Samenwerkingsovereenkomst MasterplanVeluwezoom
Tekst van het document
Samenwerkingsovereenkomst Masterplan Veluwezoom PARTIJEN de Gemeente Rheden, kantoorhoudende te Velp, gemeente Rheden te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar burgemeester, de heer C. van Eert, als zodanig handelende volgens besluit van Burgermeester en Wethouders d.d 13 december 2022, hierna te noemen “Rheden”; Gemeente Rozendaal, kantoorhoudende te Rozendaal, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar burgemeester, mevrouw E. Weststeijn, als zodanig handelende volgens besluit van Burgermeester en Wethouders d.d. 13 december 2022 hierna te noemen “Rozendaal”; Vereniging tot behoud van Natuurmonumenten in Nederland, statutair gevestigd te Amersfoort, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 40516730, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw P. Mulder, hierna te noemen: ‘’Natuurmonumenten”; hierna gezamenlijk te noemen “de partijen”. OVERWEGENDE DAT -
-
Partijen hebben samen het Masterplan Veluwezoom en het bijbehorende Uitvoeringsprogramma opgesteld; Gemeenteraden van Rheden en Rozendaal hebben het Masterplan Veluwezoom en het Uitvoeringsprogramma vastgesteld op respectievelijk 28 juni 2022 en 5 juli 2022; De projecten die in het Masterplan en het Uitvoeringsprogramma zijn opgenomen worden in de periode van 2022 tot 2030 uitgevoerd; Met de realisatie van voornoemde projecten is een bijdrage van ruim 14 miljoen euro gemoeid; Partijen gezamenlijk voor de uitvoering van het Masterplan een beroep hebben gedaan op een bijdrage van 1,77 miljoen euro uit de Regiodeal Veluwe; De complete financiële dekking is niet compleet; Met de voorliggende overeenkomst wordt vastgesteld hoe binnen de financiële kaders en binnen de opgenomen planning: - projecten uit het Masterplan worden gerealiseerd; - benodigde planologische procedures worden voorbereid - financiering voor de projecten wordt gekregen. Partijen een gezamenlijke programmaorganisatie opzetten waarin de deelprojecten worden voorbereid.
Pagina 1 van 7
VERKLAREN ALS VOLGT TE ZIJN OVEREENGEKOMEN Artikel 1 Definities In deze Overeenkomst wordt begrepen onder de volgende begrippen en omschrijvingen: -
-
-
het Masterplan Veluwezoom: het document zoals vastgesteld door de gemeenteraden van Rheden en Rozendaal op respectievelijk 28 juni 2022 en 5 juli 2022 (bijlage 1) het Uitvoeringsprogramma: het programma welke onderdeel uitmaakt van het Masterplan Veluwezoom waarin de uitvoering van de verschillende deelprojecten per thema (6) zijn uitgewerkt (bijlage 2) de Deelprojecten: de deelprojecten ter uitvoering van 6 thema’s zoals beschreven in het Masterplan Veluwezoom en per deelproject opgenomen in het Uitvoeringsprogramma de Planning: de planning zoals opgenomen in het Masterplan Veluwezoom, welke ieder half jaar door de stuurgroep zal worden geactualiseerd de Regiodeal Veluwe: de subsidieregeling Regiodeal Veluwe waaruit een deel van het programma zal worden gefinancierd Ruimtelijke besluiten: besluiten van bestuursorganen m.b.t.
de fysieke leefomgeving, op grond van de Wet ruimtelijke ordening, de Wet natuurbescherming, alsmede op grond van verwante wetgeving, dan wel, na inwerkingtreding van de Omgevingswet, besluiten van bestuursorganen op grond van de Omgevingswet Programmaorganisatie: gezamenlijke organisatie, bestaand uit programmateam en projectgroepen, onder leiding van de stuurgroep, die uitvoering geeft aan de uitvoering van het Masterplan en het Uitvoeringsprogramma Stuurgroep: een door partijen gezamenlijk ingestelde stuurgroep die de uitvoering van de deelprojecten van het Masterplan en het Uitvoeringsprogramma gemeenschappelijk aansturen Programmateam: ondersteunt de stuurgroep bij de uitvoering van de deelprojecten en treedt op als opdrachtgever van de projectleiders van de deelprojecten Programmamanager: is voorzitter van het Programmateam en is tevens secretaris van de stuurgroep Gezamenlijk deelproject: een deelproject uit het programma waarbij alle partijen belangen hebben. Bij de start van ieder deelproject bepaalt de stuurgroep of het project als gezamenlijk of individueel project moet worden gezien Individueel deelproject: een deelproject uit het programma waarmee vooral de belangen van één van die partijen worden gediend. Bij de start van ieder deelproject bepaalt de stuurgroep of het project als gezamenlijk of individueel project moet worden gezien
Artikel 2 Doel van deze overeenkomst Het doel van de Samenwerkingsovereenkomst, hierna te noemen: Overeenkomst, is het vastleggen van afspraken tussen partijen die moeten leiden tot de realisatie van de deelprojecten uit het Masterplan Veluwezoom (zie Bijlage 1) en het Uitvoeringsprogramma (zie Bijlage 2). Artikel 3 Planning Het programma en de deelprojecten worden in onderlinge samenhang uitgevoerd in de periode van 2022 tot 2030. De precieze uitvoering van de deelprojecten zal mede afhankelijk zijn van de beschikbare financiële middelen. Er wordt gestart met de uitvoering van de deelprojecten die (mede) worden gefinancierd door de Regiodeal Veluwe. Deze deelprojecten moeten in het Pagina 2 van 7
kader van de Regiodeal Veluwe uiterlijk voor 1 oktober 2025 worden afgerond. De overige projecten worden voor 2030 afgerond. Een deelproject zal van start gaan als dat volgens de planning verantwoord is en de uitvoering ervan financieel verantwoord is. De globale planning zoals opgenomen bij het Masterplan Veluwezoom wordt ieder half jaar geactualiseerd en vastgesteld door de stuurgroep. Artikel 4 Organisatie 1. Partijen zullen de uitvoering van de deelprojecten van het Masterplan en Uitvoeringsprogramma aansturen vanuit de gemeenschappelijke stuurgroep. De stuurgroep geeft leiding aan de programma-organisatie (zie bijlage 3). 2. In de Stuurgroep hebben zitting de regiomanager van Natuurmonumenten, één wethouder van de gemeente Rozendaal en één wethouder namens de gemeente Rheden. De Stuurgroep wordt aangevuld met de Programmamanager en zo nodig vertegenwoordigers van de partijen. 3. De Stuurgroep wordt voorgezeten door de wethouder van de gemeente Rheden. De Stuurgroep kan zelf beslissen om dit voorzitterschap te wijzigen. De voorzitter van de Stuurgroep treedt namens de partijen op als woordvoerder van het project. De Programmamanager treedt op als secretaris van de Stuurgroep. 4.
Afhankelijk van het onderwerp heeft de Stuurgroep verschillende bevoegdheden: a Besluitvormend: besluiten die vallen binnen de (bestuurlijke) kaders van het programma in het geval er geen bevoegdheden liggen bij het college van B&W en/of de gemeenteraad van Rheden en Rozendaal b Adviserend: als voorbereiding op vereiste (politieke) besluitvorming (voor college van B&W en/of gemeenteraad van Rheden en Rozendaal of binnen Natuurmonumenten) over gezamenlijke deelprojecten c
Kennisnemend en adviserend: als voorbereiding op besluitvorming door één van de partijen over een individueel deelproject Besluitvorming op de onderdelen a en b is gericht op unanimiteit. Voor onderdeel c is er sprake van op overeenstemming gericht overleg.
5. De Stuurgroep is de opdrachtgever voor het Programmateam en wordt voor de uitvoering van de individuele en gezamenlijke deelprojecten ondersteund door het Programmateam. . 6. Het Programmateam wordt voorgezeten door de Programmamanager. In het Programmateam zijn afgevaardigden van de gemeente Rheden, Rozendaal en Natuurmonumenten vertegenwoordigd. 7. Het Programmateam heeft als taak het aansturen van het programma en de deelprojecten en het bewaken van de kaders waarbinnen deze tot stand moeten komen. Het Programmateam rapporteert aan de Stuurgroep en bereidt de besluitvorming in de stuurgroep voor 8. Het Programmateam treedt op als opdrachtgever van de projectleiders van de individuele en gezamenlijke deelprojecten. Pagina 3 van 7
Artikel 5 Communicatie 1. Alle communicatie met betrekking tot het programma en haar deelprojecten vindt in overleg tussen partijen plaats. 2. Alle items met betrekking tot communicatie en participatie rond het programma en het project worden aangestuurd door het communicatieoverleg waarin vertegenwoordigers van de partijen zitting nemen. 3. Vanuit het communicatieoverleg wordt gerapporteerd aan het programmateam. Artikel 6 Publiekrechtelijke taken en bevoegdheden De gemeenten hebben een inspanningsverplichting om de voor het project benodigde juridischplanologische procedures in gang te zetten, en te bevorderen dat alle benodigde ruimtelijke besluiten die van gemeentewege zijn vereist in het kader van het project binnen de daarvoor geldende wettelijke termijn zijn verleend. De in deze Overeenkomst omschreven verplichtingen laten de publiekrechtelijke verantwoordelijkheid van Rheden en Rozendaal onverlet.
Dit houdt in dat er geen sprake zal zijn van een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van deze Overeenkomst indien het handelen naar deze verantwoordelijkheid eist dat bezwaren van derden worden gehonoreerd, aanwijzingen van (hogere) overheden worden gevolgd, of uitvoering wordt gegeven aan uitspraken van rechterlijke instanties en dientengevolge rechtshandelingen moeten worden verricht dan wel nagelaten of publiekrechtelijke bevoegdheden moeten worden uitgeoefend die niet in het voordeel zijn van de aard en strekking van deze Overeenkomst. Artikel 7 Financiering 1. Natuurmonumenten draagt de kosten van de ‘projecten B’ uit het Uitvoeringsprogramma, de gemeenten Rheden en Rozendaal dragen de kosten van de overige projecten uit het Uitvoeringsprogramma. 2. De gemeente Rheden heeft een bedrag beschikbaar gesteld van € 2.285.000,-, de gemeente Rozendaal heeft een bedrag beschikbaar gesteld van € 215.000,-. Natuurmonumenten stelt een investeringsbudget van € 2.268.876,- (bestaande uit € 951.559,- voor de aankoop van het manegeterrein en € 1.317.317,- overige bijdragen) beschikbaar. 3. Partijen dragen, los van de onder lid 1 en 2 bedoelde kosten, ieder hun eigen interne kosten met betrekking tot inzet van personeel en/of apparaat, alsmede hun externe kosten voor advies en onderzoek e.d. die door Partijen zullen worden uitbesteed.
Partijen zijn over en weer geen compensatie verschuldigd voor deze inzet. 4. De kosten van de inzet van de externe programmamanager worden door de partijen samen gedragen volgens de verdeling: Natuurmonumenten 50%, gemeente Rheden 45%, gemeente Rozendaal 5%. In de stuurgroep zullen de bijbehorende maximale bijdragen per partij, voorafgaand aan ieder nieuw kalenderjaar, jaarlijks worden vastgesteld. De gemeente Rheden
Pagina 4 van 7
zal optreden als opdrachtgever van de programmamanager en de afgesproken kosten bij de andere partijen per kwartaal in rekening brengen. 5. Voor alle partijen geldt dat nog niet alle kosten op het moment van ondertekening van de voorliggende Samenwerkingsovereenkomst zijn gedekt. Aanvullende middelen zullen partijen gezamenlijk moeten vinden in fondsen en subsidies. 6. Uit de voorliggende overeenkomst vloeien voor de realisatie van het Masterplan en Uitvoeringsprogramma geen andere financiële verplichtingen voort dan de onder lid 1, 2, 3 en 4 genoemde bijdragen. Indien de stuurgroep besluit dat extra middelen nodig zijn, is het aan iedere partij afzonderlijk om daarover bestuurlijk een (positief of negatief) besluit te nemen. 7. Partijen laten gezamenlijk onderzoek doen naar de beschikbare subsidieregelingen. Bij het aanvragen van specifieke subsidies zal worden ingezet op maximalisatie van de subsidiebijdrage aan het totale Programma en op (fiscale) optimalisatie van de aanvraag. De stuurgroep beslist over het aanvragen van een subsidie. Artikel 8 Risico’s 1. Een risico kan dusdanig ingrijpende gevolgen hebben voor het programma of een van de deelprojecten, dat het nodig is om aanvullende afspraken te maken. 2. Indien risico’s nopen tot het aanpassen van afspraken, is de Stuurgroep hiertoe overeenkomstig artikel 4, lid 4 van deze Overeenkomst bevoegd.
Nieuwe afspraken worden altijd vastgelegd in (een addendum bij) deze Overeenkomst. 3. Indien de aangepaste afspraken niet passen binnen de huidige bestuurlijke kaders, zullen de nieuwe afspraken moeten worden geaccordeerd door het college van B&W en/of de gemeenteraad van Rheden en Rozendaal. 4. Omstandigheden die tot de risico’s worden gerekend komen bijvoorbeeld voort uit: - een grotere stijging van de realisatiekosten dan voorzien c.q. dan wel op te vangen binnen de begroting van het programma; - een optredende vertraging in de planning, bijvoorbeeld door een langere proceduretijd of onzekerheid ten gevolge van de stikstofproblematiek; - het niet verkrijgen van de vereiste ruimtelijke besluiten; - het niet, niet tijdig of niet volledig beschikbaar komen van financiële middelen om een of meer deelprojecten binnen de gestelde termijn(en) te kunnen realiseren. 5. Indien een of meerdere van de in lid 4 van dit artikel genoemde omstandigheden zich voordoen, heeft een partij het recht om van de andere partijen te verlangen dat tussen partijen een overeenkomst tot (gedeeltelijke) ontbinding van deze Overeenkomst wordt gesloten. Voor zover het een gezamenlijk project betreft, zal in de ontbindingsovereenkomst daarom in elk geval worden bepaald op welke wijze de financiële en de concrete afwikkeling van het gehele project zal dienen te geschieden.
In verband met de ontbinding van een individueel deelproject zijn partijen tegenover elkaar niet schadeplichtig.
Pagina 5 van 7
6. In de voorliggende Overeenkomst zijn geen afspraken gemaakt over nadeelcompensatie en planschade. Als er in het kader van het project planologisch-juridische wijzigingen moeten plaatsvinden, zijn partijen (indien van toepassing) gehouden aan het maken van afspraken over (de vergoeding van) nadeelcompensatie en planschade. Artikel 9 ONVOORZIENE OMSTANDIGHEDEN, ONTBINDING 1. Een onvoorziene omstandigheid die met zich brengt dat ongewijzigde instandhouding van (enige bepaling van) deze Overeenkomst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet (meer) kan worden verwacht, kan conform artikel 6:258 Burgerlijk Wetboek leiden tot (gedeeltelijke) wijziging of (gedeeltelijke) ontbinding van deze Overeenkomst. 2. De Partij, aan wiens zijde een omstandigheid als bedoeld in het vorige lid opkomt, is gehouden de andere Partijen daarvan onmiddellijk schriftelijk in kennis te stellen en, voorafgaand aan een beroep op de regeling betreffende onvoorziene omstandigheden in de zin van artikel 6:258 van het Burgerlijk Wetboek, in overleg te treden met de andere Partijen, teneinde de ontstane situatie en de consequenties daarvan te beperken en, indien mogelijk, in onderling overleg op te lossen in de geest van deze Overeenkomst. Artikel 10 GESCHILLENBESLECHTING 1.
Bij eventuele geschillen tussen Partijen over de uitvoering van de Overeenkomst zijn Partijen over en weer gehouden om eerst in onderling overleg tot een vergelijk te komen. Er is sprake van een geschil indien een van de Partijen daarvan schriftelijk en gemotiveerd melding maakt aan de andere Partij(en). 2. Indien Partijen niet binnen twee (2) maanden na melding van het geschil als bedoeld in het eerste lid, tot een vergelijk mochten zijn gekomen, staat het ieder van hen vrij het geschil voor te leggen aan de bevoegde rechter te Arnhem. Artikel 11 DUUR EN EINDE VAN DE SAMENWERKINGSOVEREENKOMST 1. Deze Overeenkomst treedt in werking op de dag waarop deze door alle Partijen is ondertekend en eindigt van rechtswege op 31 december 2030 of zoveel eerder dan het moment van oplevering van het laatste deelproject, tenzij Partijen voorafgaand aan het verstrijken van deze einddatum een verlenging zijn overeengekomen. 2. Deze Overeenkomst kan niet zo maar tussentijds eenzijdig worden opgezegd. Artikel 12 Bijlagen Van deze Overeenkomst maken de volgende bijlagen onverbrekelijk deel uit: a. Bijlage 1 Masterplan Veluwezoom b. Bijlage 2 Uitvoeringsprogramma Masterplan Veluwezoom c. Bijlage 3 Organisatieschema Aldus in drievoud opgesteld en overeengekomen te Velp gemeente Rheden op ………………………2022
Pagina 6 van 7
……………………….... C. van Eert Gemeente Rheden
…………………………….. E. Weststeijn Gemeente Rozendaal
………………………… P. Mulder Natuurmonumenten
Pagina 7 van 7