CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-11-10-verslag-commissie-samen-wonen-ridderkerk.pdf

Commissie Samen wonen RK 10 november 2022, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0: Besluitenlijst en verslag18.661 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De wet geeft het college die bevoegdheden en wij gaan nu van een aantal zaken zeggen nou wij hebben die bevoegdheid, maar toch, of uw raad gaat straks zeggen uw college heeft weliswaar die bevoegdheid, maar we willen toch dat in een aantal specifieke gevallen zoals er nu is opgenomen het college ondanks dat ze het mogen doen toch naar de raad komt om daar een advies over de vragen en dat is natuurlijk aan de andere kant met het delegatiebesluit weer anders. Daar ligt de bevoegdheid van de raad, maar er zijn een aantal nou noem het maar even praktische zaken nu waarvan we zeggen nou de bevoegdheid ligt bij de raad, maar laten we dat nou praktisch inlegeren en daarmee delegeert u dus die bevoegdheid aan het college. Dat is het eerste stuk van het voorstel en wat ik net aangaf over die omgeving. Wij moet altijd toetsen aan het omgevingsplan en u ziet ook de laatste van het adviesstuk is als het een functie die strijdig is met de huidige Omgevingsvisie als het college die toepast, dan moeten wij sowieso naar uw raad voor advies, dus in dit geval tien woningen op twee hectare of twee op tien hectaren, nou dat zal in veel gevallen strijdig zijn met de Omgevingsvisie zoals we die nu kennen, dus dan zijn wij op basis van het adviesrecht zoals we dat nu met elkaar gaan inregelen.

We mogen het van de wet wel doen, maar we spreken met elkaar hier af dat het college dan toch naar de raad terugkomt voor een advies. Pagina 18 van 32

De voorzitter: Eerste reactie van mevrouw Dirks. Mevrouw Dirks: Ja toch nog heel even theoretisch. Zou het dus wel mogelijk kunnen zijn om te zeggen van alle punten die dus voor advies gaan zijn alle punten behalve en dan eventueel opsommen welke punten dus naar het college zouden gaan? Dat zou dus theoretisch wel mogelijk kunnen zijn toch? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Die speel ik even door of dat theoretisch kan. De voorzitter: Mijnheer De Vries. De heer De Vries: Kijk je hebt natuurlijk bij het opstellen van het adviesrecht kijk je ook een beetje in den lande of dat dit soort dingen, trucjes ook wel eens wordt toegepast. Ja in dit geval is het zeer de vraag of dat ook juridisch houdbaar is, omdat je, de wet vraagt eigenlijk aan de raad om bij aangewezen gevallen of gevallen aan te wijzen van buitenplanse omgevingsplannen in feite wanneer het adviesrecht van toepassing is. Ja op moment dat je door een bepaalde constructie weer probeert de lijst om te draaien, ja dan is nog maar de vraag of dat juridisch houdbaar, ja houdbaar is in de praktijk, dus lang antwoord kort, nee het is niet mogelijk om hem om te draaien. Daar komt het feitelijk op neer. De voorzitter: Het is helder voor mevrouw Dirks. Dan de wethouder op de stapelende vraag van mevrouw Van Nes-de Man.

De heer Van der Duijn Schouten: ik leed in de veronderstelling dat ik daar antwoord op heb gegeven daarnet. Mevrouw Van Nes-de Man: Ik niet. De heer Van der Duijn Schouten: Dan misschien is het goed om de vraag nog een keer te herhalen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Is het, wethouder, wat u net zei, is van dan kan je op tien hectare twee huizen bouwen en dan gaan we dat niet doen, want het is niet opgenomen in het plan. Als je nu met tien hectare hebt en je zegt je stapt naar het college, ik wil daar twee woningen op bouwen. Dan wordt daar nogal eens gezegd, ik zal oppassen, ik zal het voorzichtig brengen, we maken, maak er een principeverzoek van. Dan komt het college voor een verklaring van geen bedenkingen naar de raad en dan volgt daar een bestemmingsplanwijziging uit. Is dat, wijkt dit dan af van de Omgevingswet straks? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Nou zoals u het proces nu schetst klopt hij niet mevrouw Van Nes en een indiener kan een principeverzoek doen en met een principeverzoek gaan we aan de slag en dan als dat om een bestemmingsplanwijziging vraagt zal in veel van de gevallen er gewoon een bestemmingsplanwijziging voorliggen bij uw raad. Ik bedoel neem de Geerpolder.

Daar is dat proces doorlopen en daar komt straks gewoon een bestemmingsplanwijziging die het reguliere proces doorloopt, dus het is niet zo dat we dan even een verklaring van geen bedenkingen ertussendoor fröbelen en dan sowieso, nou de aantallen meters en de woningen die u noemt zijn natuurlijk voorbeelden die theoretisch wel zouden kunnen, maar praktisch niet aan

Pagina 19 van 32

de hand zijn en ook niet voor gaan komen en ook niemand voornemens is om te doen, dus in die zin, wat u net schetst van niet en dat zal straks ook niet kunnen. De voorzitter: Dan gaan we naar mijnheer Kooijman. Stelt u maar uw drie vragen. De heer Kooijman: Ja … De voorzitter: ChristenUnie. De heer Kooijman: Dank u wel, ja. De eerste is een praktische. Omgevingswet is wederom uitgesteld, de invoering daarvan. We gaan wel door met dit raadsvoorstel of stellen we dat ook uit? Nou ik denk het niet, anders dan had het nu niet op de agenda gestaan, maar misschien dat de wethouder daar iets over zeggen. Ik worstel net als mevrouw Dirks wel enigszins met de afweging hè, we willen niet teveel aan het college misschien geven, anderzijds ja wil je ook voorkomen dat we hier avond aan avond als raad moeten discussiëren over iedere postzegel die wijzigt, dus die ja die balans die moet gezocht worden. Ik ben ook blij dat er in ieder geval een evaluatiemoment ook is ingebouwd, dat we daar met elkaar eens over kunnen praten. Wat is daar nou mis gegaan of wat gaat er nou goed, maar toch even inzoomend op, wat mij wel opviel bijvoorbeeld. Als je een transformatie van een kantoor hebt van naar woningen en het is minder dan twaalf woningen bij transformatie dan is er geen adviesrecht nodig, maar stel dat dat kantoor wordt gesloopt en daarna nieuwbouw wordt gedaan, dan wel.

En ik was nog even benieuwd van wat ja, wat zit daar nou in de gedachte van de Omgevingswet achter of in de gedachte van het college achter dat dat verschil daar zit, want het zijn nog steeds, het was kantoor en het worden vier woningen of zo, dus daar ben ik benieuwd naar. En de derde vraag en dat gaat meer over het participatietraject en nou ja nu alweer zin in dat straks de initiatiefnemer zelf voor dat participatietraject moet zorgen en daar netjes verslag van moet maken, maar wat ik me zo kan voorstellen is dat zo’n initiatiefnemer nou die gaat best wel, die zal best wel bij de omwonenden gaan praten en die nodigt ze een keertje uit of een informatieavond en die maakt daar een verslag van en die zegt nou er waren wel wat bezwaren, maar over het algemeen vond iedereen het geweldig en hartstikke mooi plan, hier alsjeblieft en dan krijgen we een rapport waar de mensen die er omheen wonen zich misschien helemaal niet in herkennen. Van ja dat is leuk dat wat die ander opgeschreven heeft, maar dat klopt helemaal niet. Hoe gaan we zoiets beoordelen of hoe gaat het college zoiets beoordelen? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja voorzitter. Uitstel ja dat hebben we gezien en wat ik net ook even tussendoor aangaf. Het leek ons als college wel goed om nu door te pakken.

Het is uitgesteld niet omdat ze zeg maar nog vragen hebben over hoe de wet eruit moet komen te zien, maar omdat het, de ICT-omgeving die erachter zit waarin mensen straks zeg maar hun aanvraag doen en dan gelijk weten wat ze allemaal, nou die staat nog niet, die is nog niet stabiel en ook nog niet voldoende gevuld, dus daarom willen ze er nog niet mee door, maar inhoudelijk nou zijn er geen verwachtingen dat het nog gaat veranderen en omdat we uw raad hier al een paar keer in commissie en overleg hadden meegenomen leek het ons goed nu ook daarin maar op door te pakken. Nou ik denk wat u net schetste, dat is juist denk ik een mooi voorbeeld, omdat we getracht hebben zaken zoveel mogelijk in lijn te houden met hoe het nu ook is. Het is nu zo als iemand een kantoor zeg maar renoveert naar woningen dan valt het onder de kruimellijst en wordt dat door het college geregeld. Op moment dat iemand hem sloopt, nou dan gaat de andere procedure lopen en hebben we een bestemmingsplanwijziging, dus dat is nu ook zo geregeld en in de nieuwe situatie zal dat ook weer zo zijn. En wat ik in de commissie ook al heb aangegeven, ik ben ook blij dat er snel of relatief snel een evaluatiemoment zit. Het is voor iedereen nieuw en ik denk ook goed dus om met mekaar gewoon continu de vinger aan de pols Pagina 20 van 32

te houden, want als we concluderen dat er ergens in dit besluit nu een omissie zit, ja dan hoeven we wat mij betreft ook geen anderhalf jaar te wachten om dat aan te passen, dan kunnen we dat gewoon direct doen en wat ik eerder aangeef, ik denk dat het ook belangrijk is dat onze inwoners die straks weten dat er een Omgevingswet komt en de doorlooptijd wordt van 26 weken wordt 8 weken, dat we ook ergens wel aan die verwachtingen kunnen doen in de juiste balans met de zorgvuldigheid in besluitvorming die we met elkaar ook voor ogen hebben, maar ik sluit niet uit dat we misschien in de loop van het jaar toch eens ergens op een puntje komen dat we zeggen nou dat moeten we anders doen. Ja participatie, nou ja wat u schetst mijnheer Kooijman, dat is ook voor het college gewoon een zorgpunt. De participatie komt eraan.

We gaan in ieder geval aan de gang met een participatiehandboek, zodat we ook initiatiefnemers, een aantal initiatiefnemers mag je ervan uitgaan dat ze ook wel weten hoe participatie in zijn werk gaat, een Wooncompas en dergelijke, maar ook van de kleine initiatieven en het beeld wat u nu schetst, nou dat ik ga de locatie en alles niet noemen, maar we hebben het recent aan de hand gehad dat een initiatiefnemer met de omgeving gaat praten en daar komt een heel lovend verhaal uit en tot hij zijn initiatiefvoorstel indient en dan zijn de mensen waar hij dus als hij op de koffie komt die zeggen nou prima en die dan vanuit de anonimiteit van een bezwaar of een zienswijzenprocedure er opeens heel anders tegenaan kijken, dus dat is lastig en dat is best nog wel denk ik een uitdaging hoe daarmee om te gaan. Als college zullen we in ieder geval daar waar kan daarop aandringen om dat te doen en ook handvaten aanbieden om het op een goede manier te doen, maar ja helemaal uitsluiten dat er toch nog wel eens wat zeg maar spraakverwarring of beeldverwarring ontstaat, ja dat is een terecht zorgpunt denk ik. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ja helder. Ik denk dat we wat dat betreft echt op één lijn zitten. Toch nog even over die afweging, niet teveel, niet te weinig.

Begrijp ik nou goed dat nu eigenlijk is geprobeerd om de gedachte van de Omgevingswet zoveel mogelijk nu te richten met de regels die we nu met elkaar vaststellen om dat zoveel mogelijk bij het oude te houden, zoals het nu gaat doen we het dan straks ongeveer ook hè, dus zo hebben we die balans gezocht zodat er nou ja maar weinig verandert wat dat betreft en als dat zo is, werken we dan nog wel in de geest van de Omgevingswet of proberen we dan krampachtig in de nieuwe regels nou ja vast te houden aan hoe we het gewend waren te doen? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Er is getracht om in al die aspecten die u net nu noemt de juiste balans te vinden, dus enerzijds niet teveel bevoegdheden die nu bij de raad liggen weg te halen, anderzijds ook wel weer tegemoet te komen aan de verwachtingen die zeg maar onze inwoners van dit geheel mogen hebben en daarin de juiste balans te vinden, maar goed, dan ziet u ook, er zijn een bepaalde afweging gemaakt en bijvoorbeeld met de woningen is een aantal gekozen, zonneweide is een oppervlakte genomen, bepaalde hoogtes is voor iets gekozen, ja dat zijn natuurlijk allemaal arbitraire of zaken waar je nou ja ook een andere keuze kan maken, waarbij ik op voorhand niet kan zeggen dat een andere keuze dan beter of slechter is.

Ik bedoel ik denk dat de hoofdlijn wel is dat we getracht hebben daarin een stukje evenwicht en balans en ook in, het is absoluut niet de bedoeling geweest om zoveel mogelijk naar ons toe te halen om zeg maar snel of de raad buitenspel te zetten. Dat absoluut niet. Nee ik hoop dat dat beeld ook niet ontstaat, want daar is zeker geen sprake van. De voorzitter: Mijnheer Borst, VVD, stapelend.

Pagina 21 van 32

De heer Borst: Ja ik zou graag een stapelende vraag willen stellen voorzitter. Ik ga toch even aan van wat de wethouder nu zegt, wat in de geest van de Omgevingswet zou dat adviesrecht eigenlijk alleen gebruikt moeten worden in die gevallen dat dat maatschappelijke, grote maatschappelijke gevolgen heeft. Hoe heeft u met dat criteria rekening gehouden bij het vaststellen van die lijst van gevallen waarin het adviesrecht en de participatieplicht wordt toegepast? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Nou ja daar hebben wij een inschatting gemaakt met zeg maar in ons achterhoofd dat we hem hoe Ridderkerk in elkaar steekt, welke zaken hier een grote maatschappelijke impact hebben en daarom is het bijvoorbeeld ook er zijn de zonneweides opgenomen, want we weten dat daar daarbij nou uw raad, uw commissie, maar ook bij inwoners bepaalde zaken over leven, dat het aanleggen van een zonneweide een grote maatschappelijke impact heeft, dus nou dat is er dan eentje die u terugvindt in de lijst. Windmolens idem dito, dat zijn zaken die hebben een grote maatschappelijke impact, zeker als ze wat hoger worden. Nou daarom vindt u die ook terug in de lijst en dat zou zomaar kunnen zijn dat wat hier wel een grote maatschappelijke impact heeft, dat dat in een andere gemeente niet heeft en daarom zijn die besluiten ook niet overal identiek.

De voorzitter: Daarmee zijn we aan het eind van de vragen van mijnheer Kooijman en gaan we naar mijnheer Mijnders, CDA. Stelt u maar uw eerste twee vragen. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. De eerste is een tekstuele vraag en misschien is die wel aan de griffie, omdat de Omgevingswet is uitgesteld, maar in het voorstel staat nog 1 januari. Moet dat niet tekstueel aangepast worden? En de tweede vraag die ik heb en misschien kan ik daar ook gelijk wat zorgen over wegnemen. Hetgeen wat we gedelegeerd hebben aan het college en wat binnen de acht weken dan als er een BOPA is, binnen acht weken behandeld moet worden. Als ik vanuit de vorige meetings begrepen worden we daar als raad nog wel over geïnformeerd, namelijk diegenen, de BOPA’s die dus binnen acht weken gedaan worden. Daar hebben we het toen ook al even over gehad en ook hebben we toe nog gevraagd van oké is er al in beeld op welke manier we als raad geïnformeerd worden over de BOPA’s die we gedelegeerd hebben aan het college en ik vroeg me af of daar al wat meer duidelijkheid over is. De heer Van der Duijn Schouten: Ja er is een vraag. De voorzitter: Eerst krijgt de wethouder het woord. De heer Van der Duijn Schouten: Oh dank u wel voorzitter. Ja dan neem ik aan dat de vraag van de griffier straks door een ander beantwoord wordt.

Ja over zaken waar gedelegeerd en dat hebben we aangegeven dat u wordt geïnformeerd en ik denk dat u het zelf misschien als college nu een principeverzoek in behandeling neemt, dan ook informeren wij uw raad daarover. Dan krijgt u bericht dat wij een principeverzoek hebben gehad, hoe het eruitziet en dat we voornemens zijn daarin mee te werken en ik denk ook dat in de huidige setting uw raad dat ook weer de handvaten geeft om als u er wat van vindt daar ook op te acteren middels een van de instrumenten die u daarvoor tot uw beschikking heeft. De datum, ja ik weet niet, gaat … De voorzitter: Griffier Van Straalen. De heer Van Straalen: Zo heeft het college het voorstel naar de raad gestuurd. U weet in die tussentijd wordt een voorstel niet veranderd of teruggenomen. Het gebeurt dat uw commissie de raad wel eens voorstelt om Pagina 22 van 32

iets te veranderen, maar dat is altijd in het besluit. U neemt als het ware een besluit over het voorliggende conceptbesluit, niet over het voorliggende stuk, het voorstel van het college. U kunt het bijvoorbeeld eens zijn met het conceptbesluit wat ligt terwijl u het met de argumentatie helemaal niet eens bent, dus het gaat om het besluit, dus het behoeft juridisch ook niet aangepast te worden. De voorzitter: Mijnheer Mijnders, een eventuele reactie en uw volgende twee vragen. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter en een duidelijk verhaal van de griffier. Om op het tweede punt nog even door de vragen richting de wethouder. Het klopt dat we inderdaad als gemeenteraad worden op de hoogte gesteld, maar we hebben die avonden er al lang al over gehad van hoe kan je dan als gemeenteraad toch nog inspelen op dat soort momenten en we zitten natuurlijk maar met een termijn van acht weken, wat super kort is en als we als raad wat over vinden gaat ook meteen die termijn van acht weken overschreden worden, maar in hoeverre is het dan ingeregeld dat wij als raad bijvoorbeeld dan wel wanneer zo’n BOPA binnenkomt binnen een week of binnen twee weken op de hoogte gesteld worden, zodat we als gemeenteraad nog het proces in kunnen van vragen stellen tijdens commissie, vragen stellen tijdens een opvolgende raadsvergadering. Ik vroeg me af of dat ingeregeld was.

De andere twee vragen die ik heb. Het gaat, het CDA heeft de afgelopen periode ook met al deze meetings ook altijd doorgevraagd van hoe zit het nou met de huidige bestemmingsplannen en welke impact heeft het op de Omgevingswet en zijn er in alle gebieden al bepaalde bestemmingsplannen al vastgesteld en daarin hebben we het ook een paar keer gehad over de twee locaties aan de Rivieroevers waar mogelijke zeg ik tussen haakjes een tweede Panattoni mogelijk is en ik zou twee vragen aan de wethouder willen stellen. We hebben het er eerder over gehad met wethouder Oosterwijk. In welk stadium staat op dit moment om te kijken van op die twee locaties langs de Rivieroevers om daar mogelijk een soort te zorgen dat er geen tweede Panattoni mogelijk is en de laatste vraag die ik heb, ja daar hebben we het wel eens eerder ook over gehad. Heeft het college in beeld op hoeveel locaties met uitzondering van Nieuw Reijerwaard en Cornelisland en hoeveel locaties Ridderkerk dus dit soort gevallen zijn à la de twee locaties aan de rivier. Zijn het alleen die twee locaties aan de rivier waar een mogelijke tweede Panattoni nog mogelijk is of zijn er nog meer locaties? Dank u wel. De voorzitter: Ik laat het aan de vrijheid van de wethouder of die op de laatste twee vragen antwoordt, want het valt feitelijk buiten het voorstel, maar het woord is aan de wethouder.

De heer Van der Duijn Schouten: Om eerst nog even terug te komen op die BOPA. Ook in die gevallen dat een initiatiefnemer naar het college zou komen voor een BOPA zal dat voorafgegaan worden door een principeverzoek. Ik bedoel in die zin wordt het proces niet heel anders als nu. Iemand kom met een principeverzoek. Dan gaan we kijken of we er aan mee willen werken. Nou dat leidt dan nu vaak tot een bestemmingsplanwijziging en dat zal dan straks leiden tot een BOPA, maar ook over dat soort principeverzoeken waar wij voornemens zijn mee te werken, zullen we uw raad nog steeds blijven informeren dat dat speelt, zodat u daar gewoon van op de hoogte bent. Er is ook geen enkele intentie om dat bij u weg te houden, want ja vroeger of later komt het toch een keer zichtbaar, dus. De andere twee punten betreft, nou ja kort. Ik denk dat het ook misschien niet verstandig is om daar al te veel ruchtbaarheid aan te geven, maar voor de Gebiedsvisie Rivieroevers werken we nu aan een, hoe heet dat ding, nou in ieder geval dat we vastleggen dat we voornemens zijn om daar de bestemmingsplannen te wijzigen, een voorbereidingsbesluit. Zo heet ie.

Een voorbereidingsbesluit en een voorbereidingsbesluit betekent feitelijk dat ontwikkelingen die nu nog mogelijk zijn, maar die in strijd zijn met de plannen die wij voor ogen hebben ook niet meer mogelijk zijn en aan dat voorbereidingsbesluit wordt nu gewerkt en dat zou dus dan ook maken dat als dat er ligt, de andere ontwikkelingen op de twee locaties die u noemt, waarbij ik denk, nou u noemt er geen een, maar u noemt dat Pagina 23 van 32

er twee zijn en ik denk dat we ongeveer wel dezelfde locaties voor ogen hebben, dat dat ontwikkelingen à la een Panattoni daar op dat moment dan ook niet meer kunnen en of er nog heel veel meer van dit soort locaties zijn, nou ja er zijn natuurlijk wel locaties waar dit mogelijk is, maar dat is weer de vraag of het ook daar dan wenselijk of niet wenselijk is en ik heb op dit moment geen andere locaties op het netvlies waar dit zeg maar wel zou kunnen, maar absoluut onwenselijk zou zijn, behalve de twee die nou u denk ik ook wel heeft bedacht binnen het Gebiedsvisie Rivieroevers. De voorzitter: Zijn daarmee al u vragen beantwoord mijnheer Mijnders? De heer Mijnders: Jazeker, dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we naar mevrouw Van Nes-de Man, van Burger op 1. Stelt u maar uw eerste drie vragen. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja dank u. Nou ik heb een stapelende vraag op de vraag van mijnheer Mijnders, maar ik dacht eigenlijk ja ik kom er zelf wel mee. De wethouder geeft aan van als er een principeverzoek binnenkomt, dan spelen we dat gewoon door aan de raad net als nu, maar de termijnen zijn veel korter had ik begrepen. Ja ik zie nou de medewerker naast de wethouder hard nee schudden. Die termijnen zijn niet veel korter? Dat heb ik verkeerd begrepen? De voorzitter: Stelt u maar eerst uw verdere vragen. Mevrouw Van Nes-de Man: Wij hebben ook zorgen over de participatie.

Zijn er al meer die daarnaar gevraagd hebben? Als je nou bijvoorbeeld straks zo’n project hebt als de nieuwbouw bij de Blaak nu. Wordt dat dan, valt dat dan onder de noemer grote projecten, waardoor participatie toegepast kan worden, want als dat daar ook al niet mag dan ja, nou, zorg. Het raadsbesluit wordt in het elektronisch gemeenteblad bekendgemaakt heb ik gelezen. Wat moet ik me daarbij voorstellen? En waar worden de vergunningaanvragen gepubliceerd en hoe vaak kan de raad dat omgevingsplan wijzigen? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja ik had de aanloop naar de laatste vraag niet helemaal gehoord. Ik hoorde alleen nog maar hoe vaak omgevingsplan wijzigen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja dat was ook de hele vraag. Daar zat geen aanloop aan. De heer Van der Duijn Schouten: Hoe vaak u dat kan doen? Mevrouw Van Nes-de Man: Ja. De heer Van der Duijn Schouten: Uw raad? Ja zo vaak als u zelf wilt. Als u iedere keer een ander omgevingsplan vast wilt stellen, dan ik zou het niet aanraden, maar theoretisch, ik bedoel een omgevingsplan stel je vast en dat is vastgesteld tot er een nieuwe wordt vastgesteld zoals dat nu met bestemmingsplannen ook is.

We doen er tegenwoordig wel eens dertig jaar over, althans in het verleden, om tot een nieuwe te komen, maar ja als je iedere drie jaar een nieuwe wilt, ik denk niet dat het college er erg enthousiast mee aan de slag gaat, maar theoretisch kan het, dus daar zit geen limiet op. Pagina 24 van 32

De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja nu zit er bij de bestemmingsplannen moet het om de tien jaar of je moet zo’n verordening of zoiets doen. Zit er zo’n termijn aan of zit er helemaal geen termijn meer aan? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja we moeten voor 2030 alle, moet het hele omgevingsplan geüpdate zijn en daarna word je geacht, ik weet niet of zit er nou nog een termijn aan. De heer De Vries: Nee. De heer Van der Duijn Schouten: Dan houden we hem up-to-date. De heer De Vries: Gewoon up-to-date houden. Net als vorige keer. De heer Van der Duijn Schouten: En participatie, u noemde de Blaak.

Ja dat is juist een proces waar participatie hard nodig is, dus ik kan me niet voorstellen dat op zo’n ontwikkeling er ook maar iemand is die denkt dat ja het is nu dan misschien niet helemaal goed gegaan, maar in ieder geval vanuit het college is participatie juist op dat soort dingen ontzettend belangrijk en zullen we er aan de voorkant ook nadrukkelijk aandacht voor vragen en een beetje een verstandige ontwikkelaar of initiatiefnemer die realiseert zich ook dat dat het proces voor hemzelf of haar als je dat goed doet het een stuk eenvoudiger maakt, want participatie die slecht loopt, ja aan het eind van de rit komt dat aan alle kanten weer terug in een proces wat niet prettig loopt en uw eerste vraag daar zal de heer De Vries antwoord op geven. De voorzitter: Mijnheer De Vries. De heer De Vries: Ja u had een vraag gesteld of de termijnen voor de beoordeling van het principeplan zijn gewijzigd. Dat wijzigt in principe niet onder de Omgevingswet. U moet zich realiseren bij de meeste plannen die bij ons langskomen zit een informeel voortraject en een formeel traject waarin een plan, een juridisch plan logisch mogelijk wordt gemaakt.

Dat adviesrecht gaat over dat formele traject aan de achterkant, namelijk het verleden van een omgevingsvergunning, maar dat informeel voortraject, de meeste plannen die bij ons binnenkomen worden niet direct via een aanvraag gedaan, maar via een soort conceptaanvraag. Dat is eigenlijk niks anders dan beste gemeente wij zijn voornemens dit plan te realiseren, kunt u daar toestemming op geven en dan kom je in het traject met principeplannen. Ja en als het wat grotere plannen zijn ook straks Omgevingstafels onder de Omgevingswet, dus dan gaat er een heel traject aan vooraf voordat we überhaupt ja met de vergunningverlening bezig zijn en daar zit, in dat informele traject zet ook het hele participatietraject en nou ja. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dan had ik nog één vraag. Die heb ik wel gesteld, maar dat geeft niks, stellen we hem gewoon nog een keer. Ik heb zitten lezen dat het raadsbesluit in het elektronisch gemeenteblad bekendgemaakt wordt. Wat moet ik mij daarbij voorstellen en waarin worden dan de vergunningaanvragen gepubliceerd? Gaat dat ook elektronisch of hoe gaat dat? De voorzitter: Dit zijn al uw vragen? Pagina 25 van 32

Mevrouw Van Nes-de Man: Ja. De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Mijnheer De Vries. De voorzitter: Mijnheer De Vries heeft het woord. De heer De Vries: Het elektronisch gemeenteblad is zeg maar de plaats waarin we als gemeente geacht worden om besluiten en beleidsregels bekend te maken, dus dat is via www.officielebekendmakingen.nl, dus daar kunnen burgers zich ook op abonneren, dus zodra de gemeente een besluit neemt, raad of college, dan om dat rechtsgeldig te maken publiceren we op die plek. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja dat dacht ik al dat het zoiets zou zijn. Ik zou bijna zeggen daar was ik al bang voor, want wordt dat dan de enige, het enige medium waar gepubliceerd wordt, want er zijn natuurlijk genoeg mensen die daar niet op geabonneerd zijn en die dan pas op een gegeven moment bezwaar willen maken of weet ik het wat, als de plannen alle in een stadium zijn, bepaald stadium zijn, omdat ze die aankondigingen missen omdat ze, je kan niet van iedereen verwachten dat die daarop geabonneerd zijn dat die ook begrijpt of doorgrondt wat het inhoudt. Nu staat alles ook in De Combinatie. Is zoiets ook nog mogelijk of zegt u gewoon van nou dat staat allemaal open, er is hier wat in gezegd of is het hiermee ook afgebakend? De voorzitter: Mijnheer De Vries.

De heer De Vries: Specifiek voor dit besluit is alleen het elektronisch gemeenteblad, omdat dat gewoon de wettelijk voorgeschreven manier is om dit soort dingen bekend te maken. Als het gaat om specifieke vergunningaanvragen, ook met de BOPA’s, als dat uw zorg is van dat we dat niet meer via het lokale krantje doen of via de website, daar hoeft u nog niet zorgen over te maken, dan blijven we ook nog steeds aanvullend op de wettelijke verplichting blijven we dat nog steeds in het huis-aan-huisblad ook publiceren. De voorzitter: Dan gaan we naar mijnheer Borst, VVD. Uw eerste drie vragen. De heer Borst: Ik had er nog vier over voorzitter, dus ik maak er twee van als dat ook mag. De voorzitter: Prima. De heer Borst: Ja de wethouder noemde al even dat participatie echt een punt van zorg is en ik heb dat ook al bij een aantal andere fracties teruggehoord. Dat is het ook voor ons, een punt van zorg. Met name omdat bij de toetsing wij als raad alleen kunnen constateren dat de informatie die vergaard is uit dat participatieproject onvoldoende is en we op basis daarvan die vergunning dan niet zouden kunnen weigeren.

Wat doen we dan als gemeente precies wanneer blijkt dat die informatie onvoldoende is en hoe kunnen we dat eventueel in die uitsteltermijn van zes weken dan nog achterhalen en zijn er projectvoorwaarden nou denkbaar waardoor je nou ja die het uithalen van onvoldoende informatie over dat participatieproces wel als reden zou kunnen aanvoeren om zo’n vergunning dan te weigeren? Is dat mogelijk? Dat waren mijn eerste twee. De voorzitter: Wethouder.

Pagina 26 van 32

De heer Van der Duijn Schouten: Ja dat laatste kan niet. De participatie is ook bij wet vormvrij, dus nogmaals wat ik eerder heb gezegd, we zullen als college aan de voorkant, we zijn ook bezig met een handboek participatie om juist daarin handvaten te geven aan de initiatiefnemers om dat op een goede manier te doen en in het slechtste geval noem ik het maar even, kan je op een gegeven moment concluderen als college dat je het niet voldoende vindt en dat je het besluit om het zelf alsnog over te doen. Ja dat zal dan enige vertraging hebben, maar dan als je denkt dat de participatie dusdanig slecht is en dat je niet de juiste informatie hebt om tot een goede afweging te komen kan je zelf aan de slag. Ja. En ik hoop maar dat dat niet al te vaak voor gaat komen. De voorzitter: Mijnheer Borst. De heer Borst: Helder antwoord. Dat heb ik er nog twee over. We gaan inderdaad werken aan zo’n handreiking voor participatie. Nou u refereerde er net al aan. Wat is de procedure bij dat maken van die handreiking en zijn we daar als raad nog bij betrokken en tot slot, na anderhalf jaar gaan we de evaluatie van die toepassing van deze wet gaan we met elkaar evalueren. Het college breidt die evaluatie voor. Hoe gaan we die evaluatie precies vormgeven en is de raad daar nog bij betrokken? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel.

Ja hoe die evaluatie er exact uit gaat zien dat weet ik nog niet, omdat we daar gewoon nog niet over na hebben gedacht. Het ligt nog een endje bij ons vandaan. Wat betreft dat aspect wordt de raad erbij betrokken. Ja uiteraard, want ik bedoel het is een verdeling van bevoegdheden tussen college en raad, dus als er al één partij is die daarbij betrokken zou moeten zijn dan is het uw raad, dus ik zou niet weten hoe ik dit moet evalueren zonder de raad erbij te betrekken en wat al eerder heb aangegeven als we binnen die anderhalf jaar zien dat iets niet goed loopt, dan passen we het gelijk aan en dan gaan we ook niet op de evaluatie wachten, dus mocht u na invoering van die Omgevingswet, wanneer dat ook mag zijn, dat soort signalen hebben of toch denken, meldt u het vooral. Dan zullen we daar gewoon op een open en in een constructieve manier naar kijken of we dingen kunnen verbeteren, want voor verbeteringen loopt niemand weg. En uw eerste vraag dat was … De voorzitter: Of de raad betrokken wordt bij de procedure voor de samenstelling van dat handboek.

De heer Van der Duijn Schouten: Oh de participatie, ja nou participatie, dat wat ik net schets is onderdeel van een breder kijk op participatie waar een van mijn collega’s mee bezig is, dus ik heb eerlijk gezegd niet helemaal helder hoe dat er qua tijdspanne uitziet en hoe dat proces wordt opgetuigd, alleen ik weet wel dat daar participatie heel belangrijk is en dat vanuit mijn rol in de Omgevingswet ik het ook heel belangrijk vind dat dit stukje participatie daarin een goeie plek en op een goeie manier geborgd wordt, maar participatie gaat natuurlijk verder dan alleen participatie op dergelijke plannen, maar daar moet het onderdeel van worden. De voorzitter: Mijnheer Borst. De heer Borst: Dat, ik onderschrijf helemaal wat de wethouder zegt over participatie, maar het ging mij er vooral even om of dat wij als raad nog een rol spelen bij het maken en uiteindelijk vaststellen van die handreiking voor de participatie voor de mensen die straks hun aanvraag indienen. De voorzitter: Wethouder.

Pagina 27 van 32

De heer Van der Duijn Schouten: Nee dit specifiek aspectje niet, maar uiteraard zal mijn collega die naar de bredere participatie kijkt en daar straks met een voorstel richting uw raad komen hoe dat in te richten, want daarin, het hele college is er terdege van bewust hoe belangrijk participatie ook voor uw raad is, dus daar zullen we u zeker in meenemen. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het eind van alle vragen. Is de commissie nog steeds van mening dat dit ter debat gaat? Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ja ik heb nog wel een vraag aan de commissie als dat mag voorzitter, want het is een belangrijk onderwerp. Het lijkt me goed om hier ook regelmatig in de commissie straks als de Omgevingswet echt is ingegaan dat we hier even met elkaar over kunnen praten, dus ik zou willen voorstellen dat we dit agendapunt vanaf het moment dat de Omgevingswet daadwerkelijk ingaat ook regelmatig op de agenda van deze commissie zetten om nou eventuele zaken die we tegenkomen te kunnen bespreken. De voorzitter: Het woord is aan de griffier, mijnheer Van Straalen. De heer Van Straalen: Ja dat kan een heel breed agendapunt dan worden hè. Of zegt u van nee dan gaan we het specifiek hebben over deze, het adviesrecht en het delegatierecht, dus het besluit waar hetgeen wat nu aan nu voorligt.

Misschien goed dat u daar hè want het is nog niet zover, want u zegt ook als de Omgevingswet wordt ingevoerd dat we dat tegen, tegen die tijd als u dat wenst wel even een hele duidelijke omschrijving ja wat dan over de Omgevingswet, want anders hebben we kans dat elk bouwplan hier aan de orde komt, dus wel dat, mijn advies aan uw commissie als u zoiets wil heel duidelijk afspreken wat hier dan dus wel aan de orde kan komen en ook afgebakend wat dus niet aan de orde komt. Ik geef u dat mee en u heeft nog wel even tijd om daar over na te denken denk ik. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ja ik ga daar zeker dan even over nadenken en misschien ook met hulp van de wethouder. Ik denk dat we daar een goede middenweg in moeten vinden. Het gaat me niet inderdaad om ieder bouwplan hier dan te bespreken, maar met name om het proces en de thermometer zeg maar, ook ter voorbereiding op nou een evaluatie over anderhalf jaar, maar daar kom ik met de wethouder nog wel even over te spreken en dan komen we daarna weer hier terug. De voorzitter: Dan ronden wij hiermee dit punt af en dan rest ons nog om de behandeltermijn vast te stellen, hoeveel minuten. Twee minuten is het bod. Nog een keer twee minuten. Ik zie daar brede instemming op. Een half uur. Eerste termijn van twee minuten en de totale behandeltermijn dertig minuten. Hiermee vastgesteld. 6.

Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) Ridderkerk 2022 De voorzitter: Agendapunt zes, verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht Ridderkerk 2022. De inzet is ter debat. Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Van ons mag die ter vaststelling. De voorzitter: Mijnheer Bakker. De heer Bakker: Vanuit ons ook. Pagina 28 van 32

De voorzitter: Mevrouw Griep. Mevrouw Griep: Vanuit ons ook. De voorzitter: Kan de hele commissie daar mee instemmen? Dat is het geval. Dan gaat ie ter vaststelling. Dat betekent dat u behalve vragen ook uw mening mag geven. Wie wil het woord? Dus herstel. Van ambtelijke zijde is betrokken mijnheer Van Leeuwen en vanuit als portefeuillehouder wethouder Van der Duijn Schouten en die krijgt als eerste het woord om een toelichting te geven. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel voorzitter. Daar had ik nou even niet op gerekend. Ja we hebben op dit moment een verordening over toezicht en handhaving en in die verordening wordt een aantal keer naar de onderliggende wet wat op dit moment nog de Wabo is verwezen. Die verordening moet straks ook nog rechtsgeldig zijn, alleen op moment dat we de Omgevingswet gaan invoeren hebben we de Wabo niet meer, dus daarom is in de verordening een aantal aanpassingen gedaan, zodat als het volgend jaar onverhoopt zover komt dat de Omgevingswet wordt ingevoerd wij nog steeds rechtsgeldig onze toezicht en handhaving vorm kunnen geven en dat wordt met dit voorstel beoogd voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor uw heldere toelichting. Het woord is aan de commissie. Wie wil er een vraag stellen of een opmerking maken? Mijnheer Bakker, VVD. De heer Bakker: Ja dank u wel voorzitter. Ik heb twee vragen.

In het beoogde effect is een beleidsneutrale aanpassing van de verordening en mijn eerste vraag gaat erover kunt u een toelichting geven in hoeverre deze aanpassing beleidsneutraal is gezien de grote wijzigingen die met de Omgevingswet gaan komen, dus meer in beschouwende als specifiek voor dit voorstel en als tweede, er is ervoor gekozen om in artikel vier geen voorschriften te verbinden aan de indicatoren, omdat bevoegde gezagen hier in de praktijk al heel veel ervaring in hebben en ook dat op een goede manier invullen en ook daar eigenlijk een beschouwende vraag. Kunt u een toelichting geven op welke manier zij dit in de afgelopen jaren hebben ingevuld? Dat was die. De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel voorzitter. Ja vraag twee ga ik zo even doorspelen naar mijnheer Van Leeuwen. Die zit per slot van rekening heel de avond al te wachten of die ook nog een vraag mag beantwoorden, dus alleen daarom speel ik hem graag door. De eerste vraag betreft, wij beogen met deze verordening geen wijzigingen aan te brengen in hoe wij op dit moment toezicht handhaving en vergunningverlening, want die vergat ik net nog even werd mij ingefluisterd, hoe we daar nu vorm aan geven. Je kan een nieuw verordening opstellen en daarin ook feitelijk inhoudelijk dingen gaan anders gaan doen omdat je dat nodig vindt of wenselijk, dat zit er nu totaal niet in.

Het is uitsluitend een aanpassing die maakt dat de wettelijke borging die nodig is straks ook op orde is, dus inhoudelijk veranderen we niets, alleen daar waar naar een bepaalde wet verwezen wordt, moet dat op orde zijn en als de Omgevingswet ingaat, dan zal onze huidige verordening daar niet meer aan voldoen, dus dat maken we op voorhand in orde en uw andere vraag speel ik door. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen. Artikel vier. De heer Van Leeuwen: Ja nou de toelichting op artikel vier is als volgt. Het college beoordeelt de kwaliteit van de uitvoering en handhaving van de betrokken wetten. In dit geval was dit de Wabo en wordt dit de Omgevingswet op de daarvoor door hun gestelde doelen in de uitvoering- en handhavingstrategie. Dat doelt Pagina 29 van 32

op de jaarlijkse vaststelling van de uitvoeringsprogramma’s voor vergunningen, toezicht en handhaving en de verslaglegging daarover in het volgende jaar in jaarverslagen. We stellen elke vier jaar stellen we een vergunningenbeleidsplan op en een handhavingsbeleidsplan en die monitoren op die manier jaarlijks en die kunnen we ook bijsturen op basis van ontwikkelingen in de samenleving of een toename of afname van het aantal vergunningen, handhavingsmeldingen en dergelijke. Is uw vraag daarmee goed beantwoord? Ja. De voorzitter: Ik zie aan de knik dat dat het geval is en daarmee zijn we aan het einde van de vragenbeantwoording. Is de commissie nog steeds van mening dat dit ter vaststelling gaat? Dat is het geval. 7.

Rekenkamer Ridderkerk 2022 De voorzitter: Agendapunt zeven, Rekenkamer Ridderkerk 2022. Inzet ter vaststelling. Kan de commissie daarmee instemmen? Dat is het geval. Dit wordt behandeld door de griffier en die krijgt dan gelegenheid om een toelichting te geven. Het woord is aan mijnheer Van Straalen. De heer Van Straalen: Voorzitter ik heb geen toelichting. De voorzitter: Wil iemand van de commissie een vraag stellen? Mijnheer Van Zwienen, SGP. De heer Van Zwienen: Dank u wel voorzitter. Bij het bestuderen van deze verordening zagen wij dat artikel zeventien, het eerste lid, ja feitelijk niet, wat ongelukkig geformuleerd is, waardoor er feitelijk nu staat dat deze verordening in werking treedt voordat deze bekend gemaakt is. Hierover hebben wij een schriftelijke vraag gesteld. Deze is beantwoord door de griffier en de griffier doet hierbij, geeft hierbij aan dat deze commissie ja het advies zou kunnen geven om deze tekst aan te passen en hiervoor doet de griffier ook een voorstel en mijn vraag aan deze commissie is ja zijn we het ermee eens of is het goed om deze aanpassing te doen? De voorzitter: Wie van de commissieleden wil hierop reageren? Mijnheer Mijnders, CDA. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Eens met de wijziging en dank aan SGP voor hun scherpe blik. De voorzitter: Mijnheer Kooijman, ChristenUnie.

De heer Kooijman: Ja die scherpe blik die ontbrak een beetje bij mij, maar misschien dat de SGP nog een keertje kan toelichten wat nou de kern is van het probleem en waar nou ja waarom we deze wijziging zouden moeten overnemen. De voorzitter: Mijnheer Van Zwienen, kunt u dat nog een keer herhalen? De heer Van Zwienen: Ja zeker, en bedankt voor de vraag. Als je in artikel zeventien, het eerste lid kijkt dan zie je daar staan dat deze verordening treedt na bekendmaking met terugwerkende kracht in werking en met ingang van 24 november en ja dat is wettelijk zo geregeld dat een verordening pas in werking kan treden na bekendmaking, dus eigenlijk is deze zin wat ongelukkig geformuleerd, waardoor het feitelijk eigenlijk niet meer juist is en daarom zou ik het voorstel willen doen om de tekst aan te passen zoals de griffier in antwoord op deze vraag heeft voorgesteld. De voorzitter: Is het zo helder mijnheer Kooijman?

Pagina 30 van 32

De heer Kooijman: Ja maar dan nog wel een aanvullende vraag aan de griffier, want we hebben wel vaker van dit soort teksten en betekent het dan dat het vaak fout gaat of heeft dit, is het hier wat ongelukkig geformuleerd en gaat het normaal gesproken wel altijd goed of moeten we voortaan het altijd op een andere manier gaan formuleren? De voorzitter: Mijnheer Van Straalen. De heer Van Straalen: De griffier heeft in zijn reactie niet aangegeven dat het een onjuiste formulering is. De griffier het aangegeven als vanuit de commissie het onduidelijk is dit het advies van de commissie aan de raad zou kunnen zin, dus als de raad geholpen is met die andere formulering dan kunt u kiezen voor die formulering zoals de SGP nu ook voorstelt. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Dat ben ik toch wel benieuwd naar het juridisch antwoord van de griffier inzake van is het zoals het nu voorgesteld wordt, de oorspronkelijke test of dat dan de griffier dan van mening is dat het wel kloppend is, want de SGP geeft aan dat het niet kan zoals het er nu staat. De voorzitter: Mijnheer Van Straalen. De heer Van Straalen: Dat klopt. De griffier is van mening dat dit ook al een juiste formulering is, maar kennelijk geeft die onduidelijkheid en vandaar mijn reactie.

Als de commissie en de raad dit onduidelijk vindt, dan zou u het ook op die andere wijze formuleren en dan is in ieder geval naar mijn idee voor de SGP geen punt van discussie. De voorzitter: Wat vindt de commissie? Mijnheer Mijnders heeft aangegeven dat toe te juichen. Ik zie dat de commissie akkoord is en dan zal dit als advies mee gaan naar de raad. Is de commissie nog steeds van mening dat dit ter vaststelling gaat? Dat is het geval. 8.

Mededelingen Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Agendapunt acht, mededelingen Gemeenschappelijke Regelingen. Zijn er vanuit het college of vanuit de commissie mededelingen? Dat is niet het geval.

9.

Mededelingen college De voorzitter: Agendapunt negen, mededelingen college. Zijn er mededelingen te doen door het college? De heer Van der Duijn Schouten: Net zoveel … De voorzitter: Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Net zoveel als bij het vorige punt voorzitter.

10. Rondvraag leden De voorzitter: Dan gaan we over naar het volgende agendapunt, rondvraag leden. Hebben de leden aan elkaar nog vragen te stellen? Dat is niet het geval. Pagina 31 van 32

11. Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven De voorzitter: Agendapunt elf, ter kennisneming raadsinformatiebrieven. Als iemand agendering van een raadsinformatiebrief wil dan moet hij of zij een gespreksnotitie schrijven. Als dat het geval is dan moet die notitie bij de griffie binnen zijn, maandag 14 november voor behandeling in de commissie van 1 december en maandag 19 december voor de commissie van 12 januari. Is er op dit moment iemand die iets wil agenderen? Mevrouw Dirks, Partij van de Arbeid-GroenLinks. Mevrouw Dirks: Dank u. Ja Partij van de Arbeid-GroenLinks wil graag een schriftelijke vraag of een gespreksnotitie indienen over de toekomst BAR-organisatie. De voorzitter: Dan zien wij dat tegemoet. 12. Ter afdoening: moties De voorzitter: En gaan wij over naar agendapunt twaalf, ter afdoening moties. De vraag is of de volgende motie zijn afgedaan en dat gaan we even per motie doen. Motie 2022 nummer 147 over de bouwveiligheid Pruimendijk 19 tot 21. Vindt de commissie dat deze is afgedaan? Dat is het geval. Motie 2021 nummer 120, afvalinzameling begraafplaats Vredehof. Is deze afgedaan? Mijnheer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja voorzitter ik heb het helaas zelf nog niet kunnen controleren, maar ik ga er vanuit dat wat in de beantwoording staat dat dat helemaal klopt, dus dan is het wat dat betreft afgedaan. De voorzitter: Dan is ook deze motie afgedaan.

Motie 2017 nummer 149 Bezoekerscentrum Waalbos. Is deze motie afgedaan? Dat is het geval. Dan zijn daarmee alle moties afgedaan. 13. Ter afdoening: raadstoezeggingen De voorzitter: En gaan we naar agendapunt dertien ter afdoening raadstoezeggingen. Zijn de volgende raadstoezeggingen afgedaan? Doen we ook per stuk. Nummer 2941, Jaarstukken 2021 bouwlocatie aan de Pruimendijk. Dat is het geval. Nummer 2811, uitvoeringsagenda verkeersveiligheid Ridderkerk, de raadsinformatiebrief voortgang. Dat is ook het geval. Nummer 2812, uitvoeringsagenda verkeersveiligheid Ridderkerk, inrichting schoolzones. Dat is ook het geval. Sluiting De voorzitter: Dan zijn we daarmee aan het einde van de vergadering en wens ik iedereen een fijne avond en sluit ik deze vergadering.

Pagina 32 van 32

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/858/documents/33420