Beantw. TV PvdA - Krediet ten behoeve van de inkoop van 20 flexwoningen
Tekst van het document
GEMEENTE RHENEN Technische vragen
Onderwerp: Raadsvoorstel Krediet ten behoeve van de inkoop van 20 flexwoningen Commissie: Ruimte en economie Datum: 13 december 2023 Fractie: PvdA Vragen
1. Hoe verhoudt het renteomslagpercentage van 1,44% voor de totaalfinanciering zich tot het renteomslagpercentage van 1,64% uit de begroting 2024? En verhoudt zich dit met het renteomslagpercentage van een gemeente als Ede, dat op 1,75% ligt en waar wordt aangegeven dat de omslagrente wegens gestegen werkelijke rentes in 2024 waarschijnlijk verhoogd zal moeten worden?
2. Betekent het verschil tussen 1,44% en 1,64% dat het exploitatieresultaat direct met € 100.000 daalt, zoals gesteld wordt in de laatste zin van de risicoparagraaf?
Antwoorden Op dit moment heeft Rhenen een financieringsoverschot als gevolg van het aantrekken van twee geldleningen voor toekomstige investeringen (MFG). Jaarlijks wordt voor de begroting het renteomslagpercentage bepaald op basis van de totale rentelasten minus de rentebaten afgezet tegen de boekwaarde over de investeringen. Voor 2023 is dit percentage berekend op 1,44% (zie pagina 129 van de begroting). Dit percentage vormt de basis voor de businesscase. Voor de begroting 2024 is dit percentage berekend op 1,64%. Dit betekent dat over alle investeringen een percentage van 1,64% wordt doorberekend in de kapitaallasten. Dit percentage zal elk jaar wijzigen en gelet op de renteontwikkelingen zal het waarschijnlijker hoger worden. Dit effect kunnen we niet berekenen omdat we niet over een periode van 30 jaar de renteontwikkelingen kunnen inschatten. In de bijlage Financiële toelichting hebben we aangegeven dat de stijging van de rente met 0,1% over de volledige looptijd van 30 jaar een negatief effect heeft van € 50.000. De stijging van de rentelasten als gevolg van hogere financieringskosten wordt doorberekend aan alle investeringen. Dit betekent dat de kosten van de flexwoningen hoger worden maar ook bijvoorbeeld de kosten van een 20 jaar geleden aangelegde riolering. Renteomslagpercentages van gemeenten zijn niet vergelijkbaar.
Deze zijn afhankelijk van de door de gemeente aangetrokken geldleningen. Zoals hiervoor aangegeven hanteren we in de businesscase het percentage dat van kracht is op het moment van de votering van het investeringskrediet. In de risicoparagraaf hebben
we aangeven wat het effect is van de stijging van het rentepercentage. Dat betekent echter niet dat we de businesscase hierop gaan aanpassen. Het rentepercentage van 1,64% dat voor de begroting 2024 wordt toegepast zal ook niet worden berekend voor deze investering. De realisatie van de woningen zal in 2024 plaatsvinden. De berekening van de rente zal pas eerst in de begroting 2025 plaatsvinden (boekwaarde per 1-1-2025). Dat rentepercentage is op dit moment nog niet bekend. Daarnaast zullen ook op andere onderdelen in de uitvoering afwijkingen plaatsvinden (bijvoorbeeld de aannames voor inflatie). De businesscase verwerken we in de meerjarenbegroting. De komende 30 jaar zullen hier bijstellingen op plaatsvinden. Het rentepercentage is een resultante van de methode van totaalfinanciering. 3. 4. 5.