Vervolg participatiebeleid voor orienterende raadsvergadering 30 januari 2024 def
Tekst van het document
Aan:
Gemeenteraad d.t.v. griffie
Van:
Wethouder D. Klomberg
Onderwerp:
Vervolgproces participatiebeleid
Datum:
25 januari 2024
30 januari 2024: oriënterende raad Doel: participatie door de gemeenteraad over het participatiebeleid Hoe geven we de oriënterende raad vorm? 1. Gehoord de discussie tijdens de voorbereidende raadsvergadering van 16 januari jl. willen we met de gemeenteraad in eerste instantie een stapje terug doen. Dit door niet gelijk in de inhoud van het opgestelde participatienota te stappen, maar door met elkaar te verkennen wat de raadsleden/raadsfracties verstaan onder participatie. Dit om met elkaar een gezamenlijk beeld te krijgen van het onderwerp participatie en dit als vertrekpunt te hebben voor het aanpassen van de participatienota. We denken hier 3 kwartier voor uit te moeten trekken en dit gebeurt onder leiding van een gespreksleider. 2. Vervolgens, mede op basis van de door de raad gemaakte opmerkingen tijdens de voorbereidende raad, richting mee te krijgen voor het aanpassen van de participatienota. Tijdspad vervolg Juni 2024: tussenstand/oriënterend gesprek raad, checken of de bijgewerkte notitie tegemoet komt aan de verwachtingen van de raad. September/oktober 2024: Participatienota ter vaststelling in de raad. Wat heeft de raad al meegegeven op 16 januari jl.? Tijdens de voorbereidende raad zijn veel opmerkingen gemaakt over wat ontbreekt in het stuk. Deze geven we hieronder weer.
Hierin hebben we een schifting gemaakt tussen datgene wat een plek zou moeten krijgen in de beleidsnota en datgene wat meer betrekking heeft op de uitvoering. Voor in de beleidsnota • Aandacht voor de verschillende rollen. Welke rol heeft de raad (nog) in participatieprocessen, welke rol hebben de bewonersoverlegorganisaties. Beschrijf de rollen van de raad, college, inwoners en de bijbehorende verantwoordelijkheden • Bovenstaande hangt nauw samen met de mate van invloed die je per project/plan/proces toekent aan de deelnemers aan de participatie. Maak dat duidelijk in het plan. • Geef aan wat het kader is in het bepalen van de zwaarte van de participatie. Is bijvoorbeeld het hoogste participatieniveau altijd het streven? En/of wanneer kun je kiezen voor geen participatie. • Beschrijf per trede van de participatieladder wat de bijbehorende mate van invloed inhoudt en wat dit betekent voor de verantwoordelijkheden van college en/of raad • Geef aan wat de wettelijke eisen zijn en welke keuzes de raad hierin heeft in relatie tot de Omgevingswet. Bekijk of het wenselijk is om hierbij aan te sluiten bij het adviesrecht van de raad voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Werk met voorbeelden. • Geef aan hoe wordt geborgd dat externe partijen die projecten voor de gemeente uitvoeren de participatie uitvoeren volgens het beleid van de gemeente
• • • •
•
Concreetheid over het proces. Wat wordt uitgewerkt in de beleidsnota, wat komt in de verordening en wat blijft over voor de uitvoering. Hier ook termijnen aan koppelen. Neem ook richtlijnen op over overheidsparticipatie en right to challenge Meer aandacht in de beleidsnota voor bestaande adviesvormen, zoals bewonersoverlegorganisaties Benoem ook dat je naast het stille midden en de jeugd ook bijvoorbeeld speciale doelgroepen zoals laaggeletterden, anderstaligen, verlegen mensen wilt betrekken. Hier ligt overigens een nauwe relatie met de Inclusieagenda waar het college ook dit jaar mee aan de slag is. Benoem ook de positieve zaken i.p.v. enkel wat fout gaat (zoals blijkt uit de opiniepeilers)
Voor het uitvoeringsplan • Maak een plan m.b.t. het betrekken van alle groepen. Niet alleen het stille midden benoemen, maar ook hoe je andere doelgroepen gaat bereiken. • Maak het plan (en de nota) zo smart mogelijk ook in het taalgebruik. Leg woorden zoals verwachtingenmanagement en impact uit, omschrijf ze nader. • Voeg formats of voorbeelden die in de toolbox komen al toe aan het uitvoeringsplan. Zoals participatieplannen, afwegingskaders e.d. Dit om vertrouwen te bieden dat het in de uitwerking goed gaat komen. De raad wil een volledig beeld. • Hierbij hoort ook het inzicht hoe je binnen de gemeentelijke organisatie het omgevingsmanagement en het bewaken van de participatie belegt