Bijlage 3 Notulen Uitgewerkt Stakeholdersbijeenkomst Sociaal Domein 10-03-2021
Tekst van het document
DATUM
15-02-2021
PROJECTNUMMER
340.119
OPDRACHTGEVER
Gemeente Rhenen
Verslag Stakeholdersbijeenkomst Sociaal Domein Rhenen Woensdag 10 maart 2021 heeft er een gesprek plaatsgevonden met belanghebbenden uit het sociaal domein in Rhenen. Het gesprek vond plaats in het kader van de actualisatie van de Woonvisie van Rhenen. Tijdens dit gesprek konden belanghebbenden input geven op de onderzoeksresultaten en deze aanscherpen met hun inzichten. De resultaten van deze sessie zullen worden gebuikt om de actualisatie van de Woonvisie van Rhenen te onderbouwen. Aanwezigen Deelnemers
Organisatie
Barth van Eeten Jelte Bloemzaad Karin Wortelboer Willeke Rosendaal Zwaantje van ’t Veer Bram Klouwen Bas de Ruigh Jan van Deursen Henk van Rees Hans Buskens Rachael Stoll Herman van Bussel Elly Kamerbeek Mirjam Groenendijk Anno Nijholt
Gemeente Rhenen Gemeente Rhenen Gemeente Rhenen Gemeente Rhenen Gemeente Rhenen Companen Companen Companen Compleet Mensenwerk (Fasehuis Rhenam Compleet Mensenwerk Santé Gezondheid Stichting Welzijn Ouderen Adviesraad Sociaal Domein QuaRijn
Ouderen Huisvesting • Tijdens de sessie worden prognoses naar de vraag voor de verschillende wonen met zorg vormen besproken (geclusterd wonen, 24-uurs zorg etc.). De stakeholders vragen zich af of deze prognose van de vraag een “beleidsarme” prognose is of dat hij is toegespitst op de context in Rhenen. Companen verduidelijkt dat dit op een “beleidsarme” prognose gaat op basis van lokale en landelijke data die aangescherpt zal worden op basis van de terugkoppeling van de stakeholders. • Vanuit de stakeholders komt naar voren dat de invloed van de WMO misschien niet goed door is gerekend en dat de vraag naar geclusterd wonen wordt overschat. Dit komt vooral door de Rhenense
•
•
•
•
•
context. Veel senioren hebben een eigen vrijstaande woning en willen die niet zomaar opgeven. Er is een wens om zo lang mogelijk thuis te blijven wonen onder senioren. Ook is er een hechte kerkelijke gemeenschap die zorgt voor veel sociale cohesie waar ouderen bij willen blijven horen. De hechte gemeenschap zorgt op zijn beurt weer voor goede mantelzorgnetwerken die als preventie kunnen dienen voor professionele zorg. Vanuit de ouderen organisaties komt het geluid dat het afschalen van de verzorgingstehuizen een grote impact heeft gehad in Rhenen. Er is daardoor wel degelijk veel vraag naar goedkopere geclusterde woningen in het sociale segment. Er is op dat gebied niet genoeg gerealiseerd in de afgelopen jaren. Ook zijn er momenteel tekorten op het gebied van intensieve zorg (24-uurszorg), vooral onder ouderen met lagere inkomens. Die blijven te lang thuis wonen. Met de oplevering van “de Linden” zijn 24 zware zorgplaatsen gerealiseerd, maar er is nog een structureel tekort van 50 plaatsen voor intensieve zorg. Vanuit de aanwezige zorgaanbieders komt naar voren dat zij niet teveel willen inzetten op extra intensieve zorgplekken en geclusterd wonen met professionele zorg. Er is daar niet genoeg grond en personeel voor. Ook zou het te duur worden. Door te kijken naar preventie via de WMO evenals geclusterde woonvormen waar ouderen elkaar kunnen helpen (bijv.
knarrenhofjes) kan dit probleem aangepakt worden. Dit zal de verblijfsduur in de intensieve zorg doen afnemen van 2.2 jaar gemiddeld nu, naar 9 maanden in de toekomst. De druk op de psychogeriatrische 24-uurszorg (PG) zal toenemen, maar dit kan gedeeltelijk opgevangen worden door een afname in de vraag naar somatische 24-uurszorg als gevolg van preventie en mantelzorg. Vanuit de groep komt ook naar voren dat er een grens zit aan wat er opgevangen kan worden door preventie en innovatieve geclusterde woonvormen. Deze grens ligt momenteel bij de indicatie “verzorgingshuis”. Wel vindt er een generatie wissel plaats waar ouderen hier eerder over na gaan denken en naar levensloopbestendige woonvormen zoeken. Tot slot wordt meegegeven dat de vraag in de kleine kernen niet vergeten mag worden. Zeker omdat daar de afgelopen jaren bijna geen aanbod gerealiseerd is. Stakeholders geven mee dat woonzorgvormen in het programma een vertaling moeten krijgen naar huur/koop/sociale huur etc. Ook moet niet alleen in stenen gedacht moet worden maar in “de benutting van de stenen”. Via de toewijzing van sociale woningbouw en toewijzing van zorg zijn er kansen om de capaciteit te beheersen. De wethouder geeft aan dat ouderenhuisvesting een prioriteit is voor de gemeente. De komende 3 jaar zullen er zo’n 100 eenheden gereedkomen voor geclusterd wonen. Die zitten zowel in Achterberg, Rhenen en Elst.
Verder moet alle nieuwbouw levensloopbestendig zijn.
Huisvesting voor mensen met een verstandelijke beperking • Stakeholders geven aan dat de schattingen in de prognose naar de vraag naar woningen voor mensen met een verstandelijke beperking in principe goed zijn. Wel wordt afgevraagd of het alleen gaat om mensen uit Rhenen of ook om mensen die in Rhenen ingeschreven staan maar niet uit Rhenen komen. Vanuit Companen wordt verklaard dat het om mensen gaat die ingeschreven staan in Rhenen met een VGZ indicatie. Het klantbestand van Zideris moet hier nog in worden meegenomen. Dit zal wel moeten gebeuren om de trend prognose af te maken. • Uit het gesprek komt naar voren dat mensen met een verstandelijke beperking meer thuis moeten blijven wonen maar dat deze mensen steeds meer moeite hebben om zich staande te houden in de samenleving. Een steunpunt in de wijk zou hierbij kunnen helpen. De locatie van Zideris aan de Veenendaalse Weg zou hier goed kunnen werken. • Ook wordt gedacht aan het creëren van zelfstandigheid door middel van domotica en het zo veel mogelijk normaliseren doormiddel van participatie in groep/welzijnsactiviteiten in de wijk. Dat kan
2
•
helpen om mensen te integreren in de wijk. De wethouder geeft aan dat de gemeente geïntegreerde wijken wil zien waar mensen met een beperking niet geclusterd worden. Stakeholders geven wel aan dat de huidige voorraad heel beperkt is. Stakeholders zijn jaren bezig om geschikte woonruimte te vinden. Er is heel weinig sociale huur en heel veel koop in Rhenen. Ook merken stakeholders op dat het ambtelijk apparaat bij de gemeente niet altijd snel genoeg handelt op het moment dat een kans zich aandient. Er zijn kansen voor de afdelingen Ruimtelijke Ordening en Sociaal Domein (WMO) om beter samen te werken en zo plannen/kansen snel te realiseren.
Huisvesting BW/MO/Jeugd • Stakeholders geven aan dat uitstroom beperkter is dan wordt aangegeven in de prognoses. De inschatting van 20-25 BW cliënten is te hoog. De huidige woonvisie gaat uit van 6 plekken en die zijn tot nu toe nog nooit nodig geweest. Mensen stromen zeldzaam terug naar de gemeente van afkomst. Ook blijven mensen langer thuis wonen en hebben dan niet altijd een BW indicatie nodig. • Voor het fasehuis wordt gesproken met 8-12 cliënten die op zichzelf willen gaan wonen maar die hebben veel begeleiding nodig. • De gemeente geeft aan dat ze vanuit de jeugdzorg 6-8 personen voorbij zien komen. Die gaan vaak zwerven omdat zorg na 18 jaar niet goed geregeld is. Deze mensen hebben niet direct een behoefte aan beschermd wonen. De zorgpartijen hebben ingezet op ambulantisering wat de zorgvraag zou kunnen verklaren. • Vanuit Companen wordt aangegeven dat er vaak clustering is tussen gemeentes met instellingen en gemeentes zonder instellingen. In de gemeentes met instellingen zullen deze mensen ook vaak decentraliseren. Dit zal meer zijn dan 1-2 personen. Ook is het beleid erop gericht om binnen de gemeente van afkomst te decentraliseren. Ede zal een centrumfunctie blijven behouden maar het aantal uitstromers in Rhenen zal ook groeien. Dit is een regionale opgave en zou zo gedeeltelijk opgevangen kunnen worden in de regio.
Wat verder ter tafel komt • De stakeholders geven nog een aantal dingen mee waarmee rekening gehouden zal moeten worden tijdens de actualisatie. Deze zijn: o De nadruk ligt nu erg op ouderen. De noodzaak voor de doelgroep VG is groot en zal geadresseerd moeten worden. o Zorg dat bewoners bij de visie betrokken worden. Dit kan inzichten geven in hoe de bestaande voorraad aangepast zou kunnen worden. o Veel woonvormen zijn geschikt voor verschillende doelgroepen. Zo zouden er meerdere vliegen in één klap kunnen slaan. Dat kan nieuwe problemen opleveren en is niet altijd mogelijk maar het zou wel onderzocht moeten worden.
3