CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Uitwerking Consultatie 19 mei 2025

Raadsvergadering 30 september 2025, gemeente RhenenBij agendapunt: 12726 - Kaders en uitgangspunten participatiebijeenkomst uitvoering Spreidingswet3.840 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Uitwerking consultatie 19 mei 2025 Commissievergadering Bestuur & Financiën 1

Inleiding Uitwerking consultatie uitvoering Spreidingswet Met de Spreidingswet heeft de gemeente Rhenen de wettelijke taak om asielopvangvoorzieningen mogelijk te maken voor 116 asielzoekers. Op 19 mei 2025 is de raad geconsulteerd om de kaders en uitgangspunten helder te krijgen om de opvang van asielzoekers te realiseren in de gemeente Rhenen. Om gezamenlijk te komen tot heldere kaders en uitgangspunten met als doel om opvangplekken voor asielzoekers te realiseren en te voldoen aan de wettelijke taakstelling. De volledige consultatie kunt u hier terugkijken: https://rhenen.raadsinformatie.nl/vergadering/1281322

Samenvatting: opbrengst consultatie De raad heeft 5 dilemma’s voorgelegd gekregen. Elke fractie kon (digitaal) punten meegeven via mentimeter, om aan te geven wat zij het meest belangrijk vinden. Per dilemma zijn alle ingevulde punten per fractie keer het aantal zetels gedaan. Vervolgens is dit per dilemma bij elkaar opgeteld en gedeeld door het aantal fracties. De scores die zijn gegeven, inclusief de inhoudelijk toelichting per fractie, kunt u teruglezen in de tabellen verderop in dit document. Hieronder volgt een korte samenvatting van de opbrengst per dilemma. Dilemma 1: Eerst financiële duidelijkheid nodig Bij het eerste dilemma werd de raad gevraagd wat voor hen het belangrijkste is: de goedkoopste vorm van asielopvang (1 punt) of de spreiding van asielopvang, meer financieel risico (5 punten). Uit de consultatie blijkt dat er brede overeenstemming onder de fracties is dat financiële duidelijkheid essentieel is, voordat een definitieve keuze gemaakt kan worden. Veel fracties vinden de huidige informatie over kosten en ambtelijke impact onvoldoende om een goed onderbouwde afweging te maken. Hoewel het maatschappelijk draagvlak voor spreiding een belangrijke factor is, maken veel fracties zich zorgen dat kleinschalige opvang meer geld en inzet van de gemeente vraagt.

Daarom neigt een meerderheid van de fracties – gelet op de gewogen scores en inhoudelijke toelichting – licht richting een centrale, grotere opvanglocatie, uitgevoerd door het COA. Dit biedt de mogelijkheid om kosten te beheersen en de druk op de gemeentelijke organisatie te beperken. Tegelijkertijd blijft er terughoudendheid: men wil pas een definitief besluit nemen als de financiële en organisatorische gevolgen helder zijn. Transparante communicatie en het betrekken van inwoners blijven belangrijke voorwaarden in het vervolgproces. Dilemma 2: Voorkeur voor exploitatie en uitvoering door COA Bij het tweede dilemma werd de raad gevraagd wat voor hen het belangrijkste is: een lager aantal opvangplekken in eigen beheer (1 punt) of minimaal 100 opvangplekken geëxploiteerd door het COA (5 punten). Er is een duidelijke voorkeur voor scenario’s waarbij het COA verantwoordelijk blijft voor de uitvoering en exploitatie van de opvang. De hoge gemiddelde score van 4,13 benadrukt dit. De meeste fracties geven aan dat de gemeente nu niet genoeg capaciteit en middelen heeft om deze taken zelf op te pakken. Ook is er nog geen goede financiële onderbouwing van wat kleinschalige opvang en uitvoering door de gemeente precies kost.

Het risico dat kleinschalige opvang veel vraagt van de ambtelijke organisatie en de gemeentebegroting, zorgt ervoor dat bijna alle fracties kiezen voor een centrale, grotere opvanglocatie met het COA als uitvoerder. Tegelijk vragen meerdere fracties om meer feitelijke informatie, voordat zij een definitief besluit willen nemen. 2

Dilemma 3: Behouden van woningbouwlocaties voor eigen inwoners Bij het derde dilemma werd de raad gevraagd wat voor hen het belangrijkste is: spreiding van opvangplekken (1 punt) of woningbouw (5 punten). Vrijwel alle fracties geven aan dat woningbouw voor eigen inwoners prioriteit heeft. Er leeft een duidelijke zorg dat spreiding van opvanglocaties de schaarse beschikbare ruimte voor woningbouw belemmert. Hoewel er begrip is voor het maatschappelijk draagvlak voor spreiding, vinden fracties dat dit niet ten koste mag gaan van de woningbouwopgave – met name op het gebied van betaalbare woningen. De hoge gemiddelde score van 4,38 laat zien dat de gemeenteraad als geheel de voorkeur geeft aan het behouden van locaties voor woningbouw en terughoudend zijn in het zetten van deze gronden voor opvang. Lokale woningzoekenden moeten volgens veel fracties voorrang blijven houden in de planvorming. Dilemma 4: Verdeeld over de mogelijkheid van uitruil met andere gemeenten Bij het vierde dilemma werd de raad gevraagd wat voor hen het belangrijkste is: voldoen aan wettelijke taakstelling van 116 opvangplekken (1 punt) of meer opvangplekken in ruil voor het huisvesten van minder statushouders (5 punten). De fracties zijn verdeeld over het inzetten op meer opvangplekken met het oog op mogelijke uitruil met andere gemeenten.

Sommige fracties zien voordelen in een grotere opvangcapaciteit om zo het aantal te huisvesten statushouders te verlagen. Waardoor er meer woningen beschikbaar blijven voor woningzoekenden. Andere fracties twijfelen aan uitvoerbaarheid van uitruilconstructies en hechten meer waarde aan duidelijkheid en lokale inbreng. De gemiddelde score van 3,25 laat zien dat er geen duidelijke lijn is. Wel lijkt er ruimte om de optie van uitruil verder te verkennen, zolang dit goed onderbouwd en uitvoerbaar is. Heldere informatie en concrete voorbeelden zijn nodig om draagvlak te krijgen voor een grotere opvangcapaciteit. Dilemma 5: Brede steun voor participatie Bij het vijfde dilemma werd de raad gevraagd wat voor hen het belangrijkste is: maximale participatie (1 punt) of minimale participatie (5 punten). Fracties vinden participatie belangrijk, ook al laat de gemiddelde score van 2,88 een gematigde lijn zien. Fracties zijn het erover eens dat inwoners betrokken moeten worden bij het proces, maar verschillen van mening over de mate en de manier waarop dat moet gebeuren. Enerzijds benadrukken fracties het belang van kwaliteit en transparantie. Anderzijds uitten de fracties zorgen over onnodige kosten en mogelijke vertraging. Er lijkt een brede gedragen wens om participatie goed te organiseren, met grenzen aan tijd en kosten.

3

Dilemma 1: Kosten versus spreiding van asielopvang De kosten voor asielopvang zijn afhankelijk van het aantal op te vangen asielzoekers per locatie. Het COA kan vanaf 100 opvangplekken op één locatie de volledige exploitatie en uitvoering op zich nemen, waarmee de opvang kostendekkend georganiseerd kan worden. Vanuit maatschappelijk oogpunt is er echter meer draagvlak wanneer opvanglocaties verspreid worden over de kernen. Bij kleinere, verspreide locaties komen de financiële risico's voor exploitatie en beveiligingskosten (deels) voor rekening van de gemeente. Het is dan ook niet mogelijk om zowel te kiezen voor spreiding van opvang over meerdere locaties, als voor de goedkoopste optie en met het minste financiële risico voor de gemeente.

1 2 goedkoopste vorm asielopvang geen financieel risico

3

Fractie

Punten

Zetels

Weging

SGP

3

5

15

VVD1

1

3

3

Rhenens Belang Progressief Rhenen/ GroenLinks

2

3

6

-

2

3

6

-

2

2

4

5 spreiding asielopvang, maatschappelijke draagvlak meer financieel risico

Toelichting

D66

4

-

De toelichting weegt zwaarder dan de gegeven score. Er is te weinig bekend over de daadwerkelijke kosten, om een weloverwogen keuze te maken. Het is daarom te vroeg om nu al te kiezen tussen spreiding of één locatie. De kern van het dilemma is volgens de fractie de financiële onderbouwing en dat is nu onvoldoende. De voorkeur gaat uit naar de goedkoopste vorm van opvang, mits er draagvlak voor is. De fractie geeft aan een financiële onderbouwing te missen, waardoor een voorkeur formuleren nu nog lastig is. De fractie neigt naar een grotere opvanglocatie, door het waarschijnlijke verschil in kosten tussen spreiding en een centrale opvanglocatie en dat er ruimte blijft voor andere projecten die voor inwoners belangrijk zijn. De fractie benadrukt dat eerlijke communicatie essentieel is; inwoners moeten gehoord worden en er moet helderheid zijn over wat de opvang inhoudt. Uit gesprekken met inwoners bleek dat spreiding vaak het meeste draagvlak heeft. Tegelijkertijd blijkt uit deze gesprekken dat kosten, dagbesteding, voorzieningen, onderwijs en veiligheid waarschijnlijk beter georganiseerd kunnen worden op één centrale locatie. Deze argumenten blijken dan toch meestal de doorslag te geven.

De uitslagen van de mentimeter van de VVD fractie representeren niet de mening van de heer Salari. Wel herkent de heer Salari zich in de gegeven toelichting van de fractie. De rest van de fractie herkent zich wel in de uitslagen van de mentimeter.

1

4

ChristenUnie

2

1

2

-

CDA

1

1

1

-

PvdA

2

1

2

-

Totaal

15

19

39

Gemiddelde

1,88

-

2,05

Hoe meer de gemeente zelf doet, hoe meer dat vraagt van de ambtelijke organisatie. De fractie heeft gemerkt dat de ambtelijke organisatie ‘niet ruim in zijn jasje zit’. Daarom kiest de fractie voor de goedkoopste vorm. Zodat de ambtelijke organisatie zich kan inzetten voor andere projecten. De keuze voor de goedkoopste variant is dus gemaakt vanuit het oogpunt: minimale belasting voor inwoners, ambtenaren en financiële middelen. De opvang mag de gemeente geen geld kosten, dus dient budgettair neutraal gerealiseerd te worden. De kosten zijn een aandachtspunt. Meerdere opvanglocatie nemen meer ruimte in beslag wat gevolgen heeft voor de beschikbaarheid van locaties voor betaalbare woningen.

5

Dilemma 2: Gemeentelijke verantwoordelijkheid bij kleinschalige opvang Hoe minder opvangplekken er per locatie worden gerealiseerd, des te groter de kans dat de gemeente zelf verantwoordelijk wordt voor de exploitatie en uitvoering van de opvang. Dit betekent dat er ambtelijke capaciteit beschikbaar gesteld moet worden. En dat er, naar verwachting, financiële middelen uit de gemeentelijke begroting nodig zijn. Het is bij kleinschalige opvanglocaties niet mogelijk om de exploitatie volledig aan het COA uit te besteden.

1 2 lager aantal opvangplekken per locatie in gemeentelijk beheer

3

Fractie

Punten

Zetels

Weging

SGP

3

5

15

4

3

12

5 volledige exploitatie en uitvoering door COA, minimaal 100 opvangplekken

Toelichting -

VVD2

4

-

Rhenens Belang

4

3

12

-

Progressief Rhenen/ GroenLinks D66

4

3

12

-

4

2

8

-

De toelichting weegt zwaarder dan de score. Bij voldoende duidelijkheid is een afgewogen besluit pas mogelijk en daarom wil de fractie meer inzicht in de kosten. Uit de stukken blijkt dat in een scenario van 116 opvangplekken al veel door het COA georganiseerd kan worden. Het werkelijke dilemma voor de fractie is hoe de opvang financieel geregeld gaat worden en dat is nu onvoldoende financieel onderbouwd. Ook is onduidelijk welke impact het heeft voor de ambtelijke organisatie. Volgens de fractie is de gemeente niet geëquipeerd om zelf de opvang te organiseren en uit te voeren. De opvang laten exploiteren en uitvoeren door het COA is afhankelijk van het maatschappelijk draagvlak. De fractie is tegen een opvangoplossing waarbij de gemeente zelf verantwoordelijk is voor de organisatie, veiligheid en de bijbehorende extra kosten. Geeft een voorkeur voor exploitatie door het COA. Kleinschalige opvang vraagt capaciteit van de ambtelijke organisatie. Deze capaciteit benut de fractie liever voor andere projecten die inwoners ten goede komen. Uit gesprekken met inwoners bleek dat spreiding vaak het meeste draagvlak heeft. Tegelijkertijd blijkt uit deze gesprekken dat kosten, dagbesteding, voorzieningen, onderwijs en

2

De uitslagen van de mentimeter van de VVD fractie representeren niet de mening van de heer Salari. Wel herkent de heer Salari zich in de gegeven toelichting van de fractie. De rest van de fractie herkent zich wel in de uitslagen van de mentimeter. 6

ChristenUnie

5

1

5

-

CDA

5

1

5

-

PvdA

4

1

4

-

Totaal

33

19

73

Gemiddelde

4,13

-

3,8

veiligheid waarschijnlijk beter georganiseerd kunnen worden op één centrale locatie. Deze argumenten blijken dan toch meestal de doorslag te geven. Voorkeur voor uitvoering door het COA, zodat er gemeentelijke ambtelijke capaciteit beschikbaar blijft voor andere projecten. Voorstander van één centrale opvanglocatie én belangrijk dat de hele gemeente wordt betrokken en achter de keuze staat. De gemeente is volgens de fractie onvoldoende geëquipeerd voor de uitvoering van opvang op diverse locaties. Dit leidt tot te veel ambtelijke inzet en financiële lasten. Indien er voldoende politiek draagvlak is, kan er wel een weloverwogen keuze gemaakt worden voor spreiding.

7

Dilemma 3: Spreiding versus woningbouw Bij inwoners leven er zorgen over de toename van wachtlijsten voor woningen. Als er ingezet wordt op de spreiding van opvanglocaties over de kernen, kan dit de woningbouw (en daarmee de doorstroming op de woningmarkt) belemmeren. Beschikbare locaties zijn schaars. Het is lastig om zowel meerdere opvanglocaties te realiseren als locaties uit te sluiten die geschikt zijn voor permanente woningbouw. De kans bestaat dan dat er geen geschikte locaties meer overblijven om opvang te spreiden. 1 Spreiding opvanglocaties

2

3

4

5 woningen bouwen

Fractie

Punten

Zetels

Weging

Toelichting

SGP

3

5

15

-

De toelichting weegt zwaarder dan de score. De impact op de woningbouw is onbekend, daarom kiest de fractie een middenpositie.

VVD3

5

3

15

-

Rhenens Belang Progressief Rhenen/ GroenLinks D66

5

3

15

-

De fractie wil geen woningbouwlocaties beschikbaar stellen voor opvang. Tegelijkertijd is de bevolking van Elst met spreiding gekomen, wat leidt tot kleinere locaties. De fractie wil daarom met inwoners zoeken naar geschikte locaties. Locatiekeuzes mogen niet ten kosten gaan van de woningbouwopgave, want woningen voor eigen inwoners heeft prioriteit.

4

3

12

5

2

10

ChristenUnie

5

1

5

CDA

4

1

4

PvdA

4

1

4

Totaal

35

19

80

Gemiddelde

4,38

-

4,2

-

De opvang mag zo min mogelijk ten koste gaan van woningbouw.

-

De fractie vindt woningbouw voor eigen inwoners belangrijk, vooral betaalbare woningen.

3

De uitslagen van de mentimeter van de VVD fractie representeren niet de mening van de heer Salari. Wel herkent de heer Salari zich in de gegeven toelichting van de fractie. De rest van de fractie herkent zich wel in de uitslagen van de mentimeter. 8

Dilemma 4: Meer opvangplekken realiseren om minder statushouders te hoeven huisvesten De gemeente kan voldoen aan de wettelijke taakstelling door 116 opvangplekken te realiseren. Er kan ook gekozen worden voor een grotere opvangcapaciteit, waarmee uitruilmogelijkheden ontstaan. In dat geval hoeft de gemeente naar verwachting minder statushouders te huisvesten en blijven er meer woningen beschikbaar voor woningzoekenden.

1 voldoen aan minimum wettelijke taak

2

3

4

5 meer opvang met als doel minder woningen naar statushouders

Fractie

Punten

Zetels

Weging

Toelichting

SGP

1

5

5

-

VVD4

3

3

9

-

Rhenens Belang

1

3

3

-

Progressief Rhenen/ GroenLinks D66

4

3

12

-

4

2

8

-

ChristenUnie

4

1

4

-

De toelichting weegt zwaarder dan de score. Het is voor de fractie onvoldoende duidelijk wat de meerwaarde is van uitruil. Op basis van de inbreng van de inwoners uit Elst vindt de fractie uitruil niet aan de orde. Het is onduidelijk voor de fractie wie de uitruil accordeert en er ontbreekt een voorbeeld van een uitruildeal. De fractie gelooft niet in uitruilmogelijkheden in de praktijk, omdat asielzoekers vaak woonruimte zoeken in de omgeving van het opvangcentrum. Door schaarste aan sociale huurwoningen in de kernen, is de fractie van mening dat grootschalige opvang en uitruil uiteindelijk een voordeel oplevert voor eigen inwoners. Staat positief tegenover het onderzoeken van uitruil, mits daardoor meer woningen beschikbaar blijven en het in de praktijk uitvoerbaar is. Start met wettelijk opgave, maar laat ruimte voor uitbreiding als blijkt dat uitruil haalbaar is.

CDA

5

1

5

-

Voorstander van grotere locatie met als doel om minder statushouders te hoeven huisvesten

PvdA

4

1

4

-

Grootschalige opvang heeft de voorkeur, zodat COA de exploitatie op zich neemt

Totaal

26

19

50

Gemiddelde

3,25

-

2,6

4

De uitslagen van de mentimeter van de VVD fractie representeren niet de mening van de heer Salari. Wel herkent de heer Salari zich in de gegeven toelichting van de fractie. De rest van de fractie herkent zich wel in de uitslagen van de mentimeter. 9

Dilemma 5: Inzet participatie De gemeente kan ervoor kiezen om inwoners actief te betrekken bij de zoektocht naar opvanglocaties, wat kan bijdragen aan meer vertrouwen en breed gedragen oplossingen. Deze aanpak vraagt echter om extra financiële en ambtelijke inzet. Een alternatief is om te voldoen aan de minimale participatieeisen, zoals het informeren van inwoners, een digitale uitvraag en beperkte betrokkenheid van direct omwonenden bij locatiekeuze.

1 maximale participatie

2

3

Fractie

Punten

Zetels

Weging

SGP

3

5

15

-

VVD5

3

3

9

-

Rhenens Belang

2

3

6

-

4

5 minimale participatie

Toelichting

Progressief Rhenen/ GroenLinks D66

3

3

9

-

5

2

10

-

ChristenUnie

3

1

3

-

De toelichting weegt voor de fractie zwaarder dan de ingevulde score. De kosten van participatie zijn afhankelijk van de wijze waarop het wordt vormgegeven en betere participatie hoeft niet per se meer te kosten. Het is onduidelijk voor de fractie welke vorm van participatie ze krijgen bij welke score, daarom is het moeilijk om in te vullen. In Elst zijn al hele brede en duidelijke kaders meegegeven. Het AZC moeten binnen de schaal van onze gemeente passend zijn en niet ten koste gaan sociale voorzieningen en veiligheid. Participatie is daarom heel belangrijk. Participatie draagt bij een veiligheidsgevoel en welkgevoel voor ontheemden en dat moeten we samen met onze inwoners doen. Belangrijke voorwaarden: feiten op tafel, eerlijk communiceren en mensen moeten gehoord worden. Rekening houden met: dat met de participatie niet te veel middelen en tijd wordt verspild en het proces onnodig wordt vertraagd, omdat we ook andere taken te verrichten hebben voor inwoners. Het moet gaan over de kwaliteit van de participatie: hoe betrekken we inwoners zo goed mogelijk. Belangrijk om transparant, op tijd en duidelijk te communiceren richting inwoners én te luisteren naar de inbreng. In gesprek lijken dilemma’s en zorgen soms toch anders te liggen als er meer achtergrondinformatie is. Gekozen voor 3 punten, omdat er nog te weinig duidelijk is om een verder afweging te maken.

CDA

1

1

1

-

Participatie moet van onderop georganiseerd worden.

-

5

De uitslagen van de mentimeter van de VVD fractie representeren niet de mening van de heer Salari. Wel herkent de heer Salari zich in de gegeven toelichting van de fractie. De rest van de fractie herkent zich wel in de uitslagen van de mentimeter. 10

PvdA

3

1

3

Totaal

23

19

56

Gemiddelde

2,88

-

2,95

-

Heb aandacht voor de zwijgende meerderheid en bereik hen ook. Organiseer de participatie over alle drie de kernen en betrek ook de eerstelijns zorg. Belangrijk om omwonenden te betrekken en goede richtlijnen mee te geven om de participatie in goede banen te leiden.

11

Fractie

Overige inhoudelijke punten

SGP

-

VVD

Rhenens Belang

-

Progressief Rhenen/ GroenLinks

-

D66

ChristenUnie CDA

PvdA

-

Solidariteit kan alleen vrijwillig worden opgebracht. Onder dwang is er volgens de fractie geen sprake van ware solidariteit. De looptijd van een opvanglocatie moet zo kort mogelijk zijn – bij voorkeur minder dan vijf jaar. Er zijn zorgen over de vaste vergoeding voor jeugdzorg voor asielzoekers. Beleidskeuzes moeten gebaseerd zijn op feiten en cijfers; de huidige onderbouwing wordt als onvoldoende ervaren. De fractie acht het noodzakelijk dat het college met een diepgaandere en meer onderbouwde analyse komt alvorens standpunten kunnen worden ingenomen. De fractie geeft aan zeggenschap te willen hebben over de aard van de op te vangen asielzoekers, zodat er niet 116 alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv’s) of zogenoemde veilige landers worden opgenomen. Een harde voorwaarde voor de fractie is dat er financiële zekerheid wordt verkregen vanuit het Rijk. Er mag geen sprake zijn van risico op overschrijding van gemeentelijke middelen. De duur van de opvanglocatie is maximaal 5 jaar. Als het COA een opvanglocatie vestigt, laat het gebouw dan multifunctioneel inzetbaar zijn. Zodat na afloop van de opvang het gebouw inzetbaar wordt voor bijvoorbeeld ouderen, studenten of starters. De fractie is in principe voorstander van het realiseren van opvang. Er is sprake van een gezamenlijke opgave waarvoor solidariteit met andere gemeenten noodzakelijk is.

Transparante communicatie richting inwoners is essentieel – vooral bij kleinschalige opvang moet goed uitgezocht worden wat dit concreet betekent. Een opvanglocatie dient bij voorkeur dicht bij de Internationale Schakelklas (ISK) en andere voorzieningen te liggen, om integratie te bevorderen. De fractie ziet het als een morele plicht om mensen op te vangen die vluchten en solidair te zijn met andere gemeenten. De fractie waardeert dat er pas op de plaats is gemaakt en eerst wordt geconsulteerd. Het is belangrijk om het gesprek met inwoners aan te blijven gaan en hun zorgen, ideeën en dilemma’s serieus te nemen. De fractie pleit voor een ruimhartige benadering. Er moet zorgvuldig onderzocht worden welke opvangcapaciteit mogelijk en wenselijk is binnen de gemeente. De fractie is van mening dat de gemeente uit solidariteit uitvoering moet geven aan de Spreidingswet. Er dient nu al duidelijkheid te zijn over de ambtelijke capaciteit die voor deze opgave wordt ingezet. De CDA-fractie is bereid om een langere looptijd dan vijf jaar te overwegen voor de opvanglocatie. De fractie streeft naar een ruimhartige opvang van vluchtelingen, menswaardig met een humane behandeling en voldoende voorzieningen. De opvang moet betaalbaar blijven zonder dat dit ten koste gaat van de leefbaarheid voor de eigen inwoners.

Bij kleinschalige opvang is het belangrijk dat het COA betrokken blijft, aangezien integratie en participatie cruciale factoren zijn. Vluchtelingen moeten zo snel mogelijk kunnen deelnemen aan de maatschappij. Eerlijke en transparante communicatie is een randvoorwaarde. Lokale gemeenschappen moeten worden betrokken om draagvlak en sociale cohesie te bevorderen. 12

-

Succesfactoren zijn onder andere: toegang tot zorg en onderwijs. Het is belangrijk dat er vanaf het begin één aanspreekpunt is voor inwoners en instanties. Er moeten afspraken worden gemaakt met de politie, buurtpreventie en lokale samenwerkingspartners. Financiën zijn een zorgpunt; er ligt een aanzienlijke opgave waarvoor oplossingen moeten worden gevonden. Jongeren die woningen niet meer kunnen betalen en vergrijzing. Monitoring en evaluatie zijn belangrijk; als opvang eenmaal gerealiseerd is, moet regelmatig geëvalueerd worden.

Samengevat overige punten Uit de toelichtingen van de fracties blijkt brede overeenstemming over het belang van een zorgvuldige uitvoering, financiële duidelijkheid en maatschappelijk draagvlak bij het realiseren van asielopvang. Daarbij keren een aantal thema’s steeds terug: Financiële kaders en risico’s Verschillende fracties benadrukken dat er pas besluiten genomen kunnen worden als er voldoende financiële onderbouwing is. Er bestaat brede zorg over mogelijke overschrijdingen van gemeentelijke middelen. Er moet eerst duidelijkheid zijn over de bekostiging vanuit het Rijk. Ook noemen fracties daarbij expliciet dat opvang budgettair neutraal of zo kort mogelijk van duur moet zijn. Looptijd en herbestemming Een aantal fracties benadrukken het belang van een duidelijke looptijd van de opvanglocaties. Er wordt ook een termijn van maximaal vijf jaar voorgesteld en gepleit dat locaties daarna multifunctioneel inzetbaar zijn voor doelgroepen zoals ouderen of starters. Eén fractie geeft duidelijk aan bereid te zijn om een langere looptijd te overwegen. 1. Solidariteit en morele verantwoordelijkheid Een deel van de facties benadrukken dat er sprake is van een morele of gezamenlijke opgave om vluchtelingen op te vangen.

Er wordt opgeroepen tot solidariteit met andere gemeenten en tot een humane en ruimhartige aanpak, waarbij voorzieningen als onderwijs, dagbesteding en integratie nadrukkelijk worden genoemd. 2. Zeggenschap en doelgroepkeuze Een fractie stelt dat de gemeente zeggenschap moet hebben over wie er precies worden opgevangen, met een duidelijke voorkeur om geen alleenstaande minderjarige vreemdelingen of zogeheten veilige landers te huisvesten. De aard van de doelgroep is voor hen een belangrijk afwegingskader. 3. Inrichting en gebruik van de opvanglocatie Meerdere fracties pleiten ervoor om opvanglocaties nabij voorzieningen te realiseren, zoals scholen (ISK), om integratie te bevorderen. Het belang van participatie, veiligheid en nabijheid van maatschappelijke voorzieningen wordt benadrukt. Ook worden praktische aspecten zoals één aanspreekpunt, samenwerking met politie en evaluatie en monitoring genoemd. De raad wil duidelijkheid vooraf over de kosten, looptijd en uitvoering. Er is geen volledige overeenstemming over de gewenste looptijd, doelgroep, mate van participatie, maar wel een brede wens om transparant en lokaal tot een gedragen aanpak te komen om asielopvang te realiseren.

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15930835/1