S22 281 antwoord vragen VVD Adviesrecht (22.84) (003).docx
Tekst van het document
Antwoord op schriftelijke vragen van VVD over Adviesrecht (22.84), Agendapunt 7, Voorbereidende vergadering deelsessie 2, 15 november 2022 Datum vraag: 13 november 2022 Indiener: Sjir Hanssen Nummer: S22/281 Datum antwoord: 15 november 2022 Aanleiding: Artikel 1 begripsbepalingen Binnen/buiten de bebouwde kom: de definitie als bedoeld in de Omgevingsvisie buitengebied. In de Omgevingsvisie wordt gesteld dat buiten de bebouwde kom alles omvat, behalve de dorpen. Vraag 1: In uitspraken van de Raad van State is de feitelijke toestand van concentratie van gebouwen als maat voor bebouwde kom genomen. Is daar rekening mee gehouden in deze definitie? Voorbeeld, zo zou de locaties Professor Pellaan hoek Priesnitzlaan en Professor Winternitzlaan hoek Jut van Breukelerwaardlaan als bebouwde kom moeten of kunnen worden gezien Is dat ook zo bedoeld of moeten we hier nog apart naar kijken? Antwoord: Voor de werking van de lijst van Adviesrecht moet worden gekeken naar de begripsbepaling zoals opgenomen in het adviesrecht. De jurisprudentie van de Raad van State geldt hier niet voor. Woning: een complex van ruimten bedoeld voor de huisvesting van één huishouden, alsmede in combinatie daarmee de verhuur van kamers aan maximaal twee personen welke niet tot het huishouden behoren en welke geen duurzame huishouding voeren, niet zijnde een woonwagen.
Hierbij wordt onder huishouden wordt verstaan: een alleenstaande dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren waarbij sprake is van continuïteit in samenstelling en onderlinge verbondenheid. Vraag 2: moet hier worden gelezen maximaal twee personen per kamer of twee personen per huishouden? Kamerverhuur aan maximaal twee personen aanvullend op een huishouden. Grootschalige duurzame energieopwekking: de definitie als bedoeld in de Omgevingsvisie buitengebied. In de Omgevingsvisie buitengebied wordt gesteld dat alles groter dan 2 ha grootschalig is. Dit geldt voor zowel zonneparken als windturbines. Vraag 3: moet hier niet worden gelezen “Dat geldt voor zonnepaneelvelden en windturbines hoger dan (bijvoorbeeld) 75 meter? Zo’n besluit heeft naar alle waarschijnlijkheid een grote maatschappelijke impact hebben (zie artikel ook artikel 3 punt i)? Antwoord: We hebben geprobeerd om zoveel mogelijk aan te sluiten bij ons huidige beleid. In de Omgevingsvisie is bepaald dat alles groter dan 2 ha (of er nu sprake is van een zonnepark of van windturbines) grootschalige energieopwekking is. Uiteraard kan er een andere definitie bepaling opgenomen worden, maar dan wijken wij af van de Omgevingsvisie, welke al is vastgesteld door de Raad. Artikel 3 Lid k Een antenne-installatie hoger dan 40 meter.
Vraag 4: In heuvelachtig landschap is met name voor communicatieantennes soms een hogere mast nodig dan wel zorgt er voor dat de masten verder uit elkaar kunnen staan/ minder masten/, hoe verhoud zich dat tot die 40 meter, of moet dat 50 meter zijn? Antwoord: Tot nu toe zijn er in 10 jaar tijd 2 antennes binnen onze gemeente geplaatst welke hoger zijn dan 40 meter. Hierbij ging het om een minimale overschrijding van de
40 meter. Als een mast hoger is dan 40 meter heeft dat meer impact. Het raadsvoorstel houdt in dat hierover dan aan de raad om bindend advies zal worden gevraagd. Aanvullend In aanvulling op alle genoemde categorieën genoemd in a t/m k, kan het college, een initiatief voor bindend advies voorleggen aan de raad wanneer verwacht wordt dat sprake is van een aanzienlijke maatschappelijke impact in relatie tot de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Vraag 5: Aan de hand van welke criteria/ hoe gaat het College en of de Raad dat bepalen? Antwoord: Indien het College hiervan gebruik wilt maken zal zij, per besluit, deugdelijk moeten motiveren of er sprake is van een aanzienlijke maatschappelijke impact in relatie tot de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Hiervoor kunnen vooraf geen punten worden bedacht waarop er bepaald gaat worden dat hier sprake van is.