2 Bestuurlijke reactie college op RKR Participatie en Omgevingswet.pdf
Tekst van het document
Rekenkamer Ridderkerk Mw. C. Garama, Secretaris
Uw e-mail van: Uw kenmerk: Bijlage(n):
30 januari 2023 -
Ons kenmerk: Contact: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum:
731299 D. Amesz 0180-451234 d.amesz@bar-organisatie.nl 10 maart 2023
Betreft: Bestuurlijke reactie op het rekenkamerrapport “Ridderkerk Participatie en Omgevingswet”
Geachte mevrouw Garama, Met aandacht en belangstelling hebben wij kennis genomen van het rekenkamerrapport “Ridderkerk Participatie en Omgevingswet”. In deze brief geven wij onze reactie op het uitgevoerde onderzoek en de geformuleerde conclusies en aanbevelingen. Doelstelling rekenkameronderzoek “Ridderkerk Participatie en Omgevingswet” Het samenspel tussen gemeenten en inwoners is in beweging. De stem van de participerende burger groeit en gemeente en inwoners slaan steeds vaker de handen inéén om vraagstukken in de leefomgeving op te lossen. Het doel van het onderzoek in opdracht van de rekenkamer is enerzijds het in kaart brengen wat de huidige ervaringen van de gemeente zijn op het gebied van participatie en welke rol de gemeenteraad speelt in participatietrajecten. Anderzijds is het onderzoek gericht op het onderzoeken van de mate waarin de huidige aanpak aansluit bij de uitgangspunten van de Omgevingswet en worden er handvatten aangedragen voor de verdere vormgeving van participatie richting de invoering van de Omgevingswet. Reactie op het onderzoek Wij geven eerst een algemene reactie en daaropvolgend een aantal inhoudelijke opmerkingen op uw conclusies en aanbevelingen. Algemene reactie Pagina 4: ‘Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de tijd dat de overheid het alleenrecht had op de ruimtelijke ordening namelijk voorbij’.
Dat ligt wat ons betreft genuanceerder. Dat alleenrecht is er nooit geweest. Gemeenten betrekken namelijk al op verschillende manieren de betrokkenen. Het is hoe de gemeente daar zelf invulling aan geeft. Pagina 5: ‘Het onderzoek begon met een startgesprek in januari 2022. De eerste periode is besteed aan het verzamelen van documentatie en het vaststellen van de onderzochte casussen’. Wij merken hierbij op dat een (zeer) kleine selectie van casussen, waarin participatie heeft plaatsgevonden, onderzocht is. Wat heeft het onderzoeksbureau doen besluiten om slechts drie casussen te onderzoeken? Het project De Botterhof is een mooi voorbeeld van een bewonersparticipatieplan en was daarom interessant geweest om mee te nemen in het onderzoek.
Pagina 5: ‘De selectie van deze drie casussen is in samenwerking met de rekenkamercommissie en ambtelijke organisatie tot stand gekomen.’ Met betrekking tot de Omgevingsvisie merken wij op dat de ambtenaren die verantwoordelijk zijn voor de totstandkoming hiervan al langere tijd niet meer bij ons werkzaam zijn. In het onderzoek zijn daarom raadsleden geïnterviewd om een beeld van het participatietraject te krijgen. Daarbij willen we opmerken dat een substantieel deel van de geïnterviewde raadsleden ten tijde van de besluitvorming geen deel uitmaakte van de gemeenteraad. Gezien het voorgaande is daarom in onze perceptie een enigszins eenzijdig beeld geschetst voor wat betreft de participatie van de Omgevingsvisie. Bij het participatietraject van de gebiedsvisie en planMER Rivieroevers – waarin vooraf duidelijk de kaders aangegeven zijn aan de bewoners, alle informatie makkelijk vindbaar was en nog steeds is via het platform Rivieroevers op onze website – zijn het participatieproces en de kaders duidelijk geschetst. Ondanks alle beperkingen door corona kon iedereen op een laagdrempelige wijze digitaal participeren. Daardoor hebben we reacties ontvangen van bewoners die anders mogelijk niet naar informatieavonden zouden komen. Toen er binnen de corona maatregelen toch enige ruimte was voor een fysieke sessie hebben we deze georganiseerd en zijn alle vragen die avond beantwoord.
We merkten dat een fysieke sessie ook in tijden van digitalisering een goed en gewenst middel is en wij zullen dat blijven toepassen. Toch zijn de door u geïnterviewde bewoners niet tevreden over het proces. Het komt op ons over dat in het onderzoeksrapport niet de positieve punten benoemd worden, terwijl dit nuttige ervaringen voor ons zijn en als aanbeveling en voorbeeld voor ons dienen. Wij concluderen dat wanneer de bewoner zich niet (goed) gehoord voelt, het verwijt wordt gemaakt dat er niet goed geparticipeerd is. Wat niet altijd het geval is. Wat we tijdens dit traject al als leerpunt hebben aangegeven, onderschrijft u ook: bij de start van een traject de bewoners per brief inlichten, naast alle digitale middelen die worden ingezet. Op deze manier zetten we verschillende middelen in om alle bewoners te betrekken. Pagina 5: ‘Bij de casussen ‘Rembrandtweg 257’ en de ‘Gebiedsvisie Rivieroevers’ is er in de interviews met extern betrokkenen en met inwoners gesproken’. Uit bijlage 1 blijkt dat er met 5 extern betrokkenen is gesproken. Wij achten dit aantal niet representatief, gezien het grote aantal inwoners dat heeft geparticipeerd. Pagina 12: ‘De Ridderkerkse visie uiteengezet in bovenstaande documenten, komt ook duidelijk naar voren in het college- en coalitieprogramma 2018-2022, ‘Veel kleuren, één palet’. De nota van bevindingen dateert van 2-12-2022.
Hierin wordt echter alleen verwezen naar het coalitieakkoord en het collegeprogramma van de voorgaande bestuursperiode. Dit terwijl het coalitieakkoord en het collegeprogramma 2022-2026 Hart voor een toekomstbestendig Ridderkerk al sinds april 2022 respectievelijk november 2022 beschikbaar zijn. Gezien hetgeen hierin is opgenomen over de doorontwikkeling van participatie, vinden wij dit een gemiste kans. Tot slot merken wij op dat gedurende de onderzoeksperiode sprake was van corona. In het onderzoeksrapport wordt hier geen melding van gemaakt. Corona heeft namelijk invloed gehad op de wijze van participeren. Denk aan digitale bijeenkomsten in plaats van fysiek of het niet deel willen nemen aan de bijeenkomsten in verband met besmettingsangst. Inhoudelijke opmerkingen Hieronder volgen de opmerkingen op uw conclusies. a) De ambitie is op orde Reactie college: U meldt ‘Overigens heeft de raad zelf nog niet helder hoe versterking van participatie zich verhoudt tot de representatieve rol van de raad. Transparantie van de besluitvorming in een zo vroeg mogelijke fase is hier een belangrijk verbeterpunt.’
Op basis van de door ons uitgevoerde “Evaluatie participatie gemeente Ridderkerk 2022” wordt gewerkt aan een nieuw Participatiebeleid, waarvan participatie in het kader van de Omgevingswet een onderdeel is. Hierin wordt ook de rol van de raad beschreven. Overigens verschuift binnen de Omgevingswet het initiatief tot participatie en het (tijdig) betrekken van participanten naar de initiatiefnemer. Van de raad wordt verwacht ‘vertrouwen te hebben in het los laten’. Overigens wordt nu al bij tal van initiatieven (onder andere bij de projecten van Wooncompas) in overleg en in afstemming met de gemeente de verantwoording om tijdig participanten te betrekken bij de initiatiefnemer gelegd. In het kader van de Omgevingswet wordt dus een grotere verantwoordelijkheid bij de initiatiefnemer neergelegd. Dat betekent voor de gemeente om opnieuw na te denken over de manier waarop de gemeente haar rol vervult. Dat hoeft niet persé in de vorm van een verplichte aanwezigheid van de gemeente te zijn. Belangrijk is om te zorgen dat bewoners weten wat zij van de gemeente in het proces mogen verwachten. Maar ook een aanspreekpunt hebben op het moment dat een initiatiefnemer zijn boekje te buiten gaat. Dat hebben wij als gemeente ook nodig voor de controlerende rol bij het beoordelen van de participatie en het kunnen aanspreken van de initiatiefnemer daarop.
b) Beleid blijft achter bij ambitie Reactie college: In het kader van een goede dienstverlening en met het oog op de komst van de Omgevingswet achten wij het van groot belang dat voor ruimtelijke ontwikkelingen, plan- en visievorming en dergelijke in het nieuwe Participatiebeleid heldere participatiekaders geformuleerd worden. Vooraf verwachtingen managen is daarbij ook cruciaal. Het participatietraject moet vooraf duidelijk zijn alsook de kaders waarbinnen participanten kunnen meedenken en waarover participanten niet gaan. Wat betreft de conclusie: ‘Meebeslissen ontbreekt als participatievorm.’ Dat is bij deze drie projecten een bewuste keuze geweest. We kennen “meebeslissen” als hoogste trede op de participatieladder wel degelijk. Er zijn verschillende voorbeelden, waarbij inwoners uiteindelijk de beslissing nemen. c) Uitvoering schiet tekort Reactie college: U gaat in uw rapport hoofdzakelijk in op projecten die in meer of mindere mate te koppelen zijn aan het werkgebied van de nieuwe Omgevingswet. Participatie is in onze ogen breder dan zoals u het in uw rapport beschrijft. In onze “Evaluatie participatie gemeente Ridderkerk 2022” hebben wij beschreven welk scala aan instrumenten wij inzetten voor participatie. Ook hebben wij in deze evaluatie uitgebreid stil gestaan bij de rol van platforms in de participatie.
Deze evaluatie heeft ons veel geleerd en uit deze evaluatie zijn ook verbeterpunten gekomen welke wij in ons nieuwe beleid zullen verankeren. Het is correct dat bij wijze van experiment en mede op het oog van de Omgevingswet slechts bij één woningbouwproject participatie bewust door een private partij georganiseerd is zonder aanwezigheid van de gemeente. Het is echter onterecht te concluderen dat de gemeente afwezig is bij participatietrajecten. Het was daarom raadzaam om niet één maar meerdere woningbouwontwikkelingen te selecteren voor het onderzoek om tot een objectief beeld te komen. De genoemde conclusies onder c nemen we mee in ons nieuwe Participatiebeleid. d) Gemeente is niet klaar voor de Omgevingswet Reactie college: De Omgevingswet treedt naar verwachting 1 januari 2024 in werking en vraagt een wezenlijk andere cultuur en houding. Daarom wordt er al in de geest van de Omgevingswet geoefend met participatie bij woningbouwontwikkelingen. Deze projecten zijn helaas niet in het onderzoek meegenomen.
Bovendien is bij het participatietraject van de gebiedsvisie en planMER Rivieroevers ingezet op participatie die “Omgevingswetproof” is: bij aanvang in gesprek gaan met betrokkenen, bewoners, initiatiefnemers, platforms en ideeën ophalen en de conceptvisie terugkoppelen en bespreken. Leerpunten daaruit nemen we mee, zoals het positieve punt van een digitaal platform met een kaart voor het indienen van ideeën en de wens van bewoners om voortaan bij de start van een project per brief geïnformeerd te worden. Wij kunnen ons daarom niet geheel vinden in uw conclusie dat ‘gezien de beperkte invulling van participatie in de huidige situatie kan niet anders geconstateerd worden dan dat die invulling ver staat van de participatie zoals de omgevingswet die voor ogen heeft’. Kortom, we herkennen ons op onderdelen in de conclusies en op enkele punten niet, zoals hierboven door ons gemotiveerd wordt. We zien wel verbeterkansen voor participatietrajecten binnen onze gemeente. Aanbevelingen uit het rekenkamerrapport Zoals reeds eerder aangegeven, zijn wij – naar aanleiding van onze eigen evaluatie – bezig met het opstellen van nieuw Participatiebeleid, dat vervolgens ter besluitvorming aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Wij zullen uw onderstaande aanbevelingen daarin meenemen. a) Aanbevelingen ambitie participatie 1. Zorg dat de ambitie bekend is bij alle actoren. 2.
Versterk de kaders voor participatie. 3. Zorg voor zo helder mogelijke transparantie over de besluitvorming en het daaraan verbonden proces. 4. Bepaal op welke beleidsterreinen participatie gewenst is ook i.r.t. de rol als volksvertegenwoordiger. b) Aanbevelingen beleid participatie 5. Geef het beleid zo vorm dat er heldere en eenduidige kaders vastliggen. 6. Vernieuw de gereedschapskist voor participatie. 7. Maak in startnotities de paragraaf over participatie concreet en toetsbaar. c) Aanbevelingen uitvoering participatie 8. Vertaal beleid naar uitvoering en rol gemeentelijke organisatie en zorg voor monitoring. 9. Zorg voor een helder verwachtingenmanagement bij alle stakeholders over de uitvoering. 10. Acteer als gemeente eenduidig en houd de regie. d) Aanbevelingen Omgevingswet en participatie 11. Bepaal wat de invoering Omgevingswet gaat veranderen aan de rol en taak in participatie. 13. Zorg dat initiatiefnemers voldoende gefaciliteerd worden vanuit de gemeente. De aanbevelingen a) ambitie participatie, b) beleid participatie en c) uitvoering participatie sluiten mooi aan op de aanbevelingen uit ons eigen rapport “Evaluatie participatie gemeente Ridderkerk 2022”. Tot slot Wij danken u voor uw onderzoek en de daaruit voortvloeiende aanbevelingen. Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Ridderkerk, de secretaris, de burgemeester,
dhr. H.W.J. Klaucke
mw. A. Attema