2023-03-09-verslag-commissie-samen-leven-wonen.pdf
Tekst van het document
Woordelijk verslag commissie Samen leven en Samen wonen 9 maart 2023 1.
Opening en vaststellen agenda
De voorzitter: Goedenavond. Hartelijk welkom allemaal. Het is acht uur. Welkom aan de mensen op de publieke tribune, de mensen die meeluisteren via internet of die later meeluisteren. Alle raadsleden, burgerleden. Wij hebben een gemeenschappelijke Commissie Samen Leven, Samen Wonen. Ik zie dat alle fracties zijn vertegenwoordigd en hiermee is de vergadering geopend, en gaan we over naar de agenda. Heeft er iemand opmerkingen over de agenda die voorligt? Wethouder Van der Duijn Schouten, aan u het woord. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, het college wil graag de nota reserves gebiedsfonds rivieroevers voor dit moment even terughalen en dus ook van de agenda halen deze avond. En een tweede puntje met betrekking tot de agenda, zoals u ziet is de heer Van Os nog niet aanwezig. Die is elders waar een aantal van uw fractievoorzitters zich op dit moment ook bevindt. Dus wellicht is het voor de agenda goed om als die bij agendapunt 6 er nog niet is, eerst agendapunt 7 te behandelen zodat het niet stilvalt. De voorzitter: Dank u wel, dan halen we punt 4, nota reserve gebiedsfonds rivieroevers van de agenda af en zullen we zo nodig agendapunt 6, de startnotitie van recreatiecentrum de Fakkel, naar achter schuiven. En mijnheer Borst heeft een vraag of opmerking. De heer Borst: Ja, voorzitter.
Ik vroeg me af: wat is de reden dat agendapunt 4 van de agenda wordt gehaald? De voorzitter: Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: De afgelopen dagen zijn er op een aantal punten wat dingen naar boven gekomen waar het college toch graag nog even goed naar wil kijken of we daar op deze manier de allerbeste, het zijn al goede, maar of het echt het allerbeste voorstel is. 2.
Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld
De voorzitter: Dan is bij deze de agenda vastgesteld. Agendapunt 2, spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld. Er is niemand die zich heeft aangemeld. 3.
Vaststellen besluitenlijsten commissie Samen leven van 12 januari, commissie Samen wonen van 12 januari en commissie Samen leven en Samen wonen van 2 februari 2023
De voorzitter: En gaan we naar agendapunt 3, vaststellen besluitenlijst de commissie Samen leven van 12 januari, en nog twee anderen, die komen zo dadelijk. Heeft iemand opmerkingen op bladzijde één? Bladzijde twee, of vragen? Bladzijde drie? Dan is bij deze die vastgesteld. Gaan we naar de besluitenlijst van de commissie Samen wonen van 1 december, sorry, van 12 januari 2023. Opmerkingen of vragen over pagina één? Pagina twee? Pagina drie? Pagina vier? Is deze ook vastgesteld. De besluitenlijst commissie Samen leven Samen wonen van 2 februari. Opmerkingen, vragen op bladzijde één? Twee? Drie? Vier? En vijf? Dan is deze ook vastgesteld. Dan gaan we aan de hand van deze naar de acties van Samen leven. Actie drie, de aanrijtijden van de ambulances. De gespreksnotitie is besproken, die is dan afgedaan. Actie vier, instellen loket financiën. De gespreksnotitie voor vanavond is geagendeerd. Is dan ook afgedaan. Actie vijf, leerwerkbedrijf. De vragen zijn voor de raadsvergadering beantwoord. Is afgedaan. Actie zes, leerwerkbedrijf. Als de huisvesting gevonden is, wordt de raad ingelicht. Wethouder Piena, kunt u de streefdatum aangeven?
Pagina 1 van 17
De heer Piena: Eerst het heugelijke nieuws dat zowel de gemeenteraad van Barenrecht als die van Albrandswaard ook hebben ingestemd met dit voorstel. Dus het leerwerkbedrijf kan van start gaan. En ik verwacht, maar nogmaals dat blijft een verwachting hè, zo voor de zomer dat het leerwerkbedrijf een vestiging heeft en ingericht is, zodat er na de zomer gestart kan worden. Maar zodra we echt definitief weten hoe wat en wanneer, dan koppel ik dat bij u terug. De voorzitter: Helder. Dank u wel. Actie zeven, de RIB Gezondheidsmonitor kinderen Ridderkerk. Dat wordt geagendeerd voor de commissie van 30 maart aanstaande. Dan de acties Samen wonen, actie drie en vier. De strategie klimaatadaptatie. De raadsinformatie brief is verzonden in de commissiebijeenkomst die wordt 16 maart gehouden. Is afgedaan. Actie vijf, de vraag en voorstel Rowdies. De vragen zijn voor de raadsvergadering beantwoord, is afgedaan. En actie zes, de visie ecologie. De actie is ook onderwerp van een motie. Wat is de streefdatum voor de vertegenwoordiger van wethouder Meij? Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel, voorzitter. Ja, we hebben daar op dit moment nog geen streefdatum voor, want de vraag is even of nu er een motie is aangenomen, de actie vanuit de commissie moet blijven staan of dat vanaf dat moment de motie leidend kan worden.
En we daar als college u een keer een terugkomen op die motie zullen geven. Maar is het nu nodig dat er twee punten met hetzelfde onderwerp op deze manier actief blijven? De voorzitter: Ja. Ik stel voor dat de griffier zich hierover buigt en dat hij aan de hand van zijn conclusie besluit of dat er dan op blijft of eraf gaat. De griffier zal het de volgende keer aan ons voorleggen. 5.
Evaluatie Stimuleringsleningen 2022
De voorzitter: Dan gaan we agendapunt 4 overslaan en gaan we naar agendapunt 5. Evaluatie Stimuleringsleningen 2022. Dit ligt voor ter vaststelling. Kan de commissie daarmee instemmen? Dat is het geval. De portefeuillehouder is wethouder Van der Duijn Schouten, en die gaat dat in zijn eentje doen zonder ambtelijke ondersteuning. Dan betekent dit dat alle mogelijke vragen en meningen naar voren mogen worden gebracht, en is het woord aan de wethouder of hij nog een toelichting wil geven. De heer Van der Duijn Schouten: Nou, voorzitter, even kort. Het heeft allemaal ook in het voorstel gestaan, maar we zien dat met name de startings- en de duurzaamheidslening er vanuit de bevolking heel veel animo en interesse is voor deze leningen. Dat er heel goed gebruik van wordt gemaakt. Dus vanuit dat perspectief leek het ons goed om weer wat geld ter beschikking te stellen. Het is een revolverend fonds alleen, ja, het duurt gewoon wat langer voordat de afbetalingen weer tot voldoende saldo in het fonds leiden. Dus vandaar dat nu het voorstel voorligt om voor twee stimuleringsregelingen, die heel goed lopen, wat te vullen. En de andere twee waar vanuit de evaluatie die u ook heeft gehad is gebleken dat er eigenlijk weinig tot geen animo voor is, die dan ook niet nodeloos actief te laten en die gelden in te zetten daar waar ze veel beter renderen. Dat was het wat mij betreft, voorzitter.
De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Wie van de commissie wil het woord? Mijnheer Coule, Burger op 1. Hoeveel vragen of opmerkingen heeft u? Eén. Mijnheer Borst? Ook één. Mevrouw Kramer-Blansjaar? Vijf. Mijnheer Coule van Burger op 1, dan starten we met u. Excuus. Mijnheer Verweij, twee vragen. Dan weet u waar u wordt ingeschaald. Mijnheer Coule, Burger op 1. Aan u het woord. De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Ik was nieuwsgierig. De stimuleringsfondsen waar geen animo voor was. Is er een reden waarom daar geen animo voor was? Of is het gewoon omdat mensen het niet kenden? De voorzitter: Wethouder Van der Duijn Schouten. Pagina 2 van 17
De heer Van der Duijn Schouten: Niet kennen zal naar wij denken niet het geval zijn, omdat er op dezelfde wijze aandacht voor is geschonken als voor de andere leningen. Er zijn, met name op de blijverslening, kan het ook zijn dat het te maken heeft dat ook op andere manieren soms de voorzieningen verkregen konden worden en dat mensen dan voor die route kiezen in plaats van daar zelf een lening voor af te sluiten. Wat op zich misschien ook wel niet heel onlogisch is. De voorzitter: Akkoord zo? Dan gaan we naar mijnheer Borst, VVD, voor uw ene vraag. De heer Borst: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, wij zijn in ieder geval heel erg blij met deze regeling. En dat er straks ook meer geld beschikbaar komt om inwoners dan te helpen bij het kopen van een huis of om hun huis te verduurzamen. En als dan zou blijken dat het aantal wanbetalers dan ook nog eens relatief laag is, dan zou dat alleen maar mooi meegenomen zijn. Dus wij waren nieuwsgierig hoeveel wanbetalers er eigenlijk zijn bij deze stimuleringsregelingen? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel. Die vraag had ik een beetje aan zien komen. Alleen ik moet op daar op dit moment nog het antwoord op schuldig blijven. Ik heb hem ambtelijk uitgezet, maar daar nog geen reactie op.
Dus ik zal daar op een later moment bij u schriftelijk op terug moeten komen, want ik weet het op dit moment niet. De voorzitter: Dank u wel. Dan houdt mijnheer Borst die tegoed. En gaan we door naar mijnheer Verweij van de SGP. Twee vragen. De heer Verweij: Ja, voorzitter, dank u wel. Allereerst dank voor de beantwoording van onze vragen. We zijn blij dat onderkend wordt enerzijds dat we niet ten onder moeten gaan aan het eigen succes wat betreft deze regeling. Dus dat het inderdaad niet wenselijk is dat er geen nieuwe leningen kunnen worden verstrekt door een ontoereikend saldo. Anderzijds hebben we ook ingezien dat blijkbaar ons voorstel voor een minimale dekkingsgraad niet mogelijk is vanwege de inbreuk wat dat op het budgetrecht zou doen. De motie die onze fractievoorzitter dan ook heeft aangekondigd komt daarmee waarschijnlijk te vervallen. Wij zijn nog wel benieuwd, ten eerste of de wethouder andere oplossingsrichtingen zou zien dan hetgeen wij hebben voorgesteld? En of hij dan een toezegging zou kunnen doen. Ten tweede, dat de raad wel wordt geïnformeerd als er extra krediet nodig zou zijn, zodat we ook tijdig kunnen ageren en kunnen voorkomen dat het verstrekken van leningen wordt stopgezet door ontoereikend saldo van de genoemde rekeningen. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel, voorzitter.
Ja, ik denk dat zeg maar de oplossingsrichting waar u aan denkt ook wellicht wat tevens zit in de toezegging waar u om vraagt. Ook als college hebben we geconstateerd dat het onwenselijk is dat op een gegeven moment geen leningen meer verstrekt kunnen worden omdat de saldi ontoereikend zijn. Daarvoor zijn een aantal saldi op leningen die niet meer lopen of niet gebruikt worden, er is ook een oude startersregeling, al overgeheveld, zodat we dat iets sneller … Maar dat lag binnen de bevoegdheid van het college. En er ligt nu een voorstel een potje weer te vullen. Uiteraard kan ik u toezeggen, en dat dat is een eenvoudige toezegging omdat ik dat sowieso intern al heb uitgezet, dat we voortaan hierop moeten acteren op het moment dat het saldo niet meer toereikend is. En dan niet op moment dat het nul is, maar uitgaande van een zeker historisch aantal aanvragen. Natuurlijk is dat op het ene moment weer wat meer als op het andere moment. Dan zijn de bedragen ook niet gelijk. Maar we hebben wel een redelijke inschatting bij welk saldo er bijvoorbeeld nog voor een kwartaal geld in het fonds zit. En dat we op dat moment acteren, en niet wachten tot het nul is. Die toezegging doe ik u graag, dat moet sowieso gebeuren want ik wil dit ook niet meer. Dat het op deze manier op tafel komt. Zal naar de toekomst toe Pagina 3 van 17
wellicht ook ietwat onwaarschijnlijker worden, omdat we ook steeds meer terugbetalingen krijgen waardoor het potje zich weer min of meer natuurlijk vult. Ja, dus nogmaals, die toezegging doe ik graag en dat is ook de reden een minimale dekking of … Altijd doorgaan, daarmee zou het min of meer een openeindregeling worden. Van dan zegt uw raad: college, wat er ook gebeurt en hoeveel geld er ook mee gemoeid is, ga door met het verstrekken van leningen. Nou vind ik dat als college prima, maar ik denk dat dat voor u als raad niet helemaal wenselijk is omdat u daarmee ook een beetje de grip erop kwijtraakt hoeveel geld hierin omgaat. Maar nogmaals, met de toezegging waar u om vraagt, die doe ik graag. En ik denk dat daarmee ook de oplossingsrichting waar u naar op zoek was, nou, dat u hem zelf heeft aangedragen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Verweij, wilt u daar nog op reageren? De heer Verweij: Voorzitter. Ja, dank voor de toezegging van de wethouder. De noodzaak van onze motie is er dan ook niet meer, dus vandaar ook dat we met haar vaststelling kunnen instemmen. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mevrouw Kramer-Blansjaar van Partij van de ArbeidGroenLinks, voor vijf vragen. En ik zou zeggen, begint u maar met de eerste drie. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Dank u wel voorzitter. De eerste vraag gaat over de startersleningen.
In de evaluatie staat dat het nu vooral starters met een hoger inkomen zijn die gebruik maken van de starterslening. En wat kan de gemeente doen om ook starters met een lager inkomen te helpen met het kopen van hun eerste woning? En in hoeverre zit het het in het aanpassen van de verordening? Mijn tweede vraag gaat over de blijverslening. In de evaluatie staat dat het bij deze lening niet gaat om het aantal verstrekte leningen, en dat het kwalijk is als iemand van deze lening gebruik wil maken en dat deze er dan niet is. Waarom wordt er dan toch voor gekozen om deze lening af te schaffen? En de derde vraag gaat over duurzaamheidslening. In de evaluatie staat dat de Vereniging van Eigenaren tot nu toe geen gebruik hebben gemaakt van de lening. Wat is daarvan de reden en hoe kan dit verbeterd worden? Want er ligt bij de vve's, lijkt ons, toch wel een hele grote opgave om te verduurzamen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel, voorzitter. Hoe mensen met een laag inkomen ook gestimuleerd kunnen worden tot het kopen van een woning. Dat is lastig. Ik bedoel, dat heeft niet zo zeer met deze lening te maken, als wel met de huizenmarkt en de prijs van woningen. Ik bedoel, ook mensen die gebruikmaken van de starterslening. Dat loopt via de SVN-bank. Dus ook aar zit een toets op, op inkomen en op draagkracht.
En of mensen het in een later stadium ook af kunnen lossen en de aflossingslasten kunnen dragen. Dat mensen met een lager inkomen in de huidige markt, met de huidige rentes en de prijzen voor woningen, daar überhaupt niet aan beginnen daar gaat de starterslening niets aan veranderen. Het is juist bedoeld om die mensen waar het op het randje zit, of waar ook de verwachting is dat … Nou ja, wat je heel veel ziet is dat mensen die aan de starterskant beginnen qua inkomen ook een zekere ontwikkeling doormaken. Waarin het nu nog lastig is, maar naar de toekomst toe wellicht wat beter kan. Die proberen we hier net het laatste zetje mee te geven. Even maar mensen die qua inkomen sowieso op die markt lastig kunnen opereren, gaat die starterslening ze ook niet … En we willen ook niet dat mensen waar dat vooruitzicht slecht is, met die starterslening, over een aantal jaren in een onmogelijke positie gemanoeuvreerd worden. Dat is ook zeker niet de bedoeling. En met betrekking tot de blijverslening zien we dat daar helemaal geen animo voor is geweest. En dat is voor ons de reden. Hij is een tijd in de markt geweest, hij is bekendgemaakt en als er dan blijkt dat er helemaal geen animo voor is. En we zien dat met name aan de starterslening en ook de duurzaamheidslening de laatste tijd, maar dat is met de energieontwikkelingen niet zo raar, veel meer vraag naar is.
Dan lijkt het ons zinvol om het geld in te zetten waar het wel besteed en gebruikt kan worden, en het niet nodeloos ergens te laten waar toch geen animo voor is. En tenslotte vraagt u waarom de duurzaamheidslening niet gebruikt wordt door de vve's. En dat zou ik zo op dit moment niet durven zeggen. Pagina 4 van 17
We zien wel dat op dit moment de aanvragen fors stijgen. Maar inderdaad, bij particulieren, zoals we dat ook bij de andere leningen zien. Tenminste, bij de starterslening, ook bij de duurzaamheidslening. Om daar gebruik van te maken. Met name nu de energiecrisis heeft toegeslagen. En waarom vve’s daarin achterblijven, weet ik niet. De voorzitter: Dank u wel. U mag daarop reageren en uw andere twee vragen stellen. Mevrouw KramerBlansjaar. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Dank u wel. Mag ik u dan nog vragen, wethouder, hoe het dan misschien toch nog meer onder aandacht van de Verenigingen van Eigenaren gebracht zou kunnen worden? Want dat vroeg ik ook. En daarna de twee laatste vragen die ik heb. Eém nog over die duurzaamheidslening. Hoe moeten we deze lening zien in relatie tot het duurzaamheidsfonds dat het college wil instellen? En wanneer komt daarvoor naar verwachting een voorstel? En bij de verzilverlening, in de evaluatie staat dat de belangstelling voor deze regeling is afgenomen. Dit komt door commerciële alternatieven, en dat er geleend kan worden tegen een relatief lage rente op het moment. De rente stijgt de laatste tijd echter weer. Kan dit er niet toe leiden dat de belangstelling voor de verzilverlening weer toeneemt? En pleit dat er niet voor om de regeling voorlopig toch nog in de lucht te houden? De voorzitter: Wethouder.
De heer Van der Duijn Schouten: De duurzaamheidslening, hoe zich dat verhoudt tot het duurzaamheidsfonds. Op moment dat wij met duurzaamheid, met zo alles, dus wordt ook daar een afweging in gemaakt en wordt het bij mekaar betrokken. Wanneer die komt kan ik u op dit moment niet zeggen. Dat zit bij mijn collegawethouder Van Os, over duurzaamheid. Maar op het moment dat het voorstel komt, brengen we absoluut de verschillende beleidsdocumenten bij elkaar voor. Wat betreft de verzilverlening. Ja, nu stijgt de rente weer wat. Maar ook in de afgelopen jaren hebben we gezien, ook voordat de rente zo heel laag was, dat er gewoon nauwelijks animo voor is. Wel beperkt. En ook in de aard die de lening met zich meebrengt, heeft het college overwogen dat we het liever inzetten voor de starters en het duurzaamheid aspect dan voor het blijversdeel. Dus vandaar dat toch het voorstel is gedaan ook die te beëindigen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan de vraag aan de commissie of we blijven bij de inzet ter vaststelling? Dat is het geval. 7.
Gespreksnotitie over Raadsinformatiebrief instellen loket financiën op verzoek van het burgerlid A. Haan
De voorzitter: Dan slaan we agendapunt 6 voorlopig over en gaan we naar agendapunt 7, gespreksnotitie over de Raadsinformatiebrief instellen loket financiën, op het verzoek van het burgerlid mijnheer Haan. We hebben even wat wisselingen vanuit het college. En aanschuiven de portefeuillehouder, wethouder Piena en van ambtelijke zijde mevrouw Van der Plaat. Welkom. Ik wil het eerst even hebben over hoe we het gaan aanvliegen. En ik stel voor dat eerst de opsteller gelegenheid krijgt, als je daar gebruik van wil maken, om nog iets toe te voegen of toe te lichten van wat is voorgelegd. Daarna maak ik een rondje langs de fracties om de reactie op de twee bespreekpunten in de gespreksnotitie op te halen. Vervolgens is het woord aan wethouder Piena, waarbij ik hem zal vragen om eerst de vragen die zijn opgenomen in de gespreksnotitie te beantwoorden. Mijnheer Haan, heeft u nog iets toe te voegen aan uw gespreksnotitie? Dan heeft u daar nu gelegenheid voor. De heer Haan: Dank u wel voorzitter. Afgelopen maandag las ik een artikel waarin stond dat zestig procent van de huishoudens financieel kwetsbaar of ongezond is. Bij een grote groep is de schuldenproblematiek ingewikkeld. Mevrouw Jonkman, lector schulden en incasso, zegt dat ook. Het merendeel is helaas niet in Pagina 5 van 17
beeld bij de hulpverlening. En de drempel om hulp te zoeken is hoog. Dat komt mede omdat er een taboe rust op schulden. Ik ervaar dat ook dagelijks in mijn werk, als ik langs de deuren ga en met de mensen daarover spreek. Ze overzien het niet meer, ze weten niet waar ze naartoe moeten en ze schamen zich. Het oprichten van het financiële loket lijkt een mooi initiatief, maar ik vraag me tegelijk ook af, mede gezien het taboe die erop rust, of het de juiste keuze is. We laten een inwoner naar het gemeentehuis komen, kwetsbaar als die is. Zou het dan ook niet beter zijn als de gemeente richting de inwoners gaat? Om aan te sluiten bij bijvoorbeeld spreekuren van maatschappelijke organisaties. Of wanneer, als dat nog niet gedaan wordt, een deel van de vrijwilligers op te leiden, zodat zij ook kunnen adviseren op welke regelingen de inwoner aanspraak kan maken. Kortom, ik maak me zorgen over de stijgende armoede en de schuldenproblematiek. En dat is dan ook de reden van de notitie en de vragen die we hebben gesteld. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan de commissie om voor degene die daar gebruik van wil maken te reageren op de vragen. Bij de vragen zijn of er behoefte is om meer helderheid te krijgen over nut en noodzaak van dat loket financiën. En welke andere vragen commissieleden eventueel nog hebben bij dit onderwerp.
Wie wil daarvan gebruik maken? Dat zijn twee leden. En dan krijgt eerst mevrouw Ripmeester van de Partij van de Arbeid-GroenLinks het woord. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter. Ik ben blij dat het armoedebeleid weer op een andere manier geagendeerd is, deze keer via het loket financiën. We hebben natuurlijk al heel vaak er aandacht voor gevraagd en ik hoop dat we met de commissie van gedachten kunnen wisselen hoe wij een actiever armoedebeleid in Ridderkerk kunnen bewerkstelligen. Want terecht merkt de heer Haan op dat er zoveel mensen met financiële problemen zijn. En ook in Ridderkerk is dat merkbaar en voelbaar. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mijnheer Coule, van Burger op 1. De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit mijn eigen volledig aan bij mevrouw Ripmeester. Het is een fantastisch fenomeen dat we het er goed over hebben. Dat we er van alles aan willen doen, aan de lage inkomens en de schulden die opbouwen. Mijns inziens is een loket heel verstandig, dat we op het gemeentehuis ook hebben, maar het moet een tool zijn en blijven. Het moet niet het enige zijn waar de mensen terecht kunnen. Het moet wel een tool zijn die ook naar andere facetten binnen burgerzaken en dergelijke ook gewoon zijn ding kan doen. De voorzitter: Dank u wel. Dan mijnheer Van der Waerdt, SGP. De heer Van der Waerdt: Ja, bedankt voorzitter.
Allereerst, mijnheer Haan, bedankt voor het indienen van deze gespreksnotitie. Voorzitter, verschillende partijen hebben het al gehad over de huidige maatschappelijke trend, en met de nodige zorg die het met zich meebrengt. En ja, dan druk ik het nog voorzichtig uit. Dus ik sluit me er ook verder bij aan. Als het gaat om het financiële loket, kunnen we concluderen dat het college boven op de uitvoering zit. En verder is SGP erg benieuwd naar de beantwoording van de vragen die de ChristenUnie heeft gesteld. De voorzitter: Dank u wel voor de reacties. En dan mag wethouder Piena als eerste reageren op de vragen die zijn gesteld in de gespreksnotitie, en daarna kunnen eventueel aanvullende opmerkingen worden gemaakt naar aanleiding van wat is gezegd. Het woord is aan wethouder Piena. De heer Piena: Ja, voorzitter, dank u wel. Ook dank voor alle vragen die gesteld zijn. Ik hoop dat ik ze naar tevredenheid kan gaan beantwoorden. We beginnen met vraag één, wat zijn de doelen van dit loket? Het doel is bedoeld voor de inwoners om op een laagdrempelige manier, en als extra mogelijkheid, vragen te kunnen stellen aan de gemeente die betrekking hebben op het gebied van financiën, energietoeslag, minimaregelingen, et cetera. We hebben juist gekozen voor deze korte termijn, omdat wij verwachten dat Pagina 6 van 17
vanuit de door het Rijk genomen steunmaatregelen, waaronder een prijsplafond en een energietoeslag, de komende energie-afrekeningen en de energietoeslagen 2022, 2023, dat de vraag van de inwoners een piekmoment kent in de komende maanden van dit jaar. En wij verwachten de eerste helft van daar tot en met mei. Wanneer zal het loket succesvol zijn? We achten dit loket succesvol indien de inwoner ons weet te vinden. We hebben net al gehoord dat er schaamte is, dat de mensen een drempel over moeten om te melden dat ze het moeilijk hebben of dat ze vragen erover hebben. Dus dat zou heel mooi zijn. En het zou ook positief zijn, dit loket, indien wij de juiste antwoorden voor de inwoners hebben en we zo ook echt kunnen helpen. Hoe dat meetbaar is, nee, dat is denk ik voor ieder individu anders. Want die vervolgvraag had ongetwijfeld gekomen. Wij kunnen het niet meten, denk ik. Wat zijn de verwachte kosten voor dit loket? De verwachting is ongeveer tienduizend euro voor de inzet van de medewerkers. Gaat het een fysieke plek worden? Ja, dat gaat het worden. Dat heeft u net eigenlijk al geconstateerd. Hier in het gemeentehuis, twee dagen per week hier in Ridderkerk. Want we doen dit samen met Albrandswaard en met Barendrecht. Hier zullen de mensen zitten. Of ieder geval, het ene loket dat hier bemenst wordt.
Dat zal zijn op maandag en dinsdag, tussen negen en één uur, en tussen half twee en vijf uur. Daarnaast zijn ze uiteraard ook gewoon telefonisch bereikbaar en zijn ze in de andere gemeentes kunnen ze daar ook fysiek benaderd worden. Zijn er ervaringsdeskundigen bij betrokken? Nee. Bij de oprichting van loket hebben we hier geen gebruik van gemaakt. Dat heeft ook een beetje te maken met de korte termijn waar alles opgericht wordt, en de expertise is echt gelegen op het gebied van financiën voor de mensen. Dus als ze daar vragen over hebben, hebben we gezorgd dat degene die de antwoorden geeft daar eigenlijk alles vanaf weet of in ieder geval weet waar mensen terecht kunnen ervoor. En ja, in de inleiding werd het eigenlijk al gezegd. Is dit het enige? Is dit het wat het is? Nee, dit is echt een extra toevoeging aan alles wat we al hebben. De mensen kunnen nog steeds terecht bij de wijkteam, bij de klantmanagers, bij onze partners, bij schuldhulpmaatje, noem het maar op. Dat blijft gewoon in stand. We hebben echt gedacht hier goed aan te doen om een extra mogelijkheid te creëren gezien het feit, ja, dat nu ook de afrekeningen komen van de energienota's. En we verwachten gewoon dat daar heel veel vragen komen of wellicht ook mensen extra in de problemen. Dat is het volgens mij, voorzitter, wat de beantwoording van de vragen betreft. De voorzitter: Dank u wel, wethouder.
Dan is het woord aan de heer Haan, of hij hierop wil reageren. De heer Haan: Dank u wel, voorzitter, en wethouder voor de beantwoording. Ik heb nog een aantal vragen als het mag. Is het duidelijk hoeveel inwoners er ongeveer gebruik maken van dat loket? U zei net, u kunt het niet helemaal meten. Maar is er een idee wat voor soort vragen er gesteld worden? Zodat we daar later misschien op voort kunnen borduren? En de laatste. Ook wat ik in de toelichting vroeg eigenlijk. Bent u het eens dat het beter is als de gemeente ook actief naar de inwoners gaat? En dan de maatschappelijke organisaties wellicht op te leiden hierin. De voorzitter: Wethouder Piena. De heer Piena: Vraag één, hebben we zicht op wat het gebruik zou zijn? Nee, dat weten we niet. Ik ga zo nog even naar rechts kijken want ze heeft wel geïnformeerd, want het loket is open. Dus ik schuif hem straks even een stukje door. Enig idee wat voor soort vragen er zijn? Nou, wellicht dat zo rechts ook het antwoord komt. Maar op dit moment niet. Wij verwachten een breed scala aan vragen op financiën. Nogmaals, het loket is bedoeld voor alle vragen op het gebied van financiën, dus niet alleen voor de energietoeslag, maar ook inderdaad, als mensen problemen hebben met betalingen en dergelijke.
Is het handig om de mensen actief te benaderen? Wij weten natuurlijk niet welke mensen er in het probleem komen, dus dan wordt heel lastig om ze actief zelf te benaderen. Wat we wel al gedaan hebben is, en dat zult u wel zien, we hebben langs de weg bijvoorbeeld aandacht geschonken aan minimaregelingen, we zetten in de Blauwkaai stukjes. Dus bij onze maatschappij die ons helpen, de organisaties, is het bekend en worden mensen op attent gemaakt. In zoverre kunnen we ze actief benaderen, maar we kunnen uiteraard niet aan de mensen hun neus zien wie er
Pagina 7 van 17
problemen heeft. Dus ik hoop dat daarmee uw vraag voldoende beantwoord is. En voor de eerste vraag schuif ik nog even door naar rechts. De voorzitter: Mevrouw Van de Plaat. Mevrouw Van de Plaat: Ja. Dank u wel. Ik ben van de week langs geweest bij het loket, en ik heb gezien dat deze meneer ook alles bijhoudt. Wat voor vragen er komen, hoeveel. En er zijn er echt wel zo’n vijf, zes op een dag langsgekomen. Wat ik zag in zijn overzicht, is dat het veelal zelfstandigen zijn. Kleine zelfstandigen. Met problemen, arbeidsongeschiktheid. Wel soms een verzekering voor die kosten, maar toch schulden op allerlei gebieden. Dus het zijn veelal zelfstandigen en ik heb ook gezien dat die meneer echt goed op de hoogte is van al onze regelingen, en ja, dat het echt wel toegevoegde waarde heeft. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Haan, wilt u hier nog verder op reageren? De heer Haan: Nee, dank u, voorzitter. Duidelijk zo. De voorzitter: Zijn er andere leden van de commissie die hier nog iets over willen zeggen of vragen? Mevrouw Ripmeester, Partij van de Arbeid-GroenLinks. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik een compliment geven voor het openen van het loket. Het is heel goed dat het zo beschikbaar is en dat je zomaar naar binnen kunt lopen, geen afspraak hoeft te maken, dat je zo naar binnen loopt en dat je kleine zelfstandigen bereikt, vind ik.
En werkende met problemen is sowieso al een uitdaging. Dus heel fijn dat dat lukt. Er zijn ook mensen langs geweest die financiële vragen hadden, die niet direct met de gemeente of met een toeslag van doen hadden. En die mensen zijn niet doorverwezen, ook niet geholpen. Ik hoop dat u de meneer nog verder kunt ondersteunen zodat ook die vragen opgepakt kunnen worden, zodat we ook actief schulden kunnen voorkomen. Als ze zich dan melden, dat we daar ook wat mee doen. Ik deel wel een beetje de zorg van de versplintering van de loketten. Ook al vind ik wel dat dit één van de hoofdloketten zou moeten zijn. Er zijn wel heel veel loketten en een heleboel mensen zien door de bomen het bos niet. Maar goed, als u deze zelfstandigen, de kleine zelfstandigen, weet te bereiken, dan denk ik dat dit toch een prachtige aanvulling is. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Wethouder Piena, wilt u hier nog op reageren, op mijnheer Haan en mevrouw Ripmeester? De heer Piena: Ik heb geen nadere vragen gehoord. Ik heb de opmerking van mevrouw Ripmeester wel gehoord, en we zullen dan even contact opnemen met de meneer in het loket om het nog even een keer met hem door te nemen. En of hij die ervaring ook deelt. En als hij die ervaring deelt, of die inderdaad de mensen op de juiste wijze verder wil doorverwijzen.
De voorzitter: Dank aan de wethouder en dank aan mijnheer Haan voor het schrijven van de notitie. Is de gespreksnotitie voor de commissie op dit moment voldoende behandeld? Dat is het geval. 8.
Taakverdeling commissie Samen leven en commissie Samen wonen
De voorzitter: Dan gaan wij door met agendapunt 8, en dank aan de portefeuillehouder en mevrouw Van de Plaat. Agendapunt 8, taakverdeling commissie Samen leven en commissie Samen wonen. Er is een notitie verschenen waarin een overzicht is gegeven van een aantal onderwerpen, waar ze thuishoren. En daarbij is het voorstel gedaan om maatschappelijk vastgoed en onderwijshuisvesting over te hevelen van de commissie Samen leven naar Samen wonen. Zijn er nog vragen uit de commissie over de notitie? Dat is niet het geval. Dan kunnen we overgaan tot besluitvorming. Is de commissie akkoord met de uitvoering van deze notitie? Dat is het geval, dan is hiermee het besluit genomen. Pagina 8 van 17
9.
Benoeming en beëdiging lid Rekenkamer Ridderkerk
De voorzitter: Agendapunt 9 benoeming en beëdiging lid Rekenkamer Ridderkerk. De inzet is ter vaststelling en de vraag aan de commissie is, of dat akkoord is. Dat is het geval. Kunnen alle mogelijke vragen en opmerkingen worden gemaakt. Zijn er nog vragen over de procedure? En dan zal de commissiegriffier die beantwoorden. Dat is niet het geval. Is de commissie nog steeds van mening dat het ter vaststelling is? Dat is het geval. Het woord is aan mijnheer Slingerland. De heer Slingerland: Het voorstel is, of tenminste, de vraag of dit voorstel in de raad bij acclamatie kan worden genomen. Dat betekent zonder stemming. Of zijn er fracties die graag het woord willen voeren of een stemming verlangen? De voorzitter: Is er iemand die een stemming verlangt? Dat is niet het geval. Dan zal het akkoord per acclamatie verlopen. 6.
Startnotitie recreatiecentrum de Fakkel
De voorzitter: Agendapunt 10 is ook van wethouder Van Os. Dus dat zullen wij nog even … Excuses. Chapeau dat u zo stil bent binnengeslopen. Maar hartelijk welkom. Ik heb voortdurend die kant op zien zitten kijken, maar blijkbaar is het gebeurd op een moment dat ik de aandacht links had. Dan stel ik voor dat wij gaan naar agendapunt 6, dat hebben wij keurig vooruitgeschoven. En agendapunt 6 is de startnotitie recreatiecentrum de Fakkel. En dan nodig ik wethouder Van Os, en ambtenaar mijnheer Van Duijnen uit om hier plaats te nemen. De inzet is ter debat. Is dat akkoord voor de commissie? Dat is het geval. Dat betekent dat er technisch inhoudelijke vragen kunnen worden gesteld. En het woord is eerst aan wethouder Van Os, of hij nog een toelichting wil geven op het voorstel. De heer Van Os: Ja. Dank u wel voorzitter. Ik heb begrepen dat in de commissie korte toelichtingen moeten worden gegeven. Dus daar zal ik me dan nu maar aan houden. Voor ons ligt de startnotitie, die ook naar aanleiding van de motie door de gemeenteraad is aangenomen. En die motie vraagt om een aantal zaken om uit te werken in het college. Deze startnotitie voorziet daarin, maar weet dat er ook nog een Raadsinformatiebrief volgt binnen nu en een drie, vier weken vermoed ik zo. Waar onder andere het meerjarenonderhoudsplan in staat en de verduurzamingslag die nu onderzocht wordt.
En daarmee zullen we dan ook de motie afdoen. En ik denk, voorzitter, dat de startnotitie voor zich spreek. Dus ik ben benieuwd welke vragen er nog leven naast de schriftelijke vragen die reeds beantwoord zijn. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Wie van de commissie heeft vragen? Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Eén vraag. Mijnheer Van der Waerdt, SGP, vier vragen. Mijnheer Rijsdijk, vijf. Van de Partij van de ArbeidGroenLinks. Mijnheer Borst, VVD, één vraag. Mijnheer Swarttouw heeft zeven vragen, Leefbaar Ridderkerk. En mijnheer Coule van Burger op 1 heeft twee vragen. Gaan we van laag naar hoog, en beginnen we met mevrouw De Wolff van de ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een doorvraag over vraag twee. Die heeft u beantwoord. Ik vroeg daar om in te gaan op de momenten waarop wij worden geïnformeerd. Tot nu toe staat in de startnotitie dat wij worden geïnformeerd, dat er eigenlijk van 23 maart en dan anderhalf jaar later zo'n beetje pas weer een reactie is. U gaf net al aan dat er een Raadsinformatie brief komt. Maar ik zou toch heel graag meer informatiemomenten willen hebben. En niet zozeer, daar gaat het niet eens alleen om te controleren, maar we hebben in de motie ook echt gevraagd om ons mee te nemen in het proces. Zodat we Pagina 9 van 17
ook toe kunnen groeien naar de naar de beste ideeën voor de mooiste Fakkel. Dus daar wil ik toch nog graag een reactie op. De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, inderdaad. Op antwoord op de vraag van de ChristenUnie, die vandaag verzonden zijn de antwoorden, hebben we aangegeven dat we naar de raad toe zullen komen zodra de eerste contouren zichtbaar zijn van het aantal onderzoeken wat door de raad is gevraagd aan ons om uit te voeren. Want u kunt zich wel voorstellen als commissie, er wordt 150 duizend euro gevraagd, maar dat geld hoeft natuurlijk niet op. Zodra de eerste expertise zichtbaar worden van de onderzoeken die gedaan worden, en het blijkt inderdaad dat na de eerste inzichten al bij wijze van spreken op renovatie zo duur zullen worden, zullen we naar de raad toekomen. Medio, wat hadden we gezegd, derde kwartaal volgens mij. Om daarover met elkaar te praten. Want het is natuurlijk zonde van de tijd en het geld als wij al die onderzoeken helemaal van A tot Z gaan doorlopen, en blijkt dat twee van de drie scenario's gewoon op voorhand al te duur worden. Dus op dat moment willen we de raad al gaan betrekken. Maar ook op dat moment met elkaar bepalen: hoe dan verder? En op welke momenten zullen we de raad dan betrekken? Dus daar is nu aan de voorkant weinig over te zeggen. Maar wel vanaf derde kwartaal 2023.
De voorzitter: Mevrouw De Wolff. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ik begrijp dat er inhoudelijk nog weinig te zeggen is, maar bij mijn weten maken we een startnotitie waarin we ook echt het proces beschrijven. Hoe we naar iets toewerken. En volgens mij hoor je dan in een startnotitie echt te zeggen welke informatiemomenten er zijn. En als ik dan nu één moment, en ik hoor nu eigenlijk een tweede moment zeggen in een Raadsinformatiebrief. Maar waarom neemt u dat dan niet op in een startnotitie zodat we het gevoel hebben dat we daarin ook echt mee worden genomen? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. De reden is simpel. Toen wij de motie voor het eerst als college tot ons namen en tot de uitvoerende startnotitie wilden brengen, dachten we dat de raad van ons verlangde dat we alle drie de onderzoeken ook van A tot Z zouden doen. Maar in ieder geval met wat contact met een aantal indieners blijkt dat daar een heel ander inzicht is, met hetgeen wat gevraagd werd in de motie. En vandaar dat nu ook schriftelijk op antwoord op uw vraag is gezegd: wij komen het derde kwartaal dan met de eerste contouren van die onderzoeken. De voorzitter: Mijnheer Borst, VVD. Uw vraag. De heer Borst: Ja. Dank u wel, voorzitter.
Wij vroegen ons af of overwogen is om verschillende manieren van zuiveren en schoonhouden van het badwater ook mee te nemen in het onderzoek? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Jazeker. Straks als er een nieuw bad gerealiseerd moet worden dan kijken we natuurlijk ook naar hedendaagse technieken, en niet alleen in het land, maar in de wereld zie je daar verschillende technieken die toegepast worden op het zuiveren van het water. En die zullen ook onderzocht worden en met de raad gedeeld worden in de verschillende scenario's die straks voorgelegd geworden. Pagina 10 van 17
De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Coule, Burger op 1. De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Mijn eerste vraag is: in de nota staat: wie doet er mee? Daar staat de horeca van de Fakkel, terwijl er een stukje verder in staat dat de horeca zich aan het terugtrekken is. Dus dat is de eerste vraag. En de tweede vraag is: zijn er ook gegevens bekend van de bezoekers en de hoeveelheid bezoekers en waar ze vandaan komen? Of ze echt alleen maar uit Ridderkerk komen, of de omliggende gemeentes. Of daar al cijfers bekend van zijn. De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel. Inderdaad. Bij de participanten staat de huidige horecaexploitant. En dat is ook wel zo netjes om die mee te nemen in de ontwikkeling. Daarentegen is ook nog maar de vraag voor een toekomstig recreatiecentrum of je horeca dan wil laten exploiteren door een exploitant, of dat je dat in eigen beheer doet als Sportservice Ridderkerk. Dat zijn een aantal vraagstukken die we mee gaan nemen. Bezoekersaantal en dergelijke, die zijn bekend bij Sportservice Ridderkerk en nee, niet alle bezoekers komen alleen maar uit Ridderkerk. Ze komen ook uit de wijde omgeving. En dat is maar goed ook met zo'n mooie voorziening. Volgens mij is de raad onlangs nog uitgenodigd op een avond door Sportservice Ridderkerk en is daar ook het één en ander verteld over die aantallen.
Volgens mij is die presentatie ook beschikbaar voor de commissie en de raad. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Waerdt, SGP, heeft vier vragen. Begint u maar met de eerste twee. De heer Van der Waerdt: Het zijn er drie geworden, nu één vraag is al beantwoord. Dan begin ik met de eerste twee vragen. In onze motie over recreatiecentrum de Fakkel van 15 december 2022 is het college, onder punt 1, verzocht om de raad te informeren over een aantal zaken. Zoals de uitkomsten van het onderzoek naar de verduurzaming dat bijna gereed was, kerngetallen van exploitatiekosten voor de gehele of gedeeltelijke nieuwbouw, een overzicht van kosten en opbrengsten bij de verduurzaming van bestaande gebouwen of duurzame nieuwbouw. In hoeverre is deze informatie beschikbaar en wanneer wordt deze met de raad gedeeld? Dan mijn tweede vraag. In het huidige voorstel lijkt dat drie scenario's volledig worden uitgewerkt en hier zijn aanzienlijke kosten mee gemoeid. De vraag is of het nodig is als al eerder blijkt dat een scenario toch niet haalbaar is. Wat SGP betreft, is het niet nodig alles tot in detail uit te werken indien tijdens het traject blijkt dat één of meer scenario's niet realistisch blijken te zijn.
Is de wethouder bereid de SGP tegemoet te komen indien bij de scenario-ontwikkeling zou blijken, dan de raad bij het vervallen van een scenario hierin te betrekken? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Ja, dat wordt makkelijk. Want op beide vragen is al antwoord gegeven. Die info waar SGP aan refereert, dat is de Raadsinformatiebrief die ik in mijn inleiding bedoelde. Dat betreft dus het meerjarenonderhoudsplan zoals gevraagd is in de motie, maar ook het verduurzamingsonderzoek wat nu via sportfondsen loopt. En ik verwacht binnen nu en twee weken dat we dat in het portefeuillehoudersoverleg kunnen bespreken. En als dat allemaal gereed is komt dan straks de Raadsinformatiebrief in één keer naar de raad toe, waarmee we dus ook de motie af willen doen. En het tweede punt is ook wat ik aan heb gegeven op de vragen van de ChristenUnie. Is dat we medio, of het derde kwartaal 2023, naar de raad toekomen. Omdat we inmiddels hebben begrepen van de indieners van de motie het niet de bedoeling is dat we alle drie de onderzoeken van A tot Z gaan doen. Maar dat we, zodra de eerste Pagina 11 van 17
contouren zichtbaar zijn van die onderzoeken, dat we de raad daar eerst over zullen informeren en moeten informeren, zodat er ook een keuze gemaakt kan worden door de raad: waar gaan we op inzetten? De voorzitter: En uw derde vraag, mijnheer Van der Waerdt. De heer Van der Waerdt: Bedankt voor het beantwoorden van de eerste twee vragen. Dan naar mijn laatste vraag. Is of wordt er onderzoek gedaan naar de beschikbaarheid van zwembaden in de omgeving en hun voorzieningen waar ook nieuw- of verbouwplannen zijn? Dit om te kunnen bepalen welke voorzieningen voor ons zwembad wel en niet zinvol zijn, en waarin we als Ridderkerk al dan niet willen onderscheiden. Indien dit niet het geval is, kan de wethouder toezeggen om dit alsnog te doen? Bijvoorbeeld voor het gebied in een straal van ongeveer dertig kilometer rond Ridderkerk. De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Directie management van Sportservice Ridderkerk, die heeft ook een heel breed netwerk in zwembadland, dus die informatie is bekend. En ons voornemen is om dat ook in die Raadsinformatie brief met de raad te gaan delen. Zo zijn er al een aantal kengetallen van zwembaden die onlangs zijn gerealiseerd, danwel gerenoveerd. Zodat we ook een beetje hedendaagse getallen hebben van wat een nieuw zwembad in andere gemeenten gekost heeft.
En daarbij ook de duurzaamheidsaspecten die daarin zijn doorgevoerd mee te nemen. Dus die informatie, als een soort toezegging, als u dat wil komt dat richting commissie en raad. De voorzitter: Mijnheer Van der Waerdt. Waren dat uw vragen? Dan gaan we naar mijnheer Rijsdijk, Partij van de Arbeid-GroenLinks, vijf vragen. Begint u maar met de eerste drie. De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. Het zijn er vier geworden, maar ik zal het twee om twee doen. Fijn dat de startnotitie er zo snel is. Mijn eerste twee vragen zijn: in de startnotitie staat dat als er niets gedaan zou worden, de onderhoudskosten komend jaar zevenhonderdduizend euro bedragen en voor de komende tien jaar 4,8 miljoen. Dat zijn forse bedragen, maar ik vraag mij wel af: wat zijn de onderhoudskosten de afgelopen jaren geweest? Kan daar iets over gezegd worden? Hoeveel is er geïnvesteerd in het onderhoud van de Fakkel? Mijn tweede vraag is: er staat ook dat contractuele afspraken met de Groene Stroom voor wat betreft de zonnepanelen op het dak moeten worden nagekomen. Dat is ook logisch. Mijn vraag is: hoe lang loopt dat contract nog door en kunnen die zonnepanelen op het dak een belemmering vormen voor de plannen die er zijn met het zwembad? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel. Gelukkig wordt wel onderhoud gepleegd aan het recreatiecentrum de Fakkel.
Dat gebeurt zowel door de eigenaar, de gemeente als door de exploitant Sportservice Ridderkerk. Ja, het is een vrij technische vraag. Die bedragen heb ik natuurlijk niet voorhanden nu. Als er echt waarde op wordt gehecht dan kan dat inzichtelijk worden gemaakt voor de commissie, maar die bedragen ken ik zo niet uit mijn hoofd. En dan met betrekking tot het contract met de Groene Stroom, ja, die is er. Er is een contract met betrekking tot gebruik van het dak van het recreatiecentrum met de Groene Stroom die tot 2032 loopt, zo uit mijn hoofd. Maar daar staan ook allerlei voorwaarden van ontbinding in, dus dat zal gewoon ook onderdeel van het onderzoek en scenario zijn. De voorzitter: Mijnheer Rijsdijk. Pagina 12 van 17
De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. Als de wethouder daar schriftelijk nog op terug zou kunnen komen, wat afgelopen jaren is geïnvesteerd in onderhoud dan zouden we dat op prijs stellen. Mijn laatste twee vragen zijn: er wordt ook gesproken over een mogelijke andere locatie. Zijn daar al ideeën over? Want, nou ja, in de tijd dat ik nu raadslid ben weet ik ook dat er vaak dingen nooit zomaar opgeschreven worden, dat er dan toch vaak al eerste gedachten zijn en dat we niet helemaal blanco ergens instappen. Of kan de wethouder in ieder geval aangeven waar een locatie aan moet voldoen voor een nieuw zwembad? En mijn laatste vraag, die betreft: wat is eigenlijk nu het tijdpad voor deze ontwikkeling? In het derde kwartaal dan worden de eerste contouren gepresenteerd. Maar wat is nu realistisch dat er een verbouwd of een nieuw zwembad staat? Welke termijn? En aangezien er toch niet de verwachting is dat de energiekosten op hele korte termijn zullen dalen, kan de raad dan ook nog een voorstel van het college verwachten hoe we daar in die periode mee omgaan? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Toch nog even terugkomend op de vraag met betrekking tot de onderhoudskosten, wil ik daar zeker schriftelijk op terugkomen. Maar dat betreffen dan wel de jaren dat het in exploitatie was van Sportservice Ridderkerk.
En niet bij de voorgangers om het zo maar te noemen. Ik wil niemand zenuwachtig maken in Ridderkerk met betrekking tot de locatie. Laten we dat nou even afwachten met de scenario-ontwikkelingen waar we dan over nadenken. Tuurlijk hebben we daar ideeën bij voor een andere locatie dan de huidige locatie, maar laten we maar zeker niemand zenuwachtig maken. En het tijdpad voor een nieuw zwembad, danwel een renovatie van het huidige complex. Zou het gewoon mooi zijn als deze raadsperiode minimaal tot een eerste paal danwel renovatiewerkzaamheden leidt. Want we weten gewoon met zijn allen dat die elektriciteit- en gasprijzen enorm gestegen zijn afgelopen jaar, en die daling richting prijs van 2019, die zie ik niet voor me. Dus betekent dat er gewoon veel exploitatiegeld bij moet om het enigszins dicht te exploiteren. Dus zo snel mogelijk, maar wel gedegen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rijsdijk, zo voldoende? Dan is het woord aan mijnheer Swarttouw, Leefbaar Ridderkerk. U heeft zeven vragen, stelt u ze zo per twee á drie vragen. De heer Swarttouw: Dank u wel, voorzitter, is goed. We gaan het proberen. Misschien wel fijn om meer informatie te horen dan alleen de startnotitie tot nu toe biedt. Ik heb even wat dingen op een rijtje geprobeerd te zetten ten aanzien van deze startnotitie. En ook met fractie hebben we dat besproken.
Voor de motie waren natuurlijk in principe de energiekosten voor de SSR voor 2023, maar ook daarna, uiteraard. Daarin zaten een aantal zaken, verouderde gasinstallaties en dat soort dingen. Verwachte kostbaar onderhoud en dat soort zaken. De motie die verzoekt natuurlijk om een aantal dingen, en uiteindelijk is het zo dat die startnotitie, dat zou in principe de meest wenselijke scenario’s moeten weergeven. Dat zou in principe de bedoeling zijn van zo’n startnotitie. En die vragen die er zijn, die zijn in principe natuurlijk getriggerd door dat object als zodanig, hè. Ik bedoel, daar hebben we het over. Er is ook geschetst dat een uiteindelijke mogelijke uitkomst nieuwbouw is, en daar zijn we ons natuurlijk ook van bewust. Maar zoals die startnotitie nu voorligt, valt ons wel een aantal dingen op. In ieder geval past bij de motie die is ingediend het doel, bouwtechnisch onderzoek, inzicht in huidige energiegebruik ten opzichte van een nieuwe situatie, en het onderzoeksscenario naar renovatie in combinatie met nieuwbouw, eventueel op andere locatie. In die raadsvergadering van 15 december, waar SGP net ook al even aan refereerde, werd gevraagd om aantal scenario’s wat dieper te onderzoeken. En wat het dan eigenlijk in onze optiek wat lastig maakt, is eigenlijk het volgende.
En als ik dan door het hele startnotitiedocument heen scrol, is dat er dus een programma van eisen opgesteld moet worden met verschillende stakeholders. En daarin komt natuurlijk ook weer de vraag: voldoet de huidige Pagina 13 van 17
accommodatie aan allerlei wensen? En dat maakt soms wat lastig. Nou hoor ik aan kantoren zijn de noodzakelijke functies, wensen en behoeften van externe stakeholders maar ook die van interne stakeholders. Bijvoorbeeld de exploitant. Hij is onvoldoende (niet verstaanbaar)laag water komt er dan te staan. Maar dat werpt eigenlijk allemaal vragen op. Wat is dan wel toereikend? Welke locatie in het zwembad hebben we het nou over? En dat soort dingen. Nou ja, splitsing in vier functies van het recreatiecentrum. Dat zijn allemaal zaken die daar eigenlijk erbij komen en ik snap best wel dat daar een onderzoek gedaan moet worden in de breedste zin van het woord. Maar volgens mij wordt het lastig om dan zo'n startnotitie goeie richting te geven. Daarnaast worden ook een aantal zaken genoemd die mogelijk het gevolg kunnen zijn. Dan wordt het natuurlijk helemaal lastig inschatten. Bijvoorbeeld het eventueel elders sporten door scholen. Ja, en uiteindelijk zwemlessen die eventueel beperkt of niet door kunnen gaan waardoor mogelijk … De voorzitter: Mijnheer Swarttouw. U houdt eigenlijk een betoog en er komt ook nog een debatronde. Zou u over kunnen gaan tot de vragen die u heeft? De heer Swarttouw: Zeker. Ik zal het dan gelijk even doorgaan naar de vragen. Maar al die dingen, die hebben wel tot de vraag geleid, zal ik maar zeggen.
Dus ik wou een korte inleiding, wat niet kort was volgens mij … Maar goed. De voorzitter: Maar dat is ons intussen voldoende duidelijk. Gaat u van start met uw eerste twee of drie vragen. De heer Swarttouw: Eigenlijk is in het kort dan de vraag: kan er startnotitie voor komen te liggen die richting geeft aan een onafhankelijk, niet gekleurd onderzoek? Dus niet die eigenlijk iets van eventueel een nieuwbouw gelijk al weergeeft. Die de balans weergeeft tussen renovatie enerzijds en nieuwbouw anderzijds? Dat is mijn eerste vraag. Tweede vraag, de site geeft nog geen resultaat aan op zoekargumenten van het SPUK, ijsbanen en zwembad in Ridderkerk. Is er sprake van een compensatieregeling van het Rijk voor 2023? Zo ja, hoe hoog? Zo nee, waarom nog niet of heb ik verkeerd gezocht? De voorzitter: Mijnheer Van der Waerdt, wilt u stapelen? De heer Van der Waerdt: Ja, ik wil er even op stapelen. Ik was net niet effe alert genoeg, sorry daarvoor. Maar nu u door die startnotitie gaat. In de motie staat dat het volgende de bedoeling is, om eerst een commissiebijeenkomst aan de voorkant te houden. De wethouder had het net over het derde kwartaal. Kan de wethouder toezeggen om binnen circa één of twee maanden alsnog zo'n commissiebijeenkomst te houden? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Ja, er wordt om een andere startnotitie gevraagd, voorzitter.
Maar het antwoord daar vanuit het college is nee. Hetgeen wat nu voorligt is onze vertaling van de motie die is ingediend. En als deze startnotitie niet voldoet, dan komt het aan op stemming danwel een amendement om hem anders te maken. De tweede vraag vanuit Leefbaar Ridderkerk gaat over de SPUK-IJZ-regeling. SPUK-IJZ-regeling was ten tijde van corona. Voor zwembaden en ijsbanen. Die is niet meer. Maar wat er wel aankomt is een SPUK voor de zwembaden voor de energielasten. Die is al aangekondigd. Daar is een pot geld vanuit het Rijk voor beschikbaar gesteld. En het is nu kwestie van het openstellen vanuit het Rijk, en zodra die opengesteld is zullen SSR en de gemeente als één van de eerste ervoor zorgen dat onze aanvraag ingediend is, zodat we die SPUK-gelden binnenhalen. Dat geldt voor ’22, ‘23 meen ik. Dus dat komt eraan. Die toezegging om over met Pagina 14 van 17
een commissie bijeenkomst over twee maanden. Die heeft wat ons betreft weinig zin. Als je startnotitie eenmaal is aangenomen dan hebben wij ook het budget om expertise in te huren en aan de slag te gaan om de eerste contouren van de verschillende onderzoeksopdrachten kenbaar te maken, inzichtelijk te krijgen en dat op dat moment pas te gaan delen met commissie en raad. Dus over twee maanden met elkaar gaan zitten in een commissiebijeenkomst lijkt mij niet zinvol. Dank u wel. De voorzitter: Nog even ter toelichting aan mijnheer Swarttouw, als u dus zelf wensen heeft om wijzigingen of toevoegingen te doen aan de startnotitie dan kan u daar voorstellen voor doen. Hetzij nu in de commissie, hetzij door middel van een amendement of een motie tijdens de raadsvergadering. En u mag nu uw volgende twee of drie vragen stellen. De heer Swarttouw: Prima, dank u wel. In welke context is de aanwezigheid van de zendmast genoemd? Kan een locatiebepaling zijn. In welke context moet wij dat eigenlijk zien? Er wordt genoemd dat er verzakkingen zijn in het gehele gebied. Er is alleen een nieuw schoolgebouw geplaatst in datzelfde gebied, althans, vlak ernaast. En er gaat nog meer gebouwd worden. Is een dergelijk onderzoek toen niet al uitgevoerd? Of is dat juist weer een ander gedeelte? Moet ik nog een vraag stellen? De voorzitter: Wethouder.
De heer Van Os: Ik probeer even in de snelheid mee te schrijven, voorzitter. Onderzoek verzakkingen. Ja, dat klopt. Er staat een zendmast naast de sporthal de Fakkel. Dat is een gegeven, dus in wat voor scenario dan ook, als het vernieuwbouw wordt op de huidige locatie, en stel je wil tot een andere indeling komen van het complex, dan heeft die locatie van de zendmast zeker gevolgen voor de keuzes die we daarin kunnen maken. Daarom staat hij genoemd. Onderzoek verzakkingen, betreft in eerste instantie ook gewoon de ligweide waar onderzoek is gedaan naar verzakkingen, ook van de leidingen die daar zijn verzakt. Waar ook onderhoud op is gepleegd. En daarnaast hebben we ook gewoon locatieonderzoek te doen, ook in het geval dat het huidige complex vernieuwbouw krijgt, om het zo maar te noemen. Stel je gaat functionaliteiten toevoegen buiten de huidige muren, ja, dan heb je wel ook locatieonderzoek te doen: wat zit er in de grond en moeten we daar wat mee? En dat wordt daarop bedoeld. De voorzitter: Mijnheer Swarttouw. De heer Swarttouw: Ja. Even een vraagje, die leidingen nog aan de stapelende vraag. Zijn dat die NATOleidingen waar we het over hebben of zijn het gewoon andere leidingen? De voorzitter: En u mag wat mij betreft ook nog twee vragen erbij stellen. De heer Swarttouw: Goed, dat zijn dan de laatste twee gelijk. Even het gedeelte financiën.
Dat laatste stukje dat is die tabel met overzichten. Wat zorgt ervoor dat er bij de kosten voor onderzoek en renovatie over veertienduizend euro wordt gesproken, en over calculatie en ontwerp nieuwbouw over vijftigduizend? Dat is een vrij groot verschil, lijkt me dat. Waar zit hem dat in? En stel dat er nou gerenoveerd wordt, is dan die vijftigduizend weggegooid geld? Of kunnen we daar iets mee ten aanzien van de toekomst? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Het zijn gewoon de leidingen van het complex met buitenbad die verzakt zijn. Nee. En dat probeerde ik net in beantwoording op de vraag van de ChristenUnie aan te geven. Die Pagina 15 van 17
150 duizend euro die de raad hopelijk beschikbaar stelt, die hoeft niet op. Als blijkt dat renovatie het beste scenario is wat we uit het eerste onderzoek ophalen en dat met u delen. Ja, waarom zouden we dan een schets gaan maken, een heel ontwerp voor een nieuw zwembad? Dus dat hoeft niet op. Maar goed. Dat was de eerste interpretatie van de motie die wij vanuit de raad meekregen. Wat ik aangeef, na contact met de indieners bleek dat toch wel wat minder hard te zijn dan dat wij dachten. Dus niet van A tot Z drie scenario's uitwerken, maar de eerste contouren zichtbaar maken zodat de raad uiteindelijk snel weer een besluit kan nemen: welk scenario moet nou verder uitgewerkt gaan worden? En dan is dat budget beschikbaar. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ik wil het nog even heel goed snappen. Dus die bijeenkomst in het derde kwartaal gaat over de grove schetsen van die drie scenario's, waarin u ons meeneemt. Waarop we vervolgens daarin kunnen gaan kiezen. Klopt dat? De voorzitter: Wethouder. De heer Van Os: Ja. De voorzitter: Dan zijn we door de vragen heen. Dan zijn we toe aan het bepalen of het ter debat blijft. Dat is het geval. Hoeveel minuten wilt u in de eerste termijn? Ik zie een bod van drie minuten en van twee minuten. Beetje fifty-fifty qua verhouding. Dan gaan we even hier rekenen. De helft twee, de helft drie.
Wethouder Van der Duijn Schouten wil een lange raadsvergadering, maar we besluiten dan om het drie minuten te doen, eerste termijn. In totaal zestig minuten. 10. Stand van zaken ontwikkelingen ambtelijke organisatie De voorzitter: Dan gaan wij door naar agendapunt numero 10. De stand van zaken ontwikkelingen ambtelijke organisatie. En de vraag aan wethouder Van Os is of er nog actuele zaken zijn te noemen. De heer Van Os: Jazeker, voorzitter, wel. Een korte update. Onze directie is bezig om van een grofstructuur naar de fijnstructuur te gaan als het gaat om de Ridderkerkse ambtelijke organisatie. En daarnaast is er een projectteam bezig, een opbouwteam zoals dat genoemd wordt, met betrekking tot de bedrijfsvoeringsorganisatie die voor alle drie de gemeenten straks bedrijfsvoeringstaken uit gaat voeren. Alle complimenten aan onze directie met de voortvarendheid waarmee zij daar aan de slag zijn. En alle complimenten ook voor de werkteams en de opbouwteams die ons van informatie voorzien om tot die nieuwe Ridderkerkse ambtelijke organisatie te komen. Tweede punt waar ik de commissie vorige keer over heb geïnformeerd betreft het financiële spoor wat we van start zijn gegaan. Ik kan u hier melden dat we inderdaad van start zijn gegaan, maar dat wij als Ridderkerk hebben aangegeven dat financiële spoor vooruit te willen schuiven.
Want zonder dat wij weten wat de financiële consequenties zijn, gaan wij niet onderhandelen over de financiële gevolgen voor wie dan ook. Nou, daar zijn de andere twee gemeenten uiteindelijk ook mee akkoord gegaan. Dus het financiële spoor wordt opgeschoven. Zodra wij weten wat de nieuwe ambtelijke organisatie ons gaat kosten en wat de incidentele kosten van deze hele operatie zullen zijn. Tot zover.
Pagina 16 van 17
11. Mededelingen Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vragen uit de commissie aan de wethouder? Eenmaal, andermaal, dat is niet het geval. Dan gaan wij over naar agendapunt 11. Mededelingen gemeenschappelijke regelingen. Zijn er mededelingen vanuit het college? Dat is niet het geval. Zijn er mededelingen vanuit vertegenwoordigers uit de raad? Dat is ook niet het geval. 12. Mededelingen college De voorzitter: Agendapunt 12, mededelingen college. Zijn er mededelingen vanuit het college? Dat is niet het geval. 13. Rondvraag leden De voorzitter: Rondvraag leden, zijn er vragen aan de commissieleden onderling? Dat is niet het geval. 14. Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven De voorzitter: Gaan we naar agendapunt 14, ter kennisneming Raadsinformatiebrieven. Is er iemand die een RIB wil agenderen? Degene die dat wil, die moet een gespreksnotitie schrijven. Dat is niet het geval. Spijtoptanten kunnen altijd alsnog iets indienen. 15. Ter kennisneming: overige stukken De voorzitter: Agendapunt 15, ter kennisneming overige stukken. Hetzelfde verhaal, als iemand agendering wil, dan moet diegene een gespreksnotitie schrijven. Is er iemand die dat van plan is? Dat is niet het geval. Sluiting De voorzitter: Dan zijn wij toegekomen aan de sluiting van de vergadering. Danken wij iedereen voor de vlotte medewerking.