Beantwoording TV RB Stadshaven
Tekst van het document
Commissie:
ruimte & economie
Datum:
25 januari 2023
VRAGEN bij agendapunt 5 Stadshaven 1. Citaat: ’Op 3 juni ’21 stemde raad in met de financiële kaders ten behoeve van de verdere planvorming en realisatie van het plan:
ANTWOORD
1A
I. een extra bijdrage van € 50.000 voor plankosten; II. € 225.000 als bijdrage aan de investeringskosten van de vernieuwing van de haven (de zgn. bruidsschat); III. € 100.000 als bijdrage t.b.v. de herontwikkeling van het omliggende gebied, niet zijnde investeringen in de vernieuwing van de Passantenhaven zelf.’
VRAAG: A. Welke bedragen zijn inmiddels uitgegeven en leiden B. de gewijzigde plannen tot overschrijding van het budget?
In de voorjaarsrapportage is het budget voor plankosten van € 60.000 (€ 50.000 + restant budget 2021 € 10.000) door de raad beschikbaar gesteld. Het budget is in 2022 met € 35.000 overschreden. De overschrijding wordt veroorzaakt doordat in de fase van Voorlopig Ontwerp het ingehuurde bureau enkele onderzoeken naar voren heeft gehaald die nu nodig waren om uit te voeren maar feitelijk nog niet begroot waren voor deze fase. Tevens is een niet gepland onderzoek naar stikstof uitgevoerd. Tenslotte waren de kosten voor de inhuur van extern projectleider niet meegenomen in de budgetaanvraag. De kosten voor de projectleider kunnen grotendeels worden gedekt uit de restant financiële ruimte bestuursprogramma 2022 ad € 25.000. Het tekort wordt hiermee teruggebracht tot € 10.000. Het tekort wordt hiermee teruggebracht tot € 10.000 en wordt verantwoord in het jaarrekeningresultaat. Op 4 april 2023 komen we bij u terug met een verdere uitwerking van het plan 2023 en een bijgestelde begroting en dekkingsplan. In die bijgestelde begroting worden ook de kosten van de projectleider begroot. De zgn. Bruidsschat dient als investeringsbedrag en is derhalve (nog) niet besteed. De bijdrage voor de herontwikkeling van het gebied á € 100.000 zijn enkele uitgaven op
gedaan, zoals de inhuur van een landschapsarchitecte. Verder zijn hier nog geen kosten op gemaakt omdat de afgelopen jaren de focus lag op de stadshaven zelf. 1B. Vanwege het terugtrekken van investeerders en het nu voorliggende plan, zijn wij op dit moment het projectplan aan het actualiseren met de benodigde budgetten. Ter afsluiting van de fase Voorlopig ontwerp is een investerings- en exploitatiebegroting van de haven zelf opgesteld. Wel moeten we nog komen van een voorlopig ontwerp naar een definitief ontwerp. Tot aan de procedurefase is de gemeente nog actief deelnemer in het initiatief. Dit vraagt dus nog om een investering nu dat het budget reeds is overschreden. Verder wordt op dit moment onderzocht in hoeverre het budget voor de omgeving à € 100.000 toereikend is. Hierover komen wij op 4 april 2023 bij u terug. 2. Citaat: Communicatie vindt o.a. plaats met: ‘initiatiefgroep i.v.m. hun rol in het vervolgtraject’. Wat is hun precieze rol?
De herontwikkeling van de stadshaven is gestart als een burgerinitiatief en is dat nog steeds. De gemeente en de initiatiefgroep zijn, met begeleiding van het externe bureau, gezamenlijk tot het voorlopig ontwerp gekomen. Volgens de huidige afspraken zou de initiatiefgroep een leidende rol hebben bij de vervolgfase. Gezien het wegvallen van beide financiers en de gesprekken met een potentiële nieuwe financier, moeten opnieuw afspraken worden gemaakt en vastgelegd over de specifieke rol van de initiatiefgroep. De insteek van de gemeente is, dat nadat de planontwikkeling is afgerond, initiatiefnemers zelfstandig, onder begeleiding van een bureau, de volgende stappen in het proces zetten. Denk hierbij aan de benodigde planologische procedures, realisatie en beheer.
3. ‘Trailerhelling bij de veerstoep is niet vergund’. Graag toelichting wat de reden is om dit niet te vergunnen.
De trailerhelling is een punt van het gesprek met Rijkswaterstaat. Formeel is op die plek nooit een vergunning afgegeven voor het gebruik van de helling door Rijkswaterstaat. Daarentegen wordt de helling al jaren als zodanig gebruikt. De toekomstige invulling vraagt daarom verder overleg met Rijkswaterstaat