uit te kopen, die windmolens. Of ze er nou een jaar staan of vijftien jaar, dat is dan niet relevant. De voorzitter: Dank u wel. Dat was het antwoord op de streefdatum van actiepunt nummer twee. Wil ik nog het derde actiepunt van de commissie Samen leven navragen. Daar staat over de halfjaarsrapportage van de Veiligheidsregio Rijnmond, dat de burgemeester in gesprek zou gaan over de Jeugdbrandweer. De burgemeester is er niet, maar is er iemand van het college die hier over een update kan geven? Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Dat gesprek gaat in januari plaatsvinden tussen de burgemeester en de Veiligheidsregio over dit onderwerp. Dus hij staat geagendeerd voor januari, dat gaat ook gebeuren. Uiteraard zal de terugkoppeling dan iets later komen. De voorzitter: Het wordt me ingefluisterd dat we het zetten op het eerste kwartaal 2024. Betreft de commissie Samen wonen van 30 november, heeft er iemand een opmerking over het verslag? Dat is niet zo.

Betreft actiepunt nummer twee, Sint Jorisplein en het overleg over de Geldmaat, kan wethouder Van Os een streefdatum hierover geven? De heer Van Os: Februari, uiterlijk februari. De voorzitter: Dank u wel. En ik zie de vinger van wethouder Meij nog omhoog gaan. De heer Meij: U wou haast Peter zeggen, maar goed. Er staat doorlopend, in maart komt er een raadsinformatiebrief en ook een informatieavond. Dus dat doorlopend dat wordt dus in dit geval concreet maart ‘24.

Pagina 3 van 18

De voorzitter: Dank u wel, duidelijk. 4. Startnotitie Actualisatie omgevingsvisie De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt nummer 4, de Startnotitie Actualisatie Omgevingsvisie. Ik wil vragen of wethouder Van der Duijn Schouten, ondersteund door de ambtenaren mevrouw Bos en de heer Verhoeven, naar voren komen. En mijn eerste vraag is aan de commissie, of de commissie het nog steeds eens is om dit ter debat naar de raad te doen. Ik zie ja-geknik. Dan wachten we even tot de wethouder en ondersteuning aanwezig zijn. Wethouder, heeft u nog de behoefte om een inleidend praatje op dit onderwerp? De heer Van der Duijn Schouten: Nou, voorzitter, ik denk dat we kort kunnen zijn. We hebben in 2017 een omgevingsvisie vastgesteld, en toen met een einddatum van 2035, dat is een looptijd van achttien jaar. En inmiddels moeten we concluderen dat de ontwikkelingen in de wereld sneller gaan en dat er gewoon tussen 2017 en nu heel veel gebeurd is. En dat het ook eigenlijk gewoon niet opportuun is om te zeggen, we laten dit tot 2035 zo. U heeft ook in het voorstel gezien dat de nieuwe einddatum ook nog maar een looptijd kent van tien jaar. En dat is ook nog ver zat, want er verandert gewoon zoveel in zo'n rap tempo, dat het goed is om daar nu weer een keer onze omgevingsvisie te actualiseren.

Er zijn een aantal punten genoemd in het stuk, maar ja, we hebben ook één van de vragen nog een keer beantwoord, ook in het kader van duurzaamheid. Daar vinden nu dingen plaats waar we acht jaar terug nog niet aan gedacht hadden. Dus het leek ons meer dan nuttig om die omgevingsvisie weer eens even up te daten. En daar ligt nu een voorstel voor, voor. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Zijn er vanuit de commissie vragen over dit onderwerp? De VVD; hoeveel? Twee. Burger op 1, mevrouw Van Nes, één. De heer Rijsdijk, Partij van de Arbeid, drie. De heer Alkema, ChristenUnie, één. Mevrouw Kayadoe, Leefbaar Ridderkerk, ook één. En dat was het. Dan beginnen we met Burger op 1, mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Er zijn heel veel goede vragen schriftelijk vooraf gesteld, dus ik kijk even aan of dat ik daarbij aanhaak, maar dat hoort u wel. Mijn vraag is eigenlijk, zijn wij niet een beetje te laat gestart met het vaststellen van het participatiebeleid, de visie op agrarische gronden en dat soort dingen? Dat gaat nu opstarten, terwijl de Omgevingswet al in gang is gezet, en zeker het participatiebeleid. Had dat er niet al moeten zijn? De voorzitter: Dank u wel. Had dat er niet moeten zijn, wethouder? De heer Van der Duijn Schouten: Nou ja, we hebben een participatiebeleid, alleen ook daar wordt nu naar gekeken.

De visie op agrarische gronden en ook een visie op hoogbouw zijn zaken waar we in het collegeprogramma van hebben gezegd, daar gaan we mee aan de slag. Nou, zoals u ook weet, is het afgelopen jaar een hele hoop gebeurd en hebben we de dingen gedaan die we moesten doen. Op dit moment zien we ruimte om met name die visie op agrarische gronden, die hoogbouwvisie, ook weer een plekje te geven, tegelijk in deze omgevingsvisie. Dus die integreren we daarin. Goed, de Nota Participatiebeleid staat daar helemaal los van, want daar wordt apart het traject voor gelopen. En los daarvan komen we nog naar uw raad terug met een apart participatieplan, juist voor dit proces, waarbij we in dit proces de Omgevingswet wel hebben genoemd. Maar ook als we geen nieuwe Pagina 4 van 18

Omgevingswet hadden gehad, hadden we naar u toe gekomen met een voorstel voor een update van onze omgevingsvisie, en hadden we ook met een participatieplan gekomen. Dus ik denk ook niet dat … We hebben nu zelf de koppeling ook wel gelegd, dat ben ik met u eens. Maar er is veel meer dan alleen de Omgevingswet, wat maakt dat we dit nu gaan doen. En zoals ik al zei, en ook zonder die Omgevingswet hadden we dit ook wel gedaan. Het is een bijkomstigheid die nu toevallig samenkomt, maar het is zeker niet de trigger om hiermee aan de slag te gaan. En sommige dingen hadden we liever eerder gedaan, maar ja, het kan ook niet allemaal tegelijk en op één moment. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Mevrouw Van Nes, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Wethouder, dank voor uw antwoord. U gaf net als laatste nog aan, we kunnen ook niet, we hadden het misschien ook wel liever gedaan. Maar, geeft dit nou valkuilen voor de gemeente, met name dat participatiebeleid? Lopen we tegen problemen aan, omdat dit niet al aangepast is op die Omgevingswet? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Nee. Natuurlijk wordt het een traject waar best nog wel valkuilen zitten, maar niet sec op de Omgevingswet. En ook niet sec, omdat we nu nog geen participatiebeleid hebben.

Het participatiebeleid wat we in het kader van de Omgevingswet gaan doen, is ook met name een leidraad, omdat initiatiefnemers straks de verplichting hebben om die participatie op te pakken. Dit is weer een participatie waar de verplichting bij de gemeente ligt, want dit is een proces wat wij lopen. En ja, u kan ervan vinden wat u wilt, maar we hebben natuurlijk al best wel wat ervaring als gemeente met participatie. Die ervaring wordt ook steeds beter. We vinden het heel belangrijk dat de participatie in dit traject goed loopt en dat is ook de reden dat we met een apart participatieplan komen voor dit proces. En met dat participatieplan ook nog een keer terugkomen naar uw commissie, om daar met u van gedachten over te wisselen. Dus, zitten er valkuilen? Nou, het is een vrij complex proces, dus ja, er zijn altijd valkuilen. Die proberen we zoveel mogelijk in beeld te krijgen en waar nodig te mitigeren. Maar sec op participatie is niet een bijzondere valkuil in relatie tot de ontwikkeling van het participatiebeleid wat nu loopt. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Gaan we over naar de ChristenUnie. Mijnheer Alkema, u had één vraag. De heer Alkema: Dank u wel, voorzitter. Ik heb eigenlijk niet zozeer een vraag aan de wethouder, maar aan de andere fracties. En dat is naar aanleiding van het antwoord op vraag vijf.

Het gaat in elk geval over het verzoek om de commissiebijeenkomsten in september te houden, in plaats van in juni en juli, omwille van de tijd en ook omwille van dat we dan de ruimte hebben om er goed over na te denken en niet in de stress te schieten over dit wel belangrijke onderwerp. En het kon, hebben wij gelezen, dus ... De voorzitter: Dank u wel. Laat ik het zo stellen, is er iemand vanuit de commissie die bezwaar maakt op het voorstel van de heer Alkema? De griffier. De heer Verweij : Dank u wel, voorzitter. Bezwaar is misschien een groot woord, maar wat ons betreft is het voorstel eigenlijk ook niet nodig hoor van de ChristenUnie. Dank u. De voorzitter: De griffier. Pagina 5 van 18

De heer Van Straalen: Terecht uiteraard zegt het college dat het kan, maar het college zegt er ook wat achter. Dat heeft gevolgen voor de verdere planning. Als u dit gewijzigd wil hebben, dan kan dat, door als commissie een advies aan de raad te geven, of door een amendement. Maar u heeft geen doorrekening gezien wat het voor de rest van de procedure betekent. En vanmiddag keek ik even naar het antwoord van het college en toen dacht ik, als alles zo’n beetje drie maanden opschuift, dan zit de besluitvorming van het eindproduct ook weer zo'n beetje rond de rekening in 2025. Dus, zo even zeggen, laten we dat later doen, ik geef het advies, dat is even snel door de bocht, is er iemand die daar een amendement over wil indienen, dan zal dat verder even doorberekend moeten worden en ook mee moeten worden genomen. De voorzitter: Dank richting de griffier, voor deze opmerking. Mijnheer Alkema, wilt u daar eventueel nog op reageren? De heer Alkema: Nou, volgens mij staat de vraag uit. Daar had niemand bezwaar en SGP een beetje, maar ik heb het gehoord. Ik laat het nog even aan de anderen om te reageren. De voorzitter: Mevrouw Kayadoe, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel, voorzitter. Ik zal gelijk ook even antwoorden op de vraag van de heer Alkema en ChristenUnie.

We hebben het nu over een startnotitie, als die tegelijkertijd met de rekening komt, dan hebben wij daar als fractie niet zo'n problemen mee. We zien ook dat de rest dan opschuift, dus nee hoor, laat maar wat ons betreft zo. De voorzitter: Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Wij gaan graag mee met het voorstel van de ChristenUnie, om hem op te schuiven. Dank u wel. De voorzitter: De heer Verweij, SGP. De heer Verweij: Dank, voorzitter. Dan ga ik mijn woorden nu nog iets sterker aanzetten. Want de vertraging zien wij met name wel als een probleem, dus dan een expliciet ‘nee’ tegen het voorstel van de ChristenUnie. Dank u. De voorzitter: De heer Overheid, CDA. De heer Overheid: Dank u, voorzitter. Gelet op de opmerking van de griffier gaan wij denk ik niet mee met dit voorstel. De voorzitter: Mevrouw Klaver, VVD. Mevrouw Klaver: Zou ik ter verduidelijking hierover een vraag aan de wethouder mogen stellen, voorzitter? De voorzitter: Dat mag. Mevrouw Klaver: Dan ga ik dat bij deze doen. Voorzitter, kan de wethouder aangeven, in het stuk wat we hebben gekregen staat dat er geen risico's en geen risicobeperkende maatregelen zijn met betrekking tot de complexiteit Pagina 6 van 18

van de aanpassing en/of de planning. Mag ik hieruit opmaken dat, wat de wethouder betreft, die planning sowieso gehaald kan worden? De voorzitter: Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: U weet wat het spreekwoord zegt, hè, planningen zijn er om van afgeweken te worden. Wij leveren hier een reële planning, dus we gaan ervan uit dat dit proces, zoals hier geschetst, binnen deze planning gelopen kán worden. Maar wij hebben bewust een aantal stappen ingebouwd, waarin we uw commissie, de raad bij monde van de commissie, mee willen nemen in dit proces, omdat het product aan het eind van de rit is natuurlijk best wel ingrijpend, een omgevingsvisie. Als we de consultatie op de producten in juni naar september schuiven, dan zal het logisch zijn dat het hele proces gewoon drie maanden opschuift. Want wij vinden het wel belangrijk om met die feedback vanuit uw commissie weer verder te gaan. Dus daarmee … En normaal zouden we dat in juni doen, en dan gaat de raad natuurlijk met reces, maar ik zal u verklappen, in dit huis wordt er dan best nog wel wat gedaan. Dus dan zou dat proces doorlopen en dat betekent gewoon, wij zullen nog steeds dat op dat moment opleveren, want dat is de planning, maar dan valt het wel even stil.

En dat betekent inderdaad dat we dan met een eindproduct, een omgevingsvisie … Nou, maart wordt dan mei, juni, juni/juli, dus dan zit u inderdaad net voor het zomerreces van ‘26 waarin niet dat deeltje van die producten worden opgeleverd. ’25; wat zei ik? … 26 Nee, dan hebben we alweer verkiezingen achter de rug, dat is niet goed natuurlijk, nee. Dat willen we écht voor zijn. Maar dan zit u dan dus met die hele omgevingsvisie die dan op uw agenda landt. Dus ja, uiteindelijk gaat uw raad over de startnotitie en de planning erin, maar het is aan u de keuze die u maakt, maar de consequenties zijn wel stevig. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Volgens mij heeft de commissie twee mogelijkheden. Namelijk, of een amendement indienen, of nu als commissie zeggen, we adviseren de raad om het voorstel van de heer Alkema over te nemen. Op dit moment hebben drie partijen gezegd het niet over te willen nemen; twee wel. Dus ik ben heel erg benieuwd hoe de andere partijen erin staan. Mevrouw Van Nes, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Horende het verhaal van de wethouder natuurlijk, mijn vraag daarnet, mijn eerste vraag, gaan wij niet mee met het voorstel van mijnheer Alkema. Het klinkt sympathiek, maar er zit iets te veel aan vast. De voorzitter: Mevrouw Gerritse, 18PLUS. Mevrouw Gerritse: Dank u wel, voorzitter. Voor ons is het ook een ‘nee’.

De voorzitter: De heer Rijsdijk, Partij van de Arbeid. De heer Rijsdijk: Dank u, voorzitter. Wij gaan ook niet mee met het voorstel. De voorzitter: Dan is het duidelijk en is er geen meerderheid binnen de commissie voor het voorstel van de heer Alkema. Dank daarvoor. Dan gaan we nu over, richting mevrouw Kayadoe, Leefbaar Ridderkerk. U had één vraag.

Pagina 7 van 18

Mevrouw Kayadoe: Jazeker, voorzitter, ik heb hem nog steeds. Ik werd even getriggerd door de beantwoording van de vragen van Partij van de Arbeid, Ridderkerk. Die hadden een vraag over de komst van distributiecentrum Slikkerveer, dat paste toentertijd binnen de gebiedsvisie. Nu hebben we om een omgevingsplan, omgevingsvisie, dus het is ook een beetje voor Jan en alleman waarschijnlijk lastig om te kijken, wat valt waar nou onder? Maar zou er duidelijk gemaakt kunnen worden, en dat hoeft niet nu, welke locaties eventueel beschermingsregels zouden moeten krijgen dat er geen distributiecentrum zou moeten komen? Ik vond het wel een mooie zin uiteindelijk. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Kayadoe. Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Een distributiecentrum is een bedrijf, een bedrijven categorie 2. Dus dat betekent, overal waar die bedrijven categorie geldt, dat daar in principe een distributiecentrum kan landen. Uiteraard kunnen we dat allemaal voor u in kaart brengen, maar dat is wel openbare informatie en ja, de vraag is of we die kant op willen gaan. Om dat in de omgevingsvisie mee te nemen, dat kan, maar feitelijk is natuurlijk een omgevingsvisie één, maar het bestemmingsplan op dat moment moet het ook wel toestaan.

En dat was bij Panattoni het geval, want als het daar weliswaar in de visie had gepast, maar niet in het bestemmingsplan, had het ook niet gebeurd. Dus ja, is het mogelijk? Ik kijk even voorzichtig naast me, dan zitten mijnheer Verhoeven en mevrouw Bos er ook niet helemaal voor niks. Ik probeer ook straks iets door te spelen naar jou hoor, maar kan mijnheer Verhoeven hier wellicht nog iets zinnigs over zeggen. De voorzitter: Mijnheer Verhoeven. De heer Van der Duijn Schouten: Die zegt alleen maar zinnige dingen trouwens. De voorzitter: Mijnheer Verhoeven, aan u het woord. De heer Verhoeven: Ik ga mijn best doen. In principe zijn bijna alle bedrijven die in Ridderkerk aanwezig zijn, aangewezen als bedrijfscategorie 2. Dus betekent dat je bij al die bedrijven een beschermingsmaatregel moet nemen. Mevrouw Kayadoe: Dan lijkt het mij … De voorzitter: Mevrouw Kayadoe, aan u het woord. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel, voorzitter. Dan lijkt het mij voor nu niet handig inderdaad, om dat openbaar neer te gaan zetten, dat we geen spannende mensen opeens hier op de stoep hebben staan bij het gemeentehuis. Dat lijkt me geen goed plan. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rijsdijk, Partij van de Arbeid, u had nog een stapelende vraag. De heer Rijsdijk: Ja, dat klopt, voorzitter. Er is natuurlijk eerder veel discussie geweest over dat distributiecentrum in Slikkerveer.

En toen is ook aangegeven vanuit het college dat het eigenlijk niet de bedoeling was dat het daar kwam, maar dat het er doorheen geglipt was; mijn woorden. Maar hoe voorkomen we dan zo'n ontwikkeling in de toekomst, en wordt daar op dit moment concreet aan gewerkt? Want ik had wel altijd die indruk. Maar ook in Pagina 8 van 18

relatie tot het antwoord op mijn vraag lijkt de urgentie wel wat weggevallen, terwijl die er in de vorige periode zeker wel was. Kan daar wat inzicht in gegeven worden? Want dat lijkt me zeker, als je de omgevingsvisie actualiseert, toch wel heel wezenlijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Nog even wat Panattoni betreft, en ook, dat haakt een beetje aan op het antwoord wat we net richting mevrouw Kayadoe … Kijk, het is niet zo dat Panattoni natuurgebied was en dat er opeens een distributiecentrum kwam. Daar stond een bedrijf. En op een gegeven moment besluit … Dat bedrijf had een milieucategorie, dus die gold op dat moment op dat gebied. Ik denk dat die voor het bedrijf die daar zat zelfs hoger was als 2, maar dat weet ik niet zeker. Feitelijk betekent het, op elke locatie in Ridderkerk, waar nu al een bedrijf gevestigd is, als iemand besluit om dat bedrijf te stoppen, het gebouw te slopen en daar een aanvraag te doen voor een distributiecentrum, dat dat mogelijk is. En dat is ook wat natuurlijk daar is gebeurd. Daar zat eerst Holec, heette dat; Brush. Daar zat Brush, en dat was al een bedrijvigheid, en vervolgens wordt dat ingewisseld voor een ander bedrijf. Betekent nog steeds dat wij daar niet blij mee waren, maar dat heeft met de aard van een distributiecentrum te maken.

Maar in het kader van voorkomen, hadden we dus al ten tijde dat Brush HMA daar nog zat, daar iets aan die bestemming moeten doen. Nou, dat is lastig als er een bestaand bedrijf zit, want dan moet je het bestaande bedrijf min of meer … Dat maakt nog steeds dat het niet wenselijk was, en dat we het nog steeds niet wenselijk vinden, en dat het nu erop lijkt dat er ook geen distributiecentrum komt; er wordt wel wat gebouwd, maar dat daar andere bedrijvigheid landt. En dat is ook een beetje wat het antwoord naar mevrouw Kayadoe … Kijk, als ergens een bedrijf zit en de eigenaar besluit zijn bedrijf om te toveren naar een distributiecentrum, is dat in veel gevallen mogelijk op de bestemming die er dan al op ligt. Uiteraard gaan wij nu met onze omgevingsvisie ook in kaart brengen waar we dingen wel en waar we niet willen, zoals we dat ook al in het verleden hebben gedaan. Maar ook in het verleden was natuurlijk in onze omgevingsvisie, in zijn aard, de bedrijvigheid die daar nu komt, mogelijk. Zeven jaar terug hebben wij ook niet bedacht, dat willen we daar niet meer. Dus in die zin, de urgentie die we toen zagen, zien we nog steeds. Er zijn wel een aantal instrumenten, maar die zijn ook geen instrumenten die je ongebreideld in kan zetten.

Want je kan met een voorbereidingsbesluit komen, maar als je dan niet binnen twaalf tot achttien maanden ook daadwerkelijk met een plan komt, nou, verliest dat ook weer zijn waarde en ben je weer terug bij af. Dus we zijn ermee bezig en waar nodig, maar goed, daar hebben we nu weinig concrete aanleidingen voor, willen we daar ook naar kijken. We zullen het denk ik ook meenemen in de omgevingsvisie, als we gebieden zien waar dat in de toekomst niet wenselijk vindt, kunnen we dat natuurlijk benoemen. Maar dat wil ook niet zeggen dat tegelijkertijd een bestemmingsplan gewijzigd is daarmee, want dat vraagt echt weer een proces daarna. Maar juist is het goed om nu dat globale beeld in die omgevingsvisie wel met elkaar te gaan bepalen. En dat willen we gaan doen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Bij het antwoord van mevrouw Kayadoe uiteindelijk voldoende beantwoord. Dank u wel. Dan gaan we over naar de VVD. Mevrouw Klaver, u had twee vragen. Mevrouw Klaver: Ja, twee vragen inderdaad, dank u wel, voorzitter. De eerste vraag is, om het even helder op het netvlies te krijgen, ik ben heel benieuwd, hoe ziet concreet het proces eruit om te bezien hoe de verschillende visies en de verschillende stukken die onder andere in de startnotitie worden genoemd, maar niet uitputtend, hoe ga je al Pagina 9 van 18

die stukken bekijken en integreren in een nieuwe omgevingsvisie? Doe je gewoon een, ja, hoe doe je zo’n oefening, laat maar zeggen, concreet? De tweede vraag gaat over de hoogtevisie of hoogbouwcontour, zoals die genoemd wordt. In hoeverre wordt die beperkend voor heel Ridderkerk? Ik kan me er niet een goed beeld bij vormen hoe zo'n hoogtevisie of zo'n hoogbouwcontour eruit komt te zien. Dus de vraag is, is die beperkend of is er nog maatwerk mogelijk? Gaat het er ook om, hoe zien we het ongeveer, maar nieuwe ontwikkelingen zouden aangepast kunnen worden aan … Die laatste vind ik een beetje moeilijk, dus als u daar niet uitkomt, dan wil ik dat nog wel even extra uitleggen. De voorzitter: Ik hoop dat de wethouder het begrepen heeft. Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Ik begin even met vraag twee, en vraag één speel ik graag even door aan mevrouw Bos, heeft die ook niet het idee dat ze er de hele avond voor niks bij zit. Maar wat die eerste betreft, ook in deze omgevingsvisie willen we juist een beeld vormen, welke hoogte we waar wenselijk vinden. Dus ja, die wordt straks wel beperkend of juist mogelijkheid makend. Maar als wij voor een bepaalde locatie straks zeggen, daar vinden we maximaal vierhoog wenselijk in onze omgevingsvisie, dan is dat ook waar men zich straks aan te houden heeft.

En dat maakt ook wat we in één van een aantal antwoorden hebben gezegd, dat juist voor de ambtelijke organisatie weer een stuk makkelijker. Je krijgt nu best weleens initiatieven binnen met vier, vijf, drie. Wat vinden we nou eigenlijk waar wenselijk? En straks hebben we dat, als het goed is, voor heel Ridderkerk in beeld, en dan is het eenvoudig toetsen. We hebben, de raad, u gaat die vaststellen, heeft een hoogtevisie, die zegt vier, het initiatief zegt vijf, de initiatiefnemer; dit is het. Dus in die zin, en dan gaat het wel over vrij gedetailleerd straks over Ridderkerk daar een beeld voor vormen. En dan is de ene locatie de andere niet, dus dat kan ook op een gegeven moment vrij gedetailleerd worden voor bepaalde plekken, uiteraard. En wat vraag één betreft, hoe dat proces gaat lopen, want mevrouw Bos gaat al die stukken doorlezen en dat vervolgens … Dus die kan dat het beste uitleggen. De voorzitter: Mevrouw Bos, hoe gaat u dat allemaal doen? Mevrouw Bos: Nou zie ik, ik zag geen lampje. Gelukkig ga ik dat niet alleen doen. Maar het idee is dat heel veel van de plannen die nu zijn gemaakt, zoals de groenvisie en mobiliteitsplan, al druk op ontwikkelperspectief. Nou, bij de groenvisie hebben we bijvoorbeeld ook een kaart van de hoofdgroenstructuur. En bij mobiliteitsplan hebben we gezegd bijvoorbeeld, ook ontbrekende recreatie verbindingen.

Maar dat we eigenlijk al die kaartlagen, als je die over elkaar heen legt, dan zie je dus plekken waar knelpunten zitten, dus waar tegenstrijdige belangen zitten, maar je ziet ook plekken waar je nog niks hebt. Nou, bijvoorbeeld de visie agrarische gronden, even als voorbeeld. Dus we proberen dat eigenlijk op die manier met kaartlagen te onderzoeken en dat ook met jullie dan, of bij u dan te bespreken, of in ieder geval die inventarisatie te laten zien, zodat inderdaad in beeld is wat knelpunten zijn en waar witte vlekken zijn. Dat is, het lijkt heel simpel, maar dat is … Tenminste, we denken dat het daarmee dan heel goed inzichtelijk is, zodat je inderdaad het beleid wat al eerder is vastgesteld, gewoon juist goed in beeld kan brengen. Want het is ook, heeft ook vaak ruimte consequenties. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Bos. Zijn daarmee de antwoorden goed beantwoord, mevrouw Klaver? Ik zie mevrouw Klaver ja-schudden. Dan gaan we over naar de laatste vragensteller, dat is de heer Rijsdijk, van de Partij van de Arbeid, en u had er drie. Pagina 10 van 18

De heer Rijsdijk: Dank u, voorzitter. Bij de vorige omgevingsvisie, of de huidige nog steeds, die dan geactualiseerd gaat worden, daar zat een uitvoerige, ook uitvoeringsagenda bij. Krijgen we op een gegeven moment in dit proces ook nog inzicht, zeg maar, wat er van die uitvoeringsagenda is gerealiseerd en wat nu doorschuift na de actualisatie? Dat zal ongetwijfeld weleens gecommuniceerd zijn, maar ik denk dat het wel goed is als dat dan nog op een rijtje wordt gezet. Dat is de eerste vraag. En mijn tweede vraag, dan kom ik nog even terug op het distributiecentrum. Dat antwoord was op zich helder en ik ben ook blij dat ernaar gekeken gaat worden. Ik denk ook wel dat het van belang is dat er ook gekeken wordt in hoeverre eventueel een bedrijf in categorie 2 mogelijk is op een locatie waar nu nog geen bedrijven zijn gevestigd. En dat je dan ook heel goed kijkt of je dat wel of niet wenselijk vindt. Dus, of daarop gereageerd kan worden. En mijn laatste vraag die betreft, er wordt in het stuk een opsomming gegeven van beleidsstukken waar onder meer naar gekeken wordt, maar dit is eigenlijk breder. En als ik hier zo de antwoorden beluister, zitten er nog veel meer aspecten in dan in de uitvoering, dan in de startnotitie wordt genoemd. Dat is denk ik wel een goede zaak.

Maar wanneer krijgt de raad het volledige doorkijkje, wat nu wel en niet meegenomen wordt? Want ik hoor best wel dingen waar ik echt wel vrolijk van wordt, maar je haalt het niet uit de startnotitie, en dat is dan ook zonde. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijsdijk. Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel, voorzitter. Het is goed om te horen dat de heer Rijsdijk er toch wel vrolijk van wordt, dat doet me deugd. Ik zal vraag één beantwoorden, dan vraag ik aan de heer Verhoeven of die vraag twee voor zijn rekening wil nemen, en mevrouw Bos vraag drie. En omdat ik net wat veel tijd heb genomen, misschien is het antwoord op vraag één, ja, dat gaan we doen. Nee, niks niet misschien, gewoon ja. De voorzitter: Dank u wel. Er komt dus een inzicht op de uitvoering van de agenda. Vraag twee over het distributiecentrum, de heer Verhoeven. De heer Verhoeven: Als ik het goed heb begrepen, was de vraag of er een bedrijf kan komen als dat er nu niet zit, of we dat wenselijk vinden? Dan moeten we kijken naar het omgevingsplan, wat voorheen het bestemmingsplan was. Als dat zegt dat dat er kan komen, dus dat er een bedrijfsbestemming is, dan kan dat uiteraard, moet het wel binnen de regels passen. Is dat niet zo, dan kan het niet. En dan zal er een aparte afweging moeten worden gemaakt of dat wenselijk is. De voorzitter: De heer Rijsdijk.

Voor vraag twee nog even reageren nu? De heer Rijsdijk: Ja, dank u wel, voorzitter. Dat is mij duidelijk hoor. Maar waar het mij om gaat is, als er gekeken wordt, op wat voor plekken vinden we zo'n ontwikkeling wel of niet wenselijk, dan lijkt het me wel heel goed als er ook gekeken wordt naar de plekken waar zo'n ontwikkeling in de toekomst zou kunnen plaatsvinden, maar waar dat nu nog niet gebeurd is. Want die zou je dan eventueel als eerste kunnen uitsluiten. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder, wilt u nog reageren op de tweede vraag, rondom vraag twee, of moet dat de heer Verhoeven doen?

Pagina 11 van 18

De heer Van der Duijn Schouten: Als ik het goed begrijp wil de heer Rijsdijk, geeft aan, breng in kaart waar er nog risico’s zitten dat ons zoiets overkomt. En als u ontdekt dat die er zijn, doe er dan wat aan. En ik denk dat dat een terechte oproep is, en ik denk ook dat het goed is dat we dat meenemen. Alleen, ik vind het een beetje lastig om het, doe er dan wat aan, in hoeverre, hoe snel we daarop kunnen acteren. Het signaleren is één, en dan, wat ik al eerder heb gezegd, dan kan je op een gegeven moment nog zeggen, we nemen een voorbereidingsbesluit. Maar als zo'n voorbereidingsbesluit in die periode dat er allicht iemand dwars zit, en je blijkt daarna in die termijnen niet gedaan te hebben waarom je een voorbereidingsbesluit had genomen, keert dat zich ook weer tegen je. Dus ik hoor wat u zegt, ik begrijp hem en ik onderschrijf hem ook. En we zullen dat zoveel mogelijk ook meenemen in dit verhaal en kijken of we daar acties op moeten ondernemen. Aan de andere kant ben ik er ook weer een beetje huiverig voor om een uitgebreide lijst met al deze risicopercelen in kaart te brengen, want dat kan ook weer aanleiding geven … U noemt het een risico, een ander wellicht een kans, als u begrijpt wat ik bedoel. Dus vandaar. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Hadden we nog één vraag open staan over een doorkijkje richting alle beleidsstukken en alle onderwerpen. Mevrouw Bos.

Mevrouw Bos: Die zie ik inderdaad, of tenminste, de bedoeling is, is dat we dat bij de uitkomst van de inventarisatie bestaand een nieuw beleid doen. Dus dan krijg je inderdaad alle dingen die er, wie we meenemen, dus niet alleen die kleine lijst die er nu in staat, maar alles. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rijsdijk, Partij van de Arbeid, zijn de antwoorden voldoende beantwoord? Ik zie de heer Rijsdijk ja-knikken. Is er nog iemand vanuit de commissie die een vraag wil stellen? Nee, dan gaan we over naar het inzet van het debat. Is de commissie het nog eens dat het nog steeds een debat is? Ik zie ja-geknik. En hoeveel minuten wilt u daarover debatteren? Ik zie Partij van de Arbeid, drie minuten, de SGP, twee. Twee, drie, twee, twee. Zestig minuten? Ik zie geen bezwaren. Dan zetten we het op zestig minuten. Dan wil ik de wethouder Van der Duijn Schouten en mevrouw Bos en mijnheer Verhoeven hartelijk bedanken. 5. Zienswijze Wijziging Gemeenschappelijke Regeling DCMR De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt 2. En daar schuift, als het goed is aan, wethouder Meij, ondersteund door de heer Kazen. Excuus, ik zei, agendapunt 2, maar het moet agendapunt 5 zijn, natuurlijk. Van harte welkom, wethouder, mijnheer Kazen. De inzet is, ter debat. Is de commissie het hiermee eens? De heer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Wat ons betreft mag het ter vaststelling.

De voorzitter: De ChristenUnie stelt voor om het ter vaststelling te doen. Is er een partij die het ter debat wil? Ik zie dat niemand het ter debat wil, dan zetten we het ter vaststelling, en mag er naast technische vragen, ook meningsvorming plaatsvinden. Wethouder Meij. De heer Meij: Dank u wel, voorzitter. Ik heb eigenlijk niet heel veel woorden nodig voor de inleiding. Uw griffier heeft zo'n sterk memo gemaakt, dat is eigenlijk de basis voor alle wijzigingen van de Gemeenschappelijke Pagina 12 van 18

Regelingen, waarin hij zo'n beetje alle mogelijkheden die de raad heeft om invloed uit te oefenen, informatie op te vragen, verwoord heeft in de zienswijze. Dus ja, dat is prima gedaan. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Een terecht compliment, dank u wel. Is er iemand vanuit de commissie die een vraag wil stellen? Alleen de heer Kooijman. Hoeveel vragen heeft u? Eén vraag. Ga uw gang. De heer Kooijman: Dan mag ik als eerste, mooi. Ik had één vraag over de zienswijzebrief. En op het laatste, het bijna laatste zinnetje, net boven ‘wij vertrouwen erop’, daar staat ‘de voorgestelde wijzigingen, naast de verplichte wijzigingen als gevolg van de nieuwe Wgr, geven ons geen reden tot het maken van opmerkingen’. We vroegen ons af of die zin wel helemaal klopte, want daarboven geven we wel aan dat wij een zienswijze hebben. En als ik bijvoorbeeld de brief kijk die we straks op het volgende agendapunt gaan behandelen, dan staat er net een iets andere zin, die wat ons betreft net iets duidelijker aangeeft dat we voor de overige voorgestelde wijzigingen geen opmerkingen hebben. Dus mijn vraag was of de wethouder het daarmee eens is, en of we dan, als dat zo is, dat we dan, en we proberen het al eens vaker, de commissie kunnen vragen om een advies richting de raad te geven. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kooijman. Wethouder, wilt u hierop reageren? De heer Meij: Ja.

Ik zit even naar … De laatste zin heb ik gezien, maar die lijkt mij duidelijk. U verwijst naar een andere zin die u nog duidelijker vindt. Natuurlijk even te zoeken waar die staat. De heer Kazen: Het staat in het andere voorstel. Volgende agendapunt, Arjan. Die sluiten we op deze manier af. Dat kunnen we aanpassen. De heer Meij: Nou, als dat zo is, en ik kijk dan ook even naar de commissie, ik kan ermee leven. Als dat duidelijker is dan, waarom zou ik daar dan moeite mee hebben? Dat heb ik dus niet. Dan zou ik ermee akkoord kunnen gaan. De voorzitter: De heer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Een vraag aan de commissie of ze het ermee eens zijn dat we deze wijziging voorstellen richting de raad. De voorzitter: Commissieleden, wilt u reageren op de vraag van de heer Kooijman? Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel, voorzitter. Ik heb even meegelezen wat de heer Kooijman zei. Ik vind het erg scherp gezien, want hij heeft eigenlijk wel gelijk dat die tweede zin beter is, want dát is wat er gebeurt. We hebben wel degelijk opmerkingen gemaakt in de brief, dus die laatste zin klopt eigenlijk niet. Dus ik ben het volledig met hem eens. Dank u wel. De voorzitter: De heer Overheid, CDA. De heer Overheid: Dank u, voorzitter. Ik heb ook even mee zitten kijken, goed opgemerkt, dus we gaan mee met het voorstel van de ChristenUnie. Pagina 13 van 18

De voorzitter: Mevrouw Gerritse, Partij 18PLUS. Mevrouw Gerritse: Dank u wel, voorzitter. Wat ons betreft ook prima. De voorzitter: De heer Rijsdijk, Partij van de Arbeid. De heer Rijsdijk: Ook prima. De voorzitter: Ook prima. Mevrouw Horvath, GroenLinks. Mevrouw Horvath: Hetzelfde. De voorzitter: Dus ook prima. Mevrouw Van Nes, wat vindt u? Mevrouw Van Nes-de Man: Nee, ik ben tegen. Ik vind het prima en inderdaad scherp opgemerkt; compliment. De voorzitter: Dan is er een meerderheid van … Mijnheer Rottier, wilt u er nog op reageren? De heer Rottier: Ja, de SGP sluit zich aan bij de voorgaande sprekers, op de laatste na. De voorzitter: Dan alleen mevrouw Klaver nog, voor een unaniem besluit. Mevrouw Klaver: Ik wil heel graag de rij sluiten, met ‘ja’. Dan ga ik straks nog een keer. De voorzitter: De heer Rottier wil nogmaals reageren. De heer Rottier: Ja, ik geloof dat ik maar half geluisterd had naar de vorige spreker, dus ik trek die opmerking in. De voorzitter: Dan is er wel meerderheid binnen de commissie om het voorstel van de heer Kooijman te steunen, dus brengen we dit advies ook richting de raad voor over twee weken. Dit was ook de enige vraag. Is er nog iemand vanuit de commissie met een vraag? U bent er nog steeds mee eens dat het ter vaststelling gaat? Dan gaat het ter vaststelling. En dan wil ik wethouder Meij en de heer Kazen hartelijk bedanken.

En dan wil ik vragen of wethouder Van Os en de heer Breedveld naar voren willen komen. 6. Zienswijze op de ontwerpwijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerwaard De voorzitter: De inzet voor agendapunt 6, de zienswijze op de ontwerpwijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerwaard. Hij staat nog ter debat. Is de commissie het hier nog steeds mee eens? De heer Rottier, SGP. De heer Rottier: Wat de SGP betreft mag het ook ter vaststelling. De voorzitter: Is er een commissielid die het onderwerp ter debat wil? Nee, dan gaat ook dit agendapunt ter vaststelling richting de raad. Wethouder Van Os, wilt u over dit onderwerp nog iets zeggen? Pagina 14 van 18

De heer Van Os: Jazeker, voorzitter. Want ik denk dat wij een ontzettend goede afsluitende zin hebben geformuleerd in de zienswijzebrief. De voorzitter: Zijn er nog vragen vanuit de commissie? Dat is niet het geval. Ik ga ervan uit dat de commissie het nog steeds eens is dat het te vaststelling is. Dan gaat het ter vaststelling, met deze juiste zin of de goede zin, richting de raad. 7. Reglement van orde van de raad 2024 De voorzitter: En dan gaan we over naar agenda punt 7. Dan dank ik de wethouder en de heer Breedveld voor, nou ja … Ik hoop dat de stoelen goed zaten. En dan vraag ik allereerst aan de commissie of de commissie het nog steeds eens is dat het agendapunt 7, dus het Reglement van Orde van de raad 2024, ter vaststelling naar de gemeenteraad gaat. Dat is het geval. Zijn er nog vragen vanuit de commissie? Dat is niet het geval. Dan gaat het agendapunt ter vaststelling richting de gemeenteraad. 8. Stand van zaken ontwikkelingen ambtelijke organisatie De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 8, wethouder Van Os, u mag weer komen zitten, over de stand van zaken ontwikkeling ambtelijke organisatie. In de vorige vergadering van de commissie Samen leven is afgesproken om met elkaar af te spreken of dit agendapunt elke keer moet terugkomen op de agenda.

We willen graag het voorstel doen om dit bij de eerstvolgende commissie Samen leven, als commissie Samen leven het te bespreken en vaststellen, omdat we nu gezamenlijk zijn met twee commissies bij elkaar. En ik wil vragen of wethouder Van Os hier het woord wil voeren. De heer Van Os: Jazeker, voorzitter, dank u wel. Iedereen die vandaag de Combinatie heeft gelezen, en de Blauwkai erin, heeft op de eerste pagina van de Blauwkai kunnen zien dat de afgelopen maandag de kick off is geweest van de nieuwe Ridderkerkse organisatie. Daarbij hebben we een ontbijt georganiseerd voor alle medewerkers van de Ridderkerkse organisatie, en dat was een groot succes. Dat is hopelijk ook op de foto te zien, waar zo’n driehonderd Ridderkerkse medewerkers de handen en de duimen omhoog hadden, om de start van deze nieuwe organisatie met elkaar te vieren. We zijn dus ook van start gegaan met elkaar. We hebben er enorm veel zin en energie in, niet alleen het bestuur, maar zeker ook de medewerkers. We krijgen heel veel positieve reacties. We hebben ook een aardigheidje, lokaal ingekocht, aan de medewerkers mee kunnen geven. En nou, een kleine verrassing bij de komende raadsvergadering, zal dat ook voor de raadsleden beschikbaar zijn, en daarna voor de burgerraadsleden. Dus ik denk dat dat, wat dat betreft, de stand van zaken is van de ambtelijke organisatie op dit moment, voorzitter.

En inderdaad, wellicht bij de volgende commissie Samen leven dat we met elkaar kunnen concluderen dat een verdere samenvatting daarover niet meer noodzakelijk is. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Zijn er nog vragen vanuit de commissie over dit onderwerp? Twee. Mevrouw Van Nes, hoeveel vragen heeft u? Eentje. Mijnheer Rijsdijk, hoeveel vragen? Twee. Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk, hoeveel heeft u er? Eentje. De heer Ros, GroenLinks. En de heer Kooijman, ChristenUnie, twee. Heeft iemand anders nog een vraag? Nee, dan gaan we opnieuw beginnen bij mevrouw Van Nes, Burger op 1. Pagina 15 van 18

Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Ik hoor de wethouder net zeggen, er waren driehonderd mensen ongeveer aanwezig bij het ontbijt. Hoeveel fte heeft Ridderkerk nu? Het aantal mensen is natuurlijk altijd lastig, met parttimers. De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Voorzitter, het exacte aantal heb ik niet scherp, maar daar zal ik nog schriftelijk op terugkomen, maar ik dacht tussen de 320 en 330 fte. Maar nogmaals, pin me er niet op vast, ik kom er schriftelijk op terug. De voorzitter: Dank u wel. En ik zie mevrouw Van Nes ja-knikken. Dan gaan we over naar mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. U had één vraag. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel, voorzitter. Ik ben nieuwsgierig, zijn nu alle vacatures vervuld voor de gemeente Ridderkerk? En zo niet, hoeveel staan er dan nog open? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Voorzitter, ik promoot graag de website www.werkenvoorridderkerk.nl nogmaals, bij iedere gelegenheid. Daar staan momenteel zes vacatures op, waar een enkeling recentelijk is gepubliceerd als functie. En voor de rest hebben we op alle afdelingen de capaciteit die we denken nodig te hebben om de werkzaamheden voor de Ridderkerkse samenleving te verzorgen. De voorzitter: Dank u wel. Is daarmee het antwoord voldoende beantwoord, mevrouw Van Vliet? Mevrouw Van Vliet: Dat is het, en ik ben bijzonder verheugd met dit antwoord. Dank u wel, wethouder.

De voorzitter: Kijk, dat horen we graag. Dan gaan we over naar de heer Ros, van GroenLinks. U had één vraag. De heer Ros: Ja, over de vacatures, dus bedankt. De voorzitter: Dat gaat snel. Dan gaan we over naar de Partij van de Arbeid, de heer Rijsdijk. U had twee vragen. De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. Ik vroeg me af of de Ridderkerkse ambtenaren die dan voor Albrandswaard gaan werken, of dat ook berond is, om het zomaar te zeggen. En mijn andere vraag die betrof ook de capaciteit. De wethouder was eerder positief, dat als de nieuwe organisatie zou starten, dat het aantal vacatures van de boa’s dan ook zou zijn ingevuld. We zouden er dan, meen ik, van de negen fte zouden er in ieder geval acht fte zijn. Ik vroeg me af of dat ook gelukt is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijsdijk. Wethouder Van Os. De heer Van Os: Dank u wel. Met betrekking tot de samenwerkingsovereenkomst van Albrandswaard, zijn de afspraken nog eens even helder uiteengezet, ook op verzoek eerder van commissie en raad. En dat is ook gebeurd. Het is duidelijk dat wij inderdaad de werkgever op papier zijn, maar vooral Albrandswaard er zelf van is, ook in de zoektocht naar het aantal vacatures wat zij nog hebben. En inderdaad, het klopt exact. Acht boa's zijn inmiddels Pagina 16 van 18

werkzaam bij de gemeente Ridderkerk. En van de zes vacatures staat er dus één nog open voor een boa, voor de negende, zoals opgenomen in de begroting. Dus dat is mooi. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Mijnheer Rijsdijk, zijn hiermee de antwoorden voldoende beantwoord? Jazeker. Dan gaan we over naar de laatste vragensteller, dat is de heer Kooijman, van de ChristenUnie. U had ook twee vragen. De heer Kooijman: Ja, voorzitter, en die vragen die gaan over de, moet ik altijd goed nadenken, de bedrijfsvoeringspartner, naar aanleiding van stukken die in het volgende agendapunt staan. Dus ik weet niet of ik de vraag nú mag stellen, of dat ik dat formeel bij de volgende agendapunt moet stellen. De voorzitter: U mag de vraag nu stellen. De heer Kooijman: Dat leek mij ook het meest praktische. En dat gaat even over de zienswijze van de begroting voor 2024, en de reactie vanuit de organisatie daarop. Twee dingen. Er is besloten, ondanks dat wij daar zelf geen, als Ridderkerk daar misschien geen voorstander van waren, om het opleidingsbudget terug te schroeven; verzoek van Barendrecht en Albrandswaard. En ik was even benieuwd, is dat nou, want ik kon dat niet helemaal uit de stukken halen, want het ging van één, of 104.000 euro, ging het nu naar 1,5 procent.

Is dat nou echt een forse vermindering van het opleidingsbudget, of is dat een andere berekening, en het is iets minder? Ik weet niet of de wethouder daar wat over kan zeggen. En als vervolgvraag daarop, ik zie wel een risico binnen die organisatie, dat er twee organisaties zijn die graag de hand op de knip houden en heel strak die organisatie willen leiden, terwijl wij misschien veel meer voor kwaliteit willen gaan en doorgroeimogelijkheden, personeel laten ontwikkelen. Ik zie daar wel een spanningsveld, en ik ben benieuwd hoe de wethouder daarmee denkt om te kunnen gaan. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kooijman. Wethouder Van Os. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Met de vakbonden en de OR is afgesproken dat 2 procent van de loonsom aan opleidingsbudget beschikbaar wordt gesteld bij de vier nieuwe organisaties. Dat is nog steeds zo. Alleen, nu wordt er begrotingstechnisch 1,5 procent begroot, zodat er wat structurele ruimte ontstaat, omdat het verleden heeft laten zien dat die 1,5 procent ook tot op heden niet bereikt wordt. Dus er wordt eigenlijk een financieel trucje uitgehaald binnen de begroting van de BAR-organisatie of de bedrijfsvoeringspartner. Maar de afspraak is gewoon 2 procent van de loonsom, dus dat staat als een huis.

Mocht zich dat toch voordoen dat die1,5 procent richting de 2 procent gaat, dan zal dat gecorrigeerd moeten worden in de tussenrapportage van de bedrijfsvoeringspartners. En het is met iedere Gemeenschappelijke Regelingen, of het nu de bedrijfsvoeringspartner is, de DCMR, of de MRDH, als een meerderheid daar besluiten neemt, dan kan de minderheid daar last van hebben. Gelukkig is er wel gewoon goed bestuurlijk overleg. Hebben we ook met elkaar besproken dat het ook niet verstandig is bij de start van een nieuwe organisatie, wat een bedrijfsvoeringspartner toch is, om dan gelijk bezuinigingen op te gaan leggen. Tenminste, dat is niet de insteek van Ridderkerk. We hebben ze keihard nodig met alle taken die zij gaan leveren aan de drie deelnemende gemeenten. Maar als een gemeente, en dat zou ook Ridderkerk in de toekomst kunnen zijn, toch voor opgaven komt te staan, ja, dan sluit ik niet uit dat daar bestuurlijke gesprekken over gevoerd gaan worden met elkaar, om te kijken of er ergens een bezuiniging doorgevoerd kan worden. Dus, of dat nou bij de DCMR is, of bij Pagina 17 van 18

de veiligheidsregio, of de bedrijfsvoeringspartner, dan moet je met elkaar het bestuurlijke gesprek over voeren en met iedere Gemeenschappelijke Regeling. Net als met de gemeenteraad is, de meerderheid beslist. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Mijnheer Kooijman, de vraag voldoende beantwoord? Ik zie u ja-knikken. Is er nog iemand vanuit de commissie met een vraag? Dan herhaal ik nog even voor de zekerheid, dat in de eerstvolgende commissie Samen leven, de commissie Samen leven kan besluiten of dit onderwerp vast op de agenda blijft, en dat we dat vanavond niet doen. 9. Mededelingen gemeenschappelijke regelingen De voorzitter: Dan wil ik wethouder Van Os bedanken, en gaan we over naar agendapunt 9, mededelingen Gemeenschappelijke Regelingen. Zijn er vanuit de commissie nog opmerkingen rondom, over, vanuit de Gemeenschappelijke Regelingen? Dat is niet zo. Vanuit het college ook niet. 10. Mededelingen college De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt 10, mededelingen van het college. Zijn er nog mededelingen vanuit het college zelf? Ik zie drie wethouders nee schudden. 11. Rondvraag leden De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 11, rondvraag leden. Hebben de leden nog vragen onder elkaar, of aan elkaar? Dat is ook niet het geval. 12. Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt 12, ter kennisneming, raadsinformatiebrieven.

Is er een commissielid die een gespreksnotitie wil schrijven over één van deze raadsinformatiebrieven? Dat is ook niet het geval. 13. Ter kennisneming: overige stukken De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt 13. En daar is dezelfde vraag over de ter kennisneming overige stukken. Is een commissielid die daarover een gespreksnotitie wil schrijven? Dat is ook niet het geval. 14. Ter afdoening: moties De voorzitter: Dan gaan we over naar het laatste agendapunt, ter afdoening, moties. In de eerste plaats is de motie 2023-43, de eendentrap, afgedaan. En ik kijk even naar mevrouw Van Nes-de Man, van Burger op 1. Ik zie mevrouw Van Nes-de Man knikken. Is iedereen ermee eens ? Ja. Dan gaan we over naar een andere motie, 2022-19, Schouw toegankelijkheid buitenruimte, of die is afgedaan. Ik heb het gevoel dat de indiener dat wel vindt, maar is er iemand vanuit de commissie die het daar niet mee eens is ? Dat is niet het geval. Dan is de motie afgedaan. Dan wil ik iedereen hartelijk bedanken voor deze korte commissievergadering, en wens ik u allen wel thuis. Pagina 18 van 18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1110/documents/36844