Bijlage 2 Bijlagen bij de toelichting Bestemmingsplan Cuneraweg 136-138 - Achterberg
Tekst van het document
<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50
7 7 7 10,5 7 7 35
-
50
50
325
600
µg/L
Gebruikte afkortingen *
S
300 <0,20 4,8 11 <0,050 <2,0 21 <2,0 130
Overschrijding Streefwaarde
-
RG
µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L
Legenda Nr.
Oordeel
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/ N.B.: de vermelde tussenwaarde is door PAIS berekend en is niet afkomstig uit BoToVa
0,14 0,07 0,07 0,14 0,14 0,14 0,14 0,42
0,77 Geen oordeel mogelijk
Bijlage 5
Resultaten vooronderzoek
Topotijdreis.nl Tot 1957:
1977-heden:
1958-1976:
Informatie overheid en/of opdrachtgever
21-2166 Achterberg – geoloket
Bijlage 6
Kwaliteitsaspecten van het onderzoek
Waarborging kwaliteit / Certificering De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd conform de eisen uit het ‘Besluit uitvoeringskwaliteit bodembeheer’ (Kwalibo). Dit besluit richt zich op kwaliteit en integriteit van de bodemintermediair, in deze specifiek: Inventerra. Bodemintermediairs moeten bij het uitvoeren van kritische functies door of onder directe leiding van daartoe erkende medewerkers onafhankelijk zijn van hun opdrachtgevers om hun integriteit te borgen. De eis van verplichte functiescheiding ten aanzien van de zogeheten kritische functies betreft alleen de relatie opdrachtgever (indien eigenaar) versus bodemintermediair. Bij iedere (potentiële) opdracht wordt voor de uitvoering van de kritische functies gecontroleerd of van functiescheiding sprake is. Inventerra is geen eigenaar van de onderzoekslocatie beschreven in dit rapport en heeft geen belang bij de uitkomsten van het bodemonderzoek. Inventerra is gecertificeerd conform ISO 9001 en voor het uitvoeren van veldwerk bij bodemonderzoek conform BRL SIKB 2000, protocollen 2001, 2002 en 2018. De naleving van de kwaliteitseisen en –procedures wordt periodiek getoetst door interne en externe auditors, onder toezicht van de Raad voor Accreditatie (RvA). De voor het bodemonderzoek benodigde analyses van grond en grondwater worden uitgevoerd door een RvA geaccrediteerd laboratorium.
Deze accreditatie garandeert dat bij de analyses consequent de juiste en vastgestelde procedures worden gehanteerd zodat de resultaten een hoge betrouwbaarheid hebben. Betrouwbaarheid / garanties Het bodemonderzoek wordt op zorgvuldige wijze uitgevoerd volgens algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Hoewel naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek wordt gestreefd, is steeds het risico aanwezig dat eventuele lokale afwijkingen in het bodemmateriaal niet worden gedetecteerd. Het onderzoek is namelijk gebaseerd op een beperkt aantal boringen en een beperkt aantal chemische analyses. Tevens wordt er op gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Nadien kan mogelijk door externe factoren de bodemkwaliteit veranderen. Aan de resultaten van het onderzoek kan derhalve geen absolute waarde worden toegekend. Elke aansprakelijkheid voor schade ten gevolge van een discrepantie tussen de bij het onderzoek gebleken bodemkwaliteit en de feitelijke bodemkwaliteit is uitgesloten. Over de voor het vooronderzoek geraadpleegde bronnen en verkregen informatie wordt opgemerkt dat deze niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Inventerra afhankelijk van deze bronnen, waardoor Inventerra niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.
datum 10-5-2021 dossiercode 20210510-10-26419 Afsprakennotitie voor ruimtelijke plannen met mogelijk een groot waterbelang (normale procedure)
Algemeen Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van Rijk, Provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuishoudkundige aspecten. Via de digitale watertoets is beoordeeld of en welke waterbelangen voor het plan relevant zijn.
Beoordeling Binnen het plangebied liggen een of meerdere belangrijke oppervlaktewateren, waterkeringen of gebieden die zijn aangewezen voor regionale waterberging. Dit betekent dat mogelijk daarmee primaire waterbelangen worden geraakt.
In het specifieke geval van het plan "Cuneraweg 136-138, Achterberg" gaat het om de belangen:
● Leggerwatergangen met beschermingszones
Over de hierboven genoemde primaire belangen wil het waterschap graag in gesprek met de initiatiefnemer van het plan. Binnen 2 weken wordt u benaderd voor het plannen van een overleg.
Aandachtspunten Naast de primaire waterbelangen, zullen in het overleg ook een aantal algemene en gebiedsspecifieke aandachtspunten voor water aan de orde komen.
Algemene aandachtspunten Vasthouden - bergen - afvoeren Een belangrijk principe is dat een deel van het hemelwater binnen het plangebied wordt vastgehouden en/of geborgen en dus niet direct afgevoerd wordt naar de riolering of het oppervlaktewater. Hiermee wordt bereikt dat de waterzuiveringsinstallatie beter functioneert, verdroging wordt tegen gegaan en piekafvoeren in het oppervlaktewater (met eventueel wateroverlast in benedenstrooms gelegen gebieden) wordt voorkomen. Bij lozing op oppervlaktewater zal hiervan een melding gedaan moeten worden bij het waterschap.
Grondwaterneutraal bouwen Om grondwateroverlast te voorkomen adviseert het waterschap om boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) te ontwerpen. Dit betekent dat aspecten zoals ontwateringsdiepte en infiltratie van hemelwater, beschouwd worden ten opzichte van de GHG. Het structureel onttrekken / draineren van grondwater is geen duurzame oplossing en moet worden voorkomen. Het waterschap adviseert de initiatiefnemer dan ook om voorafgaand aan de ontwikkeling een goed beeld te krijgen van de heersende grondwaterstanden en GHG. Eventuele grondwateroverlast is in eerste instantie een zaak voor de betreffende perceeleigenaar.
Schoon houden - scheiden - schoon maken Om verontreiniging van bodem, grond- en/of oppervlaktewater te voorkomen is het van belang dat het afstromende hemelwater niet verontreinigd raakt. Dit kan door nadere eisen / randvoorwaarden te stellen aan bijvoorbeeld de toegepaste (bouw)materialen. Wij vragen de initiatiefnemer om duurzame bouwmaterialen te gebruiken. De gemeente kan u hiermee verder helpen.
Tot slot Heeft u vragen of opmerkingen over deze watertoetsapplicatie? Laat het ons per mail weten [watertoets@vallei-veluwe.nl]. Voor dringende watertoetszaken kunt u ons telefonisch bereiken op 055 - 52 72 911.
Team Watertoets, Waterschap Vallei en Veluwe
Disclaimer Waterschap Vallei en Veluwe streeft ernaar om correcte en actuele informatie in deze watertoetsapplicatie aan te bieden. Aan het beschikbaar gestelde kaartinformatie kunnen geen rechten worden ontleend. Waterschap Vallei en Veluwe aanvaard geen aansprakelijkheid voor enige vorm van schade naar aanleiding van het gebruik of de informatie die via deze applicatie beschikbaar wordt gesteld. www.dewatertoets.nl
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg Gemeente Rhenen
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
1
Gegevens over het plan: Plannaam: Datum: Projectnummer Buro SRO:
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg 12-05-2021 46.20.10
Gegevens projectbetrokkenen: Opdrachtgever:
Familie Van der Meijden
Gegevens Buro SRO: Projectleider Buro SRO: Bezoekadres vestiging Arnhem: Telefoon: E-mail: Internet:
Dhr. L. Arends Sweerts de Landasstraat 50 6814 DG te Arnhem 026 – 35 23 125 arnhem@buro-sro.nl www.Buro-SRO.nl
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
2
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1
Inleiding ................................................................................................................................. 5
1.1
Doelstelling onderzoek .......................................................................................................................... 5
1.2
Projectbeschrijving ................................................................................................................................ 5
1.3
Maatgevende Natura 2000-gebieden.................................................................................................... 6
Hoofdstuk 2
Wettelijk kader ...................................................................................................................... 8
2.1
Landelijke wet- en regelgeving .............................................................................................................. 8
2.2
Voortoets ............................................................................................................................................... 8
2.3
Passende beoordeling ........................................................................................................................... 9
Hoofdstuk 3
Berekeningssystematiek ....................................................................................................... 10
3.1
Gebruikt rekenmodel........................................................................................................................... 10
3.2
Input rekenmodel ................................................................................................................................ 10
3.2.1 Toekomstig gebruik .............................................................................................................................. 10 3.2.2 Aanlegfase ............................................................................................................................................ 10 Hoofdstuk 4
Resultaten berekening .......................................................................................................... 12
4.1 Gebruiksfase ................................................................................................................................................ 12 4.2 Aanlegfase ................................................................................................................................................... 13 Hoofdstuk 5
Conclusies ............................................................................................................................. 16
Bijlagen
.............................................................................................................................................. 17
Bijlage 1: Toelichting uitgangspunten aanlegfase ............................................................................................. 19 Bijlage 2: AERIUSberekening toekomstig gebruik ............................................................................................. 21 Bijlage 3: AERIUSberekening aanlegfase ........................................................................................................... 23
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
3
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
4
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Doelstelling onderzoek
Ten westen van de Cuneraweg 136 in Achterberg wordt een nieuwe woning gebouwd. Doel van dit onderzoek is toetsing van mogelijke (negatieve) effecten op Natura 2000-gebieden, als gevolg van de activiteiten die het bestemmingsplan mogelijk maakt, aan de Wet natuurbescherming. Ten behoeve van een voortoets in het kader van de Wet natuurbescherming is de toekomstige gewenste situatie gemodelleerd op basis van de aangeleverde gegevens door de opdrachtgever, ervaringscijfers en kengetallen. De depositie is op de omliggende Natura 2000-gebieden berekend en getoetst of het plan (mogelijke) significant negatieve effecten veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000gebieden. Voorliggende rapportage geeft een overzicht van de gehanteerde uitgangspunten en rekenmethodiek, de berekende resultaten en de conclusie.
1.2
Projectbeschrijving
Het plangebied is gelegen aan de Cuneraweg 136-138 te Achterberg. Onderstaande afbeelding toont de ligging van het plangebied in de omgeving.
Ligging van het plangebied
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
5
Ten westen van de Cuneraweg 136 in Achterberg wordt een nieuwe woning gebouwd.
Afbeelding toekomstige situatie
1.3
Maatgevende Natura 2000-gebieden
Voor het uitvoeren van de stikstofdepositieberekening moet rekening gehouden worden met Natura 2000gebieden. AERIUS toetst automatisch aan alle Natura 2000-gebieden in Nederland en aan nabijgelegen buitenlandse Natura 2000-gebieden. Het meest nabijgelegen en maatgevende Natura 2000-gebied voor dit project is Rijntakken. Deze ligt op een afstand van circa 2.1 km van het project. Op de afbeelding hieronder zijn het plangebied en de betreffende Natura 2000-gebieden weergegeven.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
6
Ligging plangebied in relatie tot de maatgevende Natura 2000-gebieden
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
7
Hoofdstuk 2 2.1
Wettelijk kader
Landelijke wet- en regelgeving
In het kader van de toets aan de Wet Natuurbescherming wordt bepaald of een project of plan (mogelijke) significant negatieve effecten veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. Voor plannen en projecten dient middels een voortoets, eventueel gevolgd door een passende beoordeling, getoetst te worden of het plan mogelijk significant negatieve effecten kan hebben op gevoelige habitattypen die gelegen zijn binnen omliggende Natura 2000-gebieden. De beoordeling van plannen, projecten en andere handelingen is uitgewerkt in paragraaf 2.3 van de Wet natuurbescherming. Met het verdwijnen van het Programma Aanpak Stikstof is de ontwikkelingsruimte en standaard grenswaarde voor projecten niet meer beschikbaar. Op 16 juni 2020 hebben provincies de geldende beleidsregels voor intern en extern salderen vastgesteld. Dit vormt het nieuwe beleid op basis waarvan de vergunningverlening binnen de Wet natuurbescherming met betrekking tot stikstofdepositie plaatsvindt.
2.2
Voortoets
Een voortoets heeft tot doel te onderzoeken of er sprake kan zijn van significante gevolgen voor beschermde Natura 2000 gebieden. De significantie van de gevolgen voor een gebied als gevolg van een plan worden afgezet tegen de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied. De instandhoudingsdoelstellingen zijn neergelegd in het aanwijzingsbesluit en zijn uitgewerkt in het beheerplan voor dat gebied. Wanneer een plan of project gevolgen heeft voor het gebied, maar de instandhoudingsdoelstellingen daarvan niet in gevaar brengt, zijn significante gevolgen uitgesloten. Bij de voortoets wordt bekeken of het bestemmingsplan afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben. In hoeverre stikstofdepositie voor significante gevolgen op Natura 2000-gebieden kan zorgen, wordt in eerste instantie bepaald door te bezien of de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt tot een toename van stikstofdepositie leiden. Hierbij mag een vergelijking worden gemaakt met het bestaande gebruik binnen het project zelf (intern salderen) of mag met het stoppen van een stikstofuitstotende activiteit elders worden gecompenseerd (extern salderen).
Van plannen die ten opzichte van de feitelijke situatie geen toename van de stikstofdepositie veroorzaken op Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige habitats waarvan de Kritische Depositie Waarde (KDW) wordt overschreden, zijn significante gevolgen met zekerheid uit te sluiten. In dat geval hoeft geen passende beoordeling te worden opgesteld. Wanneer sprake is van een berekende toename van stikstofdepositie kleiner dan of gelijk aan 0,05 mol/ha/jr valt deze binnen de jaarlijkse fluctuatie van stikstofdepositie. Ecologische effecten van een dermate geringe toename zijn in het veld niet meer proefondervindelijk meetbaar, zeker niet op afstanden van meer dan 10 km. Bij een dergelijke geringe toename kan een aantasting van de natuurlijke kenmerken van stikstofgevoelige habitattypen met zekerheid worden uitgesloten. De hoeveelheid stikstofdepositie die met deze toename gepaard gaat heeft geen ecologische betekenis voor de betreffende vegetatie, omdat de hoeveelheid stikstof (N) plantenfysiologisch irrelevant is. Een dergelijke lage bijdrage is, in verhouding tot een achtergrondwaarde van 1.500 tot 2.000 mol N/ha/jaar, de in de bodem aanwezige voorraden van doorgaans meer dan enkele duizenden mol N/ha en de feitelijke stikstofbehoefte van de habitattypen, verwaarloosbaar.
De 12 provincies hebben daarom bepaald dat een project met alléén kleine tijdelijke deposities in de aanlegfase kleiner dan of gelijk aan 0,05 mol N/ha/jaar gedurende maximaal 2 jaar (of een equivalent hiervan) in beginsel niet vergunningplichtig is voor het aspect stikstofdepositie.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
8
In het geval uit de voortoets blijkt dat: de ontwikkeling wel kan leiden tot een toename van stikstofdepositie op één of meer in het kader van Natura 2000 beschermde stikstofgevoelige habitat; van deze habitats de KDW al wordt overschreden of door de toename van de stikstofdepositie kan worden overschreden; dient een volgende stap gezet te worden. Op dat moment wordt door middel van een ecologische voortoets onderzocht of ecologische significante effecten uitgesloten kunnen worden. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om kleine deposities en/of deposities voor een korte tijd. Mocht dat laatste ook niet het geval zijn dan is een passende beoordeling noodzakelijk.
2.3
Passende beoordeling
Wanneer een plan significante negatieve gevolgen kan hebben, moet het bestuursorgaan ingevolge de Wet natuurbescherming een passende beoordeling opstellen vóórdat het plan kan worden vastgesteld. Deze passende beoordeling moet de zekerheid geven dat de natuurlijke kenmerken van het betreffende gebied niet worden aangetast. Het bestemmingsplan zal rekening moeten houden met de in het aanwijzingsbesluit voor het betrokken gebied vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen en de wijze waarop deze zijn uitgewerkt in het voor het gebied vastgestelde beheerplan. Als het bevoegd gezag (in veel gevallen Provinciale Staten) op grond van de passende beoordeling niet de vereiste zekerheid heeft verkregen dat een plan de natuurlijke kenmerken niet zal aantasten, kan het plan in beginsel niet worden vastgesteld. Dat is alleen anders als er geen alternatieve oplossingen beschikbaar zijn, sprake is van dwingende redenen van openbaar belang en compenserende maatregelen worden getroffen, dan kan een plan toch worden vastgesteld.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
9
Hoofdstuk 3 3.1
Berekeningssystematiek
Gebruikt rekenmodel
In deze voortoets is gerekend met de AERIUS Calculator. De rekenkern van AERIUS wordt gevormd door het Operationeel Prioritaire Stoffen model (OPS) van het RIVM. Dit model berekent de verspreiding van stikstof door de lucht en de depositie. OPS houdt daarbij rekening met verschillende factoren die de verspreiding en depositie van stikstof beïnvloeden, bijvoorbeeld de windrichting en -kracht, de ruwheid van het terrein en de hoogte van de vegetatie. Voor wegverkeer wordt gebruikt gemaakt van Standaard Rekenmethode 2 (SRM2). Daarmee sluit AERIUS aan op de modellering in het Nationaal Samenwerkingsverband Luchtkwaliteit.
3.2
Input rekenmodel
Belangrijk voor elk rekenmodel is de kwaliteit van de input. In deze paragraaf wordt voor elk onderdeel de bijbehorende uitgangspunten beschreven en onderbouwd.
3.2.1 Toekomstig gebruik Verkeersbewegingen Met betrekking tot het beoogde plan is het van belang te kijken naar de verwachte toename van het aantal verkeersbewegingen. Voor het bepalen van de extra verkeersbewegingen wordt als worst case uitgegaan van 8 motorvoertuigbewegingen per woning per dag. Het plan gaat uit van 1 woning waardoor het aantal verkeersbewegingen in de toekomstige situatie circa 8 zal bedragen. Deze verkeersbewegingen bestaan enkel uit licht verkeer. Verkeersbewegingen worden in AERIUS als lijnbronnen weergegeven. Deze lijnbronnen worden ingetekend van de woning tot het punt waar de verkeersbewegingen opgaan in het algemene verkeer. In dit geval gaan de verkeersbewegingen op in het algemene verkeer op Cuneraweg op het punt waar het verkeer op snelheid is gekomen. Overige bronnen De woning wordt conform het Bouwbesluit gasloos uitgevoerd. Daarmee is er geen sprake van een verbrandingsinstallatie in het huis. Mogelijke stikstofuitstoot door de toekomstige woning en bijgebouwen is kleinschalig en incidenteel en daardoor niet modelleerbaar, zoals ook beargumenteerd in de Handreiking woningbouw en AERIUS van de Rijksoverheid (januari 2020).
3.2.2 Aanlegfase Naast het toekomstig gebruik is ook de stikstofuitstoot tijdens de aanlegfase van het project van belang. Bij de realisatie van de woning zijn gedurende korte tijd werktuigen en machines van de bouwer in het plangebied aanwezig. Ook de verkeersbewegingen van de werklieden van en naar de bouwplaats geven een korte toename van stikstof emissie. Van een deel van de machines (handgereedschap, snelbouwkranen, liften) wordt ervan uit gegaan dat deze elektrisch zijn en dus geen stikstofuitstoot veroorzaken. Voor de daadwerkelijke aanleg is nog geen bestek gemaakt. Daarom is er op basis van vergelijkbare projecten en ervaringen elders een zo goed mogelijke raming gemaakt van de activiteiten die zorgen voor stikstofuitstoot tijdens de aanlegfase. In deze berekening is ervan uitgegaan dat de aanlegfase van het project maximaal 1 jaar duurt. Mobiele werktuigen Er zijn mobiele werktuigen nodig voor het realiseren van de woning. Voor het invoeren van de mobiele werktuigen is een inschatting gemaakt van de STAGE klassen van de werktuigen, het brandstofverbruik, het aantal uren dat een werktuig stationair draait en de cilinderinhoud, waarmee de uitstoot NOx en NH 3 door AERIUS is bepaald. Het brandstofverbruik is bepaald op basis van een inschatting van het totale aantal
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
10
draaiuren (belast en stationair) van het werktuig. De uitstoot van de mobiele werktuigen wordt in AERIUS als een vlakbron ingetekend, op de locatie van de werkzaamheden. De overige machines zoals vrachtwagens voor de aan- en afvoer van materieel vallen onder de verkeersbewegingen. Onderstaande tabel toont de ingevoerde mobiele werktuigen. In bijlage 1 is toegelicht hoe tot onderstaande uitgangspunten is gekomen. Type werktuig Mobiele graafmachine
STAGE klasse
STAGE IIIb, 75 <= kW < 130, bouwjaar 2012 (Diesel) Dumper STAGE IIIa, 75 <= kW < 130, bouwjaar 2007 (Diesel) Mini graver STAGE IIIb, 56 <= kW < 75, bouwjaar 2012 (Diesel) Hijskraan STAGE IIIa, 130 <= kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel) Ruw terrein heftruck STAGE IIIa, 37 <= kW < 56, bouwjaar 2008 (Diesel) Trilplaat/stamper STAGE V, < 18 kW, bouwjaar 2019 (Diesel) tabel mobiele werktuigen bouw woning
Brandstofverbruik (l/j)
Cilinderinhoud
71
Aantal uren stationair draaien 1
54
1
3.75
87
2
3
141
1
10
136
4
2.50
8
0
1
5
Verkeersbewegingen Tijdens de aanlegfase zal er sprake zijn van verkeersbewegingen door de werklieden die met de bouw van de woning bezig zijn. Bij de gemaakte inschatting van het aantal verkeersbewegingen van licht verkeer is er rekening mee gehouden dat werklieden met werkbusjes arriveren, waarbij er meerdere werklieden in één werkbus zitten. Daarnaast zorgen de aan- en afvoer van materiaal en de mobiele werktuigen voor verkeersbewegingen door middelzwaar en zwaar vrachtverkeer. De schatting van de verkeersbewegingen in de aanlegfase is weergegeven in onderstaande tabel. Type verkeer Licht Middel zwaar Zwaar
Gem. aantal per jaar 150 20 24
Verkeersbewegingen worden in AERIUS als lijnbronnen weergegeven. Deze lijnbronnen worden ingetekend van de woning tot het punt waar de verkeersbewegingen opgaan in het algemene verkeer. In dit geval gaan de verkeersbewegingen op in het algemene verkeer op de Cuneraweg op het punt waar het verkeer op snelheid is gekomen.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
11
Hoofdstuk 4
Resultaten berekening
4.1 Gebruiksfase In het model is de beoogde situatie ingevoerd. Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven die van invloed zijn op de stikstofdepositie van het initiatief. Bron 1 en 2 betreft de toekomstige verkeersbewegingen.
Afbeelding ingevoerde bronnen AERIUS gebruiksfase Toename emissies door verkeersbewegingen Uit de berekening volgt dat door het toekomstig aantal verkeersbewegingen (conform paragraaf 3.2.1) de uitstoot van NOx minder dan 1 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 minder dan 1 kg/j.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
12
Stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden De uitstoot van NOx als gevolg van het toekomstig gebruik zorgt niet voor een bijdrage hoger dan 0,00 mol/ha/j op Natura 2000-gebieden.
4.2 Aanlegfase Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven die van invloed zijn op de stikstofdepositie van het initiatief tijdens de aanlegfase. Bron 1 betreft de mobiele werktuigen en bron 2 en 3 betreft de verkeersbewegingen.
Afbeelding ingevoerde bronnen AERIUS aanlegfase Toename emissies door mobiele werktuigen Uit navolgende tabelvolgt dat door de mobiele werktuigen in de aanlegfase (conform paragraaf 3.2.2) de uitstoot van NOx 7,64 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 minder dan 1 kg/j.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
13
Toename emissies door verkeersbewegingen Uit navolgende tabellen volgt dat door de verkeersbewegingen in de aanlegfase (conform paragraaf 3.2.2) de uitstoot van NOx minder dan 1 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 minder dan 1 kg/j.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
14
Stikstofdepositie de Natura 2000-gebieden De uitstoot van NOx als gevolg van de mobiele werktuigen en de verkeersbewegingen in de aanlegfase zorgt niet voor een bijdrage hoger dan 0,00 mol/ha/j op Natura 2000-gebieden.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
15
Hoofdstuk 5
Conclusies
De berekening ten behoeve van de Wet natuurbescherming is uitgevoerd in het kader van een aanpassing van de bestemming. Het plan voorziet in het realiseren van een nieuwe woning aan de Cuneraweg 136-138 te Achterberg Toekomstig gebruik Het toekomstig gebruik van de woning veroorzaakt op de Natura 2000-gebieden geen bijdrage aan stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/j. Aanlegfase De aanleg van de woning veroorzaakt op Natura 2000-gebieden op basis van de inschatting van de werkzaamheden geen bijdrage aan stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/j. Eindconclusie Als gevolg van de ontwikkelingen in het plangebied waarvoor de berekeningen zijn uitgevoerd neemt de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden zowel in de gebruiksfase als in de aanlegfase niet toe. Er is dus geen sprake van mogelijke negatieve effecten op beschermde Natura 2000-gebieden. Het aanvragen van een Wnb-vergunning is daarom niet nodig voor dit project.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
16
Bijlagen
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
17
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
18
Bijlage 1: Toelichting uitgangspunten aanlegfase Onderstaand is toegelicht hoe is gekomen tot de uitgangspunten voor het modelleren van de aanlegfase. STAGE klasse De stageklassen betreffen emissienormen voor mobiele werktuigen en zijn afhankelijk van het bouwjaar en het vermogen van het mobiele werktuig. Bij de emissieberekening op basis van brandstofverbruik per stageklasse, rekent AERIUS met categorieën stageklassen en emissiefactoren die betrekking hebben op dieselmotoren en zijn overgenomen uit het Emissiemodel Mobiele Machines (TNO-rapport 2009). Voor elk werk wordt door een bouwer normaal gesproken een machine ingezet met het laagste vermogen dat werkbaar is voor de uitvoering. Dit omdat machines met een hoger vermogen meer brandstofverbruik hebben. Bij de selectie van het vermogen is dan ook gekozen voor een gemiddeld vermogen passend bij het werk. Voor wat betreft het bouwjaar is gekeken naar de gemiddelde levensduur van de gebruikte werktuigen. Hierbij is aangesloten bij de mediane levensduur (TNO-rapport 2009) van de betreffende werktuigen, afgerond op hele jaren. Het jaar van uitvoering minus de levensduur geeft een goede raming van het gemiddelde bouwjaar van de gebruikte machines. Als de initiatiefnemer heeft aangegeven oudere of nieuwere mobiele werktuigen te gebruiken, is van de door de initiatiefnemer opgegeven bouwjaren uitgegaan.
Brandstofverbruik Om het brandstofgebruik (Diesel) per jaar te schatten is aangesloten bij de formule die is opgenomen in het TNO rapport 2020 R11528. De formule is als volgt: Brandstofverbruik [liters] = 0,245 * arbeid [kWh] + (0,52 + 0,0034 * maximaal vermogen [kW]) * draaiuren [h] Stationair draaien Er is sprake van stationair / op lage last draaien als het vermogen minder dan is dan 10% van het maximale vermogen. Dit is de motorbelasting op moment dat de machine is ingeschakeld en mogelijk systemen verwarmt of op druk houdt, maar geen werk verricht. Voor het aantal uren stationair draaien is uitgegaan van percentage dat gemiddeld geldt voor het mobiele werktuig. Cilinderinhoud Voor het bepalen van de cilinderinhoud is uitgegaan van een cilinderinhoud van 1 liter per 20 kW vermogen.
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
19
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
20
Bijlage 2: AERIUSberekening toekomstig gebruik
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
21
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RbYc1YwNSRZR (12 mei 2021) pagina 1/5
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Buro SRO Oost
Cuneraweg 136-138, 3911RR Achterberg
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Cuneraweg 136-138, Achterberg
RbYc1YwNSRZR
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
12 mei 2021, 13:45
2021
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)
Toelichting
Resultaten
Situatie 1
NOx
< 1 kg/j
NH3
< 1 kg/j
Natuurgebied
Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Gebruiksfase
Situatie 1
RbYc1YwNSRZR (12 mei 2021) pagina 2/5
Resultaten
Locatie Situatie 1
Emissie Situatie 1
Resultaten
Bron Sector
Situatie 1
Emissie NH3
Emissie NOx
wegverkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
< 1 kg/j
wegverkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
< 1 kg/j
RbYc1YwNSRZR (12 mei 2021) pagina 3/5
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Situatie 1
NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Licht verkeer
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Soort
Voertuig
Standaard
Licht verkeer
Situatie 1
wegverkeer 168479, 442847 < 1 kg/j < 1 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
4,0 / etmaal NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
wegverkeer 168439, 442841 < 1 kg/j < 1 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
4,0 / etmaal NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
RbYc1YwNSRZR (12 mei 2021) pagina 4/5
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Database versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020
Resultaten
Situatie 1
RbYc1YwNSRZR (12 mei 2021) pagina 5/5
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
22
Bijlage 3: AERIUSberekening aanlegfase
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
23
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RoJa93Y6ALne (12 mei 2021) pagina 1/6
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Buro SRO Oost
Cuneraweg 136-138, 3911RR Achterberg
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Cuneraweg 136-138, Achterberg
RoJa93Y6ALne
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
12 mei 2021, 14:05
2021
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)
Situatie 1
NOx
7,68 kg/j
NH3
< 1 kg/j
Natuurgebied
Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Toelichting
Aanlegfase
Resultaten
Situatie 1
RoJa93Y6ALne (12 mei 2021) pagina 2/6
Resultaten
Locatie Situatie 1
Emissie Situatie 1
Resultaten
Bron Sector
Situatie 1
Emissie NH3
Emissie NOx
werktuigen bouw woning Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie
< 1 kg/j
7,64 kg/j
wegverkeer bouw woning Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
< 1 kg/j
wegverkeer bouw woning Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
< 1 kg/j
RoJa93Y6ALne (12 mei 2021) pagina 3/6
Resultaten
Emissie (per bron)
werktuigen bouw woning 168445, 442861 7,64 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y)
Situatie 1
NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
STAGE IIIb, 75 <= kW < 130, bouwjaar 2012 (Diesel)
Graafmachine
71
1
5,0 NOx NH3
1,24 kg/j < 1 kg/j
STAGE IIIa, 75 <= kW < 130, bouwjaar 2007 (Diesel)
Dumper
54
1
3,8 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
STAGE IIIb, 56 <= kW < 75, bouwjaar 2012 (Diesel)
Mini graver
87
2
3,0 NOx NH3
1,00 kg/j < 1 kg/j
STAGE IIIa, 130 <= Hijskraan kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)
141
1
10,0 NOx NH3
2,53 kg/j < 1 kg/j
STAGE IIIa, 37 <= kW < 56, bouwjaar 2008 (Diesel)
Ruw terrein heftruck
136
4
2,5 NOx NH3
1,79 kg/j < 1 kg/j
STAGE V, < 18 kW, bouwjaar 2019 (Diesel)
Trilplaat/stamper
8
0
1,0 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Situatie 1
RoJa93Y6ALne (12 mei 2021) pagina 4/6
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
75,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
10,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
12,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
wegverkeer bouw woning 168511, 442860 < 1 kg/j < 1 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
wegverkeer bouw woning 168379, 442844 < 1 kg/j < 1 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
75,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
10,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
12,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Situatie 1
RoJa93Y6ALne (12 mei 2021) pagina 5/6
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Database versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020
Resultaten
Situatie 1
RoJa93Y6ALne (12 mei 2021) pagina 6/6
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
24
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
25
Voortoets stikstofdepositie Cuneraweg 136-138, Achterberg
26