CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij besluitenlijst raadsvergadering 9 november 2021 over Bestemmingsplan Utrechtsestraatweg ongenummerd.2

Raadsvergadering 14 december 2021, gemeente RhenenBij agendapunt: Vaststellen besluitenlijst1.346 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie Datum:

9 december 2021

Dossier:

Gemeente Rhenen/bestemmingsplan

Dossiernummer: Betreft:

20210137

Bijlage 1 bij Besluitenlijst raadsvergadering van 9 november 2021. Weergave van de onderbouwing van de verschillende gemeenteraadsfracties tijdens de raadsvergadering van 9 november 2021 om het bestemmingsplan “Utrechtsestraatweg ongenummerd (naast 21)” niet vast te stellen. Inleiding 1. Het college van burgemeester en wethouders heeft het ontwerpbestemmingsplan “Utrechtsestraatweg ongenummerd (naast 21)” ter vaststelling aangeboden. Ter plaatse “geldt” nu het bestemmingsplan “Consolidatieplan Buitengebied Rhenen”. Op grond van het geldende bestemmingsplan kennen de percelen aan de Utrechtsestraatweg een bestemming “Agrarisch” met een functieaanduiding “intensieve kwekerij”. 2. De geconsolideerde versie is een samenvoeging van het bestemmingsplan Buitengebied 2010 en de partiële herzieningen van het bestemmingsplan Buitengebied 2010. In deze versie zijn de regels en de verbeelding van de bestemmingsplannen Buitengebied 2010 en de partiële herzieningen van het bestemmingsplan Buitengebied 2010 opgenomen als ware het één bestemmingsplan. De voorliggende geconsolideerde versie heeft echter geen juridische status, maar geeft wel de juridische regeling weer. 3. Het plangebied van het aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegde bestemmingsplan kent – in hoofdzaak – drie bestemmingen. Allereerst, een bestemming “Agrarisch”.

Binnen deze bestemming is het bouwen van gebouwen niet toegestaan. Bouwen van bouwwerken is toegestaan voor zover deze bouwwerken niet hoger zijn dan 1 m. Ten tweede een bestemming “Groen”. Binnen deze bestemming is – nu er de functieaanduiding “specifieke vorm van groen – landschappelijk” geldt - het bouwen van gebouwen niet toegestaan. Het bouwen van bouwwerken met een beperkte hoogte van 3 m. is wel toegestaan. Lichtmasten en vlaggenmasten mogen daarbij een hoogte hebben van 8 m.

Ten slotte kent het plangebied een bestemming “Wonen”. Deze bestemming maakt indien de gemeenteraad het ontwerpbestemmingsplan vaststelt, de bouw van een woning mogelijk binnen het aangegeven bouwvlak. De bouwhoogte van deze woning is in het ontwerpbestemmingsplan gemaximeerd op 4 m. Voor alle genoemde hoogten kan ingevolge het ontwerpbestemmingsplan, op grond van artikel 9, onder a, van de planregels met 10% worden afgeweken. Als peil is gedefinieerd het bouwkundig peil (15,2 m. boven NAP) voor het hoofdgebouw en het afgewerkte aansluitend terrein voor overige bouwwerken. Gemeentelijke structuurvisie 4. Bij het vaststellen van een bestemmingsplan moet de gemeenteraad de bestemmingen aanwijzen en regels geven die de gemeenteraad uit oogpunt van goede ruimtelijke ordening nodig acht. De gemeenteraad heeft daarbij beleidsruimte en moet de betrokken belangen afwegen. 5. Vaststelling van het bestemmingsplan “Utrechtsestraatweg ongenummerd (naast 21)” is in strijd met de door de gemeenteraad op 23 augustus 2008 vastgestelde gemeentelijke structuurvisie “Stedenbouwkundige structuurvisie Elst Achterberg Rhenen Woningbouwlocatie tot 2020”. Het beleid als opgenomen in de structuurvisie is geldend beleid. 6. In deze structuurvisie is onder meer het navolgende opgenomen.

“Het kapitale landschap De rivier, de heuvelrug met bossen, de open weiden en het akkerlandschap omspoelen de kernen van Rhenen. Het is de grote kwaliteit van het huidige en toekomstige wonen in deze omgeving. Dit goed, het kapitaal van Rhenen, beïnvloedt in grote mate het woongenot van de inwoners, maar tevens de bouwgretigheid van ontwikkelende partijen. Zorgvuldig en extra zuinig omgaan met het landschap zijn de grootste wensen van de bewoners.” (p. 20) “De uiterwaarden. De visie op de uiterwaarden van Rhenen gaat uit van behoud van de resterende panorama’s op de rivier. De uiterwaarden van de Nederrijn bij Rhenen zijn ruim en groen, er zijn relatief weinig voorzieningen, de oever is wel goed bereikbaar met wandelpaden vanuit de kern.” (p. 53) 7. De gemeenteraad hecht unaniem aan het behoud van de resterende panorama’s op de rivier. De vaststelling van dit bestemmingsplan maakt de weg vrij een woning te bouwen waardoor het zicht op de rivier verdwijnt, althans wordt beperkt. Dit is in strijd met het beleid zoals dit is opgenomen in de structuurvisie. Daarbij geldt dat van belang is dat op 2

grond van het nu geldende bestemmingsplan, vastgesteld na de vaststelling van de structuurvisie, ter plaatse geen bebouwing is toegestaan. Afwijken van de gemeentelijke structuurvisie 8. De gemeenteraad heeft – zoals ook in de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan is aangegeven – de bevoegdheid om gemotiveerd van de geldende structuurvisie af te wijken. De gemeenteraad ziet geen aanleiding om af te wijken van deze beleidsmatige keuze zoals vastgelegd in de structuurvisie, om de resterende panorama’s te behouden. Gewekte verwachtingen 9. Door de CDA-fractie is aandacht gevraagd voor de vraag of er door de gemeente Rhenen jegens initiatiefnemer geen verwachtingen zijn gewekt. 10. Vaststaat dat door de gemeenteraad geen verwachtingen zijn gewekt dat het ontwerpbestemmingsplan door de gemeenteraad zou worden vastgesteld. 11. Ook indien het vertrouwen dat het ontwerpbestemmingsplan zou worden vastgesteld niet is gewekt door de gemeenteraad, kan sprake zijn van door andere bestuursorganen gewekt vertrouwen – het college van burgemeester en wethouders – dat dient te worden toegerekend aan de gemeenteraad. 12. Vaste rechtspraak is dat terughoudendheid dient te worden betracht bij het toerekenen van uitlatingen of gedragingen van het college van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraad.

Handelingen van het college van burgemeester en wethouders en ambtenaren kunnen de gemeenteraad slechts binden, als de gemeenteraad instemt (ABRS 28 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2949). 13. Het college van burgemeester en wethouders heeft op 20 oktober 2016, verzonden 24 oktober 2016, een principebesluit heeft genomen waarbij positief is beslist op het verzoek tot wijziging van het bestemmingsplan. Voor zover daarmee een toezegging is gedaan door het college van burgemeester en wethouders, kan een dergelijke toezegging, overeenkomstig de onder punt 11 aangehaalde hoofdregel, niet worden toegerekend aan de gemeenteraad (ABRS 15 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1639). 14. Daarnaast is door de gemeente op 19 januari 2021 een anterieure overeenkomst gesloten waarbij de gemeente de inspanningsverplichting op zich heeft genomen om de realisatie van de vrijstaande woning met bijbehorende gebouwen op het perceel Utrechtsestraatweg naast 21 mogelijk te maken.

3

15. Uit de rechtspraak volgt – verwezen wordt onder meer naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 24 april 2019 (ECLI:NL:RVS:20189:1323) r.o. 5.1 – dat ook een anterieure overeenkomst niet kan leiden tot een verplichting van de gemeenteraad aan gronden een bestemming te geven die de gemeenteraad niet in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening acht. De definitieve beslissing over de vaststelling van een bestemmingsplan kan immers mede afhankelijk van de in de loop van de procedure naar voren gebrachte feiten en belangen anders uitvallen dan bij het sluiten van de overeenkomst was ingeschat. De overeenkomst bevat voorts geen door de gemeenteraad in acht te nemen resultaatsverplichting om een bestemmingsplan vast te stellen. Het bevat enkel een inspanningsverplichting om een bestemmingsplan in procedure te brengen. Ten slotte is in dit verband relevant het bepaalde in artikel 3, lid 6 en artikel 3, lid 7 van de overeenkomst waar nadrukkelijk is overeengekomen dat met de gesloten overeenkomst geen publiekrechtelijke toestemming wordt gegeven voor de ontwikkeling en dat deze ook niet in het vooruitzicht wordt gesteld. Daarbij is ook gewezen op de publiekrechtelijke bevoegdheden van de gemeenteraad. Voor zover derhalve sprake is van gewekt vertrouwen, kan ook dit vertrouwen niet worden toegerekend aan de gemeenteraad. 16.

In zoverre is er dan ook geen sprake van dat de gemeenteraad in strijd met het vertrouwensbeginsel heeft geweigerd het bestemmingsplan vast te stellen. 17. De gemeenteraad was echter wel op de hoogte van het door het college van burgemeester en wethouders genomen principebesluit en de door de gemeente met initiatiefnemer gesloten anterieure overeenkomst. 18. De gemeenteraad heeft in het kader van de te maken belangenafweging als bedoeld in artikel 3:4 van de Awb rekening gehouden met het principebesluit en de gesloten anterieure overeenkomst. De gemeenteraad heeft daarbij het belang van het behoud van de resterende panorama’s zoals verwoord in het gemeentelijke beleid, afgewogen tegen de belangen van initiatiefnemers en de belangen die de indieners van de zienswijzen hebben ingediend. Bij die afweging van belangen heeft de gemeenteraad unaniem geoordeeld dat het belang van het behoud van de resterende panorama’s doorslaggevend dient te zijn waardoor geen medewerking kan worden verleend aan het afwijken van de geldende structuurvisie. Om bovengenoemde redenen heeft de gemeenteraad in zijn vergadering van 9 november 2021 unaniem besloten het bestemmingsplan “ Utrechtsestraatweg ongenummerd (naast 21)” niet vast te stellen.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10911967/1