CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Beleidsplan Ruimtelijke Adaptatie

Raadsvergadering 25 januari 2022, gemeente RhenenBij agendapunt: raadsvoorstel Beleidsplan Ruimtelijke Adaptatie14.249 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

44

In de steden wordt het doorgaans warmer dan in omliggende gebieden. Dit heet ‘hitte-eilandeffect’ en wordt veroorzaakt door: Absorptie van zonnestraling door (stenige) materialen; Gebrek aan verdamping door weinig groen en water: een goot deel van de inkomende straling wordt omgezet in voelbare warmte; Uitstoot van warmte bij menselijke activiteiten door bijvoorbeeld industrie en huishoudens. ‘s Nachts is het verschil in luchttemperatuur tussen stad en platteland het grootst. Dit komt doordat de stad na zonsondergang veel langzamer afkoelt. Het temperatuurverschil kan dan oplopen tot meer dan 7 graden. De inrichting van een straat of wijk heeft dus invloed op de lokale temperatuur: de ene wijk is beter bestand tegen hitte dan de andere. Hoe hitte beleefd wordt is eveneens sterk afhankelijk van de lokale inrichting. Wind heeft bijvoorbeeld een positief effect op de gevoelstemperatuur tijdens zomerse dagen. Onderstaande afbeelding is een voorbeeld van het hitte-eilandeffect.

De gevolgen van hitte Toenemende periodes van hitte wordt ‘hittestress’ genoemd. Dit heeft verschillende gevolgen Zo leidt hittestress tot gezondheidsproblemen en extra sterfte onder kwetsbare groepen, zoals ouderen en chronisch zieken. Ook kan hittestress leiden tot verminderde arbeidsproductiviteit en slaapstoornissen. Een ander effect van hitte is dat materialen uitzetten. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld bruggen niet meer openen of sluiten. Hieronder een voorbeeld van de gevolgen van hittestress, gemaakt door de Hogeschool van Amsterdam.

45

Kansen Het ‘vergroenen’ van de omgeving heeft een verkoelend effect op de directe omgeving. De vaak sterk versteende stadskernen hebben weinig groene elementen, terwijl naar de randen toe meer verkoelende plekken zijn zoals parken en sportvelden. Volgens onderzoek in Nederlandse steden en dorpen betekent 10% (extra) groenoppervlak in een wijk of stad een verlaging van het hitte-eilandeffect met ongeveer 0.6°C. Op lokaal niveau en overdag is vooral het schaduweffect van bomen belangrijk. Tijdens de klimaatateliers zag men voornamelijk kansen in het nemen van groene maatregelen. Door het planten van meer groen zoals bomen in bijvoorbeeld de benedenstad van Rhenen en bij het MFG in Elst, kan hitte worden teruggedrongen. Kanttekening hierbij is de volle ondergrond van de benedenstad met onder andere kabels en leidingen. Ook kan gedacht worden aan het behouden van bestaande bomen. Oude bomen bieden veel schaduw en zijn belangrijk voor de klimaatbestendigheid. Nieuwe bomen aanplanten duurt jaren voordat deze effectief zijn tegen hitte. Het gemeentelijk vastgoed mag groener maar ook de particuliere tuin mag hierin niet ontbreken.

46

Droogte en Rhenen De gemeente Rhenen ligt in een gebied met verschillende landschappen en bodemtypen: van bos en heide op de hoge zandige stuwwal, tot de lager gelegen uiterwaarden met klei aan de NederRijn. Al het groen zoals bomen en planten op de hoge zandige stuwwal zijn afhankelijk van regenwater. Het grondwater ligt te diep. Lange periodes van droogte zorgen voor een watertekort voor het groen.

De effecten van drogere of juist nattere zomers rond Rhenen is weergegeven in onderstaande figuren. In droge zomers zal de grondwaterstand in het hele gebied dalen. De effecten zijn beperkt in de gebieden waar water aangevoerd kan worden vanuit de Lek (Eemvallei). In natte zomers zal voornamelijk de grondwaterstand stijgen op de Utrechtse Heuvelrug.

(Bronnen: KNMI, WEnR, Deltares, TNO- Landelijke Klimaateffectatlas) In de gebieden met dieper grondwater, zoals rondom de kernen Rhenen en Elst, is weinig effect te verwachten. De grondwaterstand zit hier in de zomer dieper dan 2 meter onder het maaiveld. Het groen is niet afhankelijk van grondwater maar van de neerslag. Door lange periodes van droogte en weinig tot geen neerslag ontstaat er een watertekort voor het groen in deze kernen. Vervanging hiervan is noodzakelijk gebleken. In de overige gebieden, en dan met name bij Achterberg en het buitengebied, kunnen verlagingen van het grondwater in de zomer leiden tot droogtestress in de landbouw en vochtminnende natuur.

Op deze kaart is de gemiddelde laagste grondwaterstand (GLG) voor Rhenen zichtbaar.

(Bron: https://klimaatanalyserhenen.nl/. )

47

Ook kan een lage grondwaterstand leiden tot het verzakken van de bodem (bodemdaling). Een kleibodem kan dan inklinken. Funderingen van huizen die hierop rusten kunnen dan verzakken. Hieronder een overzicht waar het inklinken van klei plaatsvindt in de gemeente Rhenen.

(Bron: https://klimaatanalyserhenen.nl/. )

De gevolgen van droogte Langdurige droogte kan uiteenlopende gevolgen hebben. Wanneer er watertekorten optreden kan dit leiden tot schade aan landbouw en natuur. Bovendien is er onder droge omstandigheden in de zomer een grotere kans op bosbranden. Droogte kan ook leiden tot (extra) bodemdaling. Door lage grondwaterstanden kunnen gebieden met veen en klei inklinken, met schade aan hiervoor gevoelige infrastructuur, gebouwen en funderingen tot gevolg.

Kansen Om de gevolgen van droogte te beperken biedt het vasthouden van water door bergingsmogelijkheden een mogelijkheid. Bergingsmogelijkheden zijn dan het afkoppelen en infiltreren van hemelwater, waterbuffers zoals een wadi, en het opslaan van water in waterreservoirs. Ook inwoners kunnen een steentje bijdragen om de gevolgen van droogte te beperken. Zij kunnen bijvoorbeeld maatregelen nemen om het water niet te verspillen. Vanuit de klimaatateliers werden vooral kansen gezien in het afkoppelen van hemelwater en het infiltreren, alsook het gebruik van waterdoorlatende verharding. Daarnaast is aangegeven dat, vanwege het risico van bosbranden, er ‘brandgangen’ tussen bebouwing en bos gecreëerd kunnen worden. Ook is het een optie om meer controle op jongeren uit te voeren, in verband met ‘vuurtje stoken’.

48

Stichting CAS (Climate Adaptation Services) en de Universiteit van Wageningen hebben een gedetailleerde bodemkaart van Rhenen opgesteld waarin kansen en mogelijkheden per bodemtype worden weergegeven.

Wateroverlast en de gemeente Rhenen De klimaatanalyse van Rhenen laat via kaarten zien wat er gebeurt als er een bui van 74mm per uur valt. 74mm per uur is een forse hoeveelheid water en valt onder de noemer van extreme buien. Ter vergelijking: in 2014 viel er in Rhenen en Achterberg twee keer in 1 maand een regenbui van 80 mm per uur. Meer informatie over wateroverlast is te vinden in bijlage 7. De gebouwen en wegen die aangegeven zijn met de kleur rood zijn kwetsbaar te noemen. Bij extreme regenval ontstaat hier een risico van wateroverlast. Tijdens de klimaatateliers is gebleken dat het beeld van de risicovolle aangegeven bebouwing werd gedeeld en ook zo ervaren.

49

Kern Elst

Kern Rhenen

50

Kern Achterberg

Aangaande Achterberg is uit de klimaatateliers met inwoners gebleken dat overtollig hemelwater de heuvel afstroomt en moeilijk in de grond zakt vanwege de kleiondergrond. In Achterberg, alsook in Elst, is er een toename van nieuwbouw en uitbreiding van het verharden van de grond. Hier worden door deelnemers van de klimaatateliers nieuwe wateroverlastsituaties verwacht.

Wat weten wij over wateroverlast in Rhenen? Uit de KNMI ’14 scenario’s blijkt dat de intensiteit van regenbuien toeneemt. De kans op wateroverlast wordt hiermee vergroot. In Rhenen hebben wij de gevolgen van wateroverlast vanaf 2014 bijna jaarlijks ondervonden. Er zijn drie typen wateroverlast: Wateroverlast door kortdurende hevige neerslag (vaker in de zomer) Wateroverlast door langdurige neerslag (meestal in de winter) Grondwateroverlast In Rhenen komt wateroverlast door kortdurende hevige neerslag in het voorjaar het vaakst voor. Wateroverlast als gevolg van kortdurende hevige neerslag ontstaat vaak in het voorjaar of in de zomer en vooral in de bebouwde omgeving en andere verharde gebieden, zoals bedrijventerreinen en snelwegen. In verharde gebieden infiltreert niet veel water in de bodem. Het water wordt vaak via de riolering afgevoerd. Wanneer er veel neerslag in een korte tijd valt, kan het zijn dat het riool de hoeveelheid toestromend water niet aankan. De riolering is in de praktijk ontworpen op een afvoercapaciteit van maximaal 20 tot 30 mm/uur. Als het harder regent, komt water op straat te staan. Dat is soms hinderlijk, maar acceptabel, mits het niet te vaak gebeurt. Als de straat onvoldoende ruimte heeft om de neerslag ter plekke te bergen, bestaat de kans dat water richting gevoelige objecten of locaties afstroomt.

Wanneer water bijvoorbeeld gebouwen instroomt of belangrijke doorgangswegen onbegaanbaar maakt, is er sprake van wateroverlast.

De gevolgen van wateroverlast Gevolgen in het stedelijk gebied: dit betreft vooral woningen en bedrijven waarbij schade is ontstaan. Daarnaast ontstaan er mogelijk verkeersonveilige situaties en is de toegang en gebruik van wegen niet meer mogelijk.

51

Kansen Om de gevolgen van wateroverlast te beperken, is het van belang om de omgeving in te richten met het oog op weersextremen. De keuzes die gemaakt moeten worden om nieuwbouw te realiseren kunnen aan de hand van de resultaten van ‘weten’ zorgvuldiger afgewogen worden. Voor de bestaande inrichting kan vergroenen een grote bijdrage leveren aan het verminderen van wateroverlast. Daarnaast zijn eigenaren van woningen en gronden verantwoordelijk voor de afwatering van hun eigen terrein en van hun mag verwacht worden dat zij ook maatregelen treffen (zorgplicht hemelwater). Voorlichting en communicatie is nodig om eigenaren hierop te wijzen. Vanuit de klimaatateliers voor inwoners zijn ideeën voorgesteld om zelf aan de slag te gaan met het vergroten van de bewustwording. Waterberging en buffering worden gezien als kansrijk en kunnen door bestaande wijken heen geplaatst worden. Daarnaast is geopperd om overloopgebieden te creëren en overtollig regenwater richting uiterwaarden te begeleiden. Met het waterbergen en bufferen is het wel van belang rekening te houden met de gezondheidsaspecten. Regenwater dat enkele weken blijft staan kan muggenplagen veroorzaken en is onwenselijk in een bebouwd gebied. Deze kansen kunnen bijdragen aan het vergroten van het absorptievermogen van het stedelijk gebied in Rhenen.

Overstromingen en de gemeente Rhenen Door klimaatverandering stijgt de zeespiegel. In de twintigste eeuw bedroeg die stijging ongeveer 20 centimeter en in de toekomst zet die stijging, mogelijk versneld, door. Nederland geeft zeer hoge prioriteit aan het garanderen van de waterveiligheid. Maar ondanks onze kennis en inspanningen op het gebied van waterveiligheid bestaat er altijd nog kans op overstroming. Recente onderzoeken en klimaatscenario’s wijzen uit dat de afvoer van de Rijn in de winter toeneemt. Dit komt vooral door de extra neerslag en temperatuurstijging: door een hogere temperatuur wordt er minder water vastgehouden in de vorm van sneeuw. Ook in het Maasstroomgebied kan de afvoer groter worden door een toename van de neerslag. Daarnaast kunnen overstromingen veroorzaakt worden door dijkdoorbraken. Onderstaande kaart laat zien welke gebieden kunnen overstromen en welke overstromingsdiepte maximaal op kan treden als de Grebbedijk doorbreekt. Ook de overstromingsdiepte van buitendijks gebied (uiterwaarden) wordt getoond. Overstromingsdiepte is één van de factoren om de hoeveelheid schade en slachtoffers bij een overstroming in te schatten. Bij hoge overstromingsdiepten is aandacht nodig voor evacuatiemogelijkheden. Ook bij lagere overstromingsdiepten kan de impact groot zijn, in verband met de beschikbaarheid van elektriciteit, schoon water en internet.

52

Rhenen is met name kwetsbaar voor overstromingen als er sprake is van een dijkdoorbraak van de Grebbedijk. Daarnaast zullen de uiterwaarden niet al het overtollige rivierwater kunnen opvangen waardoor het stedelijk gebied kwetsbaar is. ??

Gevolgen overstromingen Hogere rivierafvoeren en –waterstanden zorgen voor een zwaardere belasting van de dijken. Of dit gebeurt, en in welke mate, is mede afhankelijk van maatregelen die in Duitsland worden genomen. Wanneer meer water in Duitsland wordt geborgen, bijvoorbeeld door gecontroleerde overstromingen, verlaagt dit de pieken in de Rijnafvoer richting Nederland. Niet alleen het klimaat verandert, ook het aantal inwoners van de met dijken beschermde gebieden en de economische waarde in die gebieden neemt geleidelijk toe. Het beschermingsniveau van de dijken wordt daarom regelmatig herzien en naar boven bijgesteld. Wanneer een gebied overstroomt kan dit immers grote gevolgen hebben. Overstroming kan leiden tot schade aan gebouwen en infrastructuur, slachtoffers (doden en gewonden) en maatschappelijke ontwrichting.

Kansen De kans die zich voordoet om het risico van een overstroming te beperken door een dijkdoorbraak is het verstevigen van de Grebbedijk. De Grebbedijk beschermt de Gelderse Vallei tegen hoge waterstanden in de Neder-Rijn. De dijk tussen de hoge gronden bij Wageningen en de hoge gronden bij Rhenen is 5,5 kilometer lang. De versterking van de Grebbedijk is onderdeel van het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) om te voldoen aan de geldende veiligheidsnormen. Rhenen is betrokken met het project Grebbedijk. In samenwerking met de gemeenten binnen de provincie Utrecht, waterschappen Vallei en Veluwe, Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden, Amstel Gooi en Vecht, Rijkswaterstaat Midden Nederland, de veiligheidsregio Utrecht en de provincie Utrecht is er een intentieverklaring Meerlaagsveiligheid Utrecht ondertekend. De intentieverklaring is een start van het regionaal uitvoeringsprogramma, gericht op het ontwikkelen en uitvoeren van maatregelen voor een overstromingsrobuuste ruimtelijke inrichting als de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Meerlaagse veiligheid is gebaseerd op 3 pijlers: Preventie, duurzame ruimtelijke planning en inrichting en de crisisbeheersing op orde brengen. Met name de tweede laag is voor de ruimtelijke ordening van belang.

Deze laag is erop gericht overstromingsrisico's expliciet mee te wegen bij de locatiekeuze en de inrichting van gebieden, infrastructuur en gebouwen. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen bieden kansen voor veiligheidsmaatregelen en in bestaand bebouwd gebied liggen kansen om mee te koppelen met herstructurering.

53

Bijlage 2: Klimaatanalyses en impressies op straatniveau

Impressie klimaatadaptatie Herenstraat Huidige situatie

54

55

Impressie klimaatadaptatie Herenstraat / Frederik van de Paltshof Huidige situatie

56

57

Impressie klimaatadaptatie Molenstraat Huidige situatie

58

59

Impressie klimaatadaptatie ‘t Gastland Huidige situatie

60

61

Impressie klimaatadaptatie Nieuwe Veenendaalseweg / Huis van de Gemeente Huidige situatie

62

63

Impressie klimaatadaptatie Esdoornlaan / Eikenlaan Huidige situatie

64

65

Impressie klimaatadaptatie Van Suijlenplein Huidige situatie

66

67

Impressie klimaatadaptatie Tabaksweg / Larekamp Huidige situatie

68

69

Bijlage 3: Resultaten interviews Resultaten ambitie samenwerken met durf In de gesprekken met Rhenense ambtenaren en externe partijen is de voorkeur geuit om te spreken over het groenblauwe werken. Het ruimtelijk adaptief werken is een term die als abstract wordt ervaren. Er wordt groenblauw gewerkt als de gevolgen van weersextremen in een vroeg stadium mee worden genomen in het werk. Deze gevolgen worden in een vroeg stadium als volwaardig belang meegewogen, voorafgaand aan het maken van keuzes voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het is gebleken dat het groenblauw belang voor zowel het fysieke domein als het sociale domein een belangrijke rol speelt in relatie tot het verbeteren van de leefomgeving. Het wegen van het groenblauwe belang en het maken van keuzes hierin zal domein overstijgend moeten plaatsvinden. Wij zien het groenblauwe werken terug in alle visies, beleidsplannen, leefbaarheidsplannen en bestemmingsplannen. In onze beheerplannen, uitvoeringsplannen, projecten, initiatieven en vergunningen zien wij hoe het groenblauwe werken in de uitvoering wordt toegepast. Om het groenblauwe werken mogelijk te maken zal het onderdeel moeten uitmaken van een maatschappelijke opgave, geformuleerd door de gemeente zelf.

Deze opgave zorgt voor borging van het groenblauw werken binnen de organisatie maar is ook essentieel voor het faciliteren, stimuleren en communiceren over het groenblauwe werken met inwoners. Daarnaast wordt gedacht vanuit het assetmanagement voor al ons vastgoed (gebouwen, wegen, riolering, groen enz.). Assetmanagement richt zich op de levenscyclus van het vastgoed, waardoor het vastgoed meegroeit in de behoefte. Er wordt gedacht vanuit de behoefte van de gebruiker en de omgeving. Met assetmanagement wil men het vastgoed optimaal laten renderen en een optimale balans tussen prestaties/ risico’s en kosten creëren. Zo kan er in een autoluwe straat gekozen worden voor een smaller straatprofiel, zodat meer ruimte voor bijvoorbeeld groen ontstaat. Het vastgoed is vervolgens een middel om de doelen te bewerkstelligen. Het vastgoed kan dus worden ingezet om beter om te gaan met weersextremen. Wij bespreken het groenblauwe werken met inwoners. Hierin krijgen inwoners de ruimte om mee te denken en te doen, samen met de gemeente. Inwoners worden hierin gefaciliteerd door de gemeente, maar ook gewezen op hun eigen verantwoordelijkheid. Het faciliteren van inwoners betekent niet alleen stimuleren, maar kan ook uit ondersteunen en verplichten bestaan. De gemeente Rhenen betrekt externe organisaties door hen mee te laten kijken en meedenken met onze plannen.

Dat doen wij door elkaar op te zoeken binnen of buiten bestaande samenwerkingsverbanden, zoals Foodvalley en het Platform Water Vallei en Eem. Belangrijk hierbij is de verbinding te leggen en van elkaar te leren. Hierin gebruiken wij elkaars kennis en netwerken. Ook hier zal een domein overstijgende aanpak nodig zijn. Zo kan bijvoorbeeld de GGDrU adviseren rondom een fysieke maatregel in de openbare ruimte. Met organisaties die minder bekend zijn met ruimtelijke adaptatie zetten wij regelmatig de gevolgen van weersextremen op de agenda. Om het groenblauwe werken te realiseren is het nodig dat kennis van de gevolgen van weersextremen beschikbaar is voor gebruik binnen en buiten de organisatie. Dit kan in de vorm van data maar ook door kennis warm over te dragen, te delen en te bespreken. Om data en kennis actueel te houden is het nodig om elke zes jaar opnieuw een klimaatanalyse uit te voeren.

70

Hoe gaan wij gebiedsgericht werken? Gebiedsgericht werken is een verdere uitwerking van het integraal werken of het hier voor beschreven groenblauwe werken. De gemeente Rhenen heeft weinig ervaring met het gebiedsgericht werken, waardoor eerst onderzoek nodig zal zijn. Als organisatie werken wij in werkgroepen die domein overstijgend zijn en in sommige gevallen voortkomen uit bestaande samenwerkingsverbanden. Gebieden zijn gedefinieerd op minimaal wijkniveau of op macroniveau. In sommige gevallen worden er gebieden gedefinieerd die grensoverschrijdend zijn. Uit de gesprekken met de ambtelijke organisatie is gebleken dat het gebiedsgericht werken nog in de kinderschoenen staat. Hiervoor zal eerst onderzocht moeten worden wat gebiedsgericht werken voor de gemeente Rhenen kan betekenen en hoe dit in de organisatie geborgd kan worden.

Wat gaan wij doen met onze historische panden? De focus op het beperken van de gevolgen van weersextremen voor alle historische panden zal grotendeels buiten het gebouw zelf moeten komen te liggen. Dit betekent dat de directe omgeving van het historische pand aangepast kan worden om het pand te beschermen tegen de gevolgen van extreem weer. Het is erg lastig om vergunningen te verkrijgen voor het veranderen van panden met een monumentale status. Daarnaast heeft het monumentale pand een cultuurhistorische waarde, die wellicht daalt als er bijvoorbeeld een sedumdak wordt geplaatst. Het historisch pand wordt met rust gelaten. Het is overigens wel mogelijk om het regenwater van historische panden af te koppelen zonder nadelige effecten. Daarnaast zijn maatregelen mogelijk die het pand niet aantasten, zoals bijvoorbeeld het aanbrengen van schotten om overtollig regenwater buiten te houden. Hoe nemen wij het gedachtegoed over toekomstbestendig inrichten mee? Het gedachtegoed van een toekomstbestendige inrichting van de leefomgeving is continue aan verandering onderhevig. Het huidige gedachtegoed wordt door jongere generaties wellicht als normaal beschouwd. Met deze veranderingen beweegt de gemeente mee. Denken over een toekomstbestendige inrichting houdt in dat de gemeente flexibiliteit inbouwt.

Bijvoorbeeld met gebouwen die voor een lange tijd blijven staan en wellicht over twintig jaar aan andere eisen en gebruik moeten voldoen. Door hiervan bewust te zijn en dit mee te nemen en te bespreken is een toekomstig bestendige inrichting mogelijk. Ook dit gedachtegoed dient te worden geborgd in de organisatie door het integraal werken. Het is een onderwerp dat proactief wordt meegenomen in alle relevante overleggen, zowel binnen als buiten de organisatie. Met jongeren hebben wij gesprekken over een toekomstige inrichting. We gebruiken hen als inspiratie voor de toekomst. Met zorgcentra kijken wij naar een inrichting die aantrekkelijker is voor ouderen, om te wonen en te verblijven.

71

Resultaten ambitie groen leeft! Wat is de waarde van een groene leefomgeving? De functies van het groen werden van oudsher gezien in de sfeer van stedenbouw, recreatie, ecologie, decoratie en educatie. Inmiddels wordt groen breder gezien als een essentieel en integraal onderdeel van een gezond en prettig woon-, werk- en leefmilieu. Groen levert een bijdrage aan een positieve gezondheid. Zo stimuleert groen mensen (in het bijzonder kinderen) om te bewegen. De sociale ontwikkeling van kinderen wordt gestimuleerd en het vermindert pestgedrag. Groen biedt ontmoetingsplekken en zorgt voor ontspanning en rust. Het helpt bij het herstel van stress, aandachtsmoeheid en depressie. Groen voegt waarde toe voor het ecologisch systeem en de biodiversiteit. Een groene woonomgeving heeft een positief effect op de lokale economie via stijgende huizenprijzen, waardetoename van de buurt. Het heeft een aantrekkingskracht op bedrijven en toerisme. Inmiddels is groen niet meer los te koppelen van het beperken van de gevolgen van weersextremen. Alle sportvelden, perkjes, natuurgebieden, plantsoenen, parken en tuinen behoren tot het groen in de leefomgeving. Belangrijk aspect van het groen is de beschikbaarheid van groen. Uit een Europees onderzoek uit 2016 wordt geadviseerd om een maximale afstand van 300 meter tot stedelijke groen met een minimale afmeting van 1 hectare.

Het richtgetal dat het Rijk in de Nota Ruimte aan gemeenten meegeeft voor nieuwbouwlocaties is 75 m2 groen per woning.

Hoe gaan wij groene inrichtingsprincipes toepassen? Groene inrichtingsprincipes zijn gebaseerd op de waardebepaling van groen en geven een definitie over wat groen is en welke functie het heeft en hoe belangrijk het is voor de leefomgeving. Groene inrichtingsprincipes zijn een cruciale schakel voor een toekomstbestendige gemeente. Ze zijn een vast onderdeel van een afwegingskader voor nieuwe en bestaande locaties en zijn leidend in hetere woongebieden, in woongebieden waar er meer berging nodig is voor overtollig regenwater en waar de biodiversiteit een impuls kan gebruiken. Ook worden groene inrichtingsprincipes toegepast waar gewerkt wordt aan het vergroten van de leefbaarheid in wijken en straten. Het zijn geen vaste normen maar principes die per locatie worden toegepast. Het betreft maatwerk. De principes worden ingezet naar de mogelijkheden van een locatie. Ook worden ze toegepast op onze gebouwen als onderdeel van het verduurzamen. Groene inrichtingsprincipes maken onderdeel uit van onze integraal ontwerpeisen van de openbare ruimte. Niet in standaard eisen of normen, maar als waarde toevoegend principe dat per locatie wordt uitgewerkt. Bij het ontwerpen van een inrichting worden deze integrale ontwerpeisen uitgewerkt worden, waarbij zowel het fysieke domein als het sociale domein betrokken zijn. Het beheren van groen wordt hierin meegenomen.

Naast groene inrichtingsprincipes voor het openbare gebied zal snipper of restgroen een aanvullende functie krijgen. Het meeste groen heeft een duidelijke functie, zoals aankleding, geleiding verkeer en het bieden van levensruimte aan flora en fauna. Het groen zonder duidelijke functie noemen wij restgroen, reststroken, snippergroen of restpercelen. Deze stroken en percelen hadden voorheen als openbaar groen geen of weinig meerwaarde en werden verkocht of verhuurd. Inmiddels kan er voor rest of snippergroen wel een functie worden toebedeeld, namelijk het beperken van de gevolgen van weersextremen zoals hitte. Het verhuren of verkopen van restgroen is in dit kader niet gewenst.

72

Resultaten ambitie ontstenen en vergroenen Hoe gaan wij inwoners en ondernemers stimuleren om te ontstenen en vergroenen? Het vergroenen en ontstenen van de omgeving zorgt voor een betere leefbare omgeving in de breedste zin. Niet alleen worden de gevolgen van weersextremen verminderd, ook geeft een groene omgeving een positieve bijdrage aan de gezondheid en gezond gedrag. Het bereiken van een ruimtelijk adaptieve/groenblauwe omgeving is afhankelijk van onze inwoners en ondernemers. Het particuliere grondbezit in de gemeente Rhenen is namelijk vele malen groter dan het openbaar gebied van de gemeente zelf. Het is dus van belang om inwoners en ondernemers te stimuleren en te faciliteren en hen deel uit te laten maken van de opgave waarvoor wij staan. Onderdeel van het stimuleren is het continue in samenspraak een groenblauwe leefomgeving bespreken met alle inwoners en ondernemers. Externe organisaties ondersteunen deze boodschap en nemen deel aan de samenspraak. Daarnaast focussen wij op inwoners die ideeën hebben en aan de slag willen met het vergroenen. Ideeën vanuit inwoners worden gefaciliteerd en tot uitvoering gebracht zonder lange procedures en vanuit de bedoeling. Wij spreken ook met jongeren over het vergroenen van hun omgeving. Het vergroenen staat ook als onderwerp op de agenda bij ondernemers, zodat het gesprek hierover gehouden kan worden.

Als gemeente maken wij het aantrekkelijk voor inwoners om te vergroenen. Uit de gesprekken met de ambtelijke organisatie enuit de gesprekken met inwoners tijdens de klimaatateliers, is gebleken dat het stimuleren om te ontstenen en te vergroenen vanuit de gemeente nodig is. Dit kan in de vorm van subsidies alsook in de vorm van concreet advies of samenwerking. Betrokken externe organisaties doen dit al en hebben meerdere maatregelen getroffen om inwoners en ondernemers te stimuleren en te faciliteren. Dit doen zij door het verstrekken van bijvoorbeeld subsidies. Ook stimuleren zij gemeenten die zich inzetten om de omgeving te vergroenen. Hier heeft de gemeente Rhenen meerdere malen gebruik van gemaakt om groenblauwe maatregelen te realiseren. Naast het stimuleren en faciliteren is ook gebleken dat het nemen van groenblauwe maatregelen niet altijd vrijblijvend mag zijn. Daar waar de gemeente invloed kan uitoefenen zullen er verplichtingen bestaan om groenblauwe maatregelen toe te passen. Om het effect of resultaat van de stimulerende en faciliterende maatregelen te monitoren wordt de hoeveelheid groen herhaaldelijk gemeten. Hierin moet wel een onderscheid gemaakt worden welk type groen toegenomen is. Sommige typen groen zijn waardevoller dan een anderen voor de leefomgeving. Een grasveld heeft een andere waarde dan bijvoorbeeld een bosje of bloemenveld.

73

Resultaten ambitie balans Hoe werken wij aan een balans en een evenwichtige inrichting? Er is sprake van balans als de belangen van de landbouw en de natuur worden behaald. Oftewel als de boer zijn boterham kan verdienen en de natuur ook zijn gang kan gaan. Balans kan alleen worden gehaald als er samenwerking ontstaat tussen beide partijen en zij hiervan geen nadelen ondervinden. Beide partijen zetten zich vergelijkbaar in. Een evenwichtige inrichting in het landelijk gebied houdt in dat het gebied de gevolgen van weersextremen kan beperken. Het past in de bedrijfsvoering waarmee flora en fauna ook worden gediend. De knelpunten zijn in beeld en de grondeigenaren worden gestimuleerd om groenblauwe maatregelen te treffen. Om de belangen te behartigen en een evenwichtige inrichting te bereiken tussen landbouw en natuur zijn vooraf een aantal inzichten nodig. Zo zijn er voor het buitengebied nog geen inzichten bekend voor wat betreft wateroverlast of hitte. Daarnaast is eerst een visie van het buitengebied nodig om vervolgens de belangen in kaart te brengen om deze gezamenlijk te behartigen. Resultaten ambitie voorbereid op noodsituatie Hoe gaan wij de juiste keuzes maken en voorbereidingen treffen? Om goed voorbereid te zijn heeft de gemeente de kennis en expertise nodig van organisaties zoals de GGDrU, VRU en de waterschappen.

Deze expertise bestaat bijvoorbeeld uit kennis over kwetsbare inwoners, risico scenario’s en overstromingen. Met deze en onze eigen kennis kan er een risicoanalyse voor alle vier de weersextremen worden uitgevoerd. De risicoanalyse laat de gevolgen zien en wijst op wat wij kunnen doen in de preventieve zin. Naast een risicoanalyse zullen er keuzes gemaakt moeten worden, voordat zich een calamiteit voor doet. Dit zijn keuzes die gaan over wie zelfredzaam is en wie niet, zodat bekend is wie geholpen moet worden tijdens een calamiteit. Resultaten ambitie bewust Hoe gaan wij het bewustzijn en de weerbaarheid verhogen? Het bewustzijn en de weerbaarheid aangaande de gevolgen van weersextremen is hoog als inwoners van de gemeente Rhenen kennis hebben wat deze gevolgen kunnen betekenen voor hun omgeving. Inwoners hebben naast kennis ook handelingsperspectief en nemen zelf het initiatief om groenblauwe maatregelen toe te passen rondom hun eigen huis. Uit de gesprekken met de ambtelijke organisatie alsook externe organisaties is gebleken dat het kennisniveau aangaande de gevolgen van weersextremen met een bijbehorende handelsperspectief onder inwoners onvoldoende is. Het bijbrengen van kennis en het bieden van een handelsperspectief is nodig. De gemeente en betrokken partners trekken samen met inwoners op om acties uit te voeren die de gevolgen van weersextremen beperken.

74

Hoe gaan wij rekening houden met veiligheidsrisico’s in het werk? Het is de bedoeling dat alle werknemers van de gemeente Rhenen op de hoogte zijn van- en alert zijn op - de veiligheidsrisico’s die aan de weersextremen vast zitten. Werknemers brengen het vervolgens ook onder de aandacht bij klanten/partners. Hiervoor is een crisiscommunicatieplan aanwezig die gebruikt wordt tijdens calamiteiten. Binnen de ruimtelijke ordening worden er uitgebreide eisen gesteld aan bebouwingen die rekening houden met weersextremen. Om deze veiligheidsrisico’s onderdeel te laten worden van het werk van de gemeente worden er crisis ambassadeurs benoemd. Resultaten ambitie Rust en verkoeling Hoe gaan wij verkoelende plekken realiseren langs de Neder-Rijn? Het is bekend dat overdag waterpartijen verkoelende werking hebben tijdens hete dagen. Recreëren langs de Neder-Rijn is goed mogelijk tijdens hete zomerdagen. Ook kunnen inwoners van de binnenstad hier overdag verkoeling vinden. Deze plekken dienen uitnodigend te zijn voor zowel toeristen als inwoners. Uit de diepte-interviews is gebleken dat er weinig informatie beschikbaar is over mogelijke aantrekkelijke verkoelende plekken langs de Neder-Rijn. Voorgesteld is om dit nader te onderzoeken in bestaande plannen zoals Palmerswaard en de Passantenhaven. Het doel is dan ook om binnen deze bestaande plannen onderzoek uit te voeren.

Resultaten Waterberging op de berg Hoe gaan wij de berg benutten voor waterberging? Een waterrobuustsysteem is een systeem dat een bui van 74 mm per uur kan verwerken, zonder dat er wateroverlast ontstaat in woningen en bedrijfspanden op of onderaan de berg. Overtollig hemelwater wordt niet afgevoerd, maar eerst benut, voordat het wordt afgevoerd. Het systeem onder de grond alsook boven de grond is hierop berekend. Er is sprake van het volledig benutten van de berg om regenwater vast te houden als alle mogelijkheden worden gebruikt om regenwater te infiltreren, te bergen en vast te houden. Dit geldt voor zowel het openbaar terrein als particulier terrein. Hiervoor is onderzoek nodig om meer inzicht te krijgen in het huidige watersysteem. Via de Blauwe agenda van het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug i.s.m. de provincie en de waterschappen wordt gewerkt aan dit onderzoek voor de hele heuvelrug. Er wordt een visie opgesteld waaruit bouwstenen worden geformuleerd om het hele watersysteem robuuster te maken, voor zowel het stedelijk als het landelijk gebied. De bouwstenen relevant voor Rhenen kunnen dan worden uitgevoerd. Naast onderzoek is het nodig om communicatie in te zetten om inwoners te stimuleren om groenblauwe maatregelen te nemen. Hiervoor kunnen wij de doelen en maatregelen die worden benoemd in de ambitie ontstenen en vergroenen toepassen

75

Resultaten ambitie Hergebruik maakt water tot vriend Hoe hergebruiken wij regenwater? Regenwater zien wij niet als iets dat snel afgevoerd moet worden. Regenwater wordt gezien als bron die wij bundelen en opslaan voor hetere en droge periodes. Hierin staan wij open voor nieuwe innovatieve ideeën. Het afkoppelen en infiltreren van regenwater is een principe dat, en een werkwijze die, de gemeente Rhenen al structureel toepast vanaf 2008. Bij reconstructieprojecten wordt onder andere het bestaande riool vervangen en aanvullend een hemelwaterriool geplaatst. De weg en omliggende voorzieningen zoals trottoirs zijn dan afgekoppeld. Dit afkoppelen en infiltreren kan worden uitgebreid door ook de verharde oppervlakken van daken mee te nemen. Dit zijn de daken van voornamelijk huizen en gebouwen grenzend aan de desbetreffende straat. Hiermee wordt het riool ontlast en is er meer berging voor overtollig hemelwater. Om verdere bewustzijn van het afkoppelen te verhogen kunnen er afkoppelcoaches ingezet worden, om de achterkant van daken af te koppelen door middel van een regenton. Het hergebruik van regenwater betekent verder, dat naast afkoppelen andere mogelijkheden worden aangewend om regenwater een bestemming te geven. Hierin spelen innovatieve bedrijven een belangrijke rol. Wij werken met hen samen om innovatieve ideeën te realiseren. Ook waterschappen zijn met innovatie aan de slag.

Wateropslag op eigen terrein, door middel van bijvoorbeeld een wadi, is een mogelijkheid, alsook het gebruik van regenwater om toiletten door te spoelen. Voor de gezondheid is het van belang om rekening te houden met vervuiling van hemelwateropslag. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van de waterkwaliteits-check van het RIVM.

Hoe gaan wij om met meekoppelkansen? Voorafgaand aan het nemen van maatregelen bij een ontwikkeling, zal stil moeten worden gestaan bij de vraag of er meerdere doelen gediend kunnen worden. Een voorbeeld hiervan is het onderzoek naar het plaatsen van amfibie zonnepanelen in de retentievijver aan de Bergweg. De ruimte wordt optimaal gebruikt en draagt bij aan het voorkomen van wateroverlast, alsook aan de doelen die gesteld kunnen worden aan de alternatieve energie opwek. Hiervoor zullen binnen de organisatie vernieuwde afspraken gemaakt moeten worden Ook initiatieven van derden kunnen bijdragen aan het koppelen van kansen. Voorwaarden zijn dat ze efficiënt en effectief moeten zijn en dat derden vroegtijdig worden betrokken.

76

Bijlage 4: overzicht werkplan RAP en klimaatprogramma provincie Utrecht Projecten Ruimtelijk Adaptatie Plan De ondertitel van het RAP is Regionaal Delen, Lokaal Doen. Samen gaan we 14 projecten oppakken, onze regio weet van aanpakken. Samen gaan we speerpunten inhoud geven en vervolgens kunnen we lokaal doorpakken. Op basis van overleg tussen de Manifest partners zijn we tot een regionale selectie gekomen van deze speerpunten op basis van regionale meerwaarde, urgentie, aansluiting op lopende processen en andere ontwikkelingen. Dit alles natuurlijk in de context van klimaatadaptatie. De RAP projecten die in de Manifest Regio gezamenlijk worden opgepakt vormen het werkplan 2021-2022. De projecten zijn weergeven in de onderstaande tabel per thema uit het RAP Nr. 1

Thema

Ambitie

Project

Beschrijving van het project

Resultaat

Prettig wonen

Geen water(overlast) in gebouwen

Uitdragen van afwegingssystematiek en concept regeling van de Noord Veluwe

Een instrument om burgers en bedrijven te stimuleren en belonen voor klimaatbestendig handelen.

2

Prettig wonen

Prettig leefklimaat in de woning

Stimuleringsre geling klimaatbesten dige maatregelen Ketenafsprake n klimaatbesten dig bouwen

3

Prettig wonen

Prettig leefklimaat in de woning

Ontwikkelafspr aken met woningcoöpera ties

Een lijst van te implementeren instrumenten (communicatie, financiële prikkels en juridische regels) om te komen tot klimaatbestendige gebouwen Gedragen tekstvoorstellen over klimaatadaptatie om op te nemen in de prestatieafspraken van de woningcoöperaties.

4

Prettig wonen

Prettig leefklimaat in de woning

Instrumenten mix voor bestaand stedelijk gebied

Betrekken alle relevante partijen, uitwerken mogelijke instrumenten (maatregelen, regelingen en regels), keuze maken voor een strategie en uitwerken van afspraken en wijze van implementatie. Ondertekenen van afspraken. Betrekken alle relevante partijen. uitwerken mogelijke prestatieafspraken tussen gemeenten en woningcoöperaties, afspraken en wijze van implementatie en ondertekenen van afspraken. Betrekken alle relevante partijen, uitwerken mogelijke instrumenten (communicatie regelingen en regels), keuze maken voor een strategie en uitwerken van afspraken en wijze van implementatie. Ondertekenen van afspraken.

5

Prettig wonen

Tijdens warme dagen is aandacht voor extreme hitte

Hitteplan

6

Aangenaa m recreëren

Koele en bereikbare (dag)recreatiegebieden

Groen-blauwe recreatie

7

Vitale functies

Ondanks de kans dat natuurbranden toenemen, nemen de gevolgen niet toe door preventie en bestrijding

Natuurbranden preventieplan

8

Vitale functies

De gevolgen van overstroming van de dijken (laag 2 en 3) zijn bekend en het risico op schade en slachtoffers is zoveel als mogelijk beperkt

Overstromings bestendige gebieden en gebouwen

9

Vitale functies

De (hoofd)verdeelstations zijn beschermd tegen overstroming en hittebestendig

(Hoofd)verdeel stations beoordelen

Opstellen van plannen voor 5 gemeenten in 2021 o.b.v. het format van de GGD. Vervolgens opstellen van plannen voor de overige gemeenten Kennisuitwisseling over het verbeteren van recreatiemogelijkheden en –voorzieningen in combinatie met groen-blauwe inrichtingsmaatregelen. Beoordelen lopende plannen op klimaatbestendigheid (toenemende kans op branden, meekoppelkansen vergroeningsopgave en grondwateropgave). Aanvullen plannen en gezamenlijk optrekken in de communicatie Uitwerken van mogelijke (ruimtelijke) opties, selecteren van haalbare oplossingsmogelijkheden, selecteren van maatregelen op de korte termijn, uitwerken van implementatie maatregelen (korte termijn) en randvoorwaarden voor omgevingsplannen. Opstellen evacuatieplannen Inventarisatie van kwetsbare locaties. Verkennen van mogelijke oplossingen. Uitwerken maatregelen voor de korte termijn en randvoorwaarden voor omgevingsplannen

Strategie om private terreinen in bestaande stedelijke gebieden klimaatbestendig te maken en een meerjarenprogramma van in te zetten instrumenten voor bestaand stedelijk gebied inclusief de nog uit te werken kennisvragen. Minder schade/overlast van hitte door gecoördineerd handelen. Overzicht van de meekoppelkansen tussen recreatie en klimaatadaptatie. Opstellen van plannen voor 5 gemeenten in 2021 o.b.v. het format van de GGD. Vervolgens opstellen van plannen voor de overige gemeenten. Een gecoördineerde aanpak van hulpdiensten en overheden bij overstroming waardoor de kans op slachtoffers afneemt en minder economische schade en maatschappelijke ontreddering Kwetsbaarheden zijn in beeld en een maatregelenprogramma voor het verminderen van kwetsbaarheid

77

Nr. 10

Thema

Ambitie

Project

Beschrijving van het project

Resultaat

Vitale functies

Het hoofdwegennet en spoor zijn snel na piekbuien begaanbaar

Doorgaande wegen klimaatrobuust

Overzicht van risicolocaties, beschikbare omleidingsroutes en te nemen matregelen of kwetsbaarheid te beperken

11

Natuurlijk systeem

Loofbomen advies

12

Natuurlijk systeem

Vergroten biodiversiteit om ruimte te geven aan de benodigde aanpassing van flora en fauna, het beperken van ziektes en plagen en het verbeteren van de luchtkwaliteit Watertekort in droge periode

Inventarisatie van risicofactoren, bepalen risicolocaties, bepalen risicoprofiel per locatie en beschikbare oplossingen of omleidingsalternatieven, agenderen van maatregelen bij de betrokken partijen. Tevens uitwerken uitgangspunten nieuwe ‘klimaatbestendige’ wegen Klimaatbestendig groen (droogtebestendig/ziekte en plagen/tegengaan verdroging)

Waterbeschikb aarheidsstrate gie

Zie ook BOP

13

Natuurlijk systeem

Watertekort in droge periode

Duurzaam grondwatersys teem

14

Natuurlijk systeem

Klimaatbestendig ruimtelijke inrichting en klimaatbestendig gebruik van het natuurlijk systeem

Verkenning Regio Vallei en Veluwe in 2021

In beeld brengen van grootschalige strategische keuze voor een duurzaam grondwaterbeheer van de Veluwe en Utrechtse Heuvelrug en advies voor de besluitvorming en implementatie Het maken van toekomstbeelden voor ontwikkelingsinrichtingen gebaseerd op de draagkracht van het natuurlijk basissysteem. Deze zijn bedoeld als inspiratie voor bewustwording en om inspirerende discussie te entameren gericht op duurzaam klimaat

Gedragen en gedeelde kennis over de omgang met groen

Gedragen en gedeelde kennis over de omgang met groen en de bewatering daarvan Voorkeursscenario voor het grondwaterbeheer en advies over het besluitvormingstraject Inspirerende toekomstblik voor de zeer lange termijn met klimaatadaptieve oplossingen gebaseerd op het natuurlijk systeem.

78

Bijlage 5: Overzicht subsidieregelingen Verstrekker subsidie Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden Waterschap Vallei en Veluwe

Provincie Utrecht

Subsidieregeling  Subsidieregeling Blauwe Bewonersinitiatieven (https://www.hdsr.nl/werk/subsid ieregeling/)  Subsidieregeling watersparen  Subsidieregeling landelijk gebied: water vasthouden en waterkwaliteit in kleine watergangen verbeteren  Subsidieregeling Klimaatadaptatie in Stedelijk gebied  Subsidieregeling Waterbewustzijn, recreatief medegebruik, cultuur- historie en/of educatie Overzichtspagina: https://www.valleiveluwe.nl/actueel/actuelethema/subsidie/  Samenwerking met Groen aan de Buurt: https://www.groenaandebuurt.nl/ wpcontent/uploads/2019/02/Groenaan-de-Buurt-fondsenoverzicht2019.pdf  Subsidie klimaatbestendige, groene en gezonde steden en dorpen Klimaatbestendige, Groene en Gezonde Steden en Dorpen 20212023 | provincie Utrecht (provincie-utrecht.nl)

Doel subsidies Waterbewustzijn en duurzaam waterbeheer Het vergroten van het waterbewustzijn, educatie en klimaatadaptatie.

Het betreft fondsen voor groene bewonersinitiatieven in de provincie Utrecht en vaak ook in de rest van het land. De meeste fondsen hebben groen, natuur of duurzaamheid als één van de doelstellingen.

79

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10964530/1