2023-11-23-verslag-gemeenteraad-ridderkerk.pdf
Tekst van het document
fractie van Echt voor Ridderkerk nog hedenmiddag hebben gestuurd. U bent afgelopen jaar al een keer bij Wooncompas langs geweest voor een ontmoeting. Volgens mij bent u weer uitgenodigd voor 18 januari. Er vinden voorafgaande aan die ontmoeting ook overleg plaats waar het op zo'n avond over moet gaan. En het lijkt me juist eens heel mooi als op één van die tweejaarlijkse avonden, en tweejaarlijks bedoel ik dat die twee keer per jaar gebeurt en niet één keer per twee jaar, laat dat volstrekt helder zijn, iets over de opvolgingen van de prestatieafspraken met elkaar wordt gedeeld. U krijgt de monitor. En daar kunnen we dan met Wooncompas, daar nodigen we uiteraard Progressie ook voor uit... En u bent zelf als raad ook uitgenodigd om input voor die avonden te leveren. Ik denk dat helemaal niets het in de weg staat om daar met elkaar het gesprek over te voeren. Sterker nog, ik denk dat het goed is. En als u dan na twee jaar constateert dat er iets ontbreekt. Ik zou zeggen, als u de eerste keer ziet dat u de volgende keer iets anders nog terug zou willen zien of daar wat meer over weten, meld het gewoon. En dan kan ook dat proces verder evolueren. In ieder geval beter worden. Doorstroming heb ik een aantal keer gehoord. Dat is belangrijk. U vindt het belangrijk. Het college vindt dat belangrijk. Wooncompas vindt het belangrijk.
Ik bedoel, alleen we zien gewoon dat het in de praktijk best een heel weerbarstig iets is, al jaren. Ik begrijp dat er bepaalde raadsleden zijn die al jaren een woning bezet houden alleen, maar daar zullen we het vanavond verder niet over hebben. Ik begrijp ook dat sommige mensen dan zich afvragen waarom Wooncompas nooit bij ze heeft aangeklopt? Ik denk dan bij mezelf, heeft u weleens bij Wooncompas aangeklopt om te kijken wat er kan? Maar zo is alles wederkerig. Maar er is oog voor. We zien dat daar wat mee moet gebeuren. En daar willen we ook serieus mee aan de slag. Alleen het blijft lastige materie. Zelfs de woorden die u wil gebruiken, kwam ik in de commissie achter, worden als lastig ervaren. Datzelfde geldt voor flexwonen. Flexwonen kan best een oplossing bieden, maar dan zit het met name in het feit dat voor flexwonen de randvoorwaarden wat makkelijker zijn, omdat het flex is. Maar die locaties liggen ook in Ridderkerk niet voor het oprapen. En als er een locatie is waar heel eenvoudig woningen zouden kunnen landen, dan doen we dat liever permanent dan flex. Want permanent gaat gewoon veel langer mee en het is en blijft ook een woning. Ook daar, we gaan ernaar kijken, we zijn op zoek naar mogelijkheden, maar wat ik vanavond een keer voorbij hoorde komen, we krijgen volgend jaar een voorstel voor flexwonen, die garantie ga ik u niet geven.
We willen er alles aan doen om te kijken of het ergens tot een oplossing biedt, maar ik ga echt niet nu hier zeggen dat we per definitie een plek vinden waar dat goed kan landen. En de plekjes, nogmaals, die we op het oog hebben. Ik bedoel, we weten allemaal dat er ergens een sporthal is gesloopt. Daar kan je flexwoningen neerzetten voor een korte tijd, maar dat is natuurlijk ook een prima plek waar je iets permanents kan doen. En daar hebben we denk ik met zijn allen dan nog veel meer baat bij als met een flexwoning die na een aantal jaren ook weer weg moet. Partij 18PLUS noemde nog even het optimaal versus het maximaal. Laat dat elkaar niet in de weg zitten. Daarbij geeft u aan dat directe toewijzing in deze niet relevant is. Dat is het gewoon wel, want die directe toewijzing is belangrijk, want we willen dat mensen die in een sloopnieuwbouw terug moeten naar hun woning ook weer terug kunnen. Maar als we een woning direct toewijzen, dan is hij gewoon niet meer beschikbaar voor de lokale toewijzing, ondanks dat hij natuurlijk wel gewoon lokaal wordt toegewezen. En dat doet wat in de percentages. Ik snap dat die dertien niet goed eruitziet, maar daarmee stellen dat directe toewijzing totaal niet relevant is, is gewoon ook niet waar, want dit soort dingen grijpen allemaal op elkaar in. Echt voor Ridderkerk, concept.
Het is een concept, net zoals dat wij het met u nu bespreken, maar zo is het ook bij Wooncompas besproken en is het bij Progressie besproken. Na vanavond zullen we opnieuw een keer bij elkaar komen. En dan zal dat ergens een keer definitief gemaakt worden, waarbij alle opmerkingen die u heeft ingebracht, maar die ook de achterban van Progressie heeft ingebracht en die Raad van Commissarissen van Wooncompas nog hebben ingebracht, zullen worden meegenomen. Dat zal, naar ik vermoed, niet meer tot hele forse wijzigingen gaan leiden. Wij praten op dit moment niet alleen met Progressie. We praten wel één keer in een half jaar in een overleg met Wooncompas en Progressie. Ik kan vragen of Progressie de behoefte heeft om nog een keer alleen met de gemeente te praten, maar dat signaal heb ik tot op heden niet gehad. Ze weten mij te vinden. Ik Pagina 17 van 26
ga er ook een beetje vanuit dat als ze die behoefte hebben ze dat wel kenbaar zullen maken. U noemde nog een keer apart de parkeernormen. Ik denk dat het heel raar zou zijn als wij hier afspraken over parkeernormen zouden maken. Want u gaat straks de Nota Parkeernormen vaststellen. En die geldt dan voor iedereen. Ik zie echt niet hoe wij daar als gemeente met Wooncompas... Dan zouden we feitelijk, afwijkend van wat u als raad straks vaststelt, aparte afspraken moeten gaan maken. En ik denk dat dat ook niet wenselijk is. ‘t Ronde Sant laat ik nu maar even rusten, want daar is denk ik in eerdere vergaderingen al genoeg over gezegd. En dan denk ik dat ik de meeste opmerkingen wel gehad heb, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. En of dat zo is, dat zal blijken in een eventuele tweede termijn. Dat is de eerste vraag die ik dan ook even in uw midden neerleg. Is er behoefte aan een tweede termijn? Nee? Wel. Dat was een hele late hand, maar nog wel precies op tijd, mijnheer Mijnders. U heeft behoefte aan een tweede termijn. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Ik zat op de heer Rijsdijk te wachten, want ik had nog een vraag over sociale koop en sociale huur. Dank u wel, voorzitter. De heer Rijsdijk: Dat is mooi dat de heer Mijnders ernaar vraagt, voorzitter. En dat ik de vloer heb om dan ook uitgebreid antwoord te geven.
Het instrument van sociale koop, dat spreekt ons zeer aan. U weet dat wij een groot voorstander zijn van betaalbaar wonen. Maar in de concept Prestatieafspraak staat ook dat het een onderzoek is. Dat willen wij rustig afwachten. Ook kan er wat ons betreft best wel wat tempo mee gemaakt worden. En op het moment dat de resultaten van het onderzoek er zijn, dan zullen wij dat op zijn implicaties beoordelen. Maar wat ik zei, het instrument spreekt ons zeer aan. En het is uiteindelijk ook een politieke keuze, denk ik, of sociale koop ten koste gaat van sociale huur. En ik weet dat de heer Mijnders betaalbaar wonen ook belangrijk vindt. Als dat uiteindelijk de uitkomst van het onderzoek mocht zijn, dan hoop ik hem aan mijn zijde te vinden om ons samen in te zetten, zowel voor sociale koop als sociale huur. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dat nodigt uit tot een reactie, zie ik. Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Voorzitter, dank richting De heer Rijsdijk voor de uitgebreide reactie, maar dat was niet mijn vraag. Mijn vraag was, hoe kijkt de Partij van de Arbeid ernaar dat wij misschien tientallen, misschien vijftig woning in een periode van sociale huur overgaan naar sociale koop? Dat de sociale huurvoorraad op dat moment afneemt. Hoe kijkt de Partij van de Arbeid daar tegenaan? De voorzitter: De heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Voorzitter, het is een onderzoek.
Wat ik ook aangaf, op het moment dat die resultaten bekend zijn, zullen we dat beoordelen. En wat ik ook al aangaf, want volgens mij heb ik weldegelijk antwoord gegeven op de vraag, kan het wat ons betreft ook en-en zijn. En mijn vraag aan de heer Mijnders is dan, hoe hij er tegenaan kijkt dat op het moment dat sociale koop ten koste mocht gaan van sociale huur, of hij er dan ook toe bereid is om de sociale woningvoorraad op peil te houden en dat sociale koop daarop een mooie aanvulling is. Daar zou ik graag op horen wat de heer Mijnders daarvan vindt, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Mijnders. En ik stel me zo voor dat u dan uw gezamenlijk intermezzo ook een beetje tot afronding brengt.
Pagina 18 van 26
De heer Mijnders: Voorzitter, ik zou erop willen antwoorden dat we als CDA graag het onderzoek willen afwachten. Kijken wat er uitkomt. Kijk, er is ook een behoefte aan sociale koop. En ook daar zijn we als CDA voorstander van. Alleen bij ons zit er wel even het zorgpuntje dat... En natuurlijk, de wethouder heeft aangegeven, het gaat niet over honderdtallen. Terecht. Maar als het ten koste gaat van de sociale huur, daar maken we ons wel een beetje zorgen over. Maar ik ga helemaal met u mee met uw verhaal. En wij wachten ook het onderzoek wel af. De voorzitter: Ik hoor geen vraag meer. Dank u wel. Dan is dat volgens mij de tweede termijn van uw raad. Klopt dat zo? Ja. Dan is nu het woord aan wethouder Van der Duijn Schouten voor een eventuele opmerking. Voelt u zich daartoe uitgenodigd, wethouder? De heer Van der Duijn Schouten: Ik wacht ook het onderzoek met spanning af, voorzitter. De voorzitter: Dat gezegd hebbend, kunnen wij volgens mij tot besluitvorming overgaan. Aan de ene kant is het leveren van zienswijzen. Dat heeft gevoeglijk plaatsgevonden. Maar er is ook nog wat te besluiten. En als eerste vraag dan daarom aan u, of er iemand is die behoefte heeft aan het afgeven van een stemverklaring? Dat is niet het geval. Dan de vervolgvraag ten aanzien van de besluitvorming, of er iemand is tegen dat datgene wat wordt voorgesteld te besluiten.
Wie is daar tegen? Fractie van Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ik vind het een beetje bijzonder als iets een zienswijze vraagt... Maar als u vraagt naar de besluiten, wij stemmen in met besluit 1 en 2 en niet met het afdoen van de motie. De voorzitter: Dat klinkt als een stemverklaring. Daar hadden we al eventjes naar gevraagd. De heer Westbroek: Voor de zekerheid dan ook maar, voorzitter. Wij stemmen in met het voorstel, met uitzondering van de afdoening van de motie in het raadsbesluit. De voorzitter: De heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. Wij vinden de motie ook niet afgedaan. Dank u wel. De voorzitter: Nu wordt het een klein beetje rommelig, beste mensen. Volgens mij is dat maar eventjes dan voor de goede orde het rondje stemverklaringen in tweede instantie. En dan geef ik eventjes, om de zaak ook ordelijk te laten verlopen, u als volgt de vraag. Om ten aanzien van de besluitvorming aan te geven of u geacht wordt tegen het besluit te zijn. Wie is daarop tegen? En ik denk dat het goed is wat de griffier mij aangeeft, ten aanzien van onderdeel 3 zijn er 3 tegen. De fracties van Burger op 1, van 18PLUS en, ben ik even kwijt wie nog meer, Partij van de Arbeid. En daarmee komen wij als het gaat om het aantal tegenstemmen uit op 6 plus 1 is 7 plus 2 is 9. En daarmee is er positief besloten op datgene wat ter besluitvorming voorligt. Dank u wel. 7.
Zienswijze op de ontwerpwijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) De voorzitter: Dan gaan wij met uw welnemen door naar de volgende agendapost die voorligt. De zienswijze op de ontwerpwijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio. En die staat ter vaststelling geagendeerd. Is er iemand die daarover een stemverklaring wenst af te geven? Dat is niet het geval. Wie wordt er geacht tegen dit voorstel te zijn? Niemand. Besloten, unaniem.
Pagina 19 van 26
8.
Beheerplan Wegen 2023-2027 De voorzitter: Dan gaan wij naar agendapunt 8 op uw agenda. Het Beheerplan Wegen 2023-2027. Dat staat ter debat geagendeerd, met een eerste termijn van maximaal twee minuten. Ik heb begrepen dat naast Partij 18PLUS ook de ChristenUnie daarover het woord wenst te voeren. Maar ik ga ook verder met een vervolgvraag, of dat ook nog voor anderen zou gelden? Dat is niet het geval. Eerste termijn maximaal van twee minuten, zoals ik zei. En als eerste het woord aan Partij 18PLUS. De heer Van Neuren: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, het is het jaar 1915 en we staan naast het onderstation van het gemeentelijke elektriciteitsbedrijf. Het pand stond op de plek waar het oude centrum toegang gaf tot de Kerkweg. U zult de vorm, zoals het in de geschiedboeken staat afgebeeld, niet meer aantreffen, want het heeft ruimte moeten maken voor de eisen van het wegverkeer. In die periode zien we ook de aanleg van het riool. Daardoor grindpaden veranderen naar klinkerstraten. Het onderstation is er gekomen na de gemeenteraadsvergadering van 6 december 1911. Deze vergadering behandeld de concessie over een te bouwen steenkolenfabriek ten behoeve van de elektriciteit in Ridderkerk. In die tijd kocht onze gemeente nog stroom in bij de gemeente Dordrecht. Opmerkelijk was wel dat de Blauwkaiers minder betaalden dan de Schapenkoppen voor hun eigen stroom.
De fabriek zou er moeten komen, voornamelijk ter verbetering van de straatverlichting. Voorzitter, ik hoor u denken, wat heeft dit met het Beheerplan Wegen 2023-2027 te maken? Het volgende bracht burgemeester Jan Gerrit de Zeeuw december 1911 in. Hij klaagde dat altijd weer door de burgers werd gevraagd om meer licht en meer grind op de weg. Een soort van eerste geschiedschrijving over wegbeheer. En toen al een punt van gesprek. Het is er sinds die tijd niet minder druk en belastend op geworden. Het zorgde er in 1929 zelfs voor dat er een snelheidsbeperking ingesteld werd binnen de bebouwde kom van Ridderkerk, en u hoort het goed, van twintig kilometer per uur. Goede wegen zorgen voor een goed aanzicht en veiligheid. De wegen zijn het visitekaartje van de gemeente voor bezoekers en voor de bewoners. Partij 18PLUS is dan ook groot voorstander van een goed wegenbeheerplan, zoals degene die vanavond voorligt. Wel vragen we het college om bij herinrichting na te denken om innovatieve en duurzame technieken toe te passen, zoals stille straatklinkers en om bij bedrijventerreinen bij herinrichting ook op kwaliteitsniveau B te gaan zitten. Wellicht dat Partij 18PLUS deze raadsperiode hier nog een voorstel voor gaat indienen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Neuren. Dan is het woord aan de heer Alkema van de ChristenUnie. De heer Alkema: Dank u wel, voorzitter.
De ChristenUnie stemt in met het Beheerplan Wegen 2023-2027. Maar voorzitter, wij willen echt dat het basiskwaliteitsniveau ook wordt toegepast op die fietspaden op bedrijventerreinen. Fietsers verdienen ruimte, veiligheid en comfort. En dat is voor ons superbelangrijk. Fietsen naar werk is goed voor het milieu en je gezondheid. We weten zeker dat de portefeuillehouder dat ook zo ziet. Kunnen we ervan uitgaan dat alle fietspaden de komende vier jaar dat basiskwaliteitsniveau behouden, ook al staat het nu niet in het beheerplan? Wij willen die ambitie zeker terugzien in het volgende beheerplan. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan was dit de bijdrage van uw raad in eerste termijn. En is het woord aan wethouder Meij. De heer Meij: Dank u wel, voorzitter. De heer Van Neuren mag van mij altijd alles proberen bij elk voorstel om toch een mooi verhaal te maken. Daar leer ik ook weer van. De duurzaamheid, dat staat ook in de tekst van het beheerplan, daar gaan we ook zeker aan werken. En met de kennis van nu doen we nu de dingen goed, maar in de komende jaren zal dat best natuurlijk een enorme vogelvlucht krijgen. Ik neem aan dat we als Pagina 20 van 26
Ridderkerk daar ook gewoon mee gaan doen. En nu optie om bij bedrijfsterreinen richting B te gaan, dat is natuurlijk aan u, als u dat belangrijk vindt. Maar dan zou ik zeggen, neem dan meteen de vergroening mee, want ook die plekken moet groen worden. De heer Alkema geeft aan, die discussie hebben wee natuurlijk in de commissie gehad. Ik had het even lastig, want ik kon de tabel niet te voorschijn halen. Mijn wachtwoord werkte niet, omdat ik de Caps Lock had aanstaan. Ik zat even een beetje te hannesen. Er staat inderdaad een C. Feitelijk is het al jaren zo, wat ik dacht ik ook wel verteld heb, dat de fietspaden op bedrijventerreinen gewoon... Feitelijk worden die op B-niveau onderhouden. Maar u heeft gelijk, het staat er niet. En dat gaan we in een volgende update aanpassen. En dan wordt het echt B. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Meij. Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. Is er behoefte om een stemverklaring af te geven door iemand uit uw midden? Ook dat is niet het geval. En dan gaan we nu tot de besluitvorming over. Wie wordt er geacht tegen dit voorstel te zijn? Niemand? Daarmee is iedereen voor dit voorstel. Unaniem aangenomen. 9.
Verordening Nadeelcompensatie Ridderkerk 2024 De voorzitter: Dan gaan wij door naar de verordening Nadeelcompensatie Ridderkerk 2024. Ook ter debat geagendeerd. Eerste termijn van twee minuten. En er is een amendement van toepassing vanuit de ChristenUnie. En daarmee krijgt u sowieso als eerste het woord. En mijn vraag is aan uw raad of er nog anderen zijn die over dit onderwerp wensen te spreken? De heer Kloos van Echt voor Ridderkerk. Meer niet. Dan geef ik als eerste het woord aan de heer Kooijman van de ChristenUnie. De heer Kooijman: Voorzitter, dank u wel. Een korte bijdrage van mijn kant, alleen om ons amendement toe te lichten. Bij het doornemen van de verordening viel ons oog tot tweemaal toe op het woordje in principe. Eigenlijk zijn de twee woordjes natuurlijk, in principe. Op beide plekken wordt gesproken over afhandeltermijnen. In principe brengt de adviescommissie binnen 24 weken advies uit, artikel 7. En artikel 8, het bestuursorgaan beslist in principe binnen 8 weken. Het lijkt ons geen goed idee om deze termen in de verordening zo te houden. Dat schept namelijk onduidelijkheid richting indieners van aanvragen om schadevergoeding. En daarom dienen wij vanavond voorliggend amendement in, om beide termijnen scherper te formuleren.
Mijn dank gaat uit naar de griffie, die, ook samen met de ambtelijke organisatie, ons uitstekend heeft geadviseerd en onder andere heeft gezorgd voor de juridisch juiste verwijzing naar de bepaling in de Algemene Wet Bestuursrecht. En daar wil ik het voor nu bij laten. Mochten er nog vragen over zijn, dan hoor ik die graag. Ik dank u. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kloos van Echt voor Ridderkerk. De heer Kloos: Dank u wel, voorzitter. Het is even wennen voor de Ridderkerkers om te praten over nadeelcompensatie in plaats van planschade. Een bekendere term. Met deze verordening heeft Echt voor Ridderkerk geen moeite. Wel tekenen wij aan dat een digitaal loket, voorzien in deze verordening, voor sommige bewoners wellicht een lastige weg kan zijn. Maar fijn gehoord te hebben dat bij problemen hiermee de betrokkene burgers de nodige bijstand geboden kan worden. We verzoeken het college dit in de publicatie ook goed te benadrukken. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kloos. Dan geef ik het woord aan de portefeuillehouder, de heer Van der Duijn Schouten.
Pagina 21 van 26
De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel, voorzitter. We zullen dat in de communicatie meenemen. Nadeelcompensatie in plaats van planschade. Ik snap dat de term bekend was, maar nadeelcompensatie gaat wel breder dan alleen planschade. Ik denk dat het uiteindelijk voor onze inwoners ook wel goed is dat het nu een nadeelcompensatieregeling wordt. En dan even wat betreft het amendement. Ik denk dat het een goed amendement is. En ik kan het zelf eigenlijk niet beter verwoorden als het ambtelijk advies wat ik op dit punt kreeg. En dat luidt, het amendement levert een juridische verbetering op van de vast te stellen verordening. En advies is dan ook deze te omarmen. We omarmen hem. En we danken de heer Kooijman voor het aanbrengen van deze verbetering. En dat was het, wat mij betreft, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Geeft dit nog aanleiding voor een tweede termijn vanuit uw raad? Dat is niet het geval. Dan kunnen wij overgaan tot besluitvorming. En dat doen we gebruikelijkerwijs als eerste ten aanzien van het amendement wat voorligt. En de samenvatting van dat amendement is, onderwerp is de verordening Nadeelcompensatie Ridderkerk 2024. De raad wordt voorgesteld de beslistermijn in twee artikelen duidelijker te omschrijven.
En voor de vastlegging nog even ter verduidelijking, dat gaat om artikel 7 lid 1 en artikel 8, zoals dat ook in het amendement onder het voorstel concreet staat uitgeschreven. Is er iemand die ten aanzien van het amendement een stemverklaring wenst af te geven? Nee? Dan kunnen wij overgaan tot besluitvorming op het amendement. Wie is tegen dit amendement? Niemand. Daarmee is dit unaniem aangenomen. Gaan wij vervolgens door tot de besluitvorming over het voorstel als zodanig. Wie wil daarover een stemverklaring afgeven? Niemand. Wie wordt er geacht tegen dit voorstel te zijn? Ook niemand. Unaniem aangenomen. 10. Controleverordening Ridderkerk 2023 De voorzitter: Vervolgens gaan wij met elkaar stilstaan bij de controleverordening Ridderkerk 2023. Die is echter ter vaststelling aangeboden. En mijn vraag is of iemand daar een stemverklaring over wenst af te geven? Dat is niet het geval. Wie wordt er tegen dit voorstel geacht te zijn? Niemand. Unaniem aangenomen. 11. Verordening doelmatigheid en doeltreffendheid Ridderkerk 2023 De voorzitter: Vervolgens gaan wij door naar agendapunt 11. De verordening doelmatigheid en doeltreffendheid Ridderkerk 2023. Geagendeerd ter debat, met een eerste termijn van maximaal twee minuten. Ik heb hier voor mij staan dat in ieder geval de ChristenUnie en de PvdA hier het woord over wensen te voeren. Zijn er ook nog anderen? Dat is niet het geval.
Dan ga ik als eerste het woord geven aan de ChristenUnie. En ik kijk even wie daar het woord over wenst. Dat is mevrouw De Wolff. Aan u het woord. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u, voorzitter. Mooi dat vanavond door het vaststellen van deze verordening hernieuwde aandacht is voor de 213A-onderzoeken. Want de collegeonderzoeken, zoals deze ook wel worden genoemd, zijn belangrijke onderzoeken. En wel om drie redenen. Het zijn onderzoeken die passen bij een gemeente die zijn kwaliteitscyclus serieus neemt. Zeker nu we de organisatie aan het opbouwen zijn een belangrijke reden. Het zijn onderzoeken die de raad helpen om hun controlerende rol te kunnen uitvoeren. En het zijn onderzoeken waarbij er een publieke verantwoording is over het gevoerde beleid naar de inwoners van Ridderkerk. Deze drie lijken me belangrijk genoeg om de invulling van de collegeonderzoeken voortvarend op de pakken. De wethouder gaf aan dat een gesprek met de Auditcommissie daarbij een eerste stap is. Dat is prima. Alhoewel de Auditcommissie meestal over de financiële kant gaat. We zijn benieuwd of de wethouder zelf op korte termijn een afspraak met deze commissie zou willen maken. En, wanneer dat niet lukt, ik wil met alle liefde even aan de voorzitter van de Auditcommissie vragen om een datum te prikken en hiervoor de wethouder uit te nodigen.
Dan nog twee vragen waarop ik graag een reactie van de wethouder wil. Is de Pagina 22 van 26
wethouder het met me eens dat het collegeonderzoek een op zichzelf staand onderzoek is? En dat dit een ander soort onderzoek is dan een Rekenkameronderzoek en anders dan de onderzoeken gedaan in opdracht van de Auditcommissie? En dan als laatste nog een reactie op de antwoorden die gegeven zijn op de schriftelijke vragen van de PvdA. Is het niet een beetje vreemd dat we vandaag een verordening vaststellen waarin we vastleggen dat we jaarlijks een onderzoek uitvoeren, jaarlijks een onderzoeksplan gaan maken, jaarlijks gerapporteerd zal worden over deze onderzoeken en dat de wethouder dan in een reactie op de vragen van de PvdA aangeeft dit komend jaar niet te gaan doen? Daarbij voelt voor mij het vaststellen van deze verordening op dit moment een beetje een wassen neus. Graag een reactie. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Wolff. Ik denk dat mevrouw Ripmeester namens de Partij van de Arbeid het woord gaat voeren. Klopt dat? Het mag ook anders. Mevrouw Ripmeester: Precies. De voorzitter: Daar besluiten jullie natuurlijk zelf over. Gaat uw gang. Mevrouw Ripmeester: Een groot deel van de opmerkingen zijn al gemaakt door mevrouw De Wolff. Dat is fijn. Ik wil nog een stukje terug.
Met de dualisering van het lokale bestel heeft de wetgever het college een intern instrument gegeven om beter te kunnen controleren of de eigen doelen die gesteld zijn ook worden gehaald binnen de afgesproken kaders. Het onderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid in het kader van de 213A-verordening. Nu blijkt dat het 213A-onderzoek maar moeizaam van de grond komt. Dat er geen onderzoeksplan wordt gemaakt. En dan is het de vraag, waarom dit het geval is en hoe ervoor gezorgd kan worden dat dit 213A-onderzoek daadwerkelijk gaat bijdragen aan meer transparantie en een beter lokaal bestuur? Dat is mijn vraag. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Ripmeester. Dan is het woord aan de portefeuillehouder. Wethouder Van Os. De heer Van Os: Voorzitter. Die 213A van de Gemeentewet maakt wat los. In de commissie heb ik ook al aangegeven dat we een verordening hebben uit 2004, bijna twintig jaar oud, waar ook in staat dat er jaarplannen gemaakt moeten worden. En zoals de raad weet, hebben de colleges voorafgaand aan dit college en dit college daar ook geen gehoor aan gegeven en is 213A heel creatief ingevuld. Dat zijn de woorden die ik ook in de commissie heb gebruikt. En nu ligt er gewoon een nieuwe verordening voor. We hebben ook weer een eigen Ridderkerkse organisatie vanaf 2024. Daar willen we voortvarend mee aan de slag.
Maar ik vraag wel enigszins begrip aan de gemeenteraad met een nieuwe organisatie en opbouw dat er wel wat ruimte wordt geboden, ook aan de mensen die dadelijk op de Planning en Control-afdeling zitten, om even op te kunnen starten, zodat we dadelijk gedegen van start kunnen gaan met die 213A-onderzoeken. Dat als antwoord op de vraag van mevrouw De Wolff van de ChristenUnie. En inderdaad, er zijn andere onderzoeksrapporten dan het onderzoek van de Rekenkamercommissie 213A-onderzoeken. Overigens, het is gewoon een artikel uit de Gemeentewet. We noemen het 213A-onderzoek, maar is gewoon artikel 2.13 lid A van de Gemeentewet. En die zegt dat het college onderzoek moet doen naar haar eigen handelen. Daar zijn een aantal voorbeelden genoemd op vragen van de Partij van de Arbeid, alleen die zijn niet zo aangemerkt met een onderzoeksplan aan de voorkant. Maar die zullen wel gekwalificeerd kunnen worden in dat kader. Waarom nu wel? Het ligt nu voor ter besluitvorming aan de gemeenteraad om deze verordening vast te stellen. Daardoor worden we in ieder geval door de gemeenteraad, maar ook door onszelf, weer even gewezen op alle artikelen die daar instaan. Overigens is wel grappig dat ik nog een Rekenkameronderzoek ben tegengekomen uit 2009. Mevrouw Ripmeester, u zult die periode wellicht nog herinneren. Toen was de Partij Pagina 23 van 26
van de Arbeid de grootste partij in de gemeenteraad en zat u in het college. En wellicht dat zelfs de wethouder van de Partij van de Arbeid huize kwam die hiermee bezig was. En ook toen al bleek uit dat Rekenkamerrapport dat er geen gehoor werd gegeven aan die 213A-onderzoeken, die toen in de verordening van 2004 door de gemeenteraad is vastgesteld. Sterker nog, de staatssecretaris was zelfs bezig met het afschaffen van213A-onderzoeken. En de VNG omarmde dat van harte, omdat het ook gewoon een last is voor colleges om daar gehoor aan te geven. Maar de wet is de wet. Artikel 2.13A bestaat nog steeds in de Gemeentewet. Er ligt een verordening voor. En als die wordt vastgesteld, dan gaat dit college daar voortvarend mee aan de slag. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, u heeft daar een vraag bij, zie ik. Mevrouw Ripmeester: Nee hoor, geen vraag, een reactie. Ik vind het opmerkelijk dat de wethouder zich verschuilt achter niet goed gedrag, omdat de voorgangers ook niet goed gedrag vertoonden. Dat lijkt me net niet de houding die je aan moet nemen als een nieuw college met een nieuwe start. Ik hoop maar dat de volgende periode beter zal zijn. Natuurlijk is er begrip voor de organisatie. Er is alleen geen begrip voor dat, we hoeven het niet beter te doen, want mijn voorganger deed het ook al niet goed.
Daar is geen begrip voor, ongeacht of het mijn eigen wethouder was of niet. Dat slaat echt helemaal nergens op. Ik verwacht eigenlijk van dit college dat ze gedegen onderzoeken gaan doen. Gaan doen wat we gaan vaststellen in deze verordening. Dat de onderzoeken die gedaan worden, worden aangekondigd met een onderzoeksplan. En dat die onderzoeken die gedaan gaan worden ook gaan voldoen aan die 213A-criteria. Want daar mankeert het aan alle kanten. U gaat nu een nieuwe organisatie opzetten. Ik mag dan verwachten... De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, uw inbreng is te duiden als een interruptie. Mevrouw Ripmeester: Dit was mijn tweede termijn. De voorzitter: Die vraag heb ik u nog niet gesteld. Daarom is het even van belang dat u een vraagteken formuleert en het ook even kort houdt. Mevrouw Ripmeester: Dan ga ik een vraagteken voor u formuleren. Bent u het met ons eens dat nu bij de opstart van deze nieuwe organisatie we dit 213-onderzoek op zijn plek gaan zetten en in zijn kracht gaan zetten, dat we met een gedegen onderzoeksplan gaan komen en gaan komen met onderzoeken die voldoen aan de criteria die daarvoor staan? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. En er was ook nog, dacht ik uit mijn rechterooghoek te zien, de behoefte om een interruptie te plaatsen vanuit mevrouw De Wolff. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dat klopt.
Ik zou willen vragen aan de wethouder wat dan misschien wel de meerwaarde in zijn ogen zou kunnen zijn van de 213A-onderzoeken? U geeft aan van, het moet van de wet en dat is het dan. Maar ziet u ook nog kansen waardoor dit toch een succes zou kunnen worden? De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Ik zal mevrouw Ripmeester enigszins geruststellen, want de voorganger van de portefeuillehouder van deze collegeperiode was ik zelf in de vorige collegeperiode. En toen is er ook geen uitvoering gegeven aan de verordening uit 2004. Het is inderdaad gewoon ook alle vorige colleges en het huidige college, want wij zijn in 2022 gestart met elkaar. Wij hebben ook geen uitvoering Pagina 24 van 26
gegeven aan die 213A-onderzoeken, zoals die in de verordening is vastgesteld ui 2004. Nu ligt hij weer voor. En heb ik aangegeven dat wij als college aan de slag gaan met 213A-onderzoeken. De voorzitter: Ik heb een interruptie daarop van mevrouw De Wolff. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ik denk eerlijk gezegd dat deze discussie niet zoveel zin heeft. Ik denk, we gaan een nieuwe organisatie opbouwen. Ik heb er alle vertrouwen in dat die organisatie goed wordt opgebouwd. Ik heb er vertrouwen in dat er straks 213A-onderzoeken komen, zoals hier is afgesproken. En terugkijken dat dat niet eerder gebeurd is, helpt niet om een organisatie beter op te bouwen. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van Os. De heer Van Os: Denk ik prima aanvulling zo, voorzitter. 213A-onderzoeken kunnen zeker een college helpen om het eigen handelen te onderzoeken. Maar er gebeurt natuurlijk al heel veel. We hebben vanaf 2014 in de BAR-organisatie gezeten. Daar hadden we Concern Control. Die waren ook gewoon continu bezig met processen en werkbeschrijvingen te optimaliseren. De oude na te kijken. Er is weldegelijk veel gebeurd op dat gebied. Alleen volgens de verordening hadden we een onderzoeksplan in moeten dienen en een heel proces moeten doorlopen. En dat is gewoon niet gedaan. Niet door mij in dit college, niet door mij in het vorige college en zeker ook niet door mij voorgangers in voorgaande colleges.
En ik geef aan nu met de nieuwe verordening, als hij wordt vastgesteld, dan gaan we daarmee aan de slag. Alleen in 2024 vraag ik de gemeenteraad enigszins nog wat terughoudendheid, zodat onze eigen organisatie ook kan opstarten in 2024. En dan gaan we er gewoon mee aan de slag. En daar u heeft heel de raadsperiode voor om dit college daaraan te houden. De voorzitter: Dan ronden we daarmee de eerste termijn even af. En dan gaan we even de vraag stellen of er behoefte is aan een tweede termijn? Ja, dat is het geval. Mevrouw Ripmeester. Mevrouw Ripmeester: Het is niet echt meer een tweede termijn, want die heb ik net omgekat naar een vraag. Maar ik heb nu nog een laatste vraag. U vraagt coulance voor 2024, maar het onderzoeksplan moet altijd vooraf aangekondigd worden. Waar in 2024 ontvangen we het onderzoeksplan voor de onderzoeken die in 2025 gaan plaatsvinden? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Wethouder Van Os. Mevrouw Ripmeester: Staat in de verordening dat het uiterlijk met de begroting is. De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: Voorzitter, dan hoef ik geen antwoord meer te geven. Dat is uiterlijk bij de begroting. De voorzitter: Dat is dan duidelijk. Dan komen wij tot afronding van dit onderwerp. En dan stel ik u de vraag of er behoefte is aan iemand om een stemverklaring af te geven? Dat is niet het geval.
Wie wordt geacht tegen dit voorstel te zijn? Niemand. Daarmee is iedereen voor. En wel unaniem. Dank u wel. 12. Instemming 2e wijziging Gemeenschappelijke Regeling SVHW De voorzitter: Wij gaan door naar het volgende agendapunt. En dat luistert naar de titel, Instemming tweede wijziging Gemeenschappelijke Regeling SVHW. Dat is ter vaststelling aangeboden. Mijn vraag aan u is of er Pagina 25 van 26
iemand is die behoefte heeft aan een stemverklaring? Nee. Wie wordt er geacht tegen dit voorstel te zijn? Niemand. Unaniem aangenomen. 13. Wensen en bedenkingen deelname Staat in aandelenbelang Stedin De voorzitter: Vervolgens gaan wij naar de wensen en bedenkingen voor de deelname van de Staat in het aandelenbelang van Stedin. En dat staat der debat geagendeerd, met een eerste termijn van maximaal één minuut. En de intrigerende vraag die daarbij hoort, of er iemand is die daar het woord over wenst te voeren? Dat is niet het geval. En toch moest hij even in technische zin op deze manier. Dat is wel het geval. Kijk aan. Mijnheer Kardol van de SGP. De heer Kardol: Dank u, voorzitter. Misschien is het goed naar aanleiding van de behandeling in de commissie te zeggen dat er niemand is die nadere wensen of bedenkingen heeft. De voorzitter: Dat is een expliciete verwoording van mijn impliciete constatering. Dank u wel. Waarvoor dank. Dan gaan wij over tot besluitvorming. Is er iemand die een stemverklaring wenst af te geven? Niet het geval. Is er iemand geacht tegen het voorstel te zijn? Niet het geval. Aangenomen. 14. Verantwoording Fractiegelden 2022 De voorzitter: Dan gaan wij door naar agendapunt 14. Verantwoording Fractiegelden 2022, ter vaststelling aangeboden. Iemand een stemverklaring? Nee. Iemand tegen dit voorstel zo? Ook niet het geval. Unaniem aangenomen.
Sluiting De voorzitter: Beste mensen, dit is vanavond zeer vlotjes gegaan. Er zijn ook weleens avonden waarbij het wat langer duurt. Wij gaan richting het einde van deze vergadering komen. Ik dank u allemaal voor uw bijdragen en ook degenen die aanwezig waren hier of via internet waren verbonden. Met u kijk ik uit naar een fijn verloop van de intocht van Sinterklaas. Misschien tref ik u daar ook wel. Ik hoop in ieder geval op een hele mooie ochtend voor onze Ridderkerkse kids. En verder kunt u straks beneden bij elkaar komen op de u bekende wijze voor een hapje en een drankje. En het is onnodig te vermelden dat u uw dierbare spulletjes het beste veilig bij uzelf kunt houden. En als u denkt dat wij daarop moeten passen, dan doen we dat achter deze deur, maar kunt u er niet meer bij. Ik dank u en ik sluit de vergadering.
Pagina 26 van 26