Raadsvoorstel vaststellen Perspectiefnota 2025-2028
Tekst van het document
Bestuurlijk Voorstel raad Datum Behandelaar Zaaknummer Portefeuillehouder Besluitvormend orgaan Publicatie Onderwerp
: : : : : : :
4 juni 2024 Dick Roodbeen 1169616 drs. J.G. Boerkamp Gemeenteraad Rhenen Openbaar Perspectiefnota 2025-2028
Voorstel: De gemeenteraad besluit: 1. kennis te nemen van de perspectiefnota 2025; 2. om in de (meerjaren)begroting 2025-2028 alleen de onontkoombare wettelijke/ onvermijdelijke beleidsvoornemens te verwerken; 3. voor de onder punt 2. genoemde beleidsvoornemens in de (meerjaren)begroting 2025-2028 vanaf 2025 een structureel budget op te nemen van € 135.000; 4. in te stemmen met de (voorlopige) uitgangspunten voor het opstellen van de (meerjaren)begroting 2025-2028. Aanleiding / voorgeschiedenis In de perspectiefnota 2025 informeert het college u over de beleidsvoornemens en over de ontwikkeling van het meerjarig financieel beeld. Ook stelt de raad in de perspectiefnota de uitgangspunten voor de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 vast (pag. 25 van de rapportage). Beleidsvoornemens Het is een beleidsarme perspectiefnota, wat inhoudt dat alleen de wettelijke /onvermijdelijke beleidsvoornemens zijn gepresenteerd. Dat is het gevolg van onze financiële positie. De financiële realiteit heeft ervoor gezorgd dat wij ook binnen deze categorie een keuze hebben gemaakt. In dit bestuurlijk voorstel stellen wij daarom voor om alleen de onontkoombare wettelijke/onvermijdelijke beleidsvoornemens op te nemen in de (meerjaren)begroting 2025-2028.
Wij informeren u wel over de beleidsvoornemens die samenhangen met de uitvoering van het bestuursprogramma en over een aantal lopende/in voorbereiding zijnde projecten. De financiële gevolgen van de onontkoombare wettelijke/onvermijdelijke beleidsvoornemens zijn niet in de gepresenteerde resultaten van de perspectiefnota verwerkt. Ze worden expliciet ter besluitvorming aan uw raad voorgelegd en daarna bij het opstellen van de (meerjaren)begroting meegenomen. Financiële positie De financiële positie van onze gemeente staat voor de jaren 2025 tot en met 2028 onder druk. Deze conclusie is gerechtvaardigd op basis van de gepresenteerde tekorten en de analyse van een aantal financiële kengetallen. De tekorten liggen in de jaren 2025 – 2028 gemiddeld op € 3,7 miljoen. De schuldquote neemt de komende jaren toe van 61% van de baten in 2023 naar 107% in 2028. Een schuld van boven de 130% wordt volgens de landelijke signaalwaarden als meest risicovol aangemerkt. Het effect van de oplopende schuldquote zien we ook terug in een structurele daling van de solvabiliteitsratio. Dit percentage geeft een beeld van de financiële weerbaarheid van de gemeente.
1
In de tabel hierna is de meerjarige ontwikkeling van de resultaten in beeld gebracht (voor de publicatie van de meicirculaire 2024). Het vertrekpunt hierbij is de meerjarenraming 2025 – 2027 die bij de vaststelling van de begroting 2024 is gepresenteerd.
NB. De structurele bijstellingen onder punt F. zijn gebaseerd op een budgetanalyse in april/mei 2024. Nuancering tekorten 2025-2028: Bij de afronding van deze rapportage is de meicirculaire 2024 gepubliceerd. Het extra voordeel over de jaren 2025–2028 bedraagt gemiddeld € 840.000 per jaar. Dit betekent dat de tekorten over die jaren worden teruggebracht, maar de ombuigingstaakstelling blijft onverminderd groot (zie onderstaande tabel). Informatie over de meicirculaire is verderop opgenomen. De hogere inkomsten van de meicirculaire 2024 en de taakmutaties worden meegenomen bij het opstellen van de (meerjaren)begroting 2025 – 2028.
In de tabel hierna is het meerjarig financieel perspectief geactualiseerd. De hogere financiële gevolgen van de meicirculaire 2024 zijn daarin verwerkt evenals de onontkoombare wettelijke/onvermijdelijke beleidsvoornemens.
Nr. 1. 2. 3. 4. 5.
Onderwerpen Resultaten perspectiefnota 2025 Hogere inkomsten meicirculaire 2024 Reserveringen meicirculaire 2024 w.o. taakmutaties Onontkoombare beleidsvoornemens 2025-2028 Woonlasten: 100% kostendekking afval en riolering* Financieel perspectief
2025 3.385 N 998 V
2026 4.188 N 843 V
2027 3.780 N 795 V
2028 3.405 N 732 V
129 N
109 N
115 N
116 N
135 N
135 N
135 N
135 N
P.M. 2.651 N
P.M. 3.589 N
P.M. 3.235
P.M. 2.924
*Dit levert een structurele meeropbrengst op van circa € 190.000. Besluitvorming hierover vindt plaats bij de behandeling van de (meerjaren)begroting 2025 – 2028 en is onderdeel van het pakket aan voorgestelde ombuigingen. Meerjarige tekorten vragen om maatregelen Het oplossen van de tekorten over de jaren 2025 – 2028 vraagt om maatregelen en daarmee om bestuurlijke keuzes. Gelijktijdig met het opstellen van de begroting start daarom een ombuigingsproces. OP de korte termijn ligt de focus daarbij op het presenteren van een sluitende
2
begroting voor 2025. Voor het oplossen van de meerjarige tekorten nemen wij de tijd tot de perspectiefnota 2026. Daarmee kiezen wij voor een ombuigingsproces met besluitvorming halverwege 2025. Bij dit proces willen wij samen optrekken met uw raad en handelen vanuit een duidelijke kaderstelling die u aan ons meegeeft. Ontwikkeling woonlasten In deze nota treft u een eerste beeld aan over de verwachte ontwikkeling van de woonlasten (onderdeel 3.5). De woonlasten worden gevormd door de OZB, afvalstoffenheffing en het rioolrecht. Een aantal aandachtspunten daarbij zijn relevant om te weten: a. Het college kiest ervoor om voor bij de heffingen van afval en riool ook de kosten te betrekken die in het verleden niet zijn toegerekend. De kosten van hondenpoep blijven hierbij buiten beschouwing omdat wij een hondenbelasting hebben. Voor afval komt de kostendekking dan uit op 99% en voor het rioolrecht op 98%. b. De woonlastendemping is verwerkt conform de begroting 2024. Dat wil zeggen voor 2025 € 609.000 en voor 2026 € 265.000. c. In de tarieven is meerjarig zowel de verwachte prijs- en loonontwikkeling verwerkt. d. In de kostenontwikkeling van afval is rekening gehouden met de afvalambitie. Nagekomen informatie uit meicirculaire 2024: In de laatste week van mei is de meicirculaire 2024 gepubliceerd. Dat viel samen met de afronding van de Perspectiefnota 2025.
De resultaten van de meicirculaire 2024 laten bovenop de gevolgen die zijn verwerkt in onze Perspectiefnota 2025 een structureel voordeel zien*. De hogere voordelen bedragen per jaar: - 2025 : € 998.000 V - 2026 : € 843.000 V - 2027 : € 795.000 V - 2028 : € 732.000 V De genoemde voordelen zijn het gevolg van: a. Extra middelen voor nieuwe taken / uitbreiding van bestaande taken. De mutaties hebben over het algemeen corresponderende gevolgen voor inkomsten en uitgaven. Daardoor zijn de gevolgen voor de gemeente vaak budgettair neutraal. b. De ontwikkeling van de landelijke maatstaven versus de lokale ontwikkeling. Als de eenheden van de maatstaven op macro niveau dalen (bijvoorbeeld aantal inwoners of woonruimten) dan blijft er geld achter in het gemeentefonds. Het achterblijvende bedrag wordt over de gemeenten verdeeld via de zgn uitkeringsfactor. Hiervan profiteren wij aanzienlijk bij de meicirculaire. c. Bijstellingen van technische maatstaven zoals lokale centrumfunctie, regionale centrumfunctie e.d. Tot slot is de hoogte van de niet gedeclareerde BTW 2023 uit het BTW compensatiefonds meegenomen als voordeel in de prognose 2025 - 2028 van het gemeentefonds. Kaders a. Financiële verordening ex artikel 212 Gemeentewet b.
Overig vastgesteld beleid Beoogd effect Informeren over de wettelijke / onvermijdelijke beleidsvoornemens in de periode 2025 – 2028 Daarnaast inzicht geven in het verwachte financieel beeld over de jaren 2025 - 2028. Argumenten 1.1. Hiermee voldoet het college aan de afspraken die zijn vastgelegd in artikel 4 van de financiële verordening (FV) en geeft invulling aan de actieve informatieplicht. In artikel 4 van de FV staat dat het college voor het zomerreces een nota aanbiedt met een voorstel over de beleidsvoornemens en de financiële kaders voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. Het voorgestelde ombuigingsproces richt zich bij het opstellen van de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 – 2028 primair op het realiseren van een structureel en reëel sluitende
3
begroting 2025. Voor het structureel op orde brengen van de financiële positie vindt de afweging en besluitvorming plaats bij de perspectiefnota 2026. 2.1. De financiële positie van de gemeente staat meerjarig fors onder druk waardoor het college alleen de onontkoombare beleidsvoornemens in de begroting wil opnemen. 3.1. De raad heeft het budgetrecht(artikel 189 GW) waardoor de raad een besluit dient te nemen over het beschikbaar stellen van een budget. 3.2. Het gevraagde budget is voor de beleidsvoornemens van bedrijfsvoering gebaseerd op de minimale hoogte. 4.1 Op basis van artikel 4 lid 2 van de financiële verordening reikt het college bij de perspectiefnota de kaders aan voor het opstellen van de (meerjaren)begroting 2025 – 2028. Met de uitgangspunten die de raad vaststelt heeft het college een kader voor het opstellen van de (meerjaren)begroting 2025-2028. 5.1 De hogere inkomsten uit de meicirculaire 2024 zijn niet verwerkt in de gepresenteerde resultaten van de perspectiefnota 2025. De hogere inkomsten uit de meicirculaire 2024 bedragen voor de periode 2025 – 2028 gemiddeld € 840.000 per jaar. Dit voordeel verlaagt de structurele tekorten die zijn gepresenteerd in de perspectiefnota. Risico’s en nadelen 1.1.Als het niet lukt om een structureel en reëel sluitende begroting voor 2025 te realiseren dan kan het consequenties hebben voor het toezicht door de provincie.
Om in aanmerking te komen voor het gewenste repressief toezicht van de provincie dient de begroting in ieder geval reëel en structureel sluitend te zijn. De provincie toetst dit uitgangspunt op basis van het 1e jaar. Vertoont dat jaar een tekort dan wordt het laatste jaar hierop beoordeeld. Als de nieuwe (meerjaren)begroting het 1e jaar weer een tekort vertoont, dan dienen de laatste 2 jaar reëel en structureel sluitend te zijn. Voor meer informatie hierover verwijzen wij u naar de nota zelf. Financiële toelichting De financiële bijstellingen worden als wijziging van de (meerjaren)begroting 2024 – 2027 verwerkt. Daarnaast wordt het jaar 2028 nieuw aan de meerjarenraming toegevoegd. De bijgestelde budgetten vormen de basis voor het opstellen van de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028. Personele gevolgen Niet van toepassing Duurzaamheid Niet van toepassing Participatie Niet van toepassing Communicatie Niet van toepassing
4
Vervolgprocedure Na behandeling van de Perspectiefnota 2025 in het college gaan de stukken naar de raadsleden en fractievolgers. De verdere behandeling vindt als volgt plaats: 11 juni : Technische behandeling vervalt als gevolg van recente besluitvorming. 01 juli : Commissie Bestuur en Financiën 09 juli : Raadsvergadering Bijlagen: Bijlage 1: Perspectiefnota 2025 - 2028 Bijlage 2: Raadsbesluit
5