Bijlage 2 Bijlagen bij concept-ontwerpomgevingsvergunning
Tekst van het document
.
Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2021054942/1
Analyse
Pagina 1/1
Methode
Techniek
Methode referentie
Barium (Ba)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Cadmium (Cd)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kobalt (Co)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Koper (Cu)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kwik (Hg)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Molybdeen (Mo)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Nikkel (Ni)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Lood (Pb)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Zink (Zn)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Metalen
Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen
Xylenen som AS3000
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Aromaten (BTEXN)
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Styreen
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen
VOCl (11)
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Tribroommethaan (Bromoform)
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Vinylchloride
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,1-Dichlooretheen
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
DiClEtheen som AS3000
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,1-Dichloorpropaan
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,2-Dichloorpropaan
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,3-Dichloorpropaan
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
DiChlprop. som AS3000
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
W0215
GC-FID
pb 3110-5
Minerale olie
Minerale olie (C10-C40)
Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie juni 2020.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Kenmerk
Bijlage 8
R001-1279903RDI-V02-efm-NL
Archeologische boorbeschrijvingen
Boorbeschrijvingen RHZD Zuidelijke Meentsteeg 4 te Rhenen
Boring: RHZD_1 Kop algemeen: Projectcode: RHZD, Boornummer: 1, Beschrijver(s): TR, Datum: 26-03-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 340 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 167709.444, Y-coördinaat in meters: 443869.39, Precisie coördinaat: 1 dm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 9.248, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Utrecht, Gemeente: Rhenen, Opdrachtgever: Tauw, Uitvoerder: RAAP West 0 / 9.25 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 10, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: donker-grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor 10 / 9.15 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 10, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 50, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek 50 / 8.75 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 50, Aard
bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 70, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: zwak humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: esdek 70 / 8.55 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 70, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 90, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: licht-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%) Bodem: Bodemhorizont: verploegd tot in B-horizont, Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verploegd 90 / 8.35 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 90, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: licht-geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken 150 / 7.75 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 150, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 180,
Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont 180 / 7.45 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 180, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 230, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Spreidingsklasse: matig goed gesorteerd, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Oxidatie-reductie: volledig gereduceerd Laag opmerking: Opmerking: enkel zeer klein grindje 230 / 6.95 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 230, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 270, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: VanderStaay-/Zuigerboor 5 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Oxidatie-reductie: volledig gereduceerd 270 / 6.55 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 270, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 340, Boortype en
diameter: VanderStaay-/Zuigerboor 5 cm, Kleur: licht-geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Spreidingsklasse: matig slecht gesorteerd, Lithogenese: fluvioperiglaciale afzettingen, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Singraven Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Oxidatie-reductie: volledig gereduceerd Laag opmerking: Opmerking: sander? Einde boring 340 / 5.85
1 bron: Rhzd.geojson - 29-03-2021 09:52:12
Boorbeschrijvingen RHZD Zuidelijke Meentsteeg 4 te Rhenen
Boring: RHZD_2 Kop algemeen: Projectcode: RHZD, Boornummer: 2, Beschrijver(s): TR, Datum: 26-03-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 167698.934, Y-coördinaat in meters: 443874.432, Precisie coördinaat: 1 dm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 9.732, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Utrecht, Gemeente: Rhenen, Opdrachtgever: Tauw, Uitvoerder: RAAP West 0 / 9.73 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 10, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: donker-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: bouwvoor 10 / 9.63 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 10, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 55, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: donker-grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel grind: zwak grindig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek 55 / 9.18 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 55, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm:
110, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: esdek 110 / 8.63 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 110, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 130, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: zwak humeus, Mediaanklasse: zeer fijn Bodem: Bodemhorizont: verploegd tot in B-horizont, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verploegd 130 / 8.43 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 130, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 155, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%), Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont 155 / 8.18 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 155, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-geel-grijs Lithologie: Grondsoort:
zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken Einde boring 200 / 7.73
2 bron: Rhzd.geojson - 29-03-2021 09:52:12
Boorbeschrijvingen RHZD Zuidelijke Meentsteeg 4 te Rhenen
Boring: RHZD_3 Kop algemeen: Projectcode: RHZD, Boornummer: 3, Beschrijver(s): TR, Datum: 26-03-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 167704.862, Y-coördinaat in meters: 443863.233, Precisie coördinaat: 1 dm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 9.269, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Utrecht, Gemeente: Rhenen, Opdrachtgever: Tauw, Uitvoerder: RAAP West 0 / 9.27 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 10, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: donker-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor Laag opmerking: Opmerking: piepschuim 10 / 9.17 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 10, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 90, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek 90 / 8.37 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 90, Aard
bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 110, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: esdek 110 / 8.17 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 110, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 130, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: zwak humeus, Mediaanklasse: zeer fijn Bodem: Bodemhorizont: verploegd tot in B-horizont, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verploegd 130 / 7.97 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 130, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%), Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont 150 / 7.77 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 150, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 190, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm),
Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%), Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken 190 / 7.37 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 190, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%), Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken Laag opmerking: Opmerking: grondwater Einde boring 200 / 7.27
3 bron: Rhzd.geojson - 29-03-2021 09:52:12
Boorbeschrijvingen RHZD Zuidelijke Meentsteeg 4 te Rhenen
Boring: RHZD_4 Kop algemeen: Projectcode: RHZD, Boornummer: 4, Beschrijver(s): TR, Datum: 26-03-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 167721.542, Y-coördinaat in meters: 443866.75, Precisie coördinaat: 1 dm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 9.215, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Utrecht, Gemeente: Rhenen, Opdrachtgever: Tauw, Uitvoerder: RAAP West Kop opmerking: Opmerking: Tauw 0 / 9.21 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 7, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: grijs Lithologie: Grondsoort: niet benoemd, Bijmengsel: niet benoemd Bodem: Bodemkundige interpretatie: niet benoemd Laag opmerking: Opmerking: klinker 7 / 9.14 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 7, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 12, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 12 / 9.10 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 12, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 50, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm),
Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek 50 / 8.71 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 50, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 65, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek Archeologie: Puin onbepaald: enkel fragment 65 / 8.56 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 65, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 75, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%), Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont 75 / 8.46 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 75, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 160, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand,
Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken 160 / 7.62 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 160, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Einde boring 200 / 7.21
4 bron: Rhzd.geojson - 29-03-2021 09:52:12
Boorbeschrijvingen RHZD Zuidelijke Meentsteeg 4 te Rhenen
Boring: RHZD_5 Kop algemeen: Projectcode: RHZD, Boornummer: 5, Beschrijver(s): TR, Datum: 26-03-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 167716.928, Y-coördinaat in meters: 443880.219, Precisie coördinaat: 1 dm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 9.176, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Utrecht, Gemeente: Rhenen, Opdrachtgever: Tauw, Uitvoerder: RAAP West Kop opmerking: Opmerking: Tauw 0 / 9.18 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 7, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: grijs Lithologie: Grondsoort: niet benoemd, Bijmengsel: niet benoemd Laag opmerking: Opmerking: klinker 7 / 9.11 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 7, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 50, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%) Bodem: Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 50 / 8.68 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 50, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm),
Ondergrens laag in cm: 85, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking: piepschuim op 75 85 / 8.33 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 85, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 110, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek 110 / 8.08 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 110, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 135, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: esdek 135 / 7.83 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 135, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 160, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak
siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken 160 / 7.58 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 160, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Einde boring 200 / 7.18
Boring: RHZD_6 Kop algemeen: Projectcode: RHZD, Boornummer: 6, Beschrijver(s): TR, Datum: 26-03-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 150 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 167706.447, Y-coördinaat in meters: 443860.858, Precisie coördinaat: 1 dm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 9.359, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Utrecht, Gemeente: Rhenen, Opdrachtgever: Tauw, Uitvoerder: RAAP West Kop opmerking: Opmerking: eerste poging gestuit op 130, 2e op 70 0 / 9.36 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 15, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: donker-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: zeer fijn Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor 15 / 9.21 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 15, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 35, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Consistentie: los Bodem: Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige
interpretatie: opgebrachte grond 35 / 9.01 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 35, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 90, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: zeer fijn, Consistentie: los Bodem: Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking: piepschuim 90 / 8.46 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 90, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 130, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: zwak humeus, Mediaanklasse: zeer fijn, Consistentie: los, Plantenresten: resten (onbepaald)-spoor (<1%) Bodem: Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking: piepschuim 130 / 8.06 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 130, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: zeer fijn, Consistentie: los Bodem: Ijzer/mangaan: enkele Fe-vlekken, Brokken en
vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking: doek?, industrieel wit theeschoteltje Einde boring 150 / 7.86
5 bron: Rhzd.geojson - 29-03-2021 09:52:12
Kenmerk
Bijlage 9
R001-1279903RDI-V02-efm-NL
Locatiefoto’s
Foto’s terreinverkenning en veldwerk
Foto 1.
Foto 2.
Foto 3.
Foto 4.
Foto 5.
Foto 6.
Notitie Onderwerp: Watertoets Onderstation Achterberg Projectnummer: 378663 Referentienummer: 20210531 Notitie watertoets station Achterberg opm TS (003).docm Datum: 31-05-2021
1
Inleiding
Prorail is voornemens een nieuw onderstation te realiseren nabij Achterberg. Het plan bestaat uit een nieuw station inclusief toegangsweg en parkeerplaatsen. Daarnaast wordt ruimte voor Stedin gereserveerd. In het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is een watertoets verplicht bij gemeentelijke bestemmingsplannen en projectbesluiten. Het doel van voorliggend rapport is uitvoering geven aan de watertoetsprocedure en het opstellen van de waterparagraaf voor het bestemmingsplan. Deze notitie beschrijft de (waterhuishoudkundige) situatie nabij het plangebied in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 volgt een toelichting op de toekomstige situatie en de effecten daarvan op de waterhuishouding. Hoofdstuk 4 bevat de waterparagraaf.
2
Gebiedsbeschrijving
Figuur 2-1 geeft indicatief de ligging van het plangebied weer. Het plangebied bevindt zich buiten de bebouwde kom in de gemeente Rhenen en in het beheergebied van Waterschap Vallei en Veluwe. Momenteel staat aan de oostzijde van het plangebied een gebouw (oppervlakte 77m²), de westzijde is onbebouwd. Op (lucht)foto’s is te zien dat rondom het gebouw circa 75m² verharding aanwezig is. We gaan daarmee uit van een totaal verhard oppervlak van 150m².
Figuur 2-1: indicatieve ligging plangebied. Uitgezoomd (links) en ingezoomd (rechts) 2.1 Maaiveldligging Figuur 2-2 laat de maaiveldhoogte op basis van AHN3 zien. De sloten aan oost- en zuidzijde zijn duidelijk zichtbaar als verlaagd deel. Het maaiveld is gelegen tussen NAP+9,2m (oostzijde) en NAP+9,9m (westzijde). Sweco Zuiderzeelaan 53 8017 JV Zwolle Postbus 1364 8001 BJ Zwolle
T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl
Sweco Nederland B.V.
Tessa Andringa
Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt
M +31 6 11 77 90 74 1 (2)
Figuur 2-2: maaiveldhoogte AHN3 (rood is hoog, blauw is laag). Rode lijn geeft plangebied weer. 2.2 Oppervlaktewater Het plangebied ligt binnen het gebied van Waterschap Vallei en Veluwe. Op de leggerkaart van het waterschap (zie figuur 2-3) is te zien dat langs het spoor richting de zuidzijde een spoorsloot ligt (C-watergang). Aan de oostzijde van het plangebied ligt een watergang, deze is niet opgenomen in de legger.
Figuur 2-3: legger watersysteem met indicatieve ligging plangebied
2 (2)
2.3 Bodemopbouw In het DinoLoket van TNO zijn enkele boringen beschikbaar dichtbij het plangebied. Boring B39E0253 (zie figuur 2-4), die circa 50 meter van het plangebied vandaan is genomen, laat zien dat de bodem voornamelijk uit matig tot grof zand bestaat van de Formatie van Boxtel en de Formatie van Drenthe. Op 24 meter diepte ligt een 7 meter dikke kleilaag. De bovenste meters zand hebben een horizontale doorlatendheid van 7 tot 9 m/dag. Naar schatting betekent dit een verticale doorlatendheid van 5 à 6 m/dag. Dit is ruim voldoende om te kunnen infiltreren. De slecht doorlatende kleilaag licht diep genoeg om geen belemmering voor infiltratie te vormen.
Figuur 2-4: boorprofiel 2.4 Grondwater Op dezelfde locatie als de boring is de grondwaterstand tussen 2000 en 2020 gemeten, zie figuur 2-5. Er is op vijf dieptes gemeten. Vooral de hoogste gelegen meting (B39E0253_1) is van belang. De meting in het bovenste filter laat zien dat de grondwaterstand varieert tussen circa NAP+6,60m en NAP+8,10 meter. De GHG (gemiddeld hoogste grondwaterstand) is berekend op NAP+7,84m (zie ook Tabel 2-1 met de alle GxG’s). De overige filters laten zien dat er sprake is van infiltratie. We verwachten dat de
3 (2)
grondwaterstand in het plangebied overeenkomt met de meting. Dit betekent dat in het plangebied een minimale ontwatering (afstand tussen maaiveld en GHG) is van 1,35 meter.
Figuur 2-5: grondwaterstand Tabel 2-1: GxG’s afgeleid uit metingen grondwaterstand tussen 2000 en 2020
NAME B39E0253_1 B39E0253_2 B39E0253_3 B39E0253_4 B39E0253_5 2.5
ZCOORD SURF LEV GLG Gemiddeld GVG GHG GT (m+NAP) (m+NAP) (m+NAP) (m+NAP) (m+NAP) 5,64 8,63 6,91 7,37 7,64 7,84 VI -12,37 8,61 6,93 7,38 7,63 7,82 VI -23,36 8,63 6,38 6,63 6,78 6,85 VIII -32,37 8,61 6,39 6,64 6,77 6,85 VIII -42,37 8,61 6,39 6,64 6,77 6,85 VIII
Overstromingsrisico
Het plangebied ligt circa 3 kilometer ten noorden van de Nederrijn. Volgens klimaateffectatlas.nl kan bij een overstroming vanuit de Nederrijn het plangebied en de omgeving overstromen, zie figuur 2-6. De kans dat dit gebeurt is middelgroot (circa 1/100 per jaar) en de overstromingsdiepte in het plangebied is dan maximaal 0,5m.
4 (2)
Figuur 2-6: overstromingsdiepte middelgrote kans (klimaateffectatlas) – plangebied indicatief omcirkeld
3
Toekomstige situatie
3.1 Regelgeving 3.1.1 Toename verhard oppervlak Volgens artikel 3.4 van de Keur van Waterschap Vallei en Veluwe is het verboden zonder watervergunning water te brengen in of te onttrekken aan oppervlaktewaterlichamen. Door toename van verhard oppervlak kan neerslag niet langer ter plaatse in de onverharde grond infiltreren. Daardoor treedt er versnelde afvoer van neerslag op. De beleidsregels behorende bij de Keur beschrijven dat wanneer de extra afvoer wordt geminimaliseerd volgens de in de beleidsregels gestelde randvoorwaarden, het ontvangende watersysteem wordt geacht bestand te zijn tegen de extra belasting. Hetzelfde geldt voor lozingen van verharde oppervlakten met een minimale afmeting. Deze lozingen zijn vrijgesteld bij de algemene regels voor het brengen van water in oppervlaktewaterlichamen. In de algemene regels behorende bij de Keur wordt toegelicht dat deze uitzondering geldt voor een toename van verhard oppervlak buiten de bebouwde kom van minder dan 1500m2. 3.1.2 Demping oppervlaktewater Op grond van artikel 3.2, tweede lid van de keur is het verboden zonder vergunning van het bestuur een waterstaatswerk te wijzigen of aan te leggen. Hieronder valt ook het dempen van oppervlaktewaterlichamen. Demping dient gecompenseerd te worden door vervangend wateroppervlak te graven in hetzelfde peilgebied met een oppervlakte minimaal gelijk aan het te dempen oppervlak.
5 (2)
3.2 Ontwerp Het ontwerp bestaat uit enkele gebouwen en verharding voor toegang en parkeren. Op basis van het voorlopig ontwerp (AE-VO-003, zie figuur 3-1) is een inschatting gemaakt van de toekomstige situatie. Het toekomstige verhard oppervlakte is circa 28,5mx15,35m = 438m². Ten opzichte van het huidige verhard oppervlak (150m²) is er dus een toename van 288m² verhard oppervlak. Aangezien dit minder is dan 1500m² geldt de uitzondering op de Keur artikel 3.4. Er hoeft dus geen compenserende waterberging aangelegd te worden en het regenwater van het plangebied mag afgevoerd worden naar het bestaande oppervlaktewater.
Figuur 3-1: ontwerp 3.3 Afwatering hemelwater De zandbodem heeft een goede doorlatendheid en is daarmee geschikt om water te infiltreren. Echter, er is weinig onverhard oppervlak aanwezig binnen het plangebied waardoor niet al het afstromende regenwater binnen het plangebied opgevangen en geïnfiltreerd kan worden. Het overtollige water kan afgevoerd worden richting de bestaande C-watergang aan de zuidzijde van het plangebied. 3.4 Wateroverlast Om wateroverlast te voorkomen dient het plangebied zo ingericht te worden dat het voldoet aan de ontwateringseisen. Op basis van de GHG van NAP+7,84m en een ontwatering van minimaal 80 cm wordt een minimale aanleghoogte van NAP+8,64m geadviseerd. De huidige maaiveldligging is al hoger dan deze minimale hoogte; er is dus geen ophoging noodzakelijk. Om wateroverlast in de gebouwen te voorkomen adviseren wij een vloerpeil die 30 cm hoger ligt dan het wegpeil.
6 (2)
Het plangebied dient zo ingericht te worden dat water onbelemmerd het terrein af kan stromen naar de zuidelijke C-watergang. Op deze manier wordt wateroverlast in het plangebied en op omliggende percelen voorkomen. Een klein deel van het doodlopende eind van de sloot aan de oostzijde wordt gedempt door de ontwikkeling. Deze sloot is niet opgenomen als oppervlaktewaterlichaam in de legger van Waterschap Vallei en Veluwe waardoor hier geen compensatie-eisen aan verbonden zijn. De demping mag niet tot een toename in wateroverlast bij de percelen leiden. Dit wordt ook niet verwacht zolang voldaan wordt aan in deze paragraaf vermelde adviezen. Om het overstromingsrisico te verlagen kan het plangebied opgehoogd worden.
4
Waterparagraaf
4.1 Inleiding Het is op grond van artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening wettelijk verplicht een watertoets uit te voeren bij ruimtelijke ontwikkelingen. Met de watertoets wordt de waterbeheerder vroegtijdig in de plannen betrokken. In ruimtelijke plannen dient vervolgens een waterparagraaf te worden opgenomen. Deze waterparagraaf geeft weer hoe met de wateraspecten van het plan wordt omgegaan. 4.2 Beleidskaders Waterwet De Waterwet stelt integraal waterbeheer op basis van de watersysteembenadering centraal. Er wordt uitgegaan van het geheel van relaties tussen waterkwaliteit, waterkwantiteit, oppervlaktewater, grondwater, watergebruikers en grondgebruikers. Hierbij wordt het kader geschept voor het Nederlandse waterbeheer in de komende decennia. Waterbeheer 21e eeuw WB21 anticipeert op toekomstige ontwikkelingen zoals klimaatverandering, bodemdaling en zeespiegelstijging. Deze ontwikkelingen stellen strengere eisen aan het waterbeheer. In WB21 wordt uitgegaan van twee principes (tritsen) voor duurzame waterkwantiteit- en duurzaam waterkwaliteitsbeheer: • vasthouden, bergen en vertraagd afvoeren; • schoonhouden, scheiden en zuiveren. Bij 'vasthouden, bergen en afvoeren' wordt regenwater zoveel als mogelijk bovenstrooms vastgehouden in de bodem en het oppervlaktewater.
Wanneer er toch een wateroverschot ontstaat wordt het water eerst tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en dan pas afgevoerd. Bij 'schoonhouden, scheiden en zuiveren' gaat het om een voorkeursvolgorde waarbij de voorkeur uitgaat naar het voorkomen van verontreiniging (schoonhouden). Als toch verontreiniging ontstaat, moeten schoon en vuil water zoveel mogelijk worden gescheiden. Ten slotte wordt het verontreinigde water zo goed mogelijk gezuiverd. Waterschapsbeleid Het beleid van het waterschap Vallei en Veluwe is vastgelegd in het Waterbeheerplan 20162021. Het waterschap laat in dit waterbeheerplan zien welke ontwikkelingen voor het waterbeheer van belang zijn en welke accenten ze in de samenwerking met haar partners willen leggen. De kerntaken van het waterschap vormen de basis voor het beleid: • Bescherming tegen overstromingen en proactief optreden in laag twee en drie van meerlaagseveiligheid.
7 (2)
• Zorgen voor de juiste hoeveelheid water. Het waterschap wil samen met gemeenten
• • • •
gezamenlijke regie op waterbeheer organiseren en anticiperen op klimaatveranderingen. Het waterschap onderschrijft daarmee de trits sparen-aanvoeren-accepteren&adapteren voor droge situatie. Voor wateroverlast onderschrijft het plan de trits vasthouden-bergenafvoeren. Zorgen voor een goede waterkwaliteit door het implementeren van de KRW. Het scheiden van vuil en schoonwater en voorkomen dat afvalwater een beperking vormt voor ecologische doelen. Waarde halen uit water door reststromen uit afvalwater en het watersysteem zo veel mogelijk terug te brengen in de (circulaire) economie. Beschouwen van de hele waterhuishouding (oppervlakte- grond- en afvalwater) als één systeem vanuit een gezamenlijk en integrale benadering.
Het waterschap beschikt over de Keur met bijbehorende beleidsregels en algemene regels. Hierin staat de regels die betrekking hebben op watergangen. Het beleid van het waterschap zijn uitgangspunten voor de uitwerking van de toekomstige waterhuishouding in het plangebied. 4.3 Watertoets In het watertoets document (bijlage xxxx) zijn de hoofdprincipes voor de toekomstige waterhuishouding van het plangebied uitgewerkt. Hieronder volgt een samenvatting van de belangrijkste aspecten. Bodem en grondwater Binnen het plangebied heeft het maaiveld een hoogteverschil van circa 0,7 meter met het hoogste punt aan de westzijde op NAP+9,90m en het laagste punt aan de oostzijde op NAP+9,20m. Op basis van grondwaterstandsmetingen is een GHG berekend op NAP+7,84m, oftewel circa 1,35 tot 2,15 meter beneden maaiveld. Er zijn geen aanwijzingen dat er binnen of nabij het gebied sprake is van wateroverlast. De bodem van het plangebied bestaat uit zandige gronden met een hoge doorlatendheid van circa 5 m/dag. De bodem is daarmee geschikt om regenwater te infiltreren. In de toekomstige situatie zal de hoogteligging aangesloten worden op omliggende percelen en loopt het hoogteverloop dusdanig dat het water zonder belemmering in zuidelijke richting af kan stromen. Het vloerpeil ligt bij voorkeur 30 cm boven het wegpeil.
Regenwater afvoer Op basis van het voorlopig ontwerp en de (lucht)foto is een inschatting gemaakt van het toekomstige verharde oppervlak en van het huidige verharde oppervlak. In de huidige situatie is circa 150m² verhard oppervlak aanwezig en in de toekomstige situatie 438m². Aangezien de toename in verhard oppervlak (288m²) minder is dan 1500m² geldt de uitzondering op Keur artikel 3.4. Er hoeft dus geen compenserende waterberging aangelegd te worden en het regenwater van het plangebied mag afgevoerd worden naar het bestaande oppervlaktewater. Aan de zuidzijde van het plangebied ligt een C-watergang. Regenwater infiltreert in de huidige situatie op de onverharde oppervlakken en vanaf de verharde oppervlakken stroomt het af naar het onverharde oppervlak of de omliggende sloot. In de toekomstige situatie kan het overtollige water afstromen naar de bestaande sloot aan de zuidzijde van het plangebied. Overstroming
8 (2)
Vanuit de Nederrijn is een middelgrote kans (circa 1/100 per jaar) op overstromingen. De overstromingsdiepte in het plangebied is in de huidige situatie maximaal 0,5m. Om het overstromingsrisico te verkleinen kan het plangebied opgehoogd worden.
9 (2)
Verantwoording Titel
Watertoets Onderstation Achterberg
Projectnummer
378663
Referentienummer
20210531 Notitie watertoets station Achterberg opm TS (003).docm
Revisie
Concept 1
Datum
28-05-2021
Auteur
Tessa Andringa
E-mailadres
tessa.andringa@sweco.nl
Gecontroleerd door
Theo Schipper Maurits Moes
Paraaf gecontroleerd Goedgekeurd door
Naam en Achternaam
Paraaf goedgekeurd Klik of tik o m teks t in t e voe ren .
10 (2)
Materiaalstaat: Buiten: Buitengevel: Gevelroosters:
Metselwerk, kleur en type n.t.b. Staal gepoedercoat. Geluidwerend t.p.v. Trafo; afmetingen en positie n.t.b.
Dak:
Dakbedekking EPDM of hoogwaardige bitumen, levensduur minimaal 40 jaar. Afschot minimaal 16 mm/m.
Deuren: Dorpel: Latei:
Gezinkspuit en gepoedercoat plaatstaal, kleur n.t.b. n.t.b. n.t.b.
Kozijn: Beslag: HWA:
Stalen kozijnen, geschoppeerd en gepoedercoat constructie staal n.t.b. vierkant, verzinkt staal
Bestrating:
Strook van 1,5 m rondom gebouw aan zuid- en westzijde. Noord- en oostzijde grenzen aan toegangswegen met voldoende ruimte voor laden lossen conform OVS00012.
Noord aanzicht
2 10850
1 400
5300
400
5100
3
400
D
400
4550
400
C
400
400
D
4750
SMIK3
GCK
werkplek
ODF6
combikast 48VDC
Binnenwerk: Wanden: Vloer:
5110
LS-ruimte 1
kruipluik met ladder
5110
5110
netwerk -kast
dm 1516
4000
dakventilator
Kalkzandsteen velling blokken 150mm, De (constructieve) vloer dient te worden voorzien van een stofbindende coating of een geplakte vlakke vloerafwerking met een levensduur van 40 jaar.
Kruipluik:
Kruipluiken hebben dagmaat van 1000x1000 en zijn door één persoon te openen
20.40 m² 150
LVI 400/230VAC kantoorkast
dm 1516
C
vrije ruimte rondom TRR moet 800mm zijn
B
RESV.
19
D
2900
13910
18
Oost aanzicht
St.Tr.
dakventilator
TGR1
3800
B West aanzicht
450
400
400V Verdeler
RESV. MV
HS-ruimte 2
• •
GR2 18
A
19
2900
dakventilator
TGR2
TTR2-ruimte
kruipluik met ladder
vrije ruimte rondom TRR moet 800mm zijn
17.29 m²
Geocode 109, 26.878km
400
400
SM3kV
3
Omv.ri. Har
Kadastrale gegevens Zuidelijke Meentsteeg 4N te Rhenen Gemeente Rhenen Sectie K Nummers 944 en 1150
450
dm 930
bovenzijde afwerkvloer algemene ruimte = 0+ peil hoogte t.o.v. N.A.P. 9900+
45.70 m²
Minusveld
400
Peil:
VK2
D
A
8800
17.29 m²
400
VK1 GR1
GR1
A
4
3800
F
St.Tr.
450
HVI
GVI
8000
B
H
TTR1-ruimte
450
8960
GR2
2'
1 D
3 C
Zuid aanzicht
schaal : 1 : 50
Installatie; hernoemen schakelaar H en F Installatie Materiaalstaat Definitief VO
Rev.
Omschrijving
30-07-2021 23-07-2021 16-07-2021 24-06-2021
RRa RRa RRa RRa
RvD RvD RvD RvD
SSc SSc SSc SSc
Datum rev.
Get.
Gez.
Akk.
DEFINITIEF VO
MATEN IN MILLIMETERS, TENZIJ ANDERS AANGEGEVEN Opdrachtgever
ProRail
Project
Onderstation Achterberg Onderdeel
Plattegrond Projectnummer
378663 Blad
Aantal
Tekeningnummer
Versie
Datum 1ste uitgave
01-06-2021
Ontwerpfase
Contractnummer
AE-VO-100
4.0
Schaal
Formaat
Kantoor
Getekend
Gezien
Accoord
1:50
A1
De Bilt
RRa
RvD
AMa
www.sweco.nl © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
Voorloping Ontwerp 00_SW_template_2020.rvt
Plattegrond Begane grond
4.0 3.0 2.0 1.0