CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Was-wordt tabel Rhenen.docx

Raadsvergadering 19 december 2023, gemeente RhenenBij agendapunt: Raadsvoorstel Breed Offensief Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 20236.872 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage

Was – wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

1 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

Huidige tekst (was) Re-integratieverordening Participatie Rhenen 2022

Nieuwe tekst (wordt) Re-integratieverordening Participatie Rhenen 2023

ARTIKEL 1 DEFINITIES

ARTIKEL 1 DEFINITIES

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. college college van burgemeester

a. college college van burgemeester

en wethouders van de gemeente Rhenen b. de doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, van de Pw; c. gemeente: gemeente Rhenen d. een grote afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt van een persoon is redelijkerwijs niet mogelijk binnen één jaar; e. een korte afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt van een persoon is redelijkerwijs mogelijk binnen één jaar; f. langdurig werkloze: een persoon die 12 maanden of langer geen reguliere betaalde betrekking heeft gevonden; g. ingezetene of inwoner een natuurlijk persoon die zijn woonstede heeft in Rhenen. Dit kan ook een exgedetineerde betreffen van wie duidelijk is dat hij zijn woonstede heeft in Rhenen, althans voor zover niet blijkt dat hij door zijn wil en daden zijn woonstede in Rhenen heeft willen opgeven (zie artikelen 1:10 en 1:11 BW). h. IOAW Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werkloze werknemers i. IOAZ Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen j. Loonkosten: het brutoloon inclusief vakantiegeld en wettelijke werkgeverslasten; k. mantelzorg; mantelzorg als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo l.

meeneembare voorziening: een op een medewerker met een arbeidsbeperking toegesneden hulpmiddel dat noodzakelijk is om naar behoren de werkzaamheden te kunnen verrichten als het gaat om een voorziening die niet aard- en nagelvast is en waarover een werkgever normaliter niet beschikt m. Pw; participatiewet n. Uitkering een uitkering op grond van de Pw, de IOAW en de IOAZ

en wethouders van de gemeente Rhenen b. de doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, van de Pw; c. een grote afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt van een persoon is redelijkerwijs niet mogelijk binnen één jaar; d. een korte afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt van een persoon is redelijkerwijs mogelijk binnen één jaar; e. gemeente: gemeente Rhenen f. ingezetene of inwoner een natuurlijk persoon die zijn woonstede heeft in Rhenen. Dit kan ook een ex-gedetineerde betreffen van wie duidelijk is dat hij zijn woonstede heeft in Rhenen, althans voor zover niet blijkt dat hij door zijn wil en daden zijn woonstede in Rhenen heeft willen opgeven (zie artikelen 1:10 en 1:11 BW). g. Interne werkbegeleiding: door een collega geboden dagelijkse werkbegeleiding op de werkvloer, omdat de werknemer anders niet in staat is zijn werkzaamheden uit te voeren, waarbij sprake is van meer dan de gebruikelijke begeleiding van een werknemer op een werkplek h. IOAW Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werkloze werknemers i. IOAZ Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen j. Jobcoaching: door een erkende deskundige geboden methodische ondersteuning aan personen met een arbeidsbeperking en aan werkgevers, gericht op het vinden en behouden van werk k.

langdurig werkloze: een persoon die 12 maanden of langer geen reguliere betaalde betrekking heeft gevonden; l. Loonkosten: het brutoloon inclusief vakantiegeld en wettelijke werkgeverslasten; m. mantelzorg; mantelzorg als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo n. meeneembare voorziening: een op een medewerker met een

Type wijziging

Vernummering: • op basis van alfabetische volgorde; • toevoeging van definities bij g: interne werkbegeleiding j: jobcoaching o: overige voorziening p: persoonlijke voorziening s: voorziening t: werkgever u: werknemer c wordt e d wordt c e wordt d f wordt k g wordt f j wordt k k wordt m l wordt n m wordt q n wordt r

2 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

o. p.

q. r. s.

t.

u.

ARTIKEL 2a REINTEGRATIEVOORZIENING 1. Het college kan de voorziening, bedoeld in artikel 6, aanbieden aan personen die behoren tot de doelgroep met een korte afstand tot de arbeidsmarkt. 2. Het college kan de voorzieningen, bedoeld in de artikelen 4, 5, 7 en 8, aanbieden aan personen die behoren tot de doelgroep met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. 3. Bij het aanbieden van een reintegratievoorziening aan een nietuitkeringsgerechtigde geldt het volgende: a. er wordt bij voorkeur een groepsgerichte activiteit ingezet; b. er wordt bij het inzetten van een andere voorziening een afweging gemaakt tussen kosten en baten. 4. Het college houdt bij het aanbieden van de in deze verordening opgenomen voorzieningen rekening met de omstandigheden en functionele beperkingen van een persoon waarbij: a. de omstandigheden in ieder geval betrekking hebben op zorgtaken van

arbeidsbeperking toegesneden hulpmiddel dat noodzakelijk is om naar behoren de werkzaamheden te kunnen verrichten als het gaat om een voorziening die niet aard- en nagelvast is en waarover een werkgever normaliter niet beschikt Overige voorzieningen: voorzieningen als bedoeld in artikel 8a, tweede lid, onder f, van de Pw; Persoonlijke ondersteuning bij werk: ondersteuning als bedoeld in artikel 10, eerste en derde lid, van de Pw en begeleiding op de werkplek als bedoeld in artikel 10da van de Pw; Pw; participatiewet Uitkering een uitkering op grond van de Pw, de IOAW en de IOAZ Voorziening: door het college noodzakelijk geachte voorziening, gericht op arbeidsinschakeling waaronder mede wordt begrepen persoonlijke ondersteuning bij het verrichten van opgedragen taken; Werkgever: degene die op basis van een arbeidsovereenkomst de bevoegdheid heeft om de arbeid van een werknemer gedurende een overeengekomen periode aan te wenden in zijn organisatie; Werknemer: persoon die op basis van een arbeidsovereenkomst arbeid verricht bij de werkgever, daaronder begrepen een persoon als bedoeld in artikel 10d eerste of tweede lid van de Pw met wie de werkgever een arbeidsovereenkomst is aangegaan, dan wel dit van plan is

ARTIKEL 2a REINTEGRATIEVOORZIENING 1. Het college kan de voorziening, bedoeld in artikel 6, aanbieden aan personen die behoren tot de doelgroep met een korte afstand tot de arbeidsmarkt. 2. Het college kan de voorzieningen, bedoeld in de artikelen 4, 5, 7 en 8, aanbieden aan personen die behoren tot de doelgroep met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. 3. Bij het aanbieden van een reintegratievoorziening aan een nietuitkeringsgerechtigde geldt het volgende: a. er wordt bij voorkeur een groepsgerichte activiteit ingezet; b. er wordt bij het inzetten van een andere voorziening een afweging gemaakt tussen kosten en baten. 4. Het college houdt bij het aanbieden van de in deze verordening opgenomen voorzieningen rekening met de omstandigheden en functionele beperkingen van een persoon waarbij: a. de omstandigheden in ieder geval betrekking hebben op zorgtaken van

Met deze wijziging sluiten we aan op de verordeningen zoals die in de

3 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

die persoon, waaronder in ieder geval die persoon, waaronder in ieder geval wordt verstaan: wordt verstaan: i. de opvang van ten laste komende i. de opvang van ten laste komende kinderen tot vijf jaar; kinderen tot vijf jaar; of ii. de noodzakelijkheid van het of ii. de noodzakelijkheid van het verrichten van mantelzorg; en verrichten van mantelzorg; en b. de mogelijkheid dat hij behoort tot b. de mogelijkheid dat hij behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie of de doelgroep loonkostensubsidie of gebruik maakt van de voorziening gebruik maakt van de voorziening beschut werk. beschut werk. 5. Het college zendt vijfjaarlijks aan de 5. Het door het gemeentebestuur gemeenteraad een verslag over de gevoerde beleid wordt minimaal doeltreffendheid van het beleid. Het eenmaal per 4 jaar geëvalueerd. verslag bevat in ieder geval het oordeel van de cliëntenraad. ARTIKEL 2b BUDGET- EN SUBSIDIEPLAFONDS

ARTIKEL 2b BUDGET- EN SUBSIDIEPLAFONDS

ARTIKEL 3 ALGEMENE BEPALINGEN OVER VOORZIENINGEN

ARTIKEL 3 ALGEMENE BEPALINGEN OVER VOORZIENINGEN

1. Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen waarin wordt vastgelegd welke voorzieningen, waaronder ondersteunende voorzieningen, het college in ieder geval kan aanbieden en de voorwaarden die daarbij gelden voor zover daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen. 2. Het college biedt uitsluitend een voorziening bij een werkgever aan als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. 3. Het college kan een beslissing tot het aanbieden van een voorziening herzien of intrekken als: a. de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in de artikelen 9 en 17 van de Pw, de artikelen 13 en 37 van de IOAW of de artikelen 13 en 37 van de IOAZ niet nakomt; b. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep; c. de persoon die aan de voorziening deelneemt algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een in deze paragraaf genoemde voorzieningen, tenzij het betreft een persoon als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Pw; d. naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling; e.

de voorziening naar het oordeel van het college niet meer geschikt is voor de persoon die gebruik maakt van de voorziening; f. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet naar behoren

1. Het college kan een voorziening toekennen als: a. de persoon ten behoeve van wie de voorziening zou worden verstrekt behoort tot de doelgroep; b. de persoon voldoende medewerking verleent aan het onderzoek dat nodig is voor het beoordelen van het recht op de voorziening; c. de persoon geen beroep kan doen op een voorziening op basis van een andere wettelijke regeling, waardoor er sprake is van een voorliggende voorziening; d. de voorziening naar het oordeel van het college voldoende bijdraagt aan de arbeidsinschakeling; of e. er wordt voldaan aan de voorwaarden die in deze verordening worden gesteld om in aanmerking te komen voor die voorziening. 2. Het college biedt uitsluitend een voorziening bij een werkgever aan als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. 3. Het college kan een beslissing tot het aanbieden van een voorziening herzien of intrekken als: a. de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in de artikelen 9 en 17 van de Pw, de artikelen 13 en 37 van de IOAW of de artikelen 13 en 37 van de IOAZ niet nakomt; b. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep; c.

de persoon die aan de voorziening deelneemt algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een in deze paragraaf genoemde voorzieningen, tenzij het betreft een

arbeidsmarktregio Foodvalley wordt gehanteerd. Op grond van de participatieverordening is het college al verplicht om advies te vragen aan de cliëntenraad de Vallei.

Ongewijzigd

Lid 1 is vervallen. De mogelijkheid om nadere regels vast te stellen is opgenomen in artikel 29. Ingevoegd nieuw lid 1 benoemt voor de inzichtelijkheid de toekenningsvoorwaarden. Deze vloeien voort uit de Pw, of uit deze verordening. Lid 4 is nieuw. Dit is vooral relevant doordat overige (op het werk gerichte) voorzieningen (expliciet) nu in deze de verordening worden opgenomen. Sociaal domein brede afstemming is daarbij nodig, omdat het aannemelijk is dat een voorziening ook op andere leefgebieden noodzakelijk geacht wordt. Een voorbeeld hiervan is de vervoersvoorziening. Als deze voor werk nodig is, is deze wellicht ook in andere situaties nodig.

4 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

gebruik maakt van de aangeboden voorziening; g. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet meer voldoet aan de voorwaarden die in deze paragraaf worden gesteld om in aanmerking te komen voor die voorziening.

persoon als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Pw; d. naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling; e. de voorziening naar het oordeel van het college niet meer geschikt is voor de persoon die gebruik maakt van de voorziening; f. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet naar behoren gebruik maakt van de aangeboden voorziening; g. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet meer voldoet aan de voorwaarden die in deze verordening worden gesteld om in aanmerking te komen voor die voorziening. 4. Het college biedt de goedkoopst adequate voorziening aan, waarbij in het plan van aanpak, bedoeld in artikel 44a van de Pw, rekening wordt gehouden met andere voorzieningen die in het kader van het sociaal domein beschikbaar zijn en indien nodig daarmee wordt afgestemd, zodat het aanbod optimaal bijdraagt aan een integrale ondersteuning van de persoon.

ARTIKEL 4 WERKSTAGE

ARTIKEL 4 WERKSTAGE

Ongewijzigd

ARTIKEL 5 SOCIALE ACTIVERING

ARTIKEL 5 SOCIALE ACTIVERING

Ongewijzigd

ARTIKEL 6 DETACHERINGSBAAN

ARTIKEL 6 DETACHERINGSBAAN

1. Het college kan zorgen voor 1. Het college kan door detachering toeleiding van een persoon die zorgen voor toeleiding van een behoort tot de doelgroep naar een persoon die behoort tot de doelgroep dienstverband met een werkgever, naar een dienstverband met een gericht op arbeidsinschakeling. werkgever, gericht op 2. De werknemer wordt voor het arbeidsinschakeling. verrichten van arbeid gedetacheerd 2. De werknemer wordt voor het bij een onderneming. De verrichten van arbeid gedetacheerd detachering wordt vastgelegd in een bij een onderneming. De detachering schriftelijke overeenkomst tussen wordt vastgelegd in een schriftelijke zowel de werkgever en inlenende overeenkomst tussen zowel de organisatie als tussen de werknemer werkgever en inlenende organisatie en inlenende organisatie. als tussen de werknemer en 3. Een werknemer wordt uitsluitend inlenende organisatie. geplaatst als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt.

In lid 1 is ‘door detachering’ voor de volledigheid toegevoegd.

ARTIKEL 7 SCHOLING

ARTIKEL 7 SCHOLING

Ongewijzigd

ARTIKEL 8 PROEFPLAATSING

ARTIKEL 8 PARTICIPATIEPLAATS 1.

2.

Het college kan een persoon van 27 jaar of ouder met recht op algemene bijstand overeenkomstig artikel 10a van de Pw onbeloonde additionele werkzaamheden laten verrichten. Het college zorgt ervoor dat de te verrichten additionele werkzaamheden worden vastgelegd

Lid 3 vervalt. Is al opgenomen onder de algemene bepalingen in artikel 3

Het artikel over de Proefplaatsing is vernummerd naar artikel 14 om aan te sluiten bij de nummering van de modelverordening. De Participatieplaats, als vorm van additionele arbeid, staat nu voor het eerst in deze verordening.

5 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

3.

in een schriftelijke overeenkomst die wordt ondertekend door het college, de werkgever en de persoon die de additionele werkzaamheden gaat verrichten. De premie, bedoeld in artikel 10a, zesde lid, van de Pw bedraagt € 100 per zes maanden, mits in die zes maanden voldoende is meegewerkt aan het vergroten van de kans op inschakeling in het arbeidsproces.

ARTIKEL 9 PARTICIPATIEVOORZIENING BESCHUT WERK

ARTIKEL 9 PARTICIPATIEVOORZIENING BESCHUT WERK

1. Om de in artikel 10b, eerste lid, van de Pw, bedoelde werkzaamheden mogelijk te maken, worden de volgende voorzieningen op de arbeidsinschakeling aangeboden: a. fysieke aanpassingen van de werkplek of de werkomgeving; b. uitsplitsing van taken; c. aanpassingen in de wijze van werkbegeleiding, werktempo of arbeidsduur.

1. Het college verstrekt, om de in artikel 10b, eerste lid, van de Pw, bedoelde werkzaamheden mogelijk te maken de volgende voorzieningen: a. fysieke aanpassingen van de werkplek of de werkomgeving; b. uitsplitsing van taken; of c. aanpassingen in de wijze van werkbegeleiding, werktempo of arbeidsduur.

2. Voor zover nodig worden aan personen van wie is vastgesteld dat zij uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben, tot het moment van aanvang van de dienstbetrekking, bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de Pw, daarnaast de volgende voorzieningen op de arbeidsinschakeling aangeboden: a. dagbesteding als bedoeld binnen de WMO Rhenen; b. sociale activering als bedoeld in artikel 5; c. scholing als bedoeld in artikel 7; d. persoonlijke ondersteuning als bedoel in artikel 11; e. schuldhulpverlening als bedoeld in de verordening Schuldhulpverlening Rhenen

We hebben deze in vorige verordeningen niet opgenomen omdat deze vorm van additionele arbeid lastig uitvoerbaarheid is. De gemeente is onder de gewijzigde wet echter verplicht om een bepaling op te nemen over de premie bedoeld in artikel 10a, zesde lid Pw. Wegens het belang van een helder onderscheid tussen additioneel en regulier werk hebben wij lid 1 en 2 ook opgenomen.

Lid 1 en lid 2 tekstuele aanpassing ter verduidelijking van de bevoegdheid van het college.

2. Het college kan aan personen van wie is vastgesteld dat zij uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben, tot het moment van aanvang van de dienstbetrekking, bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de Pw, daarnaast de volgende voorzieningen aanbieden: a. dagbesteding als bedoeld binnen de WMO Rhenen; b. sociale activering als bedoeld in artikel 5; c. scholing als bedoeld in artikel 7; d. persoonlijke ondersteuning als bedoel in artikel 11; e. schuldhulpverlening als bedoeld in de verordening Schuldhulpverlening Rhenen

ARTIKEL 10 ONDERSTEUNING BIJ LEER-WERKTRAJECT

ARTIKEL 10 ONDERSTEUNING BIJ LEER-WERKTRAJECT

ARTIKEL 11 PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING

ARTIKEL 11 PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING BIJ WERK

Aan een persoon die behoort tot de doelgroep kan het college persoonlijke ondersteuning bij het verrichten van de aan die persoon opgedragen taken aanbieden in de vorm van structurele begeleiding als hij zonder persoonlijke ondersteuning niet in staat is de aan hem opgedragen taken te verrichten

1. Het college kan persoonlijke ondersteuning bij werk aanbieden aan personen behorend tot de doelgroep.

Ongewijzigd

Tekst uit de modelverordening overgenomen met aanpassing van de verwijzing naar relevante artikelen.

2. Persoonlijke ondersteuning bij werk als bedoeld in het eerste lid wordt, onverminderd het bepaalde in artikel 3, verstrekt overeenkomstig

6 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

de bepalingen van de artikelen 16 tot en met 29 ARTIKEL 12 LOONKOSTENSUBSIDIE ALS RE-INTEGRATIEVOORZIENING 1. Het college kan een loonkostensubsidie verstrekken aan een werkgever die een arbeidsovereenkomst sluit met een medewerker die naar de mening van het college een afstand tot de arbeidsmarkt heeft en deze subsidie een bijdrage levert aan het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt. 2. Het college stelt de maximale hoogte, als percentage van de loonkosten, en de maximale duur van de loonkostensubsidie vast. 3. Minimaal eenmaal per twaalf maanden beoordeelt het college of de loonkostensubsidie bedoelt in lid 1, nog steeds bijdraagt aan het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt van de medewerker als bedoeld in hetzelfde lid

ARTIKEL 4.1.12 LOONKOSTENSUBSIDIE ALS REINTEGRATIEVOORZIENING 1. Het college kan een loonkostensubsidie, anders dan de loonkostensubsidie bedoeld in artikel 15, verstrekken aan een werkgever die een arbeidsovereenkomst sluit met een kwetsbare, of uiterst kwetsbare, werknemer. 2. De loonkostensubsidie, bedoeld in het eerste lid, bedraagt ten hoogste 50% van het brutoloon inclusief werkgeverslasten gedurende maximaal 24 maanden ten behoeve van de werknemer. 3. Onder een kwetsbare werknemer wordt verstaan de persoon die: a. voorafgaand aan de indienstneming gedurende [periode (6 maanden)] geen reguliere betaalde betrekking heeft gevonden; b. geen startkwalificatie bezit; c. ouder is dan 50 jaar; of d. alleenstaande ouder is. 4. Onder een uiterst kwetsbare werknemer wordt verstaan de persoon die onmiddellijk voorafgaand aan de indiensttreding ten minste 24 maanden werkloos is geweest. 5. Minimaal één maal per twaalf maanden beoordeelt het college of de loonkostensubsidie bedoeld in lid 1, nog steeds bijdraagt aan het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt van de werknemer als bedoeld in hetzelfde lid. 6. De loonkostensubsidie wordt niet verstrekt als: a.

de werkgever in de afgelopen 3 jaar voor dezelfde werknemer loonkostensubsidie heeft ontvangen, met uitzondering van de situaties waarin het dienstverband voortijdig is beëindigd en de reden hiervan niet aan de werkgever verwijtbaar is; b. de werkgever op grond van een andere regeling aanspraak maakt op financiële tegemoetkomingen in verband met de indiensttreding van de werknemer, met uitzondering van mogelijke belastingvoordelen.

Lid 2 is gewijzigd vanwege regionale harmonisatie van deze voorziening. Het percentage is nu opgenomen in het Besluit re-integratie en kan daar vervallen. We voeren dit instrument in de regio geharmoniseerd uit. Toch vermelden wij in de verordening, in tegenstelling tot de overige regiogemeenten de bepalingen in lid 3 en 4. Dit doen wij omdat de juridische afbakening van de doelgroep noodzakelijk geacht word Lid 6 is toegevoegd vanwege harmonisatie. Deze bepaling was al opgenomen in het Besluit Re-integratie en kan daar vervallen.

ARTIKEL 13 UITSTROOMPREMIE

ARTIKEL 13 UITSTROOMPREMIE

ongewijzigd

ARTIKEL 14 MEENEEMBARE VOORZIENINGEN

ARTIKEL 27 SPECIFIEKE VOORWAARDEN MEENEEMBARE VOORZIENING

Wordt verderop in tabel behandeld.

ARTIKEL 8 PROEFPLAATSING

ARTIKEL 14 PROEFPLAATS

1. Het college kan een persoon een proefplaatsing aanbieden. 2. Een proefplaatsing betreft het verrichten van reguliere

1. Het college kan een persoon toestemming voor een proefplaats aanbieden.

Titel gewijzigd in overeenstemming met de Pw, waar de Proefplaats nu in opgenomen is.

7 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

werkzaamheden bij een werkgever met behoud van uitkering met als doel de inschakeling van de persoon in reguliere arbeid te bevorderen. 3. Een proefplaatsing wordt toegekend voor maximaal twee maanden. 4. De proefplaatsing kan steeds met periodes van maximaal twee maanden worden verlengd tot een maximumduur van in totaal zes maanden indien: a. in de persoon gelegen factoren een langere periode noodzaken; b. de persoon in deze periode langer dan een week ziek is geweest; c. de werkgever aan kan tonen dat verlengen in dit specifieke geval noodzakelijk is; of d. meer tijd nodig is om de loonwaarde te bepalen. 5. Voorafgaand aan de proefplaatsing worden in een schriftelijke overeenkomst tussen college en de werkgever in ieder geval afspraken gemaakt over: a. het doel van de proefplaatsing; b. de duur van de proefplaatsing; c. dat geen sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:160 Burgerlijk Wetboek; d. dat de werkgever tijdens de proefplaatsing geen salaris is verschuldigd; e. de wijze van begeleiding; f. een intentieverklaring dat de werkgever de persoon, bij gebleken geschiktheid, na de proefplaatsing een dienstverband van minimaal zes maanden aanbiedt voor minimaal het aantal uren dat voor de proefplaatsing is overeengekomen, tenzij tijdens de proefplaatsing blijkt dat de uren in het belang van de persoon verlaagd moet worden; g.

dat de werkgever tijdens de proefplaatsing voor de persoon een ongevallen- en aansprakelijkheidsverzekering afsluit en de gemeente vrijwaart voor alle in- en buitengerechtelijke aanspraken op vergoeding van eventuele schades; h. het feit dat door de proefplaatsing de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt; en i. dat de persoon de werkzaamheden zal verrichten conform de voor de betreffende functie en werkzaamheden geldende voorschriften en wettelijke bepalingen. 6. Een proefplaatsing kan niet worden aangeboden indien de persoon eerder bij de betreffende werkgever, organisatie of inlener heeft gewerkt of stage heeft gelopen in dezelfde of

2. Een proefplaats betreft het verrichten van reguliere werkzaamheden bij een werkgever met behoud van uitkering met als doel de inschakeling van een persoon die behoort tot de doelgroep in reguliere arbeid bij die werkgever te bevorderen. 3. Voor een proefplaats wordt uitsluitend toestemming verleend als: a. de persoon, gelet op zijn vaardigheden en capaciteiten, tot de werkzaamheden in staat is; b. het college verwacht dat de plaatsing bijdraagt aan het vergroten van de kans op arbeidsinschakeling bij de werkgever met wie de proefplaats wordt overeengekomen. c. als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt; d. de werkzaamheden van de persoon niet al eerder onbeloond door hem bij die werkgever, of diens rechtsvoorganger, zijn verricht; en e. de werkgever bij aanvang van de proefplaats schriftelijk de intentie heeft uitgesproken dat hij de persoon, bij gebleken geschiktheid, direct aansluitend aan zijn proefplaatsing, voor minimaal zes maanden, zonder proeftijd, in dienst zal nemen. 4. De proefplaats wordt toegekend voor maximaal 2 maanden. 5. De proefplaats kan met periodes van maximaal 2 maanden worden verlengd tot een maximumduur van in totaal 6 maanden als a. in de persoon gelegen factoren een langere periode noodzaken b.

de persoon in deze periode langer dan een week ziek is geweest waarbij in dat geval ook geldt dat als de maximumduur van 6 maanden is bereikt deze kan worden verlengd met de periode van ziekte; c. de werkgever aan kan tonen dat verlengen in dit specifieke geval noodzakelijk is; of d. meer tijd nodig is om de loonwaarde te bepalen. 6. Voorafgaand aan de proefplaats worden in een schriftelijke overeenkomst tussen college en de werkgever in ieder geval afspraken gemaakt over: a. het doel van de proefplaats; b. de duur van de proefplaats; c. dat geen sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:160 Burgerlijk wetboek; d. dat de werkgever tijdens de periode waarover de proefplaats wordt aangeboden geen salaris is verschuldigd; e. de wijze van begeleiding;

In lid 1 wordt verduidelijkt dat het college zelf geen proefplaats biedt. Lid 3: De Pw eist onder welke voorwaarden toestemming wordt verleend aan een persoon uit de doelgroep. Dat betekent dat er noodzakelijkerwijs een bepaling nodig is over die voorwaarden ‘opgehangen’ aan de persoon.

Termijnen in lid 4 en 5 zijn al opgenomen in de wet, buiten de verbijzondering dat de verlenging steeds met maximaal 2 maanden geschiedt.

8 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

vergelijkbare functie, tenzij er sprake is van gewijzigde omstandigheden die naar het oordeel van het college een proefplaatsing rechtvaardigen.

f. een intentieverklaring dat de werkgever de persoon, bij gebleken geschiktheid, na de proefplaats een dienstverband van minimaal 6 maanden aanbiedt voor minimaal het aantal uren dat voor de proefplaats is overeengekomen, tenzij tijdens de proefplaats blijkt dat de uren in het belang van persoon verlaagd moet worden. g. dat de werkgever tijdens de proefplaats voor de persoon een ongevallen- en aansprakelijkheidsverzekering afsluit en de gemeente vrijwaart voor alle in- en buitengerechtelijke aanspraken op vergoeding van eventuele schades; h. het feit dat door de proefplaatsing de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt; en i. dat de persoon de werkzaamheden zal verrichten conform de voor de betreffende functie en werkzaamheden geldende voorschriften en wettelijke bepaling

Onderstaande artikelen bevatten specifieke bepalingen voor de doelgroep Breed Offensief Aanvraagprocedure en voorwaarden voorzieningen ARTIKEL 15 SPECIFIEK AANVRAAGPROCES LOONKOSTENSUBSIDIE 1. Het college verstrekt overeenkomstig artikel 10d van de Pw, ambtshalve of op aanvraag, loonkostensubsidie aan de werkgever die voornemens is een dienstbetrekking aan te gaan met een persoon die behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. In geval van een aanvraag zijn het tweede tot en met het vijfde lid van dit artikel van toepassing. 2. Het college bevestigt de ontvangst van de aanvraag schriftelijk aan de werkgever, of als de aanvraag wordt gedaan door de persoon, aan de werkgever en de persoon. 3. Een aanvraag voor loonkostensubsidie wordt, als het een persoon betreft die nog niet behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie, ook beschouwd als een aanvraag om vast te stellen of de persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie, bedoeld in artikel 10c, eerste lid, onder a, van de Pw. 4. Het college stelt binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag de loonwaarde vast, tenzij in overleg met de werkgever toepassing wordt gegeven aan artikel 10d, vijfde lid, van de Pw. 5. Het college neemt bij het verstrekken van de loonkostensubsidie het

Lid 5: Op basis van de wetswijziging moet nu in de verordening aangegeven worden volgens welk proces de loonkostensubsidie wordt verstrekt. In de arbeidsmarktregio werken we al met

9 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

preferente proces loonkostensubsidie in acht.

het landelijk vastgestelde preferente proces. Dat wordt met dit artikel nu vastgelegd in de verordening.

ARTIKEL 16. VOORWAARDEN TOEKENNING PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING BIJ WERK EN OVERIGE VOORZIENINGEN 1. Het college kan persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen verstrekken voor een persoon met een arbeidsbeperking. 2. Bij de toekenning van persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen gelden, onverminderd het bepaalde in artikel 4.1.3, de volgende voorwaarden: a. de persoon behoort tot de doelgroep en is minimaal achttien jaar oud, tenzij hij VSO/PROonderwijs heeft genoten; b. de persoon kan zonder deze vorm van ondersteuning niet aan het arbeidsproces deelnemen; c. de werkgever biedt een arbeidsovereenkomst aan van minimaal 6 maanden met een minimale arbeidsduur van 12 uur per week; d. het betreft geen Arbo-taak waarvoor de werkgever verantwoordelijk is; e. het betreft geen meeneembare voorziening die tot de standaarduitrusting van de werkgever behoort of algemeen gebruikelijk is in een organisatie; f. er is naar het oordeel van het college geen sprake van een werkplekaanpassing die in zijn algemeenheid van de werkgever kan worden verlangd; en g. de kosten van de voorziening(en) wegen naar het oordeel van het college op tegen de (maatschappelijke) opbrengsten van uitstroom naar werk en zijn daarmee proportioneel ARTIKEL 17. AANVRAAGPROCEDURE PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING BIJ WERK EN OVERIGE VOORZIENINGEN 1.

Een aanvraag om persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen kan bij het college worden ingediend door de persoon of zijn werkgever. Het college kan hiervoor een aanvraagformulier vaststellen. 2. Het college bevestigt de ontvangst van de aanvraag. 3. Het college onderzoekt, zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen 8 weken na de aanvraag, de mogelijkheden en

10 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

4.

5.

6.

7.

8.

ondersteuningsbehoefte van de persoon. Het college kan een deskundig oordeel en advies inwinnen, als de beoordeling van een aanvraag dit vereist. Het college bepaalt na overleg met de persoon, en indien van toepassing met de werkgever, welke ondersteuning of voorziening(en) het beste kunnen bijdragen aan de arbeidsinschakeling. Het college onderzoekt, voor zover nodig en gelet op de omstandigheden van de persoon, in daartoe voorkomende gevallen de mogelijkheden om door samenwerking met andere partijen, onder meer op het gebied van (publieke) gezondheid, jeugdhulp, maatschappelijke ondersteuning, onderwijs, schuldhulpverlening, welzijn en wonen, te komen tot een zo goed mogelijk afgestemde integrale dienstverlening met het oog op de arbeidsinschakeling, bedoeld in artikel 8a, tweede lid, onder g, onderdeel 1, van de Pw of de wijze van voortgezette persoonlijke ondersteuning bedoeld in artikel 8a, tweede lid, onder g, onderdeel 2, van de Pw. Het college maakt binnen 15 werkdagen na afronding van het onderzoek, een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek dat wordt neergelegd in een onderzoeksverslag. Op basis van het onderzoeksverslag neemt het college een besluit en zendt dit aan de persoon of zijn gemachtigde en, indien van toepassing, aan de werkgever

ARTIKEL 18. INHOUD BESCHIKKING PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING BIJ WERK EN OVERIGE VOORZIENINGEN 1. Het college geeft in een beschikking tot toekenning van persoonlijke ondersteuning of een overige voorziening in ieder geval aan: a. welke persoonlijke ondersteuning of overige voorziening wordt verstrekt; b. als subsidie wordt verstrekt, wat de omvang is van het subsidiebedrag; c. de duur en intensiteit van de ondersteuning; d. de ingangsdatum van de ondersteuning of overige voorziening; e. als de verstrekking afwijkt van wat is aangevraagd, wat de reden is van afwijking; en f. voor zover van toepassing, welke andere ondersteuning of voorziening relevant is, of kan zijn, waaronder de wijze waarop de persoon integraal kan worden ondersteund.

Lid 2 is optioneel. De wet schrijft dit eigenlijk al voor. Regionaal afgesproken dit wel op te

11 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

2. Het college geeft in een beschikking tot afwijzing van persoonlijke ondersteuning of een overige voorziening op grond van het feit dat er een voorliggende voorziening bestaat, in ieder geval aan welke voorziening dit betreft.

nemen, omdat daarmee alle processtappen in de verordening staan. Dat biedt een helder overzicht.

Harmonisatie Specifieke bepalingen persoonlijke ondersteuning bij werk ARTIKEL 19. PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING BIJ WERK 1. Het college kan persoonlijke ondersteuning bij werk in de vorm van jobcoaching in natura verstrekken door middel van een jobcoach die werkzaam is in een dienstverband bij of in opdracht van een derde, waarbij de gemeente de uitvoering van jobcoaching heeft ingekocht. 2. Het college kan persoonlijke ondersteuning bij werk in de vorm van een subsidie toekennen aan de werkgever voor: a. jobcoaching door een interne of externe jobcoach; of b. interne werkbegeleiding door een interne werkbegeleider. 3. De in het eerste of tweede lid genoemde ondersteuning kan ook worden aangeboden, met het oog op het verrichten van werkzaamheden, anders dan in dienstverband, zoals bij een proefplaats of een leerwerktraject. ARTIKEL 20. SPECIFIEKE VOORWAARDEN TOEKENNING PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING BIJ WERK 1. De aanvraag voor persoonlijke ondersteuning bij werk wordt binnen 8 weken na de ingangsdatum van de dienstbetrekking ingediend, tenzij voorafgaand aan of op het moment van aanvang van het dienstbetrekking de noodzaak voor die ondersteuning redelijkerwijs nog niet bekend kon zijn. 2. Het college besluit op basis van individueel maatwerk, waarbij de aard, omvang, duur en intensiteit van de persoonlijke ondersteuning wordt gewogen. ARTIKEL 21. JOBCOACHING 1.

Een jobcoach die de persoonlijke ondersteuning bij werk verzorgt voldoet aan de kwaliteitseisen en voorwaarden zoals vermeld in bijlage 1. 2. De in te zetten jobcoaching wordt door het college bepaald op basis van de specifieke werk- en persoonlijke omstandigheden, resulterend in

12 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

vaststelling door het college van het noodzakelijke zwaarteregime en de te verwachten duur van de inzet van de coaching zoals opgenomen in bijlage 1.

ARTIKEL 22 JOBCOACHING IN NATURA 1. Het college kan ambtshalve, of op aanvraag, jobcoaching in natura aanbieden. 2. Bij aanvragen om jobcoaching in natura en de voorbereiding van een beschikking op de aanvraag is het bepaalde in de artikelen 16 tot en met 21 van overeenkomstige toepassing. ARTIKEL 23 SUBSIDIE VOOR HETORGANISEREN VAN JOBCOACHING 1. Het college kan op aanvraag subsidie voor het organiseren van jobcoaching verlenen aan de werkgever. 2. Subsidie voor het organiseren van jobcoaching kan, met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 16 tot en met 21, worden verleend als: a. de jobcoaching bestaande uit een individueel trainingsof inwerkprogramma en een systematische begeleiding van de persoon behorend tot de doelgroep, gericht op het kunnen uitvoeren van de aan hem opgedragen taken, wordt geborgd door middel van een coachingsplan; b. de omvang en de kwaliteit van de georganiseerde jobcoaching passend is; c. de continuïteit van de jobcoaching geborgd is; en d. de persoon voor wie de subsidie wordt gevraagd daarvan op de hoogte is en schriftelijk instemt met het organiseren van jobcoaching door de werkgever. 3. Het college kan voor jobcoaching een maximumtarief per uur hanteren dat toereikend is voor de organisatie van jobcoaching, waarbij het college zorgdraagt voor de kenbaarheid van de voor het betreffende jaar van toepassing zijnde tarieven. ARTIKEL 24.

INTERNE WERKBEGELEIDING 1. Als een persoon uit de doelgroep voor het kunnen verrichten van werk is aangewezen op begeleiding die de gebruikelijke begeleiding door de werkgever en andere werknemers aanzienlijk te boven gaat, kan het college een subsidie verlenen aan de werkgever voor de aangetoonde meerkosten die verbonden zijn aan

13 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

het organiseren van de interne werkbegeleiding. 2. Het college kan aan de werkgever ambtshalve of op aanvraag een training aanbieden voor een of meer medewerkers om hen in staat te stellen aan personen behorend tot de doelgroep interne werkbegeleiding te bieden Specifieke bepalingen overige voorzieningen ARTIKEL 25 SPECIFIEKE VOORWAARDEN VERVOERSVOORZIENING 1. Het college kan een vervoersvoorziening toekennen aan een persoon die door zijn beperking niet zelfstandig naar zijn werkplek, proefplaats of opleidingslocatie kan reizen. Deze vervoersvoorziening kan zowel in natura als in de vorm van een vergoeding in geld worden verstrekt. 2. Het college biedt een vervoersvoorziening aan als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de persoon kan door zijn beperking niet zelfstandig reizen of gebruik maken van het openbaar vervoer; en b. het vervoer is beperkt tot woon werkverkeer. 3. De hoogte van de vergoeding in geld hangt af van het aantal dagen dat moet worden gewerkt en bedraagt het in de markt reguliere tarief voor een taxi of een andere vorm van vervoer. 4.

Het college brengt een eventueel bedrag voor een vervoersvoorziening van de werkgever aan de werknemer in mindering op de te verstrekken vervoersvoorziening ARTIKEL 26 SPECIFIEKE VOORWAARDEN NOODZAKELIJKE INTERMEDIAIRE ACTIVITEIT BIJ VISUELE OF MOTORISCHE HANDICAP Het college kan een voorziening in de vorm van een intermediaire activiteit toekennen die gericht is op de vervanging of ondersteuning van een door ziekte of gebrek geheel of gedeeltelijk ontbrekende visuele of motorische lichaamsfunctie.

ARTIKEL 14 MEENEEMBARE VOORZIENINGEN 1. Aan een medewerker met een arbeidsbeperking die een meeneembare voorziening nodig heeft, kan een meeneembare

Er is een wetsvoorstel die regelt dat de verantwoordelijkheid voor intermediaire activiteiten bij visuele beperkingen belegd gaat worden bij het UWV.

ARTIKEL 27 SPECIFIEKE VOORWAARDEN MEENEEMBARE VOORZIENINGEN 1. Aan een werknemer met een arbeidsbeperking die een meeneembare voorziening nodig

14 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

voorziening dan wel een vergoeding voor de aanschaf daarvan worden toegekend als aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan: a. de meeneembare voorziening is naar verwachting gedurende minimaal zes maanden noodzakelijk om de medewerker zijn of haar werk te kunnen laten uitvoeren; b. er is sprake van een dienstverband voor de duur van tenminste zes maanden en voor minimaal 12 uur per week; c. er kan voor de meeneembare voorziening geen beroep worden gedaan op een voorliggende voorziening; d. de meeneembare voorziening behoort niet tot de standaarduitrusting van de medewerker en is evenmin algemeen gebruikelijk binnen de betreffende branche; en e. de kosten van de mee te nemen voorziening zijn proportioneel 2. In afwijking van artikel 2 onder b. kan een meeneembare voorziening ook worden toegekend bij een proefplaatsing met behoud van uitkering. 3. Bij de keuze van een mee te nemen voorziening wordt gekozen voor de meest adequate en goedkoopste oplossing. 4. Een meeneembare voorziening die in natura wordt toegekend wordt in beginsel in bruikleen beschikbaar gesteld aan de medewerker tenzij sprake is van een individuele maatwerkvoorziening of dat bruikleen gezien de aard van de voorziening niet mogelijk of wenselijk is.

heeft, kan een meeneembare voorziening dan wel een vergoeding voor de aanschaf daarvan worden toegekend als aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan: a. de meeneembare voorziening is naar verwachting gedurende minimaal 6 maanden noodzakelijk om de medewerker zijn werk te kunnen laten uitvoeren; b. er is sprake van een dienstverband voor de duur van tenminste 6 maanden en voor minimaal 12 uur per week; c. er kan voor de meeneembare voorziening geen beroep worden gedaan op een voorliggende voorziening; d. de meeneembare voorziening behoort niet tot de standaarduitrusting van de medewerker en is evenmin algemeen gebruikelijk binnen de betreffende branche; en e. de kosten van de mee te nemen voorziening zijn proportioneel 2. In afwijking van lid 1 onder b. kan een meeneembare voorziening ook worden toegekend bij een proefplaats met behoud van uitkering. 3. Een meeneembare voorziening die in natura wordt toegekend wordt in beginsel in bruikleen beschikbaar gesteld aan de medewerker tenzij sprake is van een individuele maatwerkvoorziening of dat bruikleen gezien de aard van de voorziening niet mogelijk of wenselijk is.

Lid 3 kan vervallen, geregeld in de algemene bepalingen. Lid 4 wordt vernummerd naar lid 3.

ARTIKEL 28. SPECIFIEKE VOORWAARDEN WERKPLEKAANPASSINGEN Het college kan een aanpassing van de werkplek toekennen aan een persoon, als dit noodzakelijk is om zijn werk uit te voeren. In beginsel kan daarbij elk product als een werkplekaanpassing worden beschouwd als de noodzaak en meerwaarde in de werksfeer aantoonbaar zijn ARTIKEL 15 NADERE REGELS

ARTIKEL 29 NADERE REGELS

Het college kan nadere regels vaststellen over: 1. Onder welke voorwaarden, welke personen, bedoeld in artikel 7, eerste lid onderdeel a Pw, en werkgevers van deze personen in aanmerking komen voor de voorzieningen in deze paragraaf. 2. De hoogte en de duur van de loonkostensubsidie waarvoor een werkgever in aanmerking komt zoals genoemd in artikel 12.

Het college kan nadere regels vaststellen over: 1. Onder welke voorwaarden, welke personen, bedoeld in artikel 7, eerste lid onderdeel a Pw, en werkgevers van deze personen in aanmerking komen voor de voorzieningen in deze paragraaf. 2. Welke regels gelden voor het aanbod van scholing of opleiding. 3. Beschut werk:

Lid 2 vervalt. Ten gevolge van jurisprudentie kan dit niet gedelegeerd worden aan het college en is dus opgenomen in artikel 12 lid 2

15 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

3. Welke regels gelden voor het aanbod van scholing of opleiding en voor de premie en de hoogte van die premie en indien additionele werkzaamheden worden verricht als bedoeld in artikel 10a van de Pw. 4. Beschut werk: a. op welke wijze wordt bepaald welke personen in aanmerking komen voor de ambtshalve vaststelling, bedoeld in artikel 10b eerste lid van de Pw; b. welke voorzieningen gericht op arbeidsinschakeling worden aangeboden om de onder 10b eerste lid van de Pw; bedoelde werkzaamheden mogelijk te maken; c. de wijze waarop de omvang van het aanbod van de voorziening, bedoeld in artikel 10b eerste lid van de Pw, wordt vastgesteld.

a. op welke wijze wordt bepaald welke personen in aanmerking komen voor de ambtshalve vaststelling, bedoeld in artikel 10b eerste lid van de Pw; b. welke voorzieningen gericht op arbeidsinschakeling worden aangeboden om de onder 10b eerste lid van de Pw bedoelde werkzaamheden mogelijk te maken; c. de wijze waarop de omvang van het aanbod van de voorziening, bedoeld in artikel 10b eerste lid van de Pw, wordt vastgesteld. 4. De vergoedingssystematiek, waarin mede begrepen het hanteren van drempelbedragen, voor de in artikel 25 bedoelde vervoersvoorziening

Artikel 16 Intrekken oude verordening en overgangsrecht 1. De Re- integratieverordening Participatiewet Rhenen 2019 wordt ingetrokken.

Artikel 30 Intrekken oude verordening De Re- integratieverordening Participatiewet Rhenen 2022 wordt ingetrokken op het moment van inwerkingtreden van deze verordening.

Artikel 17 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2022.

Artikel 31

Artikel 31 Inwerkingtreding en citeertitel 1.

Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2023. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Rhenen 2023

16 Was-wordt tabel Re-integratieverordening Participatiewet Rhenen 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13489477/2