Beantw. aanvullende vragen PRGL - Huisvestingsverordening Rhenen 2024 (csie Samenleving 12-12-2023)
Tekst van het document
Antwoorden op de vragen van PR/GL over de Huisvestingsverordening Rhenen 2024 nav de csie Samenleving 12-12-2023: 1. In artikel 15 lid 3 wordt gesproken over ‘ambthalve’ een urgentieverklaring te ontlenen aan de
personen behorend bij artikel 20,22,23,27. Wat wordt hiermee bedoeld? Hiermee wordt bedoeld dat aanvragen om een urgentie niet worden voorgelegd aan de urgentiecommissie maar ambtelijk worden afgedaan. Het gaat om situaties waarbij de urgentiecommissie geen toegevoegde rol heeft. Bijvoorbeeld in het geval van wettelijke verplichtingen of in het geval van stadsvernieuwing waarbij de woningcorporatie direct kan bemiddelen.
2.
In artikel 16 lid 2a wordt gesproken over een noodsituatie, hoe beoordeeld het college die, wanneer is het wel/geen noodsituatie? In dit geval beoordeelt de urgentiecommissie of er sprake is van een noodsituatie. In de urgentiecommissie zitten leden met deskundige achtergrond (medisch, zorg, juridisch) die dit beoordelen aan de hand van de aangeleverde stukken. Ook bestaat de mogelijkheid om op grond van artikel 16, lid 4 een advies te vragen, bijvoorbeeld aan een onafhankelijke arts.
3.
Heb ik het goed dat volgens artikel 17 lid 2b een urgentieverklaring maximaal tot een jaar te verlengen is? Wat als je nog op de wachtlijst staat? In artikel 17 lid 2 b staat dat de urgentieverklaring 6 maanden geldig is. Lid 3 van dit artikel geeft aan dat er één keer verlengd kan worden met 6 maanden, dat houdt in dat een afgegeven urgentieverklaring maximaal één jaar geldig kan zijn. Het is nog nooit voorgekomen dat woningzoekenden na een jaar geen passende woning hebben gevonden. De afgelopen twee jaar is er ook nooit om een verlenging gevraagd.
4.
Wat wordt er in artikel 25 verstaan onder ‘ernstig sociale problematiek. Ook in dit geval beoordeelt de urgentiecommissie aan de hand van aangeleverde stukken of er sprake is van ‘ernstige sociale problematiek’. In de urgentiecommissie zitten leden met deskundige achtergrond (medisch, zorg, juridisch) die dit beoordelen aan de hand van de aangeleverde stukken.