Raadsvoorstel Perspectiefnota 2023
Tekst van het document
Bestuurlijk Voorstel raad Datum Behandelaar Zaaknummer Portefeuillehouder Besluitvormend orgaan Publicatie Onderwerp
: : : : : : :
16 juni 2022 Dick Roodbeen 997562 drs. J.G. Boerkamp Gemeenteraad Rhenen Openbaar Perspectiefnota 2023
Voorstel: De gemeenteraad besluit: 1. Kennis te nemen van de perspectiefnota 2023 2. De afweging van de wettelijke/onvermijdelijke beleidsvoornemens en de geschetste ontwikkelingen in de programma’s te betrekken bij het opstellen van de begroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026; 3. In te stemmen met de (voorlopige) uitgangspunten voor het opstellen van de (meerjaren)begroting 2023-2026; 4. De meerjarenbegroting 2023-2025 uit de begroting 2022 te wijzigen met de financiële mutaties uit de perspectiefnota en de budgetten 2026 aan de meerjarenraming toe te voegen. Aanleiding / voorgeschiedenis In de perspectiefnota 2023 informeert het college u over de beleidsvoornemens en over het meerjarig financieel beeld. Ook stelt de raad in de perspectiefnota de uitgangspunten voor de begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026 vast. Zie hiervoor ook de toelichting bij argument 3.1. Tenslotte informeert deze perspectiefnota u over een eerste beeld bij de verwachte ontwikkeling van de woonlasten. Hierbij zijn de nodige voorbehouden van toepassing. Een toelichting is opgenomen vanaf pagina 64. Beleidsvoornemens en overige ontwikkelingen Het is een beleidsarme perspectiefnota, wat inhoudt dat alleen de wettelijke /onvermijdelijke beleidsvoornemens zijn gepresenteerd.
In voorgaande jaren was u gewend om van het college ook een voorstel te krijgen over de afweging van andere beleidsvoornemens. Dit waren vooral voornemens die samenhingen met de uitvoering van het collegeprogramma. Omdat we in een bestuurlijke overgangsfase zitten, zijn deze beleidsvoornemens niet meegenomen. Op basis van het nieuwe coalitieakkoord en het bestuursprogramma zal het nieuwe college hiervoor bij de begroting 2023 met een voorstel komen. Hierbij zullen de overige (onvermijdelijke) ontwikkelingen die zijn geschetst in de programma’s ook worden meegenomen. Op basis van de voorlopige resultaten 2023 – 2026 lijkt naast het jaarlijks budget van € 50.000, alleen incidentele financiële ruimte beschikbaar te zijn.
Financieel perspectief In financieel perspectief is met uitzondering van het jaar 2026 sprake van voordelige begrotingsresultaten. In onderstaande tabel treft u het verloop van de resultaten 2023 – 2026 aan, waarbij het startpunt wordt gevormd door de meerjarenraming 2023-2025 uit de vastgestelde begroting 2022.
1
* In deze bedragen zijn de wettelijke/onvermijdelijke beleidsvoornemens en de overige ontwikkelingen uit de programma’s met mogelijke financiële gevolgen niet meegenomen. De uitkomsten van de meicirculaire 2022 zijn wel in de cijfers verwerkt.
Toezicht provincie Om in aanmerking te komen voor het gewenste repressief toezicht van de provincie dient de begroting in ieder geval reëel en structureel sluitend te zijn. De provincie toetst dit uitgangspunt op basis van het 1e jaar. Vertoont dat jaar een tekort dan wordt het laatste jaar hierop beoordeeld. Als de nieuwe (meerjaren)begroting het 1e jaar weer een tekort vertoont, dan dienen de laatste 2 jaar reëel en structureel sluitend te zijn. Uit onderstaande tabel blijkt dat, met uitzondering van 2026, sprake is van voordelige structurele resultaten. Op basis daarvan lijkt de verwachting gerechtvaardigd dat we in aanmerking komen voor het gewenste repressief toezicht.
Ontwikkeling woonlasten In de nota gaan we in op de ontwikkeling van de woonlasten voor de periode 2023-2026. Het gepresenteerde beeld is voor de lonen en prijzen gebaseerd op de bestaande uitgangspunten. Bij afval is aangesloten bij de huidige hoeveelheden en bij de nu bekende hoogte van de verwerkingskosten. Bij riolering zijn de lasten gebaseerd op het bestaande vGRP+. Om een zo goed mogelijk beeld te geven van de verwachte meerjarige ontwikkeling van de woonlasten zijn een aantal acties nodig: a. Voor het realiseren van de ambities uit het afval- en grondstoffenbeleid dienen de huidige maatregelen tegen het licht te worden gehouden. Doen we de goede dingen om onze ambities te kunnen waarmaken. Hoe gaan we onze ambitie spreiden in de tijd. b. Dat de financiële gevolgen van het nieuwe Waterrioolplan (WRP) worden meegenomen. Het WRP wordt naar verwachting eind van dit jaar vastgesteld. c. Dat er een zo goed mogelijk beeld is van de verwerkingskosten afval. Dit geldt ook voor de opbrengsten uit de gescheiden afvalstromen. Tenslotte willen we nadrukkelijk het nieuwe coalitieakkoord en het nieuwe bestuursprogramma erbij betrekken. Gelet op het voorgaande is daarom in de nota een indicatief beeld geschetst van de verwachte ontwikkeling van de woonlasten. Verder is inhoudelijk kort ingegaan op het afval- en grondstoffenbeleid en het waterrioolplan. Kaders a.
Financiële verordening ex artikel 212 Gemeentewet b. Overig vastgesteld beleid 2
Beoogd effect Informeren over de wettelijke / onvermijdelijke beleidsvoornemens in de periode 2023 – 2026 en over de geschetste ontwikkelingen die in de toekomst mogelijk een extra beslag gaan leggen op de financiën. Daarnaast inzicht geven in het verwachte financieel beeld over de jaren 2023-2026. Argumenten 1.1.Hiermee informeert het college de raad over de wettelijke / onvermijdelijke beleidsvoornemens en het beslag daarvan op de financiën. Aanvullend op de beleidsvoornemens zijn in de programma’s ontwikkelingen geschetst die mogelijk een extra claim gaan leggen op de financiën. 2.1. Door de bestuurlijke overgangsfase verschuift het moment waarop de bestuurlijke afweging van de beleidsvoornemens en geschetste ontwikkelingen plaatsvindt van de perspectiefnota naar de begroting. In die afweging vormen de ambities uit het nieuwe coalitieakkoord en het bestuursprogramma het uitgangspunt. 3.1 Op basis van artikel 4 lid 1 en 2 van de financiële beheersverordening (verordening 212) reikt het college bij de perspectiefnota de kaders aan voor het opstellen van de (meerjaren)begroting 2023 – 2026. Met de uitgangspunten die de raad vaststelt (vanaf pagina 40) heeft het college een kader voor het opstellen van de (meerjaren)begroting 2023-2026.
Omdat de economische ontwikkelingen onzeker zijn, zal het college de uitgangspunten bij het opstellen van de begroting opnieuw tegen het licht houden. Over de aanpassingen in de uitgangspunten wordt de raad geïnformeerd in de begroting 2023. 4.1 Het wijzigingen van de begroting en de meerjarenraming is op grond van de artikel 189 gemeentewet een bevoegdheid van de raad. Risico’s Niet van toepassing Financiële gevolgen De financiële bijstellingen worden als wijziging van de meerjarenraming uit de begroting 2022 verwerkt. De bijgestelde budgetten vormen de basis voor het opstellen van de begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026. Personele gevolgen Niet van toepassing Duurzaamheid Niet van toepassing Participatie Niet van toepassing Communicatie Niet van toepassing Vervolgprocedure Na behandeling van de Perspectiefnota 2023 in het college worden de stukken doorgestuurd naar de raadsleden en fractievolgers. De verdere behandeling ervan vindt als volgt plaats: 27 juni : Technische behandeling 3
30 juni : Commissie Bestuur en Financiën 05 juli : Raadsvergadering Bijlagen: Bijlage 1: Perspectiefnota 2023 Bijlage 2: Raadsbesluit
4