Rom advies bodem Franseweg 95 in Elst
Tekst van het document
ROM ADVIES BODEM Aan T.a.v. Onderwerp Olo-nummer Adviseur ROM Telefoon Datum Kenmerk
Gemeente Rhenen Joeri Peek ROM advies Franseweg 95 in Elst: Bestemmingsplan Franseweg 95 in Elst Annemieke Vrij 088 - 022 50 69 24 mei 2022 Z/20/160016 / D - 598704
Inleiding De gemeente Rhenen heeft ons om advies gevraagd met betrekking tot het bestemmingsplan Franseweg 95 te Elst. Dit naar aanleiding van enkele vragen vanuit de gemeenteraad over het bestaande bodemonderzoek en de benodigde bodemsanering. De vragen worden hieronder beantwoord. 1. Welke vormen van sanering zijn er, en hoe zijn die gerelateerd aan de aangetroffen en gemeten ernst van de vervuiling? De Wet bodembescherming stelt dat minimaal de risico’s, die een verontreiniging bij een bepaalde functie kan opleveren, moeten worden weggenomen. Binnen het plangebied is sprake van twee verontreinigingen: a. het bovenste deel van de grond is verontreinigd met zware metalen en cyanide; b. het grondwater is verontreinigd met zware metalen. 1a. De grondverontreiniging De grondverontreiniging binnen het plangebied Franseweg 95 levert alleen risico’s wanneer (toekomstige) gebruikers in contact kunnen komen met de verontreiniging. Deze risico’s zijn echter niet zo groot dat de sanering met spoed moet worden uitgevoerd. Dit blijkt uit de risico-evaluatie die in 2020 voor deze verontreiniging is uitgevoerd, volgens het door het RIVM ontwikkelde risico-model Sanscrit. Bij de risico-evaluatie zijn de gemeten concentraties (ernst van de vervuiling) ingevoerd. De saneringsaanpak moet daarom gericht zijn op het wegnemen van de contactmogelijkheden.
Dit kan door afdekken van de verontreiniging, het volledig verwijderen van de verontreiniging of een combinatie daarvan. Het saneringsplan voor de Franseweg 95 gaat uit van een leeflaagsanering voor het gehele plangebied. Hierbij wordt de bovenste laag van de verontreinigde grond verwijderd en vervangen door een meter dikke laag met voor ‘Wonen met tuin’ geschikte grond. Dit maakt dat na afloop van de sanering binnen het gehele plangebied veilig gebruik gemaakt kan worden van de bovenste meter van de bodem. Dit is voldoende voor normale woonbehoeftes, maar ook voor het aanleggen van kabels, leidingen en riolering. 1b. De grondwaterverontreiniging Het grondwater bevindt zich op een diepte van minimaal (ongeveer) 7 meter beneden maaiveld. Grondwaterverontreiniging met zware metalen dampt niet uit en levert daarom geen risico’s voor de gebruikers van het terrein, zolang deze niet in contact komen met het grondwater. Er is daarmee geen aanleiding tot verdere sanerende maatregelen, zoals oppompen en afvoeren van het verontreinigd water. Voor het plangebied geldt een verbod op het oppompen van grondwater als gebruiksbeperking. Dit staat een normaal gebruik van het terrein voor Wonen met tuin, maar ook de bouwwerkzaamheden en aanleg van kabels, leidingen en riolering niet in de weg.
Pagina 1 van 2
2. Is het juist dat de kern van de bedrijfsvoering ligt rond de in latere jaren aangebrachte vloeistofdichte vloer, is daar gemeten, en zo niet, zou het zo kunnen zijn dat -indien daar de onderliggende grond gemeten wordt- er veel zwaardere verontreiniging tevoorschijn komt? In het bodemonderzoek van 2020 is aangegeven dat ter plaatse van deellocaties B en F sprake is van een vloeistofdichte vloer. Deze deellocaties zijn meegenomen in het bodemonderzoek. Het betreft de boringen 11 t/m 15 en 51 t/m 58. Om de boringen te kunnen plaatsen zijn plaatselijk gaten geboord in de aanwezige verharding. Het saneringsplan gaat uit van het ontgraven van de bovenste 1,3 meter van het gehele plangebied. Eventuele spots, die onverhoopt gemist zijn tijdens het bodemonderzoek, worden dus sowieso mee ontgraven. 3. Zijn er afspraken met de ontwikkelaar gemaakt op welke wijze potentiële kopers voorgelicht moeten worden over de vervuiling en wijze van sanering en beperking van grondgebruik, zo ja welke? De verkopende partij is verplicht de aspirant-koper te wijzen op alle bij hem bekende bodeminformatie en gebruiksbeperkingen van het perceel. Deze informatie moet ook worden opgenomen in het koopcontract. Eventuele achtergehouden bekende informatie over bodemverontreiniging, die een belemmering vormt voor het gebruik van het perceel, wordt gezien als een verborgen gebrek.
De aspirant-koper heeft daarnaast ook de plicht om na te gaan of er mogelijk openbare bodeminformatie over het perceel beschikbaar is. Makelaars voeren dit onderzoek meestal uit namens hun cliënten. Informatie over de verontreinigingssituatie en de gebruiksbeperkingen is op de volgende wijze beschikbaar: • in het Kadaster wordt op basis van de beschikking op de saneringsevaluatie vastgelegd dat sprake is van gebruiksbeperkingen als gevolg van bodemverontreiniging; • een verwijzing naar alle bodemonderzoeken, de saneringsevaluatie en de beschikkingen op het saneringsplan en de saneringsevaluatie wordt vastgelegd op www.bodemloket.nl. Een link naar deze informatie is ook opgenomen in het Geoportaal van de ODRU op www.odru.nl. • alle rapporten en beschikkingen zijn opvraagbaar bij de RUD Utrecht. De wijze waarop dit kan worden opgevraagd is aangegeven op www.bodemloket.nl, en ook op de website van de RUD Utrecht en de ODRU. • in de bodemparagraaf (paragraaf 4.5) van het bestemmingsplan voor de Franseweg 95 is een beschrijving van de bodemkwaliteit en de noodzaak tot sanerende maatregelen opgenomen. Ook is een verwijzing naar de beschikking op het saneringsplan opgenomen en een beschrijving van de verwachte gebruiksbeperkingen. In de verbeelding van het bestemmingsplan is een aanduiding ‘milieuzone – aandachtsgebied bodem’ opgenomen.
Ondanks bovenstaande raden wij aan om de ontwikkelaar, wellicht ten overvloede, te wijzen op het belang van een goede voorlichting aan de aspirant-kopers. En deze er ook op te wijzen dat zij deze informatie ook doorgeven aan een eventuele volgende eigenaar. Verder merken wij op dat in het bestemmingsplan geen verwijzing is opgenomen naar het bodemonderzoek van 2020. Het onderzoek van 2019, het saneringsplan, de beschikking op het saneringsplan en de gebruiksbeperkingen na afloop zijn wel vermeld. 4. Voor de goede orde: ons interesseert de feitelijke kwaliteit en veiligheid van de sanering meer dan de juridische zekerheden die geschapen worden. Wij zien vanuit de bodemonderzoeken en het saneringsplan geen aanleiding om te twijfelen aan de kwaliteit en veiligheid van de sanering en het resultaat daarvan.
Pagina 2 van 2