2022-07-15 RIB Plan van aanpak energielabels - Monitor.pdf
Tekst van het document
Monitor en Plan van aanpak Aanpak van woningen met energielabel E, F en G
Verantwoording Titel:
Monitor en Plan van Aanpak woningen met energielabel E,F en G gemeente Ridderkerk
Click or tap here to enter text.
Projectnummer:
51008527
Klant:
Gemeente Ridderkerk
Datum:
27 juni 2022
Auteurs:
Mirjam Pronk, Veerle Valkema, Koen Ligthart,
E-mailadres:
Mirjam.pronk@sweco.nl
2/40
Inhoudsopgave
1. 1.1 1.2 1.3 1.4
13
Aanleiding ................................................................................................................................................ 4 Landelijke afspraken................................................................................................................................ 4 Visie op besparen Ridderkerk ................................................................................................................. 5 Leeswijzer ................................................................................................................................................ 5 Samenvatting........................................................................................................................................... 5
2. 0-meting: Waar staat Ridderkerk nu?...................................................................................................... 7 2.1 Overzicht woningvoorraad Ridderkerk .................................................................................................... 7 2.2 Woningvoorraad energielabels E, F en G ............................................................................................... 9 2.2.1 Particulier woningbezit .......................................................................................................................11 2.2.2 Woningcorporaties en commerciële verhuur ......................................................................................12 2.3 Typologische dijkwoningen ...................................................................................................................12 2.4 Doorkijk woningen energielabel D .........................................................................................................13 2.5 Kansrijke clusters ..................................................................................................................................14 3. 3.1 3.2
Ambitie & Uitgangspunten .....................................................................................................................16 Ambitie ...................................................................................................................................................16 Uitgangspunten voor Plan van Aanpak .................................................................................................17
4. Plan van aanpak n.a.v. analyse ............................................................................................................18 4.1 Beter inzicht door energielabel registratie en monitoring ......................................................................19 4.2 Natuurlijke momenten benutten ............................................................................................................20 4.3 Aanvullende acties op versnelling .........................................................................................................20 4.3.1 Doelgroepen aanpak ..........................................................................................................................20 4.3.2 Wijkgerichte aanpak: Slikkerveer, Centrum en Bolnes ......................................................................22 4.3.3 Typologische woningaanpak ..............................................................................................................25 4.4 Planning .................................................................................................................................................26 5. 5.1 5.2 5.3
Advies Beleidsplatform Natuur & Milieu en Duurzaamheid ..................................................................27 Hoofdlijnen advies .................................................................................................................................27 Planmatig onderzoek vereisten Wet Natuurbescherming .....................................................................27 Overige aandachtspunten .....................................................................................................................28
6. 6.1 6.2 6.3
Begroting 2022 ......................................................................................................................................29 Registratie energielabels en monitoring ................................................................................................29 Ontwikkeling informatiemateriaal natuurlijke momenten .......................................................................29 Wijkactie ................................................................................................................................................29
3
1. Aanleiding 1.1 Landelijke afspraken In het Klimaatakkoord is opgenomen dat in 2030 de CO2-uitstoot is verminderd met 49% t.o.v. 1990 (dit wordt momenteel door de Rijksoverheid in lijn gebracht met het Europese doel van 55%). Verduurzaming van woningen speelt daarin een belangrijke rol. De gebouwde omgeving zorgt voor 13% van totale Nederlandse CO2-uitstoot, waarvan de woningen 70% uitmaken. Er valt veel te winnen op het gebied van energiebesparing. De meest duurzame energie is niet-gebruikte energie. Zo hoeft minder duurzaam opgewekt te worden, dat grondstoffen voor zonnepanelen en windmolens uitspaart. In Nederland kan naar schatting 5 miljoen ton CO 2 worden bespaard met isolatie van woningen: zo’n 3% van de totale uitstoot. In 2050 gaan we in Nederland geheel van het aardgas af. Alle wijken zijn dan overgeschakeld op een duurzame energiebron, zoals een warmtenet of all-electric oplossing. In 2030 is een belangrijke tussenstap gezet. Woningen zijn dan veel beter geïsoleerd en het is verplicht om bij vervanging van een CV-ketel een duurzaam alternatief te gebruiken. Verhuurders mogen vanaf 2030 ook geen E, F en G labels meer verhuren. Het kabinet heeft onlangs het beleidsprogramma Versnelling Verduurzaming Gebouwde Omgeving gelanceerd. Daarbij zet het Rijk in op 3 pijlers voor 2030 uitgezet in 5 programmalijnen: 1. Gedragsverandering 2.
Toepassen van isolatie waaronder het uitfaseren van E, F en G-labels 3. Toepassen van efficiëntere installaties waaronder de invoering van de hybride warmtepomp als norm voor vervangen van CV-ketels vanaf 2026.
Door de omvang van de opgave is het verduurzamen van (particuliere) woningen een langdurig proces. Daarom moet nu gestart worden. De eerste stap is in Ridderkerk gezet met de vaststelling van de Transitievisie Warmte (eind 2020). Nu werken we verder met de wijkplannen (vanaf 2021) en een uitwerking van het individuele spoor. Als eerst zetten we in op isolatie. In het Energieakkoord (2013) is de ambitie uitgesproken door woningcorporaties dat hun woningen in 2020 gemiddeld energielabel B moeten hebben. Van Wooncompas heeft inmiddels 80% van de woningen een groen
4
energielabel (A++, A+, A, B, C)1 . Voor particuliere verhuurders is de ambitie dat in 2020 80% van hun bezit minimaal label C moet hebben. Deze ambitie zal met de uitwerking van het Nationaal Isolatieprogramma (verwacht in najaar 2022) aangescherpt worden.
1.2 Visie op besparen Ridderkerk De doelstelling van de Klimaatopgave Ridderkerk (juni 2021) is dat alle woningen een gemiddeld energielabel B hebben in 2050, met minimaal label C. Daarvoor wordt in de periode 2021-2026 de aanpak voor particuliere woningen en corporatiewoningen gestart. In de visie is eveneens opgenomen dat er in 2030 geen woningen zijn met label E, F en G. In het Uitvoeringsprogramma zijn de visiepunten vertaald naar concrete strategie en acties waarbij er is vastgesteld dat:
In 2030 zijn er geen woningen meer met een energielabel E, F en G. In 2050 heeft de woningvoorraad in Ridderkerk gemiddeld een energielabel B met als minimum label C. In 2026 en bij de wijkacties worden de aanpak van de label D woningen meegenomen Inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties worden geactiveerd om zoveel mogelijk om energie te besparen, zodat de energievraag in 2050 is gedaald met 30% t.o.v. 2020. Om deze strategie in te vullen zijn ook acties benoemd die neerkomen op het opstellen van een monitoring en het maken van een plan van aanpak voor dit deel van de woningvoorraad.
1.3 Leeswijzer Dit Plan van Aanpak beschrijft de aanpak van de woningen met een E, F en G-label. In het eerste hoofdstuk beschrijven de context en aanleiding. In het tweede hoofdstuk ‘Waar staat Ridderkerk nu?’ wordt de 0-meting van de monitoring gepresenteerd. Dit betreft een overzicht van de woningvoorraad en E,F en G labels. Vervolgens wordt stil gestaan bij de ambitie en tussenstations in hoofdstuk 3 ‘Ambitie’. In hoofdstuk 4 staat de monitoring beschreven. Het advies van het Beleidsplatform Natuur, Milieu en Duurzaamheid wordt toegelicht in hoofdstuk 5. Het Plan van Aanpak ter verbetering van de woningen met de labels E, F en G wordt in hoofdstuk 6 toegelicht. Ten slotte staat de begroting beschreven.
1.4 Samenvatting De 0-meting vormt de basis van de monitoring die wordt opgebouwd. Deze is opgebouwd uit verschillende onderdelen die inzicht bieden in de woningvoorraad en bijbehorende energielabels van Ridderkerk. Zo blijkt dat er in 2020 bijna 5.297 woningen met energielabel E, F of G in de gemeente Ridderkerk zijn. In de gemeente Ridderkerk is het overgrote deel van de 5.297 woningen met energielabel E, F of G (80%) in particulier bezit (grondgebonden en VvE bezit) en een kleiner deel (20%) collectief woningbezit (woningcorporaties en institutionele beleggers). Dit resulteert in onderstaande 3 sporen van het Plan van Aanpak. De eerste twee sporen vormen de basis van de aanpak. Het derde spoor bestaat uit een keuzemenu ter versnelling van de opgave. 1
5
6
2. 0-meting: Waar staat Ridderkerk nu? 2.1 Overzicht woningvoorraad Ridderkerk Om een goed beeld van de huidige situatie te krijgen is een data-analyse uitgevoerd met behulp van de Startanalyse van het Planbureau van de Leefomgeving (PBL) 2. Ridderkerk heeft in 2020 totaal 20.937 woningregistraties. Onderstaande figuur geeft een overzicht van alle woningregistraties op wijkniveau. Niet alle woningen in Nederland zijn voorzien van geregistreerde energielabels. Voor de ontbrekende energielabels is aan de hand van bouwjaar en woningtype een inschatting gemaakt door PBL op basis van het bouwjaar en de gebouwtypologie.
Figuur 1: Overzicht van de woningregistraties in de gemeente Ridderkerk.
In Figuur 2 is het aantal bekende en ingeschatte woningen per energielabel weergegeven. In Ridderkerk heeft 75% van de woningen energielabel A, B, C en D en een kleiner aandeel (25%) E, F en G label. Een groot deel van de energielabels zijn ingeschat, met name de woningen met een lager energielabel.
2 https://themasites.pbl.nl/leidraad-warmte/2020/
7
Figuur 2: Aantal bekende (niet-transparant) en onbekende (half-transparant) energielabels per woning in de gemeente Ridderkerk.
Factsheet: Hoe ziet de woningvoorraad van Ridderkerk eruit? Onderstaande figuren geven een overzicht van de karakteristieken van de woningen in de gemeente Ridderkerk, zoals de woningtypologie en bouwperiode. Het overgrote deel van de woningvoorraad bestaat uit rijwoningen en appartementen.
Tevens is het een groot aandeel van de woningvoorraad (bijna 15.000 woningen) gebouwd ná 1965.
8
2.2 Woningvoorraad energielabels E, F en G Er zijn 1934 woningen met een geregistreerd E, F of G energielabel en 3361 ingeschatte energielabels E, F en G. Ongeveer twee derde van de energielabels E, F en G zijn ingeschat op basis van bouwjaar, en zijn niet vastgesteld. Het is mogelijk dat een deel van de woningen voorzien is van na-isolatie waardoor het aantal E, F en G labels in werkelijkheid lager is. Voor monumenten geldt dat deze vrijgesteld zijn van een energielabel. Dit geldt in ieder geval voor de 56 Rijksmonumenten in Ridderkerk. In figuur 3 zijn een aantal wijken te herkennen bestaande uit de oude kernen van Ridderkerk. Daarnaast is er duidelijk op verschillende locaties ‘’een lint’’ te herkennen, dit gaat veelal om oudere dijkwoningen. De vijf wijken waar de hoogste aantallen energielabel E, F en G voorkomen zijn als volgt (van hoge aantallen naar laag) Slikkerveer, Centrum, Bolnes, Rijsoord en Oost.
Figuur 3: Overzicht energielabel E, F en G woningen in de gemeente Ridderkerk.
9
Factsheet: In welke wijken zijn de hoogste aantallen met energielabel E, F en G? De wijken met de aantallen E, F, G energielabels (bekend en ingeschatte labels) zijn samengevat in onderstaande tabel van hoog naar laag. Bijlage 2 geeft een overzicht van de aantallen woningen met energielabels E, F, G per wijk in de gemeente. Een toelichting op de leefstijlen is te vinden in het leefstijlen model van Samr (Market Response).
Buurtnaam Slikkerveer Centrum Bolnes Rijsoord Oost West Oostendam Donkersloot Drievliet Cornelisland Verenambacht
E
F 723 676 362 153 376 219 43 6 4 0 0
G 490 156 188 160 104 33 48 4 0 0 0
Totaal 589 114 251 360 120 10 75 12 0 2 0
1.802 946 801 673 600 262 166 22 4 2 0
10
Dominante Leefstijl Geel Geel Groen Geel Groen Groen Blauw Blauw Groen Groen Blauw
Factsheet: Hoe is de verdeling van het bezit van woningen met lage energielabels? Het overgrote deel van de woningen met een energielabel E, F en G gaat om particulier bezit (totaal 80%), dit gaat om 4.262 woningen, hieronder valt ook particuliere verhuur. Van het particuliere bezit bestaat driekwart uit grondgebonden woningen (3.244 woningen) en een kwart uit gestapelde bouw in een VvE (1.018 woningen). Daarnaast is 20% van E, F en G woningen in bezit van woningcorporaties en commerciële verhuurders.
20%
19%
61%
Particulier grondgebonden Particulier VvE Woningcorporatie en commerciële verhuur
Bezit
Aantal woningen
Particulier bezit (en waaronder particuliere verhuur) - Grondgebonden - Gestapelde bouw (VvE) Woningcorporatie en commerciële verhuur
4.262 3.244 1.018 1.035
Totaal
5.297 63% van de energielabels ingeschat
2.2.1
Particulier woningbezit
Er zijn in Ridderkerk 3.244 particuliere, grondgebonden woningen, waaronder ook particuliere verhuur. Daarnaast is er in Ridderkerk een hoog VvE woningbezit. In totaal zijn er 1.018 woningen in VvE’s aanwezig. Voor deze woningen wordt een specifieke aanpak beschreven. Onder deze aantallen komt ook particuliere verhuur voor.
11
2.2.2
Woningcorporaties en commerciële verhuur
Onder collectief woningbezit verstaan we woningcorporaties en commerciële verhuur. Wanneer het collectief woningbezit in een buurt relatief hoog is, is het eenvoudiger om gezamenlijke afspraken te maken over isolatiemaatregelen, bijvoorbeeld via de prestatieafspraken met woningcorporaties. In de gemeente Ridderkerk zijn een aantal wijken met een hoog collectief woningbezit. Over deze kaart zijn de woningen met de lage energielabels gelegd, dit is weergeven in Figuur 4. De volgende wijken hebben veel potentie voor collectieve energiebesparendemaatregelen: West, Drievliet, Slikkerveer, Centrum en Bolnes.
Figuur 4: Overzichtskaart van het percentage collectief woningbezit in de gemeente Ridderkerk en de energielabels E, F en G.
De 1.035 woningen met een E, F en G label van de woningcorporaties en institutionele beleggers volgen uit data van PBL van 2020. De helft van deze woningen heeft een ingeschat energielabel. Aangezien het wegwerken van de E, F en G-labels van woningcorporaties onderdeel is van de prestatie-afspraken, gaan we er vanuit dat deze woningen of al verbeterd zijn of dat de planvorming daarvoor in gang is gezet. Dit behoeft vanuit dit Plan van Aanpak daarom geen nadere actie. In Bijlage 2 is een uitsplitsing te vinden van deze aantallen per wijk en energielabel.
2.3 Typologische dijkwoningen Ridderkerk kenmerkt zich door de vele dijkwoningen die ondertussen omringd zijn door (nieuwere) bebouwing. Door te filteren op straatnamen en streetview is een grove inschatting gemaakt van het aantal dijkwoningen in de Gemeente Ridderkerk. Er zijn volgens deze analyse ca. 795 dijkwoningen
12
gelegen in Ridderkerk. De locaties die gekenmerkt worden door een ‘’lint’’ en zijn goed zichtbaar in Figuur 5, hier bevinden zich vrijwel zeker slecht geïsoleerde woningen op de dijken.
Figuur 5: Typologische dijkwoningen met een laag energielabel in de gemeente Ridderkerk.
2.4 Doorkijk woningen energielabel D Figuur 6 geeft een overzicht van de woningen met energielabel D. Deze doorkijk wordt gegeven, omdat in 2026 in het kader van het Uitvoeringsprogramma van de Klimaatvisie Ridderkerk ook een aanpak van energielabel D woningen wordt gestart. Woningen met energielabel D zijn vaak tussen 1975 en 1991 gebouwd. Deze woningen zijn matig geïsoleerd en hebben een andere aanpak nodig (vaak vervanging van huidig isolatiemateriaal) dan oudere woningen zonder isolatie. Er zijn bijna 4.416 woningen met een energielabel D in Ridderkerk. Voor deze woningen geldt ook dat door de beperkte isolatie en andere warmtevoorziening, het wenselijk is om met deze woningen aan de slag te gaan.
13
Figuur 6: Overzicht energielabel D woningen in de gemeente Ridderkerk.
2.5 Kansrijke clusters Er zijn verschillende clusters van wijken (ofwel gebieden) te onderscheiden waar veel woningen met energielabels E, F en G voorkomen. Deze clusters bevinden zich in Slikkerveer, Centrum en Bolnes, met 3.549 woningen. De overige energielabels E, F en G komen voornamelijk voor in Rijsoord en Oost.
14
Figuur 7: In centrum (rood), Bolnes (groen) en Slikkerveer (blauw) zijn veel Energielabels E, F en G.
15
3. Ambitie & Uitgangspunten 3.1 Ambitie Het doel van de Klimaatvisie is om koop- en huurwoningen te verduurzamen en om energie te besparen. Met andere woorden: beter te isoleren en waar mogelijk te voorzien van een duurzame energievoorziening (zoals zonnepanelen, warmtepompen, aansluiting op warmtenet, etc.). Het energielabel is de indicator voor de mate van duurzaamheid van de woning. Het doel is dat alle woningen in 2050 minstens energielabel C en gemiddeld energielabel B hebben. Onderstaande figuur laat de route naar dit doel zien met verschillende tussenstations:
Startpunt 2022 De opgave 5.297 E, F, G labels
2025 Tempo omhoog: halveren E, F en G labels 2.650 E, F, G labels
2030 Geen E, F, G energielabels meer 0 E, F, G labels
2050 Minimaal energielabel C 0 D, E, F, G labels
Naast de labelverbetering is, is het isoleren van woningen een belangrijke stap in het aardgasvrijready maken van woningen, ten behoeve van de uiteindelijk afkoppeling van het aardgas. In de Warmtevisie is per wijk vastgesteld welke warmteoplossing deze krijgt in de toekomst. Het te behalen energielabel wordt afgestemd op warmteoplossing, zodat er ‘spijtvrij’ wordt geïsoleerd. Voor afstemming tussen het energielabel en de warmteoplossing is er de landelijke ‘Standaard’. Naar dit label kan worden toegewerkt. De standaard is toekomst-vast (de woning hoeft later niet nog een keer geïsoleerd of aangepast te worden) en zorgt daarnaast voor voldoende ventilatie.
16
3.2 Uitgangspunten voor Plan van Aanpak In het volgende hoofdstuk wordt het Plan van Aanpak beschreven, deze gaat uit van de volgende uitgangspunten:
Rolopvatting gemeente is afhankelijk van het type actie uit de aanpak In de aanpak wordt gewerkt vanuit de Trias Energetica gedachte (eerst isoleren, dan installatie en duurzame opwek), zie Bijlage 1 voor een toelichting en figuur van Trias Energetica. De monitoring gaat uit van de data van de oude energielabel systematiek. Per 1 januari 2021 is een nieuwe systematiek van het energielabel (NTA 8800) beschikbaar. Vanaf deze datum zullen alle energielabels volgens de nieuwe systematiek worden opgenomen. De grote verandering in deze systematiek is de andere waardering van duurzame installaties. Dit heeft met name effect op de waardering van goed geisoleerde woningen met duurzame installaties. De verwachting is dat het aantal E, F en G labels niet substantieel zal veranderen omdat deze installaties met name bij de goede (A en B-labels) zijn toegepast.
17
4. Plan van aanpak n.a.v. analyse Voor het verbeteren van de energielabels E, F en G zien we drie sporen.
Randvoorwaarden Om de versnelling in de aanpak voor E, F en G labels te realiseren zijn een aantal randvoorwaarden geïdentificeerd die in ander (flankerende) acties al door de gemeente en/of het Rijk worden opgepakt. Het gaat om de volgende aspecten:
Ondersteuning d.m.v. subsidie en financiering – vanuit het Rijk zijn subsidieprogramma’s en financiering opgezet en geïntensiveerd in 2022- (zie bijlage 5 voor overzicht)
Heldere communicatiestrategie
Genoeg vakmensen (advisering, uitvoering)
Lokale initiatieven goed benutten
Aandacht voor Wet Natuurbeheer i.r.t. isolatie – zie ook hoofdstuk 5 advies van het Beleidsplatform Natuur, Milieu & Duurzaamheid
Aandacht voor circulaire bouwmaterialen – via de Woonwijzerwinkel is er aandacht voor het toepassen van circulaire bouwmaterialen bij de inkoopacties
18
4.1 Beter inzicht door energielabel registratie en monitoring Uit de nulmeting is gebleken dat de woningen met E, F en G-label in 2/3 van de gevallen bestaat uit ongeregistreerde labels in de bouwjaar categorie tot 1974. Bij veel woningen weten we dat in de afgelopen 50 jaar een of meerdere isolatie maatregelen zijn toegepast. Het merendeel van deze woningen heeft dus al ingrepen gedaan om het label te verbeteren. Het stimuleren van registratie en inzicht in de reeds genomen maatregelen zal dus een verbetering van de labels opleveren. Deze registratie wordt verwerkt in de jaarlijkse monitoring voor de energielabels. Aanpak particuliere woningeigenaren (rijwoningen en VvE bezit) In 2022 en de daarop volgende jaren is de eerste actie gericht op het persoonlijk benaderen van de ongeveer 4200 particuliere woningeigenaren en appartementseigenaren met E, F en G-label. In tranches benaderen we per wijk woningeigenaren met een persoonlijke brief met de vraag of het energielabel klopt. Om de actie onder de aandacht te brengen worden acties in de wijk georganiseerd zoals blower door-testen (voorbeeld Trouw), eerste hulp bij hoge energierekening of een voorbeeld route door de wijk bij woningen die maatregelen hebben genomen.
Met de E, F en G label actie is de verwachting is dat ongeveer de helft van de eigenaren die meedoen namelijk al maatregelen hebben genomen of nog meer maatregelen zullen nemen. Door registratie van de werkelijke energielabels zullen veel E, F en G-labels weggewerkt kunnen worden en woningeigenaren geholpen worden met verduurzaming van de woning. De actie zal ook gericht zijn om deze inwoners te belonen voor het beschikbaar stellen van dit inzicht over hun woning d.m.v. een gratis energielabel.
Aanpak woningcorporaties en commerciële verhuur
19
De andere belangrijke categorie woningen in de E, F en G-labels zijn de sociale huurwoningen en commerciële verhuur. Van deze woningen zijn met een groot deel van de woningcorporaties prestatie-afspraken gemaakt dat deze voor 2030 verbeterd gaan worden. Daarnaast moet ook het gesprek met de commerciële verhuurders aangegaan worden. De monitoring van deze afspraken en het verwerken van de nieuwe energielabels in de nieuwe monitoring is onderdeel van deze aanpak.
4.2 Natuurlijke momenten benutten Een andere belangrijke invalshoek voor labelverbetering is het extra stimuleren van energiebesparende maatregelen tijdens natuurlijke momenten om de woning energetisch aan te passen. Dit zijn bijvoorbeeld onderhoud- en verbouwing, aanschaf van een nieuwe keuken of vloer of bij een verhuizing. Het voordeel is dat tijdens dit soort logische momenten het vaak goedkoper is om energiebesparende maatregelen te nemen en dat de overlast maar eenmalig is. Alleen al t.a.v. verhuizingen gaat dit om ongeveer 10% van de woningeigenaren. Aanpak In samenwerking met hypotheekverstrekkers en makelaars, doe-het-zelf zaken en lokale aannemers en keuken- en vloerleveranciers wordt onderzocht hoe beter te kunnen aansluiten bij de natuurlijke momenten van verbouwen, aankoop en/of investering in de woning. We denken hierbij aan het ontwikkelen van informatiemateriaal om inwoners gericht van informatie te voorzien (bijvoorbeeld aan de hand van de folders van de bouwjaren van de Woonwijzerwinkel). De verwachting is dat 10% van de 4200 woningen (grondgebonden en appartementen) in de E, F en G label categorie per jaar van particuliere eigenaar wisselt en dat daarvan 50% benaderd kan worden via de voorgestelde kanalen (210 woningen per jaar). Uit het eerste jaar zal een voorspelling worden gehaald hoeveel van deze woningen daadwerkelijk over gaan tot actie.
4.3 Aanvullende acties op versnelling Bovenstaande acties zijn de basisacties om de energielabel registratie bij alle woningen en natuurlijke momenten bij particuliere woningeigenaren te verbeteren. Daarnaast gaan we de volgende aanpak uitwerken voor versnelling van de opgave: • • •
4.3.1
Doelgroepen aanpak Wijkgerichte aanpak Typologische woningaanpak
Doelgroepen aanpak
Deze opgave kent meerdere doelgroepen. Per doelgroep is een andere aanpak nodig. Deze worden hieronder beschreven. Particulier, grondgebonden woningbezit Particulieren gaan zelf over de verduurzaming van de woning, zij moeten zelf de investeringsbeslissing nemen. De gemeente heeft de afgelopen jaren via de samenwerking met de Woonwijzerwinkel (het regionale energieloket) een aanpak ontwikkeld om zoveel mogelijk belemmeringen weg te nemen zodat woningeigenaren gestimuleerd worden energiebesparende maatregelen te nemen. Centraal staat het begrip ontzorging. Particulieren worden zoveel mogelijk ontzorgt omdat zij het vaak ingewikkeld vinden hoe hun woning te verduurzamen. Beginnen met
20
energie opwekken m.b.v. zonnepanelen is makkelijker dan isoleren (je hebt maar met één partij te maken, bij isolatie vaak met meerdere), terwijl beginnen met energie besparen logischer is. Vragen die hierbij naar voren komen zijn: hoe kan ik het financieren, welke maatregel kan ik het beste als eerste treffen? Welke leveranciers en installateurs benader ik? Deze informatie wordt verstrekt via de Woonwijzerwinkel en gemeente. En wordt ondersteund door de reguliere afspraken met de Woonwijzerwinkel en de gemeente. De informatie uit de monitoring van de Woonwijzerwinkel wordt verwerkt in de monitoring van de E, F en G-labels. Uit de combinatie van monitoring en leefstijlen onderzoek wordt onderzocht hoe in de aanpak met de Woonwijzerwinkel de conversie kan worden verhoogd. Particulier, gestapelde bouw, VvE bezit VvE’s vragen een andere aanpak dan de individuele woningeigenaar. Voornamelijk omdat de meeste woningeigenaren in VvE’s altijd een gezamenlijk besluitvormingsproces moeten doorlopen voor het nemen van isolerende maatregelen. De individuele aanpak met energielabel registratie zal alleen voor de bewustwording van de individuele woningeigenaar in de VvE nuttig zijn. Om de doelgroep VvE’s verder te ondersteunen is afstemming met de VvE-beheerder en VvE-bestuur een belangrijke stap om vervolgacties voor deze doelgroep te bepalen.
Er zijn kansen om in de toekomst een VvE-loket op te zetten en VvE’s een maatwerk advies aan te bieden voor o.a. de ondersteuning van een duurzaam MJOP voor het wegwerken van E, F en G labels. Huurder Huurders mogen zelf niet de gebouwschil verduurzamen, maar kunnen binnenshuis wel energiebesparende maatregelen nemen. Afgelopen jaar is vanuit de RREW regeling ondersteuning gegeven aan huurders m.b.v. energiebesparingsboxen. Ook krijgen huurders advies aangeboden hoe energiezuiniger te leven via energiecoaches. Vanuit de beschikbare SPUK-gelden (budget energiearmoede vanuit het Rijk) wordt het aanbod voor energiecoaches dit jaar verlengd. Verder worden de SPUK-gelden beschikbaar gesteld aan de woningcorporaties voor het waterzijdig inregelen van de CV’s in de huurwoningen. Welke doelgroepen gaan we bereiken? De afgelopen jaren zijn verschillende voorlopers (innovators en early adopters) aan de slag gegaan met hun woning om deze verder te verduurzamen. Dit is de groep die al zonnepanelen heeft en vaak al isolatiemaatregelen heeft genomen. Daarom richten wij ons nu voor bovenstaande doelgroepen op de Early Majority. Dit is in Ridderkerk een grote groep. De groep is nog wat gereserveerd tegenover daadwerkelijke duurzaamheidsmaatregelen nemen, maar staat ervoor open als het ook rendabel is.
Daarom heeft deze doelgroep net een extra zetje nodig met informatieverstrekking over de financiële voordelen en aanbod van ontzorging- en financieringsinstrumenten. Tevens zoeken we daarin de balans tussen collectieve aanpak en individueel. We proberen in de aanpak doelgroepen te onderscheiden met onderlinge samenhang (bijvoorbeeld door leefstijl, eenzelfde woning of levensfase)
21
4.3.2
Wijkgerichte aanpak: Slikkerveer, Centrum en Bolnes
De gebieden Slikkerveer, Centrum en Bolnes zijn kansrijk om mee te starten met een specifieke wijkgerichte aanpak. Om deze woningen naar minimaal energielabel C en gemiddeld energielabel B te brengen (aardgasvrij-ready) zal isolatie en kierdichting toegepast moeten worden bij de daken, gevels, ramen, kieren en vloeren. Een wijkgerichte inkoopaanpak wordt voor Ridderkerk vaker uitgevoerd in samenwerking met de Woonwijzerwinkel. Vanaf 2022 wordt 1 wijkactie per jaar via de wijkgerichte aanpak centraal gezet.
Een wijkgerichte isolatieaanpak heeft een aantal grote voordelen: -
Benutten van collectieve inkoop door lagere prijzen en een aantrekkelijkere situatie voor uitvoerende partijen om te worden betrokken; Beheersbare organisatie; Persoonlijke communicatie; Grotere bereidheid tot deelname door voorbeelden van buren in de wijk. Koppeling met andere thema’s: Buurtniveau o o o o
Aardgasvrij; Tegengaan energiearmoede (i.s.m. maatschappelijke partners); Een specifiek (sociaal/ruimtelijk) onderwerp dat in de wijk speelt (i.s.m. wijkregisseur). Klimaatadaptatie (afkoppelen, tegengaan zinloze verharding, vergroening)
Woningniveau o o
Duurzame energie opwekking (doorlopend faciliteren van inwoners); Funderingsproblematiek;
22
o o o
Achterstallig onderhoud (tegelijkertijd met renovatie verduurzamen); Levensloopbestendig maken van woningen Klimaatadaptatie (energiezuinige / natuurlijke verkoeling van woning).
Stappenplan uitvoering wijkaanpak Voor de wijkgerichte aanpak stellen we het volgende stappenplan voor, waarbij (langdurige) ontzorging centraal staat:
1
2
3 4
5
• Communicatie en participatie - Ondersteun de wijkactie met verschillende communicatiemiddelen. Uitgangspunt is het Strategisch communicatieplan 'Onze toekomst is duurzaam' 2021. Benadruk in de communicatie de voordelen van isoleren en verduurzamen (comfortverbetering, gezondere leefomgeving, stijging WOZ-waarde, toekomstbestendige woning, lagere energierekening). Focus niet alleen op het financiële aspect (terugverdientijden). Zorg voor communicatie en participatie specifiek gericht op bewoners en eigenaren van deze woningen in de wijk. Breng hiervoor de duurzaamheidsen communicatieprofielen in beeld en stel een plan op hoe de omgeving wordt betrokken. • Energielabel - Onderzoek het woningbezit en bijhorende energielabels in de wijk. Bied woningeigenaren van voor 1974 aan om een gratis energielabel vast te laten stellen. Zorg voor communicatie specifiek gericht op bewoners en eigenaren van deze woningen in de wijk. • Energieadvies - Bied gericht aan de woningeigenaars met energielabel E, F en G een gratis Energieadvies aan vanuit de WoonWijzerwinkel. Onderzoek op woningniveau welke isolatie- en ventilatiemaatregelen goed toepasbaar zijn. Bekijk het geheel integraal, neem bjiv. ook thema's als warmte, elektriciteit, water en groen mee.Het Energieadvies biedt een stappenplan om de woning in z'n geheel te verduurzamen en toekomstklaar te maken.
Bewoners zijn aanvullend ook geholpen met een warmtescan en/of blowerdoortest.
• Begeleiding uitvoering - De WoonWijzerWinkel begeleidt in het offerteproces en uitvoering.
• Financiering - Onderzoek leningen of subsidies om de terugverdientijden van isolatiemaatregelen te reduceren en bewoners te activeren.
Daarnaast wordt de wijkaanpak met verschillende communicatiemiddelen ondersteund. Daarbij benadrukken we in de communicatie de voordelen van isoleren en verduurzamen (comfortverbetering, gezondere leefomgeving, stijging WOZ-waarde, toekomstbestendige woning, lagere energierekening). Hierbij ligt de focus niet alleen op het financiële aspect (terugverdientijden). Onderstaande figuur geeft een overzicht van de klantreis en communicatiemiddel vanuit gemeente Ridderkerk om te verduurzamen naar energielabel A of B.
23
Figuur 8: Klantreis en communicatie vanuit gemeente Ridderkerk
Aandachtspunten van de wijkgerichte aanpak De wijkgerichte isolatieaanpak heeft de volgende aandachtspunten: Stap 1 – Energielabel o
Let op dat veel van de energielabels E, F en G ingeschat zijn op basis van bouwjaar, en niet vastgesteld zijn. Het is mogelijk dat een deel van de woningen voorzien is van na-isolatie waardoor het aantal E, F en G labels lager is.
Stap 2 – Energieadvies o o
o
o
o
Omdat er bij oude woningen vaak al verbouwingen of na-isolatie is toegepast, is na-isoleren vaak maatwerk en is collectieve uitvoering niet altijd mogelijk (bijv. bij dakisolatie). Woningen tot 1920 hebben geen spouwmuren, hier kan alleen gevelisolatie in de vorm van dampdichte voorzetwanden (of evt. buitengevelisolatie) worden toegepast. Dit resulteert in een intensieve verbouwing. Daarnaast hebben oudere panden een hogere kans op vochtproblemen (bij houten constructies). Ook bij monumenten is isolatie maatwerk. Wanneer isolatie en kierdichting wordt toegepast is het van belang ook goed te blijven ventileren. Specifiek voor energielabels D: Woningen met Energielabel D zijn tussen 1975 en 1991 gebouwd. Deze woningen zijn beperkt geïsoleerd en hebben een andere aanpak nodig (vaak vervanging van huidig isolatiemateriaal) dan oudere woningen zonder isolatie. Dit zijn vaak duurdere ingrepen en vragen een specialistische aanpak die niet alle standaard uitvoerders kunnen leveren. Houd rekening dat om een woning aardgasvrij-ready te maken niet alleen verregaande isolatiemaatregelen nodig zijn, maar ook aanpassingen aan het warmteafgiftesysteem en overige installaties.
24
o
o
o
Het toepassen van isolatiemaatregelen vraagt in het algemeen om een grote investering en lage terugverdientijd (>15 jaar) wat bewoners afschrikt. Financieringsvormen (stap 7) kunnen hierbij helpen. Bewoners nemen eerder maatregelen die zich sneller terugverdienen en makkelijker toepasbaar in de woningen (zoals zonnepanelen, quickwins). Deze maatregelen resulteren in geen (zonnepanelen) of beperkte (quickwins) warmtebesparingen. Financieringsvormen (stap 7) kunnen helpen de terugverdientijden te reduceren. Het uitvoeren van alle isolatiemaatregelen is een meerjarenproject. Isolatiemaatregelen worden bijna nooit in één keer uitgevoerd in bewoonde staat. Fasering en herhaling van de acties is daarmee een belangrijk aandachtspunt.
Stap 3 – Begeleiding uitvoering o
4.3.3
Door krapte op de markt hebben aannemers, adviesbureaus en installateurs het op dit moment heel druk. Dit kan mogelijk leiden tot vertraging van de werkzaamheden. De Woonwijzerwinkel contracteert partijen met leveringszekerheid en op basis van beschikbare capaciteit.
Typologische woningaanpak
Een kansrijke aanpak op regionaal niveau is mogelijk ook nog de contingent of woningtypologie aanpak (ontwikkeld door TNO en ondersteund vanuit het Klimaatakkoord)3. In de gemeente is ook een specifieke aanpak van de woningen op de dijken en poldergebied te adviseren. Het aantal E, F en G labels in deze categorie ligt verspreid over een aantal clusters in de gemeente Ridderkerk. De eigenaren van deze woningen kunnen aan de hand van gedegen analyse/ontwerp van een architect of bouwtechnisch adviseur aan de hand worden genomen om de specifieke aandachtspunten van deze woningen aan te pakken (dit kan bijvoorbeeld verder gaan dan alleen het thema energie). Een mogelijke aanpak is hierbij: Stap 1: Nulmeting dijkwoningen o.b.v. data analyse Stap 2: Benaderen bewoners o.b.v. uitkomsten data analyse •Enquête uitsturen (interesse, bestedingsbedrag, energievraag, reeds uitgevoerde maatregelen, meerdere thema’s, bewoners, toegankelijkheid) •Aanbieden gratis vaststellen huidig energielabel Stap 3: Nulmeting dijkwoningen o.b.v. inspecties 3 tot 5 typologische woningen •In kaart brengen huidige mate van verduurzaming (isolatie, installaties etc.) •In kaart brengen veelvoorkomende bouwkundige- en installatietechnische kenmerken van de dijkwoningen (bijv.
groot geveloppervlak, veelal aanbouw aanwezig, mechanische afzuiging, staat fundering/verzakkingen, vocht in souterrain, nabijgelegen water etc. Stap 4: Onderzoek duurzame maatregelen typologische woningen •Individueel advies voor de 3 tot 5 typologische woningen. •Rapportage met stappenplan verduurzaming en toekomstbestendigheid van typologische woningen in Ridderkerk 3
https://www.klimaatakkoord.nl/documenten/verslagen/2021/11/09/de-wijkaanpak-is-niet-meer-heilig
25
•Bewonersavond dijkwoningen waarin de resultaten gepresenteerd worden Vanaf stap 4 kunnen dezelfde stappen worden gevolgd als de wijkaanpak.
4.4 Planning Spoor 1 registratie
Q2 2022
Q3 2022
Q4 2022
Q1 2023
Q2 2023
Monitoring energielabels gereed
Energielabel registratie actie particuliere woningeigenaren
Energielabel registratie actie particuliere woningeigenaren
Monitoring bijwerken
Nieuwe actie particuliere woningeigenaren registratie energielabel
Voorbereiden nieuwe prestatieafspraken Spoor 2 – natuurlijke momenten
Spoor 3 – wijkactie
Verwerken prestatieafspraken in monitoring
Ontwikkelen informatiemateriaal en beschikbaar stellen natuurlijke momenten Aanpak Bolnes
Wijkactie Bolnes
Aanpak nieuwe wijk, Slikkerveer
De typologische wijkaanpak (binnen spoor 3) is nog niet opgenomen in de planning.
26
5. Advies Beleidsplatform Natuur & Milieu en Duurzaamheid
5.1 Hoofdlijnen advies In maart 2022 heeft het Beleidsplatform Natuur, Milieu & Duurzaamheid advies gegeven op het concept voorstel voor dit Plan van Aanpak. In hoofdlijnen ondersteunen en onderschrijven zij de uitwerking van het Plan van Aanpak voor de E, F en G-labels. Het platform erkent dat het geen eenvoudige opgave is om woningeigenaren mee te krijgen in de plannen. Echter heeft het Beleidsplatform een aandachtspunt die zij terug willen zien in het Plan van Aanpak. Zij vragen aandacht voor de vereisten van de Wet Natuurbescherming en de negatieve impact van isoleren op nest- en verblijfplaatsen van beschermde diersoorten zoals vogels en vleermuizen.
5.2 Planmatig onderzoek vereisten Wet Natuurbescherming Hoewel particuliere opdrachtgevers en uitvoerders van isolatie werkzaamheden in eerste instantie verantwoordelijk zijn voor het voldoen aan de wetgeving, geeft het Beleidsplatform terecht aan dat deze kosten en inspanning voor een individuele woningeigenaar buiten proportioneel zijn. Het voorstel is om als gemeente planmatig onderzoek te doen in te bezoeken wijken in de voorbereiding op de inkoopacties. Daarnaast is via bewustwording en afspraken met de leveranciers van de Woonwijzerwinkels goed om de Wet Natuurbescherming onder de aandacht te brengen. Voorbeeld aanpak hiervan is o.a. de aanpak van Provincie Utrecht:
27
Bron: https://www.provincie-utrecht.nl/sites/default/files/2022-06/Flyer%20voor%20particlieren%20NI%20definitief.pdf
5.3 Overige aandachtspunten Het Beleidsplatform geeft verder aan dat het zinvol is om naast het energielabel woningeigenaren informatie te verschaffen over de stappen naar aardgasvrij wonen. Dit advies zullen we in de aanbesteding van de leveranciers voor het verstrekken van het energielabel meenemen. Daarnaast vraagt het Beleidsplatform om aanvullende subsidiemaatregelen vanuit de gemeente voor het nemen van enkelvoudige maatregelen t.a.v isolatie en/of energiebesparing. Gezien de recente aankondiging vanuit het Rijk voor verruiming van de mogelijkheden op dit vlak, zien wij de noodzaak voor de ontwikkeling van lokale subsidieregeling op dit moment niet in.
28
6. Begroting 2022 De financiering van de uitvoering van dit plan valt onder de Klimaatvisie. Hierin is een budget opgenomen voor het thema energiebesparing. Hieronder valt advies, onderzoek en communicatiemiddelen. In dit hoofdstuk lichten we toe hoe we de reeds beschikbare financiële middelen in gaan zetten.
6.1 Registratie energielabels en monitoring Voor de ontwikkeling van spoor 1 wordt uitgegaan van de volgende kosten: Het registreren van een nieuw energielabel middels inkoop via aanbesteding kost gemiddeld 250 euro. Per jaar willen we een budget van 75.000 euro inzetten om het aanbod te doen voor een gratis energielabel (ongeveer 300 woningeigenaren per jaar). Aanvullend krijgen deze woningeigenaren een persoonlijk advies/tips lijst op maat van de energielabel adviseur om verdere stappen te zetten in de verduurzaming van hun woning. Rondom de briefactie organiseren we aanvullende communicatie acties om woningeigenaren te helpen met hoge energierekeningen en het nemen van duurzaamheidsmaatregelen. Daarnaast zal gewerkt worden aan de ontwikkeling van monitoring om jaarlijkse de voortgang in de energielabels te registreren.
6.2 Ontwikkeling informatiemateriaal natuurlijke momenten Voor spoor 2 is met name van belang dat gericht informatiemateriaal van de gemeente wordt ontwikkeld om te verspreiden bij partijen.
6.3 Wijkactie Voor 2022 wordt een wijkactie opgezet in samenwerking met de Woonwijzerwinkel. Deze wordt bekostigd uit de reguliere gelden voor de Klimaatvisie Ridderkerk. Het uitvoeren van de wijkactie valt binnen het reguliere contract met de Woonwijzerwinkel (themabudget Energiebesparing). Om de sporen verder te ondersteunen is beperkte extra capaciteit nodig in de ontwikkeling en/of uitvoering.
29
6.4 Totale Begroting 2022 Werkzaamheden Spoor 1 Registratie energielabels
Registratie energielabels
Aantal huishoudens 300
Kosten per huishouden
Totale kosten
€250
€ 75.000
Themabudget energiebesparing
€ 25.000
Themabudget energiebesparing
Communicatie acties Spoor 2 Natuurlijke momenten
Spoor 3 Wijkaanpak
Budget
Werkzaamheden natuurlijke momenten
n.t.b.
Budget communicatie
Ondersteuning, verspreiden netwerk
n.t.b
Reguliere middelen
Werkzaamheden wijkaanpak (waaronder onderzoek ecologie) Persoonlijk advies
200
€100
€30.000
Themabudget energiebesparing
€20.000
Themabudget energiebesparing
€150.000
Totaal
30
Bijlagen Bijlage 1: uitgangspunten Rolopvatting gemeenten De gemeente zal in deze opgave verschillende rollen aannemen, die wel of geen uitvoering van acties vragen, zoals: - Reguleren - Regisseren - Faciliteren/ontzorgen - Stimuleren - Informeren - Aan de samenleving/markt laten Rol
Wat
Reguleren
Sturen d.m.v. weten regelgeving
Regisseren
Samenwerken binnen vastgestelde kaders Zoveel mogelijk belemmeringen wegnemen
Faciliteren / ontzorgen
Acties (voorbeelden) -
-
-
-
-
Stimuleren
Aanjagen initiatieven
-
Informeren
Communicatie; informatie verstrekken Autonome ontwikkeling
-
Aan de samenleving / markt laten
-
-
Bouwbesluit (via VTH, geldt alleen voor nieuwbouw): o BENG o TOjuli o EPBD III Verplicht energielabel Prestatieafspraken met woningcorporaties
Gemeentelijk energieloket dat inwoners helpt met ‘klantenreis’ t.b.v verduurzaming woning (van offerte aanvragen tot en met nazorg) Financiële arrangementen: - Collectieve inkoopacties: aanbod maatregelen tegen gereduceerd tarief - Gemeentelijke VerduurzamingsRegeling (zodat ook inwoners met smallere beurs woning kunnen verduurzamen) -Leningen en subsidies (lokaal/landelijk) Faciliteren opzet lokaal platform van ondernemers ’BAR Duurzaam’ dat totaalpakket biedt voor verduurzaming woning Energieboxen en coaches Warmtebeeldcamera’s en warmtescans WoonWijzerWagen Waterzijdig inregelen voor VvE’s VvE cursus Buurtgerichte actie Koppelen aan zonnepanelen acties (dat moet worden versneld willen 40-50% van de geschikte daken benutten voor zon-pv) Continue offline en online communicatie
Uiteindelijk moet de inwoner zelf de beslissing nemen en investeren om de woning te verduurzamen Marktpartijen die isolatie acties en zonnepanelenacties (zoals resp. Essent en Zonneplan) opzetten, doorverwijzing maken naar gemeentelijke duurzaamheidslening
31
Trias Energetica De Trias Energetica is de meest toegepaste strategie om energiebesparende maatregelen te nemen, zodat maatregelen op een efficiënte manier samenwerken. Efficiënt in de zin van: zo duurzaam mogelijk, dus zo energiezuinig mogelijk en met zoveel mogelijk gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen. Maar ook in de zin van kosteneffectiviteit: er wordt meer energie bespaard per bestede euro. Deze strategie is toepasbaar op gebouwen. Trias Energetica bestaat uit de volgende drie stappen: Stap 1. Beperk de energievraag Stap 2. Gebruik energie uit hernieuwbare bronnen Stap 3. Gebruik eindige (fossiele) energiebronnen efficiënt
Figuur 9: Principe van Trias Energetica4.
De thema’s besparing, warmte en opwekking uit de Klimaatopgave zijn daarom nauw met elkaar verbonden. Met name de toekomstige warmteoplossing heeft invloed op het minimale energielabel van een gebouw. Energielabel methodiek Het energielabel is verplicht bij de verkoop, verhuur en oplevering van 5 woningbouw, zoals woningen en appartementen, en utiliteitsbouw, zoals kantoorgebouwen, gezondheidsgebouwen en overheidsgebouwen. Voor een aantal gebouwtypen is een energielabel niet verplicht. De meest voorkomende gebouwtypen die hieronder vallen zijn monumenten, religieuze gebouwen, vrijstaande gebouwen met een gebruiksoppervlak tot 50 m 2, loodsen, fabriekshallen, onverwarmde garages en schuren, tijdelijke gebouwen (hoogstens 2 jaar in gebruik) en recreatiewoningen (tot 4 maanden per jaar in gebruik). Het energielabel is onafhankelijk van het energiecontract. Het energielabel is afhankelijk van de gebouwschil (isolatiegraad) en installaties. Een energielabelsprong kan op de volgende manieren worden gemaakt: -
Verbeteren gebouwschil, hieronder valt:
4 Infoblad Trias Energetica en energieneutraal bouwen-juni 2013.pdf (rvo.nl) 5 Voor welke woningen en gebouwen is een energielabel verplicht? | Rijksoverheid.nl
32
-
o Dakisolatie o Raamisolatie o Gevelisolatie o Kierdichting o Vloerisolatie Verbeteren installaties, hieronder valt: o Verwarmingsinstallatie (cv-ketel, warmtenet, warmtepomp etc.) o Warm tapwater opwekking (cv-ketel, warmtenet, warmtepompbooster, elektrisch boilervat, zonnecollector) o Duurzame opwekking elektriciteit (zonnepanelen) o Koken (gas, inductie) o Ventilatiesysteem (geen ofwel natuurlijke ventilatie, mechanische afzuiging, balanssysteem met WTW)
Sinds 1 januari 2021 wordt de NTA 8800 methodiek gebruikt om het energielabel van een pand te bepalen met het primair fossiel bepaald. Het primair fossiel energiegebruik is een optelsom van het primair energiegebruik voor verwarming, koeling, warmtapwaterbereiding en ventilatoren. Het duurzaam opgewekte energiegebruik wordt niet meegenomen. Het primair fossiel energiegebruik wordt als volgt aan een energielabel gekoppeld:
Figuur 10: NTA 8800 methodiek.
Klantreis en gedragsverandering Het isoleren van woningen gaat niet vanzelf en we weten dat het (blijven) communiceren over de mogelijkheden van groot belang om het thema onder de aandacht te brengen bij woningeigenaren. Bewustwording en gedragsverandering spelen daarin een grote rol. Uit onderzoek van klimaatorganisatie HIER, uitgevoerd door Motivaction, blijkt het draagvlak voor aardgasvrij wonen toe te nemen (2021)6. De helft van de Nederlanders is voorstander van de maatregelen. Steeds meer mensen vertrouwen op de expertise van andere partijen zoals de gemeente, zegt het onderzoek. De verwachting is dat eigenaren-bewoners veelal op natuurlijke momenten investeren in energetische maatregelen, zoals bij een verhuizing, verbouwing of vervanging van een cv-ketel. Op deze momenten zullen eigenaren ‘open’ staan voor communicatie over aardgasvrije oplossingen. woningeigenaren faciliteren, waarna marktpartijen de communicatie met inwoners overnemen.
6 Draagvlak aardgasvrij wonen neemt na drie jaar weer toe, helft Nederlanders voorstander | HIER
opgewekt, 2021
33
Bijlage 2: Aanvullende gegevens data analyse Ridderkerk Doel en methodiek Voor het bepalen van een strategie voor het verbeteren van de E, F en G labels naar energielabel B is de 0-situatie in kaart gebracht. Dit is gedaan aan de hand van data-analyse op wijk- en woningniveau. Hiervoor is gebruik gemaakt van de Startanalyse van het Planbureau van de Leefomgeving (PBL)7. In deze dataset zijn diverse gebouwkenmerken van alle woningen in de gemeente Ridderkerk bij elkaar gebracht. Denk daarbij aan X en Y coördinaten, Oppervlakte, Buurtcodes, Energieverbruik, Energielabel, Woningtype, Bouwjaar, Woningcorporatiebezit en Particulier bezit. Niet alle woningen in Nederland zijn voorzien van geregistreerde energielabels. Voor de ontbrekende energielabels is aan de hand van bouwjaar en woningtype een inschatting gemaakt van het energielabel door PBL, zie onderstaande tabel. Met name oude (tot 1964) woningen krijgen een energielabel E, F of G toegekend. Schillabel vanuit bouwjaar volgens startanalyse voor 1930 1930 - 1945 1946 - 1964 1965 - 1974 1975 - 1991 1992 - 1995 1996 - 1999 2000 - 2005 2006 - 2010 2011 - 2014 2015 - 2020
vrijstaand G G F D C B B A A A A
2 onder 1 kap rijwoning hoek G G G G F E E D C C B C B C B A B A B A B A
rijwoning tussen F F E D C B B A A A A
meergezins: laag en midden F F E D C C C A A A A
Collectief woningbezit
7 https://themasites.pbl.nl/leidraad-warmte/2020/
34
meergezins: hoog F F E D C C C A A A A
Woningcorporaties in Ridderkerk en aantallen
Stichting Wooncompas
Buurt Bolnes Slikkerveer Donkerssloot Centrum West Cornelisland Rijsoord Oost Drievliet Oostendam Het Zand
Metterwoon Vastgoed B.V.
De Vereeniging Tot Woningbouwvereniging Verbetering Der ''Samenwerking Volkshuisvesting Slikkerveer'' ''Bolnes'' Label Label Label Label Label Label Label Label Label Label Label Label E F G E F G E F G E F G 76 54 2 2 3 1 146 65 28 95 1 42 193 53
72
4 1
15 118
11 13
6 15
15
1
2
1
35
Bijlage 3: Interne en externe stakeholders Intern -
-
-
-
EKA o
Warmte: samen optrekken in wijkplannen. Energiebesparing/verduurzaming woningen is stap 1, stap 2 is van het aardgas af. Een woning moet een bepaald isolatieniveau hebben voordat het overgaat naar een lage-temperatuur oplossing (warmtepomp) of midden-temperatuur oplossing (warmtenet) o Energie opwekking: bij woningeigenaren tegelijkertijd met isolatiemaatregelen ook de voordelen van zonnepanelen benoemen, en vice versa. Om dubbele communicatie te voorkomen o Circulaire samenleving: afstemmen welke isolatie maatregelen i.h.k.v. circulair materiaal verantwoord zijn om te adviseren o Klimaatadaptatie: inwoners die bezig zijn met Steenbreek / biodiversiteit, ook betrekken bij het verduurzamen van de woning (m.n. de rode leefstijl).
Communicatie o Gemeentelijke communicatie, team EKA levert input; o Communities opzetten/aanjagen, zowel offline als online; o Community building Wonen o Aanhaken bij Prestatieafspraken corporaties, wijzen op labelverplichting gemiddeld label B in 2020 (uit Energieakkoord 2013); Vergunningen / Erfgoed o Belemmeringen wegnemen waar mogelijk; o Informatie verstrekken over besparing bij vergunningverlening (natuurlijke momenten); o Bespreken wat er mogelijk is qua verduurzaming bij monumenten; Juridische Zaken o Juridische belemmeringen wegnemen waar mogelijk; o Juridische kaders verruimen waar mogelijk; Financiën o Gezamenlijk financiële arrangementen opzetten (zoals GVR, verruiming voorwaarden stimuleringsleningen); VTH o Periodieke afstemming handhaving Bouwbesluit: EPBD III, TOjuli eis, BENG; Inkoop o Advies bij inkoop diensten/producten (zoals GVR); Wijkregie o Contact leggen met wijkplatforms en individuele (enthousiaste) bewoners
Extern -
-
-
Woningcorporaties o Klimaatdoelen verankeren in prestatieafspraken; o Prestatieafspraken zijn niet naderhand afdwingbaar door gemeente. In de Prestatieafspraken staat wat er op korte termijn gebeurt (beschrijvend). Lange termijn verduurzamingsplannen staan in visies van corporaties. In de lange termijn koers wordt bijv. de landelijke doelstelling (voor 2020 gemiddeld energielabel B) uit het Energieakkoord meegenomen; o Gezamenlijk voorbereiden en uitvoeren RREW acties; o Hebben 22% van woningen in bezit Particuliere verhuurders o Stimuleren verduurzaming, hoe split incentive te overbruggen? o Informatie verstrekking voordelen verduurzaming WoonWijzerWinkel
36
o o
-
-
-
-
-
-
-
Optrekken in soepelere klantenreis naar duurzamere woningen; Informatie/expertise/hulp/ondersteuning bieden aan inwoners (telefonisch, webinars, informatiedagen. Etc.); Installateurs, leveranciers o Lokaal netwerk opzetten voor totaalpakket verduurzaming woning; o Groene Bon verstrekken via lokale ondernemers; Bouwmarkten o Informatieverstrekking / collectieve inkoopacties bij aankoop, want past bij natuurlijk moment van renovatie Makelaars / hypotheekadviseurs / banken o Informatieverstrekking (energiebesparingshypotheek; mogelijkheden besparing) bij verhuizing over verduurzaming (natuurlijk moment); o Bijeenkomst organiseren voor makelaars: welke rol kunnen zij pakken?; RVO o Afstemming over hoe subsidies toegankelijker kunnen worden gemaakt voor mensen die moeite hebben met aanvraag (vanwege taal, kennis, geen mogelijkheid voor cofinanciering) ; o Bespreken voortgang RRE(W); Duurzaamheidskringen o Podium bieden aan ondernemers / inwoners / maatschappelijke organisaties die hier mee bezig zijn; Wijkplatforms / bewonersinitiatieven o Aanhaken en informatie verstrekken via bestaande activiteiten / bijeenkomsten van hen; o Informatieverstrekking bij bewonersavonden/wijkoverleggen Energie coöperaties o In gezamenlijkheid naast energieopwekking ook besparing promoten Welzijnsorganisaties o Focus op senioren, die bereid zijn en kunnen investeren
37
Bijlage 4: communicatie en participatie Communicatie en participatie Na-isoleren zorgt voor comfortverbetering, gezondere leefomgeving, stijging WOZ-waarde, toekomstbestendige woning en lagere energierekening voor bewoners. Neem de volgende punten mee in de communicatiestrategie:
-
Heb aandacht voor (de theorie van) gedragsverandering bij inwoners. Leg relatie met natuurlijke momenten bij inwoners – bedenk acties en middelen om inwoners te ondersteunen bij het verduurzamen van de woning o.a. bij het kopen van een huis, een verbouwing en gezinsuitbreiding. Verbind de opgave van aardgasvrij met het opwekken van elektriciteit – voor inwoners is het stappenplan om integraal naar de energietransitie te kijken van belang. Werk voorbeelden van tussenstations uit om de stap voor stap uitwerking te ondersteunen.
Onderstaande figuur geeft een overzicht van de klantreis en communicatiemiddel vanuit gemeente Ridderkerk om te verduurzamen naar energielabel A of B.
Figuur 11: Klantreis en communicatie vanuit gemeente Ridderkerk.
Prioritering onderwerpen in onze communicatie (volgordelijk): 1. Betaalbaarheid: energiebesparing betekent een besparing op de energierekening en woningwaarde stijging. Hiermee kan de investering worden terugverdiend. Spijtvrij isoleren volgens De Standaard; 2. Ontzorgen: ‘gedoe’ wegnemen door totaalpakket aan te bieden en inwoners in klantenreis mee te nemen; 3. Comfort: voor veel mensen is een comfortabele woning het belangrijkst, dat dit komt door energiezuinigheid is voor hen bijvangst; 4. Status: maak energiebesparing zichtbaar, met bijv. nieuwe inductiepannenset; 5. In stapjes: niet in één keer naar aardgasvrij, maar in stappen. Bijv. eerst een hybride warmtepomp, pas over 15 jaar een warmtepomp;
38
6. Gebruik natuurlijke momenten: mensen gaan overwegend verduurzamen bij verbouwingen/renovatie (90% wil alleen dan verduurzamen) 8. Informatieverstrekking via Vergunningen en makelaars; 7. Duurzaamheid: hier doen we het voor, dat mag zeker genoemd worden, maar voor veel mensen is het niet de hoofdreden om de woning aan te pakken. Communicatiestrategie
-
-
-
-
-
-
We organiseren we informatieavonden, bij voorkeur per buurt of aangewezen straat. Door deze avonden komen we direct in contact te staan met de inwoners en komen ze niet voor verrassingen te staan. Bovendien krijgen ze de ruimte vragen te stellen. Naast de bewonersavonden communiceren we via diverse communicatiekanalen. De communicatiekanalen stemmen we af op verschillende doelgroepen; inwoners en bedrijven, specifieke buurten, jongeren en ouderen en bijvoorbeeld verenigingen. Voorbeelden van communicatie kanalen zijn de gemeentelijke websites en sociale mediakanalen maar ook de (lokale) kranten en door het sturen van brieven. Door het delen van ervaring versterkt ook de bewustwording. Een goed voorbeeld leidt niet alleen tot bewustwording, maar ook tot actie. Nieuws over verduurzaming in de gemeente, maar ook verhalen en ervaringen van inwoners kunnen als voorbeeld dienen voor anderen. Dit wordt gedeeld via de gemeentelijke mediakanalen. Algemene informatie m.b.t. energiebesparing wordt gecommuniceerd richting gemiddelde energieverbruikers en gemiddelde inkomens; Specifieke informatie m.b.t. energiebesparing wordt gecommuniceerd richting lagere inkomens (tegengaan energiearmoede, woonachtig in m.n. appartementen/rijwoningen) en hogere inkomens (tegengaan hoog energiegebruik, woonachtig in m.n.
vrijstaande woningen en 2-onder-1 kap woningen); Hou rekening met leefstijlenkaart in communicatie; Breng buren / inwoners hierover met elkaar in contact (peer-to-peer communicatie), zij vergelijken met elkaar en luisteren beter naar elkaar dan naar de gemeente (we zoeken ambassadeurs uit de buurt, net als bestaande of nieuwe communities); Hou rekening met leeftijden: o 8 – 29 jaar: kinderen/jongeren beïnvloeden hun ouders; o 30 – 40 jaar: lastig te bereiken doelgroep, niet de eerste prioriteit (heeft met hoge hypotheeklasten te maken). Zij willen wel investeren, maar hebbe niet de middelen; o 40 - 65 jaar: interessante groep, loopt nog niet tegen terugverdientijden aan en heeft geld te besteden, heeft hoogste prioriteit. Heeft budget, maar wil wel dat investering daadwerkelijk rendabel is; o 65+ jaar: lastig i.v.m. lange terugverdientijden, maar willen wel investeren en hebben er ook het geld voor. Koppelen aan inzichten Erasmus Onderzoek (sociale prakijken, zoals koken); Laat lokale successen van verduurzaamde woningen zien (bijv. via Duurzame Huizenroute).
Communicatiekanalen -
Onzetoekomstisduurzaam.nl Gemeentelijke Facebook, 3 lokale kranten, website Via Duurzaamheidskringen Via energiecollectieven WoonWijzerWinkel Via kanalen van corporaties Persoonlijke contacten via webinars / bijeenkomsten
8 https://stadszaken.nl/artikel/3278/zo-verleid-je-huiseigenaren-tot-verduurzaming
39
Bijlage 5: Subsidies en financiering Landelijke Financieringsmogelijkheden voor verschillende doelgroepen -
-
-
Subsidies o ISDE – een of meer isolatiemaatregelen, zonneboilers, warmtepompen en warmteaansluitingen o SEEH – advies en besparende maatregelen voor VvE’s, MJOP o Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) o Startmotor / Renovatieversneller o RVV-V Leningen o Het Nationaal Warmtefonds o Duurzaamheidslening Ridderkerk o Verzilverlening, voor aanvragers van 75+ jaar o Duurzaamheidshypotheken (106% aanvragen, 6% voor energiebesparende maatregelen) o Hypotheekrentekorting bij label A woning Lokale financiering o Gemeentelijke VerduurzamingsRegeling (Woonpas)
Overzicht aantal verstrekte Rijkssubsidie in de periode 2016-2020
40