CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Voorbereidingskrediet en Kaders Gebiedsvisie Stationsgebied Rhenen 2026 42048

Raadsvergadering 7 juli 2026, gemeente RhenenBij agendapunt: Voorbereidingskrediet en Kaders Gebiedsvisie Stationsgebied Rhenen 20262.110 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestuurlijk voorstel raad Datum Behandelaar Zaaknummer Portefeuillehouder Besluitvormend orgaan Publicatieniveau Onderwerp

: : : : : : :

7 juli 2026 Has Willet 42048 G.J. van Laar Gemeenteraad Rhenen Openbaar Ontwikkeling gebiedsvisie Stationsgebied

Voorstel De gemeenteraad besluit: 1. Een voorbereidingskrediet van € 75.000 beschikbaar te stellen om de volgende zaken uit te voeren: • Het opstellen van een mobiliteitsvisie voor het Stationsgebied (fase 1); • Het opstellen van een gebiedsvisie voor het Stationsgebied (fase 2). 2. Dit extra voorbereidingskrediet ten laste te laten komen van de reserve versnelde woningbouw. 3. De financiële gevolgen van dit voorstel te verwerken als wijziging van de begroting 2026. 4. Voor het opstellen van de gebiedsvisie Stationsgebied de volgende uitgangspunten mee te geven: a) De in het Handelingsperspectief (zie bijlage 1) benoemde opgaven voor een optimaal functionerend en toekomstbestendig OV-knooppunt: • Directe stationsomgeving ordenen (ontwarren en optimaliseren van verkeersstromen); • Verbeteren overstap treinstation, bushaltes, haltetaxi, P+R en deelmobiliteit; • Verbeteren van de verkeersafwikkeling en oversteekbaarheid kruising N233 en N225; • Betere, herkenbare, veilige en toegankelijke wandelverbindingen tussen station en nabije omgeving; • Betere, herkenbare en veilige fietsverbindingen tussen station en nabije omgeving; • Betere voorzieningen om de fietsen te stallen met aandacht voor overzichtelijkheid, bereikbaarheid en veiligheid; • Stimuleren van gebruik van het openbaar vervoer; • Kwaliteit en levendigheid station en stationsgebied vergroten; • Verminderen van de

barrièrewerking van spoor en wegen tussen Rhenen Oost en West. b) Het in de participatie- en communicatiestrategie benoemde kader voor de ontwikkeling van de gebiedsvisie Stationsgebied Rhenen (zie bijlage 2): • Verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit van het stationsgebied; • Behoud/versterking van het groene karakter van het gebied; • Creëren van ruimte voor woningbouw in de omgeving van het station; • Participatie van belanghebbenden en omwonenden bij de totstandkoming van een gemeente breed gedragen gebiedsvisie waarin mobiliteit, wonen en ruimtelijke kwaliteit elkaar versterken.

Inleiding Het Stationsgebied is gelegen binnen het deelgebied de Kern Rhenen. In de visie op Rhenen 2035 zijn voor dat deelgebied ruimtelijke opgaven geformuleerd, waaronder verbetering van het mobiliteitsknelpunt rond het OV-knooppunt en zijn de kernen benoemd als zoekgebied voor de realisatie van woningbouw (inbreiding). Nadat eerdere initiatieven voor de ontwikkeling van het Stationsgebied zonder vervolg bleven, heeft de raad in april 2025 de wens uitgesproken om potentiële binnenstedelijke locaties voor woningbouw

1

nader te verkennen. Met de ontwikkeling van een gebiedsvisie voor het Stationsgebied wordt daarin een stap gezet. Vanwege de verwevenheid van de ruimtelijke ontwikkeling met de mobiliteitsopgaven is voor de uitwerking van een gebiedsvisie voor het Stationsgebied gekozen voor een aanpak in twee fasen. In de eerste fase wordt een toekomstvisie voor het OV-knooppunt ontwikkeld vanuit het oogpunt van mobiliteit. Daarmee moet duidelijk worden welke ruimte benodigd is om in de toekomst het optimaal functioneren van het mobiliteitsknooppunt zeker te stellen. Mét die ruimtelijke reservering als randvoorwaarde wordt in de tweede fase een gebiedsvisie opgesteld als kader voor de stedenbouwkundige ontwikkeling. Het visietraject wordt afgerond met het aanbieden ter vaststelling door de raad van de gebiedsvisie Stationsgebied, als nadere uitwerking van de deelgebiedsvisie D2 - Kern Rhenen. Gedurende het 1e kwartaal 2026 zijn de mobiliteitsopgaven voor het OV-knooppunt door medewerkers van de gemeente, provincie, NS, Prorail en busmaatschappijen verkend, en neergelegd in een gezamenlijk handelingsperspectief.

Kaders ▪ Omgevingsvisie Visie op Rhenen 2035 ▪ Koersdocument voor het Volkshuisvestingsprogramma Rhenen (27 mei 2025). ▪ Visie op Rhenen 2035, wijziging Randzonevisie (16 december 2025) ▪ Haalbaarheidsonderzoek voor woningbouw en werkgelegenheid in het Binnenveld (16 december 2025) ▪ Mobiliteitsagenda Rhenen (bestuursprogramma 2022-2026) ▪ Verstedelijkingsstrategie Foodvalley Beoogd doel Totstandkoming van een breed gedragen gebiedsvisie met een toekomstbeeld voor het OVknooppunt (mobiliteitsvisie) en de stationsomgeving (gebiedsvisie), als ruimtelijk kader voor verdere planvorming, en daarbij; Verkennen van de mogelijkheden voor woningbouw in het gebied. Argumenten 1.1 Een breed gedragen visie voor de ontwikkeling van het stationsgebied is nodig als kader voor de planvorming en stedelijke ontwikkeling van het gebied. Om woningbouw en andere ontwikkelingen in het gebied mogelijk te maken is een bestuurlijk vastgesteld stedenbouwkundig kader, tot stand gekomen in samenspraak met de omgeving en belanghebbenden, een voorwaarde. In de Visie op Rhenen 2035 worden zowel de versterking van het OV-knooppunt als stedelijke verdichting als opgaven voor het deelgebied Kern Rhenen genoemd. Dat betreft echter een relatief groot gebied, en laat in het midden op welke plaatsen de benodigde ruimte voor inbreiding moet worden gevonden.

1.2 Voor de planvorming is nodig om een duidelijk beeld te hebben van benodigde ruimtelijke reservering voor de versterking van het mobiliteitsknooppunt. Dit om te voorkomen dat de plannen voor woningbouw en andere ontwikkelingen in het gebied de mogelijkheden voor toekomstige verbetering van het OV-knooppunt en oplossingen voor verkeerkundige knelpunten in de weg staan. 1.3 Gemeente en mobiliteitspartners (provincie, NS, Prorail, busvervoerbedrijven) hebben in een gezamenlijk handelingsperspectief de opgaven voor te ontwikkeling van het OV-knooppunt verkend. Tussen de provincie en gemeente zijn gesprekken gaande om met deze opgaven als uitgangspunt, een toekomstscenario voor de ontwikkeling van het mobiliteitsknooppunt te ontwikkelen. De kosten hiervoor kunnen 50/50 worden gedeeld door gebruik te maken van de provinciale subsidieregeling 2

bereikbaarheid. Expliciet onderdeel van de te ontwikkelen mobiliteitsvisie is het vaststellen van de ruimtelijke reservering benodigd voor mobiliteit, als kader voor de ontwikkeling van de stationsomgeving. 1.4 Nadat duidelijkheid is verkregen over de benodigde ruimte voor de ontwikkeling van het OVknooppunt kan hiermee, en met de Visie op Rhenen als uitgangspunten, nadere stedenbouwkundige verkenning volgen van de mogelijkheden voor gebiedsontwikkeling. Om tot een breed gedragen gebiedsvisie te komen is een participatietraject onderdeel van de visievorming. De participatiestrategie staat beschreven in bijlage 2. 1.5 Voor het totale budget (179.000) is al gedeeltelijke dekking in de begroting Het bedrag is geraamd op grond van de ervaring met eerdere visietrajecten, een globale schatting van kosten voor de inzet van de benodigde middelen en een verwachte bijdrage in de kosten van de provincie. In de tabel hieronder staan een specificatie van de kosten. kosten

bijdragen

stedenitem uur EHP kosten mobiliteit bouw provincie gemeente projectleider 545 € 110 € 60.000 € 30.000 € 30.000 € 60.000 beleidsmedewerker mobiliteit 127 € 110 € 14.000 € 14.000 € 7.000 € 7.000 ambtelijk overleg 91 € - € - € € onderzoek mobiliteit (excl btw) € 60.000 € 60.000 € 30.000 € 30.000 onderzoek mobiliteit, btw 21% € 12.600 € 12.600 € 12.600 onderzoek stedenbouw (incl. btw) € 40.000 € 40.000 € - € 40.000 participatie € 5.000 € 5.000 € - € 5.000 totaal € 191.600 € 116.600 € 75.000 € 37.000 € 154.600 Initiatievenbudget € 30.000 Mobiliteitsbeleid € 29.500 subsidie provincie € 37.000 Reservering buitenplans Vogelenzang € 7.500 btw compensatiefonds € 12.600 Extra voorbereidingskrediet (raadsbesluit) € 75.000 € 191.600

budgetten gemeente reserve uitvoering collegebijdrage extra budget programma/ vanuit uit reserve uit BTW initiatieven- mobiliteits- buitenplans versnelling compenbudget agenda Vogelenzang woningbouw satiefonds € 30.000 € 30.000 € 7.000 € € € € 22.500 € 7.500 € € 12.600 € 40.000 € 5.000 € 30.000 € 29.500 € 7.500 € 75.000 € 12.600

Het aanvullende voorbereidingskrediet wordt aangewend voor het integrale visietraject - mobiliteit en stedenbouw, voor een geraamd bedrag van € 179.000. Hiervoor zijn de volgende dekkingsmiddelen beschikbaar: • In de Perspectiefnota 2026 is het initatievenbudget voor 2026 verhoogd. Dit budget dient ter dekking van kosten die in de aanloop tot een ruimtelijk project worden gemaakt. Een bedrag van € 30.000 kan ten laste van dit budget worden gebracht • In de mobiliteitsagenda is voor dit project € 29.500 gereserveerd. Dit bedrag wordt gedekt ten laste van de reserve uitvoering collegeprogramma. • Zoals hiervoor aangeven verwachten we voor een deel van de kosten een provinciaal subsidie te ontvangen dat we ramen op € 37.000. • € 7.500 kan worden gedekt ten laste van de ontvangen bijdrage gereserveerd voor buitenplanse verkeerskundige maatregelen die voortvloeien uit de gebiedsontwikkeling Vogelenzang (geoormerkt als gemeentelijke bijdrage aan de herinrichting van de aansluiting Zwarteweg-N233). 2.1 In de reserve versnelling woonopgave is voldoende ruimte om het aanvullende krediet daaruit te betrekken. Na aanwending van de hierboven genoemde dekkingsmiddelen resteert er nog een tekort van € 75.000. Wij stellen u voor om dit bedrag te dekken uit de reserve versnelde woningbouw. Binnen deze reserve is nog voldoende ruimte beschikbaar.

In de Perspectiefnota 2027 geven wij u inzicht in de stand van de reserve en de verwachte besteding daarvan. 2.2 De kosten voor ruimtelijke planvorming kunnen niet worden verhaald op initiatieven voor gebiedsontwikkeling. Deze kosten vallen niet onder de kostensoortenlijst van het Besluit ruimtelijke ordening (BRO), een limitatieve lijst van kostensoorten die gemeenten mogen verhalen bij gebiedsontwikkeling.

3

4.1 Met de in het Handelingsperspectief beschreven mobiliteitsopgaven kunnen de verkeerskundige knelpunten rond het mobiliteitsknooppunt worden weggenomen of duurzaam worden verminderd. In een aantal werksessies onder begeleiding van Prorail hebben medewerkers van de gemeente, provincie, NS, Prorail en busvervoerders het functioneren en de opgaven voor een toekomstbestendig OV-knooppunt besproken en neergelegd in een gezamenlijke eindpresentatie (bijlage 1). 4.2 Voor het in samenwerking tussen de mobiliteitspartners tot stand gekomen Handelingsperspectief bestaat draagvlak bij de betrokken instanties. Door de in het Handelingsperspectief benoemde opgaven als uitgangspunt te nemen voor het verdiepende mobiliteitsonderzoek, en deze partners in het onderzoek te betrekken, ontstaat draagvlak voor het te schetsen toekomstscenario voor het OV-knooppunt. 4.3 Participatie vanuit de omgeving en belanghebbenden bij de toekomstige ontwikkeling van het Stationsgebied volgt uit het participatiebeleid van de gemeente. De voor het visietraject opgestelde participatie- en communicatiestrategie voldoet aan de uitgangspunten zoals omschreven in het participatiestatuut. 4.4 Bij de ontwikkeling van het Stationsgebied zijn zowel reizigers, vervoerders, ondernemers en inwoners van Rhenen belanghebbend, als ook bewoners en ondernemers in de directe omgeving van het Stationsgebied.

In de participatie- en communicatiestrategie wordt voor elke fase van de visievorming beschreven op welke wijze de inbreng van de verschillende categorieën van belanghebbenden wordt verkregen en worden de kaders voor participatie benoemd. 4.5 Verbetering van het mobiliteitsknooppunt, ruimtelijke kwaliteit en woningbouw kunnen elkaar versterken. Door de integrale benadering van het visietraject wordt de kans op een breed draagvlak vergroot. Kanttekeningen (risico's en nadelen) 1.1 Over de subsidiebijdrage van de provincie in de kosten voor de mobiliteitsvisie is nog geen zekerheid. Als niet de verwachte subsidiebijdrage wordt toegekend zal het projectplan voor wat betreft het mobiliteitsonderzoek worden herzien. Aangezien het aangevraagde krediet niet is bestemd voor fase 1 van het visietraject (mobiliteitsonderzoek) heeft dat geen gevolgen voor de hoogte van het benodigde krediet. 1.2 De mate waarin financieel haalbare toekomstscenario’s de verkeersknelpunten duurzaam kunnen oplossen valt op voorhand niet te zeggen. De verkenning van oplossingsrichtingen zal met grote mate van onzekerheid over de te hanteren uitgangspunten rekening moeten houden. Zowel wat betreft de autonome verkeerskundige ontwikkelingen als de financieringsmogelijkheden voor herinrichting van het OV-knooppunt.

1.3 Het is niet zeker of een toekomstvisie voor het OV-knooppunt op voldoende bestuurlijke draagvlak kan rekenen. Met name over de verdeling van de kosten en baten en voor het vinden van de benodigde financiële middelen zullen betrokken partijen het eens moeten worden. Maar terwijl gesprekken daarover worden gevoerd is er al wel meer duidelijkheid over de benodigde ruimte voor mobiliteit, zodat daarmee bij het opstellen van een stedenbouwkundige visie rekening mee kan worden gehouden. 1.4 Het is niet zeker of er voor een stedenbouwkundige impuls voor het Stationsgebied voldoende draagvlak is. Eerdere pogingen met een focus exclusief op woningbouw bleken te stuiten op bezwaren. In het huidige visietraject is gekozen voor een meer integrale benadering in een gefaseerde opzet. Uitgangspunten daarbij zijn, het scheppen van een toekomstbeeld voor de ontwikkeling van het OVknooppunt in samenhang met het verkennen van de mogelijkheden - én de beperkingen, voor woningbouw en verbetering van de ruimtelijke kwaliteit.

4

Vervolg Vervolgstappen Na een positief besluit zullen de beschreven activiteiten worden uitgevoerd, met als doel om in 2026 Q4 de mobiliteitsvisie met afweging van alternatieven, gereed te hebben. In 2027Q1 zal de raad worden gevraagd de deelvisie mobiliteit met voorkeursscenario en de daaruit voortvloeiende ruimtereservering als kader voor het opstellen van de gebiedsvisie vast te stellen. Het kader voor de participatie in het visietraject zal daarbij zo nodig worden aangescherpt. Van 2027Q2 tot en met 2027Q3 wordt een stedenbouwkundige visie voor het gebied opgesteld, waaronder de verkenning van mogelijkheden voor stedelijke verdichting, woningbouw en versterking van de ruimtelijke kwaliteit. 2027Q4 volgt de vaststelling van de gebiedsvisie door de raad. Afhankelijk van de uitkomst van het visietraject volgt in 2028 de fase van planvoorbereiding. Het initiatief daarvoor kan worden genomen vanuit de verschillende partijen met grondposities in het gebied, waaronder de gemeente, provincie, NS, Prorail en private ondernemers. Monitoring of evaluatie In de P&C-cyclus (paragraaf grondbeleid) zal gerapporteerd worden over de voortgang van dit project. Participatie en communicatie Belanghebbenden worden actief betrokken bij het tot stand komen van de gebiedsvisie. Nadere details zijn te lezen in de participatie- en communicatiestrategie voor dit visietraject (bijlage 2).

Bijlagen Bijlage 1: Samenvatting Handelingsperspectief Stationsgebied Rhenen Bijlage 2: Participatie- en communicatiestrategie gebiedsvisie Stationsgebied Bijlage 3: Uitvraag mobiliteitsvisie Stationsgebied Rhenen

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17064904/2