CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

De vijf bouwstenen inclusief oplegger

Raadsvergadering 18 mei 2026, gemeente RhenenBij agendapunt: Toelichting en bespreking uitkomsten van informatiefase deel I7.950 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Geachte gemeenteraad, De gemeenteraad heeft op 23 april 2026 het verkenningsverslag besproken en unaniem besloten het eerste deel van het advies van de verkenners uit te gaan voeren. Dit betekende dat alle fracties met elkaar in gesprek zouden gaan over vijf thema’s. Er kwamen in de verkennende gesprekken namelijk vijf centrale thema’s naar voren: Woningbouw, Sociaal Domein, Spreidingswet, Financiën en Bestuurscultuur. Deze thema’s weerspiegelen actuele maatschappelijke en bestuurlijke vraagstukken die om samenhangende keuzes en gerichte actie vragen. Doel van de besprekingen was om met alle fracties tot de bouwstenen voor een strategische raadsagenda te komen. De Lokale Volkspartij heeft vlak voor de start van de gesprekken aangegeven toch niet deel te willen nemen aan dit traject. Desondanks hebben de overige fracties besloten door te gaan met de gesprekken. De afgelopen weken hebben dan ook vijf bijeenkomsten plaatsgevonden: één bijeenkomst per thema. In de gesprekken is gezocht naar gedeelde ambities en prioriteiten. Maar ook is in beeld gebracht op welke elementen nog spanning bestaat tussen de deelnemende fracties. De uitkomst van deze gesprekken is een breed gedragen basis (bouwstenen) voor een strategische agenda van de raad. Vertegenwoordigers van de fracties hebben zelf de bouwstenen geschreven.

De bouwstenen zijn waar mogelijk SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden) geformuleerd. Dit maakt het mogelijk deze uitgangspunten later gericht te vertalen naar planning- en controldocumenten van de gemeente en de voortgang systematisch te monitoren. De bouwstenen zijn nog niet afgestemd met de organisatie. Bij de verdere uitwerking zal een uitvoeringstoets gedaan moeten worden: zijn de resultaten en tijdspaden haalbaar en realistisch? Als de bouwstenen in dit document door (een meerderheid van) de raad worden omarmd, zal een toekomstig college gezocht worden dat een uitvoeringsprogramma opstelt op basis van deze bouwstenen. Daarin dienen de geformuleerde ambities verder te worden uitgewerkt met concrete maatregelen, een planning en de benodigde middelen en personele capaciteit. Vervolgens moet een en ander in de planning- en controldocumenten verwerkt worden. De strategische raadsagenda met het daarop gebaseerde uitvoeringsprogramma moeten samen uiteindelijk de basis vormen voor een transparante en samenhangende sturing op de gemeentelijke opgaven in de komende jaren. De volgende stap in de informatiefase: onderzoeken coalitievorming Nu fase I van de informatiefase is afgerond, is het tijd voor fase II.

De verkenners hebben in hun eerdere verkenningsverslag geadviseerd om in fase II van de informatiefase de mogelijkheden voor de samenstelling van een college te onderzoeken. Tijdens de gesprekken tussen de zeven fracties in de afgelopen weken is veel met elkaar gedeeld. Er zijn overeenkomsten gevonden maar ook is duidelijk geworden waar nog spanning zit tussen de fracties. Wat besproken is, geeft in ieder geval een goede basis voor het verder onderzoeken van collegevorming. Alle fracties, inclusief De Lokale Volkspartij, zijn gevraagd om aan de informateurs vertrouwelijk namen van wethouderskandidaten door te geven. Met alle verzamelde kennis kunnen de informateurs nu samen met de fracties gaan onderzoeken welk college het meest kansrijk is. Tot slot Wij hechten er als informateurs aan onze waardering uit te spreken voor de constructieve wijze waarop de fracties met elkaar het gesprek over de vijf thema’s zijn aangegaan. Met deze bouwstenen is tegelijkertijd een stevig fundament gelegd voor een goede samenwerking tussen raad, college en ambtelijk apparaat in de komende raadsperiode. Wij danken de fracties ook voor het in ons gestelde vertrouwen. Met vriendelijke groet,

Roelof Bisschop

Frits Naafs 1

Bijlage De Vijf Bouwstenen Hieronder volgt een SMART-uitwerking van de vijf bouwstenen: -

De raad in positie (bestuurscultuur); Financiën; Spreidingswet; Sociaal Domein; Woningbouw.

Deze bouwstenen zullen nader uitgewerkt worden in een strategische raadsagenda door het nieuw te vormen college in samenwerking met de raad en de organisatie.

De Raad in Positie Verandering bestuurscultuur Cultuur en rolvastheid – aanbevelingen Quick Scans en Jasper Loots Alle fracties geven zijn het erover eens dat de bestuurscultuur moet veranderen opdat de reen proactieve, sterke en leidende rol kan krijgen en kan uitgroeien tot het hoogste bestuursorgaan van Rhenen. Het veranderen van een (bestuurs)cultuur is geen kwestie van processen en procedures maar een kwestie van gedrag. Daarbij gaat het onder meer om:

• • • • •

duidelijkere rolopvattingen; verbetering van vergadercultuur; kwaliteitsverbetering processen; versterking van onderling vertrouwen; professionelere samenwerking tussen raad en college.

Cultuur en rolvastheid Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

De raad, het college en de ambtelijke organisatie ontwikkelen gezamenlijk een professionele bestuurscultuur waarin meer aandacht is voor het proactief stellen van de beleidskaders en minder sturing achteraf op technische details. Er wordt gebouwd aan een cultuur die is gebaseerd op rolvastheid, voorspelbaarheid, transparantie en vertrouwen. De aanbevelingen uit de QuickScans en begeleiding van Jasper Loots worden vertaald naar concrete werkafspraken. • Vaststellen gezamenlijk gedrags- en samenwerkingskader. • Jaarlijkse evaluatie bestuurscultuur. • Minimaal 1 gezamenlijke reflectiebijeenkomsten per jaar. • Daling van procedurele escalaties/conflicten in vergaderingen. • Evaluatie door griffie en presidium op samenwerking. Alle fracties, college en directie onderschrijven gezamenlijk de uitgangspunten en spreken elkaar aan op naleving.

Realistisch

Gebruik maken van bestaande aanbevelingen, begeleiding griffie en bestaande overlegstructuren.

Tijdgebonden

Q3 2026: gezamenlijk bestuurskader vastgesteld. Vanaf Q4 2026: jaarlijkse evaluatie. Jaarlijks rapporteren aan raad.

2

Bestuursverantwoordelijkheid De raad is eindverantwoordelijk voor het stellen van kaders en het controleren van het college in het belang van de gehele gemeenschap. Daarbij hoort het maken van afgewogen keuzes op basis van feiten, lange termijnvisie en algemeen belang. De raad luistert naar betrokkenen, inwoners en insprekers, maar mag niet incidentgedreven besluiten nemen. Bestuurlijke stabiliteit vraagt om consistentie en voorspelbaarheid. De raad moet zichtbaar afwegingen maken en daar transparant verantwoording over afleggen.

Bestuursverantwoordelijkheid Specifiek Meetbaar

Acceptabel

De raad stuurt op consistentie, voorspelbaarheid en afgewogen besluitvorming, waarbij inspraak wordt meegenomen, maar niet leidend is boven het algemeen belang. • •

Tijdige betrokkenheid raad Voorbeeld KPI’s : % besluiten conform beleidskaders % besluiten op tijd genomen (raadsagenda) Aantal besluiten aangepast na incident/inspraakdruk Mate van participatieverwerking (aantoonbaar) Raadsconsistentie (afwijkingen t.o.v. eerder beleid) Alle fracties onderschrijven gezamenlijk de uitgangspunten van bestuurlijke verantwoordelijkheid en spreken elkaar aan op naleving.

Realistisch

Gebruik maken van bestaande aanbevelingen, begeleiding griffie en bestaande overlegstructuren.

Tijdgebonden

Q3 2026: gezamenlijk bestuurskader vastgesteld. Vanaf Q4 2026: jaarlijkse evaluatie. Jaarlijks rapporteren aan raad.

Lange termijn strategische agenda Raad De raad spreekt de wens uit om te werken met een meerjarige strategische raadsagenda waarin op resultaten en minder op intenties wordt gestuurd. Hiermee kan meer focus worden aangebracht in prioriteiten en kan de raad proactief sturen op belangrijke maatschappelijke en bestuurlijke opgaven. Een lange termijnagenda helpt:

• • • • •

prioriteiten van de raad zichtbaar te maken; samenhang tussen dossiers te bewaken; tijdig kaderstellende momenten te organiseren; de werkdruk beter te spreiden; meer grip te krijgen op planning en besluitvorming.

Lange termijnagenda Raad

Acceptabel

De raad ontwikkelt een meerjarige strategische raadsagenda met bestuurlijke prioriteiten, gespreid over de tijd. • Vastgestelde agenda met prioriteiten. • Definieer KPI’s, bijvoorbeel op: proces (voortgang); realisatie beleidsdoelen; (pro) activiteit raad; creatie draagvlak; • Jaarlijkse actualisatie. • Koppeling met begrotingscyclus. Alle fracties leveren input via presidium en agendacommissie.

Realistisch

Aansluiten bij bestaande P&C-cyclus en coalitie-/raadsprioriteiten.

Specifiek Meetbaar

3

Tijdgebonden

Eind 2026: eerste meerjarige raadsagenda vastgesteld.

Herijken, Kaderstellen en Borgen De nieuwe raad hoeft niet volledig opnieuw te beginnen met beleid, begrotingen en bestuurlijke afspraken. Veel kaders en plannen bieden een bruikbare basis. Om de raad in de nieuw beoogde rol te positioneren worden bestaande beleidskaders herijkt. Om de raad bij complexe of zwaarwegende dossiers beter in positie te brengen, spreken partijen uit dat het belangrijk is dat de raad vooraf kaders en richtlijnen vaststelt, voordat college en organisatie aan de slag gaan met verdere uitwerking en uitvoering. Deze borging aan de voorkant kan middels een zogenenaamde Startnotitie welke aan raad wordt voorgelegd. Het college past herijking van de kaders toe of verklaart waarom niet. De nadruk ligt dus op de kwaliteitsverbetering van bestaande bestuurlijke praktijk.

Herijken, Kaderstellen en Borgen Specifiek Meetbaar

Acceptabel

Realistisch Tijdgebonden

Bij complexe dossiers werkt de raad met startnotities waarin kaders vooraf worden vastgesteld. Hiermee wordt niet alleen de informatiepositie van de raad versterkt, maar ook de kaderstellende en controlerende rol van de raad gedurende het gehele proces. • Startnotitie verplicht bij alle grote dossiers (oa. doelstellingen, gewenste maatschappelijke effecten, beleidsmatige en financiële randvoorwaarden) • Planning en momenten van terugkoppeling; • Criteria waarop voortgang en resultaten kunnen worden beoordeeld. • Elk voorstel bevat SMART-doelen en mijlpalen. • Periodieke voortgangsrapportage per kwartaal. College committeert zich aan principe “pas toe of leg uit”. Dit betekent dat het college bij de uitvoering inzichtelijk maakt hoe de vastgestelde kaders worden toegepast, en eventuele afwijkingen expliciet motiveert richting de raad. Hierdoor ontstaat meer transparantie over bestuurlijke afwegingen en kan het politieke debat beter plaatsvinden op inhoud en kaderstelling. Kan worden ingebed in bestaande besluitvormingsprocessen. Q4 2026: standaardformat startnotitie vastgesteld. Vanaf 2027 structureel toegepast.

Rolvastheid van de Raad De raad wil sterker sturen op rolvastheid binnen het lokale bestuur. Dit betekent dat de raad zich nadrukkelijk richt op kaderstelling, prioriteiten en controle, en minder op technische of uitvoerende details. Belangrijke aandachtspunten daarbij zijn:

• • •

vasthouden aan eerder vastgestelde kaders;

•

ruimte houden voor politiek debat over richting en keuzes.

focus op hoofdlijnen en maatschappelijke effecten; technische vragen zoveel mogelijk schriftelijk of buiten commissievergaderingen afhandelen;

Rolvastheid draagt bij aan duidelijkere verantwoordelijkheden en een effectiever samenspel tussen raad, college en organisatie.

Rolvastheid van de Raad Specifiek Meetbaar

De raad focust op kaderstelling, controle en maatschappelijke effecten. • • •

Technische vragen grotendeels schriftelijk afgehandeld. Minder detaildiscussies in commissies. Jaarlijkse evaluatie vergaderkwaliteit.

4

Acceptabel

Alle fracties onderschrijven uitgangspunten.

Realistisch

Ondersteund door griffie en voorzitters.

Tijdgebonden

Vanaf september 2026 nieuwe werkwijze actief.

Proces Kwaliteit BOB-model: betere toepassing en inbedding De raad ziet het BOB-model als een bruikbaar instrument om onderscheid te maken tussen beeldvorming, oordeelsvorming en besluitvorming. Er bestaat de behoefte om dit model consequenter toe te passen en beter in te bedden in de bestaande commissiestructuur. Met name bij complexe of politiek zwaarwegende dossiers kan het BOB-model bijdragen aan:

• • • •

betere voorbereiding van besluitvorming door raad; duidelijkere rolverdeling tussen raad en college; meer ruimte voor inwonersparticipatie tijdens beeldvorming; meer focus en kwaliteit tijdens politieke oordeelsvorming en besluitvorming.

BOB-model beter toepassen Specifiek Meetbaar

Acceptabel

Het BOB-model wordt structureel toegepast bij complexe en politiek relevante dossiers. • •

100% van grote dossiers bevat expliciete BOB-fasering. Aan het begin van een traject worden afspraken gemaakt over de haalbare planning, doorlooptijden en mijlpalen waar langs het proces gemonitord kan worden. • Jaarlijkse evaluatie toepassing BOB-model. Raad, presidium, griffie en college stemmen procesafspraken gezamenlijk af.

Realistisch

Bestaande commissiestructuur blijft behouden; procesverbetering vindt plaats binnen huidige organisatie.

Tijdgebonden

September 2026: nieuwe werkwijze vastgesteld. Januari 2027: volledige toepassing.

Werkbijeenkomsten voor grote dossiers Complexe of gevoelige dossiers worden nadrukkelijk op de strategische agenda gezet met prioriteit en voorgenomen planning volgens het BOB model. Er kan gewerkt worden met raadswerkgroepen of informele bijeenkomsten in een veilige setting. Dit biedt ruimte voor verdieping, gezamenlijke informatieopbouw en open gesprek zonder directe politieke druk in de beeldvormingsfase Dergelijke bijeenkomsten kunnen bijdragen aan:

• • • •

betere gezamenlijke beeldvorming; vroegtijdige signalering van knelpunten; versterking van inhoudelijke kennispositie van de raad; meer rust en zorgvuldigheid in besluitvorming.

Werkbijeenkomsten grote dossiers Specifiek Meetbaar Acceptabel

Instellen van informele raadswerkgroepen voor complexe dossiers. • •

Minimaal 2 werkgroepen per jaar. Evaluatie effectiviteit na afronding dossier.

Formele besluitvorming blijft openbaar en vindt openbaar plaats binnen de reguliere democratische structuren.

5

Realistisch

Kan binnen huidige vergaderstructuur.

Tijdgebonden

Vanaf Q3 2026 inzetbaar.

Verbetering van informatiepositie raad op grote dossiers Voor grote en complexe dossiers is regelmatig contact tussen raad en ambtelijke organisatie van belang om de informatiepositie van de raad te versterken. Informeel consulterende gesprekken met betrokken ambtenaren zijn hierbij cruciaal. De raad moet hierin zelf ook proactief werken waarbij de duidelijke rolverdeling helder blijft en bestuurlijke verantwoordelijkheid loopt via het college.

Verbetering informatiepositie Raad Specifiek

Meetbaar

De raad ontvangt structureel inzicht in voortgang, risico’s en uitvoerbaarheid van grote dossiers. Doel hiervan is niet om op operationeel niveau te sturen, maar om tijdig inzicht te krijgen in ontwikkelingen die van invloed zijn op de kaderstellende of controlerende rol van de raad. Dit draagt bij aan voorspelbaarheid, vertrouwen en een beter samenspel tussen raad, college en organisatie. • Kwartaalrapportages grote dossiers. • Overzicht risico’s en planning per dossier. • Jaarlijkse evaluatie informatievoorziening.

Acceptabel

Informatie loopt via college met respect voor bestuurlijke verantwoordelijkheden.

Realistisch

Gebruik bestaande rapportagestructuren.

Tijdgebonden

Vanaf Q1 2027 structurele rapportages.

Continuïteit informatievoorziening:

De raad moet structureel en tijdig worden geïnformeerd over de voortgang van dossiers om zijn kaderstellende en controlerende rol goed te kunnen vervullen. Dit vraagt om vaste rapportagemomenten en eenduidige voortgangsinformatie per dossier. Essentieel is de borging van dossierhistorie, zodat besluiten, wijzigingen en afwegingen altijd herleidbaar zijn. Dit voorkomt kennisverlies en ondersteunt consistente besluitvorming. Transparantie en volledigheid in informatievoorziening versterken het vertrouwen tussen raad, college en organisatie.

Continuïteit informatievoorziening Specifiek Meetbaar

Specifiek: Elk strategisch dossier heeft een vaste voortgangsrapportage met status, mijlpalen en besluitgeschiedenis • Meetbaar: ≥ 90% van dossiers heeft per kwartaal een actuele rapportage incl. historielog

Acceptabel

Acceptabel: Rapportages voldoen aan vastgesteld format en informatiebehoefte van de raad

Realistisch

Realistisch: Ondersteund door digitaal dossier/raadinformatiesysteem

Tijdgebonden

Tijdgebonden: Actualisatie minimaal eens per kwartaal + update bij elke BOB-fase

Consistentie van beleid en toetsing aan kaders De raad spreekt uit dat consistentie van beleid essentieel is voor bestuurlijke betrouwbaarheid en voorspelbaarheid richting inwoners, organisaties en medeoverheden. Beleidsvoorstellen en uitvoeringsbesluiten dienen daarom aantoonbaar getoetst te worden aan eerder vastgestelde kaders, beleidsdoelen en strategische uitgangspunten van de raad.

6

Deze toetsing wordt structureel onderdeel van BOB-proces door bijvoorbeeld KPI’s op proces, voortgang en resultaten te definiëren. Hierdoor ontstaat er expliciete monitoring en op de lange termijn meer continuïteit tussen bestuursperiodes en wordt voorkomen dat beleid versnipperd of inconsistent raakt. Dit versterkt ook de kaderstellende en controlerende rol van de raad.

Consistentie van beleid en toetsing aan kaders Specifiek

Meetbaar

Collegevoorstellen bevatten standaard een beleids- en kadertoets. Dit vraagt om een werkwijze waarbij bij collegevoorstellen expliciet wordt aangegeven: • aan welke bestaande kaders en beleidsstukken het voorstel is getoetst; • op welke punten wordt aangesloten bij eerder vastgesteld beleid (historische context); • waar eventueel sprake is van afwijkingen of nieuwe keuzes; • welke consequenties dit heeft voor uitvoering, financiën en bestuurlijke prioriteiten. • 100% van voorstellen bevat toetsingsparagraaf. • Inzicht in afwijkingen en consequenties.

Acceptabel

Onderdeel van reguliere besluitvorming.

Realistisch

Opnemen in standaardformat collegevoorstellen.

Tijdgebonden

Januari 2027 ingevoerd.

Bestuurlijke Driehoek Samenspel Raad, College en Organisatie Een betere bestuurscultuur vraagt om een sterker samenspel tussen raad, college en ambtelijke organisatie. Daarbij heeft iedere partij een eigen rol en verantwoordelijkheid, maar is tegelijkertijd onderling vertrouwen en duidelijke communicatie noodzakelijk. Belangrijke uitgangspunten daarbij zijn:

• • • • •

respect voor ieders rol en positie; tijdige en volledige informatievoorziening; duidelijkheid over verwachtingen; focus op gezamenlijk bestuurlijk belang; ruimte voor open gesprek over dilemma’s en risico’s.

Samenspel Raad, College en Organisatie Specifiek

Meetbaar

Verbeteren van samenwerking, communicatie en informatievoorziening tussen bestuursonderdelen. Het verbeteren van het samenspel vraagt niet alleen om procesafspraken, maar ook om houding en gedrag. Bestuurlijke samenwerking is gebaat bij voorspelbaarheid, transparantie en wederzijds begrip. • Halfjaarlijkse bestuurlijke evaluatie. • Vastgelegde afspraken informatievoorziening. • Minder ad-hoc escalaties.

Acceptabel

Iedere partij behoudt eigen rol en verantwoordelijkheden.

Realistisch

Aansluiten bij bestaande overleggen en evaluatiemomenten.

Tijdgebonden

September 2026: afsprakenkader gereed. Vanaf 2027 structurele evaluaties.

Transparantie over risico’s bij collegevoorstellen

7

De raad vindt het van belang dat collegevoorstellen transparant zijn over risico’s, onzekerheden en bestuurlijke dilemma’s. Hierdoor kan de raad beter afgewogen besluiten nemen en invulling geven aan zijn controlerende rol. Zie ook kaderstelling door raad en borging aan voorkant. Een open bestuurlijke cultuur vraagt dat risico’s niet uitsluitend achteraf zichtbaar worden, maar vooraf onderdeel zijn van het gesprek tussen raad en college.

Transparantie over risico’s Specifiek Meetbaar

Collegevoorstellen bevatten expliciete risicoanalyse inclusief mitigatie voorstellen. • •

Standaard risicoparagraaf in alle majeure voorstellen. Scenarioanalyse bij grote dossiers.

Acceptabel

College en raad erkennen belang open risicobespreking.

Realistisch

Aansluiting op bestaande P&C-systematiek.

Tijdgebonden

Oktober 2026 format gereed. Januari 2027 verplicht toegepast.

Relatie met mede-overheden Relatie met mede-overheden verbeteren Alle partijen onderschrijven het belang van een sterke en constructieve relatie met medeoverheden, waaronder provincie, regio, waterschappen en buurgemeenten. De gemeente Rhenen opereert steeds vaker in regionale samenwerkingsverbanden en is voor belangrijke opgaven afhankelijk van samenwerking met andere overheden. Een betere relatie begint met een duidelijke bestuurlijke houding vanuit Rhenen zelf. Van belang is dat de raad meer zicht krijgt op regionale samenwerkingstrajecten en de strategische keuzes die daarin worden gemaakt. Daarbij hoort ook aandacht voor de risico’s wanneer relaties onder druk staan of samenwerking onvoldoende effectief verloopt.

Relatie met medeoverheden verbeteren

Acceptabel

Versterken samenwerking met provincie, regio, waterschappen en buurgemeenten. Daarbij horen: • het expliciet uitspreken van de intentie tot samenwerking; • investeren in wederkerigheid en langdurige relaties; • bereidheid om niet uitsluitend vanuit het eigen belang te handelen; • openheid over belangen, verwachtingen en beperkingen. • Breng alle mede-overheden en andere externe stakeholders in kaart: met daarin opgenomen: Kwaliteit van de relatie Relevantie naar de dossiers en/of (beleid)thema’s Risico’s en afhankelijkheden als relatie onvoldoende blijkt, mitigatie • Toetsing in periodieke terugkoppeling aan raad. • Jaarlijkse evaluatie regionale samenwerking. Breed gedragen belang binnen raad en college.

Realistisch

Aansluiten bij bestaande regionale overleggen.

Tijdgebonden

Eind 2026 regionale samenwerkingsagenda gereed.

Specifiek

Meetbaar

Zelfbewuste houding van Rhenen 8

Om effectief samen te werken met medeoverheden is een duidelijke en zelfbewuste positionering van Rhenen noodzakelijk. De raad ziet hierbij een belangrijke rol voor het ontwikkelen van een gezamenlijke bestuurlijke lijn, zodat raad, college en organisatie zoveel mogelijk vanuit dezelfde uitgangspunten opereren richting externe partners.

Zelfbewuste houding van Rhenen Specifiek

Meetbaar

Ontwikkelen van een gezamenlijke bestuurlijke koers en positionering van Rhenen binnen regionale samenwerking. De gemeente moet helder hebben waar zij voor staat, welke identiteit zij wil uitdragen en welke belangen prioriteit hebben. Met andere woorden, wat zijn de regionale opgaven en hoe kan dit werken/passen voor Rhenen? (wederkerigheid). • Vastgestelde bestuurlijke position paper. • Heldere prioriteiten en regionale uitgangspunten.

Acceptabel

Raad, college en organisatie participeren gezamenlijk.

Realistisch

Aansluiten op lange termijnagenda en regionale dossiers.

Tijdgebonden

Medio 2027 position paper vastgesteld. Overkoepelende uitvoeringsagenda 2026–2030

9

Financiën Inleiding De gemeenteraad van Rhenen heeft als uitgangspunt een solide financieel beleid te voeren. Dit betekent sturen op uitvoering, tijdige financiële informatie ontvangen en een structureel sluitende begroting realiseren. De onderstaande strategische agenda financiën concretiseert die ambitie in zes SMART-doelstellingen die de komende raadsperiode richting geven aan het financieel beleid van de gemeente.

Verbetering Planning en Controlcylus De gemeenteraad wil niet alleen tijdig financiële informatie ontvangen, maar ook kunnen sturen op de inhoudelijke voortgang van beleidsprogramma’s uit de begroting. (Denk aan: hoeveel woningen zijn er gebouwd, hoeveel kilometers fietspaden zijn aangelegd, hoeveel inwoners hebben gebruik gemaakt van schuldhulpverlening). De P&C cyclus wordt zo ingericht dat financiële en beleidsmatige voortgang per programma integraal worden gerapporteerd aan de raad. Het aantal te hanteren programma’s wordt aan het begin van een collegeperiode nader vastgesteld door de gemeenteraad. (Dit aantal programma’s mag afwijken van de indeling in de BBV) Verbetering Planning & Control (P&C) cyclus Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

Realistisch

Tijdgebond en

De P&C cyclus wordt uitgebreid met een integrale programmavoortgangsrapportage: per begrotingsprogramma rapporteert het college aan de raad over zowel de financiële als de inhoudelijke voortgang. Elk programma bevat meetbare prestatie-indicatoren (bijv. aantal gebouwde woningen, bezettingsgraad sportaccommodaties, aantal verleende subsidies) zodat de raad kan beoordelen of doelen worden gehaald. Elk begrotingsprogramma bevat een aantal meetbare prestatie-indicatoren in de begroting 2027. Voortgang per indicator wordt gerapporteerd in de P&C producten én de jaarrekening. Een dashboard toont per programma de actuele stand van zaken (financieel én inhoudelijk). De jaarrekening wordt aangeleverd vóór 15 mei. Minimaal twee tussentijdse voortgangsrapportages per jaar. De raad stelt per programma de prestatie-indicatoren vast bij de begroting. Het college is verantwoordelijk voor de rapportage. Vakafdelingen leveren inhoudelijke voortgangsdata aan. De werkwijze sluit aan op de BBV-verplichting om te rapporteren over “wat willen we bereiken, wat gaan we daarvoor doen en wat mag het kosten”. Een programmarapportage is wettelijk verankerd in het BBV; de gemeente is reeds verplicht om doelen en prestaties op te nemen in de begroting. De verbetering zit in de consistentie en meetbaarheid van indicatoren en de terugkoppeling in tussentijdse rapportages.

Dit is uitvoerbaar binnen bestaande capaciteit mits indicatoren bij aanvang van de periode worden vastgesteld. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Prestatie-indicatoren per programma vastgesteld door raad: bij begroting 2027 (november 2026). Eerste integrale programmavoortgangsrapportage (financieel + inhoudelijk): voorjaarsnota 2027. Dashboard uitgebreid met beleidsmatige voortgangsdata: Q3 2027. Jaarlijkse evaluatie kwaliteit indicatoren bij jaarrekening. Eindevaluatie en overdracht indicatorenset aan nieuwe raad: Q1 2030.

10

Solide financieel beleid De gemeente Rhenen streeft naar een solide financieel beleid. Een structureel sluitende begroting is daarvoor een harde randvoorwaarde gedurende de gehele raadsperiode:

Solide financieel beleid Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

Realistisch

Tijdgebond en

De gemeentebegroting is aan het einde van de raadsperiode structureel sluitend. Dit betekent dat structurele lasten worden gedekt door structurele baten, zonder gebruik van incidentele middelen voor structurele uitgaven. De begroting is structureel sluitend in elk begrotingsjaar van de raadsperiode (2026–2030), beoordeeld door de provincie als toezichthouder. Geen aanslag op reserves voor dekking van structurele tekorten. College en raad dragen gezamenlijk de verantwoordelijkheid. Besluitvorming vindt jaarlijks plaats bij de begrotingsbehandeling, waarbij college voorstellen doet en de raad kaders stelt. Realiseerbaar door combinatie van ombuigingen (kerntakendiscussie/nieuw-vooroud), beëindigen woonlastendemping en beter benutten van subsidiemogelijkheden. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Uiterlijk begroting 2027 is structureel sluitend. Jaarlijks toetsmoment bij begrotingsbehandeling in november.

Investeringsplan (herijking) Om een evenwichtige en afgewogen inzet van middelen te waarborgen, wordt het investeringsplan (IP) herijkt. Investeringskeuzes worden voortaan integraal beoordeeld op maatschappelijke meerwaarde, financiële haalbaarheid en prioriteit:

Investeringsplan (herijking) Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

Realistisch Tijdgebond en

Het investeringsplan wordt herijkt. Alle investeringen worden beoordeeld op bijdrage aan gemeentelijke doelen, financiële dekking en fasering, waarbij kernen gelijk worden behandeld en achterstallig onderhoud inzichtelijk wordt gemaakt. Herijkt IIP vastgesteld door de gemeenteraad. Lijst met geprioriteerde investeringen inclusief dekking en uitvoeringsplanning. Nulmeting achterstallig onderhoud per kern gereed. Herijking wordt ambtelijk voorbereid in samenwerking met vakafdelingen en ter vaststelling voorgelegd aan de raad. Kernen worden gelijkwaardig behandeld; aantoonbaar achterstallig onderhoud krijgt voorrang. Uitvoerbaar binnen bestaande planningscapaciteit. Input vanuit de Berenschot benchmark en kerntakendiscussie is beschikbaar als onderbouwing. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Herijkt IIP gereed en aangeboden aan de raad: Q2 2027. Jaarlijkse actualisatie bij begrotingscyclus.

Woonlastendemping De woonlastendemping, de bewuste keuze om via de inzet van reserves de woonlasten voor inwoners kunstmatig laag te houden, wordt beëindigd om tot structurele woonlasten te komen. De hoogte en wijze van berekening van de woonlasten worden nader uitgewerkt.

11

Woonlastendemping Specifiek

De huidige vorm van de woonlastendemping wordt volledig beëindigd.

Meetbaar

Financieel effect (stijging OZB/rioolheffing, afval) jaarlijks inzichtelijk in begroting. Besluit wordt genomen door de gemeenteraad op voorstel van het college. Draagvlak bij fracties vereist vanwege politieke gevoeligheid. Realistisch mits gefaseerde invoering transitie over meerdere jaren. Stijging woonlasten wordt beperkt gehouden door andere berekeningsmethodiek, kostenbesparing, slimme investeringen. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Volledige beëindiging huidige vorm van de woonlastendemping: uiterlijk begrotingsjaar 2027.

Acceptabel Realistisch

Tijdgebond en

Apparaatskosten De gemeente bewaakt de evenwichtigheid van haar apparaatskosten en zet actief in op het beter benutten van externe subsidiemogelijkheden om ambities te realiseren zonder structurele last voor de gemeentelijke begroting. Apparaatskosten Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

Realistisch

Tijdgebond en

Apparaatskosten worden met een nog vast te stellen regelmaat getoetst aan de Berenschot benchmark en moeten in evenwicht zijn met vergelijkbare gemeenten. Tegelijk wordt een actief subsidiebeleid ontwikkeld waarmee structureel meer externe financiering wordt aangetrokken voor gemeentelijke projecten. Apparaatskosten per inwoner maximaal gelijk aan of lager (nog nader te bepalen) dan het benchmarkgemiddelde (Berenschot). Jaarlijks minimaal X euro extra subsidie-inkomsten ten opzichte van basisjaar 2024. Subsidiecoördinator of werkwijze operationeel. College is verantwoordelijk voor beheer apparaatskosten. Subsidieaanpak wordt uitgewerkt door financiën en beleidsteams. Raad wordt geïnformeerd via P&C rapportages. Benchmarkvergelijking is uitvoerbaar met bestaande data. Subsidie benutten vereist mogelijk beperkte investering in kennis/capaciteit met hoog rendementspotentieel. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Benchmarkmeting apparaatskosten: jaarlijks opgenomen in jaarrekening. Subsidieaanpak operationeel: Q2 2027. Eerste resultaten zichtbaar in begroting 2028.

Financiële verordening De financiële verordening van de gemeente Rhenen (artikel 212 Gemeentewet), inclusief de reserves en voorzieningen wordt herzien om aan te sluiten op actuele wet- en regelgeving, de geactualiseerde P&C cyclus en de bestuurlijke ambities van deze raadsperiode. Financiële verordening Specifiek

De financiële verordening (art. 212) wordt geactualiseerd zodat deze aansluit bij de huidige wet- en regelgeving, de verbeterde P&C cyclus en de nieuwe werkwijzen rondom budgetbeheer, investeringen en verantwoording.

Meetbaar

Herziene verordening vastgesteld door de gemeenteraad. Alle bepalingen zijn getoetst aan actuele VNG-modelverordening. Geen strijdigheid met Gemeentewet of BBV. 12

Acceptabel Realistisch Tijdgebond en

Voorbereiding door financiën en juridische zaken, besluitvorming door de raad. Raadscommissie wordt vroegtijdig betrokken bij de herzieningsopgave. Technisch uitvoerbaar op basis van VNG-modelverordening als basis. Beperkte tijdsinvestering vereist van ambtelijke organisatie. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Voorstel herziene verordening aangeboden aan raad: Q3 2027. Vaststelling: uiterlijk Q4 2027.

Spanningsveld Nieuw-voor-oud principe Dit onderwerp is nog een discussiepunt voor de fracties: Gaat voor alle investeringen gelden dat financiële dekking aangewezen wordt door het schrappen of beëindigen van bestaand beleid of bestaande uitgaven (nieuw-voor-oud) of is er behoefte aan nuancering? Om financiële ruimte te creëren voor nieuwe ambities, geldt het nieuw-voor-oud principe: nieuw beleid wordt alleen ingevoerd als bestaand beleid wordt afgebouwd of beëindigd. Dit principe is verbonden aan de Berenschot benchmark en de bredere kerntakendiscussie. Nieuw-voor-oud principe Specifiek

Nog discussiepunt: Bij elk voorstel voor nieuw beleid of nieuwe investering wordt een financiële dekking aangewezen door het schrappen of beëindigen van bestaand beleid of bestaande uitgaven (nieuw-voor-oud). De kerntakendiscussie levert een gestructureerd overzicht op van taken waarop kan worden omgebogen. Aanvullende investeringen die gedekt zijn door extra specifieke middelen zoals SPUK-gelden kunnen, mits onderbouwd, zonder nieuw-voor-oud besteed worden.

Meetbaar

Elk nieuw beleidsvoorstel bevat een 'nieuw-voor-oud'-paragraaf. Kerntakendiscussie resulteert in een geprioriteerde lijst van taken met ombuigingspotentieel. Voortgang wordt gemonitord in de P&C cyclus.

Acceptabel

Werkwijze wordt vastgesteld door de gemeenteraad als kader. College vertaalt dit naar alle begrotingsvoorstellen. Ambtelijke organisatie past processen dienovereenkomstig aan.

Realistisch

Haalbaar mits consistent toegepast. Berenschot benchmark biedt externe referentie voor prioritering. Politieke discipline is vereist om het principe te handhaven.

Tijdgebond en

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Kader nieuw-voor-oud vastgesteld: Q1 2027. Kerntakendiscussie afgerond: Q3 2027. Volledig geïntegreerd in begroting 2028.

Monitoring en verantwoording De voortgang op alle agendapunten wordt structureel gemonitord via de Planning & Control cyclus (begroting, voor- en najaarsnota, jaarrekening) en het financieel dashboard. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: De gemeenteraad ontvangt minimaal twee keer per jaar een geïntegreerde voortgangsrapportage. Bij significante afwijkingen doet het college direct voorstellen aan de raad voor bijsturing.

13

Spreidingswet Inleiding Rhenen wil voldoen aan de Spreidingswet door verantwoordelijkheid te nemen voor 110 opvangplekken voor asielzoekers. De gemeenteraad hecht eraan dat dit gebeurt met behoud van regie bij de gemeente zelf, met heldere keuzes richting inwoners en met serieuze betrokkenheid van maatschappelijke partijen. Tegelijkertijd vraagt de uitvoering om aandacht voor de financiële spanning, continue communicatie met inwoners, een deugdelijke risico-inventarisatie en een goede sociale inbedding van bewoners van de opvang in de samenleving. Onderstaande strategische agenda vertaalt deze uitgangspunten in zes SMART-doelstellingen die de komende raadsperiode richting geven aan de uitvoering van de Spreidingswet.

Voldoen aan de Spreidingswet De gemeente Rhenen neemt haar wettelijke verantwoordelijkheid en realiseert op korte termijn 110 opvangplekken. De regie blijft bij de gemeente zelf, zodat keuzes over locatie, inrichting en exploitatie passen bij de lokale situatie:

Voldoen aan de Spreidingswet (110 opvangplekken) Specifiek

De gemeente Rhenen realiseert 110 opvangplekken voor asielzoekers, conform de Spreidingswet. De gemeente houdt de regie bij zichzelf op locatiekeuze, schaalgrootte, doelgroep en exploitatievorm.

Meetbaar

110 gerealiseerde opvangplekken op korte termijn. Vastgesteld locatieen uitvoeringsplan door de gemeenteraad. Periodieke voortgangsrapportage in de P&C cyclus over realisatie en bezetting.

Acceptabel

Besluitvorming over locatie en uitvoering door de gemeenteraad op voorstel van het college. Afstemming met COA, provincie en buurgemeenten. Inwoners en maatschappelijke partijen zijn tijdig betrokken in het participatietraject en blijven betrokken in de uitvoering.

Realistisch

Realiseerbaar door snelle besluitvorming, een actieve regierol van de gemeente en samenwerking met externe partners. Vereist ambtelijke capaciteit voor projectleiding en participatie.

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Besluit over de vorm: Q2 2026. Locatie- en uitvoeringsplan vastgesteld door de raad: Q3 2026. De verdere planning is afhankelijk van het genomen besluit en ter beoordeling van het college op uitvoerbaarheid.

14

Participatie en regie De gemeente is een participatietraject gestart. Dit is een belangrijk onderdeel van de afweging die het college en de raad moet maken. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke partijen worden serieus betrokken bij de verdere uitwerking, zonder dat dit ten koste gaat van de regie van de gemeente:

Participatie en regie Specifiek

De gemeente heeft een gestructureerd participatieproces rondom de uitvoering van de Spreidingswet georganiseerd, waarin inwoners, omwonenden, kernen en maatschappelijke partijen worden gehoord. Ook de inzet van het COA, de provincie en het Rijk maken deel uit van de afweging. Door transparante en tijdige besluitvorming houdt de gemeente de regie bij zichzelf over de uiteindelijke vormgeving.

Meetbaar

Vastgesteld participatieplan met heldere kaders en momenten van inspraak. Aantal en bereik van participatiemomenten komen terug in rapportage. Verslag van participatie en reactie van het college bij elk besluit aan de raad.

Acceptabel

Het college voert het participatieproces uit binnen kaders die door de raad zijn vastgesteld. Inwoners worden actief uitgenodigd. Participatie is adviserend; besluitvorming blijft bij de raad.

Realistisch

Doordat kaders en planning vooraf duidelijk zijn is het haalbaar, ook omdat het proces al in een afrondend stadium is. Het vervolg vraagt zorgvuldige communicatie en bewaking van verwachtingen.

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. De planning voorziet in de afronding van het participatietraject in Q2 2026.

Korte-termijnduidelijkheid en risico-inventarisatie Op korte termijn is noodzakelijke duidelijkheid vereist over de keuzes en de risico's. De raad wil tijdig een volledig overzicht van risico's, beheersmaatregelen en mogelijke scenario's:

Korte-termijnduidelijkheid en risico-inventarisatie Specifiek

Op korte termijn worden de keuzes en de bijbehorende risico's (juridisch, financieel, sociaal-maatschappelijk, ruimtelijk) van de uitvoering van de Spreidingswet inzichtelijk gemaakt en aan de raad voorgelegd.

Meetbaar

Risico-inventarisatie en -analyse vastgesteld door de raad. Per risico zijn beheersmaatregelen en verantwoordelijken benoemd. Voortgang van beheersmaatregelen wordt opgenomen in de P&C cyclus.

Acceptabel

Voorbereiding door het college in samenwerking met betrokken vakafdelingen en externe deskundigen. Vaststelling door de raad. Risico's worden ook gedeeld met regionale partners.

15

Realistisch

Uitvoerbaar binnen de bestaande projectorganisatie, mits tijdig opgestart. Externe expertise kan op onderdelen worden ingehuurd.

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Eerste risicoinventarisatie aan de raad: Q3 2026. Halfjaarlijkse actualisatie zolang het project loopt.

Communicatie en helderheid naar inwoners Randvoorwaardelijk voor een goede inbedding in de samenleving is dat helder en duidelijk wordt gecommuniceerd over de keuzes die worden gemaakt en over de actuele stand van zaken rondom de opvang (incidenten, maar ook de positieve zaken). Regelmatige communicatie wordt geborgd in een vaste cyclus:

Communicatie en helderheid naar inwoners Specifiek

De gemeente communiceert helder, tijdig en regelmatig met inwoners en de kernen over de keuzes, voortgang en gevolgen van de uitvoering van de Spreidingswet.

Meetbaar

Vastgesteld communicatieplan met vaste communicatiemomenten (minimaal per kwartaal). Bereik en waardering van communicatie gemonitord (bijv. via bewonersenquêtes of bijeenkomsten). Centraal informatiepunt (online en fysiek) operationeel.

Acceptabel

Communicatie wordt verzorgd door de gemeente in afstemming met COA, dorps- en wijkraden, scholen, kerken en andere lokale partijen. Toon en inhoud worden afgestemd op de doelgroep.

Realistisch

Uitvoerbaar binnen bestaande communicatiecapaciteit, met eventueel tijdelijke versterking tijdens piekmomenten (besluitvorming, ingebruikname).

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Communicatieplan vastgesteld: Q3 2026. Reguliere communicatiecyclus operationeel vanaf Q4 2026.

Sociale inbedding en maatschappelijke partners Een goede sociale inbedding in de samenleving is bepalend voor het slagen van de opvang. Maatschappelijke partijen worden actief betrokken, zorgen worden serieus genomen en korte lijntjes worden geborgd: Sociale inbedding en maatschappelijke partners Specifiek

De opvang wordt sociaal ingebed in de samenleving door samenwerking met maatschappelijke partijen (scholen, zorg, welzijn, sport, vrijwilligersorganisaties, kerken) en door zorgen van inwoners serieus en met korte lijntjes te behandelen.

16

Meetbaar

Convenanten of samenwerkingsafspraken met minimaal de belangrijkste maatschappelijke partners. Vast aanspreekpunt en korte responstijd op meldingen en zorgen (streefwaarde nader vast te stellen). Periodiek overleg met omwonenden en maatschappelijke partijen.

Acceptabel

Het college geeft uitvoering aan de samenwerking en rapporteert aan de raad. Maatschappelijke partijen committeren zich op vrijwillige basis aan de afspraken. Inwoners worden serieus genomen via een herkenbaar meldpunt.

Realistisch

Haalbaar door aan te sluiten bij bestaande netwerken in Rhenen en de kernen. Vraagt continuïteit van inzet en relatiebeheer vanuit de gemeente.

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Eerste samenwerkingsafspraken met maatschappelijke partners: Q3 2026. Aanspreekpunt en meldpunt operationeel: Q4 2026. Jaarlijkse evaluatie samenwerking en sociale inbedding bij jaarrekening.

Spanningsveld Financiële beheersing De uitvoering van de Spreidingswet gaat gepaard met financiële spanning. De gemeenteraad wil vooraf inzicht in de structurele en incidentele kosten en baten en wil dat de uitvoering past binnen een solide financieel beleid: Financiële beheersing Specifiek

De gemeente brengt de financiële gevolgen van de Spreidingswet (investeringen, exploitatie, rijksvergoedingen) volledig in beeld en zorgt dat de uitvoering past binnen een structureel sluitende begroting of binnen de begroting van het project/de projecten zelf. Te concretiseren door het te vormen college.

Meetbaar

Inzicht in rijksvergoedingen (bekostigingsregeling) en eventuele restrisico's voor de gemeente. Jaarlijkse rapportage in de P&C cyclus over werkelijke kosten en baten.

Acceptabel

Het college stelt de businesscase op; de raad stelt de financiële kaders vast. Restrisico's worden expliciet benoemd en beoordeeld door de raad.

Realistisch

Uitvoerbaar door gebruik te maken van de rijksvergoedingen en een zorgvuldige raming van structurele lasten. Vereist tijdige inzet van financiële expertise bij de projectvoorbereiding.

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Eerste financiële uitwerking bij locatiekeuze naar de raad: Q3 2026. Jaarlijkse actualisatie bij begrotingsbehandeling.

17

Monitoring en verantwoording De voortgang op alle agendapunten wordt structureel gemonitord via de Planning & Control cyclus en het financieel dashboard, aangevuld met specifieke rapportages over de uitvoering van de Spreidingswet. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: De gemeenteraad ontvangt minimaal twee keer per jaar een geïntegreerde voortgangsrapportage over de uitvoering van de Spreidingswet, inclusief financiën, risico's, participatie, communicatie en sociale inbedding. Bij significante afwijkingen doet het college direct voorstellen aan de raad voor bijsturing.

Samenleven doe je met elkaar De relatie met ontwikkelingen in het fysieke domein is in de doelen hieronder opgenomen, bijvoorbeeld door aandacht te besteden aan woonsituatie en wonen.

Integrale aanpak zorg Maatschappelijke zorg – jeugdzorg - participatie Specifiek

Een samenhangende aanpak* betekent dat vragen van inwoners bekeken worden vanuit de thema’s: maatschappelijke zorg, jeugdzorg, participatie, wonen en onderwijs. Hierbij werken hulporganisaties, wijkteams en de gemeente samen om inwoners sneller en beter te begeleiden naar de juiste hulp. Dit gebeurt via één loket of vaste contactpersoon. Belangrijke aandachtpunten bij deze samenhangende aanpak zijn vroegsignalering en preventie evenals normalisering en samenwerking.

Meetbaar

Er is een periodieke rapportage waarin de vijf thema’s worden behandeld. Daarnaast wordt periodiek de cliënttevredenheid gemeten

Acceptabel

Raad, college, maatschappelijke organisaties onderschrijven de samenhangende aanpak. Voor zorgvragers levert dit een heldere aanpak op.

Realistisch

De aanpak sluit aan bij het ingeslagen pad en de bestaande samenwerkingsstructuren.

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: In Q4 2027 blijkt uit de voortgangsrapportage dat er onder medewerkers en cliënten een goede/hoge klanttevredenheid is en doelstellingen sneller worden behaald. In plaats van het woord ‘integraal’ hebben we in de uitwerking gekozen voor ‘samenhangend’ omdat dit beter omschrijft wat beoogd wordt.

* Toelichting

Van zorgen voor naar zorgen dat Investeren in preventie Specifiek

De gemeente verlegt de focus van zorg naar preventie en vroegsignalering. Daarnaast wordt ingezet op het versterken van zelfredzaamheid en eigen regie.

Meetbaar

Voor de gemeente Rhenen is duidelijk in beeld welke inwoners tot een kwetsbare doelgroep behoren. Dit betreft zowel jongeren als ouderen. Groei van het aantal deelnemers aan preventieve projecten. Afname instroom van zorgvragen. Er wordt periodiek gerapporteerd op basis van deze criteria en de clienttevredenheidsmeting.

18

Acceptabel Realistisch Tijdgebonden

Onderzoek laat zien dat investeren in preventie helpt om zwaardere zorg en hogere zorgkosten te voorkomen. Daarnaast leidt investeren in preventie tot een hogere kwaliteit van leven. Er kan gebruik gemaakt worden van bestaande expertise (GGDrU; welzijnswerk; onderwijs) en netwerken (VRU, GGD). Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: In Q4 2027 blijkt positief effect uit voortgangsrapportage.

Grip op financiën én kwaliteit binnen het sociaal domein Specifiek

Meetbaar

Acceptabel Realistisch Tijdgebonden

De gemeente versterkt de financiële sturing binnen het sociaal domein door beter inzicht te krijgen in kostenontwikkelingen, risico’s, uitvoeringsdruk en maatschappelijke effecten. Hierbij wordt gestuurd op houdbare financiële balans en doelmatigheid. Structurele tekorten worden actief onder de aandacht gebracht bij het Rijk om hierin te voorzien in voldoende financiering. Inzicht in trends, risico’s en kostenontwikkeling. Tijdige signalering van budgetoverschrijding. Koppeling tussen resultaten en financiële inzet van gemeentelijke begroting zowel als de begroting van gemeenschappelijke regelingen. Periodieke financiële rapportages waarin ook gemeenschappelijke regelingen meegenomen worden. Raad, college en uitvoeringsorganisaties onderschrijven het belang van transparante financiële sturing en gezamenlijke verantwoordelijkheid voor een toekomstbestendig sociaal domein. We gaan hiermee door op een al ingeslagen pad. De aanpak sluit aan bij de P&C cyclus en regionale samenwerkingsafspraken. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: In Q4 blijkt effect uit de periodieke rapportage.

Lokaal waar het moet – Regionaal waar het kan Zorg dichtbij Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

Realistisch

De gemeente organiseert ondersteuning en zorg zoveel mogelijk dichtbij inwoners. Vrijwilligersnetwerken worden betrokken in de samenwerking*. We willen concreet dat generaties bij elkaar kunnen blijven wonen ook als er zorg nodig is (ook hier ligt een relatie met het fysiek domein). Korte lijnen tussen organisaties en snelle toegang tot passende hulp zijn belangrijk. Daarnaast is er aandacht voor keuzevrijheid in identiteitsgebonden zorg. Er zijn korte communicatielijnen met betrokken vrijwilligers en vrijwilligersorganisatie. Bij de regionale samenwerking wordt gerapporteerd op doelmatigheid en rechtmatigheid. Er is periodieke rapportage op hoe zorg en aanbod op elkaar aansluiten in combinatie met cliënttevredenheidsmeeting. Als kleine gemeente zijn we gericht op het welzijn van de inwoners en erkennen we de efficiënte van het samenwerken in de regio. Daarbij hebben we een actieve adviesraad sociaal domein met wie we de samenwerking continueren. Hier is het huidige beleid al op ingericht en het is van belang om in toenemende samenwerking dit te blijven waarborgen.

Tijdgebonden

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: in Q4 van 2027 blijkt uit de voortgangsrapportage dat er een goede balans is tussen lokaal waar het moet en regionaal waar het kan.

*Toelichting

Het ondersteunen van vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties hebben we in dit doel opgenomen omdat een actief netwerk van vrijwilligers werkt als de ruggengraat van de samenleving en een grote informele rol heeft wat betreft zorgverlening.

19

Niet over ons maar met ons Optimalisatie minimaregeling Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

Realistisch Tijdgebonden

De gemeente vereenvoudigt en verbetert de minimaregelingen binnen het sociaal domein zodat bestaanszekerheid van inwoners verbetert. Het beleid is erop gericht dat alle inwoners mee kunnen doen. Zodat inwoners met een laag inkomen sneller en eenvoudiger gebruik kunnen maken van beschikbare ondersteuning met behoud van eigen regie. Daarbij wordt ingezet op toegankelijkheid, duidelijkheid en bereikbaarheid. Overzicht van samen te voegen regelingen; indien mogelijk betere inrichting Cunerapas; monitoren van bestaanszekerheid van inwoners, zoals omschreven in het beleidsstuk ‘bestaanszekerheid en basisvaardigheden’. Jaarlijkse rapportage over bereik, gebruik en effecten van de minimaregelingen op bestaanszekerheid. Er is een groot netwerk van vrijwilligers- en maatschappelijke organisaties die werken aan optimale begeleiding en ondersteuning van minima, zoals Stichting Hulpmaatje; Continueren van de samenwerking met ervaringsdeskundigen in de Denktank Arm maar rijk aan ervaring. Er zijn al stappen gezet vanuit de gemeentelijke organisatie in deze richting en het sluit aan bij de maatschappelijk ontwikkeling naar eigen regie van inwoners. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: In Q1 2027 wordt een verbeterplan minimaregelingen vastgesteld: Vanaf 2027 gefaseerde invoering van de vereenvoudigingen.

Spanningsveld We zien een spanningsveld tussen de fracties als het gaat om bezuinigingen in het sociaal domein wanneer de financiële situatie daarom vraagt.

20

Woningbouw De relatie met ontwikkelingen in het fysieke domein is in de doelen opgenomen, bijvoorbeeld door aandacht te besteden aan woonsituatie en wonen.

Uitbreiding woningvoorraad door nieuwbouw – korte termijn Specifiek

Korte termijn gaat over de komende raadsperiode van 4 jaar (2026-2030). De woningvoorraad wordt de komende jaren vergroot door het realiseren van nieuwe, betaalbare woningen in en rondom de kernen.

Meetbaar

500-800 woningen in de komende vier jaren, waarvan gemiddeld minimaal 30% sociale huurwoningen conform de wettelijke kaders en de gemeentelijke woonvisie 2035. Raad, college, woningcorporatie en marktpartijen delen de ambitie om de woningvoorraad uit te breiden. De locaties zijn al in beeld, en veelal bekend en besproken met omwonende en betrokkenen. In de randzonevisie zijn een aantal van deze projecten al opgenomen. Er liggen diverse aanvragen en plannen om deze aantallen te behalen (Dr Wallerstraat Rhenen, Damkro-terrein Elst, Achterberg-West in Achterberg).

Acceptabel

Realistisch Tijdgebond en

Knelpunten

Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: In Q2 van 2027 blijkt uit een voortgangsrapportage dat de gewenste uitbreiding gerealiseerd kan worden én dat er op knelpunten actief beleid wordt ingezet. • Capaciteitsgebrek bij RO in gemeente Rhenen moet eerst opgelost worden om stappen te kunnen zetten ten aanzien van dit doel. • Stikstofregels en netcongestie kunnen een remmende werking hebben op de realisatie van deze doelstelling.

Uitbreiding woningvoorraad door nieuwbouw – lange termijn Specifiek

Meetbaar

Acceptabel Realistisch

Tijdgebond en

Knelpunten

In de komende raadsperiode voert het college het door de raad in december 2025 opgedragen onderzoek uit naar de haalbaarheid van 2500 woningen in de twee aangewezen zoekgebieden (tegen Veenendaal en rondom Achterberg). Het onderzoek levert op óf, waar en hoeveel woningen op lange termijn mogelijk zijn. Bij een positieve uitkomst start het college direct met planvorming en een realistisch tijdspad. In de komende raadsperiode: • Onderzoeksrapport wordt opgeleverd en besproken in de Raad. • Raadsbesluit genomen over voorkeurslocatie(s) en bandbreedte aantal woningen. Bij positieve keuze: startdocument planvorming vastgesteld + tijdspad gepubliceerd. Met een halfjaarlijkse voortgangsrapportage wordt de raad geïnformeerd over de voortgang. • Sluit aan bij de landelijke verstedelijkingsstrategie Het onderzoek bouwt voort op de bestaande gebiedsverkenning, waar deze locaties als kansrijk beschouwd werden. De zoekgebieden zijn door de raad aangewezen. De benodigde capaciteit binnen de organisatie is beschikbaar of wordt ingepland. De planvorming start alleen bij een positieve en haalbare uitkomst. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Onderzoek naar beide zoekgebieden is in Q4 2027 afgerond. De raad ontvangt minimaal twee voortgangsrapportages per jaar.

Bij een positief besluit voor één of beide zoekgebieden ligt uiterlijk Q4 2029 een conceptgebiedsprogramma of ontwikkelstrategie voor besluitvorming voor. • Bestaande infrastructuur en regionale mobiliteitsopgaven • Ambtelijke capaciteit • Netcongestie • Grondschaarste en mogelijke andere opgaven en ambities in deze gebieden • Leefbaarheid en de Rhenense identiteit/eigenheid

21

Optimalisatie bestaande woningvoorraad en bevorderen doorstroming Specifiek

Meetbaar

Acceptabel Realistisch Tijdgebond en

Knelpunten

•

Optimalisatie van woningvoorraad door creatieve woonvormen zoals optoppen, splitsen, aan- en bijbouwen. In overleg met Rhenam. • Scheefwonen voorkomen door beleidsmaatregelen te nemen. • Doorstroming bevorderen door passende woonruimten voor ouderen te ontwikkelen. • Kritisch doorlichten gemeentelijk vergunningsbeleid • Mogelijkheden tot bedrijfsverplaatsing van woonkernen naar bedrijventerrein worden in kaart gebracht. • In afstemming met Rhenam worden kansrijke locaties voor optoppen of splitsen in kaart gebracht zodat dit omgezet kan worden in een uitvoeringsplan. • Onderzoek naar mogelijke interventies om scheefwonen te voorkomen en aan te pakken wordt binnen 2 jaar afgerond. • Uit voortgangsrapportage blijkt dat de doorstroming op gang komt, door het volgen van de hoeveelheid nieuwe en geplande ouderenwoningen erbij komen en welke verhuisbewegingen door ouderen gemaakt worden • Plan van aanpak ten aanzien van bedrijfsverplaatsing. • Er ligt uiterlijk in Q2 2027 een analyse met knelpunten en verbeterpunten; de gemeente volgt de effecten hiervan via doorlooptijden en duidelijkheid van procedures. Deze optimalisatie past binnen de Woonvisie Rhenen 2035. De raad staat achter het inzetten van maatregelen om de woningvoorraad uit te breiden en doorstroming te bevorderen.

In de raad is draagvlak voor deregulering ten aanzien van het optimaliseren van de bestaande woningvoorraad en het stimuleren van doorstroming. Samenwerking met Rhenam en marktpartijen maakt uitvoering haalbaar. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Halfjaarlijks voortgangsrapportage aan de raad. Jaarlijks herijking van doelen en maatregelen In Q3 2027 worden de uitkomsten van een knelpunten vergunningsbeleid gepresenteerd. In Q3 2028 worden de uitkomsten van mogelijke interventies rondom scheefwonen gepresenteerd. • Parkeernormen bij woningsplitsing • Ambitieus omdat het vraagt om maatwerk en participatie met inwoners • Vraagt ambtelijke capaciteit

Ontwikkeling van levendige kernen met ruimte voor ontmoeting Specifiek

Meetbaar

De gemeente versterkt in 2026-2027 de leefbaarheid en sociale kwaliteit van kernen door nieuwbouw en/of optimalisatie van de woningvoorraad aan te laten sluiten bij de eigenheid van de kernen en met aandacht voor groen en ontmoetingsruimten in de planvorming. De op te leveren woningen komen, zoveel mogelijk ten goede aan inwoners met lokale binding door dit te borgen in de planvorming. Er is aandacht voor de mogelijkheid zorggeschikte woningen op te nemen in de programmering. Woningzoekendenparticipatie wordt onderdeel van de planvorming. Het vereveningsfonds wordt herijkt zodat het effectief ingezet kan worden wanneer de 30% norm sociale huur bij nieuwbouw niet wordt behaald. Uit gemeentebrede peiling onder inwoners blijkt tevredenheid ten aanzien van leefbaarheid en sociale kwaliteit. Uit monitoring van sociale binding bij zowel huur als koop blijkt toename. Minimaal 1 participatiemoment gericht op woningzoekenden, per project (kan ook digitaal). Herijking wordt binnen 2 jaar afgerond met een plan van aanpak en interventies. Een percentage zorggeschikte woningen wordt toegevoegd aan de planvoorraad zoals omschreven in de woon-zorg visie/ woonvisie 2035

22

In de planvorming is aandacht voor groen/blauw en ruimte voor ontmoeting/ speelplekken.

Acceptabel

Heeft draagvlak binnen college en raad, zowel wat betreft kwaliteit van wonen in de gemeente als kosten efficiëntie.

Realistisch

Uitvoerbaar binnen bestaande kaders als de omgevingsvisie, het bouwbesluit en het participatiebesluit. Participatie woningzoekenden is digitaal uitvoerbaar via Rhenen spreekt of door dit een verantwoordelijkheid te maken van projectontwikkelaars. Ter beoordeling gemeenteraad. Voorlopig voorstel: Jaarlijkse monitoring op indicatoren. Doelstellingen ten aanzien van de indicatoren nog vast te stellen, uiterlijk Q4 2030. Overwegen of er een wens is tot het maken van kernprofielen, in de lijn van het centrumplan Elst.

Tijdgebond en Knelpunten

Het versnellen en toekomstbestendig realiseren van woningbouw door effectieve samenwerking en het organiseren van de juiste randvoorwaarden Specifiek

Meetbaar

Acceptabel

Realistisch

Tijdgebond en

Knelpunten

Het versnellen en toekomstbestendig realiseren van woningbouw door effectieve samenwerking met medeoverheden, marktpartijen en netwerkpartners, zodat planvorming en uitvoering van woningbouwprojecten efficiënter verlopen. Hiervoor worden: 1) een businesscase opgesteld voor benodigde formatie-uitbreiding ten behoeve van ruimtelijke ontwikkeling; 2) een raadinformatiebijeenkomst georganiseerd met projectontwikkelaars, grondeigenaren en Rhenam Wonen; 3) netcongestie actief gemonitord in overleg met energieleveranciers en netbeheerders; en 4) de uitgangspunten “water en bodem sturend” toegepast bij nieuwe woningbouwontwikkelingen. •

Effectieve samenwerking met provincie, waterschap, netbeheerder en omliggende gemeenten formaliseren voor afstemming op ruimtelijke, mobiliteits-, energie- en watervraagstukken. • College levert een businesscase formatie-uitbreiding voor versnelling woningbouw. • Raadinformatiebijeenkomst organiseren met projectontwikkelaars, grondeigenaren, Rhenam en andere stakeholders; resultaat: plan van aanpak en inventarisatie knelpunten. • Netcongestie actief monitoren en structureel overleg met energieleveranciers organiseren. • Water & bodem sturend opnemen in ruimtelijke procedures Het doel sluit aan bij de gemeentelijke woningbouwopgave, regionale samenwerkingsafspraken en landelijke ontwikkelingen rondom duurzame en uitvoerbare gebiedsontwikkeling. Betrokken partijen zoals medeoverheden, corporaties, ontwikkelaars en netwerkbeheerders hebben gezamenlijk belang bij uitvoering van woningbouw. • De stappen bouwen voort op bestaande samenwerking, lopende projecten en beschikbare kennis. • Door tijdig inzicht te krijgen in knelpunten (capaciteit, netcongestie, water/bodem) ontstaat een uitvoerbare basis voor versnelling. • De gemeente kan tempo en diepgang zelf bepalen, afhankelijk van capaciteit en bestuurlijke prioriteit. • De businesscase wordt binnen een passende termijn opgesteld, zodat deze kan worden meegenomen in planning en begroting.

• De raadinformatiebijeenkomst vindt in het eerste deel van de raadsperiode plaats. • Periodieke rapportage op ontwikkelingen ten aanzien van netcongestie en toepassing van water/bodem worden doorlopend onderdeel van de werkwijze. • Capaciteitstekort binnen de organisatie • Tijdgebrek bij alle partners om structurele overleggen in te plannen en te onderhouden. • Netcongestie die de uitvoerbaarheid van projecten beïnvloedt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16953406/1