CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Art. 13 Zorgplicht bodembescherming

Commissie Ruimte en Economie 15 februari 2022, gemeente RhenenBij agendapunt: raadsvoorstel Plaatsen kantplanken rond het kunstgrasveld op Sportpark Elst427 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zorgplicht bodembescherming In de Wet bodembescherming (Wbb) is in artikel 13 de zorgplicht neergelegd. Deze bepaling verplicht bij bodemverontreiniging (dus ook grondwater) tot het nemen van alle maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd. Op ieder die op of in de bodem handelingen als bedoeld in de artikelen 6 t/m 11 Wbb verricht, rust de verplichting om te zorgen dat door die handelingen de bodem niet wordt verontreinigd. Als er toch een verontreiniging optreedt moet men maatregelen nemen om de verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan te maken. Deze zorgplichtbepaling verplicht bij (dreigende) bodemverontreiniging, dus ook van het grondwater, tot het nemen van alle maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd. De zorgplicht geldt alleen voor zogenaamde 'nieuwe' bodemverontreinigingen. Dit zijn bodemverontreinigingen die op of na 1 januari 1987 zijn ontstaan.

Artikel 13 Wbb(opent in nieuw venster)(verwijst naar een andere website) richt zich niet alleen op de directe veroorzaker van een verontreiniging. Artikel 13 richt zich ook op degene die bevoegd en feitelijk in staat is om een overtreding van de zorgplicht te voorkomen of te beperken. Daarnaast heeft de zorgplicht een zelfstandige en aanvullende betekenis naast de voorschriften van bijvoorbeeld een omgevingsvergunning voor de inrichting. Bodembeschermende regels voor inrichtingen worden niet op grond van de Wbb maar op grond van hoofdstuk 8 van de Wet milieubeheer gesteld. Bij bedrijfsmatige activiteiten, waarbij het risico bestaat dat deze stoffen in de bodem terechtkomen, moet een bedrijf zijn bodem beschermen tegen die stoffen. De Nederlandse Richtlijn Bodembescherming (NRB) beschrijft of en zo ja, hoe een bedrijf dit moet doen. Het Activiteitenbesluit(opent in nieuw venster)(verwijst naar een andere website) verwijst naar de NRB.

De zorgplicht is van toepassing op degene die op of in de bodem handelingen verricht als bedoeld in de artikelen 6 tot en met 11 Wbb. Andere handelingen vallen niet onder de zorgplicht van artikel 13 Wbb. De handelingen die er wel onder vallen zijn:

•

het laten van stoffen op of in de bodem het beïnvloeden van de bodemstructuur of de -kwaliteit

•

het uitvoeren van werken

•

het transporteren van stoffen die de bodem kunnen verontreinigen

•

handelingen die het bovenstaande als nevengevolg hebben

•

handelingen die leiden tot erosie, verdichting of verzilting

•

Bevoegd gezag voor de toepassing van de zorgplicht is het bevoegd gezag Wbb. Dit zijn Gedeputeerde Staten en daartoe aangewezen bevoegd gezag gemeenten (art. 88 Wbb(opent in nieuw venster)(verwijst naar een andere website)). Voor handhaving van de zorgplicht daarentegen zijn B&W, Gedeputeerde Staten en de Minister van Infrastructuur en Milieu bevoegd (art. 95 Wbb(opent in nieuw venster)(verwijst naar een andere website)).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11073167/1