CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 9 Cultuurnota Kleurrijk Rhenen 2019-2023

Commissie Bestuur en Financiën 31 mei 2021, gemeente RhenenBij agendapunt: Bijbehorende documenten Uitvoering motie 7.M.4 - 689639 inzake de Subsidieverordening6.554 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

CULTUURNOTA ‘Cultuurrijk Rhenen’

2019

1

1.

Inleiding

In het Bestuursprogramma 2018 – 2022 staat het voornemen om in 2019 een nieuwe visie op Cultuur op te stellen, mede als basis voor het te ontwikkelen accommodatie- en vastgoedbeleid. Met de voorliggende nota schetsen we de algemene lijnen van het nieuwe beleid. Bij lezing zal duidelijk zijn dat nog niet alle voorstellen volledig zijn uitgewerkt. Dat vraagt de komende periode nog verdere invulling. De nota is tot stand gekomen in dialoog met betrokkenen uit het culturele veld, waarbij input is opgehaald tijdens de recente Cultuurconferentie in februari en tijdens twee aparte dialoogsessies met een selecte groep deelnemers. De laatste Cultuurnota stamt uit 2012, een periode waarin de gemeente door de economische crisis genoodzaakt was te bezuinigen op onder andere Cultuur. In de nota uit 2012 staat het culturele ondernemerschap centraal. De subsidieafhankelijke verhouding van de sector met de gemeente moest plaatsmaken voor cultuurondernemerschap van de sector zelf. De gemeente werd van subsidieverstrekker een partner van het culturele veld om de culturele rijkdom van Rhenen te borgen en te versterken. Gelijktijdig met de beleidswijziging werd het Cultuurplatform opgericht, als onafhankelijke organisatie, gedragen door actieve betrokkenen uit het culturele Rhenense veld.

Het doel van het Cultuurplatform is om de samenwerking binnen de culturele sector en tussen de sector en partners van buiten het culturele veld te versterken om de positie van kunst en cultuur te verstevigen. In de Cultuurnota is vastgelegd dat de gemeente jaarlijks € 15.000 bijdraagt aan het Cultuurfonds, beheerd door het Cultuurplatform ter ondersteuning van projecten die bijdragen aan het beleid. Bovendien kwam er eenzelfde bedrag beschikbaar voor het aanstellen van een cultuurcoördinator die het bestuur van het Cultuurplatform ondersteunt en de drijvende kracht is om de doelen van de organisatie te verwezenlijken. Tenslotte is in het beleid vastgelegd dat de gemeente als partner van het Cultuurplatform twee keer per jaar overleg voert met haar bestuur. Naderhand zijn beide partijen overeengekomen om minimaal een keer per jaar een cultuurconferentie te organiseren met het doel de dialoog tussen gemeente en alle culturele aanbieders en aanbieders onderling te bevorderen. Begin vorig jaar is het cultuurbeleid, vastgelegd in 2012, geëvalueerd om te onderzoeken in hoeverre de beleidsdoelen gerealiseerd zijn en in gesprek met het veld de wensen richting toekomst te inventariseren. De conclusie is dat de sector veerkracht heeft getoond na de doorgevoerde bezuinigingen.

Het culturele Rhenense veld is springlevend, het Cultuurplatform en de cultuurcoördinator pakken hun taken goed op. De sector mist evenwel een aanspreekpunt binnen het ambtelijk apparaat. Voor overige conclusies, verbeterpunten en toekomstwensen wordt verwezen naar het evaluatierapport (zie bijlage). Als bijlage bij deze nota is ook een informatienota opgenomen die kort de huidige stand van zaken weergeeft van de culturele sector in de gemeente. Ter afsluiting van de inleiding merken we op dat het cultureel erfgoed, dus het geheel aan monumentale gebouwen, uitdrukkelijk geen onderdeel uitmaakt van deze nota. Dus de nota gaat niet in op het beleid ten aanzien van de aanwezige monumenten. Echter, de monumenten, zoals in de benedenstad van Rhenen, dragen wel bij aan het eigen karakter van de stad, dus zijn in die zin wel van belangrijke waarde voor de cultuurhistorische identiteit van de stad. In de tekst gebruiken we termen als cultuurhistorie of cultuur-historische identiteit of profiel, daarmee bedoelen we alles wat de mensen gedurende de eeuwen hebben voortgebracht in Rhenen, Elst en Achterberg. Leeswijzer Na de inleiding volgt in hoofdstuk een beschrijving van de staat van de Cultuur en het culturele aanbod in Rhenen. Hoofdstuk 3 geeft de trends weer die van invloed zijn op de cultuursector van vandaag. Het gaat om zowel landelijke als lokale trends.

Op basis van de input uit hoofdstuk 2 en 3 volgt een beschrijving van de drie grote opgaven in hoofdstuk 4, waarin de opgaven vervolgens uitgewerkt worden in maatschappelijke effecten en doelstellingen. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de aanpak, waarbij eerst ingegaan wordt op de rol die de gemeente heeft in het versterken van de cultuursector. Vervolgens komen de middelen aan de orde die ingezet worden om de beleidsdoelen te realiseren. In hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de accommodatiewensen die geïnventariseerd zijn samen met de culturele aanbieders. Het financieel kader wordt weergegeven in het afsluitende hoofdstuk 7. Het is belangrijk op te merken dat daar waar Rhenen genoemd staat, het gaat om de drie kernen Rhenen, Elst en Achterberg.

2

3

2.

Cultuur in Rhenen

Rhenen is een unieke stad: door haar ligging, het landschap dat de stad omringt, haar geschiedenis en het cultureel erfgoed, zoals de Cunerakerk en –toren, dat de stad siert. De locatie aan de Rijn en op de Grebbeberg hebben bijgedragen aan de plaats die het nu is. Al met al is het bepalend geweest voor de identiteit van de stad. De loop van de geschiedenis gedurende de WOII behoeft geen woorden, het is iedereen bekend dat dit een zware stempel heeft gedrukt op de stad. De genoemde unieke elementen hebben de basis gevormd voor de inrichting van het vernieuwde museum. Het museum in het gerenoveerde Oude Raadhuis kent een schatkamer, een strijdkamer en een landschapskamer. Het museum schetst daarmee de rijke culturele identiteit van de stad en haar omgeving. Het culturele profiel van de gemeente Rhenen speelt een belangrijke rol in Recreatie &Toerisme. Naast de natuur en het landschap draagt de rijke cultuurhistorie bij aan het recreatief-toeristische karakter van de stad. Naast de stad Rhenen kunnen we ook enkele bijzonderheden opsommen over de dorpskernen. De dorpskern Elst is gelegen aan de oude handelsroute tussen Utrecht en Keulen (Via Regia). Er zijn nog bewonings- en gebruikssporen terug te vinden uit de prehistorie en vroege middeleeuwen. De cultuurhistorie van Elst is mede gevormd door de tabakscultuur in de 19e eeuw met bijbehorende tabaksplantages.

De bosrijke omgeving (Het Bosch bij Elst) en de ligging aan de Nederrijn vormen een idyllische achtergrond voor de historische nederzetting. Ook in Remmerden (eveneens gelegen aan de oude handelsroute tussen Utrecht en Keulen) zijn sporen te vinden van prehistorische en vroeg middeleeuwse bewoning. In Remmerden was vooral sprake van akkerbouw op oude ontginningen en later ook de steenbakkerij. Na de Tweede Wereldoorlog kwam het industrieterrein Remmerden tot stand, met als één der eersten de fietsenfabriek Hartog. Later vestigde zich de Koninklijke Luchtmacht er met DELM. De dorpskern Achterberg is ontstaan uit enkele bij elkaar in de buurt liggende boerderijen en tot op heden heeft het nog agrarische kenmerken. Ooit was het kleine dorp een belangrijke plek voor de Utrechtse bisschop, omdat kasteel Ter Horst op de grens van Sticht en Gelre stond. Dit kasteel Ter Horst werd in de 16e eeuw afgebroken, maar de nieuwbouwwijk in Achterberg is ernaar vernoemd. De Tweede Wereldoorlog is ook tekenend geweest voor Achterberg; er is hard gevochten bij de Grebbeberg. Op gedenkdagen kun je de kazematten die nog aanwezig zijn bezichtigen. De stad Rhenen en de dorpen Achterberg en Elst kennen een rijk cultureel leven.

Gegeven het inwonertal zijn er relatief veel culturele organisaties en verenigingen actief, waaronder meerdere koren, een collectief van beeldende kunstenaars, dansgezelschappen, een circus, een toneelvereniging, concertorganisaties en een historische vereniging. Onder het cultureel aanbod wordt verstaan de podiumkunsten, beeldende kunst, letteren, film, cultureel erfgoed en culturele educatie en op al die gebieden zijn mensen, verenigingen en instellingen actief en organiseren allerhande activiteiten. Naast amateurkunst zijn er ook professionele organisaties actief op het terrein van de podiumkunsten: de Korenwinde, Klassiek aan de Rijn en de Beiaardier. Daarnaast kent Rhenen ook grote jaarlijkse evenementen dat ook veel publiek trekt van buiten Rhenen: zoals de Rijnweek, Kleurrijk Rhenen en de Cuneradag. Cultuur wordt in het algemeen gedefinieerd als ‘het geheel van gewoonten en gebruiken waarover een volk in het land beschikt’ (zie Wikipedia). Naast het aanbod dat hierboven genoemd is, willen we ook wijzen op specifieke lokale gewoonten en gebruiken, de zogenoemde volkscultuur, die we ook terugzien in culturele uitingen, bijvoorbeeld tijdens evenementen binnen Rhenen, Elst en Achterberg. Gesprekken met vertegenwoordigers uit de culturele sector geven aan dat mensen trots zijn op de culturele rijkdom van de stad en het culturele leven.

Het grote aantal actieve bewoners en verenigingen wordt benadrukt. Betrokkenen geven ook de keerzijde aan: organisaties werken nog te veel vanuit hun ‘eigen eiland’, wat samenwerking in de weg staat. Onderlinge samenwerking zou meer kunnen opleveren dan nu gebeurt. Daarbij kan gedacht worden aan het creëren van uniek aanbod via onderlinge samenwerking, afstemming van voorstellingen, financieringsmogelijkheden, PR-activiteiten, etc. Hier ligt een taak van de sector zelf en in het bijzonder van het Cultuurplatform die onder andere met dit doel is opgericht. De culturele aanbieders ‘werken’ vanuit verschillende locaties. Oefenen, repeteren en dergelijke gebeurt bij mensen thuis of op locaties zoals in de Westpoort, de Ontmoetingskerk, de Vlam, het dorpshuis in Achterberg of MFG Bestegoed in Elst. Voor grote optredens van bijvoorbeeld koren of orkesten wordt gebruikt gemaakt van de Cunerakerk. In Rhenen zijn op dit moment geen alternatieve locaties voorhanden met een capaciteit van 400 zitplaatsen. De culturele aanbieders ervaren het gebrek aan een eigen gezamenlijke locatie in Rhenen 4

als een gemis. Dit heeft – volgens betrokkenen – twee consequenties. Allereerst wijken organisaties voor grote optredens nu uit naar zalen in Veenendaal, Wageningen of Ede. Ten tweede draagt het gemis van een cultureel centrum in Rhenen bij aan versnippering van activiteiten en gebrek aan ontmoeting, samenwerking en afstemming. Het gebrek aan een eigen ‘huis’ ervaren betrokkenen als meer dan een fysiek gemis; het verzwakt de Rhenense culturele kracht. De dorpskernen Achterberg en Elst bezitten wel ieder een multifunctioneel centrum.

5

Trends Het cultuurbeleid dient aan te sluiten bij de landelijke, regionale en lokale trends, die van invloed zijn op de kansen en bedreigingen voor de cultuursector en op de beleidskeuzes die de gemeente maakt. Hieronder noemen we een aantal trends die volgens deskundigen uit het veld bepalend zijn. Cultuur belangrijk voor het vestigingsklimaat De aanwezigheid van cultureel aanbod en cultureel erfgoed zijn belangrijke factoren voor de aantrekkelijkheid van een stad. Een bloeiende cultuursector is mede bepalend voor de keuze van vestiging, zeker voor hoger opgeleiden. Cultuur is daarmee een drager van de identiteit en een visitekaartje, niet alleen voor potentiele vestigers, maar ook voor bezoekers en toeristen. Een visitekaartje waar ook lokale ondernemers van kunnen profiteren. Kleine stedelijke kernen leiden onder leegstand en afkalvende voorzieningen. In Rhenen zien we ondanks de bezuinigingen van eerdere jaren een levendige cultuursector. De sector is een belangrijke factor van sociale binding. Het belang van culturele eigenwaarde In lijn met de trend hierboven zien partijen, overheden niet op de laatste plaats, het belang van een eigen cultureel profiel. Rhenen is niet zomaar een stad met ongeveer 20.000 inwoners. Het is een stad met een rijk en belangwekkend verleden, wat de stad een sterk cultuurhistorisch profiel geeft.

De investering van de gemeente in een nieuw museum toont aan dat ze in dat opzicht het profiel op waarde schat. Het toont aan dat actieve bewoners, zoals we ook zien binnen de culturele sector, hun stad willen ‘optillen’. Daarentegen worden passanten, toeristen en inwoners bij binnenkomst in de stad niet gegrepen op dit historisch profiel, niets in de openbare ruimte vertelt het verhaal. De gesprekken met betrokkenen uit de cultuursector geven aan dat mensen trots zijn op hun stad met de Cunerakerk en -toren als sprekend symbool. Deze trots zien we niet terug in een pakkend verhaal waarmee passanten worden onthaald. Veranderende publieksvoorkeuren Een landelijke trend is dat voorkeuren en samenstelling van het publiek veranderen. De belangstelling voor gecanoniseerde cultuur lijkt af te nemen. Publiek wil niet alleen kijken maar beleven, uitgedaagd worden, intense ervaringen opdoen en/of zelf aan de knoppen draaien. Vertegenwoordigers vanuit de Rhenense cultuursector beamen dit en zien dat ook de verwachtingen van bezoekers toenemen. Daarnaast verandert de bevolkingssamenstelling door vergrijzing en instroom van nieuwe Nederlanders. Culturele instellingen en organisaties dienen in te spelen op die veranderende vraag en samenstelling.

Dat kan door het eigen aanbod af te stemmen op de veranderende vraag maar ook door het aangaan van nieuwe allianties met partijen van buiten de cultuursector, zoals het bedrijfsleven. Kansen in Recreatie &Toerisme Het internationaal toerisme groeit, onder andere door de groei van midden- en hogere inkomensgroepen in andere landen. In een publicatie van de provincie Utrecht valt te lezen dat Nederland in 2025 uit mag gaan van 23 miljoen bezoekers. In afnemend belang gaat het om zakelijk toerisme (55% jaarlijkse omzet), dagbezoek (42%) en verblijfsrecreatie (3%). Juist de verblijfs- en dagtoerisme bieden nog veel groeipotentie. Niet alleen de grote steden profiteren hiervan. Door een betere gerichtheid op het eigen profiel kunnen steden en regio’s ‘in de provincie’ hier ook hun aandeel zien groeien. Digitalisering De trend van digitalisering is niet nieuw maar krijgt steeds meer greep op alle sectoren van onze samenleving, zo ook op de cultuur. Bewoners kunnen bijvoorbeeld musea bezoeken zonder fysiek aanwezig te zijn. Culturele instellingen en organisaties dienen zich digitaal aantrekkelijk te presenteren om gevonden en bezocht te worden. Daarnaast bestaat er nog een groep inwoners die ‘digibeet’ is en/of niet beschikken over een computer thuis.

In Rhenen maken organisaties intensief gebruik van internet (ook het Cultuurplatform beschikt over een uitgebreide website), maar tegelijkertijd is men zich ervan bewust dat grote groepen niet de toegang hebben, zoals ouderen of lage inkomensgroepen binnen de gemeente. De uitdaging is hoe de informatie deze groepen ook bereikt. Veranderende relatie overheid-burger De ‘ik’- samenleving is veranderd in een netwerksamenleving. Burgers zoeken elkaar op, geholpen door de digitalisering, om gelijkgestemde doelen te realiseren. De kracht van burgerinitiatieven neemt sterk toe. 6

Burgers kijken niet meer automatisch naar de overheid om hun doelen gerealiseerd te krijgen, dat doen mensen steeds meer zelf, zie voorbeelden als energiecorporaties, broodfondsen of wijkcorporaties. De overheid wordt van bepalende spelverdeler een gelijkwaardige partner. Dat gaat niet zonder slag of stoot omdat de overheden moeten toegroeien naar die nieuwe rol. Rhenen biedt mooie voorbeelden hiervan, zoals het Cultuurplatform dat de cultuursector probeert te organiseren en te versterken, het museum dat ‘omgebouwd’ is van een gemeentelijk museum naar een museum van vrijwilligers, het ondernemersinitiatief ’t Brandtweer dat een netwerk wil opbouwen van (zelfstandig) ondernemers en maatschappelijk-culturele organisaties. Het vraagt van een overheid dat ze meebeweegt en zich als partner opstelt om dat wat groeit mogelijk te maken. Kwetsbaarheid van het vrijwilligersbestand Nederland is in de wereld koploper als het gaat om het aandeel vrijwillige burgers die hun vrije tijd steken in allerlei onbezoldigde maatschappelijke taken. Het is een belangrijke kurk waar de samenleving op drijft. Het heeft ook een kwetsbare kant want zodra de bevolking vergrijst, vergrijst een belangrijk deel van het vrijwilligersbestand. Nieuwe jonge aanwas is moeilijker te vinden.

In Rhenen wordt gewezen op de trend dat culturele verenigingen te maken hebben met veroudering van de vrijwilligers en dat het te vaak neerkomt op dezelfde actieve inwoners. Vrijwilligers zijn relatief vaak 50plus en organisaties vissen wat dat betreft in dezelfde vijver. Verjonging is de uitdaging en dat vraagt dat culturele organisaties op zoek gaan naar verbinding met deze leeftijdsgroepen, rekeninghoudend met hun manier van verbinding en inzet.

7

3.

Centrale opgaven, effecten en doelen

Op basis van de beschreven staat van de Rhenense cultuursector en de actuele trends onderscheiden we drie beleidsopgaven:

➢ Rhenen, een gemeente met een helder en pakkend cultuur-historisch profiel ➢ Rhenen, een gemeente met een cultureel aanbod dat bruist en verbindt ➢ Rhenen, een gemeente met een krachtige en eigenstandige cultuursector Hieronder volgt een uitwerking per beleidsopgave met een introductie, het beoogde (maatschappelijk) effect en de doelstellingen die bijdragen aan de realisatie van het effect. A.

Het cultuur-historisch profiel

Rhenen herbergt een cultuur-historische rijkdom, het is al vaker genoemd in de nota. Het maakt de plaats tot een unieke en aantrekkelijke locatie. Deze rijkdom wordt nog versterkt door het brede palet aan cultureel aanbod, waaronder de grote culturele evenementen die mensen van binnen en buiten Rhenen bezoeken. Met het nieuwe museum voegt de gemeente een nieuw element toe, dat mensen uitnodigt Rhenen te bezoeken. Haar bewoners zijn trots op de stad en al wat het bezit. Tegelijkertijd wordt die trots door de gemeente onvoldoende uitgevent. Passanten en bewoners mogen bij binnenkomst letterlijk meegenomen en verleid worden door alles wat de stad is en te bieden heeft. ‘Het is alsof je een willekeurig provinciestadje binnenrijdt en niets is minder waar’, zo merkte iemand op tijdens een van de gesprekken. De trends geven aan hoe het cultuur-historisch profiel kan bijdragen aan het vestigingsklimaat en hoeveel potentie Recreatie & Toerisme kan bieden. Cultuur kan in dat opzicht een belangrijke economische motor zijn. De beleidsvelden Cultuur en Recreatie&Toerisme zijn sterk met elkaar verweven. De komende periode wordt er gewerkt aan het opstellen van het beleid Recreatie &Toerisme. Mogelijk leiden de uitkomsten van dat traject tot nieuwe accenten in het profiel zoals hierboven beschreven is.

Effect: Het cultuur-historisch Rhenens profiel versterkt de potentie van de stad als vestigingsplaats en als toeristische trekpleister. Doelstellingen: 1.

Het vergroten van het bewustzijn onder bewoners en passanten over het cultuur-historisch profiel van de stad

Een eerste stap is dat gemeente, ondernemers, relevante partijen binnen de cultuursector en inwoners het cultuur-historisch profiel definiëren. Er bestaat onder organisaties (b.v. de Historische vereniging) en bewoners veel historische kennis die benut kan worden voor het definiëren van het profiel en het maken van verhalen. Het profiel vormt de basis voor communicatieve (PR) uitingen: digitaal, geschreven materiaal en uitingen in de openbare ruimte. Bij het laatste wordt gedacht aan bijvoorbeeld banieren en/of glazen platen langs de doorgaande hoofdweg die het unieke verhaal van Rhenen vertellen. Er zijn landelijk en internationaal voorbeelden hoe dat kan worden uitgewerkt. Aanvullend geldt dat de stad en dorpen goed toegerust dienen te zijn met verwijsborden zodat passanten alle interessante locaties weten te vinden. Het vraagt ook een goede samenwerking tussen gemeente, culturele aanbieders en lokale ondernemers, het gaat erom dat alle partijen het profiel omarmen en uitdragen. Voorstel: uitdragen van het profiel in de openbare ruimte.

8

2.

Het versterken van de binding met en de trots op de stad onder specifieke groepen, waaronder kinderen en nieuwe inwoners

Het is belangrijk dat specifieke groepen weten waar ze leven en wonen, dat ze de kennis hebben om zich te verbinden met de stad. Er bestaat al een breed aanbod aan culturele educatie gericht op de basis scholen. In de gesprekken ter voorbereiding op de nota is benadrukt dat de vertelling en verbeelding van de cultuurhistorie uniformer kan en verlevendigd. Het voorstel is om het bestaande leerpakket, het cultuurhistorisch menu, dat een leerpakket bevat voor de basisscholen. Dit pakket kan worden aangevuld met uit te zetten stadswandelingen, zodat kinderen daadwerkelijk de historie van de stad beleven. Een andere belangrijke groep zijn de mensen die zich nieuw vestigen in de gemeente. Het voorstel is om deze nieuwe ingezetenen groepsgewijs te verwelkomen, en te introduceren en rond te leiden in en door de stad. Aangevuld met eventuele documentatie zou deze groep een welkomstwoord door de burgemeester en stadswandeling worden aangeboden. Voorstel: organiseren van historische stadswandelingen voor kinderen en nieuwe inwoners, inclusief lespakket. B.

Het bruisend en verbindende culturele aanbod

Het cultureel aanbod in de stad is breed en divers. De uitdaging is dat het culturele veld in staat een aanbod neer te zetten dat meegroeit met de veranderende behoefte van de deelnemer en bezoeker. De uitdaging is ook dat het aanbod aansluit bij de behoefte van specifieke groepen, zoals de oudere jeugd en nieuwe inwoners, met specifieke aandacht voor de mensen met een andere etnische afkomst. Cultuur verbindt, want cultuur creëert een gezamenlijke bindende identiteit. Cultuur mag ook verbazen, verrassen en confronteren. Cultuur kan een basis bieden om met elkaar in gesprek te komen, om elkaar echt te ontmoeten en te leren kennen. Op die manier draagt Cultuur bij aan het brede ‘wij’-gevoel: tussen jong en oud, tussen mensen met en zonder religieuze achtergrond, tussen nieuwkomers en mensen die hier hun hele leven al wonen. Het gaat om aanbod dat vernieuwend is en kan ontstaan in de samenwerking tussen culturele aanbieders en tussen aanbieders en partijen van buiten de sector. Gesprekken ter voorbereiding op de nota laten zien dat dat vernieuwende aanbod en die vernieuwende samenwerkingsverbanden meer tot bloei mag komen. Juist dan wordt het aanbod aantrekkelijker en verbindender. Effect: Het cultureel aanbod bruist, vernieuwt en verbindt de verscheidenheid aan mensen die Rhenen huisvest. Doelstellingen: 3.

Het versterken van het diversiteit van het cultureel aanbod waardoor een groeiend deel van de inwoners het aanbod benut als beoefenaar dan wel als bezoeker.

De culturele sector dient mensen te verleiden en te enthousiasmeren om gebruik te maken van het aanbod. Dat vraagt van de sector dat ze weet heeft van de (veranderende) behoeften van inwoners, dat ze in gesprek is met nieuwe groepen inwoners die ze nu mogelijk nog niet weet te bereiken. Onder andere het Cultuurplatform kan een rol spelen om deze dialoog te stimuleren. Het vraagt om nieuwe samenwerkingsverbanden tussen aanbieders en tussen de sector en andere partijen om nieuw aanbod te ontwikkelen. Deze doelstelling appelleert ook aan de druk die er ligt bij het tanende vrijwilligersbestand. Het vraagt beweging om nieuwe groepen bewoners te binden en te stimuleren actief te worden. 4.

Het vergroten van de bijdrage van het cultureel aanbod aan de sociale binding tussen bewoners in al hun verscheidenheid.

Het culturele aanbod speelt een verbindende rol tussen mensen. Cultuur kan een ingang zijn om mensen op natuurlijke manier met elkaar in contact te brengen. Cultuur kan ook een ingang zijn om het ‘andere’ zichtbaar, bespreekbaar en/of acceptabel te maken. Rhenen kent het jaarlijkse evenement ‘Kleurrijk Rhenen’, waar mensen van diverse afkomst elkaar ontmoeten. Dat hoeft niet bij een jaarlijkse bijeenkomst te blijven, het kan inspireren tot meer activiteiten. Evenals genoemd onder doelstelling 3 ligt hier een uitdaging voor de sector en partijen erbuiten. Dergelijke initiatieven kunnen via het Cultuurfonds gestimuleerd worden (zie verderop). 9

5.

Het vergroten van de toegankelijkheid van het aanbod zodat iedereen in de gelegenheid is het cultureel aanbod te beleven, te beoefenen of te ervaren.

Het culturele aanbod moet in principe voor alle inwoners toegankelijk zijn, de dikte van de huishoudportemonnee mag niet bepalend zijn om te profiteren van het aanbod. Zeker voor de jeugd is dit voor hun vorming en sociale binding van belang. Het Jeugdfonds Sport en Cultuur biedt kinderen uit weinig draagkrachtige gezinnen de mogelijkheid via een tegemoetkoming om deel te nemen. Kinderen uit Rhenen maken gebruik van deze voorziening. Daarnaast is het belangrijk dat toegangsprijzen voor voorstellingen, uitvoeringen en dergelijke zodanig zijn dat ook hier het huishoudinkomen niet een barrière opwerpt.

6.

Het vergroten van de mogelijkheden om de lokale jeugd kennis te laten maken met culturele uitingen en/of zich in een of meer kunsten vaardigheden te ontwikkelen.

Een aantal grotere culturele instellingen biedt de jeugd de gelegenheid kennis te laten maken met culturele uitingen, en het mogelijk te maken dat de jeugd vaardigheden ontwikkelt binnen het aanbod dat cultuur biedt. Deze mogelijkheden worden sterk gewaardeerd door de gemeente en zullen verder gestimuleerd worden.

C.

De krachtige en eigenstandige cultuursector

Rhenen telt relatief veel verenigingen en organisaties die zich bezig houden met kunst en cultuur. Veel in relatie tot de omvang van de gemeente. Het Cultuurplatform heeft een Cultuurkaart opgesteld die een overzicht geeft van het geheel. Het nieuwe cultuurbeleid in 2012 zorgde ervoor dat de subsidierelatie tussen de gemeente en de afzonderlijke organisaties grotendeels stopte. Dit was een gevolg van de noodzakelijke bezuinigingen in die jaren. Via de instelling van het Cultuurplatform en het Cultuurfonds werd de sector zelf in positie gebracht om zich te organiseren en te bedruipen. Hoewel een totaaloverzicht ontbreekt, lijkt de sector er goed uitgekomen te zijn. Het is blijkbaar mogelijk geweest om verschillende verenigingen in stand te houden die zich op een zelfde gebied begeven, getuige de diverse zang- en koorgezelschappen en muziekverenigingen. Zoals al eerder opgemerkt, wordt door betrokkenen uit de cultuursector opgemerkt dat de organisaties nu nog te veel functioneren, ondanks de inspanning van b.v. het Cultuurplatform, vanuit ieders eigen eiland. Het lijkt er op dat de eigen autonomie voor sommige partijen meer voordelen kent dan wat samenwerking eventueel mogelijk zou kunnen maken. Het beleidsuitgangspunt blijft dat de culturele aanbieders zelf verantwoordelijk zijn voor het reilen en zeilen van de sector.

Gegeven de beschrijvingen in de voorgaande twee hoofdstukken liggen er uitdagingen die de sector vooral in gezamenlijkheid het hoofd kan bieden, zoals het tanend aantal vrijwilligers, de PR, de moeite die het soms kost om voldoende publiek te werven voor optredens en niet op de laatste plaats het vraagstuk van de gezamenlijke ruimte. Effect: De culturele aanbieders vormen tezamen een sterke cultuursector, waarbij het geheel meer is dan de som der delen Doelstellingen: 7.

Het continu versterken van het cultureel ondernemerschap

Het ingezette beleid uit 2012 wordt gecontinueerd: het uitgangspunt blijft dat sector zelf verantwoordelijk is voor haar functioneren, met de overheid als partner die vanuit haar rol een bijdrage levert (zie verderop). Dit uitgangspunt vraagt creativiteit en ondernemerschap van de afzonderlijke organisaties en van het geheel om te zien waar samenwerking en afstemming meerwaarde heeft. Organisaties dienen zelf zorg te dragen voor een sluitende begroting, verdere samenwerking zou mogelijk kostenbesparend kunnen zijn. De organisaties staan deels voor dezelfde uitdagingen. Een idee is om ieder jaar – als uitkomst van de Cultuurconferentie – een of twee thema’s te benoemen waar de aanbieders samen aan werken ter versterking van de eigen kracht of van de sector als geheel. Voorbeelden zijn: hoe te zorgen voor aanwas van nieuwe vrijwilligers, hoe kan het aanbod aantrekkelijk worden gemaakt voor jongeren en nog niet bereikte inwoners, hoe kan de PR beter worden 10

ingericht, etc. Een andere gedachte die naar voren kwam tijdens de gesprekken was de te onderzoeken mogelijkheid om een overkoepelende bestuur op te richten die werk uit handen kan nemen van de afzonderlijke verenigings- of stichtingsbesturen. Thema’s die door betrokken organisaties, met ondersteuning van het Cultuurplatform, verder uitgewerkt kunnen worden. 8.

Het creëren van samenwerkingsverbanden die de kracht van de sector en het aanbod versterken

Onder doelstelling 6 is al aangeven dat samenwerking deels noodzakelijk is om gezamenlijk gesignaleerde uitdagingen het hoofd te bieden. Uit de voorbereidende gesprekken komt naar voren dat onderlinge samenwerking soms moeilijk van de grond komt en dat partijen niet eenvoudig te bewegen zijn tot meer afstemming. Samenwerking is geen doel op zich maar dient meerwaarde op te leveren voor de eigen organisatie. De meerwaarde van samenwerking dient goed gedefinieerd te worden en/of zichtbaar gemaakt. Ander punt is dat ook hier in de nota gesproken wordt over de Rhenense cultuursector, maar bestaat er een dergelijke eenheid? Wat heeft de beeldende kunstenaar van doen met een balletschool of een zanggezelschap? Op het eerste oog waarschijnlijk weinig tot niets. Het antwoord op voorliggende uitdagingen ligt mogelijk niet altijd op de samenwerking binnen de cultuursector maar mogelijk meer op verbanden met partijen buiten de sector. 9.

Het creëren van een cultureel hart dat bijdraagt aan de identiteit en samenwerking van de cultuursector

Een frequent terugkerende wens vanuit de cultuursector is de eigen locatie voor culturele aanbieders. De gedachte is dat een eigen plek de onderlinge ontmoeting stimuleert en daarmee samenwerking en afstemming tot stand brengt. Hier moet voorzichtigheid betracht worden want er is geen sprake van een eenduidige wens. Dat is ook niet verrassend omdat de een expositieruimte zoekt, een ander ruimte met een hoog plafond voor het circus en weer een ander ruimte met goede akoestiek. De wensen zijn dus gevarieerd om tot een eenduidig geheel te komen. De wens is evenwel sterk en ruimte is meer dan een middel. Ruimte zorgt ervoor dat cultuur een gezicht heeft, een middelpunt, een wens om voor cultuur niet naar elders te moeten reizen. In hoofdstuk 6 wordt stilgestaan bij het mogelijke antwoord op de vraag.

11

4.

Aanpak

In dit hoofdstuk staan we stil bij de rol die de gemeente heeft en bij de middelen die ingezet (kunnen) worden ten behoeve van de realisatie van de beleidsdoelen. Daarbij zal het deels gaan om voorzetting van de huidige middelen en deels om de introductie van nieuwe voorstellen. A.

De gemeentelijke rol

De gemeente als beleidsverantwoordelijke De gemeente is verantwoordelijk voor het opstellen van haar Cultuurbeleid en voor het monitoren van de uitvoering en voortgang. Sinds 2012 draagt het Cultuurplatform bij aan de uitvoering van het beleid, dat in samenspraak met de sector is vormgegeven. De gemeente stelt jaarlijks een bedrag beschikbaar voor de aanstelling van de Cultuurcoördinator, die uitvoerende taken heeft ter ondersteuning van het Cultuurplatform. Daarnaast stelt de gemeente intern formatie-uren beschikbaar voor de gemeentelijke taken in de uitvoering. In het bestuursprogramma zijn extra formatieuren opgenomen ten behoeve van de uitvoering van het beleid. Het gaat in totaal om 0,5 fte, waarbij 9 uur is bedoeld voor Cultuur en de andere 50% voor het thema cultureel erfgoed. In de volgende paragraaf gaam we in op de verdeling van de uren voor Cultuur. De gemeente stelt sinds 2012 geen subsidies meer beschikbaar voor individuele culturele aanbieders. Dit beleidsuitgangspunt blijft gehandhaafd. Wel stelt de gemeente een financiële bijdrage beschikbaar voor de bekostiging van de Cultuurcoördinator, de website van het Cultuurplatform en een bijdrage voor het Cultuurfonds, waaruit activiteiten kunnen worden gefinancierd die verbinden en vernieuwend zijn.

Daarnaast heeft de gemeente dit jaar eenmalig een bedrag beschikbaar gesteld aan de drie professionele organisaties binnen de podiumkunsten. Volledigheidshalve melden we hier dat de gemeente Rhenen op basis van het raadsbesluit in 2016 het verzelfstandigde gemeentemuseum een jaarlijkse financiele bijdrage ontvangt op basis van de meerwaarden die het museum stedelijk biedt. Daarmee is de museumstichting en de bibliotheek de enige instellingen die als aparte instellingen een financiele bijdrage ontvangen. De gemeente als partner Sinds de Cultuurnota uit 2012 staat het cultureel ondernemerschap centraal. Culturele organisaties zijn vooral zelf verantwoordelijk voor hun voortbestaan. Daarbij geldt de gemeente als een belangrijke partner van het culturele veld en als beheerder/hoeder van het cultuur-historisch erfgoed. Als partner zet de gemeente kennis, organisatiekracht, budget en eventuele faciliteiten in. De gemeente onderschrijft ten volle het belang van cultuur en de doelen die daarbij nagestreefd worden. De gemeente als verbinder De rol van verbinder geldt op tweeërlei gebied. Ten eerste verbindt de gemeente beleidsterreinen, daarbij overziet ze de ontwikkelingen breder en geïntegreerder dan de culturele partners kunnen.

Ten tweede kan ze als partij een rol spelen in de verbinding tussen de cultuursector en andere partijen, bijvoorbeeld de verbinding met de ondernemers in of buiten de stad. De gemeente als facilitator Naast bovengenoemde rollen speelt de gemeente een faciliterende rol. Dat gebeurt via een financiële bijdrage en via het beschikbaar stellen van gratis ruimte of ruimtes voor een gereduceerd maatschappelijk tarief. Daarnaast speelt de gemeente een rol in het promoten van de culturele agenda, bijvoorbeeld via advertentieruimte in de Rhenense Betuwse Courant. B.

De middelen

In deze paragraaf gaan we in op de middelen die de gemeente inzet dan wel mogelijk maakt voor de uitvoering van het beleid. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen middelen die ingezet worden sinds invoering van het Cultuurbeleid in 2012 en die we continueren en middelen die in deze nota ingebracht worden als nieuwe voorstellen voor het beleid vanaf 2019. Bestaande middelen a. Cultuurplatform 12

Het Cultuurplatform is een onafhankelijke organisatie voor de culturele sector, met als doel de culturele sector te versterken, de onderlinge samenwerking, afstemming en nieuwe initiatieven te stimuleren en de culturele agenda te promoten. Het Cultuurplatform kent een eigen bestuur en diverse interne werkgroepen.

b. Cultuurcoördinator De coördinator ondersteunt het bestuur en levert een bijdrage aan de dagelijkse uitvoering van de taken van het platform. Voor de aanstelling van de coördinator en het in stand houden van de website is een bedrag beschikbaar van € 15.000 per jaar. c. Website Cultuurinrhenen.nl De website geeft een overzicht van de culturele aanbieders in Rhenen en promoot de culturele activiteiten die plaatsvinden in de gemeente. d. Cultuurfonds Via het Cultuurfonds zijn gelden beschikbaar voor evenementen die gedragen en georganiseerd worden door meerdere culturele aanbieders zodat langs deze weg de samenwerking en de vernieuwing in het aanbod worden gestimuleerd. Daarnaast financiert het fonds activiteiten die bijdragen aan de culturele profilering van de gemeente Rhenen. Het gaat in vele gevallen om een garantstelling, waarbij het geld alleen wordt besteed indien de begroting van de betreffende activiteit of evenement niet sluitend is. De gemeente stelt jaarlijks € 15.000 beschikbaar voor het Cultuurfonds. Het Cultuurplatform beheert het Cultuurfonds en een onafhankelijke adviescommissie brengt advies uit. e. Cultuurpact In 2017 heeft de gemeente een cultuurpact afgesloten met de provincie Utrecht Het gezamenlijk doel is kunst, erfgoed en cultuurlandschap te behouden en te bevorderen.

Daarbij gaat het om bestaande projecten waarin al wordt samengewerkt, maar ook om nieuwe projecten. Tot dusver zijn er nog geen nieuwe projecten opgestart. Voorstel 1: i. Het continueren van de huidige beleidsmiddelen, zoals hierboven beschreven.

Nieuwe voorstellen a. Cultuurprijs Het voorstel is om een jaarlijkse Cultuurprijs in te stellen voor personen of organisaties die een bijzondere bijdrage hebben geleverd aan de Rhenense Cultuur. Er wordt voor de zomer een concreet voorstel uitgewerkt met vastlegging van de criteria, uitvoering, prijzenbedrag en bekostiging. De geldrpijs wordt gefinancierd uit het al beschikbare werkkapitaal. Voorstel 2: Uitwerken van een voorstel voor de instelling van een jaarlijkse Cultuurprijs voor individuen of organisaties die een bijzondere bijdrage hebben geleverd aan de Rhenense Cultuur.

b. Kunst in de openbare ruimte In het evaluatierapport van de Cultuurnota ‘ Samen bouwen aan Cultuur’ staat de aanbeveling om een beleidsvoorstel uit te werken over ‘Kunst in de openbare ruimte’. Deze aanbeveling is nog niet gerealiseerd maar de urgentie wordt wel onderstreept omdat de gemeente verzoeken of aanbiedingen krijgt voor (ver)plaatsing van kunst in de openbare ruimte. Voorstel is om de aanbeveling alsnog op te volgen en nog dit jaar een concept regeling te presenteren. Een dergelijke regeling is niet alleen gericht op het beheer (plaatsen en verplaatsen van elementen), maar ook op het onderhoud van gemeentelijke elementen in de openbare ruimte. Hieronder vallen kunstwerken, maar ook gemeentelijke monumenten, zoals de zonnewijzer. Bij het opstellen van deze regeling kan gebruik worden gemaakt van bestaande praktijken van andere gemeenten. 13

Voorstel 3: Uitwerken van een voorstel voor de regeling ‘ Kunst in de openbare ruimte’.

c. Culturele hart Voor voorstellen inzake het gewenste culturele hart wordt verwezen naar het volgend hoofdstuk.

5.

Aanbevelingen voor accommodatiebeleid

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de lang bestaande wens voor de ontwikkeling van een cultureel hart in Rhenen. In de recente gesprekken zijn drie wensen naar voren gekomen: a. Een theater – podium voorziening; b. Een cultureel centrum voor de Cultuur; c. Expositie- en atelierruimtes voor de beeldende kunstenaars. Hieronder worden de afzonderlijke wensen verder toegelicht, inclusief een voorstel. Vooraf moet worden benadrukt dat er vanwege de tijdsplanning nog geen gelegenheid is geweest om een inventariserend en compleet overzicht te maken van de wensen per culturele aanbieder. In het verleden zijn dergelijke onderzoeken geweest maar de gegevens dienen geactualiseerd te worden en aangevuld met extra gegevens. Dit kan snel worden opgepakt zodat er een realistisch overzicht is van de wensen en eisen per aanbieder, inclusief de beantwoording van de vraag of en waarin de huidige locatie van de aanbieder tekortschiet. Tegelijkertijd benadrukken we hier dat de gemeente culturele aanbieders ondersteunt in hun accommodatiebehoefte als zij een concrete bijdrage leveren aan de beleidsdoelen zoals hier beschreven zijn. Dat betekent dat dergelijke aanbieders gebruik moeten kunnen maken van beschikbare ruimten binnen de gemeenten. Ad. a

theater-podium voorziening

Wens Doel Gebruiksintensiteit Relativering Huidig gebruik

Ad. b

een accommodatie voor grotere voorstellingen en optredens met een capaciteit voor 400 bezoekers en een podiumgrootte van 12 x 14 meter het creëren van een voorziening zodat voorstellingen en dergelijke plaats kunnen vinden in het Rhenense, zodat cultuur ook hier beleefd en ervaren kan worden de voorziening zal ongeveer 12 keer per jaar gebruikt worden met gebruikspieken voor de zomer- en kerstvakantie de gebruiksintensiteit rechtvaardigt geen eigenstandige voorziening van een dergelijke afmeting er zijn op verschillende locaties wel podia beschikbaar van kleinere omvang: zoals in de Vlam, in het museum en bij sommige horecagelegenheden. Daarnaast biedt de Cunerakerk een grotere voorziening.

cultureel hart

Wens Doel

Gebruiksintensiteit Relativering

een locatie in het centrum waarbij bij voorkeur de benedenstad verder wordt ontwikkeld tot cultureel hart het creëren van een hart waar culturele aanbieders elkaar kunnen ontmoeten, inspireren, samenwerken en nieuw aanbod creëren. En waar culturele aanbieders en hun gebruikers cultuur beleven en beoefenen er is bij het schrijven van de nota onvoldoende actuele informatie voorhanden om een uitspraak te doen over de omvang en de gebruiksintensiteit het is de vraag of het mogelijk is alle wensen vanuit het diverse veld te bundelen in een voorstel. Daarnaast moet de ruimtebehoefte ook gekoppeld worden aan de tarief dat door de aanbieder kan worden opgebracht 14

Huidig gebruik

Ad. c

de beeldende kunst

Wens Doel Gebruiksintensiteit Relativering

Huidig gebruik

6.

de culturele aanbieders maken nu gebruik van ruimtes op allerlei plekken verspreid over Rhenen. Dat kan thuis zijn, in een horecagelegenheid of in andere locaties zoals de Gedachteniskerk of de Westpoort

de beeldende kunstenaars willen een locatie die atelier-, workshop- en expositieruimte biedt, bij voorkeur in het centrum het creëren van een locatie die beeldend kunstenaars verbindt, een werkplek en een podium biedt er is onvoldoende informatie om de behoefte om te zetten in een ruimtewens het Kunstcollectief Rhenen is in 2018 opgeheven en een groep van 9 beeldend kunstenaars heeft een doorstart gemaakt en gaat verder onder de naam Rheactief. In Rhenen zijn naar veel beeldend kunstenaars werkzaam en het is niet duidelijk hoe groot de behoefte en vraag is onder de gehele groep de beeldend kunstenaars maken gebruik van diverse locaties, velen werken vanuit eigen huis

Financieel kader

In onderstaande tabel staan de bedragen opgenomen die begroot zijn, er wordt derhalve geen extra financiele middelen gevraagd. De bedragen conform de huidige begroting zijn als volgt: Item

Benodigd budget

Dekking (2019 e.v.)

Website**** Werkbudget cultuur Cultuurcoördinator**** Cultuurfonds**** Bijdrage professionele podiumkunsten Bijdrage stadsmuseum Bijdrage openbaar bibliotheekwerk Bijdrage Muziekorientatie

€ 1.500 € 5.000 € 13.500* € 15.000 € 10.000

Reguliere begroting Structureel vanaf 2019 Reguliere begroting Reguliere begroting Incidentele middelen 2019

€ 63.600** € 294.000***

Reguliere begroting Reguliere begrotng (Welzijn)

€ 8.500

Reguliere begroting

Totaal

€ 411.100

* Dit bedrag is exclusief de uitbreiding met de in geld uitgedrukte 5 uur extra, die in het voorstel worden toegevoegd aan het budget voor de Cultuurcoordinator. ( zie ook pagina 11 onder voorstel 1) ** Het werkelijk jaarlijkse subsidiebedrag komt op € 233.000. Dit bedrag is echter inclusief de bijdrage aan de huur die de Stichting vervolgens aan de gemeente retourneert (€ 169.400), de jaarlijkse netto subsidie aan het museum komt daarmee op € 63.600 . *** Dit bedrag staat in de begroting Welzijn maar deels worden hiermee culturele activiteiten gefinancierd. De precieze hoogte van het bedrag dat toe te rekenen is aan Cultuur is niet bekend. ****deze bedragen worden jaarlijkse geindexeerd.

Op basis van de twee bronnen hebben we een benchmark uitgevoerd met als doel een vergelijk te maken tussen de gemeente Rhenen en gemeenten van vergelijkbare grootte inzake het budget dat besteed wordt aan Cultuur. Uit de bron ‘ Waarstaatjegemeente.nl’ kunnen we opmaken dat Rhenen € 154 pr inwoner besteed aan sport, cultuur en recreatie gezamenlijk tegenover € 194 per inwoner in vergelijkbare gemeenten. Uit de bron ‘ Financiengemeenten.nl’ maken we op dat de gemeente Rhenen € 24,80 uitgeeft per inwoner aan Cultuur, tegenover € 28,70 door vergelijkbare gemeenten. Tenslotte zgeeft dezelfde bron aan dat Rhenen € 5.40 per inwoner besteedt aan uitgaven museum, tegenover € 5.70 door vergelijkbare gemeenten. 7.

Bijlagen a. Evaluatie Cultuurnota ‘ Samen bouwen aan Cultuur’ b. Informatienota Stand van zaken Cultuur

15

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10095322/1